{"html": "<div class=\"lf-doc\"><h4 class=\"lf-art\" id=\"a-52\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 52</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde onderafdeling wordt een artikel 58/10 ingevoegd, luidende: \"Art. 58/10.§ 1. Dit artikel is niet van toepassing op de kleine en niet-verweven vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, behalve op diegene die zijn vrijgesteld van het liquiditeitsvereiste conform artikel 43, lid 1, van Verordening (EU) 2019/2033. § 2. De FSMA kan alleen specifieke liquiditeitsvereisten opleggen als zij op basis van de overeenkomstig de artikelen 58/1 en 58/3 uitgevoerde toetsingen en onderzoeken van oordeel is dat een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies is blootgesteld aan een liquiditeitsrisico of aspecten van een liquiditeitsrisico die wezenlijk zijn en niet of onvoldoende worden gedekt door het liquiditeitsvereiste als bepaald in deel vijf van Verordening (EU) 2019/2033. § 3 Voor de toepassing van paragraaf 2 worden een liquiditeitsrisico of aspecten van een liquiditeitsrisico alleen geacht niet of onvoldoende te worden gedekt door het liquiditeitsvereiste als bepaald in deel vijf van Verordening (EU) 2019/2033 indien de bedragen en/of de soorten liquiditeit die nodig zijn om aan dit liquiditeitsvereiste te voldoen, van een lager niveau zijn dan deze die de FSMA toereikend acht, rekening houdend met het in artikel 54 bedoelde prospectieve liquiditeitsbeheer. § 4. De FSMA bepaalt het niveau van de op grond van paragraaf 2 vereiste specifieke liquiditeit als het verschil tussen het liquiditeitsniveau dat de FSMA toereikend acht overeenkomstig paragraaf 3, en het liquiditeitsvereiste dat van toepassing is op grond van deel vijf van Verordening (EU) 2019/2033. § 5.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies moeten voldoen aan het in paragraaf 2 bedoelde specifieke liquiditeitsvereiste met de in artikel 43 van Verordening (EU) 2019/2033 beschreven liquide activa. § 6. De FSMA rechtvaardigt schriftelijk haar beslissing om een specifiek liquiditeitsvereiste op te leggen overeenkomstig paragraaf 2 aan de hand van een duidelijke uiteenzetting van de volledige beoordeling van de in paragrafen 2 tot 4 bedoelde elementen.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-53\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 53</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde onderafdeling wordt een artikel 58/11 ingevoegd, luidende: \"Art. 58/11.De FSMA kan beslissen om een termijn vast te leggen voor de met toepassing van de artikelen 58/4 tot 58/10 opgelegde maatregelen. De toepassing van deze bepalingen doet noch afbreuk aan de toepassing van andere bepalingen van deze wet, met name artikel 63/2, noch aan de toepassing van in andere wetten, besluiten of reglementen vastgelegde maatregelen.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-54\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 54</span><span class=\"lf-art-t\">In titel 3, hoofdstuk 1, afdeling 4, van dezelfde wet wordt een onderafdeling 3 ingevoegd, getiteld \"Groepstoezicht\", die de artikelen 59 tot en met 59/9 bevat</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-55\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 55</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 3, ingevoegd bij artikel 53, wordt artikel 59 van dezelfde wet vervangen als volgt: \"Art. 59.§ 1. Onverminderd artikel 2 van deze wet moet, voor de toepassing van dit artikel en de artikelen 59/1 tot 59/9, en van de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen, worden verstaan onder: 1° \"beleggingsondernemingsgroep\": een beleggingsondernemingsgroep als gedefinieerd in artikel 4, lid 1, punt 25), van Verordening (EU) 2019/2033;2° \"nevendiensten verrichtende onderneming\": een onderneming waarvan de hoofdactiviteit bestaat uit het bezit of het beheer van onroerend goed, het beheer van gegevensverwerkingsdiensten of een andere soortgelijke activiteit die ondergeschikt is aan de hoofdactiviteit van een of meer beleggingsondernemingen;3° \"naleving van het groepskapitaalcriterium\": de naleving, door een moederonderneming in een beleggingsondernemingsgroep, van de vereisten van artikel 8 van Verordening (EU) 2019/2033;4° \"groepstoezichthouder\": een bevoegde autoriteit die verantwoordelijk is voor het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium door EU-moederbeleggingsondernemingen en beleggingsondernemingen die onder zeggenschap staan van EU-moederbeleggingsholdings of gemengde financiële EU-moederholdings;5° \"beleggingsholding\": een beleggingsholding in de zin van artikel 4, lid 1, punt 23), van Verordening (EU) 2019/2033;6° \"gemengde financiële holding\": een gemengde financiële holding in de zin van artikel 2, punt 15, van Richtlijn 2002/87/EG van het Europees Parlement en de Raad;7° \"gemengde holding\": een moederonderneming die geen financiële holding, beleggingsholding, kredietinstelling, beleggingsonderneming of gemengde financiële holding in de zin van Richtlijn 2002/87/EG is en die onder haar dochterondernemingen ten minste één beleggingsonderneming telt;8° \"moederonderneming\": een moederonderneming in de zin van artikel 2, punt 9, en artikel 22 van Richtlijn 2013/34/EU;9° \"EU-moederbeleggingsonderneming\": een EU-moederbeleggingsonderneming in de zin van artikel 4, lid 1, punt 56, van Verordening (EU) 2019/2033;10° \"EU-moederbeleggingsholding\": een EU-moederbeleggingsholding in de zin van artikel 4, lid 1, punt 57, van Verorde-ning (EU) 2019/2033;11° \"gemengde financiële EU-moederholding\": een gemengde financiële EU-moederholding in de zin van artikel 4, lid 1, punt 58, van Verordening (EU) 2019/2033;12° \"groep\": een geheel van ondernemingen dat wordt gevormd door een moederonderneming en haar dochterondernemingen, alsook de ondernemingen waarmee een consortium wordt gevormd, en de ondernemingen die door deze laatste ondernemingen worden gecontroleerd;13° \"geconsolideerde situatie\": de situatie die overeenkomstig artikel 7 van Verordening (EU) 2019/2033 resulteert uit de toepassing van de vereisten van deze verordening op een EU-moederbeleggingsonderneming, een EU-moederbeleggingsholding of een gemengde financiële EU-moederholding alsof die onderneming samen met alle beleg-gingsondernemingen, financiële instellingen, nevendiensten verrichtende ondernemingen en verbonden agenten in de be-leggingsondernemingsgroep één enkele beleggingsonderneming vormde; voor de toepassing van deze definitie zijn de termen \"beleggingsonderneming\", \"financiële instelling\", \"nevendiensten verrichtende onderneming\" en \"verbonden agent\" ook van toepassing op ondernemingen in derde landen die, indien zij in de Unie waren gevestigd, aan de definities van die termen zouden beantwoorden; 14° exclusieve of gezamenlijke controle, controle in de zin van haar definitie in de reglementering op de jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening van de beleggingsondernemingen die met toepassing van artikel 55, derde lid, is uitgevaardigd. § 2</p>\n<p class=\"lf-p\">Groepen van ondernemingen met een kredietinstelling zijn, voor hun toezicht op geconsolideerde basis, onderworpen aan de bepalingen van boek II, titel III, hoofdstuk IV, afdeling II en afdeling IV, van de wet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/2014 numac 2014003195 bron federale overheidsdienst financien Wet houdende diverse bepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2014 numac 2014024209 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 21 december 1998 betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu, de volksgezondheid en de werknemers en tot opheffing van de wet van 14 juli 1994 inzake de oprichting van een comité voor het toekennen van het Europees milieukeurmerk type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2016 numac 2016000006 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België, de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen, de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen, de wet van 16 februari 2009 op het herverzekeringsbedrijf, de wet van 6 april 1995 inzake het statuut van en het toezicht op de beleggingsondernemingen, de wet van 21 december 2009 op het statuut van de betalingsinstellingen en van de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld en de toegang tot betalingssystemen, de wet van 28 april 1999 houdende omzetting van Richtlijn 98/26/EG van 19 mei 1998 betreffende het definitieve karakter van de afwikkeling van betalingen en effectentransacties in betalings- en afwikkelingssystemen en de wet van 15 december 2004 betreffende financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijkezekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten. - Duitse vertaling van uittreksels type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/05/2014 numac 2014003225 bron federale overheidsdienst financien Wet inzake het statuut van en het toezicht op de onafhankelijk financieel planners en inzake het verstrekken van raad over financiële planning door gereglementeerde ondernemingen en tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 numac 2016000377 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake het statuut van en het toezicht op de onafhankelijk financieel planners en inzake het verstrekken van raad over financiële planning door gereglementeerde ondernemingen en tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2014 numac 2014009199 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende diverse bepalingen betreffende Justitie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/06/2014 numac 2014203619 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet houdende diverse bepalingen inzake sociale zekerheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/05/2014 numac 2014003219 bron federale overheidsdienst financien Wet tot aanpassing in de fiscale wetgeving van de benamingen van de administraties van de Federale Overheidsdienst Financiën en houdende verscheidene andere wetswijzigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/2014 numac 2014003196 bron federale overheidsdienst financien Wet tot invoering van mechanismen voor een macropridentieel beleid en tot vaststelling van de specifieke taken van de Nationale Bank van België in het kader van haar opdracht om bij te dragen tot de stabiliteit van de financiële sector sluiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De groepstoezichthouder van een groep van ondernemingen met een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht die geen beursvennootschap omvat, wordt bepaald conform de bepalingen van paragrafen 3 tot 6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als de beleggingsondernemingsgroep ook een beursvennootschap omvat, zijn de artikelen 162 tot 172 van de wet van 20 juli 2022 van toepassing. § 3. In de mate en op de wijze bepaald door artikel 7 van Verordening (EU) 2019/2033 en door deze wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen, zijn de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht die deel uitmaken van een beleggingsondernemingsgroep: 1° die een Belgische EU-moederbeleggings-onderneming zijn, onderworpen aan een toezicht op basis van hun geconsolideerde positie;2° met als moederonderneming een EU-moederbeleggingsonderneming, een EU-moederbeleggingsholding of een gemengde financiële EU-moederholding, onderworpen aan een toezicht op basis van de geconsolideerde positie van de moederbeleggingsonderneming, de moederbeleggingsholding of de gemengde financiële moederholding.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het eerste lid is niet van toepassing wanneer de groepstoezichthouder toestaat dat het in artikel 8 van Verordening (EU) 2019/2033 bepaalde groepskapitaalcriterium wordt toegepast. § 4. Wanneer artikel 7 van Verordening (EU) 2019/233 van toepassing is, moeten vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht die als Belgische EU-moederbeleggingsondernemingen worden beschouwd, de Belgische beleggingsholdings en de Belgische gemengde financiële EU-moederholdings op geconsolideerde basis, in voorkomend geval, voldoen aan de artikelen 25, 25/2 t/m 26, 26/3, 27, 34 t/m 34/2, 37/1, 37/2, 55 en 56/1, inclusief de bepalingen van de Bijlage.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verplichtingen die voor dochterondernemingen uit derde landen voortvloeien uit de in het eerste lid genoemde artikelen, zijn niet van toepassing indien de in het eerste lid bedoelde vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, beleggingsholdings of gemengde financiële holdings aan de FSMA kunnen aantonen dat de toepassing ervan onrechtmatig is volgens de wetten van dat land. § 5. Onverminderd paragraaf 2 wordt het toezicht op geconsolideerde basis of het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium op een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht die deel uit-maakt van een beleggingsondernemingsgroep, als volgt uitgeoefend: 1° indien zij een Belgische EU-moederbeleggings-onderneming is, door de FSMA;2° indien haar moederonderneming een EU-moederbeleggingsonderneming is, door de bevoegde autoriteit van de EU-moederbeleggingsonderneming;3° indien haar moederonderneming een EU-moederbeleggingsholding of een gemengde financiële EU-moederholding is, die geen andere dochterbeleggingsondernemingen heeft in de EER, door de FSMA;4° indien haar moederonderneming een EU-moederbeleggingsholding of een gemengde financiële EU-moederholding is, die verschillende dochterbeleggingsondernemingen in de EER heeft, waarvan er minstens één vergund is in de lidstaat waarin deze moederholding gevestigd is, door de bevoegde autoriteit van die lidstaat;5° indien haar moederonderneming een Belgische EU-moederbeleggingsholding of een Belgische gemengde financiële EU-moederholding is, die verschillende dochterbeleggingsondernemingen in de EER heeft, door de FSMA;6° indien haar moederonderneming een EU-moederbeleggingsholding of een gemengde financiële EU-moederholding is, die verschillende dochterbeleggingsondernemingen in de EER heeft, waarvan er geen enkele is vergund in de lidstaat waar deze moederholding gevestigd is, door de bevoegde autoriteit van de beleggingsonderneming met het hoogste balanstotaal;7° indien meerdere beleggingsholdings of gemengde financiële holdings, gevestigd in diverse lidstaten, moederonderneming zijn van beleggingsondernemingen die vergund zijn in verschillende lidstaten, waaronder een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht, en zich in elk van deze lidstaten een beleggingsonderneming bevindt, door de bevoegde autoriteit van de beleggingsonderneming met het hoogste balanstotaal. § 6.