{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">De bestaande beperkingen van artikel 36 van de nomenclatuur blijven van toepassing: 1 zitting per dag is terugbetaald. Art. 17.Pre- en postnatale zorg Alle verstrekkingen uit artikel 9, a), van de nomenclatuur mogen worden verleend via telefonische of videocommunicatie, met uitzondering van de verstrekkingen waarbij de fysieke aanwezigheid van de vroedvrouw onontbeerlijk is, zoals onder andere de injecties, het toezicht en de hulp aan de parturiënte tijdens de arbeidsfase, de verlossingen, het postnataal toezicht op de dag van de verlossing, enz.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor elke specifieke zorgsituatie moet de vroedvrouw steeds nagaan of een begeleiding op afstand verantwoord is.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verstrekkingen via telefonische of videocommunicatie kunnen worden verleend door alle vroedvrouwen met een RIZIV-nummer.</p>\n<p class=\"lf-p\">Om een verstrekking zonder fysieke aanwezigheid te kunnen aanrekenen moet de pseudocode 792433 (betrekkelijke verstrekking voor zorg op afstand) toegevoegd worden aan de code voorzien in artikel 9, a), van de nomenclatuur.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bepalingen in de nomenclatuur betreffende de minimale duur van de verstrekkingen, de cumulatie van verstrekkingen en het dossier van de rechthebbende blijven van toepassing indien de verstrekking wordt uitgevoerd via telefonische of videocommunicatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">De collectieve voorbereiding op de bevalling blijft mogelijk indien gebruikt wordt gemaakt van de technologie van een interactieve \"webinar\". De deelnemers kunnen de sessie rechtstreeks thuis volgen, de vroedvrouw zien en horen en indien gewenst vragen stellen. Art. 18.Het honorarium en het bedrag van de verzekeringstegemoetkoming voor de verstrekkingen bedoeld in de artikelen 16 en 17 zijn dezelfde als voor de verstrekkingen met fysieke aanwezigheid van de nomenclatuur. Afdeling 3. - Zorg op afstand inzake revalidatieverstrekkingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-19\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 19</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Gelet op de adviezen in verband met de COVID-19 pandemie worden afwijkingen voorzien op de bepalingen voorzien in het koninklijk besluit van 10 januari 1991 tot vaststelling van de nomenclatuur van de revalidatieverstrekkingen bedoeld in artikel 23, § 2, tweede lid, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, tot vaststelling van de honoraria en prijzen van die verstrekkingen en tot vaststelling van het bedrag van de verzekeringstegemoetkoming in die honoraria en prijzen voor de periode vanaf 14 maart 2020</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-20\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 20</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Diëtetiekverstrekkingen Per patiënt die voor de verstrekkingen 794010 of 771131 in aanmerking komt, kunnen maximum 2 van deze verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie worden verricht, onder de volgende voorwaarden: 1° er wordt voldaan aan alle voorwaarden die op de verstrekkingen 794010 en 771131 van toepassing zijn;2° de minimum-duur van de verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie blijft 30 minuten;3° het honorarium en het bedrag van de verzekeringstegemoetkoming is voor de verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie hetzelfde als voor de verstrekkingen 794010 en 771131;4° de diëtist kan voor eenzelfde patiënt maximum 2 verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie realiseren, en maximum 1 per dag per patiënt;5° de verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie tellen mee voor het maximum aantal verstrekkingen 794010 en 771131 waarin de verzekering tussenkomt voor een patiënt;6° de diëtist spreekt met de patiënt vooraf af om verstrekkingen via de telefoon of via videocommunicatie te verrichten;7° de diëtist informeert de patiënt vooraf over het persoonlijk aandeel van de rechthebbende in het honorarium voor deze verstrekkingen;8° de diëtist registreert de verstrekking via telefoon of videocommunicatie en de duur ervan in het patiëntendossier dat hij per patiënt bijhoudt;9° op het getuigschrift van verzorging attesteert de diëtist de verstrekking via telefoon of videocommunicatie door de nomenclatuurcode te vermelden die op deze verstrekking van toepassing is (794010 of 771131), samen met de bijkomende code 792433.De pseudocode 792433 wordt rechts naast de gebruikelijke nomenclatuurcode vermeld Indien de diëtist elektronisch factureert, vermeldt hij de bijkomende pseudocode 792433 in de zone \"betrekkelijke verstrekking\" van het facturatiebestand.