{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">sluiten2 houdende sociale bepalingen, wordt aangevuld met een § 7, luidende : « § 7. De Rijksdienst stelt statistische gegevens ter beschikking van de overheid en van het publiek die voortkomen uit zijn gegevensbanken en dit met respect voor de wetgevingen betreffende de bescherming van de persoonlijke gegevens of betreffende de ondernemingen; op voorstel van het Beheerscomité van de Rijksdienst, leggen de ministers die de voogdij op de Rijksdienst uitoefenen de lijst van voormelde gegevens vast; op voorstel van het Beheerscomité van de Rijksdienst, bepalen de ministers die de voogdij op de Rijksdienst uitoefenen, 1° de gevallen waarin de ter beschikkingstelling van voornoemde gegevens kosteloos gebeurt;2° de gevallen waarin de ter beschikking stelling volgens kostprijs gebeurt;op voorstel van het Beheerscomité van de Rijksdienst, bepalen zij ofwel het toepasselijk tarief ofwel de elementen die de vaststelling van de kostprijs van de ter beschikkingstelling van de aangevraagde gegevens mogelijk maken; 3° de gevallen waarin het Beheerscomité van de Rijksdienst een volledige of gedeeltelijke vermindering van de kostprijs kan toestaan voor ter beschikking stellingen van gegevens bedoeld onder 2°.».</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling III. - Statistische opdrachten van de openbare instellingen van sociale zekerheid Art. 119.§ 1. Ten aanzien van de andere openbare instellingen van sociale zekerheid in de zin van de wet van 26 juli 1996Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/06/2015 numac 2015000253 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998015163 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting sluiten1 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels dan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid en de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheden, kan de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit beslissen dat alle of sommige van deze instellingen aan de overheid en het publiek statistische gegevens ter beschikking stellen die voortkomen uit hun gegevensbanken en dit met respect voor de wetgevingen betreffende de bescherming van de persoonlijke gegevens of betreffende de ondernemingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer bij toepassing van het eerste lid een openbare instelling van sociale zekerheid ertoe gehouden is statistische gegevens ter beschikking te stellen, zijn de regels bepaald in § 2 van toepassing. § 2. Op voorstel van het Beheerscomité van de betrokken openbare instelling van sociale zekerheid, leggen de ministers die de voogdij op de instelling uitoefenen de lijst van voormelde gegevens vast; op voorstel van het Beheerscomité van de instelling, bepalen de ministers die de voogdij op de Rijksdienst uitoefenen : 1° de gevallen waarin de ter beschikkingstelling van voornoemde gegevens kosteloos gebeurt;2° de gevallen waarin de ter beschikking stelling volgens kostprijs gebeurt;op voorstel van het Beheerscomité van de instelling, bepalen zij ofwel het toepasselijk tarief ofwel de elementen die de vaststelling van de kostprijs van de ter beschikkingstelling van de aangevraagde gegevens mogelijk maken; 3° de gevallen waarin het Beheerscomité van de instelling een volledige of gedeeltelijke vermindering van de kostprijs kan toestaan voor ter beschikking stellingen van gegevens bedoeld onder 2°.». Afdeling III. - Wijziging van de artikelen 27 en 35 van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/04/1999 numac 1999012205 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen sluiten0 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders Art. 120.Artikel 27 van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/04/1999 numac 1999012205 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen sluiten0 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, gewijzigd bij de wetten van 22 februari 1998 en 25 januari 1999, wordt aangevuld met het volgende lid : « Het gebruik van de benaming « sociaal secretariaat » is uitsluitend voorbehouden aan de organisaties van werkgevers die als sociaal secretariaat erkend zijn overeenkomstig de door de Koning vastgestelde bepalingen. ». Art. 121.In artikel 35 van dezelfde wet, gewijzigd door de wetten van 4 augustus 1978, 1 augustus 1985 en 6 juli 1989 en door het koninklijk besluit van 26 december 1998, wordt tussen het eerste en het tweede lid, het volgende lid ingevoegd : « Onverminderd artikel 496 van het Strafwetboek wordt gestraft met een gevangenisstraf van 8 dagen tot één maand en met een geldboete van 26 tot 500 euro of met één van die straffen alleen ieder die in het openbaar gebruik maakt van de benaming « sociaal secretariaat » voor andere instellingen dan deze die overeenkomstig de door de Koning vastgestelde voorwaarden erkend zijn als sociaal secretariaat. ». Art. 122.Deze afdeling treedt in werking met ingang vanaf 1 oktober 2004. Afdeling IV. - Bepalingen betreffende de kunstenaars Onderafdeling I. - Wijziging van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/04/1999 numac 1999012205 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen sluiten0 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders Art. 123.In artikel 1bis, § 3, van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/04/1999 numac 1999012205 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen sluiten0 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, ingevoegd bij de wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten0, wordt tussen het eerste en het tweede lid het volgende lid ingevoegd : « De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, en na het advies van de Nationale Arbeidsraad te hebben ingewonnen, de voorwaarden onder welke § 1 niet toepasselijk is op personen die artistieke prestaties leveren en/of artistieke werken produceren voor welke zij enkel onkostenvergoedingen bepaald in hetzelfde besluit ontvangen. ».</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling II. - Wijziging van de wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten0 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers Art. 124.Artikel 37quinquies, § 1, tweede lid, van de wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten0 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, ingevoegd bij de programmawet (I) van 24 december 2002, wordt aangevuld als volgt : « Hij kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het voordeel van de in het eerste lid bedoelde vrijstelling beperken tot een welbepaald aantal dagen per kwartaal dan wel tot een welbepaald aantal uren per kwartaal. ».</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling III. - Inwerkingtreding Art. 125.Deze afdeling treedt in werking op 1 juli 2004. Afdeling V. - Kruispuntbank van de sociale zekerheid</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-126\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 126</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 2, eerste lid, 1°, e), van de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 15 januari 1990Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten8 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, wordt vervangen als volgt : « e) alle regelingen van het stelsel van sociale bijstand, bestaande uit de tegemoetkomingen aan personen met een handicap, het recht op maatschappelijke integratie, de gewaarborgde gezinsbijslag, het gewaarborgd inkomen voor bejaarden en de inkomensgarantie voor ouderen; ». Art. 127.Artikel 30 van dezelfde wet, wordt vervangen als volgt : « Art. 30.- Onverminderd de bepalingen van deze wet is de Kruispuntbank onderworpen aan de regels vastgesteld door of krachtens de wet van 25 april 1963Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/06/2015 numac 2015000253 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998015163 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting sluiten2 betreffende het beheer van de instellingen van openbaar nut voor sociale zekerheid en sociale voorzorg en het koninklijk besluit van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/06/1999 numac 1999009611 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/06/1999 numac 1999009596 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming sluiten1 houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/06/2015 numac 2015000253 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998015163 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting sluiten1 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels. Voor het overige worden de organisatie en de werking van de Kruispuntbank door de Koning geregeld. ». Afdeling VI. - Baggersector</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-128\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 128</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 3 van het koninklijk besluit houdende vrijstelling van bepaalde werkgeversbijdragen ten behoeve van de ondernemingen behorende tot de baggersector met toepassing van artikel 7, § 2, van de wet van 26 juli 1996Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/06/2015 numac 2015000253 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998015163 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting sluiten1 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen, gewijzigd bij de wetten van 26 maart 1999, 24 december 2002 en 22 december 2003, worden de woorden « 31 december 2004 » vervangen door de woorden « 30 juni 2005 ». Afdeling VII. - Alternatieve financiering</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-129\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 129</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 66, § 3, 2°, van de programma</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 2 januari 2001Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/06/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/08/1997 numac 1997003403 bron ministerie van financien Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop sluiten3, gewijzigd bij de wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, worden de woorden « 36 083 duizend EUR voor het jaar 2004 en 73 596,4 duizend EUR voor de jaren 2005 tot 2009 » vervangen door de woorden « 49 121 duizend EUR voor het jaar 2004 en 70 988,8 duizend EUR voor de jaren 2005 tot 2009 ». Art. 130.Artikel 66, § 3bis, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, wordt aangevuld met de volgende leden : « Voor het jaar 2004, wordt het bedrag toegewezen aan de RSZ-globaal beheer, in toepassing van de §§ 1 en 2 en het vorige lid, verhoogd met 22 190 duizend EUR. Voor het jaar 2004, wordt het bedrag toegewezen aan het Fonds voor het financieel evenwicht in het sociaal statuut der zelfstandigen, bedoeld in artikel 21bis van het koninklijk besluit nr 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, in toepassing van §§ 1, 2 en 3 verhoogd met 1 270 duizend EUR et 18 750 duizend EUR. ».</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de jaren 2005 tot 2007 zal een uitzonderlijk bedrag bepaald bij een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, kunnen toegewezen worden aan het stelsel werknemers en het stelsel zelfstandigen teneinde het begrotingsevenwicht te verzekeren. Voor wat het stelsel zelfstandigen betreft, zal het uitzonderlijk bedrag niet vertaald worden in een aanpassing van het terugbetalingschema van de schuld die is ontstaan in 2001, behalve indien het stelsel een overschot vertoont; de eventuele overschotten zowel van het stelsel werknemers als van het stelsel zelfstandigen zullen inderdaad niet voor nieuwe maatregelen aangewend worden maar zullen wel moeten bijdragen tot het in de hand houden van het te financieren saldo van de overheid.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-131\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 131</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 66 van dezelfde wet wordt een § 3ter ingevoegd, luidend als volgt : « § 3ter. Naar aanleiding van de desaffectatie van het begrotingsfonds « Tewerkstellingsfonds », dat binnen de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg werd opgericht ter uitvoering van artikel 4 van het koninklijk besluit nr 181 van 30 december 1982 tot oprichting van een Fonds ter aanwending van de bijkomende loonmatiging voor de tewerkstelling, worden voor het jaar 2004 volgende bedragen toegewezen : 1° 100 189 901,02 EUR aan de RSZ-globaal beheer, 2° 51 860 098,98 EUR aan de RSZ voor de aanzuivering van de schuldvordering van de RSZ ten aanzien van het begrotingsfonds « Tewerkstellingsfonds ».»</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-132\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 132</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 66 van dezelfde wet, wordt een § 3quater ingevoegd, luidend als volgt : « § 3quater. Voor het jaar 2004 wordt een bedrag van 22 635 110,6 EUR toegewezen aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid op een afzonderlijke rekening, zoals bedoeld in artikel 35, § 5, E, 2°, van de wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten0 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid van de werknemers.