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA en de betrokken bevoegde autoriteiten kunnen onderling overeenkomen om af te wijken van de in paragraaf 5, 4° tot 7°, vermelde criteria, en om een andere bevoegde autoriteit aan te stellen om het toezicht op geconsolideerde basis of het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium uit te oefenen, indien de toepassing van die criteria niet passend zou zijn om de efficiënte uitoefening van het toezicht op geconsolideerde basis of het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium te garanderen, gelet op de betrokken beleggingsondernemingen en het relatieve belang van hun activiteiten in de verschillende lidstaten.</p>\n<p class=\"lf-p\">In die gevallen geven de FSMA en de betrokken bevoegde autoriteiten, vóór zij een dergelijke beslissing nemen, de EU-moederbeleggingsholding, de gemengde financiële EU-moederholding of de beleggingsonderneming met het hoogste balanstotaal, naargelang het geval, de mogelijkheid om hun mening over die geplande beslissing te geven.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA brengt de Europese Commissie en de Europese Bankautoriteit op de hoogte van elke beslissing die met toepassing van deze paragraaf wordt genomen. § 7. De beleggingsholdings en de gemengde financiële holdings worden opgenomen in het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium. § 8. Het toezicht op geconsolideerde basis en het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium hebben niet tot gevolg dat de FSMA individueel toezicht uitoefent op een beleggingsholding, op een gemengde financiële holding en op elke andere in de consolidatie opgenomen onderneming.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onverminderd het in het eerste lid vermelde beginsel en wanneer het toezicht op geconsolideerde basis of het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium door de FSMA wordt uitgeoefend, zijn de leden van het bestuursorgaan en de personen belast met de effectieve leiding, in voorkomend geval de leden van het directiecomité, van de beleggingsholdings en de gemengde financiële holdings naar Belgisch recht onderworpen aan de vereisten van artikel 23, § 1, tweede en derde lid, van deze wet, rekening houdend met de specifieke rol van een beleggingsholding of een gemengde financiële holding.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het toezicht op geconsolideerde basis en het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium doen geen afbreuk aan het individuele toezicht op de in de consolidatie opgenomen vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies. Er kan echter rekening worden gehouden met de implicaties van het toezicht op geconsolideerde basis of het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium bij de bepaling van de inhoud en de modaliteiten van het individueel toezicht op de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies of van het toezicht op gesubconsolideerde basis op een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die een dochteronderneming is van een andere vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies. § 9. Een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht die een consortium vormt met een of meer andere ondernemingen, valt onder een toezicht op geconsolideerde basis dat geldt voor alle ondernemingen van het consortium en hun dochterondernemingen. De bepalingen die gelden voor de vennootschappen voor vermogens-beheer en beleggingsadvies als bedoeld in artikel 59, § 3, eerste lid, 2°, zijn van toepassing. § 10. De FSMA kan, bij reglement vastgesteld met toepassing van artikel 64 van de wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/09/2002 numac 2002003391 bron ministerie van financien Wet tot aanvulling, inzake de verhaalmiddelen tegen de beslissingen van de minister, de CBF, de CDV en de marktondernemingen, alsook inzake de tussenkomst van de CBF en van de CDV voor de strafgerechten, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten en tot wijziging van verschillende andere wetsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten, de praktische modaliteiten van het toezicht op geconsolideerde basis en van het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium, zoals opgenomen in dit artikel, nader bepalen. § 11. Met het oog op een zo efficiënt mogelijk toezicht op geconsolideerde basis en toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium, kan de FSMA individuele afwijkingen toestaan op de bepalingen van dit artikel en, in voorkomend geval, op de met toepassing van vorig lid genomen reglementen, voor zover deze in lijn blijven met de ter zake relevante bepalingen van Richtlijn (EU) 2019/2034. In dat geval stelt zij de Europese Commissie en, wat het toezicht op geconsolideerde basis betreft, ook de Europese Bankautoriteit daarvan in kennis.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-56\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 56</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 3, ingevoegd bij artikel 53, wordt een artikel 59/1 ingevoegd, luidende: \"Art. 59/1.§ 1. Indien de FSMA tot groepstoezichthouder wordt aangesteld conform artikel 59/5, § 5, richt zij een college van toezichthouders op om de uitoefening van de in dit artikel bedoelde taken te faciliteren en te zorgen voor coördinatie en samenwerking met de relevante toezichthoudende autoriteiten van de betrokken derde landen, in het bijzonder indien dit voor de toepassing van artikel 23, lid 1, alinea 1, onder c), en lid 2, van Verordening (EU) 2019/2033 nodig is om met de toezichthoudende autoriteiten van de gekwalificeerde centrale tegenpartijen (GCTP's) relevante informatie over het margemodel uit te wisselen en deze bij te werken. § 2 Het college van toezichthouders biedt een kader waarbinnen de FSMA, als groepstoezichthouder, de Europese Bankautoriteit en de andere bevoegde autoriteiten de volgende taken verrichten: a) de in artikel 59/2 bedoelde taken;b) de coördinatie van verzoeken om informatie indien dit nodig is voor het faciliteren van het toezicht op geconsolideerde basis, overeenkomstig artikel 7 van Verordening (EU) 2019/2033;c) de coördinatie van verzoeken om informatie in gevallen waarin verscheidene bevoegde autoriteiten van beleggingsondernemingen die tot dezelfde groep behoren, hetzij van de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst van een clearinglid, hetzij van de bevoegde autoriteit van de gekwalificeerde centrale tegenpartij (GCTP) informatie moeten vragen over het margemodel en de parameters die worden gebruikt voor de berekening van het margevereiste van de betrokken beleggingsondernemingen;d) de uitwisseling van informatie tussen alle bevoegde autoriteiten en met de Europese Bankautoriteit overeenkomstig artikel 21 van Verordening (EU) nr.1093/2010 en met de Europese Autoriteit voor Effecten en Markten (ESMA) overeenkomstig artikel 21 van Verordening (EU) nr. 1095/2010; e) een akkoord bereiken over de vrijwillige delegatie van taken en verantwoordelijkheden tussen bevoegde autoriteiten, indien van toepassing;f) de efficiëntie van het toezicht vergroten door te voorkomen dat onnodig tweemaal aan hetzelfde toezichtsvereiste moet worden voldaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">In voorkomend geval, mag een college van toezichthouders eveneens worden opgericht wanneer de dochterondernemingen van een beleggingsondernemingsgroep onder leiding van een EU-beleggingsonderneming, een EU-beleggingsmoederholding of een gemengde financiële EU-moederholding in een derde land zijn gevestigd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Europese Bankautoriteit neemt overeenkomstig artikel 21 van Verordening (EU) nr. 1093/2010 deel aan de vergaderingen van de colleges van toezichthouders. § 3. De volgende autoriteiten zijn leden van het college van toezichthouders: a) de FSMA;b) de bevoegde autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor het toezicht op dochterondernemingen van een beleggingsondernemingsgroep onder leiding van een EU-beleggingsonderneming, een EU-moederbeleggingsholding of een gemengde financiële EU-moederholding;c) in voorkomend geval, de toezichthoudende autoriteiten van derde landen, met inachtneming van vertrouwelijkheidsvereisten die, volgens alle bevoegde autoriteiten, gelijkwaardig zijn aan de vereisten van titel IV, hoofdstuk 1, afdeling 2, van Richtlijn (EU) 2019/2034. § 4. Als de FSMA, conform artikel 59, § 5, tot groepstoezichthouder wordt aangesteld, zit zij de vergaderingen van het college van toezichthouders voor en stelt zij besluiten vast. De FSMA informeert alle leden van het college van toezichthouders vooraf volledig over de organisatie van deze vergaderingen, de voornaamste agendapunten en de te onderzoeken activiteiten. De FSMA informeert alle leden van het college van toezichthouders ook tijdig en volledig over de tijdens die verga-deringen genomen beslissingen en over de uitgevoerde maatregelen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij het nemen van beslissingen houdt de FSMA rekening met de relevantie van de door de in paragraaf 3 bedoelde autoriteiten te plannen of te coördineren toezichtsactiviteit.</p>\n<p class=\"lf-p\">De oprichting en de werking van de colleges van toezichthouders worden schriftelijk vastgelegd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij een meningsverschil over een door de groepstoezichthouder genomen beslissing over de werking van colleges van toezichthouders mag iedere betrokken bevoegde autoriteit de zaak naar de Europese Bankautoriteit verwijzen en de Euro-pese Bankautoriteit om bijstand verzoeken overeenkomstig artikel 19 van Verordening (EU) nr. 1093/2010.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-57\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 57</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 3, ingevoegd bij artikel 53, wordt een artikel 59/2 ingevoegd, luidende: \"Art. 59/2.Indien zich een noodsituatie voordoet, met inbegrip van een situatie als omschreven in artikel 18 van Verordening (EU) nr. 1093/2010 of een situatie van ongunstige ontwikkelingen op de markten, die de liquiditeit van de markt en de stabiliteit van het financiële stelsel mogelijk in gevaar brengen in lidstaten waar entiteiten van een beleggingsondernemingsgroep een vergunning hebben gekregen, brengt de FSMA, als ze overeenkomstig artikel 59, § 5 als groepstoezichthouder wordt aangewezen, de Europese Bankautoriteit, het Europees Comité voor Systeemrisico's en andere relevante bevoegde autoriteiten daarvan zo spoedig mogelijk op de hoogte en deelt hij alle informatie mee die noodzakelijk is om hun taken uit te oefenen.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-58\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 58</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 3, ingevoegd bij artikel 53, wordt een artikel 59/3 ingevoegd, luidende: \"Art. 59/3.In haar hoedanigheid van bevoegde autoriteit die verantwoordelijk is voor het toezicht op dochterondernemingen naar Belgisch recht van een beleggingsondernemingsgroep onder leiding van een EU-moederbeleggingsonderneming, een EU-moederbeleggingsholding of een gemengde financiële EU-moederholding, neemt de FSMA deel aan de colleges van toezichthoudende autoriteiten die opgericht zijn door de groepstoezichthouder In geval van een verschil van mening tussen de FSMA, in haar hoedanigheid bedoeld in het eerste lid, over een door de groepstoezichthouder genomen besluit over de werking van de colleges van toezichthouders, mag zij de zaak aan de Europese Bankautoriteit voorleggen en haar om bijstand verzoeken overeenkomstig artikel 19 van Verordening nr. 1093/2010.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-59\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 59</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 3, ingevoegd door artikel 53, wordt een artikel 59/4 ingevoegd, luidende: \"Art. 59/4.§ 1. De FSMA verstrekt de bevoegde autoriteiten als bedoeld in artikel 59/1, § 3, en, in voorkomend geval, de groepstoezichthouder, alle nodige relevante informatie, waaronder: a) de identificatie van de juridische en bestuursstructuur van de beleggingsondernemingsgroep, met inbegrip van haar organisatiestructuur, die alle gereguleerde en niet-gereguleerde entiteiten, niet-gereguleerde dochterondernemingen en de moederondernemingen omvat, en van de bevoegde autoriteiten van de gereguleerde entiteiten in de beleggingsondernemingsgroep;b) de procedures voor het vergaren van informatie bij de beleggingsondernemingen in een beleggingsondernemingsgroep en de procedures voor de verificatie van die informatie;c) ongunstige ontwikkelingen in beleggingsondernemingen of in andere entiteiten van een beleggingsondernemingsgroep die ernstige nadelige gevolgen voor deze beleggingsondernemingen zouden kunnen hebben;d) belangrijke sancties en buitengewone maatregelen die de bevoegde autoriteiten hebben genomen overeenkomstig de nationale bepalingen tot omzetting van Richtlijn `(EU) 2019/2034;e) het feit dat een specifiek eigenvermogensvereiste uit hoofde van artikel 39 van Richtlijn (EU) 2019/2034 wordt opgelegd. § 2 De bevoegde autoriteiten en de groepstoezichthouder kunnen overeenkomstig artikel 19, lid 1 van Verordening (EU) nr. 1093/2010, een zaak aan Europese Bankautoriteit voorleggen indien relevante informatie niet zonder onnodige vertraging is meegedeeld overeenkomstig lid 1 of een verzoek om samenwerking, met name om relevante informatie uit te wisselen, is afgewezen of niet binnen een redelijke termijn is beantwoord. § 3. De FSMA raadpleegt de bevoegde autoriteiten als bedoeld in artikel 59/1, § 3 en, in voorkomend geval, de groepstoezichthouder, alvorens een besluit te nemen dat van belang kan zijn voor de toezichtstaken van die andere bevoegde autoriteiten, over het volgende: a) veranderingen in de aandeelhouders-, de organisatie- of de bestuursstructuur van de beleggingsondernemingen in een beleggingsondernemingsgroep die goedkeuring of machtiging door de bevoegde autoriteiten vereisen;b) significante sancties en uitzonderlijke maatregelen die opgelegd zijn aan de beleggingsondernemingen in de beleg-gingsondernemingsgroep;c) specifieke eigenvermogensvereisten die zijn opgelegd met toepassing van de omzetting van artikel 39 van (EU) Richtlijn 2019/2034 in nationaal recht. § 4.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA moet, in haar hoedanigheid van bevoegde autoriteit die verantwoordelijk is voor het toezicht op dochterondernemingen naar Belgisch recht van een beleggingsondernemingsgroep onder leiding van een EU-moederbeleggingsonderneming, een EU-moederbeleggingsholding of een gemengde financiële EU-moederholding, steeds de groepstoezichthouder raadplegen als zij overweegt om een beslissing te nemen als bedoeld in paragraaf 3, punt b). § 5. In afwijking van paragraaf 3, is de FSMA niet verplicht om de andere bevoegde autoriteiten te raadplegen in noodsituaties of als een dergelijke raadpleging ertoe kan leiden dat haar besluit zijn doel mist; in dergelijk geval brengt zij de andere bevoegde autoriteiten onverwijld op de hoogte van haar besluit om geen overleg te plegen.