{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de lagere graad, of van een diploma van master, licentiaat, GHSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de hogere graad;2) houder zijn van een pedagogisch bekwaamheidsbewijs overeenkomstig de artikelen 17 en 18 van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs;3) vóór 1 september 2017 een opleiding tot neutraliteit via hun oorspronkelijke opleiding hebben gekregen, of geslaagd zijn voor de onderwijseenheid \"opleiding tot neutraliteit', die door het onderwijs voor sociale promotie wordt georganiseerd.Voor die onderwijseenheid : a) indien ze niet kon worden gevolgd bij gebrek aan voldoende plaatsen, moeten ze het bewijs leveren dat ze zich hebben ingeschreven;b) indien zij niet voor die eenheid geslaagd zijn, moeten zij het bewijs leveren dat ze zich opnieuw hebben ingeschreven voor de eerstvolgende organisatie van de onderwijseenheid, en voor de daarop volgende, met de met redenen omklede instemming van de studieraad van de onderwijseenheid, als ze opnieuw zakken. De personeelsleden die hun diploma hebben behaald bij een inrichting van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs, uiterlijk gedurende het schooljaar 2003-2004, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden voor de voormelde opleiding tot neutraliteit; 4) ze zich bij hun inrichtende macht voor dat ambt bij aangetekend schrijven kandidaat hebben gesteld, op straffe van verval, vóór 31 juli 2017. In het gewoon onderwijs, moeten de personeelsleden zich voor het gehele opdrachtvolume inschrijven waarvoor ze op 30 juni van het vorige jaar ingeschreven waren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de inrichtende macht een keuze moet doen tussen verschillende kandidaten, stelt ze het personeelslid aan dat de grootste dienstanciënniteit bij haar telt, zoals respectief berekend, voor de leraren niet confessionele zedenleer, overeenkomstig artikel 34 van het voormelde decreet van 6 juni 1994, en, voor de leraren godsdienst, in artikel 18 van het voormelde decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten. Bij gelijke anciënniteit, wordt verwezen naar het vroegere ambt; 3° aan de personeelsleden die in een ambt van leraar niet confessionele zedenleer of godsdienst, respectief aangesteld zijn in de lagere graad of in de hogere graad, gedurende het schooljaar 2016-2017, als prioritair tijdelijk, in de zin, respectievelijk, voor de leraren niet confessionele zedenleer, artikel 24 van het voormelde decreet van 6 juni 1994, en, voor de leraren godsdienst, van artikel 23, § 1, van het voormelde decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten, op voorwaarde dat zij : 1) houder zijn van minstens het diploma van bachelor, graduaat, GLSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de lagere graad, of van een diploma van master, licentiaat, GHSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de hogere graad;2) vóór 1 september 2017 een opleiding tot neutraliteit via hun oorspronkelijke opleiding hebben gekregen, of geslaagd zijn voor de onderwijseenheid \"opleiding tot neutraliteit', die door het onderwijs voor sociale promotie wordt georganiseerd.Voor die onderwijseenheid : a) indien ze niet kon worden gevolgd bij gebrek aan voldoende plaatsen, moeten ze het bewijs leveren dat ze zich hebben ingeschreven;b) indien zij niet voor die eenheid geslaagd zijn, moeten zij het bewijs leveren dat ze zich opnieuw hebben ingeschreven voor de eerstvolgende organisatie van de onderwijseenheid, en voor de daarop volgende, met de met redenen omklede instemming van de studieraad van de onderwijseenheid, als ze opnieuw zakken. De personeelsleden die hun diploma hebben behaald bij een inrichting van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs, uiterlijk gedurende het schooljaar 2003-2004, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden voor de voormelde opleiding tot neutraliteit; 3) ze zich bij hun inrichtende macht voor dat ambt bij aangetekend schrijven kandidaat hebben gesteld, op straffe van verval, vóór 31 juli 2017. In het gewoon onderwijs, moeten de personeelsleden zich voor het gehele opdrachtvolume inschrijven waarvoor ze op 30 juni 2017 binnen hun inrichtende macht ingeschreven waren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de inrichtende macht een keuze moet doen tussen verschillende kandidaten, stelt ze het personeelslid aan dat de grootste dienstanciënniteit bij haar telt, zoals respectief berekend, voor de leraren niet confessionele zedenleer, overeenkomstig artikel 34 van het voormelde decreet van 6 juni 1994, en, voor de leraren godsdienst, in artikel 18 van het voormelde decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten. Bij gelijke anciënniteit, wordt verwezen naar het vroegere ambt; 4° aan de personeelsleden die op 30 juni 2017 in actieve dienst waren, die een anciënniteit van minstens 150 dagen tellen, in een ambt van leraar godsdienst of niet confessionele zedenleer, respectief in de lagere of hogere graad, als tijdelijk personeelslid, in de zin van, respectief, voor de leraren niet confessionele zedenleer, artikel 20 van het voormelde decreet van 6 juni 1994, en, voor de leraren godsdienst, van artikel 20, § 1, van het voormelde decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten, op voorwaarde dat zij : 1) houder zijn van minstens het diploma van bachelor, graduaat, GLSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de lagere graad, of van een diploma van master, licentiaat, GHSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de hogere graad;2) houder zijn van een pedagogisch bekwaamheidsbewijs overeenkomstig de artikelen 17 en 18 van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs;3) vóór 1 september 2017 een opleiding tot neutraliteit via hun oorspronkelijke opleiding hebben gekregen, of geslaagd zijn voor de onderwijseenheid \"opleiding tot neutraliteit', die door het onderwijs voor sociale promotie wordt georganiseerd.Voor die onderwijseenheid : a) indien ze niet kon worden gevolgd bij gebrek aan voldoende plaatsen, moeten ze het bewijs leveren dat ze zich hebben ingeschreven;b) indien zij niet voor die eenheid geslaagd zijn, moeten zij het bewijs leveren dat ze zich opnieuw hebben ingeschreven voor de eerstvolgende organisatie van de onderwijseenheid, en voor de daarop volgende, met de met redenen omklede instemming van de studieraad van de onderwijseenheid, als ze opnieuw zakken. De personeelsleden die hun diploma hebben behaald bij een inrichting van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs, uiterlijk gedurende het schooljaar 2003-2004, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden voor de voormelde opleiding tot neutraliteit; 4) zich bij hun inrichtende macht voor dat ambt bij aangetekend schrijven kandidaat hebben gesteld, op straffe van verval, vóór 31 juli 2017. In het gewoon onderwijs, moeten de personeelsleden zich voor het gehele opdrachtvolume inschrijven waarvoor ze op 30 juni 2017 binnen hun inrichtende macht ingeschreven waren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de inrichtende macht een keuze moet doen tussen verschillende kandidaten, stelt ze het personeelslid aan dat de grootste dienstanciënniteit bij haar telt, zoals respectief berekend, voor de leraren niet confessionele zedenleer, overeenkomstig artikel 34 van het voormelde decreet van 6 juni 1994, en, voor de leraren godsdienst, overeenkomstig artikel 18 van het voormelde decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij gelijke anciënniteit, wordt verwezen naar het vroegere ambt; 5° aan de personeelsleden die op 30 juni 2017 in actieve dienst waren, die een anciënniteit van minstens 150 dagen tellen, in een ambt van leraar godsdienst of niet confessionele zedenleer, respectief in de lagere of hogere graad, als tijdelijk personeelslid, in de zin van, respectief, voor de leraren niet confessionele zedenleer, artikel 20 van het voormelde decreet van 6 juni 1994, en, voor de leraren godsdienst, van artikel 20, § 1, van het voormelde decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten, op voorwaarde dat zij : 1) houder zijn van minstens het diploma van bachelor, graduaat, GLSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de lagere graad, of van een diploma van master, licentiaat, GHSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de hogere graad;2) vóór 1 september 2017 een opleiding tot neutraliteit via hun oorspronkelijke opleiding hebben gekregen, of geslaagd zijn voor de onderwijseenheid \"opleiding tot neutraliteit', die door het onderwijs voor sociale promotie wordt georganiseerd.Voor die onderwijseenheid : a) indien ze niet kon worden gevolgd bij gebrek aan voldoende plaatsen, moeten ze het bewijs leveren dat ze zich hebben ingeschreven;b) indien zij niet voor die eenheid geslaagd zijn, moeten zij het bewijs leveren dat ze zich opnieuw hebben ingeschreven voor de eerstvolgende organisatie van de onderwijseenheid, en voor de daarop volgende, met de met redenen omklede instemming van de studieraad van de onderwijseenheid, als ze opnieuw zakken. De personeelsleden die hun diploma hebben behaald bij een inrichting van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs, uiterlijk gedurende het schooljaar 2003-2004, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden voor de voormelde opleiding tot neutraliteit; 3° zich bij hun inrichtende macht voor dat ambt bij aangetekend schrijven kandidaat hebben gesteld, op straffe van verval, vóór 31 juli 2017. In het gewoon onderwijs, moeten de personeelsleden zich voor het gehele opdrachtvolume inschrijven waarvoor ze op 30 juni 2017 binnen hun inrichtende macht ingeschreven waren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de inrichtende macht een keuze moet doen tussen verschillende kandidaten, stelt ze het personeelslid aan dat de grootste dienstanciënniteit bij haar telt, zoals respectief berekend, voor de leraren niet confessionele zedenleer, overeenkomstig artikel 34 van het voormelde decreet van 6 juni 1994, en, voor de leraren godsdienst, overeenkomstig artikel 18 van het voormelde decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij gelijke anciënniteit, wordt verwezen naar het vroegere ambt. § 2. Voor de toepassing van § 1, kan het personeelslid geen totaal aantal lestijden filosofie en burgerzin toegekend krijgen dat hoger is dan het totaal aantal lestijden zedenleer, godsdienst en alternatieve pedagogische begeleiding dat hem op 30 juni 2017 toegekend was.