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het bedrag, vermeld in het vorige lid, kan enkel worden vrijgegeven na akkoord van de ministers bevoegd voor Werk, Sociale Zaken, Volksgezondheid en Begroting, met uitzondering van een bedrag van 11 472 207,21 EUR. ». Art. 133.In artikel 37, 2°, van de programmawet (I) van 22 december 2003 worden volgende wijzigingen aangebracht : 1° in a) worden na het woord « opgeheven » de woorden « en het beschikbare saldo op het Fonds wordt gedesaffecteerd ten behoeve van de rijksmiddelen » toegevoegd;2° in b) worden na het woord « opgeheven » de woorden « en het beschikbare saldo op het Fonds wordt gedesaffecteerd ten behoeve van de Rijksmiddelen » toegevoegd. Art. 134.Artikel 38 van dezelfde programmawet wordt vervangen als volgt : « Art. 38.- De middelen van het Fonds gespijsd met de opbrengst van de vermindering van werkgeversbijdragen waarop sommige werkgevers van de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid aanspraak kunnen maken worden ten beloop van 12 091 110,61 EUR gedesaffecteerd. ». Art. 135.De artikelen 132 en 133 hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2004.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 134 heeft uitwerking met ingang van 31 december 2003. Art. 136.In artikel 211 van de programma wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten0 worden de woorden « artikel 7, § 1, derde lid, q) » vervangen door de woorden « artikel 7, § 1, derde lid, r) » en in de Nederlandse versie worden de woorden « besluitwet van 28 december 1994 » vervangen door de woorden « besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/04/1999 numac 1999012205 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen sluiten0 ». Art. 137.In artikel 21bis van het koninklijk besluit nr 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, ingevoegd bij de wet van 6 augustus 1993Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/06/2015 numac 2015000253 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998015163 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting sluiten en gewijzigd bij de wet van 25 januari 1999Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/01/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/02/1999 numac 1999021025 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten, wordt een § 4 ingevoegd, luidend als volgt : « § 4. Het Fonds voor het financieel evenwicht in het sociaal statuut der zelfstandigen, wordt gestijfd met de besparingen gerealiseerd in de « inkomensgarantie voor ouderen » en het « gewaarborgd inkomen » ten gevolge van de verhoging van het minimumpensioen van de zelfstandigen, nadat de kost van de verhoging van de « inkomensgarantie voor ouderen » bij de zelfstandigen in mindering is gebracht.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor 2004 wordt het bedrag in uitvoering van het vorige lid vastgelegd op 1 270 000 EUR; voor de volgende jaren, en tot 2007, past de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het bedrag aan in functie van de vastgestelde nettobesparing in uitvoering van het vorige lid. ». Afdeling VIII. - Koloniale en overzeese sociale zekerheid Onderafdeling I. - Wijziging van de wet van 16 juni 1960 dat de organismen belast met het beheer van de sociale zekerheid van de werknemers van Belgisch-Congo en Ruanda-Urundi onder de controle en de waarborg van de Belgische Staat plaatst, en dat waarborg draagt door de Belgische Staat van de maatschappelijke prestaties ten gunste van deze werknemers verzekerd Art. 138.Artikel 3nonies, § 1, derde lid, van de wet van 16 juni 1960 dat de organismen belast met het beheer van de sociale zekerheid van de werknemers van Belgisch-Congo en Ruanda-Urundi onder de controle en de waarborg van de Belgische Staat plaatst, en dat waarborg draagt door de Belgische Staat van de maatschappelijke prestaties ten gunste van deze werknemers verzekerd, ingevoegd bij de wet van 27 mei 1983 en gewijzigd bij de wet van 20 juli 1990Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten7, wordt vervangen als volgt : « Het recht op het ouderdomspensioen waarin het eerste lid voorziet, is erkend : 1° aan de onderdanen van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte;2° aan de onderdanen van de Zwitserse Confederatie;3° aan de statenlozen en de vluchtelingen zoals bepaald in artikel 18ter ;4° de onderdanen van een land waarmee een wederkerigheidsakkoord werd gesloten die hen dit voordeel toekent;5° aan de gewezen echtgenotes van een verzekerde met een nationaliteit vermeld in 1°, 2°, 3° of 4°.».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-139\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 139</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 8bis van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 11 februari 1976, wordt vervangen als volgt : « Art. 8bis.- § 1. Behoudens wanneer ze om gezondheidsredenen vooraf van de Dienst de toestemming hebben gekregen om tijdelijk in het buitenland te verblijven, moeten de personen die de uitkeringen trekken, beoogd in de artikelen 7 en 7bis, hun werkelijke en gewone verblijfplaats in België hebben. § 2. De terugbetaling van de kosten voor gezondheidszorgen wordt aan de rechthebbenden bedoeld in artikel 8, eerste lid, slechts toegekend als de titularis van de verzekering zijn werkelijke en gewone verblijfplaats in België heeft, tenzij hij om gezondheidsredenen vooraf van de Dienst de toestemming heeft gekregen om tijdelijk in het buitenland te verblijven. § 3 De verblijfsverplichting omschreven in §§ 1 en 2 is niet van toepassing op : 1° de onderdanen van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte;2° de onderdanen van de Zwitserse Confederatie;3° de staatlozen en de vluchtelingen zoals ze zijn gedefinieerd in artikel 18ter;4° de onderdanen van een land waarmee een wederkerigheidsakkoord werd gesloten die hen hiervan vrijstelt. § 4. Voor de terugbetaling van de kosten voor gezondheidszorgen bedoeld in artikel 8, eerste lid, maken de onderdanen van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte, die verblijven op het grondgebied van één van die Staten maar niet in België, de keuze hetzij voor de strikte toepassing van de bepalingen van artikel 8, tweede lid, hetzij voor de toepassing van de Europese Verordeningen 1408/71 en 574/72 inzake sociale zekerheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de gerechtigde beoogd in het eerste lid gekozen heeft voor de toepassing van de Europese Verordeningen 1408/71 en 574/72 inzake sociale zekerheid, dan wordt zijn dossier beheerd door de verzekeringsinstelling van zijn verblijfplaats volgens de regels die gelden in die Lidstaat. § 5. De terugbetaling van de kosten voor gezondheidszorgen bedoeld in artikel 8, eerste lid, wordt niet toegekend aan de personen die krachtens andere wettelijke, contractuele of reglementaire, Belgische of vreemde, bepalingen of krachtens een wederkerigheidsovereenkomst, aanspraak kunnen maken op gelijksoortige uitkeringen. ». Art. 140.In artikel 18ter, tweede lid, in dezelfde wet ingevoegd bij de wet van 16 februari 1970, gewijzigd bij de wet van 22 februari 1971 en vervangen bij de wet van 11 februari 1976, vervallen de woorden « voor zover die vluchtelingen en staatlozen werkelijk en gewoonlijk in België verblijven ».</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling II. - Wijziging van de wet van 17 juli 1963 betreffende de overzeese sociale zekerheid Art. 141.Artikel 18, § 2, van de wet van 17 juli 1963 betreffende de overzeese sociale zekerheid, ingevoegd bij de wet van 20 juli 1990Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten7 en gewijzigd bij de wet van 21 december 1994Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten7, wordt vervangen als volgt : « § 2. De bepalingen van § 1 zijn niet van toepassing op de verzekerden die onderdanen zijn van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte of van de Zwitserse Confederatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bijdragen die door een verzekerde, onderdaan van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte, gestort zijn vóór 1 september 1990 of door een verzekerde, onderdaan van de Zwitserse Confederatie, gestort zijn vóór 1 juni 2002, en die de bestemming hebben gekregen waarin de bepalingen van § 1, eerste lid, b) , voorzien, worden ambtshalve besteed overeenkomstig artikel 17 indien de verzekerde of zijn rechthebbenden nog geen aanvraag ingediend hebben tot het verkrijgen van de uitkeringen waarin hoofdstuk III voorziet. ». Art. 142.Artikel 22sexies, § 1, derde lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 20 juli 1990Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten7, wordt vervangen als volgt : « Het recht op dit pensioen is erkend : 1° aan de onderdanen van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte;2° aan de onderdanen van de Zwitserse Confederatie;3° aan de staatlozen en aan de vluchtelingen zoals ze zijn gedefinieerd in artikel 51, 4°;4° aan de onderdanen van een land waarmee een wederkerigheidsakkoord werd gesloten die hen dit voordeel toekent;5° aan de gewezen echtgenotes van een verzekerde met een nationaliteit vermeld in 1°, 2°, 3° of 4°.».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-143\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 143</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 33, tweede lid, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 11 februari 1976, wordt vervangen als volgt : « Zijn aan deze verplichting niet onderworpen : 1° de onderdanen van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte;2° de onderdanen van de Zwitserse Confederatie;3° de staatlozen en de vluchtelingen zoals ze zijn gedefinieerd in artikel 51, 4°;4° de onderdanen van een land waarmee een wederkerigheidsakkoord werd gesloten die hen hiervan vrijstelt.»</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-144\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 144</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 46 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 11 februari 1976, wordt vervangen als volgt : « Art. 46.- § 1. De terugbetaling van de kosten voor gezondheidszorgen wordt aan de rechthebbenden bedoeld in artikel 44, slechts toegekend als de titularis van de verzekering zijn werkelijke en gewone verblijfplaats in België heeft, tenzij hij om gezondheidsredenen vooraf van de Dienst de toestemming heeft gekregen om tijdelijk in het buitenland te verblijven. § 2. De verblijfsverplichting omschreven in § 1 is niet van toepassing op : 1° de onderdanen van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte;2° de onderdanen van de Zwitserse Confederatie;3° de staatlozen en de vluchtelingen zoals ze zijn gedefinieerd in artikel 51, 4°;4° de onderdanen van een land waarmee een wederkerigheidsakkoord werd gesloten die hen hiervan vrijstelt. § 3 Voor de terugbetaling van de kosten voor gezondheidszorgen maken de onderdanen van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte, die verblijven op het grondgebied van één van die Staten maar niet in België, de keuze hetzij voor de strikte toepassing van de bepalingen van artikel 49, hetzij voor de toepassing van de Europese Verordeningen 1408/71 en 574/72 inzake sociale zekerheid. § 4. De terugbetaling van de kosten voor gezondheidszorgen wordt niet toegekend aan de personen die krachtens andere wettelijke, contractuele of reglementaire, Belgische of vreemde, bepalingen of krachtens een wederkerigheidsovereenkomst, aanspraak kunnen maken op gelijksoortige uitkeringen. ».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-145\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 145</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 50 van dezelfde wet wordt aangevuld met het volgende lid : « Wanneer echter de gerechtigde verblijft op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte maar niet in België en hij, krachtens de bepalingen van artikel 46, § 3, gekozen heeft voor de toepassing van de Europese Verordeningen 1408/71 en 574/72 inzake sociale zekerheid, dan wordt zijn dossier beheerd door de verzekeringsinstelling van zijn verblijfplaats volgens de regels die gelden in die Lidstaat. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-146\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 146</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 51 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 22 februari 1971, 11 februari 1976 en 20 juli 1990, wordt vervangen als volgt : « Art. 51.- De bepalingen van dit hoofdstuk zijn alleen van toepassing op : 1° de onderdanen van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte;2° de onderdanen van de Zwitserse Confederatie;3° de onderdanen van een land waarmee een wederkerigheidsakkoord werd gesloten die hen hetzelfde voordeel toekent;4° de vluchtelingen die het voordeel genieten van het Internationaal Verdrag betreffende de status van vluchtelingen ondertekend te Genève op 28 juli 1951 en goedgekeurd bij de wet van 26 juni 1953, alsmede de staatlozen die het voordeel genieten van het Verdrag betreffende de status van staatlozen, ondertekend te New York op 28 september 1954 en goedgekeurd bij de wet van 12 mei 1960;5° de rechthebbenden van de personen vermeld in 1°, 2°, 3° en 4°.»