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-60\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 60</span><span class=\"lf-art-t\">In onderafdeling 3, ingevoegd bij artikel 53, wordt een artikel 59/5 ingevoegd, luidende</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 59</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">/5.§ 1. Voor het toezicht op geconsolideerde basis leggen de betrokken vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies periodiek aan de FSMA een geconsolideerde financiële staat voor. De FSMA bepaalt, na raadpleging van de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies via hun representatieve beroepsverenigingen, vol-gens welke regels deze staat moet worden opgemaakt en inzonderheid volgens welke regels de consolidatiekring wordt bepaald, consolidatie moet worden toegepast en hoe vaak deze staten moeten worden voorgelegd Wanneer zij dit voor het prudentiële toezicht noodzakelijk acht, kan de FSMA eisen dat de vennootschappen die geen dochteronderneming zijn maar waarin de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies deelneemt of waarmee zij een andere kapitaalbinding heeft, in de consolidatie worden opgenomen. § 2. De FSMA kan voorschrijven of eisen dat de betrokken vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, de betrokken beleggingsholdings, gemengde financiële holdings, gemengde holdings, hun dochterondernemingen en alle andere geconsolideerde of in het groepskapitaalcriterium opgenomen ondernemingen, alsook alle personen die behoren tot deze entiteiten, haar alle inlichtingen verstrekken die nuttig zijn voor haar toezicht op geconsolideerde basis of voor haar toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor dit toezicht kan de FSMA, ter plaatse, in alle geconsolideerde of in het groepskapitaalcriterium opgenomen ondernemingen, de inlichtingen toetsen die zij heeft ontvangen in het kader van het toezicht op geconsolideerde basis of van het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium, of, op kosten van de betrokken vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, erkende revisoren of, in voorkomend geval, door haar daartoe erkende buitenlandse deskundigen hiermee gelasten. § 3. Ondernemingen die uitsluitend of samen met andere ondernemingen de controle hebben over een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, en de dochterondernemingen van deze ondernemingen moeten, indien die ondernemingen en hun dochterondernemingen niet vallen binnen het toepassingsgebied van de bepalingen betreffende het toezicht op geconsolideerde basis of het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium, of binnen het toepassingsgebied van artikel 60 betreffende het aanvullend groepstoezicht, de FSMA en de bevoegde buitenlandse overheden alle gegevens en inlichtingen verstrekken die nuttig zijn voor het toezicht op de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies waarover deze ondernemingen de controle hebben. § 4.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA kan eisen dat de inlichtingen bedoeld in paragraaf 2 omtrent ondernemingen die ressorteren onder het recht van een andere lidstaat dan België haar worden meegedeeld door de onder Belgisch recht ressorterende vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, beleggingsholding of gemengde financiële holding.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-61\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 61</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 3, ingevoegd door artikel 53, wordt een artikel 59/6 ingevoegd, luidende: \"Art. 59/6.§ 1. Indien een gemengde holding een of meer dochterondernemingen heeft die vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht zijn, kan de FSMA de gegevens en inlichtingen opvragen die zij dienstig acht voor haar toezicht op deze vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, hetzij rechtstreeks bij de gemengde holding, hetzij via de genoemde dochterondernemingen. In dit laatste geval blijft de gemengde holding samen met de rapporterende vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies verantwoordelijk voor de juistheid en stipte mededeling van de verstrekte informatie Indien de in het eerste lid bedoelde gemengde holding een onderneming naar Belgisch recht is, beschikt deze over een passende administratieve en boekhoudkundige organisatie en interne controle, teneinde de juistheid en conformiteit met de geldende regels te waarborgen van de te verstrekken gegevens en inlichtingen. § 2. De FSMA kan de met toepassing van paragraaf 1 verstrekte gegevens en inlichtingen ter plaatse controleren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de gemengde holding of een van haar dochterondernemingen in een andere lidstaat is gevestigd dan België, wordt de informatie ter plaatse gecontroleerd in overeenstemming met de procedure die vervat is in artikel 59/7, § 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de gemengde holding of een van haar dochterondernemingen gevestigd is buiten de Europese Economische Ruimte, worden de modaliteiten voor de uitvoering van het bepaalde bij paragraaf 2 vastgelegd in overeenkomsten tussen de FSMA en de betrokken buitenlandse toezichthoudende autoriteiten, in voorkomend geval overeenkomstig artikel 77, § 2 van de wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/09/2002 numac 2002003391 bron ministerie van financien Wet tot aanvulling, inzake de verhaalmiddelen tegen de beslissingen van de minister, de CBF, de CDV en de marktondernemingen, alsook inzake de tussenkomst van de CBF en van de CDV voor de strafgerechten, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten en tot wijziging van verschillende andere wetsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten. § 3. De FSMA kan de met toepassing van paragraaf 1 verstrekte gegevens en inlichtingen laten controleren op hun juistheid en volledigheid: 1° wanneer de rapporterende onderneming een vennootschap naar Belgisch recht is, door de commissaris belast met de controle van de jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening van deze onderneming conform het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen;2° wanneer de rapporterende onderneming buiten België gevestigd is, door de commissaris die conform het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen belast is met de controle van de jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht die een dochteronderneming van de gemengde holding is. § 4. De in paragraaf 2 bedoelde vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies beschikken over passende risicobeheerprocessen en internecontrolemechanismen, met inbegrip van gedegen rapporterings- en boekhoudkundige systemen, met het oog op een passende herkenning, meting, bewaking en controle van transacties met hun gemengde moederholding en haar dochterondernemingen. Deze transacties worden door de FSMA gecontroleerd.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-62\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 62</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 3, ingevoegd door artikel 53, wordt een artikel 59/7 ingevoegd, luidende: \"Art. 59/7.§ 1. De FSMA kan de naleving van de verplichtingen bepaald bij deze onderafdeling, en de juistheid en volledigheid van de verstrekte gegevens en inlichtingen ter plaatse nagaan bij de in artikel 59/5, § 2 bedoelde ondernemingen, de gemengde holdings en hun dochterondernemingen en de ondernemingen die nevendiensten verrichten Zij kan, op kosten van deze ondernemingen, commissarissen of door haar daartoe erkende buitenlandse deskundigen hiermee belasten. § 2. Wanneer de in paragraaf 1 bedoelde ondernemingen ressorteren onder het recht van een andere lidstaat, verzoekt de FSMA de bevoegde autoriteit van die lidstaat om deze controle uit te voeren. De FSMA verricht deze controle zelf als zij daarvoor de toestemming krijgt van de bevoegde autoriteit van die lidstaat. Wanneer deze laatste de controle zelf wenst te verrichten, of een erkend revisor of een deskundige daartoe aanstelt, kan de FSMA niettemin aan de controle deelnemen indien zij dat wenst. § 3. Als de FSMA zelf een dergelijk verzoek ontvangt: a) verricht ze de gevraagde controle zelf;b) staat ze de bevoegde autoriteiten die het verzoek hebben ingediend toe de controle te verrichten;of c) verzoekt zij een revisor of een deskundige om de controle op onpartijdige wijze te verrichten en de resultaten terstond te rapporteren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de toepassing van de punten a) en c) is het de verzoekende bevoegde autoriteiten toegestaan deel te nemen aan de controle. § 4. Wanneer de in paragraaf 1 bedoelde ondernemingen ressorteren onder het recht van een derde land, worden de modaliteiten van de controle ter plaatse geregeld in samenwerkingsovereenkomsten die de FSMA met de betrokken buitenlandse autoriteiten heeft gesloten of die de Europese Commissie met de betrokken buitenlandse autoriteiten heeft gesloten, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 56 van Richtlijn (EU) 2019/2034.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-63\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 63</span><span class=\"lf-art-t\">In onderafdeling 3, ingevoegd door artikel 53, wordt een artikel 59/8 ingevoegd, luidende</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 59</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">/8.§ 1. Wanneer een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht behoort tot een beleggingsondernemingsgroep uit een derde land, die meerdere EER-dochterondernemingen heeft, waarvan er minstens twee vergund zijn als beleggingsonderneming, moet de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies aan één van de volgende voorwaarden voldoen: 1° de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies is in handen van een intermediaire EER-moederonderneming;2° de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies behoort tot een beleggingsondernemingsgroep uit een derde land waarvan de totale waarde van de activa in de EER minder bedraagt dan 40 miljard euro. § 2 Voor de toepassing van dit artikel is de totale waarde van de activa in de EER van een beleggingsondernemingsgroep uit een derde land de som van het volgende: 1° de totale waarde van de activa van elke beleggingsonderneming in de EER die deel uitmaakt van de groep uit een derde land, zoals die blijkt uit haar geconsolideerde balans of, bij ontstentenis daarvan, zoals die blijkt uit haar afzonderlijke balansen;en 2° de totale waarde van de activa van elk bijkantoor van de groep uit een derde land waaraan in een lidstaat een vergunning is verleend in overeenstemming met Verordening nr.600/2014 of Richtlijn 2014/65/EU. § 3. Vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies als bedoeld in paragraaf 1, 1° moeten in handen zijn van een intermediaire EER-moederonderneming die alle dochterondernemingen in de EER van de beleggingsondernemingsgroep uit een derde land bezit die als beleggingsonderneming vergund zijn. § 4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onverminderd artikel 218/1 van de wet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/2014 numac 2014003195 bron federale overheidsdienst financien Wet houdende diverse bepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2014 numac 2014024209 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 21 december 1998 betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu, de volksgezondheid en de werknemers en tot opheffing van de wet van 14 juli 1994 inzake de oprichting van een comité voor het toekennen van het Europees milieukeurmerk type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2016 numac 2016000006 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België, de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen, de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen, de wet van 16 februari 2009 op het herverzekeringsbedrijf, de wet van 6 april 1995 inzake het statuut van en het toezicht op de beleggingsondernemingen, de wet van 21 december 2009 op het statuut van de betalingsinstellingen en van de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld en de toegang tot betalingssystemen, de wet van 28 april 1999 houdende omzetting van Richtlijn 98/26/EG van 19 mei 1998 betreffende het definitieve karakter van de afwikkeling van betalingen en effectentransacties in betalings- en afwikkelingssystemen en de wet van 15 december 2004 betreffende financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijkezekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten. - Duitse vertaling van uittreksels type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/05/2014 numac 2014003225 bron federale overheidsdienst financien Wet inzake het statuut van en het toezicht op de onafhankelijk financieel planners en inzake het verstrekken van raad over financiële planning door gereglementeerde ondernemingen en tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 numac 2016000377 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake het statuut van en het toezicht op de onafhankelijk financieel planners en inzake het verstrekken van raad over financiële planning door gereglementeerde ondernemingen en tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2014 numac 2014009199 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende diverse bepalingen betreffende Justitie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/06/2014 numac 2014203619 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet houdende diverse bepalingen inzake sociale zekerheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/05/2014 numac 2014003219 bron federale overheidsdienst financien Wet tot aanpassing in de fiscale wetgeving van de benamingen van de administraties van de Federale Overheidsdienst Financiën en houdende verscheidene andere wetswijzigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/2014 numac 2014003196 bron federale overheidsdienst financien Wet tot invoering van mechanismen voor een macropridentieel beleid en tot vaststelling van de specifieke taken van de Nationale Bank van België in het kader van haar opdracht om bij te dragen tot de stabiliteit van de financiële sector sluiten dient de in paragraaf 1, 1° bedoelde intermediaire EER-moederonderneming een beleggingsonderneming te zijn die overeenkomstig artikel 6 of overeenkomstig de wetgeving van een andere lidstaat een vergunning heeft verkregen en die onderworpen is aan Richtlijn 2014/59/EU. § 5. Vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht met als moederonderneming een moederbeleggingsonderneming, beleggingsholding of gemengde financiële holding die onder een derde land ressorteert met als dochteronderneming minstens een andere beleggingsonderneming die onder het recht van een lidstaat ressorteert, die niet reeds onderworpen zijn aan of opgenomen zijn in de reikwijdte van het toezicht op geconsolideerde basis of van het toezicht op de naleving van het groepskapitaalcriterium, overeenkomstig deze onderafdeling, uitgeoefend door de FSMA of een andere bevoegde autoriteit, worden, onverminderd de paragrafen 1 tot 4, aan een beoordeling onderworpen volgens de bepalingen van paragrafen 6 en 7. § 6.