\". Art. 25.In dezelfde onderafdeling 1, ingevoegd bij artikel 21, wordt een artikel 293septdecies/6 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/6. § 1. De ambtsanciënniteit en de dienstanciënniteit van de leraren godsdienst en niet confessionele zedenleer, bedoeld in 1°, 2°, 3°, 4° en 5° van § 1 van artikel 293septdecies/5, die bij de inrichtende macht, respectief in het kader van het voormelde decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten of van het voormelde decreet van 6 juni 1994 werden verworven, worden geacht een ambtsanciënniteit te zijn in de zin van artikel 34 van het voormelde decreet van 6 juni 1994, als leraar filosofie en burgerzin, respectief in de lagere graad of in de hogere graad, naargelang van het geval.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ze kunnen echter die anciënniteit alleen aanvoeren als ze aanspraak maken op hetzelfde ambt. § 2. De prestaties van de tijdelijke leraren godsdienst en niet confessionele zedenleer, bedoeld in 2°, 3°, 4° en 5° van § 1 van artikel 293 septdecies/5, in hun nieuwe ambt van leraar filosofie en burgerzin, worden tegelijk opgenomen bij de berekening van de anciënniteit van hun nieuwe ambt en van hun vroegere ambt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het voordeel van de in het vorige lid bedoelde bepaling wordt toegepast totdat het personeelslid wordt benoemd in het nieuwe ambt van leraar filosofie en burgerzin in verhouding tot de lestijden die bij die nieuwe benoeming benoemd zijn, uiterlijk tot 31 augustus 2021.\". Art. 26.In dezelfde onderafdeling 1, ingevoegd bij artikel 21, wordt een artikel 293septdecies/7 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/7. Bij wijze van overgangsmaatregel, alleen voor het schooljaar 2017-2018, behouden de prioritair tijdelijke leraren godsdienst en niet confessionele zedenleer, bedoeld in 2° en 3° van § 1 van artikel 293septdecies, die zich kandidaat hebben gesteld voor de benoeming in vast verband in de vormen en voorwaarden die respectief vereist zijn in artikel 31 van het decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten en in artikel 30 van het decreet van 6 juni 1994 gedurende het schooljaar 2016-2017, hun recht op die benoeming in vast verband in hun vroegere ambt gedurende het schooljaar 2017-2018, ook al presteren ze voortaan volledig binnen de inrichtende macht als leraar filosofie en burgerzin. Die benoeming in vast verband geschiedt met inachtneming van de geldende statutaire regels, zoals vastgesteld in de hoofdstukken III, afdeling 3 van het decreet van 6 juni 1994 en van het decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten. Op zijn verzoek, in afwijking van artikel 30, § 1, laatste lid, van het voormelde decreet van 6 juni 1994, voor de leraar zedenleer, of in afwijking van artikel 31, § 1, laatste lid, van het voormelde decreet van 10 maart 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2006 numac 2006029068 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de statuten van de leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst sluiten, voor de leraar godsdienst, kan het bij dit artikel bedoelde personeelslid die benoeming genieten zonder zijn ambt als leraar filosofie en burgerzin te beëindigen. In dat geval, wordt een verlof om een ander ambt voorlopig uit te oefenen hem van ambtswege door zijn inrichtende macht toegekend.\". Art. 27.In dezelfde onderafdeling 1, ingevoegd bij artikel 21, wordt een artikel 293septdecies/8 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/85. § 1. De tijdelijke reaffectatie van de in vast verband benoemde personeelsleden bedoeld in 1° van § 1 van artikel 293septdecies, wordt automatisch verlengd, volgens de regels die terzake vastgesteld zijn bij het voormelde besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 28 augustus 1995, totdat het personeelslid voldoet aan de benoemingsvoorwaarden die vastgesteld zijn in artikel 30 van het voormelde decreet van 6 juni 1994, en dit op voorwaarde dat het, vóór 1 september 2021, het getuigschrift didactiek voor de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 24bis, derde lid van het voormelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten heeft behaald, voor zover het bekwaamheidsbewijs dat door de Regering voor de uitoefening van dat ambt wordt vastgesteld, dit vereist.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking daarvan, kan het personeelslid bij zijn inrichtende macht, waarbij deze dit niet kan weigeren, de niet verlenging van zijn tijdelijke reaffectatie aanvragen. De aanvraag moet bij aangetekend schrijven vóór 31 mei voor het volgende schooljaar worden ingediend.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het personeelslid op 1 september 2021 niet voldoet aan die voorwaarden, geniet het vanaf dezelfde datum de bij dit decreet vastgestelde overgangsmaatregelen niet meer. § 2. Het verlof om een ander ambt in het onderwijs voorlopige uit te oefenen van de in vast verband benoemde personeelsleden bedoeld in 1° van hetzelfde artikel wordt automatisch verlengd, zolang hun aanstelling eveneens zal worden verlengd volgens de regels die terzake vastgesteld zijn bij hoofdstuk III van het voormelde decreet van 6 juni 1994, en totdat het personeelslid voldoet aan de benoemingsvoorwaarden die vastgesteld zijn in artikel 30 van hetzelfde decreet van 6 juni 1994, en dit op voorwaarde dat het, vóór 1 september 2021, het getuigschrift didactiek voor de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 24bis, derde lid van het voormelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten heeft behaald, voor zover het bekwaamheidsbewijs dat door de Regering voor de uitoefening van dat ambt wordt vastgesteld, dit vereist.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het personeelslid op 1 september 2021 niet voldoet aan die voorwaarden, geniet het vanaf dezelfde datum de bij dit decreet vastgestelde overgangsmaatregelen niet meer. § 3. Voor de tijdelijke personeelsleden bedoeld in 2°, 3°, 4° en 5° van § 1 van artikel 293septdecies/5, wordt hun aanstelling verlengd volgens de regels die terzake vastgesteld zijn bij hoofdstuk III van het voormelde decreet van 6 juni 1994, en totdat het personeelslid voldoet aan de benoemingsvoorwaarden die vastgesteld zijn in artikel 30 van hetzelfde decreet van 6 juni 1994, en dit op voorwaarde dat het, vóór 1 september 2021 : 1° ) het getuigschrift didactiek voor de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 24bis, derde lid van het voormelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten hebben behaald, voor zover het bekwaamheidsbewijs dat door de Regering voor de uitoefening van dat ambt wordt vastgesteld, dit vereist;2° ) in het geval van 3° en 5° een pedagogisch bekwaamheidsbewijs, overeenkomstig de artikelen 17 en 18 van het voormelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten, heeft behaald. Als het personeelslid op 1 september 2021 niet voldoet aan die voorwaarden, geniet het vanaf dezelfde datum de bij dit decreet vastgestelde overgangsmaatregelen niet meer. § 4. Als het personeelslid de hem voorgestelde lestijden weigert of de niet verlenging van zijn tijdelijke reaffectatie aanvraagt, geniet het de overgangsmaatregelen van deze afdeling niet meer.\". Art. 28.In dezelfde onderafdeling 1, ingevoegd bij artikel 21, wordt een artikel 293septies/9 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/9. Binnen dezelfde inrichting, kunnen de personeelsleden die de bij deze afdeling vastgestelde bepalingen genieten, gedurende hetzelfde schooljaar, hun nieuwe ambt niet uitoefenen tegenover dezelfde leerling, samen met een opdracht van leraar niet confessionele zedenleer.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid, in het gespecialiseerd onderwijs, kan een personeelslid beide voormelde ambten tegenover dezelfde leerling uitoefenen : 1° indien deze ressorteert onder het onderwijs van vorm 1 en vorm 2; of 2° indien deze ressorteert onder het onderwijs van vorm 3 en vorm 4, maar indien de kenmerken van het bedoelde publiek dit vereisen.Die kenmerken worden behoorlijk vastgesteld binnen de plaatselijke paritaire commissie van de betrokken inrichtende macht.\". Art. 29.In afdeling VII van hoofdstuk II van titel III van hetzelfde decreet wordt een onderafdeling 2 opgericht, luidend als volgt : \"Onderafdeling 2. - Overgangsbepalingen voor het vrij gesubsidieerd onderwijs met een niet confessioneel karakter\". Art. 30.In dezelfde onderafdeling 2, ingevoegd bij artikel 29, wordt een artikel 293septdecies/10 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/10. Bij de oprichting van de cursus filosofie en burgerzin op 1 september 2017, worden alle personeelsleden die vóór 30 juni 2017 een benoeming in vast verband genoten in een ambt van leraar niet confessionele zedenleer of godsdienst in de lagere graad en in de hogere graad, geacht de helft van de hun toegekende lestijden te verliezen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De personeelsleden die in dezelfde ambten gedurende het vorige schooljaar aangesteld waren, worden eveneens geacht alleen voor de helft van het aantal lestijden dat ze op 30 juni 2017 genoten, opnieuw te kunnen worden aangesteld.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-31\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 31</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde onderafdeling 2, ingevoegd bij artikel 29, wordt een artikel 293septdecies/11 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/11. Voordat de inrichtende macht de nieuw opgerichte lestijden voor de cursus filosofie en burgerzin toekent, past ze in haar midden, ten gunste van de in vast verband benoemde personeelsleden die niet zouden voldoen aan de voorwaarden vastgesteld in § 1 van artikel 293septdecies/12 van dit decreet, de maatregelen toe voorafgaandelijk aan de terbeschikkingstelling bij ontstentenis van betrekking en aan het gedeeltelijk opdrachtverlies, en verricht ze de reaffectaties en de wedertewerkstellingen die mogelijk zouden zijn, overeenkomstig de bepalingen die terzake werden vastgesteld bij het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 28 augustus 1995 tot regeling van de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, de reaffectatie en de wachtweddetoelage in het gesubsidieerd officieel gewoon en gespecialiseerd onderwijs, kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan en kunstonderwijs. Voor de toepassing van dit artikel, worden de voorafgaande maatregelen en de reaffectatiehandelingen tot de ambten van leraar zedenleer of godsdienst beperkt.