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-21\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 21</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Verstrekkingen inzake educatie van diabetespatiënten § 1. Per patiënt die voor de verstrekkingen 794253, 794275, 794290 en/of 794312 in aanmerking komt, kunnen maximum 2 van deze verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie worden verricht, onder de volgende voorwaarden: 1° het maximum aantal van 2 verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie geldt per patiënt voor het totaal van alle verstrekkingen 794253, 794275, 794290 en 794312 samen;2° behalve de voorwaarde betreffende de ruimte waar de verstrekking moet worden gerealiseerd, wordt er voldaan aan alle voorwaarden die op de gerealiseerde verstrekking van toepassing zijn;3° de minimum-duur van de verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie blijft 30 minuten;4° het honorarium en het bedrag van de verzekeringstegemoetkoming is voor de verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie hetzelfde als voor de gerealiseerde verstrekking zonder telefoon of videocommunicatie;5° de verstrekker kan voor eenzelfde patiënt maximum 2 verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie realiseren, en maximum 1 per dag per patiënt;6° de verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie tellen mee voor het maximum aantal verstrekkingen 794253, 794275, 794290, 794312, 794334, 794356, 794371 en 794393 waarin de verzekering tussenkomt voor een patiënt;7° de verstrekker spreekt met de patiënt vooraf af om verstrekkingen via de telefoon of via videocommunicatie te verrichten;8° de verstrekker registreert de verstrekking via telefoon of videocommunicatie en de duur ervan in het patiëntendossier dat hij per patiënt bijhoudt;9° indien een verstrekking 794253, 794275 of 794312 is verricht via telefoon of videocommunicatie, attesteert de verstrekker de verstrekking via telefoon of videocommunicatie door op het getuigschrift van verzorging de nomenclatuurcode te vermelden die op de gerealiseerde verstrekking van toepassing is (794253, 794275 of 794312), samen met de bijkomende code 792433.De pseudocode 792433 wordt rechts naast de gebruikelijke nomenclatuurcode vermeld Indien de verstrekker elektronisch factureert, vermeldt hij de bijkomende pseudocode 792433 in de zone \"betrekkelijke verstrekking\" van het facturatiebestand; 10° indien een verstrekking 794290 is verricht via telefoon of videocommunicatie, attesteert de apotheker deze verstrekking met behulp van de code 794953. § 2. Per patiënt die voor de verstrekkingen 794415 en 794430 in aanmerking komt, kunnen maximum 2 van deze verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie worden verricht, onder de volgende voorwaarden: 1° het maximum aantal van 2 verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie geldt per patiënt voor het totaal van alle verstrekkingen 794415 en 794430 samen;2° behalve de voorwaarde betreffende de ruimte waar de verstrekking moet worden gerealiseerd, wordt er voldaan aan alle voorwaarden die op de gerealiseerde verstrekking van toepassing zijn;3° de minimumduur van de verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie blijft 30 minuten;4° het honorarium en het bedrag van de verzekeringstegemoetkoming is voor de verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie hetzelfde als voor de gerealiseerde verstrekking zonder telefoon of videocommunicatie;5° de diabeteseducator kan voor eenzelfde patiënt maximum 2 verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie realiseren, en maximum 1 per dag per patiënt;6° de verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie tellen mee voor het maximum aantal verstrekkingen 794415, 794430 en 794452 waarin de verzekering tussenkomt voor een patiënt;7° de diabeteseducator spreekt met de patiënt vooraf af om verstrekkingen via de telefoon of via videocommunicatie te verrichten;8° de diabeteseducator registreert de verstrekking via telefoon of videocommunicatie en de duur ervan in het patiëntendossier dat hij per patiënt bijhoudt;9° op het getuigschrift van verzorging attesteert de diabeteseducator de verstrekking via telefoon of videocommunicatie door de nomenclatuurcode te vermelden die op deze verstrekking van toepassing is (794415 of 794430), samen met de bijkomende code 792433.De pseudocode 792433 wordt rechts naast de gebruikelijke nomenclatuurcode vermeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de diabeteseducator elektronisch factureert, vermeldt hij de bijkomende pseudocode 792433 in de zone \"betrekkelijke verstrekking\" van het facturatiebestand.