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA beoordeelt of de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies onderworpen is aan toezicht door de toezichthoudende autoriteit van het derde land dat gelijkwaardig is aan het toezicht uit hoofde van deze wet en deel één van Verordening (EU) 2019/2033. § 7. Indien uit de in paragraaf 6 bedoelde beoordeling blijkt dat er geen gelijkwaardig toezicht wordt uitgeoefend, kan de FSMA passende toezichtsmethoden hanteren die de doelstellingen voor toezicht overeenkomstig artikel 7 of 8 van Verordening (EU) 2019/2033 verwezenlijken. Deze toezichtstechnieken worden vastgesteld door de FSMA die de groepstoezichthouder zou zijn indien de moederonderneming in de Europese Unie was gevestigd, na overleg met de andere betrokken bevoegde autoriteiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Iedere krachtens dit lid genomen maatregel wordt aan de andere betrokken bevoegde autoriteiten, aan Europese Bankautoriteit en aan de Europese Commissie meegedeeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA die de groepstoezichthouder zou zijn indien de moederonderneming in de Europese Unie was gevestigd, kan met name eisen dat in de Europese Unie een beleggingsholding of een gemengde financiële holding wordt opgericht, en artikel 7 of 8 van Verordening (EU) 2019/2033 toepassen op die beleggingsholding of gemengde financiële holding.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-64\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 64</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 3, ingevoegd door artikel 53, wordt een artikel 59/9 ingevoegd, luidende: \"Art. 59/9.Aan beleggingsholdings, gemengde financiële holdings en gemengde holdings, of hun feitelijke bestuurders, die inbreuk maken op deze onderafdeling, kunnen de sancties of maatregelen van artikel 64 tot 69 worden opgelegd.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-65\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 65</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In titel 3, hoofdstuk 1, afdeling 4 van dezelfde wet wordt een onderafdeling 4 ingevoegd die de artikelen 61 en 62 bevat, luidende: \"Onderafdeling 4. Revisoraal toezicht\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-66\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 66</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In titel 3, hoofdstuk 1, afdeling 4 van dezelfde wet, wordt een onderafdeling 5 ingevoegd, die de artikelen 62/1 tot 62/4 bevat, luidende: \"Onderafdeling 5. Toezicht op werkzaamheden uitgeoefend in een andere lidstaat\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-67\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 67</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 5, ingevoegd door artikel 65, wordt een artikel 62/1 ingevoegd, luidende: \"Art. 62/1.§ 1. Onverminderd de bevoegdheden waarover de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van ontvangst beschikken op grond van de wetgeving tot omzetting van Richtlijn 2019/2034 in die lidstaat, omvat ook het toezicht dat wordt uitgeoefend door de FSMA overeenkomstig onderafdeling I, de werkzaamheden die de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies uitoefenen via de vestiging van bijkantoren of het vrij verrichten van diensten in andere lidstaten Het toezicht bedoeld in het eerste lid doet geen afbreuk aan het toezicht op geconsolideerde basis. § 2. De FSMA neemt bij de uitoefening van haar taak naar behoren de gevolgen in overweging die haar beslissingen, met name in noodsituaties, kunnen hebben voor de stabiliteit van het financiële stelsel van alle andere betrokken lidstaten, uitgaande van de op het betrokken tijdstip beschikbare informatie.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-68\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 68</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde onderafdeling wordt een artikel 62/2 ingevoegd, luidende: \"Art. 62/2.Wanneer de toezichthouders van beleggingsondernemingen in een andere lidstaat waar een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht een bijkantoor heeft gevestigd of beleggingsdiensten dan wel nevendiensten verricht als bedoeld in artikel 2 in het kader van het vrij verrichten van diensten, de FSMA in kennis stellen van inbreuken op de wettelijke, reglementaire of administratieve bepalingen die in die lidstaat van toepassing zijn onder toezicht van die toezichthouders conform Richtlijn 2014/65/EU, neemt de FSMA zo spoedig mogelijk de vereiste maatregelen als bedoeld in artikel 64, § 1. De FSMA stelt de voornoemde toezichthouders hiervan in kennis Artikel 64, § 2 is van toepassing.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-69\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 69</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde onderafdeling wordt een artikel 62/3 ingevoegd, luidende: \"Art. 62/3.§ 1. Teneinde toezicht te houden op de werkzaamheden die vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies in andere lidstaten uitoefenen via een bijkantoor, werkt de FSMA nauw samen met de bevoegde autoriteit van de lidstaat van ontvangst De FSMA verstrekt de bevoegde autoriteit van de lidstaat van ontvangst: 1° alle gegevens betreffende het bestuur en de aandeelhouderskring van de betrokken vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die het toezicht op deze vennootschappen en het onderzoek van hun vergunningsvoorwaarden kunnen vergemakkelijken;2° alle gegevens die de monitoring van deze vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies kunnen vergemakkelijken, met name op het gebied van liquiditeit, solvabiliteit, administratieve en boekhoudkundige organisatie en internecontrolemechanismen, alsook beperking van concentratierisico's of, in voorkomend geval, beperking van grote risico's;en 3° alle gegevens betreffende eventuele andere factoren die van invloed kunnen zijn op het risico, in voorkomend geval het systeemrisico, dat deze vennootschappen vormen. § 2. De FSMA verstrekt aan de bevoegde autoriteit van de lidstaat van ontvangst onmiddellijk alle inlichtingen en bevindingen over mogelijke problemen en risico's die een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies kan inhouden met betrekking tot de bescherming van de cliënten of de stabiliteit van het financiële stelsel in de betrokken lidstaat van ontvangst. § 3. De FSMA geeft gevolg aan informatie waarvan zij door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van ontvangst in kennis is gesteld, door alle maatregelen te nemen die nodig zijn om mogelijke problemen en risico's als bedoeld in paragraaf 2 te voorkomen of te verhelpen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op verzoek van de bevoegde autoriteit van de lidstaat van ontvangst deelt de FSMA mee en legt zij in detail uit hoe zij rekening heeft gehouden met de inlichtingen en bevindingen die de bevoegde autoriteit van de lidstaat van ontvangst haar heeft meegedeeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de FSMA bezwaar maakt tegen de maatregelen die door een bevoegde autoriteit van de lidstaat van ontvangst moeten worden getroffen om verdere tekortkomingen te voorkomen teneinde de belangen van beleggers en andere personen voor wie diensten worden verricht te beschermen of de stabiliteit van het financiële stelsel te vrijwaren, kan zij de zaak aan de Europese Bankautoriteit voorleggen overeenkomstig artikel 19 van Verordening nr. 1093/2010. § 4. De FSMA kan eveneens situaties waarin een verzoek om samenwerking, met name een verzoek om uitwisseling van informatie, is afgewezen of niet binnen een redelijke termijn is ingewilligd, aan de Europese Bankautoriteit voorleggen overeenkomstig artikel 19 van Verordening nr. 1093/2010. § 5. Voor het beoordelen van de voorwaarde in artikel 23, lid 1, eerste alinea, onder c) van Verordening 2019/2033, kan de FSMA de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst van een clearinglid verzoeken om informatie in verband met het margemodel en de parameters die worden gebruikt voor het berekenen van het margevereiste van de betrokken vennootschap.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-70\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 70</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde onderafdeling wordt een artikel 62/4 ingevoegd, luidende: \"Art. 62/4.§ 1. De FSMA kan bij de bijkantoren van vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht die in een andere lidstaat zijn gevestigd, na voorafgaande kennisgeving aan de autoriteiten van deze lidstaat die bevoegd zijn voor het toezicht op beleggingsondernemingen, de inspecties verrichten als bedoeld in artikel 56, § 3, tweede lid, alsook inspecties om informatie over de leiding en het beheer van het bijkantoor, en alle informatie die het toezicht op de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies kan vergemakkelijken, ter plaatse in te zamelen of te controleren, inzonderheid op het vlak van de liquiditeit, solvabiliteit, beleggersbescherming, administratieve en boekhoudkundige organisatie en interne controle, alsook op het vlak van beperking van concentratierisico's of, in voorkomend geval, beperking van grote risico's De FSMA kan, met hetzelfde doel voor ogen, en na voorafgaande kennisgeving aan de in het eerste lid bedoelde toezichthouders, een deskundige aanstellen om de nodige controles en expertises te verrichten. De bezoldiging en de kosten van de deskundige worden gedragen door de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA kan deze toezichthouders ook verzoeken om de in het eerste lid bedoelde controles en expertises die zij aanstipt te verrichten. § 2. Voor toezichtsdoeleinden en indien zij dit om redenen van stabiliteit van hun financiële stelsel van belang achten, zijn de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies een bijkantoor heeft gevestigd, bevoegd om, per geval, de activiteiten van het bijkantoor van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies op hun grondgebied ter plaatse te controleren en te inspecteren, en om bij dit bijkantoor informatie over zijn activiteiten op te vragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Alvorens dergelijke controles en inspecties uit te voeren, raadplegen de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van ontvangst onverwijld de FSMA. Zo spoedig mogelijk na afronding van die controles en inspecties stellen de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van ontvangst de FSMA in kennis van de bevindingen en verkregen informatie die van belang zijn voor de risicobeoordeling van de betrokken vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-71\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 71</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In titel 3, hoofdstuk 1 van dezelfde wet, wordt het opschrift van afdeling 5 van dezelfde wet vervangen als volgt: \"Afdeling 5. Intrekking van de vergunning, herstelmaatregelen, dwangsommen en administratieve sancties\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-72\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 72</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In titel 3, hoofdstuk 1, afdeling 5 van dezelfde wet, wordt een onderafdeling 1 ingevoegd, luidende: \"Onderafdeling 1. Intrekking van de vergunning\", die artikel 63 bevat</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-73\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 73</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In titel 3, hoofdstuk 1, afdeling 5 van dezelfde wet wordt een onderafdeling 2 ingevoegd, luidende: \"Onderafdeling 2. Aanhangigmaking bij de insolventierechtbank\", die artikel 63/1 bevat</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-74\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 74</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 2, ingevoegd bij artikel 72, wordt een artikel 63/1 ingevoegd, luidende: \"Art. 63/1.Ingeval de FSMA van oordeel is dat in hoofde van een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies aan de in artikel XX.99 van het Wetboek van economisch recht bepaalde voorwaarden is voldaan, kan de FSMA, in afwijking van artikel XX.100 van het Wetboek van Economisch Recht, de zaak uit eigen beweging bij dagvaarding aanhangig maken bij de insolventierechtbank.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-75\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 75</span><span class=\"lf-art-t\">In titel 3, hoofdstuk 1, afdeling 5 van dezelfde wet, wordt een onderafdeling 3 ingevoegd, luidende: \"Onderafdeling 3</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Her-stelmaatregelen\", die de artikelen 63/2 tot 68 bevat.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-76\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 76</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In onderafdeling 3, ingevoegd bij artikel 74, wordt een artikel 63/2 ingevoegd, luidende: \"Art. 63/2.