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-32\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 32</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde onderafdeling 2, ingevoegd bij artikel 29, wordt een artikel 293septdecies/12 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/12. § 1. Gedurende het schooljaar 2017-2018, in afwijking van de statutaire regels vastgesteld in hoofdstuk III van het decreet van 1 februari 1993 houdende het statuut van de gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd vrij onderwijs, moeten de ambten van leraar filosofie en burgerzin, in de lagere graad en in de hogere graad, binnen de inrichtende macht, in de volgende volgorde worden toegekend aan : 1° de personeelsleden die vóór 1 september 2017 een benoeming in vast verband genoten in een ambt van leraar niet confessionele zedenleer of godsdienst, respectief in de lagere graad of in de hogere graad, op voorwaarde dat zij : 1) houder zijn van minstens het diploma van bachelor, graduaat, GLSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies, in de lagere graad, of van een diploma van master, licentiaat, GHSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies, in de hogere graad;2) vóór 1 september 2017 een opleiding tot neutraliteit via hun oorspronkelijke opleiding hebben gekregen, of geslaagd zijn voor de onderwijseenheid \"opleiding tot neutraliteit', die door het onderwijs voor sociale promotie wordt georganiseerd.Voor die onderwijseenheid : a) indien ze niet kon worden gevolgd bij gebrek aan voldoende plaatsen, moeten ze het bewijs leveren dat ze zich hebben ingeschreven;b) indien zij niet voor die eenheid geslaagd zijn, moeten zij het bewijs leveren dat ze zich opnieuw hebben ingeschreven voor de eerstvolgende organisatie van de onderwijseenheid, en voor de daarop volgende, met de met redenen omklede instemming van de studieraad van de onderwijseenheid, als ze opnieuw zakken. De personeelsleden die hun diploma hebben behaald bij een inrichting van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs, uiterlijk gedurende het schooljaar 2003-2004, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden voor de voormelde opleiding tot neutraliteit; 3) ze zich bij hun inrichtende macht voor dat ambt bij aangetekend schrijven kandidaat hebben gesteld, op straffe van verval, vóór 31 juli 2017. In het gewoon onderwijs, moeten de personeelsleden zich voor het gehele opdrachtvolume inschrijven waarvoor ze op 30 juni 2017 ingeschreven waren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de inrichtende macht een keuze moet doen tussen verschillende kandidaten, stelt ze het personeelslid aan dat de grootste dienstanciënniteit bij haar telt, zoals respectief berekend, voor de leraren niet confessionele zedenleer, overeenkomstig artikel 29bis van het voormelde decreet van 1 februari 1993. Bij gelijke anciënniteit, wordt verwezen naar het vroegere ambt.</p>\n<p class=\"lf-p\">De personeelsleden die aldus lestijden filosofie en burgerzin toegekend krijgen, worden geacht, in verhouding tot het lestijdenvolume dat in artikel 293septdecies/10 als verloren wordt beschouwd, in tijdelijke reaffectatie te zijn, in de zin van artikel 2, § 3, van het voormelde besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 28 augustus 1995.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de bijkomende lestijden die worden toegekend boven het in het vorige lid bedoelde lestijdenvolume dat als verloren wordt beschouwd, en binnen de perken van de hun op 31 augustus 2017 toegekende lestijden, krijgen ze een verlof om een ambt in het onderwijs voorlopig uit te oefenen overeenkomstig artikel 14, § 1, 3° en 4°, van het koninklijk besluit van 15 januari 1974 genomen ter toepassing van artikel 160 van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen van kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen; 2° aan de personeelsleden die in een ambt van leraar niet confessionele zedenleer of godsdienst, respectief aangesteld zijn in de lagere graad of in de hogere graad, gedurende het schooljaar 2016-2017, als prioritair tijdelijk, in de zin van artikel 34 van het voormelde decreet van 1 februari 1993, op voorwaarde dat zij : 1) houder zijn van minstens het diploma van bachelor, graduaat, GLSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de lagere graad, of van een diploma van master, licentiaat, GHSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de hogere graad;2) houder zijn van een pedagogisch bekwaamheidsbewijs overeenkomstig de artikelen 17 en 18 van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs;3) vóór 1 september 2017 een opleiding tot neutraliteit via hun oorspronkelijke opleiding hebben gekregen, of geslaagd zijn voor de onderwijseenheid \"opleiding tot neutraliteit', die door het onderwijs voor sociale promotie wordt georganiseerd.Voor die onderwijseenheid : a) indien ze niet kon worden gevolgd bij gebrek aan voldoende plaatsen, moeten ze het bewijs leveren dat ze zich hebben ingeschreven;b) indien zij niet voor die eenheid geslaagd zijn, moeten zij het bewijs leveren dat ze zich opnieuw hebben ingeschreven voor de eerstvolgende organisatie van de onderwijseenheid, en voor de daarop volgende, met de met redenen omklede instemming van de studieraad van de onderwijseenheid, als ze opnieuw zakken. De personeelsleden die hun diploma hebben behaald bij een inrichting van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs, uiterlijk gedurende het schooljaar 2003-2004, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden voor de voormelde opleiding tot neutraliteit; 4) ze zich bij hun inrichtende macht voor dat ambt bij aangetekend schrijven kandidaat hebben gesteld, op straffe van verval, vóór 31 juli 2017. In het gewoon onderwijs, moeten de personeelsleden zich voor het gehele opdrachtvolume inschrijven waarvoor ze op 30 juni 2017 van het vorige jaar ingeschreven waren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de inrichtende macht een keuze moet doen tussen verschillende kandidaten, stelt ze het personeelslid aan dat de grootste dienstanciënniteit bij haar telt, zoals berekend overeenkomstig artikel 29bis van het voormelde decreet van 1 februari 1993. Bij gelijke anciënniteit, wordt verwezen naar de ambtsanciënniteit; 3° aan de personeelsleden die in een ambt van leraar niet confessionele zedenleer of godsdienst, respectief aangesteld zijn in de lagere graad of in de hogere graad, gedurende het schooljaar 2016-2017, als prioritair tijdelijk, in de zin van artikel 34 van het voormelde decreet van 1 februari 1993, op voorwaarde dat zij : 1) houder zijn van minstens het diploma van bachelor, graduaat, GLSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de lagere graad, of van een diploma van master, licentiaat, GHSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de hogere graad;2) vóór 1 september 2017 een opleiding tot neutraliteit via hun oorspronkelijke opleiding hebben gekregen, of geslaagd zijn voor de onderwijseenheid \"opleiding tot neutraliteit', die door het onderwijs voor sociale promotie wordt georganiseerd.Voor die onderwijseenheid : a) indien ze niet kon worden gevolgd bij gebrek aan voldoende plaatsen, moeten ze het bewijs leveren dat ze zich hebben ingeschreven;b) indien zij niet voor die eenheid geslaagd zijn, moeten zij het bewijs leveren dat ze zich opnieuw hebben ingeschreven voor de eerstvolgende organisatie van de onderwijseenheid, en voor de daarop volgende, met de met redenen omklede instemming van de studieraad van de onderwijseenheid, als ze opnieuw zakken. De personeelsleden die hun diploma hebben behaald bij een inrichting van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs, uiterlijk gedurende het schooljaar 2003-2004, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden voor de voormelde opleiding tot neutraliteit; 3) ze zich bij hun inrichtende macht voor dat ambt bij aangetekend schrijven kandidaat hebben gesteld, op straffe van verval, vóór 31 juli 2017. In het gewoon onderwijs, moeten de personeelsleden zich voor het gehele opdrachtvolume inschrijven waarvoor ze op 30 juni van het vorige jaar binnen hun inrichtende macht ingeschreven waren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de inrichtende macht een keuze moet doen tussen verschillende kandidaten, stelt ze het personeelslid aan dat de grootste dienstanciënniteit bij haar telt, zoals berekend overeenkomstig artikel 29bis van het voormelde decreet van 1 februari 1993. Bij gelijke anciënniteit, wordt verwezen naar het vroegere ambt; 4° aan de personeelsleden die op 30 juni 2017 in actieve dienst waren, die een anciënniteit van minstens 180 dagen tellen, in een ambt van leraar godsdienst of niet confessionele zedenleer, respectief in de lagere of hogere graad, als tijdelijk personeelslid, in de zin van artikel 30 van het voormelde decreet van 1 februari 1993, op voorwaarde dat zij : 1) houder zijn van minstens het diploma van bachelor, graduaat, GLSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de lagere graad, of van een diploma van master, licentiaat, GHSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de hogere graad;2) houder zijn van een pedagogisch bekwaamheidsbewijs overeenkomstig de artikelen 17 en 18 van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs;3) vóór 1 september 2017 een opleiding tot neutraliteit via hun oorspronkelijke opleiding hebben gekregen, of geslaagd zijn voor de onderwijseenheid \"opleiding tot neutraliteit', die door het onderwijs voor sociale promotie wordt georganiseerd.Voor die onderwijseenheid : a) indien ze niet kon worden gevolgd bij gebrek aan voldoende plaatsen, moeten ze het bewijs leveren dat ze zich hebben