</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-147\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 147</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 64, eerste lid, c, van dezelfde wet, vervangen bij de wetten van 22 februari 1971 en 20 juli 1990, worden de woorden « de Europese Economische Gemeenschap » vervangen door de woorden « de Europese Economische Ruimte of in de Zwitserse Confederatie »</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling III. - Wijziging van de programmawet van 2 juli 1981 Art. 148.Artikel 69 van de programmawet van 2 juli 1981, gewijzigd bij de wet van 20 juli 1990Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten7, wordt vervangen als volgt : « Art. 69.- Het recht op de uitkeringen waarin ten gunste van de gerechtigden van Belgische nationaliteit is voorzien, wordt erkend, onder de voorwaarden gesteld in de artikelen 67 en 68 : 1° aan de verzekerden die niet van Belgische nationaliteit zijn en die : a) onderdanen zijn van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte;b) onderdanen zijn van de Zwitserse Confederatie;c) staatlozen en vluchtelingen zijn zoals ze zijn gedefinieerd in artikel 18ter, tweede lid, van de wet van 16 juni 1960 dat de organismen belast met het beheer van de sociale zekerheid van de werknemers van Belgisch Congo en Ruanda-Urundi onder de controle en de waarborg van de Belgische Staat plaatst, en dat waarborg draagt door de Belgische Staat van de maatschappelijke prestaties ten gunste van deze werknemers;d) die onderdanen zijn van een land waarmee een wederkerigheidsakkoord werd gesloten die hen dit voordeel toekent;2° aan de rechthebbenden van een verzekerde van Belgische nationaliteit of van een nationaliteit beoogd in 1°;3° aan de rechthebbenden van een verzekerde die zelf onderdanen zijn van een Lidstaat van de Europese Economische Ruimte, van de Zwitserse Confederatie of staatloze of vluchteling zijn zoals gedefinieerd in 1°, c) .». Art. 149.Artikel 73 van dezelfde wet wordt opgeheven.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling IV. - Slotbepaling Art. 150.Deze afdeling treedt in werking de eerste dag van de maand na die waarin deze wet wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad, met uitzondering van de artikelen 138, 142, 143, 147 en 149 die in werking treden met ingang van 1 juni 2002 voor zover deze artikelen het recht op uitkeringen en op de indexering van deze uitkeringen toekennen aan de onderdanen van de Zwitserse Confederatie en voor zover zij tussen 1 juni 2002 en de datum van inwerkingtreding van deze titel hun verblijfplaats hadden in de Europese Economische Ruimte of in de Zwitserse Confederatie. Afdeling IX. - Kinderbijslag</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-151\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 151</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 47bis van de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders, ingevoegd bij het koninklijk besluit nr 122 van 30 december 1982 en gewijzigd bij de koninklijk besluiten van 13 september 1983 en 31 maart 1984, de wet van 27 februari 1987Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten2, het koninklijk besluit van 10 december 1996 en de wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten0, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden « , zoals het bestond voor het werd gewijzigd bij de wet van 27 februari 1987Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten2 betreffende de tegemoetkomingen aan gehandicapten, » ingevoegd tussen de woorden « deze wetten » en « bedoeld kind »;2° in het tweede lid worden de woorden « , zoals het bestond voor het werd gewijzigd bij de wet van 27 februari 1987Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten2 betreffende de tegemoetkomingen aan gehandicapten, » ingevoegd tussen de woorden « deze wetten » en « bedoeld kind ». Art. 152.In artikel 51, § 3, van dezelfde wetten, gewijzigd door de wet van 22 december 1989Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten9, door het koninklijk besluit van 21 april 1997 en door de wetten van 14 mei, 12 augustus 2000 en 24 december 2002, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het 3° wordt vervangen door de volgende bepaling : « 3° zijn van hetzelfde gezin deel uitmakende kleinkinderen, achterkleinkinderen, neven en nichten, die van zijn echtgenoot, van zijn gewezen echtgenoot of van een persoon met wie hij een feitelijk gezin vormt, en ook die van een persoon met wie hij wettelijk samenwoont of samenwoonde als bedoeld in boek III, titel Vbis, van het Burgerlijk Wetboek en geen feitelijk gezin meer vormt.De rechthebbende opent dit recht eveneens voor zijn kleinkinderen en achterkleinkinderen, deze van zijn echtgenoot of deze van de persoon met wie hij een feitelijk gezin vormt en wettelijk samenwoont als bedoeld in boek III, titel Vbis, van het Burgerlijk Wetboek, wanneer deze overeenkomstig artikel 70 in een instelling geplaatst zijn, op voorwaarde dat ze onmiddellijk voor de plaatsing deel uitmaakten van het gezin van deze rechthebbende, of wanneer hij diezelfde kleinkinderen en achterkleinkinderen uitsluitend of hoofdzakelijk op zijn kosten laat opvoeden in een inrichting voor onderwijs, opvoeding of verpleging of bij een particulier; »; 2° het 6° wordt vervangen door de volgende bepaling : « 6° a) de kinderen van een persoon met wie hij een feitelijk gezin vormt, de kinderen die door deze persoon geadopteerd zijn of onder pleegvoogdij genomen, de kinderen van de gewezen echtgenoot, de kinderen die door de gewezen echtgenoot geadopteerd zijn of onder pleegvoogdij genomen, op voorwaarde dat deze kinderen deel uitmaken van het gezin.De rechthebbende opent dit recht eveneens voor de voormelde kinderen wanneer deze overeenkomstig artikel 70 in een instelling geplaatst zijn, op voorwaarde dat ze onmiddellijk voor de plaatsing deel uitmaakten van het gezin van deze rechthebbende; b) de kinderen van de persoon met wie hij wettelijk samenwoont of samenwoonde als bedoeld in boek III, titel Vbis, van het Burgerlijk Wetboek en geen feitelijk gezin meer vormt, en ook de kinderen geadopteerd of onder pleegvoogdij genomen door een van de hiervoor bedoelde personen, op voorwaarde dat die kinderen deel uitmaken van zijn gezin.De rechthebbende opent dit recht eveneens voor de voormelde kinderen wanneer deze overeenkomstig artikel 70 in een instelling geplaatst zijn, op voorwaarde dat ze onmiddellijk voor de plaatsing deel uitmaakten van het gezin van deze rechthebbende; c) de niet van zijn gezin deel uitmakende kinderen van de persoon met wie hij een feitelijk gezin vormt en wettelijk samenwoont als bedoeld in boek III, titel Vbis, van het Burgerlijk Wetboek;d) de niet van zijn gezin deel uitmakende kinderen die geadopteerd of onder pleegvoogd genomen zijn door de persoon met wie hij een feitelijk gezin vormt en wettelijk samenwoont als bedoeld in boek III, titel Vbis, van het Burgerlijk Wetboek;».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-153\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 153</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 64, § 2, A, 1°, eerste lid, van dezelfde wetten, gewijzigd door het</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">koninklijk besluit van 30 december 1982Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/06/1999 numac 1999009611 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/06/1999 numac 1999009596 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming sluiten7, het koninklijk besluit nr 207 van 13 september 1983 en de programma wet van 22 december 1989Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten9, wordt aangevuld met de woorden « , indien deze laatste de voorrangsgerechtigde rechthebbende was op het ogenblik van de plaatsing. ». Art. 154.Artikel 132 van de programmawet (I) van 24 december 2002 wordt ingetrokken in de mate dat het artikel 27 van de wet van 27 februari 1987Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten2 betreffende de tegemoetkomingen aan personen met een handicap opheft. Art. 155.De artikelen 151 en 154 hebben uitwerking met ingang van 1 juli 2003. HOOFDSTUK II. - Personen met een handicap Art. 156.Artikel 117 van de programmawet (I) van 24 december 2002, wordt vervangen als volgt : « Art. 117.- Artikel 2 van dezelfde wet, laatst gewijzigd bij de wet van 30 december 1992Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten8, wordt vervangen door de volgende bepaling : « Art. 2.- § 1. De inkomensvervangende tegemoetkoming wordt toegekend aan de persoon met een handicap die ten minste 21 jaar is en op het ogenblik van het indienen van de aanvraag minder dan 65 jaar is, van wie is vastgesteld dat zijn lichamelijke of psychische toestand zijn verdienvermogen heeft verminderd tot een derde of minder van wat een gezonde persoon door het uitoefenen van een beroep op de algemene arbeidsmarkt kan verdienen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De algemene arbeidsmarkt omvat niet de beschutte tewerkstelling. § 2. De integratietegemoetkoming wordt toegekend aan de persoon met een handicap die ten minste 21 jaar is en op het ogenblik van het indienen van de aanvraag minder dan 65 jaar is, van wie een gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid is vastgesteld. § 3. De tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden wordt toegekend aan de persoon met een handicap die ten minste 65 jaar oud is en van wie een gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid is vastgesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">De tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden wordt niet toegekend aan de persoon met een handicap die een inkomensvervangende of een integratietegemoetkoming geniet. ». ». Art. 157.Artikel 121 van dezelfde programmawet wordt vervangen als volgt : « Art. 121.- Artikel 7 van dezelfde wet, laatst gewijzigd bij de wet van 25 januari 1999Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/01/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/02/1999 numac 1999021025 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten, wordt vervangen door de volgende bepaling : « Art. 7.- § 1. De in artikel 1 bedoelde tegemoetkomingen kunnen enkel toegekend worden indien het bedrag van het inkomen van de persoon met een handicap en het bedrag van het inkomen van de persoon met wie hij een huishouden vormt, het in artikel 6 bedoelde bedrag van de tegemoetkomingen niet overschrijdt.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, wat moet worden verstaan onder « inkomen » en door wie, volgens welke criteria en op welke wijze het bedrag ervan moet worden bepaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, bepalen dat sommige inkomsten of delen van het inkomen, onder de voorwaarden die hij bepaalt, niet of slechts gedeeltelijk in aanmerking worden genomen. Hij kan daarbij een onderscheid maken naargelang het gaat om een inkomensvervangende tegemoetkoming, een integratietegemoetkoming of een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden. Hij kan eveneens een onderscheid maken naargelang de gerechtigde behoort tot categorie A, B of C, naargelang de graad van zelfredzaamheid van de persoon met een handicap, naargelang het gaat om het inkomen van de persoon met een handicap zelf of om het inkomen van de persoon met wie hij een huishouden vormt, of naargelang de bron van het inkomen. § 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">De persoon met een handicap en de persoon met wie hij een huishouden vormt, moeten hun rechten laten gelden : 1° op de uitkeringen en vergoedingen waarop hij aanspraak kan maken krachtens een andere Belgische of buitenlandse wetgeving of krachtens de regels van toepassing op het personeel van een internationale openbare instelling, en die hun grond vinden in een beperking van het verdienvermogen, in een gebrek aan of vermindering van de zelfredzaamheid of in de artikelen 1382 en volgende van het Burgerlijk Wetboek betreffende de burgerlijke aansprakelijkheid;2° op sociale uitkeringen inzake ziekte en invaliditeit, werkloosheid, arbeidsongevallen, beroepsziekten, rust- en overlevingspensioenen, de inkomensgarantie voor ouderen en het gewaarborgd inkomen voor bejaarden. § 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder « huishouden » moet worden verstaan elke samenwoning van twee personen die geen bloed- of aanverwant zijn in de eerste, tweede of derde graad.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het bestaan van een huishouden wordt vermoed wanneer ten minste twee personen die geen bloed- of aanverwant zijn in de eerste, tweede of derde graad, hun hoofdverblijfplaats op hetzelfde adres hebben. Het tegenbewijs kan met alle mogelijke middelen worden geleverd door de persoon met een handicap of door de bestuursdirectie van de uitkeringen aan personen met een handicap.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer echter één van de leden van het huishouden opgesloten is in een gevangenis of opgenomen is in een instelling voor sociaal verweer, dan houdt het huishouden op te bestaan. § 4. De in artikel 1 bedoelde tegemoetkomingen kunnen aan de aanvrager worden toegekend als voorschot op de uitkeringen en vergoedingen bedoeld in § 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, onder welke voorwaarden, op welke wijze en tot welk bedrag deze voorschotten kunnen worden toegekend, alsmede de wijze waarop ze kunnen worden teruggevorderd. De uitbetalingsdienst of -instelling treedt in de rechten van de gerechtigde tot het bedrag van de toegekende voorschotten. ». ». Art. 158.Artikel 123 van dezelfde programmawet wordt vervangen als volgt : « Art. 123.