§ 1. Wanneer de FSMA vaststelt dat: - een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies niet werkt overeenkomstig de bepalingen van deze titel, van de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen of van Verordening (EU) 2019/2033 die op haar van toepassing zijn; - of wanneer de FSMA beschikt over gegevens waaruit blijkt dat het gevaar bestaat dat deze vennootschap in de komende twaalf maanden niet meer zal werken overeenkomstig deze bepalingen, stelt zij de termijn vast waarbinnen deze toestand moet worden verholpen. § 2. Zolang de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies de in paragraaf 1 bedoelde toestand niet heeft verholpen, kan de FSMA te allen tijde: 1° onverminderd artikel 58/4, § 1, eigenvermogensvereisten opleggen die strenger zijn of een aanvulling vormen op die waarin voorzien is door of krachtens artikel 11 van Verordening (EU) 2019/2033 of de reglementen die met toepassing van artikel 54 zijn vastgesteld, wanneer een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies niet voldoet aan de vereisten van de artikelen 25 en 54 en het onwaarschijnlijk is dat andere toezichtsmaatregelen kunnen garanderen dat deze vereisten binnen een passende termijn worden nageleefd;2° een verstrenging eisen van het beleid inzake eigenvermogensbehoeften en liquiditeitsbehoeften van de vennootschap en de organisatieregelingen die zijn ingevoerd conform artikel 54, § 2 en 25 van deze wet;3° van de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies eisen dat zij, binnen een termijn van een jaar, een plan indienen om opnieuw te voldoen aan de toezichtsvereisten uit hoofde van deze wet en Verordening (EU) 2019/2033, dat zij een uiterste termijn vaststellen voor de uitvoering van dat plan, en dat ze verbeteringen aanbrengen in dat plan wat toepassingsgebied en uiterste termijn betreft;4° de toepassing opleggen van bijzondere regels inzake waardering of waardeaanpassing voor de berekening van de eigenvermogensvereisten die opgelegd zijn door of krachtens artikel 11 van Verordening (EU) 2019/2033, of door de met toepassing van artikel 54 van deze wet vastgestelde reglementen;5° van de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies eisen dat zij hun nettowinst gebruiken om hun eigen vermogen te versterken;6° alle dividenduitkeringen of betalingen, met name van interesten, aan aandeelhouders of houders van aanvullend-tier 1-kapitaalinstrumenten, beperken of verbieden, voor zover de schorsing van de betalingen die daaruit zou voortvloeien, niet leidt tot de opening van een liquidatieprocedure met toepassing van de bepalingen van Boek XX van het Wetboek van Economisch Recht;7° eisen dat de variabele beloning beperkt wordt tot een percentage van de winst;8° onverminderd artikel 58/10, specifieke liquiditeitsvereisten opleggen die dwingender zijn dan die waarin is voorzien door of krachtens Verordening (EU) 2019/2033 of de reglementen die met toepassing van artikel 54 van deze wet zijn vastgesteld, wanneer een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies niet voldoet aan de vereisten van de artikel 25 en 54 en het onwaarschijnlijk is dat andere toezichtsmaatregelen kunnen garanderen dat deze vereisten binnen een passende termijn worden nageleefd;9° eisen dat de vennootschap het risico dat verbonden is aan bepaalde werkzaamheden of producten of aan haar organisatie, met inbegrip van uitbestede werkzaamheden, beperkt, in voorkomend geval door de integrale of gedeeltelijke overdracht op te leggen van haar bedrijf of haar net;10° binnen de grenzen van artikel 56, § 3/2, tweede lid en voor zover de gevraagde informatie niet leidt tot duplicering in de zin van artikel 56, § 3/2, eerste lid, een aanvullende rapporteringsverplichting opleggen of een frequentere rapportering opleggen dan waarin voorzien is door of krachtens artikel 55 of Verordening (EU) 2019/2033, met name voor de rapportering over risico's, eigen vermogen of liquiditeitsposities;11° volledigere en frequentere openbaarmakingen eisen dan die waarin is voorzien door of krachtens artikel 27 of Verordening (EU) 2019/2033;12° eisen dat de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies de risico's beperken in verband met de beveiliging van de netwerk- en informatiesystemen die zij gebruiken teneinde de vertrouwelijkheid, integriteit en beschikbaarheid van haar processen, gegevens en activa te waarborgen. § 3</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de FSMA van oordeel is dat de maatregelen die de vennootschap binnen de met toepassing van paragraaf 1 vastgestelde termijn heeft genomen om de vastgestelde toestand te verhelpen, bevredigend zijn, heft zij volgens de modaliteiten die zij bepaalt, alle of een deel van de maatregelen op waartoe zij met toepassing van paragraaf 2 heeft. § 4. De FSMA stelt de Europese Bankautoriteit in kennis van de methode die gebruikt wordt ter staving van de vaststelling dat er een gevaar bestaat dat een vennootschap in de komende 12 maanden niet meer zal werken overeenkomstig de in paragraaf 1 bedoelde bepalingen, alsook van de methode die gebruikt wordt om de in paragraaf 2 bedoelde beslissingen te nemen.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-77\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 77</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 64 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 2 juni 2021Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/2014 numac 2014003195 bron federale overheidsdienst financien Wet houdende diverse bepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2014 numac 2014024209 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 21 december 1998 betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu, de volksgezondheid en de werknemers en tot opheffing van de wet van 14 juli 1994 inzake de oprichting van een comité voor het toekennen van het Europees milieukeurmerk type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2016 numac 2016000006 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België, de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen, de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen, de wet van 16 februari 2009 op het herverzekeringsbedrijf, de wet van 6 april 1995 inzake het statuut van en het toezicht op de beleggingsondernemingen, de wet van 21 december 2009 op het statuut van de betalingsinstellingen en van de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld en de toegang tot betalingssystemen, de wet van 28 april 1999 houdende omzetting van Richtlijn 98/26/EG van 19 mei 1998 betreffende het definitieve karakter van de afwikkeling van betalingen en effectentransacties in betalings- en afwikkelingssystemen en de wet van 15 december 2004 betreffende financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijkezekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten. - Duitse vertaling van uittreksels type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/05/2014 numac 2014003225 bron federale overheidsdienst financien Wet inzake het statuut van en het toezicht op de onafhankelijk financieel planners en inzake het verstrekken van raad over financiële planning door gereglementeerde ondernemingen en tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 numac 2016000377 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake het statuut van en het toezicht op de onafhankelijk financieel planners en inzake het verstrekken van raad over financiële planning door gereglementeerde ondernemingen en tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2014 numac 2014009199 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende diverse bepalingen betreffende Justitie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/06/2014 numac 2014203619 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet houdende diverse bepalingen inzake sociale zekerheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/05/2014 numac 2014003219 bron federale overheidsdienst financien Wet tot aanpassing in de fiscale wetgeving van de benamingen van de administraties van de Federale Overheidsdienst Financiën en houdende verscheidene andere wetswijzigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/2014 numac 2014003196 bron federale overheidsdienst financien Wet tot invoering van mechanismen voor een macropridentieel beleid en tot vaststelling van de specifieke taken van de Nationale Bank van België in het kader van haar opdracht om bij te dragen tot de stabiliteit van de financiële sector sluiten0, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: \" § 1.Onverminderd de andere bepalingen van deze wet kan de FSMA, wanneer zij vaststelt dat een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies niet of niet langer voldoet aan de met toepassing van artikel 63/2, § 2 genomen maatregelen, of dat de toestand na het verstrijken van de met toepassing van artikel 63/2, § 1 vastgestelde termijn niet is verholpen: 1° een speciaal commissaris aanstellen; In dit geval is voor alle handelingen en beslissingen van alle organen van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, inclusief de algemene vergadering, alsook voor die van de personen die instaan voor het beleid, zijn schriftelijke, algemene of bijzondere toestemming vereist; de FSMA kan de verrichtingen waarvoor toestemming is vereist, evenwel beperken.</p>\n<p class=\"lf-p\">De speciaal commissaris mag elk voorstel dat hij nuttig acht aan alle organen van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, inclusief de algemene vergadering voorleggen. De bezoldiging van de speciale commissaris wordt vastgesteld door de FSMA en gedragen door de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies.</p>\n<p class=\"lf-p\">De leden van het bestuursorgaan en de personen belast met de effectieve leiding, in voorkomend geval de leden van het directiecomité, die handelingen stellen of beslissingen nemen zonder de vereiste toestemming van de speciaal commissaris, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het nadeel dat hieruit voortvloeit voor de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies of voor derden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de FSMA de aanstelling van de speciaal commissaris in het Belgisch Staatsblad heeft bekendgemaakt, met opgave van de handelingen en beslissingen waarvoor zijn toestemming is vereist, zijn alle handelingen en beslissingen zonder deze vereiste toestemming nietig, tenzij de speciaal commissaris die bekrachtigt. Onder dezelfde voorwaarden zijn alle beslissingen van de algemene vergadering zonder de vereiste toestemming van de speciaal commissaris nietig, tenzij hij die bekrachtigt.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA kan een plaatsvervangend commissaris aanstellen; 2° voor de termijn die zij bepaalt, de rechtstreekse of onrechtstreekse uitoefening van het bedrijf van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies geheel of ten dele schorsen dan wel verbieden;deze schorsing kan, in de door de FSMA bepaalde mate, de volledige of gedeeltelijke schorsing van de uitvoering van de lopende overeenkomsten tot gevolg hebben;</p>\n<p class=\"lf-p\">De leden van het bestuursorgaan en de personen belast met de effectieve leiding, in voorkomend geval de leden van het directiecomité, die handelingen stellen of beslissingen nemen ondanks de schorsing of het verbod, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het nadeel dat hieruit voortvloeit voor de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies of voor derden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de FSMA de schorsing of het verbod in het Belgisch Staatsblad heeft bekendgemaakt, zijn alle hiermee strijdige handelingen en beslissingen nietig.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA kan een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies tevens gelasten aandeelhoudersrechten over te dragen die zij bezit overeenkomstig artikel 10 van Verordening (EU) 2019/2033. In dat geval is artikel 32, tweede lid van toepassing; 3° de vervanging gelasten van alle of bepaalde leden van het bestuursorgaan en personen belast met de effectieve leiding, in voorkomend geval leden van het directiecomité, van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies binnen een termijn die zij bepaalt en, indien er binnen die termijn geen vervanging plaatsvindt, een of meerdere leden van het bestuursorgaan, of een of meerdere personen belast met de effectieve leiding, in voorkomend geval een of meerdere leden van het directiecomité van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies uit hun functie ontheffen of in de plaats van het voltallige bestuursorgaan één of meer voorlopig bestuurders of zaakvoerders aanstellen die alleen of collegiaal, naar gelang van het geval, de bevoegdheden hebben van de vervangen personen.De FSMA maakt haar beslissing bekend in het Belgisch Staatsblad.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de omstandigheden dit rechtvaardigen, kan de FSMA een of meer voorlopig bestuurders of zaakvoerders aanstellen zonder vooraf de vervanging te gelasten van alle of een deel van de in het eerste lid bedoelde leiders.</p>\n<p class=\"lf-p\">Mits de FSMA hiermee instemt, kan of kunnen de voorlopig bestuurder(s) een algemene vergadering bijeenroepen en de agenda ervan vaststellen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA kan, volgens de regels die zij bepaalt, eisen dat de voorlopig bestuurder(s) of zaakvoerder(s) bij haar verslag uitbrengen over de financiële situatie van de vennootschap en over de maatregelen die zij in het kader van hun opdracht hebben genomen, alsook over de financiële situatie bij het begin en aan het einde van die opdracht.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bezoldiging van de voorlopig bestuurder(s) of zaakvoerder(s) wordt vastgesteld door de FSMA en gedragen door de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA kan te allen tijde de voorlopig bestuurder(s) of zaakvoerder(s) vervangen, hetzij ambtshalve, hetzij op verzoek van een meerderheid van aandeelhouders of vennoten wanneer zij aantonen dat het beleid van de betrokkenen niet meer de nodige waarborgen biedt; 4° de vennootschap gelasten binnen de door haar vastgestelde termijn een algemene vergadering van aandeelhouders bijeen te roepen waarvan zij de agenda vaststelt;5° de vergunning volledig of gedeeltelijk intrekken. Bij uiterste hoogdringendheid en inzonderheid bij ernstig gevaar voor de beleggers, kan de FSMA de in deze paragraaf bedoelde maatregelen nemen zonder dat vooraf een hersteltermijn wordt vastgesteld; 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: \" § 2.De in § 1 bedoelde beslissingen van de FSMA hebben voor de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies uitwerking vanaf de datum van hun kennisgeving met een ter post aangetekende brief of een brief met ontvangstbewijs en, voor derden, vanaf de datum van hun bekendmaking overeenkomstig de bepalingen van § 1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als deze maatregelen zijn genomen ingevolge een overtreding van de verplichtingen die zijn opgelegd door Verordening (EU) nr. 600/2014, Verordening (EU) 2019/2033, deze wet voor de omzetting van Richtlijn 2014/65/EU of Richtlijn (EU) 2019/2034, of door bepalingen die zijn genomen op grond van of ter uitvoering van deze Verordeningen of deze bepalingen, publiceert de FSMA de genomen maatregelen als bedoeld in paragraaf 1, conform artikel 72, § 3, vierde tot zevende lid, van de wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/09/2002 numac 2002003391 bron ministerie van financien Wet tot aanvulling, inzake de verhaalmiddelen tegen de beslissingen van de minister, de CBF, de CDV en de marktondernemingen, alsook inzake de tussenkomst van de CBF en van de CDV voor de strafgerechten, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten en tot wijziging van verschillende andere wetsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA informeert de Europese Autoriteit voor effecten en markten als zij een maatregel publiceert conform het vorige lid ingevolge een overtreding van de verplichtingen die zijn opgelegd door Verordening (EU) nr. 600/2014, door deze wet voor de omzetting van Richtlijn 2014/65/EU, of door bepalingen die zijn genomen op grond van of ter uitvoering van deze Verordening of deze bepalingen. Daarbij verstrekt de FSMA de Europese Autoriteit voor effecten en markten tevens algemene informatie over de maatregelen die worden genomen voor dit type inbreuk.