ingeschreven;b) indien zij niet voor die eenheid geslaagd zijn, moeten zij het bewijs leveren dat ze zich opnieuw hebben ingeschreven voor de eerstvolgende organisatie van de onderwijseenheid, en voor de daarop volgende, met de met redenen omklede instemming van de studieraad van de onderwijseenheid, als ze opnieuw zakken. De personeelsleden die hun diploma hebben behaald bij een inrichting van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs, uiterlijk gedurende het schooljaar 2003-2004, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden voor de voormelde opleiding tot neutraliteit; 4) zich bij hun inrichtende macht voor dat ambt bij aangetekend schrijven kandidaat hebben gesteld, op straffe van verval, vóór 31 juli 2017. In het gewoon onderwijs, moeten de personeelsleden zich voor het gehele opdrachtvolume inschrijven waarvoor ze op 30 juni 2017 binnen hun inrichtende macht ingeschreven waren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de inrichtende macht een keuze moet doen tussen verschillende kandidaten, stelt ze het personeelslid aan dat de grootste dienstanciënniteit bij haar telt, zoals berekend overeenkomstig artikel 29bis van het voormelde decreet van 1 februari 1993. Bij gelijke anciënniteit, wordt verwezen naar de ambtsanciënniteit; 5° aan de personeelsleden die op 30 juni 2017 in actieve dienst waren, die een anciënniteit van minstens 180 dagen tellen, in een ambt van leraar godsdienst of niet confessionele zedenleer, respectief in de lagere of hogere graad, als tijdelijk personeelslid, in de zin van artikel 30 van het voormelde decreet van 1 februari 1993, op voorwaarde dat zij : 1) houder zijn van minstens het diploma van bachelor, graduaat, GLSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de lagere graad, of van een diploma van master, licentiaat, GHSO of een overeenstemmend bekwaamheidsbewijs uit de bekwaamheidsbewijzen die worden uitgereikt met toepassing van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/11/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies in de hogere graad;2) vóór 1 september 2017 een opleiding tot neutraliteit via hun oorspronkelijke opleiding hebben gekregen, of geslaagd zijn voor de onderwijseenheid \"opleiding tot neutraliteit', die door het onderwijs voor sociale promotie wordt georganiseerd.Voor die onderwijseenheid : a) indien ze niet kon worden gevolgd bij gebrek aan voldoende plaatsen, moeten ze het bewijs leveren dat ze zich hebben ingeschreven;b) indien zij niet voor die eenheid geslaagd zijn, moeten zij het bewijs leveren dat ze zich opnieuw hebben ingeschreven voor de eerstvolgende organisatie van de onderwijseenheid, en voor de daarop volgende, met de met redenen omklede instemming van de studieraad van de onderwijseenheid, als ze opnieuw zakken. De personeelsleden die hun diploma hebben behaald bij een inrichting van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs, uiterlijk gedurende het schooljaar 2003-2004, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden voor de voormelde opleiding tot neutraliteit; 3) zich bij hun inrichtende macht voor dat ambt bij aangetekend schrijven kandidaat hebben gesteld, op straffe van verval, vóór 31 juli 2017. In het gewoon onderwijs, moeten de personeelsleden zich voor het gehele opdrachtvolume inschrijven waarvoor ze op 30 juni 2017 binnen hun inrichtende macht ingeschreven waren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de inrichtende macht een keuze moet doen tussen verschillende kandidaten, stelt ze het personeelslid aan dat de grootste dienstanciënniteit bij haar telt, zoals berekend overeenkomstig artikel 29bis van het voormelde decreet van 1 februari 1993. Bij gelijke anciënniteit, wordt verwezen naar de ambtsanciënniteit;. § 2. Voor de toepassing van § 1, kan het personeelslid geen totaal aantal lestijden filosofie en burgerzin toegekend krijgen dat hoger is dan het totaal aantal lestijden zedenleer, godsdienst en alternatieve pedagogische begeleiding dat hem op 30 juni 2017 toegekend was.\".</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien het personeelslid de hem voorgestelde lestijden weigert, geniet het de overgangsbepalingen van afdeling VII niet meer.\". Art. 33.In dezelfde onderafdeling 2, ingevoegd bij artikel 29, wordt een artikel 293 septdecies 1/3 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/13. De ambtsanciënniteit van de leraren godsdienst en niet confessionele zedenleer, bedoeld in 1°, 2°, 3°, 4° en 5° van § 1 van artikel 293septdecies/12, die bij de inrichtende macht, werd verworven, wordt geacht een ambtsanciënniteit te zijn in de zin van artikel 29bis van het voormelde decreet van 1 februari 1993 als leraar filosofie en burgerzin, respectief in de lagere graad of in de hogere graad, naargelang van het geval.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ze kunnen echter die anciënniteit alleen aanvoeren als ze aanspraak maken op hetzelfde ambt. § 2. De prestaties van de tijdelijke leraren godsdienst en niet confessionele zedenleer, bedoeld in 2°, 3°, 4° en 5° van § 1 van artikel 293 septdecies/12, in hun nieuwe ambt van leraar filosofie en burgerzin, worden tegelijk opgenomen bij de berekening van de anciënniteit van hun nieuwe ambt en van hun vroegere ambt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het voordeel van de in het vorige lid bedoelde bepaling wordt toegepast totdat het personeelslid wordt benoemd in het nieuwe ambt van leraar filosofie en burgerzin in verhouding tot de lestijden die bij die nieuwe benoeming benoemd zijn, uiterlijk tot 31 augustus 2021.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-34\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 34</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde onderafdeling 2, ingevoegd bij artikel 29, wordt een artikel 293septdecies/14 ingevoegd,, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/14. Bij wijze van overgangsmaatregel, alleen voor het schooljaar 2017-2018, behouden de prioritaire tijdelijke leraren godsdienst en niet confessionele zedenleer, bedoeld in 2° en 3° van § 1 van artikel 293septdecies/12, die zich kandidaat hebben gesteld voor de aanwerving in vast verband onder de voorwaarden en in de vormen vereist in artikel 42 van het decreet van 1 februari 1993 gedurende het schooljaar 2016-2017, het recht op die aanwerving in vast verband in hun vroegere ambt gedurende het schooljaar 2017-2018, ook al presteren ze voortaan volledig binnen de inrichtende macht als leraar filosofie en burgerzin. Die aanwerving in vast verband geschiedt met inachtneming van de geldende statutaire regels zoals vastgesteld in hoofdstuk III van het decreet van 1 februari 1993. Op zijn aanvraag, in afwijking van artikel 42 § 1, 9° van het voormelde decreet van 1 februari 1993, kan het bij dat artikel bedoelde personeelslid die werving in vast verband genieten, zonder zijn prestaties als leraar filosofie en burgerzin te beëindigen. In dat geval wordt een verlof om een ander ambt voorlopig uit te oefenen hem van ambtswege door zijn inrichtende macht toegekend.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-35\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 35</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde onderafdeling 2, ingevoegd bij artikel 29, wordt een artikel 293septies/15 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/15. § 1. De tijdelijke reaffectatie van de in vast verband benoemde personeelsleden bedoeld in 1° van § 1 van artikel 293septdecies/12, wordt automatisch verlengd, volgens de regels die terzake vastgesteld zijn bij het voormelde besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 28 augustus 1995, totdat het personeelslid voldoet aan de voorwaarden voor de benoeming in vast verband die vastgesteld zijn in artikel 42 van het voormelde decreet van 1 februari 1993, en dit op voorwaarde dat het, vóór 1 september 2021, het getuigschrift didactiek voor de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 24bis, derde lid van het voormelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten heeft behaald, voor zover het bekwaamheidsbewijs dat door de Regering voor de uitoefening van dat ambt wordt vastgesteld, dit vereist.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking daarvan, kan het personeelslid bij zijn inrichtende macht, waarbij deze dit niet kan weigeren, de niet verlenging van zijn tijdelijke reaffectatie aanvragen. De aanvraag moet bij aangetekend schrijven vóór 31 mei voor het volgende schooljaar worden ingediend.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het personeelslid op 1 september 2021 niet voldoet aan die voorwaarden, geniet het vanaf dezelfde datum de bij dit decreet vastgestelde overgangsmaatregelen niet meer. § 2. Het verlof om een ander ambt in het onderwijs voorlopige uit te oefenen van de in vast verband benoemde personeelsleden bedoeld in 1° van hetzelfde artikel wordt automatisch verlengd, zolang hun aanstelling eveneens zal worden verlengd volgens de regels die terzake vastgesteld zijn bij hoofdstuk III van het voormelde decreet van 1 februari 1993, en totdat het personeelslid voldoet aan de benoemingsvoorwaarden die vastgesteld zijn in artikel 42 van hetzelfde decreet van 1 februari 1993, en dit op voorwaarde dat het, vóór 1 september 2021, het getuigschrift didactiek voor de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 24bis, derde lid van het voormelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten heeft behaald, voor zover het bekwaamheidsbewijs dat door de Regering voor de uitoefening van dat ambt wordt vastgesteld, dit vereist.