- In dezelfde wet wordt een artikel 8bis ingevoegd, luidende : « Art. 8bis.- De Koning bepaalt : 1° hoe de aanvragen tot het verkrijgen van de tegemoetkomingen bedoeld in artikel 1 worden behandeld en inzonderheid de wijze waarop de openbare besturen tussen beide komen bij het vaststellen van het inkomen van de aanvrager en van de persoon met wie hij een huishouden vormt;2° hoe de minister tot wiens bevoegdheid de tegemoetkomingen aan personen met een handicap behoren over deze aanvragen beslist;3° de termijnen binnen dewelke de aanvragen om tegemoetkomingen worden onderzocht.». ». Art. 159.In dezelfde programmawet wordt een artikel 123bis ingevoegd, luidende : « Art. 123bis.- In dezelfde wet wordt een artikel 8ter ingevoegd, luidende : « Art. 8ter.- De persoon met een handicap aan wie een tegemoetkoming is toegekend, moet nieuwe gegevens die aanleiding kunnen geven tot een vermindering van het bedrag van de tegemoetkoming onmiddellijk meedelen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt de modaliteiten volgens dewelke en de termijnen waarbinnen deze mededeling moet gebeuren.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning kan in afwijking van het eerste lid bepalen dat voor de gegevens die hij identificeert geen mededeling moet gebeuren. ». ». Art. 160.In dezelfde programmawet wordt een artikel 133bis ingevoegd, luidende : « Art. 133bis.- De wettelijke en reglementaire wijzigingen van deze wet worden op 1 juli 2004 niet ambtshalve toegepast voor de aanvragen ingediend eerder dan 1 juni 2004 voor dewelke nog geen enkele beslissing was genomen op de datum van inwerkingtreding van deze wet.</p>\n<p class=\"lf-p\">De personen met een handicap die, op 1 juli 2004, een in artikel 1 van de wet van 27 februari 1987Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten2 bedoelde tegemoetkoming ontvangen, blijven ze verder ontvangen totdat een nieuwe beslissing daarover wordt genomen naar aanleiding van een herziening op hun verzoek of op initiatief van de dienst.</p>\n<p class=\"lf-p\">De beslissing die wordt genomen ten gevolge van een aanvraag om administratieve herziening, die tussen 1 juli 2004 en 31 december 2004 wordt ingediend, heeft uitwerking op 1 juli 2004. Wanneer de nieuwe beslissing resulteert in een lagere uitkering, dan heeft ze uitwerking op de eerste dag van de maand volgend op de kennisgeving van de beslissing. ». Art. 161.Artikel 134, eerste tot derde lid, van dezelfde programmawet, wordt vervangen als volgt : « De artikelen 115, 118, 122, 123, 123bis, 125, 126, 127, 130, 131, 132 en 133 treden in werking op 1 juli 2003.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het artikel 128 treedt in werking op 1 januari 2003.</p>\n<p class=\"lf-p\">De artikelen 116, 117, 119, 120, 121, 124, 129 en 133bis treden in werking op 1 juli 2004. ». Art. 162.De artikelen 272 en 274 van de programma wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6 worden ingetrokken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 275 van dezelfde programmawet wordt opgeheven met ingang van 10 januari 2003. Art. 163.Artikel 278 van dezelfde programmawet wordt vervangen als volgt : « Art. 278.- De artikelen 276 en 277 treden in werking op 10 januari 2003.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 273 treedt in werking op 1 juli 2003 en houdt op werking te hebben op 30 juni 2004. ». Art. 164.De artikelen 156, 157 en 160 treden in werking op 1 juli 2004.</p>\n<p class=\"lf-p\">De artikelen 158 en 159 hebben uitwerking met ingang van 1 juli 2003.</p>\n<p class=\"lf-p\">De artikelen 161 en 162 hebben uitwerking met ingang van 10 januari 2003.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 163 heeft uitwerking met ingang van 10 januari 2004. HOOFDSTUK III. - Wijzigingen van de wet betreffende de verplichte verzekering geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 Afdeling I. - Algemeen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-165\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 165</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Aan artikel 9bis van de wet betreffende de verplichte verzekering geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 wordt een vierde alinea toegevoegd, luidende : « Wanneer het om facturatiegegevens gaat van zorgverleners of instellingen is het bedrag ten laste van de verzekeringsinstelling enkel maar verschuldigd op voorwaarde dat deze gegevens overgemaakt volgens de hierboven door de Koning bepaalde voorwaarden, volledig overeenstemmen met de facturatiegegevens die op basis van deze gecoördineerde wet en haar uitvoeringsbesluiten eventueel moeten worden overgezonden aan een rechthebbende. De Koning bepaalt de toepassingsmodaliteiten van dit lid. ». Afdeling II. - Geneesmiddelen Onderafdeling I. - Medische zuurstof Art. 166.In artikel 34, eerste lid, 5° van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 20 december 1995 en gewijzigd bij de wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, wordt een punt e) toegevoegd, luidend : « e) medische zuurstof. ». Art. 167.In artikel 35, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/06/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/08/1997 numac 1997003403 bron ministerie van financien Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop sluiten8, wordt in de eerste zin de vermelding « artikel 34, eerste lid, 5°, b) en c) » vervangen door de vermelding « artikel 34, eerste lid, 5°, b), c) en e) ». Art. 168.In artikel 35bis, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de eerste zin wordt aangevuld als volgt : « en de vergoedbare medische zuurstof, bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, e).»; 2° tussen de eerste en de tweede zin wordt een zin ingevoegd, luidende : « Voor de toepassing van dit artikel wordt de vergoedbare medische zuurstof gelijkgesteld met de vergoedbare farmaceutische specialiteiten.». Art. 169.In artikel 37, § 3, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, wordt de vermelding « artikel 34, eerste lid, 5°, b), c) en d) » vervangen door de vermelding « artikel 34, eerste lid, 5°, b), c), d) en e) ». Art. 170.Artikel 48, § 1, van dezelfde wet, wordt aangevuld met het volgende lid : « Wat de in artikel 34, eerste lid, 5°, e) bedoelde verstrekkingen betreft, stelt de overeenkomst regelen vast met betrekking tot een honorarium en een forfaitaire vergoeding voor de kosten verbonden aan de aflevering van zuurstof. ».</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling II. - Farmaceutische specialiteiten Art. 171.In artikel 35bis van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/06/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/08/1997 numac 1997003403 bron ministerie van financien Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop sluiten8 en gewijzigd bij de wetten van 24 december 2002 en 22 december 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 13, eerste zin, vervallen de woorden « onder door de Koning te bepalen voorwaarden »;2° in § 13 wordt tussen de tweede en de derde zin de volgende zin toegevoegd : « De Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen kan de minister ook voorstellen dat de beslissing om een farmaceutische specialiteit in te schrijven in de lijst van vergoedbare farmaceutische specialiteiten wordt gekoppeld aan de registratie, de commercialisering op de Belgische markt en de indiening van een aanvraag om vergoeding van een of meerdere andere verpakkingen door de aanvrager.»; 3° een § 14 wordt toegevoegd, luidend als volgt : « § 14.De Koning bepaalt de regels waaronder de Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen aan de minister kan voorstellen om de geschiktheid van een verpakking binnen een bepaalde farmacotherapeutische klasse te beoordelen in functie van de therapeutische indicaties die voor vergoeding worden voorgesteld, de dosering en de behandelingsduur en Hij bepaalt de regels waaronder de minister de vergoeding kan beperken tot de door de Commissie voorgestelde verpakkingen. ». Art. 172.In artikel 168bis, eerste lid, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 22 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten2, wordt de vermelding « artikel 72bis, § 2 » vervangen door de vermelding « artikel 72bis, §§ 1 en 2 ». Art. 173.In artikel 191, eerste lid, 15°quater, van dezelfde wet, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de Franse tekst wordt het woord « supplémentaire » telkens vervangen door het woord « complémentaire »;2° in § 1, laatste lid, ingevoegd bij de wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, wordt de vermelding « verminderd met 25 pct.van de overschrijding » vervangen door de vermelding « verminderd met 25 pct. van de onderschrijding » en worden in de Franse tekst de woorden « qui ont exercé leur influence complètement ou non » vervangen door de woorden « qui n'ont pas produit leurs effets ou ne les ont produits que partiellement »; 3° § 1, ingevoegd bij de wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/06/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/08/1997 numac 1997003403 bron ministerie van financien Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop sluiten8 en gewijzigd bij de wetten van 2 augustus 2002 en 22 december 2003, wordt aangevuld met het volgende lid : « Voor het jaar 2004 bedraagt de aanvullende heffing ingesteld ten laste van de farmaceutische firma's op de omzet die is verwezenlijkt gedurende het jaar 2003 4,41 pct.Dit percentage is het aandeel van de overschrijding van het globaal budget 2003, vastgesteld in uitvoering van artikel 69, § 5, beperkt tot 65 pct., zijnde 119 847 duizend euro, van de omzet die de farmaceutische firma's hebben verwezenlijkt gedurende het jaar 2003, zijnde 2 719 101 duizend euro. Hogervermelde overschrijding is het verschil tussen de geboekte uitgaven van het jaar 2003, zijnde 2 812 543 duizend euro en hoger vermeld globaal budget 2003, zijnde 2 541 745 duizend euro en bedraagt 270 798 duizend euro, verminderd met de door de Koning bepaalde elementen die hun invloed niet of niet volledig hebben gehad, zijnde 86 418 duizend euro.</p>\n<p class=\"lf-p\">Aan de betrokken farmaceutische firma's waarvan het voorschot op de aanvullende heffing, zijnde het bedrag van 2,55 pct. op de omzet die in 2002 verwezenlijkt is, groter is dan het bedrag van 4,41 pct. op de omzet die in 2003 verwezenlijkt is, wordt het saldo teruggestort vóór 31 december 2004. De betrokken farmaceutische firma's waarvan het voorschot op de aanvullende heffing, zijnde het bedrag van 2,55 pct. op de omzet die in 2002 verwezenlijkt is, kleiner is dan het bedrag van 4,41 pct. op de omzet die in 2003 verwezenlijkt is, storten het verschil vóór 31 december 2004 op het rekeningnummer 001-1950023-11 van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, met vermelding « bijbetaling aanvullende heffing 2004 ».</p>\n<p class=\"lf-p\">De betrokken firma's die het voorschot van 2,55 pct. op de omzet die in 2002 verwezenlijkt is niet hebben gestort, storten vóór 31 december 2004 4,41 pct. van de omzet die in 2003 is verwezenlijkt, verhoogd met de wettelijke interestvoet te rekenen vanaf 1 juli 2003 op het rekeningnummer 001-1950023-11 van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, met vermelding « laattijdige betaling aanvullende heffing 2004 ». De betrokken firma's die het voorschot van 2,55 pct. op de omzet die in 2002 verwezenlijkt is niet hebben gestort omdat ze in 2002 geen omzet hebben verwezenlijkt, storten vóór 31 december 2004 4,41 pct. van de omzet die in 2003 is verwezenlijkt op het rekeningnummer 001-1950023-11 van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, met vermelding « betaling aanvullende heffing 2004 ».