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA informeert de Europese Bankautoriteit over de maatregelen die zij oplegt conform paragraaf 1 ingevolge een overtreding van de verplichtingen die zijn opgelegd door Verordening (EU) 2019/2033, door deze wet voor de omzetting van Richtlijn (EU) 2019/2034, of door bepalingen die zijn genomen op grond van of ter uitvoering van deze Verordening of deze bepalingen, alsook over elk beroep tegen deze maatregelen en de uitkomst ervan. 3° in paragraaf 3 worden de woorden \"Paragraaf 1, eerste lid, 1°, 4°, 5° en 6°, en tweede lid alsook paragraaf 2\" vervangen door de woorden \"De paragrafen 1 en 2\";4° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 6, luidende: \" § 6.De FSMA kan de in dit artikel bedoelde maatregelen ook nemen wanneer een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies een vergunning heeft verkregen door middel van valse verklaringen of op enige andere onregelmatige wijze.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-78\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 78</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 66 van dezelfde wet worden de woorden \"welke beslissingen zij overeenkomstig de artikelen 63 en 64 heeft genomen\" vervangen door de woorden \"welke beslissingen zij overeenkomstig de artikelen 63, 63/2 en 64 heeft genomen\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-79\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 79</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 67 van dezelfde wet wordt het eerste lid vervangen als volgt: \"De vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies waarvan de vergunning is ingetrokken of herroepen op grond van artikel 63 en 64, blijven onderworpen aan de Europeesrechtelijke bepalingen die rechtstreeks op hen van toepassing zijn, aan de bepalingen van deze titel en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglement, tenzij de FSMA hen vrijstelt van bepaalde bepalingen: 1° tot de vereffening van de verbintenissen van de vennootschap die, in voorkomend geval, voortvloeien uit aan beleggers verschuldigde gelden en financiële instrumenten;2° tot de vereffening van al hun andere verbintenissen op de financiële markten.Daarbij houden de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, met inachtneming van hun levensvatbaarheid en de houdbaarheid van hun bedrijfsmodellen en strategieën, rekening met de vereisten en de noodzakelijke middelen die qua tijdpad en instandhouding van hun eigen vermogen en liquide middelen realistisch zijn.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-80\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 80</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde wet wordt een artikel 67/1 ingevoegd, luidende: \"Art. 67/1.Onverminderd artikel 64, § 1, 1°, 2° en 3° en § 2, tweede lid, maakt de FSMA zonder onnodige vertraging en nadat zij de betrokken vennootschap vooraf in kennis heeft gesteld, op haar website alle overeenkomstig artikel 64 genomen maatregelen bekend indien zij van mening is dat die bekendmaking noodzakelijk en evenredig is. Zij verricht deze bekendmaking conform artikel 72, § 3, vierde tot zevende lid van de wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/09/2002 numac 2002003391 bron ministerie van financien Wet tot aanvulling, inzake de verhaalmiddelen tegen de beslissingen van de minister, de CBF, de CDV en de marktondernemingen, alsook inzake de tussenkomst van de CBF en van de CDV voor de strafgerechten, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten en tot wijziging van verschillende andere wetsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten.\". Art. 81.Artikel 68 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 21 november 2017Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/03/2018 numac 2017032079 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van de wet van 12 januari 2007 betreffende de opvang van asielzoekers en van bepaalde andere categorieën van vreemdelingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/12/2017 numac 2017014203 bron federale overheidsdienst financien Wet over de infrastructuren voor de markten voor financiële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/04/2024 numac 2024002964 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet over de infrastructuren voor de markten voor financiële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU. - Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/12/2017 numac 2017014061 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de verkoop van pakketreizen, gekoppelde reisarrangementen en reisdiensten sluiten, wordt vervangen als volgt: \"Art. 68.Onverminderd de andere bij deze wet voorgeschreven maatregelen, kan de FSMA, na de betrokken entiteit daarvan ik kennis te hebben gesteld, openbaar maken dat een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, een financiële holding, een gemengde holding in de zin van artikel 3, 40° van de wet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/2014 numac 2014003195 bron federale overheidsdienst financien Wet houdende diverse bepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2014 numac 2014024209 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 21 december 1998 betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu, de volksgezondheid en de werknemers en tot opheffing van de wet van 14 juli 1994 inzake de oprichting van een comité voor het toekennen van het Europees milieukeurmerk type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2016 numac 2016000006 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België, de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen, de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen, de wet van 16 februari 2009 op het herverzekeringsbedrijf, de wet van 6 april 1995 inzake het statuut van en het toezicht op de beleggingsondernemingen, de wet van 21 december 2009 op het statuut van de betalingsinstellingen en van de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld en de toegang tot betalingssystemen, de wet van 28 april 1999 houdende omzetting van Richtlijn 98/26/EG van 19 mei 1998 betreffende het definitieve karakter van de afwikkeling van betalingen en effectentransacties in betalings- en afwikkelingssystemen en de wet van 15 december 2004 betreffende financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijkezekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten. - Duitse vertaling van uittreksels type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/05/2014 numac 2014003225 bron federale overheidsdienst financien Wet inzake het statuut van en het toezicht op de onafhankelijk financieel planners en inzake het verstrekken van raad over financiële planning door gereglementeerde ondernemingen en tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 numac 2016000377 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake het statuut van en het toezicht op de onafhankelijk financieel planners en inzake het verstrekken van raad over financiële planning door gereglementeerde ondernemingen en tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2014 numac 2014009199 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende diverse bepalingen betreffende Justitie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/06/2014 numac 2014203619 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet houdende diverse bepalingen inzake sociale zekerheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/05/2014 numac 2014003219 bron federale overheidsdienst financien Wet tot aanpassing in de fiscale wetgeving van de benamingen van de administraties van de Federale Overheidsdienst Financiën en houdende verscheidene andere wetswijzigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/2014 numac 2014003196 bron federale overheidsdienst financien Wet tot invoering van mechanismen voor een macropridentieel beleid en tot vaststelling van de specifieke taken van de Nationale Bank van België in het kader van haar opdracht om bij te dragen tot de stabiliteit van de financiële sector sluiten of een gemengde financiële holding, geen gevolg heeft gegeven aan de aanmaningen die zij haar heeft gericht om zich binnen de termijn die zij vaststelt te conformeren aan de voorschriften van deze titel of de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen, of van de bepalingen van Verordening (EU) 600/2014 of Verordening (EU) 2019/2033. De kosten voor deze openbaarmaking worden gedragen door de betrokken onderneming.</p>\n<p class=\"lf-p\">In de openbaarmaking als bedoeld in het eerste lid, wordt de aard van de inbreuk vermeld en wordt de verantwoordelijke entiteit geïdentificeerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze openbaarmaking gebeurt conform artikel 72, § 3, vierde tot zevende lid van de wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/09/2002 numac 2002003391 bron ministerie van financien Wet tot aanvulling, inzake de verhaalmiddelen tegen de beslissingen van de minister, de CBF, de CDV en de marktondernemingen, alsook inzake de tussenkomst van de CBF en van de CDV voor de strafgerechten, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten en tot wijziging van verschillende andere wetsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA stelt de Europese Autoriteit voor effecten en markten in kennis van de openbaarmaking als bedoeld in het eerste lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als de openbaarmaking als bedoeld in het eerste lid betrekking heeft op inbreuken op de bepalingen van Verordening (EU) 20119/2033 of op de bepalingen van deze wet tot omzetting van Richtlijn (EU) 2019/2034, of op de bepalingen genomen op grond van of ter uitvoering van deze Verordening of deze bepalingen, brengt de FSMA dit ook ter kennis van de Europese Bankautoriteit. Zij stelt haar tevens in kennis van elk beroep tegen deze openbaarmaking, en van de uitkomst ervan.\". Art. 82.In titel 3, hoofdstuk 1, afdeling 5 van dezelfde wet, wordt een onderafdeling 4 ingevoegd, luidende: \"Onderafdeling 4. Dwangsommen en administratieve sancties\", die artikel 69 bevat. Art. 83.In artikel 69 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 juni 2021Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/06/2021 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/06/2021 numac 2021021157 bron federale overheidsdienst financien Wet houdende diverse fiscale bepalingen en tot wijziging van de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1, eerste lid wordt vervangen als volgt: \" § 1.Onverminderd de andere bij deze wet voorgeschreven maatregelen, kan de FSMA voor een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, een financiële holding, een gemengde holding als bedoeld in artikel 68 of een gemengde financiële holding een termijn bepalen: a) waarbinnen zij zich moet conformeren aan welbepaalde voorschriften van deze titel of de ter uitvoering ervan genomen besluiten of reglementen of de bepalingen van Verordening (EU) 600/2014 of Verordening (EU) 2019/2033;of b) waarbinnen zij de nodige aanpassingen moet aanbrengen in haar organisatie of in haar beleid inzake haar eigenvermogensbehoeften of liquiditeitsbehoeften.Voor de bijkantoren van vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die onder het recht van een andere lidstaat ressorteren, geldt deze aanmaning enkel voor niet-nakoming van een in artikel 71 bedoelde verplichtingen, of c) waarbinnen zij zich moet conformeren aan de bepalingen van titel II van Verordening nr.648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters; of d) waarbinnen zij zich moet conformeren aan een vereiste die door de FSMA is opgelegd met toepassing van de in punt a) bedoelde bepalingen, of; e) waarbinnen zij zich moet conformeren aan de vereisten die door de FSMA zijn vastgesteld als voorwaarden voor een besluit genomen met toepassing van de in punt a) bedoelde bepalingen, met name de toekenning van een toestemming of afwijking.\"; 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: \" § 2.Onverminderd de andere bij deze wet voorgeschreven maatregelen, en onverminderd de maatregelen die zijn vastgelegd door andere wetten of andere reglementen, kan de FSMA als zij vaststelt: 1° dat er een inbreuk is gepleegd op de bepalingen van deze wet of de ter uitvoering ervan genomen maatregelen of op de bepalingen van Verordening (EU) 600/2014 of Verordening (EU) 2019/2033;of 2° dat er een inbreuk is gepleegd op de bepalingen van titel II van Verordening nr.648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters; of 3° dat er een vereiste niet wordt nageleefd die door de FSMA is opgelegd met toepassing van de in punt 1° of 2° bedoelde bepalingen; of 4° dat vereisten niet worden nageleefd die door de FSMA zijn vastgesteld als voorwaarde voor een besluit genomen met toepassing van bepalingen als bedoeld in punt 1° of 2°, met name het verlenen van toestemming of van een afwijking, aan een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, een financiële holding, een gemengde holding als bedoeld in artikel 68 of een gemengde financiële holding, naar Belgisch of buitenlands recht en gevestigd in België, een administratieve geldboete opleggen die niet meer mag bedragen dan 2 500 000 euro voor hetzelfde feit of voor hetzelfde geheel van feiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">In geval van een inbreuk op de bepalingen van Verordening (EU) 600/2014 of van Verordening (EU) 2019/2033, op de bepalingen van deze wet tot omzetting van Richtlijn 2014/65/EU of van Richtlijn (EU) 2019/2034, of op de bepalingen genomen op basis van of ter uitvoering van deze Verordening of deze bepalingen, kan de FSMA ook een administratieve geldboete opleggen aan een of meerdere leden van het bestuursorgaan en aan elke persoon die belast is met de effectieve leiding van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid gelden de volgende maximumbedragen bij een inbreuk op de bepalingen van Verordening (EU) 600/2014, op de bepalingen van deze wet tot omzetting van Richtlijn 2014/65/EU, of op de bepalingen genomen op basis van of ter uitvoering van deze Verordening of deze bepalingen: voor natuurlijke personen 5 000 000 euro, en voor rechtspersonen 5 000 000 euro of, indien dit hoger is, tien procent van de totale jaaromzet. Als de inbreuk voor de overtreder winst heeft opgeleverd of hem heeft toegelaten verlies te vermijden, mag dit maximum worden verhoogd tot het tweevoud van het bedrag van deze winst of dit verlies.