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het personeelslid op 1 september 2021 niet voldoet aan die voorwaarden, geniet het vanaf dezelfde datum de bij dit decreet vastgestelde overgangsmaatregelen niet meer. § 3. Voor de tijdelijke personeelsleden bedoeld in 2°, 3°, 4° en 5° van § 1 van artikel 293septdecies/12, wordt hun aanstelling verlengd volgens de regels die terzake vastgesteld zijn bij hoofdstuk III van het voormelde decreet van 1 februari 1993, en totdat het personeelslid voldoet aan de benoemingsvoorwaarden die vastgesteld zijn in artikel 42 van hetzelfde decreet van 1 februari 1993, en dit op voorwaarde dat het, vóór 1 september 2021 : 1° ) het getuigschrift didactiek voor de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 24bis, derde lid van het voormelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten hebben behaald, voor zover het bekwaamheidsbewijs dat door de Regering voor de uitoefening van dat ambt wordt vastgesteld, dit vereist;2° ) in het geval van 3° en 5° een pedagogisch bekwaamheidsbewijs, overeenkomstig de artikelen 17 en 18 van het voormelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten, heeft behaald. Als het personeelslid op 1 september 2021 niet voldoet aan die voorwaarden, geniet het vanaf dezelfde datum de bij dit decreet vastgestelde overgangsmaatregelen niet meer. § 4. Als het personeelslid de hem voorgestelde lestijden weigert of de niet verlenging van zijn tijdelijke reaffectatie aanvraagt, geniet het de overgangsmaatregelen van deze afdeling niet meer.\". Art. 36.In dezelfde onderafdeling 2, ingevoegd bij artikel 29, wordt een artikel 293septdecies/16 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/16. Binnen dezelfde inrichting, kunnen de personeelsleden die de bij dit hoofdstuk vastgestelde bepalingen genieten, gedurende hetzelfde schooljaar, hun nieuwe ambt niet uitoefenen tegenover dezelfde leerling, samen met een opdracht van leraar godsdienst of niet confessionele zedenleer.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid, in het gespecialiseerd onderwijs, kan een personeelslid beide voormelde ambten tegenover dezelfde leerling uitoefenen : 1° indien deze ressorteert onder het onderwijs van vorm 1 en vorm 2; of 2° indien deze ressorteert onder het onderwijs van vorm 3 en vorm 4, maar indien de kenmerken van het bedoelde publiek dit vereisen.Die kenmerken worden behoorlijk vastgesteld binnen de ondernemingsraad, of, bij ontstentenis daarvan, van de vakbondsafvaardiging van de betrokken inrichtende macht.\". Afdeling III. - Bepalingen betreffende de personeelsleden van het onderwijs georganiseerd en gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap. Art. 37.In de afdeling VII van het hoofdstuk II van de titel III van hetzelfde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten wordt een onderafdeling 3 opgericht, luidend als volgt : Onderafdeling 3. - Overgangsbepalingen betreffende de bezoldiging. Art. 38.In de onderafdeling 3, ingevoegd bij artikel 37, wordt een artikel 293septdecies/17 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/17. De personeelsleden die vast benoemd zijn of die in vast verband aangeworven zijn of die op 31 augustus 2017 aan de voorwaarden bepaald in artikel 285 van dit decreet beantwoorden en die bedoeld zijn in de onderafdelingen 1 en 2 van deze titel alsook in de hoofdstukken XIquater van het bovenvermelde koninklijk besluit van 22 maart 1969 en Xter van het bovenvermelde koninklijk besluit van 25 oktober 1971, genieten, wanneer ze aangeworven zijn, zonder tijdbeperking, de weddenschalen die verbonden zijn aan de nieuwe ambten van leraar filosofie en burgerzin, respectievelijk naargelang het geval aan de lagere of hoger graad, behalve als de weddeschaal in verband met hun oorspronkelijke ambt hen een hogere bezoldiging geeft.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de personeelsleden die in tijdelijk verband aangesteld of aangeworven worden vanaf 1 september 2017 tot hoogstens 30 juni 2018, geldt de weddeschaal in verband met het oorspronkelijke ambt, wanneer ze gunstiger is, slechts voor het schooljaar 2017-2018\". Art. 39.In de afdeling VII van het hoofdstuk II van de titel III van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs, wordt een onderafdeling 4 opgericht, luidend als volgt : Onderafdeling 4. - Overgangsbepalingen betreffende het getuigschrift van didactiek van filosofie en burgerzin. Art. 40.In de onderafdeling 4, ingevoegd bij artikel 39, wordt een artikel 293septdecies/18 ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 293septdecies/18. Bij wijze van overgangsmaatregel, in afwachting van de oprichting van het getuigschrift bedoeld in artikel 24bis, derde lid, van dit decreet en ten laatste tot 1 september 2021, is het bezit van dit getuigschrift voor de uitoefening van het ambt van leraar filosofie en burgerzin niet vereist.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor het onderwijs gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap kunnen de leraren filosofie en burgerzin slechts vanaf 1 september 2021 als prioritaire tijdelijken aangesteld worden en benoemd worden, behalve deze die bedoeld zijn in de overgangsbepalingen van de afdeling VII van het hoofdstuk II van de titel III van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap kunnen de leraren filosofie en burgerzin slechts vanaf 1 september 2021 aangesteld worden als prioritaire tijdelijken en slechts vanaf 1 januari 2022 benoemd worden, behalve deze bedoeld in de overgangsbepalingen opgenomen in het hoofdstuk XI quater van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en in het hoofdstuk X ter van het koninklijk besluit van 25 oktober 1971 tot vaststelling van het statuut van leermeesters en leraren godsdienst voor het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het personeelslid waarvan het bekwaamheidsbewijs vastgesteld door de Regering, voor de uitoefening van het ambt van leraar filosofie en burgerzin, het getuigschrift bedoeld in artikel 24bis, derde lid, vereist, zal slechts benoemd kunnen worden als hij in het bezit zal zijn van dit getuigschrift.\".</p>\n<p class=\"lf-p\">TITEL II. - Bepalingen betreffende het basisonderwijs. HOOFDSTUK I. - Maatregelen betreffende de berekeningswijze van het aantal bruikbare lestijden voor de organisatie van de cursussen godsdienst, niet-confessionele zedenleer en filosofie en burgerzin in het basisonderwijs. Afdeling I. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 13 juli 1998 betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving. Art. 41.In artikel 39 van het decreet van 13 juli 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/07/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/08/1998 numac 1998029358 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving sluiten betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving, wordt een § 2bis ingevoegd, luidend als volgt : \"2bis. Voor de inrichtingen bedoeld in § 1 worden de aanvullende lestijden automatisch toegekend voor de vervanging van elk personeelslid dat aangeworven of aangesteld wordt in de hoedanigheid van leraar cursus filosofie en burgerzin in het kader van de maatregelen bepaald in de afdeling VI van het hoofdstuk II van de titel III van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs, zodat het betrokken personeelslid de cursus kan volgen voor het behalen van het getuigschrift van didactiek van de cursus filosofie en burgerzin.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze lestijden zullen toegekend worden bij elk schooljaar tot 30 juni 2021, naar rata van 2 lestijden per personeelslid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer het personeelslid tegelijkertijd het ambt van leermeester filosofie en burgerzin en het ambt leermeester niet-confessionele zedenleer of godsdienst uitoefent, vallen deze beide lestijden bij voorkeur onder zijn bevoegdheden als leermeester niet-confessionele zedenleer of godsdienst binnen de betrokken inrichtende macht.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de lestijden niet onder de betrokken bevoegdheden vallen, moet het personeelslid tenminste voor 3 lestijden in de inrichtende macht op 1 oktober van het lopende schooljaar als leermeester filosofie en burgerzin aangeworven of aangesteld worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">In beide gevallen blijft het personeelslid ten minste 1 lestijd als leermeester filosofie en burgerzin binnen de betrokken inrichtende macht werkelijk presteren, behalve bij afwezigheid wegens moederschap, ziekte, arbeidsongeschiktheid veroorzaakt door een arbeidsongeval en voor de volgende verlofdagen : verlof voor volledige of gedeeltelijke onderbreking van de beroepsloopbaan bij de geboorte of de adoptie van een kind, in het kader van het ouderschapsverlof; verlof voor volledige of gedeeltelijke onderbreking van de beroepsloopbaan om palliatieve zorg te verlenen; verlof voor volledige of gedeeltelijke onderbreking van de beroepsloopbaan om een lid van het gezin of de familie dat ernstig ziek is bij te staan of om hem zorg te verlenen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het inrichtingshoofd, voor het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap, of de inrichtende macht, voor het officieel gesubsidieerd onderwijs en voor het niet-confessioneel vrij onderwijs, dient bij de administratie een document in waarbij het gebruik van deze aanvullende lestijden bewezen wordt voor de vervanging van het betrokken personeelslid. Deze lestijden zullen worden toegekend, naargelang het geval, aan de inrichting of de inrichtende macht, bij wie het betrokken personeelslid de belangrijkste opdracht heeft. Ingeval de opdracht van het personeelslid gelijk is in elke betrokken inrichtende macht, behoort de keuze van de betrekking betrokken bij deze vervanging tot het personeelslid.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het vorige lid kunnen deze lestijden toegekend worden aan een andere inrichting of inrichtende macht, wanneer de toekenning van deze lestijden het aantal vestigingen kan verminderen waarin het effectief zijn ambten uitoefent.