</p>\n<p class=\"lf-p\">De ontvangsten die voortvloeien uit de hogervermelde heffing zullen in de rekeningen van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging worden opgenomen in het boekjaar 2004. De terugstortingen van de hogervermelde saldi en de ontvangsten die voortvloeien uit het laattijdig betalen zullen in de rekeningen van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging worden opgenomen in het boekjaar 2004. ». Afdeling III. - Verhoogde verzekeringstegemoetkoming</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-174\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 174</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Het artikel 37, § 19, 5°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, wordt vervangen door de volgende bepaling : « 5° de kinderen, ingeschreven als gerechtigden, die, op grond van een lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid van ten minste 66 %, de medische voorwaarden vervullen om het recht te openen op kinderbijslag waarvan het bedrag is verhoogd overeenkomstig artikel 47 van de gecoördineerde wetten betreffende de kinderbijslagen voor loonarbeiders of krachtens artikel 20 van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen, en hun personen ten laste, alsmede de kinderen, ingeschreven ten laste van de in artikel 32 en 33 bedoelde gerechtigden, die op grond van een lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid van ten minste 66 % de medische voorwaarden vervullen om het recht te openen op bovenbedoelde kinderbijslagen; ». Art. 175.Artikel 174 heeft uitwerking met ingang van 1 mei 2003. Afdeling IV. - Maximumfactuur</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-176\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 176</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In het hoofdstuk IIIbis van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, wordt een afdeling V, dat een artikel 37semel et vicies omvat, ingevoegd, luidend als volgt : « Afdeling V. - Bepalingen met betrekking tot de terugbetalingen in het kader van de maximumfactuur Art. 37semel et vicies. - Wanneer een andere Belgische reglementering of een buitenlandse reglementering een tenlasteneming voorziet van persoonlijke aandelen in de zin van artikel 37sexies, komt de verzekering voor geneeskundige verzorging tegemoet bij de toepassing van de maximumfactuur, bedoeld in de afdelingen II, III en IV, na aftrek van de tegemoetkomingen van de voormelde reglementeringen De Koning stelt de uitvoeringsmodaliteiten vast van deze bepaling, inzonderheid met betrekking tot de organisatie van de gegevensuitwisseling en de periodiciteit van de eventuele regularisaties. ». Afdeling V. - Reservefonds</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-177\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 177</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 193 van dezelfde wet wordt aangevuld met §§ 3 en 4, luidende : « § 3. Het bedrag dat op 31 december 2001 is ingeschreven in het reservefonds voorzien in artikel 80, 2°, wordt toegewezen aan de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging, algemene regeling. § 4. Het bedrag dat op 31 december 2001 is ingeschreven in het reservefonds voorzien in artikel 41, 2°, van het koninklijk besluit van 20 juli 1971, houdende instelling van een uitkeringsverzekering en een moederschapsverzekering ten voordele van de zelfstandigen en van de meewerkende echtgenoten, wordt toegewezen aan de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging, regeling voor zelfstandigen. ». Afdeling VI. - Pensioenkadaster Onderafdeling I. - Inhouding van 3,55 % Art. 178.In artikel 191 van dezelfde wet, laatst gewijzigd bij de wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het volgende lid wordt tussen het vierde en het vijfde lid ingevoegd : « De Rijksdienst voor pensioenen betaalt van ambtswege de onverschuldigde inhoudingen terug aan de rechthebbende.De Koning bepaalt de modaliteiten van terugbetaling en de opdrachten van de Rijksdienst met betrekking tot deze inhouding. »; 2° het vijfde tot het achtste lid, ingevoegd bij de wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, worden vervangen door de volgende bepalingen : « De schuldvorderingen van het Instituut op de inhoudingen bedoeld in het eerste lid, 7°, verjaren na vijf jaar, te rekenen vanaf de datum van de betaling van het pensioen of het aanvullend voordeel.De schuldvorderingen van Rijksdienst voor pensioenen op de, in toepassing van het vijfde lid, gestorte bedragen, verjaren na vijf jaar te rekenen vanaf de terugbetaling door de Rijksdienst.</p>\n<p class=\"lf-p\">De schuldvorderingen van het Instituut op de aanvullende bijdragen of premies, de ontvangsten en inhoudingen, die verschuldigd zijn krachtens het eerste lid, 8°, 9° en 13°, verjaren na vijf jaar, te rekenen vanaf de datum waarop die aanvullende bijdragen, ontvangsten en inhoudingen aan het Instituut zijn overgemaakt of door hem zijn vergoed.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vorderingen tot terugvordering van onverschuldigde inhoudingen, bedoeld in het eerste lid, 7°, ingesteld door de gerechtigden tegen de Rijksdienst, en, tot terugvordering van onverschuldigde bijdragen en ontvangsten, bedoeld in het eerste lid, 8°, 9° en 13°, ingesteld door de uitbetalingsinstellingen en tegen het Instituut, verjaren na vijf jaar, te rekenen vanaf de datum waarop de inhouding, de aanvullende bijdrage of de ontvangst zijn overgemaakt aan het Instituut.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verjaring van de vorderingen bedoeld in het zesde, zevende en achtste lid, wordt onderbroken : 1° op de wijze zoals voorzien in de artikelen 2244 en volgende van het Burgerlijk Wetboek;2° met een aangetekende brief die door het Instituut aan de uitbetalingsinstelling is gericht of met een aangetekende brief die door de uitbetalingsinstelling aan het Instituut is gericht.».</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling II. - Solidariteitsbijdrage Art. 179.In artikel 68, § 1, eerste lid, van de wet van 30 maart 1994Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten4 houdende sociale bepalingen, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 december 1996, wordt het littera h) vervangen als volgt : « h) onder « uitbetalingsinstelling », de natuurlijke of -rechtspersoon, of de feitelijke vereniging die de betaling van het pensioen of van het aanvullend voordeel verzekert; ». Art. 180.Artikel 68bis, § 2, van dezelfde wet, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 december 1996, wordt vervangen als volgt : « § 2. Iedere begunstigde aan wie door buitenlandse uitbetalingsorganismen en/of instellingen van internationaal publiek recht pensioenen en/of aanvullende voordelen worden toegekend, moet de volgende gegevens aangeven bij de Rijksdienst binnen de in § 1, tweede lid, bepaalde termijn : - de bedragen van de door de buitenlandse of internationale uitbetalingsorganismen betaalde pensioenen en/of aanvullende voordelen, alsook hun referentiedatum; - of het een begunstigde met gezinslast of een alleenstaande begunstigde betreft; - iedere wijziging aan voormelde gegevens. ». Art. 181.In artikel 68ter van dezelfde wet, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 december 1996 en gewijzigd bij de wet van 24 december 1999Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/06/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/08/1997 numac 1997003403 bron ministerie van financien Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop sluiten1, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 1, eerste en tweede lid, worden vervangen als volgt : « Indien een wettelijk pensioen wordt uitgekeerd door de Rijksdienst en/of door een andere instelling, met uitsluiting van de Administratie, deelt het Rijksinstituut per begunstigde de volgende gegevens mee aan de Rijksdienst : - de bedragen van de verschillende pensioenen en/of aanvullende voordelen, hun referentiedatum, alsook de uitbetalingsinstelling; - of het een begunstigde met gezinslast of een alleenstaande begunstigde betreft; - iedere wijziging aan voormelde gegevens.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien betrokkene, naast het door de Rijksdienst betaald wettelijk pensioen, eveneens een door de Administratie vereffend wettelijk pensioen geniet, deelt het Rijksinstituut de in het eerste lid bedoelde gegevens eveneens mee aan de Administratie en, de Rijksdienst de bedragen van de door de buitenlandse of internationale uitbetalingsinstellingen betaalde pensioenen en/of aanvullende voordelen, alsook hun referentiedatum. »; 2° § 2 wordt vervangen als volgt : « § 2.Indien er door de Rijksdienst geen enkel wettelijk pensioen vereffend wordt maar er door de Administratie en door een andere instelling een wettelijk pensioen vereffend wordt, deelt het Rijksinstituut de in § 1, eerste lid bedoelde gegevens mee aan de Administratie en de Rijksdienst de bedragen van de door de buitenlandse of internationale uitbetalingsinstellingen betaalde pensioenen en/of aanvullende voordelen, alsook hun referentiedatum. In dat geval handelt de Administratie overeenkomstig de bepalingen van § 1, derde en vierde lid, en de instelling overeenkomstig de bepalingen van § 1, vijfde en zesde lid. ». Art. 182.Artikel 68quinquies, § 3, eerste en tweede lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 december 1996, wordt vervangen als volgt : « Het Rijksinstituut is belast met de invordering van de vergoedingen bedoeld in § 1, eerste lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Rijksdienst is belast met de invordering van de vergoedingen bedoeld in § 1, tweede lid, en in § 2. ». Art. 183.Deze afdeling treedt in werking de dag waarop deze wet in het Belgisch Staatblad wordt bekendgemaakt, met uitzondering van de artikelen 178 en 180 tot 182, die in werking treden op de door de Koning te bepalen datum. Afdeling VII. - Uitkeringen : moederschapsverlof en adoptieverlof</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-184\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 184</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 114 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, gewijzigd bij de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 25 januari 1999Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/01/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/02/1999 numac 1999021025 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 114.- De voorbevallingsrust neemt een aanvang, op vraag van de gerechtigde, ten vroegste vanaf de zesde week vóór de vermoedelijke bevallingsdatum, of de achtste week wanneer de geboorte van een meerling voorzien wordt. De gerechtigde geeft daartoe aan haar verzekeringsinstelling een geneeskundig getuigschrift af, waarbij wordt verklaard dat ze normaal zal bevallen op het einde van de gevraagde voorbevallingsrust. Indien de bevalling plaatsvindt na de datum die door de geneesheer is voorzien, wordt de voorbevallingsrust verlengd tot aan de werkelijke datum van de bevalling.</p>\n<p class=\"lf-p\">De nabevallingsrust strekt zich uit over een tijdvak van negen weken te rekenen vanaf de dag van de bevalling. Dat tijdvak kan worden verlengd met de periode tijdens welke de gerechtigde is blijven doorwerken of zich verder in gecontroleerde werkloosheid heeft bevonden vanaf de zesde tot en met de tweede week vóór de bevalling en vanaf de achtste tot en met de tweede week ingeval van geboorte van een meerling. De Koning kan bepalen welke tijdvakken, voor het verlengen van de nabevallingsrust, mogen worden gelijkgesteld met een periode tijdens welke de gerechtigde is blijven doorwerken of verder werkloos is gebleven binnen voormeld tijdvak.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ingeval van geboorte van een meerling, kan op verzoek van de gerechtigde de periode van nabevallingsrust van negen weken, eventueel verlengd overeenkomstig het bepaalde in het vorige lid, verlengd worden met een periode van maximaal twee weken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer het pasgeboren kind na de eerste zeven dagen te rekenen vanaf de geboorte in de verplegingsinrichting moet opgenomen blijven, kan op verzoek van de gerechtigde de nabevallingsrust verlengd worden met een duur gelijk aan de periode van hospitalisatie van het kind, die deze eerste zeven dagen overschrijdt. De duur van deze verlenging mag vierentwintig weken niet overschrijden. De gerechtigde geeft daartoe aan haar verzekeringsinstelling een getuigschrift van de verplegingsinrichting die de duur van de hospitalisatie van het kind vaststelt. ». Art. 185.Artikel 184 treedt in werking op 1 juli 2004 en is van toepassing op bevallingen die plaatshebben vanaf deze datum. Afdeling VIII. - Verplichte verzekering voor zelfstandigen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-186\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 186</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 33 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 18 november 1996 en 25 april 1997 en bij de wet van 25 januari 1999Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/01/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/02/1999 numac 1999021025 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten, waarvan de bestaande tekst § 1 zal vormen, wordt aangevuld met een § 2, luidende : « § 2. Op een door de Koning vast te stellen datum en volgens door Hem te bepalen nadere regels, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, heeft de toepassing van de gecoördineerde wet voor de rechthebbenden bedoeld in § 1, alle in artikel 34 bedoelde verstrekkingen ten doel. ». HOOFDSTUK IV. - Wijziging van de wet van 6 augustus 1990Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten6 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen Art. 187.Artikel 20, § 1, tweede lid, van de wet van 6 augustus 1990Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten6 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, wordt opgeheven. Art. 188.Artikel 187 treedt in werking op 1 april 2005. HOOFDSTUK V. - Wijzigingen van het koninklijk besluit nr 78 betreffende de uitoefening van de gezondheidsberoepen Afdeling I. - Diverse bepalingen met betrekking tot de gezondheidsberoepen Art. 189.Artikel 5, § 1, van het koninklijk besluit nr 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidsberoepen, gewijzigd bij de wetten van 20 december 1974 en 19 december 1990, wordt aangevuld met het volgende lid : « De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad en na advies van de Koninklijke Academieën voor Geneeskunde, de lijst van activiteiten vaststellen die tot het dagelijkse leven behoren et die niet tot de uitoefening van de geneeskunst, de verpleegkunde, de kinesitherapie of een paramedisch beroep behoren. Hij kan daarenboven de voorwaarden vaststellen waaraan deze activiteiten moeten beantwoorden om als dusdanig te worden beschouwd; ». Art. 190.In hetzelfde besluit wordt een artikel 37ter ingevoegd, luidende : « Art. 37ter.