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-22\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 22</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Ergotherapieverstrekkingen Per patiënt die voor de verstrekking 784335 in aanmerking komt, kunnen maximum 2 van deze verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie worden verricht, onder de volgende voorwaarden: 1° behalve de voorwaarde betreffende de ruimte waar de verstrekking moet worden gerealiseerd, wordt er voldaan aan alle voorwaarden die op de verstrekking 784335 van toepassing zijn;2° de minimum-duur van de verstrekkingen via videocommunicatie blijft 60 minuten;3° het honorarium en het bedrag van de verzekeringstegemoetkoming is voor de verstrekkingen via videocommunicatie hetzelfde als voor de verstrekking 784335;4° de ergotherapeut kan voor eenzelfde patiënt maximum 2 verstrekkingen via videocommunicatie realiseren, en maximum 1 per dag per patiënt;5° de verstrekkingen via videocommunicatie tellen mee voor het maximum aantal verstrekkingen 784335 waarin de verzekering tussenkomt voor een patiënt;6° de ergotherapeut moet vooraf, via telefoon, met de patiënt afspreken om via videocommunicatie te werken, en gaat daarbij na of de patiënt daartoe in staat is en of hij beschikt over het nodige materiaal (vereiste communicatie-apparatuur en software-applicaties) De ergotherapeut informeert de patiënt ook vooraf over het persoonlijk aandeel van de rechthebbende in het honorarium voor deze verstrekkingen; 7° de ergotherapeut registreert de verstrekking via videocommunicatie en de duur ervan in het patiëntendossier dat hij per patiënt bijhoudt;8° op het getuigschrift van verzorging attesteert de ergotherapeut de verstrekking via videocommunicatie door de gebruikelijke nomenclatuurcode 784335 te vermelden, samen met de bijkomende code 792433.De pseudocode 792433 wordt rechts naast de gebruikelijke nomenclatuurcode vermeld. Indien de ergotherapeut elektronisch factureert, vermeldt hij de bijkomende pseudocode 792433 in de zone \"betrekkelijke verstrekking\" van het facturatiebestand.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 4. - Zorg op afstand inzake revalidatieverstrekkingen</h3>\n<p class=\"lf-p\">voorzien per overeenkomst Art. 23.Gelet op de adviezen in verband met de COVID-19 pandemie worden afwijkingen voorzien op de bepalingen van de overeenkomsten bedoeld in artikel 22, 6° en artikel 23, § 3 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994, voor de periode vanaf 14 maart 2020.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-24\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 24</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Overeenkomsten met de centra die patiënten begeleiden die kampen met de gevolgen van vrouwelijke genitale verminkingen, met de centra voor transgenderzorg en met de geheugenklinieken. § 1. In het kader van de overeenkomsten die het Verzekeringscomité, op voorstel van het College van artsen-directeurs, gesloten heeft met de centra die patiënten begeleiden die kampen met de gevolgen van vrouwelijke genitale verminkingen (Riziv-identificatienummer 7.76.1xx.xx), met de centra voor transgenderzorg (Riziv-identificatienummer 7.76.2xx.xx) en met de geheugenklinieken (Riziv-identificatienummer 7.78.1xx.xx) kan een psycholoog die deel uitmaakt van het team dat de overeenkomst voorziet, zittingen via videocommunicatie realiseren. § 2 De volgende verstrekkingen komen hiervoor in aanmerking: 1° de verstrekking \"zitting\" (pseudocodes 784593 - 784604) van de centra die patiënten begeleiden die kampen met de gevolgen van vrouwelijke genitale verminkingen;2° de verstrekking \"zitting\" (pseudocodes 787916 - 787920) van de centra voor transgenderzorg;3° de verstrekking \"zitting in de kliniek\" (pseudocodes 784512 - 784523) van de geheugenklinieken. § 3. Deze verstrekkingen via videocommunicatie kunnen worden gerealiseerd onder volgende voorwaarden: 1° behalve de voorwaarde betreffende de ruimte waar de verstrekking moet worden gerealiseerd, wordt er voldaan aan alle voorwaarden van de respectieve overeenkomsten die op de