\". Art. 42.In § 3 van artikel 39 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden \" de prioriteitsvolgorde bepaald in titel II van het decreet van 13 juli 2016Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/07/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/08/1998 numac 1998029358 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving sluiten1 betreffende de invoering van een cursus filosofie en burgerzin in het basisonderwijs en betreffende het behoud van de alternatieve pedagogische begeleiding in het secundair onderwijs\" vervangen door de woorden \"de maatregelen bepaald bij de afdeling VI van hoofdstuk II van titel III van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs\"; 2° het vijfde lid wordt vervangen als volgt : \"Op dat aantal in het vorige lid bedoelde geglobaliseerde lestijden wordt een aantal lestijden automatisch uitgetrokken voor de inrichtingen van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs en voor de inrichtende machten van het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs waarvan het RLMOD en de aanvullende lestijden toegekend voor het behalen van het getuigschrift van didactiek van de cursus filosofie en burgerzin overeenkomstig § 2bis het niet mogelijk maken om aan de vast benoemde, prioritair tijdelijke of stagedoende tijdelijke leermeesters godsdienst en niet- confessionele zedenleer, een opdrachtenvolume toe te kennen dat gelijk is aan hun bevoegdheden op 30 juni 2016, overeenkomstig de prioriteitsvolgorde bepaald in de afdeling VI van het hoofdstuk II van de Titel III van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs, en, bij gebreke hieraan, overeenkomstig de regels van het administratief statuut waaronder het personeelslid ressorteert.\"; 3° er wordt een nieuw zesde lid ingevoegd, luidend als volgt : \"De aanvullende lestijden die bestemd zijn om een opdrachtenvolume te dekken dat gelijk is aan hun bevoegdheden op 30 juni 2016, worden ook uitgetrokken voor het vast benoemde, prioritair tijdelijke of stagedoende tijdelijke personeelslid dat prestaties in meer dan 6 vestigingen zou moeten uitvoeren, ongeacht alle inrichtende machten. Het inrichtingshoofd, voor het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap, of de inrichtende macht, voor het gesubsidieerd officieel onderwijs en voor het niet-confessioneel vrij onderwijs, moet bij de administratie een document indienen waarbij het gebruik van deze aanvullende lestijden bewezen wordt.\"; 4° er wordt een nieuw zevende lid ingevoegd, luidend als volgt : \"De lestijdens bedoeld in het vijfde en zesde lid zullen uitsluitend gebruikt worden voor de betrokken leermeesters godsdienst en niet-confessionele zedenleer en om : 1° ofwel de cursussen godsdienst, niet-confessionele zedenleer en filosofie en burgerzin te verstrekken.Ze verhogen, in voorkomend geval, de aantallen groepen bepaald overeenkomstig § 1; 2° ofwel de organisatie van activiteiten van pedagogische coördinatie of overleg; 3° ofwel de begeleiding van activiteiten van groepen leerlingen buiten de inrichting.\"; 5° er wordt een nieuw achtste lid ingevoegd, luidend als volgt : \"Het gebruik van deze lestijden wordt toegelaten van 1 oktober tot volgende 30 september.Dit gebruik valt onder de bevoegdheid van de inrichtende macht in het onderwijs gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap bedoeld in § 1, en van het inrichtingshoofd in het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap, na het advies van de overlegorganen bedoeld in artikel 25 te hebben ingewonnen.\"; 6° de huidige 6 tot 8 leden worden de 9 tot 11 leden;7° in het nieuwe negende lid worden de woorden \"bedoeld in het vorige lid\" vervangen door de woorden \"de aantallen lestijden bedoeld in § 2bis en in het vijfde en zesde lid van deze paragraaf\";8° er wordt een nieuw en laatste twaalfde lid ingevoegd, luidend als volgt : \"De diensten die gepresteerd worden in het kader van de aanvullende lestijden ingesteld in deze paragraaf worden in alle opzichten gelijkgesteld met de diensten die in het kader van de personeelsformatie gepresteerd worden.De aldus opgerichte betrekkingen kunnen aanleiding geven tot benoemingen of wervingen in vast verband.\".</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling II. - Maatregelen betreffende de berekeningswijze van het</h3>\n<p class=\"lf-p\">aantal bruikbare lestijden voor de organisatie van de cursussen godsdienst, niet-confessionele zedenleer en filosofie en burgerzin in het gespecialiseerd basisonderwijs. Art. 43.Het tweede lid van artikel 18 van het decreet van 3 maart 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/03/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/06/2004 numac 2004029137 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/03/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/04/2004 numac 2004029120 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende verschillende dringende maatregelen inzake niet verplicht onderwijs sluiten houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs, wordt vervangen als volgt : \"In de inrichtingen voor het gespecialiseerd lager onderwijs dat door de Franse Gemeenschap wordt georganiseerd en in de inrichtingen van het gespecialiseerd lager onderwijs van het gesubsidieerd officieel onderwijs en het gesubsidieerd niet-confessioneel vrij onderwijs die de keuze bieden tussen de verschillende cursussen godsdienst of niet-confessionele zedenleer blijft het gespecialiseerd lager onderwijs georganiseerd naar rata van 28 lestijden van 50 minuten wanneer de leerling vrijgesteld wordt van de cursus godsdienst of niet-confessionele zedenleer. De vrijgestelde leerlingen nemen verplicht deel aan een tweede lestijd van de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 8, vierde lid, van de wet van 29 mei 1959 tot wijziging van sommige bepalingen van de onderwijswetgeving.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-44\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 44</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 43bis van hetzelfde decreet wordt § 5 vervangen als volgt : \" § 5. Naast de lestijden die noodzakelijk zijn voor de organisatie van de verschillende cursussen godsdienst, niet-confessionele zedenleer en filosofie en burgerzin, kunnen op het maximumaantal lestijden alleen de lestijden worden uitgetrokken die noodzakelijk zijn voor het behoud van het volume van de opdracht dat gelijkwaardig is met de toekenningen op 30 juni 2016 van de vast benoemde of tijdelijk prioritaire leermeesters godsdienst en niet confessionele zedenleer, overeenkomstig de prioritaire volgorde bepaald in titel II van dit decreet en, bij gebreke hieraan, overeenkomstig de regels van het administratief statuut waaronder het personeelslid ressorteert Het maximumaantal lestijden bedoeld in paragraaf 2, tweede lid, kan alleen worden gebruikt voor de begeleiding van de cursussen godsdienst, niet-confessionele zedenleer en filosofie en burgerzin.</p>\n<p class=\"lf-p\">De overblijvende lestijden van een cursus kunnen geenszins worden overgedragen naar het onderwijzend personeel of naar andere personeelscategorieën.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de inrichtingen voor het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap, het gesubsidieerd officieel onderwijs en het niet-confessioneel onderwijs die de keuze bieden tussen de verschillende cursussen godsdienst of niet-confessionele zedenleer worden aanvullende lestijden automatisch toegekend voor elk personeelslid dat aangeworven of aangesteld wordt als leraar cursus filosofie en burgerzin in het kader van de maatregelen bepaald in de afdeling VI van het hoofdstuk II van de titel III van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs, voor het behalen van het getuigschrift van didactiek van de cursus filosofie en burgerzin. Deze lestijden zullen worden toegekend bij elk schooljaar tot 30 juni 2021, naar rata van 2 lestijden per personeelslid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer het personeelslid tegelijkertijd het ambt van leermeester filosofie en burgerzin en het ambt leermeester niet-confessionele zedenleer of godsdienst uitoefent, vallen deze beide lestijden bij voorkeur onder zijn bevoegdheden als leermeester niet-confessionele zedenleer of godsdienst binnen de betrokken inrichtende macht.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de lestijden niet onder de betrokken bevoegdheden vallen, moet het personeelslid tenminste voor 3 lestijden in de inrichtende macht op 1 september van het lopende schooljaar als leermeester filosofie en burgerzin aangeworven of aangesteld worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">In beide gevallen blijft het personeelslid ten minste 1 lestijd als leermeester filosofie en burgerzin binnen de betrokken inrichtende macht effectief presteren, behalve bij afwezigheid wegens moederschap, ziekte, arbeidsongeschiktheid veroorzaakt door een arbeidsongeval en voor de volgende verlofdagen : verlof voor volledige of gedeeltelijke onderbreking van de beroepsloopbaan bij de geboorte of de adoptie van een kind, in het kader van het ouderschapsverlof; verlof voor volledige of gedeeltelijke onderbreking van de beroepsloopbaan om palliatieve zorg te verstrekken; verlof voor volledige of gedeeltelijke onderbreking van de beroepsloopbaan om een lid van het gezin of de familie dat ernstig ziek is bij te staan of om hem zorg te verstrekken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het inrichtingshoofd, voor het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap, of de inrichtende macht, voor het officieel gesubsidieerd onderwijs en voor het niet-confessioneel vrij onderwijs, dient bij de administratie een document in waarbij het gebruik van deze aanvullende lestijden bewezen wordt voor de vervanging van het betrokken personeelslid. Deze lestijden zullen worden toegekend, naargelang het geval, aan de inrichting of de inrichtende macht, bij wie het betrokken personeelslid de belangrijkste opdracht heeft. Ingeval de opdracht van het personeelslid gelijk is in elke betrokken inrichtende macht, behoort de keuze van de betrekking betrokken bij deze vervanging tot het personeelslid.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het vorige lid kunnen deze lestijden toegekend worden aan een andere inrichting of inrichtende macht, wanneer de toekenning van deze lestijden het aantal vestigingen kan verminderen waarin het personeelslid effectief zijn ambten uitoefent.