- De Koning kan, op advies van de Hoge Gezondheidsraad, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, beroepsactiviteiten reglementeren die gevaarlijk kunnen zijn voor de gezondheid en die uitgevoerd worden door beoefenaars waarvan het beroep niet of nog niet erkend wordt in het kader van dit besluit.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bevoegde gezondheidsinspecteurs zijn gemachtigd beslag te leggen op het materieel waarmee en de lokalen te sluiten waarin de activiteiten plaatshebben die een overtreding vormen op de koninklijke besluiten die ingevolge dit artikel worden genomen. ». Art. 191.Artikel 38, § 1, 6°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij de wet van 22 februari 1994 wordt aangevuld met de woorden « en van artikel 37ter ». Art. 192.In hetzelfde besluit wordt een artikel 45quater ingevoegd, luidende : « Art. 45quater.- De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de gegevens preciseren die moeten worden geregistreerd, evenals de regelen inzake registratie en inzake veiligheid die moeten worden nageleefd met betrekking tot bepaalde ziekten of anomalieën. ». Afdeling II. - Apothekers</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-193\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 193</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 4, § 2, van het koninklijk besluit nr 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen, gewijzigd bij de wetten van 13 december 1976, 17 november 1998, 2 augustus 2002 en 22 december 2003, wordt aangevuld met een punt 8°, luidend als volgt : « 8° de terhandstelling van geneesmiddelen voor somatische celtherapie, zoals gedefinieerd door de Koning, die enkel kan gebeuren door de directeur van een weefselbank erkend overeenkomstig de voorwaarden vastgelegd door de Koning of zijn afgevaardigde. ». Art. 194.In artikel 21, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, worden de woorden « , alsook voorzien in mogelijke afwijkingen van deze vereisten voor het gebruik van de elektronische handtekening binnen de ziekenhuizen » ingevoegd tussen de woorden « toepassingsmodaliteiten bepalen » en de woorden « en bepaald de datum van inwerkingtreding ». HOOFDSTUK VI. - Ziekenhuizen Art. 195.In artikel 109 van de wet op de ziekenhuizen, gecoördineerd op 7 augustus 1987, vervangen bij de wet van 14 januari 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten4, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het 1° wordt vervangen als volgt : « 1° het tekort wordt vastgesteld op basis van de resultatenrekening van het beschouwde dienstjaar, die is goedgekeurd door de Raad voor Maatschappelijk Welzijn of de Algemene Vergadering van de vereniging en waarin geen rekening is gehouden met : a) de activiteiten die niet tot het ziekenhuis behoren;b) de activiteiten waarmede geen rekening wordt gehouden bij het vaststellen van het budget van financiële middelen. De Koning bepaalt de elementen van de resultatenrekening die in aanmerking moeten worden genomen voor het vaststellen van het tekort, met ingang van het boekjaar 2004.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Minister die de Volksgezondheid onder zijn bevoegdheid heeft, stelt ieder jaar het bedrag van die tekorten vast. »; 2° het 2° wordt opgeheven;3° het 3° en 4° worden respectievelijk het 2° en 3°. Art. 196.Artikel 195 heeft uitwerking met ingang van het boekjaar 2004. HOOFDSTUK VII. - Het beheer van de oproepen tot de hulpdiensten Afdeling I. - Het Agentschap voor de oproepen tot de hulpdiensten</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-197\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 197</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bij de Minister van Binnenlandse Zaken en de Minister van Volksgezondheid wordt onder de benaming « Agentschap voor de oproepen tot de hulpdiensten » een openbare instelling met rechtspersoonlijkheid opgericht, hierna « Agentschap » genoemd, behorend tot de in de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut bedoelde categorie B. Art. 198.§ 1. Het Agentschap heeft als opdracht het beheer van het eenvormig oproepstelsel dat de oproepen tot de telefoonnummers 112, 100 en 101 voor dringende geneeskundige hulpverlening, brandweerdiensten en politie verenigt In dat kader wordt het belast met : 1° de ontvangst, de analyse en de overbrenging van de dringende oproepen tot de oproepnummers 100, 101 en 112;2° de toepassing van de protocollen van behandeling en verwijzing van de oproepen. § 2. Onverminderd de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut, bepaalt de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de vestigingsplaats, de werking, de organisatie, de beheersorganen, de regelen met betrekking tot hun samenstelling en de regelen betreffende de onverenigbaarheden van de beheerders van het Agentschap.</p>\n<p class=\"lf-p\">Volgens dezelfde procedure kan de Koning de onder § 1 bedoelde opdrachten uitbreiden of preciseren. Art. 199.Het financieel beheer van het Agentschap wordt overeenkomstig de bepalingen van de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut verzekerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning stelt het personeelsplan van het Agentschap, het personeelsstatuut, diens bezoldigingen en vergoedingen vast. Art. 200.Het beheerscontract dat tussen de Staat en het Agentschap wordt afgesloten, bepaalt de voorschriften en regels volgens dewelke het Agentschap zijn opdrachten uitoefent.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het beheerscontract preciseert de algemene principes die ten grondslag liggen aan de realisatie van de verschillende taken waarmee het Agentschap met het oog op de uitvoering van zijn opdracht belast is.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning kan andere elementen vaststellen die in het beheerscontract moeten staan én de modaliteiten betreffende de inwerkingtreding van het contract.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het ontwerp van beheerscontract of van wijziging van het beheerscontract wordt voor overleg voorgelegd aan het bevoegde overlegcomité. Dat overlegcomité wordt op geregelde tijdstippen door zijn voorzitter bijeengeroepen om zijn gemotiveerd advies te verlenen over het verloop van de onderhandelingen. Art. 201.Het Agentschap wordt gefinancierd door : 1° de kredieten die in de uitgavenbegroting zijn ingeschreven;2° giften en legaten;3° de opbrengst van de belegging van de financiële reserves, mits het akkoord van de Minister die bevoegd is voor Financiën. Art. 202.Op de wijze en op de tijdsstippen die bij besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, vastgesteld worden, mag het Agentschap de voor zijn werking noodzakelijke uitrusting en installaties verwerven. Art. 203.Met het oog op de uitoefening van de opdrachten die aan het Agentschap worden toegewezen, kunnen de personeelsleden van de federale openbare diensten of van andere openbare diensten, overgeplaatst worden naar het Agentschap.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de datum, de regels en de voorwaarden van overplaatsing van de in het eerste lid bedoelde personeelsleden. Art. 204.In artikel 1 van de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut, wordt de categorie B vervolledigd met de in alfabetische volgorde te plaatsen woorden « Agentschap voor de oproepen tot de hulpdiensten ». Afdeling II. - Diverse bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-205\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 205</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De Koning neemt alle maatregelen die nodig zijn om te verzekeren dat een oproep waarin om dringende geneeskundige hulpverlening wordt verzocht, nooit met de politiedispatching wordt doorverbonden. Art. 206.De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de oproepen die geen oproepen tot de politie zijn die worden doorverbonden naar de medische dispatching of de oproepen die onder de brandweerdiensten vallen. Art. 207.§ 1. Onder het gezag van de Minister van Volksgezondheid wordt er een « cel dispatching dringende geneeskundige hulpverlening en medische bewaking » opgericht, hierna « de cel » genoemd. § 2. De cel wordt ermee belast de oproepen te ontvangen die haar door het Agentschap voor de oproepen tot de hulpdiensten worden overgemaakt, of de oproepen te ontvangen die rechtstreeks door de beoefenaars van gezondheidsberoepen bedoeld in het koninklijk besluit nr 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen worden gevormd en aldus, overeenkomstig deze wet, beroep te doen op de gepaste interveniënten De cel is eveneens bevoegd voor de opdrachten bedoeld in hoofdstuk IIIbis van het koninklijk besluit nr 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen. § 3. De Koning bepaalt de voorwaarden van kwalificatie, permanente opleiding en begeleiding van de personeelsleden van de cel, alsook van de interveniënten in de dringende geneeskundige hulpverlening. Hij bepaalt eveneens de voorwaarden van kwalificatie, beschikbaarheid, territoriale spreiding, uitrusting en werking waaronder hun integratie in de hulpdiensten wordt toegestaan. § 4. Zonder afbreuk te doen aan de opdrachten van het Agentschap voor de oproepen tot de hulpdiensten, kan de Koning de in de §§ 1 en 2 bedoelde opdrachten uitbreiden, voor zover dit aan een beheersdoelstelling van de dringende geneeskundige hulpverlening of van de medische bewaking beantwoordt. Art. 208.In de wet van 8 juli 1964Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten4 betreffende de dringende geneeskundige hulpverlening wordt in de plaats van artikel 6bis, dat artikel 6ter wordt, een nieuw artikel 6bis ingevoegd, luidende : « Art. 6bis.- De Koning kan andere interveniënten aanwijzen dan degenen bedoeld in artikelen 4, 4bis, 5 en 6. ». Art. 209.De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de wettelijke bepalingen wijzigen en coördineren die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van dit hoofdstuk en met name de wet van 8 juli 1964Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten4 betreffende de dringende geneeskundige hulpverlening, de wet van 31 december 1963 betreffende de civiele bescherming en het koninklijk besluit nr 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Vóór hun bekendmaking in het Belgisch Staatsblad, worden de in uitvoering van het eerste lid genomen besluiten, aan de voorzitters van de Kamer van volksvertegenwoordigers en van de Senaat meegedeeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze treden niet in werking indien deze niet vóór het einde van de twaalfde maand volgend op hun bekendmaking in het Belgisch Staatsblad door de wet bevestigd worden. Art. 210.Dit hoofdstuk treedt in werking op de datum bepaald door de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad en op voorstel van de Ministers van Binnenlandse Zaken en Volksgezondheid, en uiterlijk op 1 januari 2006. HOOFDSTUK VIII. - Veiligheid van de voedselketen Afdeling I. - Wijziging van de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel Art. 211.Artikel 7, eerste lid, laatste zin, van de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel, hersteld bij de wet van 30 december 2001, wordt opgeheven. Afdeling II. - Wijziging van de wet van 21 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten0 betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid Art. 212.Artikel 20bis van de wet van 21 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten0 betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid, ingevoegd bij de wet van 28 maart 2003, wordt vervangen als volgt : « Art 20bis. - Onverminderd artikel 57 van de wet van 21 december 1994Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten7 houdende sociale en diverse bepalingen, en artikel 82 van de wet van 24 december 1976 betreffende de budgettaire voorstellen 1976-1977, kan de Koning bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, retributies en bijdragen opleggen ter financiering van de opdrachten van de administratie of van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen die voortvloeien uit de toepassing van de artikelen 7, 8, 8bis, 9, 10, en 15 van deze wet en van de verordeningen vermeld in de bijlage bij deze wet.