respectieve verstrekkingen van toepassing zijn;2° de adviserend arts van de verzekeringsinstelling van de rechthebbende heeft de tenlasteneming van de begeleiding in de betrokken inrichting toegestaan;3° de minimum-duur van de verstrekkingen via videocommunicatie blijft 60 minuten;4° per dag en per patiënt kan slechts één verstrekking via videocommunicatie worden vergoed;5° de prijzen en honoraria van de verstrekkingen via videocommunicatie stemmen overeen met de prijzen en honoraria van de respectieve overeenkomsten die op de respectieve verstrekkingen van toepassing zijn;6° de verstrekkingen via videocommunicatie tellen mee voor het maximum aantal verstrekkingen waarin de verzekering tussenkomt voor een patiënt;7° de psycholoog moet vooraf, via telefoon, met de rechthebbende afspreken om via videocommunicatie te werken, en gaat daarbij na of de rechthebbende daartoe in staat is en of hij beschikt over het nodige materiaal (vereiste communicatie-apparatuur en software-applicaties).</p>\n<p class=\"lf-p\">De psycholoog informeert de rechthebbende ook vooraf over het persoonlijk aandeel van de rechthebbende in het honorarium voor deze verstrekkingen; 8° de psycholoog registreert de verstrekking via videocommunicatie en de duur ervan in het patiëntendossier dat de overeenkomst voorziet;9° het ziekenhuis dat de respectieve overeenkomst heeft afgesloten met het Verzekeringscomité, factureert de gerealiseerde verstrekking via videocommunicatie met behulp van de pseudocode: a) 788992 (ambulante patiënt) of 789003 (gehospitaliseerde patiënt) voor een zitting in het kader van de overeenkomst met de centra die patiënten begeleiden die kampen met de gevolgen van vrouwelijke genitale verminkingen;b) 785971 (ambulante patiënt) of 785982 (gehospitaliseerde patiënt) voor een zitting in het kader van de overeenkomst met de centra voor transgenderzorg;c) 785993 (ambulante patiënt) of 786004 (gehospitaliseerde patiënt) voor een zitting in het kader van de overeenkomst met de geheugenklinieken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-25\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 25</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Overeenkomsten met de inrichtingen Clairs Vallons en Zeepreventorium § 1. In het kader van de overeenkomsten die het Verzekeringscomité, op voorstel van het College van artsen-directeurs, gesloten heeft met de inrichtingen \"Clairs Vallons\" in Ottignies (Riziv-identificatienummer 7.76.601.78) en \"Zeepreventorium\" in De Haan (Riziv-identificatienummer 7.76.602.77), kan een individuele begeleidingssessie van minimum 1 uur, via telefoon of videocommunicatie worden gerealiseerd voor rechthebbenden van wie het revalidatieprogramma in de betrokken inrichting onderbroken is. § 2. Deze verstrekkingen via telefoon of videocommunicatie kunnen worden gerealiseerd onder volgende voorwaarden: 1° de verstrekking individuele begeleidingssessie van 1 uur via telefoon of videocommunicatie kan alleen worden verricht voor een rechthebbende voor wie de adviserend arts van de verzekeringsinstelling van de rechthebbende de tenlasteneming van het revalidatieprogramma in de betrokken inrichting heeft toegestaan;2° alleen individuele begeleiding van 1 patiënt of van het gezin van 1 patiënt of van een gezin waarvan meerdere patiënten deel uitmaken, is mogelijk.Groepssessies via telefoon of video met meerdere patiënten die geen deel uitmaken van hetzelfde gezin, zijn uitgesloten; 3° de individuele begeleidingssessie van minimum 1 uur via telefoon of videocommunicatie kan nooit worden aangerekend voor patiënten die in de inrichting verblijven of die in een ziekenhuis zijn opgenomen;4° de individuele begeleidingssessie van minimum 1 uur via telefoon of videocommunicatie kan nooit worden aangerekend voor nieuwe patiënten voor wie de tenlasteneming van de revalidatie op 14 maart 2020 nog niet was gestart;5° de individuele begeleidingssessie van minimum 1 uur via telefoon of videocommunicatie mag worden opgesplitst in kleinere delen, waarbij eventueel afwisselend diverse leden van het team dat de overeenkomst voorziet, tussenkomen;6° per week kunnen voor een zelfde rechthebbende maximum 5 individuele begeleidingssessies van minimum 1 uur via telefoon of videocommunicatie worden vergoed;7° de prijs van de individuele begeleidingssessie van minimum 1 uur via telefoon of videocommunicatie bedraagt 100 euro.Deze prijs houdt niet alleen rekening met de minimale duur van de individuele begeleidingszitting, maar ook met de noodzakelijke