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bovendien, wanneer de lestijden die toegekend worden met toepassing van de bovenvermelde bepalingen het niet mogelijk maken om, binnen de inrichting voor het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap of binnen de inrichtende macht voor het onderwijs gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, aan de vast benoemde, prioritair tijdelijke of stagedoende tijdelijke personeelsleden, een opdrachtenvolume toe te kennen dat gelijk is met de toekenning ervan op 30 juni 2016, overeenkomstig de prioriteitsvolgorde bepaald in de afdeling VI van het hoofdstuk II van de Titel III van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs, en, bij gebreke hieraan, overeenkomstig de regels van het administratief statuut waaronder het personeelslid ressorteert, dient het inrichtingshoofd voor het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap of de inrichtende macht voor het gesubsidieerd officieel onderwijs en voor het niet-confessioneel vrij onderwijs, bij de Administratie, een document in waarbij bewezen wordt dat hij daarom een bepaald aantal aanvullende lestijden gebruikt waarvan hij de bestemming ervan overeenkomstig de hierna bedoelde bepalingen zal nader bepalen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De lestijden bedoeld in het vorige lid zullen uitsluitend gebruikt worden voor : 1. de organisatie van activiteiten, in het kader van de cursus filosofie en burgerzin, binnen eenzelfde inrichting;2. de organisatie van activiteiten voor de pedagogische coördinatie of het overleg. De aanvullende lestijden worden ook toegekend aan het vast benoemde, prioritair tijdelijke of stagedoende personeelslid dat, ondanks de voorafgaandelijke toepassing van de hierboven opgesomde bepalingen, geen opdrachtenvolume teruggevonden heeft dat gelijk was aan zijn toekenning ervan op 30 juni 2016 of dat prestaties in meer dan 6 vestigingen zou moeten verlenen, ongeacht alle inrichtende machten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze lestijden worden toegekend aan de inrichting of de inrichtende macht, naargelang het geval, bij wie het opdrachtenvolume van het betrokken personeelslid het belangrijkste is op 30 juni 2016. Het inrichtingshoofd, voor het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap, of de inrichtende macht, voor het gesubsidieerd officieel onderwijs en voor het niet-confessioneel vrij onderwijs, moet bij de administratie een document indienen waarbij het gebruik van deze aanvullende lestijden waarvan hij de bestemming per vestiging zal nader bepalen overeenkomstig de hierna bedoelde bepalingen, bewezen wordt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het betrokken personeelslid wordt voor de volgende taken toegewezen : a. de organisatie en begeleiding van activiteiten binnen de mediatheek;b. de begeleiding van de cursussen godsdienst, niet-confessionele zedenleer en filosofie en burgerzin;c. de organisatie van activiteiten van pedagogische coördinatie of overleg;d. de begeleiding van activiteiten van groepen leerlingen buiten de inrichting. Het gebruik van deze lestijden wordt toegelaten vanaf 1 september tot volgende 30 juni. Dit gebruik valt onder de bevoegdheid van de inrichtende macht in het onderwijs gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap en van het inrichtingshoofd in het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap. Het wordt onderworpen aan het voorafgaandelijke advies, in het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap, van het basisoverlegcomité, in het officieel onderwijs gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, van de plaatselijke paritaire commissie en in het vrij onderwijs gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, van de ondernemingsraad of, bij gebreke hieraan, van de vakbondsdelegatie met evocatierecht van het verzoeningsbureau bij afkeuring.</p>\n<p class=\"lf-p\">De diensten die gepresteerd worden in het kader van de aanvullende lestijden bedoeld in deze paragraaf, worden in alle opzichten gelijkgesteld met de diensten die gepresteerd worden in het kader van de personeelsformatie. De aldus opgerichte betrekkingen kunnen aanleiding geven tot benoemingen of de wervingen in vast verband.\". Art. 45.In artikel 43bis van hetzelfde decreet wordt § 6 vervangen als volgt : \" § 6. De vestigingsplaatsen organiseren de cursussen godsdienst, niet-confessionele zedenleer, filosofie en burgerzin en de tweede lestijd in verband met de vrijstelling vanaf 1 september 2017.\". HOOFDSTUK II. - Maatregelen betreffende de betrekkingen voor de cursus filosofie en burgerzin in het basisonderwijs - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen voor kleuter-, lager, gespecialiseerd, middelbaar, technisch onderwijs, onderwijs voor sociale promotie en kunstonderwijs van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen, het koninklijk besluit van 25 oktober 1971 tot vaststelling van het statuut van de leermeesters, de leraars en de inspecteurs katholieke, protestantse, Israëlistische en orthodoxe godsdienst der onderwijsinrichtingen van de Staat en het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs. Afdeling I. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen voor kleuter-, lager, gespecialiseerd, middelbaar, technisch onderwijs, onderwijs voor sociale promotie en kunstonderwijs van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen. Art. 46.Het vijfde lid van artikel 169ter van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen voor kleuter-, lager, gespecialiseerd, middelbaar, technisch onderwijs, onderwijs voor sociale promotie en kunstonderwijs van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen, wordt vervangen als volgt : \"De tijdelijke aanstelling in dit ambt van leermeester filosofie en burgerzin kan geenszins worden verlengd, indien de kandidaat niet voldoet aan de volgende voorwaarden : 1° vóór 1 september 2020, een pedagogisch bekwaamheidsbewijs hebben behaald, overeenkomstig de artikelen 17 en 18 van het bovenvermelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten; 2° vóór 1 september 2021, het getuigschrift van didactiek voor de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 24bis, derde lid, van het bovenvermelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten hebben behaald, voor zover het bekwaamheidsbewijs dat door de Regering wordt vastgesteld, voor de uitoefening van dat ambt, dit vereist.\". Art. 47.In artikel 169quater van hetzelfde besluit wordt het vierde lid vervangen als volgt : \"De benoeming in dit ambt van leermeester filosofie en burgerzin zal geenszins kunnen worden verlengd als de kandidaat niet voldoet aan de volgende voorwaarden : 1° vóór 1 september 2020, een pedagogisch bekwaamheidsbewijs hebben behaald, overeenkomstig de artikelen 17 en 18 van het bovenvermelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten; 2° vóór 1 september 2021, het getuigschrift van didactiek voor de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 24bis, derde lid, van het bovenvermelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten hebben behaald, voor zover het bekwaamheidsbewijs dat door de Regering wordt vastgesteld, voor de uitoefening van dat ambt, dit vereist.\". Art. 48.In artikel 169quinquies, vierde lid, van hetzelfde besluit wordt het cijfer \"2020\" vervangen door \"2021\". Art. 49.In artikel 169quinquies wordt na het vijfde lid een tekst toegevoegd, luidend als volgt : \" \"De terugroeping in actieve dienst voor onbepaalde duur wordt elk jaar automatisch verlengd.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking hiervan kan het personeelslid bij de Administratie vragen, zonder dat zij dit kan weigeren, dat de terugroeping in actieve dienst voor onbepaalde duur niet verlengd wordt. De aanvraag moet bij de administratie bij aangetekende brief voor 1 mei voor het volgende schooljaar ingediend worden. Voor het schooljaar 2017-2018 zal deze brief aan de administratie voor ten laatste 31 augustus 2017 ingediend moeten worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het personeelslid de bevoegdheden weigert die hem worden voorgesteld of vraagt om de niet-verlenging van zijn voorlopige terugroeping voor onbepaalde duur, komt hij niet meer in aanmerking voor de overgangsbepalingen van dit hoofdstuk.\". Art. 50.In artikel 169sexies, § 1, eerste lid van hetzelfde besluit worden de woorden \"129ter tot 129quinquies\" vervangen door de woorden \"169ter tot 169quinquies\". Art. 51.In artikel 169sexies, § 1, tweede lid, van hetzelfde besluit worden de woorden \"129ter tot 129quinquies\" vervangen door de woorden \"169ter tot 169quinquies\". Art. 52.§ 2 van artikel 169sexies van hetzelfde besluit wordt geschrapt. Art. 53.In hetzelfde besluit wordt een artikel 169septies ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 169septies.Binnen eenzelfde vestigingsplaats kunnen de personeelsleden die in aanmerking komen voor de bepalingen bepaald in dit hoofdstuk, tijdens hetzelfde schooljaar, hun nieuw ambt niet uitoefenen samen met een opdracht van leermeester niet-confessionele zedenleer.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid, in het gespecialiseerd onderwijs, kan een personeelslid het bovenvermelde ambt uitoefenen met dezelfde leerling.\". Afdeling II. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 oktober 1971 tot vaststelling van het statuut van de leermeesters, de leraars en de inspecteurs katholieke, protestantse, Israëlistische en orthodoxe godsdienst der onderwijsinrichtingen van de Staat. Art. 54.Het vijfde lid van artikel 49ter van het koninklijk besluit van 25 oktober 1971 tot vaststelling van het statuut van de leermeesters, de leraars en de inspecteurs katholieke, protestantse, Israëlistische en orthodoxe godsdienst der onderwijsinrichtingen van de Staat, wordt vervangen als volgt : \"De tijdelijke aanstelling in dit ambt van leermeester filosofie en burgerzin zal geenszins kunnen worden verlengd, indien de kandidaat niet voldoet aan de volgende voorwaarden : 1° vóór 1 september 2020, een pedagogisch bekwaamheidsbewijs hebben behaald, overeenkomstig de artikelen 17 en 18 van het bovenvermelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten; 2° vóór 1 september 2021, het getuigschrift van didactiek voor de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 24bis, derde lid, van het bovenvermelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten hebben behaald, voor zover het bekwaamheidsbewijs dat door de Regering wordt vastgesteld, voor de uitoefening van dat ambt, dit vereist.