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zij kunnen worden opgelegd aan de personen die producten op de markt brengen of ernaar streven om aan de voorwaarden te voldoen om hun producten op de markt te kunnen brengen of ze er te houden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het koninklijk besluit genomen krachtens het eerste lid dat bijdragen oplegt, wordt van rechtswege en met terugwerkende kracht tot op de datum van zijn inwerkingtreding opgeheven wanneer het niet door de wetgever werd bekrachtigd in het jaar volgend op dat van de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de bijdragen en retributies niet verbonden zijn aan de opdrachten van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen, zijn deze bestemd voor het Fonds voor grondstoffen en producten, bedoeld in de subrubriek 31-2 van de tabel gevoegd bij de organieke wet van 27 december 1990 houdende oprichting van begrotingsfondsen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt tevens het bedrag en de regels voor betaling van de in het eerste lid bedoelde retributies en bijdragen. ». Afdeling III. - Wijziging van de wet van 4 februari 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/06/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/08/1997 numac 1997003403 bron ministerie van financien Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop sluiten4 houdende oprichting van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Art. 213.Artikel 4, § 6, van de wet van 4 februari 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/06/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/08/1997 numac 1997003403 bron ministerie van financien Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop sluiten4 houdende oprichting van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen, ingevoegd bij de wet van 13 juli 2001, wordt aangevuld met het volgende lid : « Voor de financiering van de bijkomende opdrachten van het Agentschap en voor zover deze prestaties nog niet worden bezoldigd op grond van wettelijke of reglementaire bepalingen, kan de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad aan personen die worden gecontroleerd retributies opleggen waarvan Hij het bedrag, de termijnen en de modaliteiten van inning bepaalt alsook de gevolgen in geval van niet-betaling of laattijdige betaling. ». Afdeling IV. - Wijziging van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen Art. 214.Artikel 5bis van het koninklijk besluit van 22 februari 2001Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/06/1999 numac 1999009611 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/06/1999 numac 1999009596 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming sluiten2 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen, ingevoegd bij de wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, wordt vervangen als volgt : « Art. 5bis.- De met toepassing van artikel 3, § 1, aangewezen personen kunnen een bewarend beslag uitvoeren, een waarschuwing tot de overtreder richten en een proces-verbaal opstellen in toepassing van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de controle plaatsvindt op een plaats waar de veiligheid van de voedselketen niet wordt aangetast door de gecontroleerde dieren, zijn de in het eerste lid bedoelde maatregelen slechts van toepassing indien de controle betrekking heeft op de vereisten van volksgezondheid, dierengezondheid of plantenbescherming. ». Art. 215.In artikel 7, § 2, eerste lid, van hetzelfde koninklijke besluit, worden de woorden « het minimum » vervangen door de woorden « de helft van het minimum ». HOOFDSTUK IX. - Dier, Plant, Voeding Afdeling I. - Wijziging van de wet van 28 juli 1981Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten8 houdende goedkeuring van de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten (CITES), en van de Bijlagen, opgemaakt te Washington op 3 maart 1973, alsmede van de Wijziging van de Overeenkomst, aangenomen te Bonn op 22 juni 1979 Art. 216.In artikel 7 van de wet van 28 juli 1981Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten8 houdende goedkeuring van de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten (CITES), en van de Bijlagen, opgemaakt te Washington op 3 maart 1973, alsmede van de Wijziging van de Overeenkomst, aangenomen te Bonn op 22 juni 1979, gewijzigd bij de wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, worden tussen het tweede en derde lid de volgende leden ingevoegd : « Wanneer een overtreding van deze wet of van een van zijn uitvoeringsbesluiten is vastgesteld, kunnen de agenten van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu bedoeld in het eerste lid, een waarschuwing richten tot de overtreder waarbij die tot stopzetting van de overtreding wordt aangemaand.</p>\n<p class=\"lf-p\">De waarschuwing wordt, onder de vorm van een afschrift van het proces-verbaal waarin de feiten zijn vastgesteld, binnen de vijftien dagen na de vaststelling van de overtreding aan de overtreder toegezonden.</p>\n<p class=\"lf-p\">De waarschuwing vermeldt : - de ten laste gelegde feiten en de overtreden wetsbepaling of -bepalingen; - de termijn waarin zij dienen te worden stopgezet; - dat, indien aan de waarschuwing geen gevolg wordt gegeven, het proces-verbaal zal worden overgemaakt aan de ambtenaar die belast is met de toepassing van de procedure die is bepaald in artikel 5bis en dat de procureur des Konings zal kunnen worden ingelicht. ». Art. 217.In de Franse tekst van artikel 7, eerste lid, laatste deel, van dezelfde wet, worden de woorden « de santé animale » toegevoegd na de woorden « de santé publique ». Afdeling II. - Wijziging van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren Art. 218.In artikel 3 van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren, gewijzigd bij de wet van 4 mei 1995, worden volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het 4., worden de woorden « toevertrouwde dieren » vervangen door de woorden « toevertrouwde honden en katten »; 2° het 8.wordt vervangen door de volgende bepaling : « 8. verhandelen : in de handel brengen; te koop aanbieden; houden, verwerven, vervoeren, tentoonstellen met het oog op verkoop; ruilen; verkopen; ten kosteloze of bezwarende titel afstaan. »; 3° het 9.wordt vervangen door de volgende bepaling : « 9. dierentuin : elke voor het publiek toegankelijke inrichting waar levende dieren van niet gedomesticeerde soorten worden gehouden om te worden tentoongesteld, met inbegrip van dierenparken, safariparken, dolfinaria, aquaria en gespecialiseerde verzamelingen, evenwel met uitzondering van circussen, rondreizende tentoonstellingen en handelszaken voor dieren of andere inrichtingen aangeduid door de Koning en voor diegene waar de Koning voorwaarden kan vaststellen voor het houden en verzorgen van de dieren. ».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-219\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 219</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 3bis, § 2, 5°, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 4 mei 1995, vervalt het woord « tijdelijk »</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-220\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 220</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 24, 4., tweede lid, van dezelfde wet, worden de woorden « voor een gelijkaardige proef » vervangen door de woorden « in een proef die hevige pijn, angst of daarmee gelijkstaand leed met zich mee brengt »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-221\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 221</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 26, § 1, eerste lid, tweede zin, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 4 mei 1995 wordt vervangen als volgt : « Hij moet beschikken over een universitair diploma waarbij een fundamentele kennis van de medische of biologische wetenschappen wordt gewaarborgd. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-222\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 222</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 42, § 2, eerste lid, van dezelfde wet worden de woorden « al dan niet » ingevoegd tussen de woorden « aan de eigenaar » en de woorden « tegen waarborgsom ». Afdeling III. - Wijziging van de wet van 28 augustus 1991Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten2 op de uitoefening van de diergeneeskunde Art. 223.In artikel 34, § 1, van de wet van 28 augustus 1991Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten2 op de uitoefening van de diergeneeskunde, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de woorden « van de Diergeneeskundige Dienst van het Ministerie van Landbouw of » vervallen;2° de woorden « de Inspectie van de Artsenijbereidkunde van het Ministerie van Volksgezondheid en Leefmilieu » worden vervangen door de woorden « het Directoraat-generaal : Geneesmiddelen van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu ». HOOFDSTUK X. - Hormonen. - Wijziging van de wet van 15 juli 1985Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten5 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, bèta-adrenergische of productiestimulerende werking Art. 224.In artikel 2, 4°, eerste streepje, van de wet van 15 juli 1985Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten5 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, bèta-adrenergische of productiestimulerende werking, vervangen bij de wet van 17 maart 1997Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten, worden de woorden « de individuele toediening door een dierenarts aan een landbouwdier » vervangen door de woorden « de individuele toediening door een dierenarts of onder zijn rechtstreekse verantwoordelijkheid aan een landbouwdier ». Art. 225.In artikel 3 van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 17 maart 1997Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1 worden de woorden « 17 ss oestradiol en zijn esterachtige derivaten » ingevoegd tussen de woorden « stoffen met thyreostatische werking » en de woorden « evenals van niet-geregistreerde diergeneesmiddelen »;2° het artikel 3 wordt aangevuld met een § 5, luidende : « § 5.Het voorschrijven en het toedienen aan landbouwdieren en aquacultuurdieren van stoffen die de opsporing van de substanties vermeld in de §§ 1, 2, 3 en 4 van dit artikel belemmeren, en waarvan de lijst wordt vastgesteld door de Koning, zijn verboden. ».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-226\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 226</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 4 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 11 juli 1994 en 17 maart 1997, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 1 wordt aangevuld met het volgende lid : « In afwijking van de bepalingen van artikel 3, § 1, is het toedienen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik die 17 ss oestradiol of esterachtige derivaten daarvan bevatten voor het opwekken van bronst bij runderen, paarden, schapen of geiten nog toegestaan tot 14 oktober 2006.»; 2° er wordt een § 1bis ingevoegd, luidende : « § 1bis.Zonder afbreuk te doen aan de bepalingen van § 1, wordt het toedienen aan landbouwhuisdieren van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik die 17 ss oestradiol of esterachtige derivaten daarvan bevatten, toegestaan voor de volgende doeleinden : - de behandeling van maceratie of mummificatie van foetussen bij runderen, - de behandeling van pyometra bij runderen. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-227\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 227</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 9bis van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 11 juli 1994 en gewijzigd bij de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 17 maart 1997Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten, wordt een § 4 ingevoegd, luidende : « § 4. Onafhankelijk van de resultaten van de analyse, wordt de bekentenis door de eigenaar van de betrokken dieren, van de toediening aanzien als een bevestigd positief resultaat en zijn de maatregelen voorzien in §§1 tot 3 ambtshalve van toepassing. ». Art. 228.Artikel 225, 1°, en artikel 226 treden in werking op 14 oktober 2004.