voorbereidingstijd, de tijd die nodig is voor de rapportering hierover, de supervisie door de arts, de tijd besteed aan teamoverleg, de administratiekosten en de algemene werkingskosten van de inrichting; 8° het teamlid dat een individuele begeleidingssessie van minimum 1 uur via telefoon of videocommunicatie verricht, spreekt met de patiënt vooraf af om verstrekkingen via de telefoon of via videocommunicatie te verrichten en informeert de rechthebbende of zijn wettelijke vertegenwoordiger vooraf over het persoonlijk aandeel van de rechthebbende in het honorarium voor de gerealiseerde verstrekking;9° van iedere individuele begeleidingssessie van minimum 1 uur via telefoon of videocommunicatie wordt de datum, het begin- en einduur, de identiteit van alle betrokkenen, de discipline waartoe een betrokken teamlid behoort en de inhoud van de tussenkomst geregistreerd in het patiëntendossier dat de overeenkomst voorziet;10° de individuele begeleidingssessie van minimum 1 uur via telefoon of videocommunicatie wordt aangerekend met behulp van de pseudocode 783996. § 3</p>\n<p class=\"lf-p\">De teamleden van Clairs Vallons en Zeepreventorium kunnen voor de patiënten van de inrichting waarin ze werkzaam zijn, met inbegrip van de patiënten die het revalidatieprogramma van deze inrichtingen onderbroken hebben, nooit verstrekkingen op afstand verrichten waarin de verzekering voor geneeskundige verzorging tussenkomt op basis van een andere regeling dan de overeenkomsten die het Verzekeringscomité met Clairs Vallons en het Zeepreventorium heeft gesloten. Alleen de individuele begeleidingssessie van minimum 1 uur via telefoon of videocommunicatie kan, onder de hierboven beschreven voorwaarden, door teamleden van deze inrichtingen via telefoon of videocommunicatie voor patiënten van deze inrichtingen worden gerealiseerd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-26\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 26</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Overeenkomsten met de revalidatiecentra voor locomotorische en neurologische revalidatie § 1. In het kader van de overeenkomsten die het Verzekeringscomité, op voorstel van het College van artsen-directeurs, gesloten heeft met de revalidatiecentra voor locomotorische en neurologische revalidatie (met een Riziv-identificatienummer van het type 7.71.xxx.xx, 9.50.xxx.xx of 9.51.xxx.xx), kan een verstrekking logopedie via videocommunicatie worden gerealiseerd. § 2. Het betrokken revalidatiecentrum kan deze verstrekking logopedie via videocommunicatie aanrekenen onder de volgende voorwaarden: 1° de verstrekking logopedie via videocommunicatie wordt verricht voor een rechthebbende voor wie de adviserend arts van de verzekeringsinstelling van de rechthebbende de tenlasteneming van het revalidatieprogramma in een revalidatiecentrum voor locomotorische en neurologische revalidatie heeft toegestaan;2° de verstrekking logopedie via videocommunicatie wordt verricht voor een rechthebbende van wie het revalidatieprogramma in een revalidatiecentrum voor locomotorische en neurologische revalidatie tijdelijk is onderbroken;3° de verstrekking logopedie via videocommunicatie wordt verricht door een logopedist die deel uitmaakt van het team van het revalidatiecentrum voor locomotorische en neurologische revalidatie dat met het Verzekeringscomité een overeenkomst heeft gesloten;4° de minimumduur van de verstrekking logopedie via videocommunicatie bedraagt 30 minuten;5° het betreft een individuele verstrekking, waarbij één logopedist één patiënt behandelt;6° de logopedist moet vooraf, via telefoon, met de rechthebbende afspreken om via videocommunicatie te werken, en gaat daarbij na of de rechthebbende daartoe in staat is en of hij beschikt over het nodige materiaal (vereiste communicatie-apparatuur en software-applicaties) De logopedist informeert de rechthebbende ook vooraf over het persoonlijk aandeel van de rechthebbende in het honorarium voor deze verstrekkingen; 7° de logopedist registreert de verstrekking via videocommunicatie en de duur ervan in het patiëntendossier dat de overeenkomst voorziet;8° de prijs van de logopedieverstrekking via videocommunicatie bedraagt 24,06 euro;9° per dag kan voor eenzelfde rechthebbende maximum één logopedieverstrekking via videocommunicatie in het kader van de overeenkomst met het Verzekeringscomité worden aangerekend; 10° het ziekenhuis dat de overeenkomst heeft afgesloten met het Verzekeringscomité, factureert de gerealiseerde verstrekking via videocommunicatie met behulp van de pseudocode: a) 783495 (ambulante patiënt) of 783506 (gehospitaliseerde patiënt) voor een zitting in het kader van een overeenkomst met een Riziv-identificatienummer van het type 7.71.xxx.xx; b) 791475 (ambulante patiënt) of 791486 (gehospitaliseerde patiënt) voor een zitting in het kader van een overeenkomst met een Riziv-identificatienummer van het type 9.50.xxx.xx; c) 791534 (ambulante patiënt) of 791545 (gehospitaliseerde patiënt) voor een zitting in het kader van een overeenkomst met een Riziv-identificatienummer van het type 9.51.xxx.xx.