\". Art. 55.In artikel 49quater van hetzelfde besluit wordt het vierde lid vervangen als volgt : \"De benoeming in dit ambt van leermeester filosofie en burgerzin zal geenszins kunnen worden verlengd, indien de kandidaat niet voldoet aan de volgende voorwaarden : 1° vóór 1 september 2020, een pedagogisch bekwaamheidsbewijs hebben behaald, overeenkomstig de artikelen 17 en 18 van het bovenvermelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten; 2° vóór 1 september 2021, het getuigschrift van didactiek voor de cursus filosofie en burgerzin bedoeld in artikel 24bis, derde lid, van het bovenvermelde decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten hebben behaald, voor zover het bekwaamheidsbewijs dat door de Regering wordt vastgesteld, voor de uitoefening van dat ambt, dit vereist.\". Art. 56.In artikel 49quinquies, vierde lid van hetzelfde besluit wordt het cijfer \"2020\" vervangen door \"2021\". Art. 57.In artikel 49quinquies wordt na het vijfde lid een tekst toegevoegd, luidend als volgt : \"De terugroeping in actieve dienst voor onbepaalde duur wordt elk jaar automatisch verlengd.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking hiervan kan het personeelslid bij de Administratie vragen, zonder dat zij dit kan weigeren, dat de terugroeping in actieve dienst voor onbepaalde duur niet verlengd wordt. De aanvraag moet bij de administratie bij aangetekende brief voor 1 mei voor het volgende schooljaar ingediend worden. Voor het schooljaar 2017-2018 zal deze brief aan de administratie voor ten laatste 31 augustus 2017 ingediend moeten worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het personeelslid de bevoegdheden weigert die hem worden voorgesteld of vraagt om de niet-verlenging van zijn voorlopige terugroeping voor onbepaalde duur, komt hij niet in aanmerking voor de overgangsbepalingen van dit hoofdstuk.\". Art. 58.§ 2 van artikel 49sexies van hetzelfde besluit wordt geschrapt. Art. 59.In hetzelfde besluit wordt een artikel 49septies ingevoegd, luidend als volgt : \"Artikel 49septies.Binnen eenzelfde vestigingsplaats kunnen de personeelsleden die in aanmerking komen voor de bepalingen bepaald in dit hoofdstuk, tijdens hetzelfde schooljaar, hun nieuw ambt niet uitoefenen samen met een opdracht van leermeester godsdienst.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid, in het gespecialiseerd onderwijs, kan een personeelslid het bovenvermelde ambt uitoefenen met dezelfde leerling.\". Afdeling III. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 11 april 2014 tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs. Art. 60.Artikel 293undecies, eerste lid, van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs, wordt vervangen als volgt : \"Binnen eenzelfde inrichting kunnen de personeelsleden die in aanmerking komen voor de bepalingen bepaald in die afdeling, tijdens hetzelfde schooljaar, hun nieuw ambt niet uitoefenen binnen dezelfde vestigingsplaats samen met een opdracht van leermeester godsdienst of niet-confessionele zedenleer.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid, in het gespecialiseerd onderwijs, kan een personeelslid de bovenvermelde beide ambten uitoefenen met dezelfde leerling.\". Art. 61.Artikel 293quindecies, eerste lid, van hetzelfde decreet, wordt vervangen als volgt : \"Binnen dezelfde inrichting kunnen de personeelsleden die in aanmerking komen voor de bepalingen bepaald in die afdeling, tijdens hetzelfde schooljaar, hun nieuw ambt niet uitoefenen in dezelfde vestigingsplaats samen met een opdracht van leermeester godsdienst of niet-confessionele zedenleer.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid, in het gespecialiseerd onderwijs, kan een personeelslid de bovenvermelde beide ambten uitoefenen met dezelfde leerling.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-62\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 62</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 293decies worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de §§ 1 en 2 wordt \"2020\" vervangen door \"2021\";2° in § 1, na het eerste lid, wordt het volgende lid ingevoegd : \" In afwijking hiervan kan het personeelslid bij zijn inrichtende macht vragen, zonder dat hij dit kan weigeren, dat de tijdelijke reaffectatie niet verlengd wordt.De aanvraag moet bij de inrichtende macht bij aangetekende brief vóór 31 mei voor het volgende schooljaar ingediend worden. Voor het schooljaar 2017-2018 zal de beperkte datum voor de verzending van de aangetekende brief op 31 augustus 2017 vastgesteld worden.\"; 3° in § 3, a) in het eerste lid wordt na de woorden \"1 september 2020\", en vóór 1° : \"voor 2°, en vóór 1 september 2021 voor 1° \" ingevoegd;b) in het tweede lid wordt de zin \"op 1 september 2020 aan die voorwaarden\" vervangen door de zin \"aan de voorwaarde bepaald in 1° op 1 september 2021, of in 2° op 1 september 2020\";4° er wordt een vierde paragraaf ingevoegd, luidend als volgt : \" § 4.Indien het personeelslid de bevoegdheden die hem worden voorgesteld weigert, of vraagt om de niet-verlenging van de zijn tijdelijke reaffectatie dan komt hij niet meer aanmerking voor de overgangsbepalingen van deze afdeling.\" Art. 63.In artikel 293quatuordecies van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de §§ 1 en 2 wordt \"2020\" vervangen door \"2021\";2° het volgende lid wordt in § 1 na het eerste lid ingevoegd : \"In afwijking hiervan kan het personeelslid bij zijn inrichtende macht vragen, zonder dat hij dit kan weigeren, dat de tijdelijke reaffectatie niet verlengd wordt.De aanvraag moest bij de inrichtende macht bij aangetekende brief vóór 15 mei voor het volgende schooljaar ingediend worden Voor het schooljaar 2017-2018 zal de beperkte datum voor de verzending van de aangetekende brief op 31 augustus 2017 vastgesteld worden.\"; 3° in § 3, a) In het eerste lid worden na de woorden \"1 september 2020\", en vóór 1° : de woorden \"voor 2°, en vóór 1 september 2021 voor 1° \" ingevoegd;b) In het tweede lid wordt de zin \"op 1 september 2020 aan die voorwaarden\" vervangen door de zin \"aan de voorwaarde bepaald in 1° op 1 september 2021, of in 2° op 1 september 2020\";4° er wordt een vierde paragraaf ingevoegd, luidend als volgt : \" § 4.Indien het personeelslid de bevoegdheden die hem worden voorgesteld weigert, of vraagt om de niet-verlenging van de zijn tijdelijke reaffectatie dan komt hij niet meer aanmerking voor de overgangsbepalingen van deze afdeling.\" Art. 64.In artikel 293septdecies van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het jaar \"2020\" wordt vervangen door het jaar \"2021\";2° er worden twee leden na het eerste lid ingevoegd, luidend als volgt : \"Voor het onderwijs gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap kunnen de leermeesters filosofie en burgerzin slechts vanaf 1 september 2021 als prioritaire tijdelijke aangesteld en benoemd worden, behalve deze bedoeld in de overgangsbepalingen van de afdeling VII van hoofdstuk II van titel III van het</p>\n<p class=\"lf-p\">decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten. Voor het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap kunnen de leermeesters filosofie en burgerzin slechts vanaf 1 september 2021 als prioritaire tijdelijke aangesteld worden en slechts vanaf 1 januari 2022 benoemd worden, behalve deze bedoeld in de overgangsbepalingen opgenomen in hoofdstuk XI quater van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en in hoofdstuk X ter van het koninklijk besluit van 25 oktober 1971 tot vaststelling van het statuut van de leermeesters, de leraars en de inspecteurs katholieke, protestantse, Israëlistische en orthodoxe godsdienst der onderwijsinrichtingen van de Staat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het personeelslid waarvan het bekwaamheidsbewijs bepaald door de Regering, voor de uitoefening van het ambt van leermeester filosofie en burgerzin, het bezit van het getuigschrift bedoeld in artikel 24bis, derde lid, vereist, zal slechts benoemd kunnen worden als hij in het bezit is van dit getuigschrift.\".</p>\n<h3 class=\"lf-part\">TITEL III. - Overgangsbepalingen die eigen zijn aan de ambten voor de cursussen godsdienst en niet-confessionele zedenleer. Art. 65.In artikel 293bis van het</h3>\n<p class=\"lf-p\">decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs, wordt een § 3 ingevoegd, luidend als volgt : \" § 3. Het personeelslid waarvan het bekwaamheidsbewijs bepaald door de Regering, voor de uitoefening van het ambt van leermeester of leraar godsdienst, het bezit van het getuigschrift bedoeld in artikel 24bis, tweede lid, vereist, met inbegrip van de personeelsleden die houder zijn van één van de bekwaamheidsbewijzen bedoeld in § 1 van dit artikel, zal slechts benoemd kunnen worden als hij in het bezit is van dit getuigschrift.\". Art. 66.In artikel 293ter van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs, wordt een tweede lid ingevoegd, luidend als volgt : \"Het personeelslid waarvan het bekwaamheidsbewijs bepaald door de Regering, voor de uitoefening van het ambt van leermeester of leraar niet-confessionele zedenleer, het bezit van het getuigschrift bedoeld in artikel 24bis, tweede lid, vereist, zal slechts benoemd kunnen worden als hij in het bezit is van dit getuigschrift.\".</p>\n<p class=\"lf-p\">TITEL IV. - Inwerkingtreding Art. 67.Dit decreet treedt in werking vanaf het schooljaar 2017-2018, met uitzondering van 8° van artikel 42 dat uitwerking heeft met ingang van het schooljaar 2016-2017.</p>\n<p class=\"lf-p\">Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Brussel, 19 juli 2017.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Minister-President, R. DEMOTTE De Vice-Presidente en Minister van Cultuur en Kind, A. GREOLI De Vice-President, Minister van Hoger Onderwijs, Onderzoek en Media, J.-Cl. MARCOURT De Minister van Hulpverlening aan de Jeugd, Justitiehuizen, Sport en Promotie van Brussel, belast met het toezicht op de Franse Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, R. MADRANE De Minister van Onderwijs, M.-M. SCHYNS De Minister van Begroting, Ambtenarenzaken en Administratieve Vereenvoudiging, A. FLAHAUT De Minister van Onderwijs voor sociale promotie, Jeugd, Vrouwenrechten en Gelijke Kansen, I. SIMONIS _______ Nota (1) Zitting 2016-2017. Stukken van het Parlement. - Ontwerp van decreet, nr. 494-1. - Verslag nr. 494-2.- Vergaderingsamendementen, nr. 262-4.- Integraal verslag. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 18 juli 2017.</p></div>", "next": 0}