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">TITEL IX. - Middenstand HOOFDSTUK I. - Zelfstandigen Afdeling I. - Wijziging van het koninklijk besluit nr 38 van 27 juli</h3>\n<p class=\"lf-p\">1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen Art. 229.In artikel 7bis, § 1, eerste lid, van het koninklijk besluit nr 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, ingevoegd bij de programmawet (I) van 24 december 2002 en vervangen bij de programmawet van 8 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/06/2015 numac 2015000253 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998015163 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting sluiten9, worden de woorden « in de loop van een bepaald jaar » vervangen door de woorden « in de loop van een bepaald kwartaal » en worden de woorden « voor datzelfde jaar » vervangen door de woorden « voor datzelfde kwartaal ». Art. 230.Artikel 229 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2003. Afdeling II. - Wijziging van de wet van 30 december 1992Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten8 houdende sociale en diverse bepalingen, wat betreft de invoering van een jaarlijkse bijdrage ten laste van de vennootschappen bestemd voor het sociaal statuut der zelfstandigen Art. 231.Artikel 92 van de wet van 30 december 1992Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten8 houdende sociale en diverse bepalingen, wordt aangevuld met het volgend lid : « In afwijking van het eerste lid dient de bijdrage die betrekking heeft op het jaar 2004 te worden geïnd vanaf 1 oktober 2004 en vereffend ten laatste op 31 december 2004 of uiterlijk de laatste dag van de derde maand volgend op de maand waarin de vennootschap werd opgericht of aan de belasting der niet-inwoners werd onderworpen. ». Afdeling III. - Aanvullende pensioenen voor zelfstandigen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-232\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 232</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 42, 3°, van de programmawet (I) van 24 december 2002, gewijzigd bij de programma</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, wordt vervangen door de volgende bepaling : « 3° zelfstandige : de verzekeringsplichtige zelfstandige die sociale bijdragen verschuldigd is, die minstens gelijk zijn aan de bijdragen, bedoeld in artikel 12, § 1, van het koninklijk besluit nr 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, of de zelfstandige die in artikel 12, § 1bis, van hetzelfde besluit bedoeld is ». Art. 233.In artikel 44, § 2, van dezelfde wet, gewijzigd bij de programma wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het tweede lid wordt als volgt vervangen : « Op de gezamenlijke voordracht van de Minister van Financiën, van de Minister van Middenstand en van de Minister van Pensioenen bepaalt de Koning het minimumbedrag van de bijdrage en de maximumbijdragevoet.»; 2° een vijfde en zesde lid worden toegevoegd, luidend als volgt : « In het geval dat de beroepsinkomsten lager zijn dan twee derden van het bedrag bedoeld in artikel 12, § 1, tweede lid, van het koninklijk besluit nr 38 van 27 juli 1967 en zonder afbreuk te doen van de bepalingen van het tweede lid, kan de zelfstandige en de helper een bijdrage storten die gelijk is aan 8,17 % van hun beroepsinkomsten. De meewerkende echtgenoot kan, onder dezelfde voorwaarden, een bijdrage storten die gelijk is aan 8,17 % van zijn beroepsinkomsten indien zijn referte-inkomen lager is dan twee derden van de helft van het bedrag bedoeld in het vorige lid. ». Art. 234.De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de datum waarop artikel 232 in werking treedt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 233 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2004. Afdeling IV. - Pensioenen zelfstandigen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-235\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 235</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 131bis van de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 15 mei 1984Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten6 houdende maatregelen tot harmonisering in de pensioenregelingen, ingevoegd bij de wet van 22 december 1989Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/08/1997 numac 1997016213 bron ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking sluiten9, gewijzigd bij de wetten van 29 december 1990, 30 december 1992, 30 maart 1994, bij het koninklijk besluit van 13 juli 2001 en bij de wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/1997 numac 1997003624 bron ministerie van financien Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie sluiten0, wordt aangevuld met een § 1quinquies, luidende : « § 1quinquies. De in § 1quater bedoelde bedragen van 9 307,77 EUR en 6 981,78 EUR worden respectievelijk gebracht op : - op 1 september 2004, op 9 673,62 EUR en 7 281,11 EUR; - op 1 december 2005, op 10 039,47 EUR en 7 580,44 EUR; - op 1 december 2006, op 10 405,32 EUR en 7 879,77 EUR; - op 1 december 2007, op 10 771,17 EUR en 8 179,10 EUR. ». HOOFDSTUK II. - Wijziging van de wetten betreffende de organisatie van de Middenstand, gecoördineerd op 28 mei 1979 Art. 236.In het opschrift van hoofdstuk III van de wetten betreffende de organisatie van de Middenstand, gecoördineerd op 28 mei 1979, gewijzigd bij de wetten van 6 juli 1987, 6 april 1995, 10 februari 1998, 27 mei 1999 en 16 januari 2003, worden de woorden « interfederale bureaus » vervangen door de woorden « sectorcommissies ».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-237\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 237</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 9, tweede zin, van dezelfde wetten, wordt opgeheven</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-238\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 238</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In de artikelen 9, 11, 12, 13, § 1, 14, § 1, 18, § 3, 19, tweede lid, 23 en 27 van dezelfde wetten worden de woorden « interfederale bureaus » vervangen door de woorden « sectorcommissies »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-239\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 239</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 10 van dezelfde wetten wordt vervangen als volgt : « Art. 10.- Elke sectorcommissie verkiest uit haar midden een voorzitter en een ondervoorzitter die van rechtswege werkend lid zijn van de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen, hierna de « Hoge Raad » genoemd, evenals een plaatsvervanger voor elk van beiden. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-240\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 240</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In de artikelen 11, 12, 13, §§ 1, 2, 4 en 5, 14, §§ 1 en 2, 15, eerste lid, 16, 17, 18, §§ 1, 2 en 4, 21, 22, 23, 24, 25, §§ 1 en 2, 26, eerste lid, en 27, eerste lid, van dezelfde wetten worden de woorden « Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen » vervangen door de woorden « Hoge Raad »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-241\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 241</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 13, § 2, van dezelfde wetten worden de woorden « tot hetzelfde interfederaal bureau », vervangen door de woorden « tot dezelfde sectorcommissie »</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-242\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 242</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In de hiernavolgende artikelen van dezelfde wetten, worden de volgende woorden geschrapt : - in de artikelen 13, § 1, en 18, § 3, de woorden « en door de Kamers van ambachten en neringen »; - in artikel 13, § 2, de woorden « tot dezelfde Kamer van ambachten en neringen »; - in de artikelen 14, § 1, en 27, de woorden « en de Kamers van ambachten en neringen »; - in artikel 24, de woorden « en van de Kamers van ambachten en neringen »; - in artikel 25, § 2, de woorden « en op de Kamers van ambachten en neringen »; - in artikel 26, eerste lid, de woorden « of een Kamer van ambachten en neringen »; - in artikel 27, eerste lid, de woorden « en de Kamers van Ambachten en Neringen »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-243\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 243</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 14, § 1, tweede lid, van dezelfde wetten wordt vervangen als volgt : « Ten minste 20 pct. van de leden van iedere sectie moeten afgevaardigden zijn van de erkende representatieve federaties van de vrije en de andere zelfstandige intellectuele beroepen. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-244\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 244</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 19, eerste en tweede lid, van dezelfde wetten wordt vervangen als volgt : « De Hoge Raad wordt geleid door een bureau dat, buiten de voorzitter, is samengesteld uit twee ondervoorzitters en zes bijzitters. De leden van het bureau worden verkozen door de voltallige vergadering van de Hoge Raad. In dit bureau zijn voor elk van de beide secties van de Hoge Raad zowel de groep van vrije en andere zelfstandige intellectuele beroepen als de groep van andere beroepen vertegenwoordigd. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-245\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 245</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 21, § 1, tweede lid, van dezelfde wetten wordt in de Nederlandse tekst het woord « secretariaat-generaal » vervangen door het woord « secretaris-generaal »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-246\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 246</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 25, § 1, van dezelfde wetten wordt vervangen als volgt : « § 1. Het bureau van de Hoge Raad stelt jaarlijks een werkingsbegroting op, en legt deze, samen met de aanvraag om toelage, ter goedkeuring voor aan de Minister bevoegd voor de Middenstand, die de nodige kredieten op de begroting van zijn departement uittrekt. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-247\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 247</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 26, eerste lid, van dezelfde wetten worden de woorden « , een interfederaal bureau » vervangen door de woorden « of een sectorcommissie »</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-248\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 248</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 27, eerste lid, van dezelfde wetten wordt na de woorden « Hoge Raad » het woord « en » toegevoegd</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-249\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 249</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 28 van dezelfde wetten worden de woorden « de bureaus » vervangen door de woorden « het bureau »</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-250\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 250</span><span class=\"lf-art-t\">De hoofdstukken VI en VII van dezelfde wetten worden opgeheven</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-251\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 251</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De vigerende bepalingen aangaande de werking van de thans samengestelde Hoge Raad en zijn organen blijven van toepassing tot de hernieuwing van de mandaten conform de bepalingen van dit hoofdstuk. HOOFDSTUK III. - Psychologen Art. 252.In de wet van 8 november 1993Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten9 tot bescherming van de titel van psycholoog, wordt een artikel 20 toegevoegd, luidende : « Art. 20.- De Koning kan de bepalingen van deze wet wijzigen evenals haar uitvoeringsbesluiten met het doel de omzetting in het interne recht te verzekeren van de Richtlijn 89/48/EEG van de Raad van 21 december 1988 betreffende een algemeen stelsel van erkenning van hogeronderwijsdiploma's waarmee beroepsopleidingen van ten minste drie jaar worden afgesloten. ».</p>\n<p class=\"lf-p\">TITEL X. - Werk en Pensioenen HOOFDSTUK I. - Europees Sociaal Fonds Art. 253.Overeenkomstig het artikel 45, § 4, van het koninklijk besluit van 17 juli 1991 houdende coördinatie van de wetten op de Rijkscomptabiliteit, wordt het Belgisch Europees Sociaal Fonds, ingeschreven onder de rubriek 23-4 in de tabel gevoegd bij de organieke wet van 27 december 1990 houdende oprichting van de begrotingsfondsen, gemachtigd te functioneren door middel van een vastleggingsmachtiging. HOOFDSTUK II. - Overdracht van bepaalde financieringsopdrachten van het Tewerkstellingsfonds naar de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening Afdeling I. - Werkgeversbijdragen aan het Tewerkstellingsfonds. - Financiering van het inschakelingsparcours Art. 254.Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder RSZ-Globaal Beheer, de RSZ-Globaal Beheer, bedoeld in artikel 5, 2°, van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/04/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/04/1999 numac 1999012205 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen sluiten0 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bedragen, geïnd met toepassing van de artikelen 5, 12, 12bis en 15 van het koninklijk besluit nr. 181 van 30 december 1982 tot oprichting van een Fonds ter aanwending van de bijkomende loonmatiging voor de tewerkstelling, worden, in afwijking van artikel 15 van voornoemd koninklijk besluit nr. 181 van 30 december 1982, overgemaakt aan de RSZ-Globaal Beheer.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bedragen, geïnd met toepassing van artikel 3, § 2, van het koninklijk besluit nr. 185 van 30 december 1982 houdende de organisatie, voor de kleine en middelgrote ondernemingen, van een specifiek stelsel voor de aanwending van de loonmatiging voor de tewerkstelling, worden, in afwijking van artikel 4, § 5, van voornoemd koninklijk besluit nr. 185 van 30 december 1982, overgemaakt aan de RSZ-Globaal Beheer.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bedragen, geïnd met toepassing van de artikelen 50 en 56 van de herstel wet van 22 januari 1985Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/06/2015 numac 2015000253 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998015163 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting sluiten4 houdende sociale bepalingen, worden, in afwijking van artikel 55 van voornoemde herstel wet van 22 januari 1985Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/08/1993 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/06/2015 numac 2015000253 bron</p></div>", "next": 239305}