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid, in geval van een inbreuk op de bepalingen van Verordening (EU) 2019/2033, op de bepalingen van deze wet voor de omzetting van Richtlijn (EU) 2019/2034, of op de bepalingen genomen op basis van of ter uitvoering van deze Verordening of deze bepalingen, gelden de volgende maximumbedragen: voor natuurlijke personen 5 000 000 euro, en voor rechtspersonen tien procent van hun nettojaaromzet. Als de inbreuk voor de overtreder winst heeft opgeleverd of hem heeft toegelaten verlies te vermijden, mag dit maximum worden verhoogd tot het tweevoud van het bedrag van deze winst of dit verlies.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de toepassing van het vierde lid worden voor de berekening van de nettojaaromzet van de betrokken rechtspersoon, de bruto-inkomsten van de onderneming in aanmerking genomen die bestaan uit ontvangen interesten en soortgelijke inkomsten, inkomsten uit aandelen en andere niet-vastrentende of vastrentende waardepapieren, alsook commissies die de onderneming ontvangen heeft tijdens het vorige boekjaar. Als de betrokken rechtspersoon een dochteronderneming is, worden de bruto-inkomsten in aanmerking genomen, zoals blijkt uit de laatste beschikbare geconsolideerde jaarrekening die is opgesteld door het bestuursorgaan van de uiteindelijke moederonderneming.\". 3° in paragraaf 3 worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in het tweede lid worden de woorden \"die betrekking heeft op de inbreuken op de bepalingen van Verordening (EU) 600/2014 of op de bepalingen van deze wet tot omzetting van Richtlijn 2014/65/EU, of op de bepalingen genomen op grond van of ter uitvoering van deze Verordening of deze bepalingen,\" ingevoegd tussen de woorden \"in overeenstemming met paragrafen 1 en 2 openbaar maakt,\" en de woorden \"stelt ze de Europese Autoriteit voor effecten en markten daarvan tegelijkertijd in kennis\";b) de paragraaf wordt aangevuld met een lid, luidende: \"Als de maatregelen als bedoeld in paragraaf 1 en 2 betrekking hebben op inbreuken op de bepalingen van Verordening (EU) 2019/2033 of op de bepalingen van deze wet tot omzetting van Richtlijn (EU) 2019/2034, of op de bepalingen genomen op grond van of ter uitvoering van deze Verordening of deze bepalingen, stelt de FSMA de Europese Bankautoriteit hiervan in kennis.Zij informeert haar ook over elk beroep tegen deze maatregelen en de uitkomst ervan.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-84\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 84</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 74 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 21 november 2017Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/03/2018 numac 2017032079 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van de wet van 12 januari 2007 betreffende de opvang van asielzoekers en van bepaalde andere categorieën van vreemdelingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/12/2017 numac 2017014203 bron federale overheidsdienst financien Wet over de infrastructuren voor de markten voor financiële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/04/2024 numac 2024002964 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet over de infrastructuren voor de markten voor financiële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU. - Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/12/2017 numac 2017014061 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de verkoop van pakketreizen, gekoppelde reisarrangementen en reisdiensten sluiten, wordt de derde lid vervangen als volgt: \"Na raadpleging van de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst kan de FSMA, geval per geval, controles en inspecties ter plaatse uitvoeren met betrekking tot de werkzaamheden van de in België gevestigde bijkantoren van vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die onder het recht van een andere lidstaat ressorteren en, voor toe-zichtsdoeleinden, van deze bijkantoren informatie verlangen over hun werkzaamheden, indien zij dit om redenen van stabiliteit van het Belgische financiële stelsel relevant acht. De artikelen 56, §§ 3 en 4, en 57 zijn dienovereenkomstig van toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">Na deze controles en inspecties stelt de FSMA de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst in kennis van de verkregen informatie en de bevindingen die relevant zijn voor de beoordeling van de risico's van de betrokken vennootschap of voor de stabiliteit van het Belgische financiële stelsel.\". Art. 85.In dezelfde wet wordt een artikel 74/1 ingevoegd, luidende: \"Art. 74/1.§ 1. Teneinde toezicht te houden op de werkzaamheden van de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die onder het recht van een andere lidstaat ressorteren en die in België of in andere lidstaten werkzaam zijn, met name via een bijkantoor, werkt de FSMA nauw samen met de bevoegde autoriteiten van de andere betrokken lidstaten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Daartoe verstrekt de FSMA, voor zover zij daarover beschikt: 1° alle gegevens betreffende het bestuur en de eigendom van de betrokken vennootschappen die het toezicht op die vennootschappen en het onderzoek van de voorwaarden voor het verlenen van een vergunning aan die vennootschappen kunnen vergemakkelijken;2° alle gegevens die de monitoring van deze vennootschappen kunnen vergemakkelijken, met name op het gebied van liquiditeit, solvabiliteit administratieve en boekhoudkundige organisatie, internecontrolemechanismen alsook beperking van concentratierisico's of, in voorkomend geval, van grote risico's;en 3° alle gegevens met betreffende andere factoren die van invloed kunnen zijn op het door de instelling gevormde risico, in voorkomend geval het systeemrisico. § 2. In haar hoedanigheid van bevoegde autoriteit van de lidstaat van ontvangst, kan de FSMA de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst vragen dat zij haar meedeelt en uitlegt hoe rekening werd gehouden met de inlichtingen en bevindingen die met toepassing van paragraaf 1 werden meegedeeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de FSMA na de mededeling van de inlichtingen en bevindingen van oordeel blijft dat de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst geen passende maatregelen heeft genomen, kan zij, na de Europese Autoriteit voor effecten en markten, de Europese Bankautoriteit en de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst te hebben ingelicht, en zonder afbreuk te doen aan de mogelijkheid voor deze laatste om de zaak voor te leggen aan de Europese Bankautoriteit met toepassing van artikel 19 van Verordening nr. 1093/2010, passende maatregelen treffen om verdere inbreuken te voorkomen om de belangen van beleggers en andere personen voor wie diensten worden verricht, te beschermen of de stabiliteit van het financiële stelsel te vrijwaren.\". Art. 86.In artikel 76 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 2 juni 2021Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/2014 numac 2014003195 bron federale overheidsdienst financien Wet houdende diverse bepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2014 numac 2014024209 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 21 december 1998 betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu, de volksgezondheid en de werknemers en tot opheffing van de wet van 14 juli 1994 inzake de oprichting van een comité voor het toekennen van het Europees milieukeurmerk type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2016 numac 2016000006 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België, de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen, de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen, de wet van 16 februari 2009 op het herverzekeringsbedrijf, de wet van 6 april 1995 inzake het statuut van en het toezicht op de beleggingsondernemingen, de wet van 21 december 2009 op het statuut van de betalingsinstellingen en van de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld en de toegang tot betalingssystemen, de wet van 28 april 1999 houdende omzetting van Richtlijn 98/26/EG van 19 mei 1998 betreffende het definitieve karakter van de afwikkeling van betalingen en effectentransacties in betalings- en afwikkelingssystemen en de wet van 15 december 2004 betreffende financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijkezekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten. - Duitse vertaling van uittreksels type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/05/2014 numac 2014003225 bron federale overheidsdienst financien Wet inzake het statuut van en het toezicht op de onafhankelijk financieel planners en inzake het verstrekken van raad over financiële planning door gereglementeerde ondernemingen en tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 numac 2016000377 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake het statuut van en het toezicht op de onafhankelijk financieel planners en inzake het verstrekken van raad over financiële planning door gereglementeerde ondernemingen en tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2014 numac 2014009199 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende diverse bepalingen betreffende Justitie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/06/2014 numac 2014203619 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet houdende diverse bepalingen inzake sociale zekerheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/05/2014 numac 2014003219 bron federale overheidsdienst financien Wet tot aanpassing in de fiscale wetgeving van de benamingen van de administraties van de Federale Overheidsdienst Financiën en houdende verscheidene andere wetswijzigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/2014 numac 2014003196 bron federale overheidsdienst financien Wet tot invoering van mechanismen voor een macropridentieel beleid en tot vaststelling van de specifieke taken van de Nationale Bank van België in het kader van haar opdracht om bij te dragen tot de stabiliteit van de financiële sector sluiten0, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, tweede lid, wordt de zin \"Ten aanzien van bijkantoren gaat het om de in artikel 64, § 1, 1°, 4° en 5° en § 2, bedoelde maatregelen\" vervangen door de zin \"Ten aanzien van bijkantoren gaat het om de in artikel 64, § 1, 1°, 2° en 3° en § 2, bedoelde maatregelen\" en worden de woorden \"betreft het de in artikel 64, § 1, 4° en § 2, bedoelde maatregelen\" vervangen door de woorden \"betreft het de in artikel 64, § 1, 2° en § 2, bedoelde maatregelen\";2° in paragraaf 2, derde lid, worden de woorden \"de in artikel 64, § 1, 1°, 4° en 5°, bedoelde maatregelen\" vervangen door de woorden \"de in artikel 64, § 1, 1°, 2° en 3°, bedoelde maatregelen\". Art. 87.In artikel 81, 3° van dezelfde wet, worden de woorden \"als bedoeld in artikel 64, § 1, 4° \" vervangen door de woorden \"als bedoeld in artikel 64, § 1, 2° \". Art. 88.In artikel 84 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd door de wet van 21 november 2017Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/03/2018 numac 2017032079 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van de wet van 12 januari 2007 betreffende de opvang van asielzoekers en van bepaalde andere categorieën van vreemdelingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/12/2017 numac 2017014203 bron federale overheidsdienst financien Wet over de infrastructuren voor de markten voor financiële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/04/2024 numac 2024002964 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet over de infrastructuren voor de markten voor financiële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU. - Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/11/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/12/2017 numac 2017014061 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de verkoop van pakketreizen, gekoppelde reisarrangementen en reisdiensten sluiten, wordt paragaaf 2 aangevuld met een lid, luidende: \"De FSMA maakt elk jaar aan de Europese Autoriteit voor effecten en markten de lijst over van de bijkantoren van vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies van derde landen die actief zijn op Belgisch grondgebied.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-89\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 89</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde wet wordt een artikel 85/1 ingevoegd, luidende: \"Art. 85/1.De in deze afdeling bedoelde bijkantoren delen de FSMA jaarlijks de volgende informatie mee: a) de schaal en reikwijdte van de diensten en activiteiten die het bijkantoor verricht in België;b) de omzet en de totale waarde van de activa die overeenstemmen met de in punt a) bedoelde diensten en activiteiten;c) een gedetailleerde beschrijving van de voor de cliënten van het bijkantoor beschikbare beleggersbeschermingsregeling, met inbegrip van de rechten van deze cliënten die voortvloeien uit de beleggersbeschermingsregeling die van toepassing is in hun land van herkomst;d) het beleid en de regelingen voor risicobeheer van het bijkantoor voor de in punt a) bedoelde diensten en activiteiten;e) de governanceregelingen, met vermelding van de medewerkers met een sleutelfunctie voor de activiteiten van het bijkantoor; f) alle andere informatie die de bevoegde autoriteit noodzakelijk acht voor een alomvattende monitoring van de activiteiten van het bijkantoor.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-90\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 90</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde wet wordt een artikel 85/2 ingevoegd, luidende: \"Art. 85/2.Op verzoek deelt de FSMA aan de Europese Autoriteit voor effecten en markten de volgende informatie mee: a) alle vergunningen voor de conform artikel 84, § 2 vergunde bijkantoren en elke latere wijziging die in deze vergunningen wordt aangebracht;b) de schaal en reikwijdte van de diensten en activiteiten die een vergund bijkantoor verricht conform artikel 84, § 2;c) de omzet en de totale waarde van de activa die overeenstemmen met de in punt b) bedoelde diensten en activiteiten; d) de benaming van de groep van derde landen waartoe een vergund bijkantoor, in voorkomend geval, behoort.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-91\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 91</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 107, § 1, 8° van dezelfde wet, worden de woorden \"een schorsingsbeslissing overeenkomstig artikel 64, § 1, 4° \" vervangen door de woorden \"en schorsingsbeslissing overeenkomstig artikel 64, § 1, 2° \"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-92\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 92</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde wet, wordt de bijlage I ingevoegd, luidende: \"BIJLAGE I De Bijlage bij deze wet maakt er integraal deel van uit. Ze bestaat uit artikelen. Wanneer ernaar verwezen wordt, wordt uitdrukkelijk vermeld dat het om artikelen van de betrokken Bijlage gaat BELONINGSBELEID Afdeling I. - Structuur van het beloningsbeleid</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-1\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 1</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Het beloningsbeleid voorziet in een evenwichtige verdeling tussen de vaste en de variabele component van de totale beloning. Het aandeel van de vaste component in het totale beloningspakket is voldoende groot om een volledig flexibel beleid inzake variabele beloning te kunnen voeren, inclusief de mogelijkheid om geen variabele beloning uit te betalen. § 2. Het beloningsbeleid stelt de passende verhoudingen vast tussen de vaste en de variabele component van de totale beloning, rekening houdend met de bedrijfsactiviteiten van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies en de daaraan verbonden risico's, alsmede met de impact die verschillende categorieën van personeelsleden als bedoeld in artikel 37/1, § 3 hebben op het risicoprofiel van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies. Het bepaalt dat de variabele beloning voor elke persoon in elk geval beperkt is tot het hoogste van de volgende twee bedragen: - 50 % van de vaste beloning; - 50 000 euro, zonder dat dit bedrag Afdeling II. - Variabele beloning</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-2\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 2</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De totale variabele beloning mag de mogelijkheid voor de vennootschap om haar eigen vermogen te versterken, niet beperken. Art. 3.Het totale bedrag van de variabele beloning is gebaseerd op een combinatie van de beoordeling van de prestaties van de betrokken persoon en de betrokken bedrijfseenheid, en de resultaten van de vennootschap als geheel Bij de beoordeling van de persoonlijke prestaties worden zowel financiële als niet-financiële criteria gehanteerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De prestatiebeoordeling is gebaseerd op een periode van verschillende jaren, rekening houdend met de bedrijfscyclus van de vennootschap en met haar bedrijfsrisico's. Art. 4.Bij de beoordeling van prestaties met het oog op de berekening van de variabele beloning van individuen of van de groepen waartoe zij behoren, wordt een correctie aangebracht voor alle soorten actuele en toekomstige risico's en wordt rekening gehouden met de kosten van het kapitaal en de vereiste liquiditeit overeenkomstig Verordening (EU) 2019/2033.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij de toewijzing van de variabele beloningscomponenten binnen de vennootschap wordt ook rekening gehouden met alle soorten actuele en toekomstige risico's.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 5</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Gegarandeerde variabele beloningen zijn verboden, tenzij, in uitzonderlijke gevallen, bij de aanwerving van nieuwe personeelsleden en mits de vennootschap over gezond en solide kapitaal beschikt en de gegarandeerde variabele beloning strikt beperkt is tot het eerste jaar dat volgt op de aanwerving</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-6\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 6</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Minstens 50 % van de variabele beloning, met inbegrip van het gedeelte dat met toepassing van artikel 7 van deze Bijlage wordt uitgesteld, bestaat uit een van de volgende instrumenten: 1° aandelen of, afhankelijk van de juridische structuur van de betrokken vennootschap, equivalente deelnemingen in het kapitaal of op aandelen gebaseerde financiële instrumenten of, afhankelijk van de juridische structuur van de betrokken vennootschap, equivalente niet-liquide instrumenten (\"non-cash instruments\");2° andere kapitaalinstrumenten die voldoen aan de voorwaarden om te worden aangemerkt als aanvullend-tier 1- of tier 2-kapitaalinstrumenten, of andere instrumenten die volledig in tier 1-kernkapitaalinstrumenten kunnen worden omgezet of volledig kunnen worden afgeschreven, en die in elk geval een goede weerspiegeling zijn van de kredietkwaliteit van de vennootschap vanuit het oogpunt van de continuïteit;of 3° niet-liquide instrumenten (\"non-cash instruments\") die een afspiegeling zijn van de instrumenten in de beheerde portefeuilles Indien een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies geen van de in deze paragraaf bedoelde instrumenten uitgeeft, kan de FSMA toestemming geven voor het gebruik van alternatieve regelingen waarmee hetzelfde doel wordt bereikt. § 2. De in de paragraaf 1 bedoelde instrumenten zijn onderworpen aan een passend aanhoudingsbeleid, dat inhoudt dat de houder van de instrumenten er de eigenaar van moet blijven, en dat tot doel heeft de incentives voor de persoon af te stemmen op de langetermijnbelangen van de vennootschap, haar schuldeisers en haar cliënten. De FSMA kan de soorten instrumenten waarvan de kenmerken niet voldoen aan dit vereiste, verbieden of beperken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-7\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 7</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De betaling van een deel van minstens 40 % van de variabele beloning wordt uitgesteld over een periode van ten minste drie tot vijf jaar, afhankelijk van de bedrijfscyclus van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, van de aard van haar werkzaamheden, van haar risico's en van de activiteiten van de betrokken persoon Wanneer het bedrag van de variabele beloning bijzonder hoog is, moet het deel van de variabele beloning dat wordt uitgesteld, als bedoeld in het eerste lid, minstens 60 % bedragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het uitgestelde deel van de variabele beloning wordt niet sneller dan op pro-ratabasis toegekend. Art. 8.§ 1. De variabele beloning die wordt toegekend door vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, met inbegrip van het uitgestelde gedeelte, wordt slechts uitbetaald of is slechts verworven wanneer het bedrag ervan aanvaardbaar is gelet op de financiële toestand van de vennootschap in haar geheel en te rechtvaardigen is door de prestaties van de vennootschap, de bedrijfseenheid en de betrokken persoon. § 2. De totale variabele beloning van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies wordt aanzienlijk verminderd indien de vennootschap geringere of negatieve financiële prestaties levert.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vermindering als bedoeld in het eerste lid wordt zowel toegepast op de nog niet verworven variabele beloning als op de verworven maar nog niet gestorte variabele beloning en op de reeds effectief uitgekeerde variabele beloning, onder meer door middel van malus- of terugvorderingsregelingen (clawback).</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor het totale bedrag van de variabele beloning geldt een malus- of terugvorderingsclausule (clawback), in het bijzonder in situaties waarin de betrokken persoon: a) heeft deelgenomen aan of verantwoordelijk was voor praktijken die aanleiding hebben gegeven tot aanzienlijke verliezen voor de vennootschap;b) niet langer blijk geeft van de vereiste deskundigheid en professionele betrouwbaarheid;c) heeft deelgenomen aan een bijzonder mechanisme met als doel of gevolg fiscale fraude door derden te bevorderen. Afdeling III. - Pensioenen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-9\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 9</span><span class=\"lf-art-t\">Het pensioenbeleid is afgestemd op de bedrijfsstrategie, de doelstellingen, de waarden en de langetermijnbelangen van de vennootschap</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Indien een personeelslid de vennootschap verlaat vóór het bereiken van de pensioenleeftijd, houdt de vennootschap de uitkeringen uit hoofde van discretionair pensioen voor dit personeelslid gedurende vijf jaar aan in de vorm van instrumenten als bedoeld in artikel 6 van deze Bijlage.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer een personeelslid de pensioenleeftijd bereikt en met pensioen gaat, worden de uitkeringen uit hoofde van discretionair pensioen aan hem uitbetaald in de vorm van instrumenten als bedoeld in artikel 6 van deze Bijlage, en dienen deze instrumenten gedurende vijf jaar te worden aangehouden.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bepalingen van artikel 8, § 2 van deze Bijlage zijn van toepassing op de uitkeringen uit hoofde van discretionair pensioen Afdeling IV. - Vrijstellingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-10\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 10</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De artikelen 6, 7 en 9, tweede en derde lid van deze Bijlage zijn niet van toepassing op: 1° de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies waarvan de waarde van de activa binnen en buiten de balanstelling gemiddeld 100 miljoen euro of minder bedraagt over de periode van vier jaar die onmiddellijk voorafgaat aan het betrokken boekjaar en, in voorkomend geval, op de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies als bedoeld in artikel 25/2, § 6, tweede lid van de wet;2° een personeelslid van wie de jaarlijkse variabele beloning niet meer bedraagt dan 50 000 euro en niet meer vertegenwoordigt dan een vierde van zijn totale jaarlijkse beloning. Afdeling V. - Antifraudebepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-11\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 11</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De personen bedoeld in artikel 37/1, § 3 onthouden zich van het uitvoeren van verrichtingen, met inbegrip van verzekeringsverrichtingen, die geheel of gedeeltelijk afbreuk doen aan de naleving van de bepalingen van deze Bijlage, in het bijzonder verrichtingen die tot doel hebben het risico dat voortvloeit uit de regeling voor hun variabele beloning te neutraliseren of die dit risico zouden kunnen neutraliseren. Art. 12.De vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies onthouden zich van het toekennen of uitbetalen van een variabele beloning door middel van vehikels of methodes die de niet-naleving van de bepalingen van deze wet of van Verordening (EU) 2019/2033 vergemakkelijken. Afdeling VI. - Vertrekvergoedingen en indiensttredingsvergoedingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-13\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 13</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Voor de toepassing van deze Bijlage wordt onder vertrekvergoeding elke vorm van beloning of compensatie verstaan die aan een in artikel 37/1, § 3 bedoelde persoon wordt toegekend bij zijn of haar vertrek, ongeacht het tijdstip van dat vertrek en ongeacht of dit al dan niet op vrijwillige basis gebeurt. De vertrekvergoeding kan in voorkomend geval een ontslagvergoeding omvatten, namelijk een bedrag dat of een vergoeding die in het kader van de voortijdige beëindiging op niet-vrijwillige basis van een arbeidsovereenkomst of een vennootschapsmandaat wordt betaald aan een persoon als bedoeld in artikel 73, tweede, derde, en in voorkomend geval, vierde lid Vertrekvergoedingen zijn variabele beloning waarop de bepalingen van de artikelen 1 tot en met 8 van deze Bijlage derhalve van toepassing zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onverminderd het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen moet elke vertrekvergoeding rekening houden met in de loop der tijd gerealiseerde prestaties en zodanig zijn ontworpen dat falen of onrechtmatig gedrag niet wordt beloond.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bovendien kan een vertrekvergoeding die hoger is dan een bedrag dat gelijk is aan 12 maanden vaste beloning of, op eensluidend gemotiveerd advies van het remuneratiecomité, hoger dan een bedrag dat gelijk is aan 18 maanden vaste beloning, enkel worden toegekend, niettegenstaande eventuele andersluidende statutaire bepalingen of contractuele bedingen, onder voorbehoud van goedkeuring door de eerstvolgende gewone algemene vergadering. De procedure van artikel 7:92, tweede en derde lid van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen is naar analogie van toepassing.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 14</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. In afwijking van artikel 13, tweede lid van deze Bijlage zijn de artikelen 1, § 2 en 2 tot en met 8 van deze Bijlage niet van toepassing op: 1° de vertrekvergoeding die bestaat uit een bedrag dat bedoeld is om het inkomensverlies te compenseren op grond van een concurrentiebeding en waarvan de vennootschap vóór de toekenning ervan aan de FSMA kan aantonen dat ze voldoet aan de criteria om als vaste beloning te worden aangemerkt;2° de vertrekvergoeding die wordt toegekend aan een persoon die zijn of haar taken in het kader van een arbeidsovereenkomst of een vennootschapsmandaat uitoefent, en die bestaat uit een ontslagvergoeding die niet hoger mag zijn dan het bedrag waarop de betrokkene recht heeft of, naar analogie, recht zou hebben gehad op grond van zijn of haar anciënniteit, krachtens de wettelijke bepalingen inzake ontslag in het kader van een arbeidsovereenkomst. § 2 Indien de vertrekvergoeding bestaat uit een ontslagvergoeding, kan bij wijze van uitzondering op artikel 13, tweede lid van deze Bijlage het bedrag van de vergoedingen die niet in aanmerking komen voor de in paragraaf 1 bedoelde uitzonderingen, bovendien geheel of gedeeltelijk worden vrijgesteld van de toepassing van de artikelen 1, § 2, 6 en 7 van deze Bijlage, mits deze vrijstelling naar behoren wordt gemotiveerd en de FSMA er vooraf van in kennis wordt gesteld, met dien verstande dat deze vrijstelling uitsluitend gerechtvaardigd is in de specifieke en uitzonderlijke situaties die zijn vastgesteld in de richtsnoeren van de Europese Bankautoriteit inzake beloningsbeleid.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 15</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De vergoedingen die bij de indiensttreding worden uitgekeerd ter compensatie van een verlies met betrekking tot een eerdere arbeidsovereenkomst, moeten aansluiten bij de langetermijnbelangen van de vennootschap. Afdeling VII. - Uitzonderlijke overheidssteun</p></div>", "next": 238824}