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-27\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 27</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Overeenkomst met de CP-referentiecentra § 1. In het kader van de overeenkomsten die het Verzekeringscomité, op voorstel van het College van artsen-directeurs, gesloten heeft met de referentiecentra voor cerebral palsy (CP) (overeenkomsten met een Riziv-identificatienummer van het type 7.89.50x.xx), kan de verstrekking \"punctueel advies\" die omschreven wordt in artikel 7, 3° en artikel 11 van die overeenkomsten, via telefoon of videocommunicatie worden gerealiseerd. § 2. Het betrokken CP-referentiecentrum kan deze verstrekking \"punctueel advies\" via telefoon of videocommunicatie aanrekenen aan de verzekering onder de volgende voorwaarden : 1° de verstrekking punctueel advies voldoet aan de voorwaarden van de overeenkomst, en in het bijzonder aan de voorwaarden van de artikelen 7, 3°, 11 en 12 van de overeenkomst;2° de verstrekking punctueel advies kan alleen via telefoon of videocommunicatie worden gerealiseerd voor een rechthebbende voor wie er reeds een revalidatieprogramma lopende is waarvan de tenlasteneming door de adviserend arts van de verzekeringsinstelling van de rechthebbende is toegestaan;3° de verstrekking punctueel advies kan alleen via telefoon of videocommunicatie worden gerealiseerd voor een rechthebbende voor wie eerder reeds de verstrekking 783510-783521, zoals die omschreven is in artikel 7, 1° en artikel 8 van de overeenkomst met het Verzekeringscomité, is gerealiseerd geweest;4° de leden van het team van het CP-referentiecentrum die tussenkomen in de verstrekking, informeren de rechthebbende of zijn wettelijke vertegenwoordiger over het verschuldigde persoonlijk aandeel voordat met de verstrekking wordt gestart;5° de rechthebbende of zijn wettelijke vertegenwoordiger heeft voorafgaandelijk ingestemd met het verrichten van de verstrekking punctueel advies via telefoon of videocommunicatie;6° de rechthebbende heeft, verspreid over minimum 2 verschillende dagen, in het totaal minimum 2 uur begeleiding via telefoon of videocommunicatie gekregen.Per dag en per patiënt kan maximum 1 uur begeleiding via telefoon of videocommunicatie in aanmerking worden genomen Dit uur mag eventueel worden opgesplitst in kleinere delen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Alleen begeleidingstijd waarvoor op geen enkele andere manier een tussenkomst wordt aangerekend, kan in aanmerking worden genomen; 7° de verstrekking punctueel advies via telefoon of videocommunicatie kan maximum 1 keer per maand en per rechthebbende worden aangerekend;8° de verstrekking punctueel advies via telefoon of videocommunicatie wordt volledig gerealiseerd door middel van individuele begeleiding (begeleiding van 1 patiënt en zijn gezin).Groepssessies via telefoon of videocommunicatie met meerdere patiënten die geen deel uitmaken van hetzelfde gezin, kunnen geen deel uitmaken van de minimum vereiste begeleidingstijd; 9° alle tussenkomsten via telefoon of videocommunicatie moeten in het patiëntendossier worden vermeld (datum, begin- en einduur, welk teamlid en welke discipline, inhoud van de tussenkomst);10° de verstrekking punctueel advies via telefoon of videocommunicatie wordt aangerekend aan de prijs die krachtens de overeenkomst met het Verzekeringscomité verschuldigd is voor een verstrekking punctueel advies;11° de verstrekking punctueel advies via telefoon of videocommunicatie wordt aangerekend met behulp van de pseudocode 784394 (ambulante patiënt) of 784405 (gehospitaliseerde patiënt).</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-28\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 28</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Overeenkomst met het multidisciplinair diagnostisch centrum voor patiënten met het Chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) § 1. In het kader van de overeenkomst die het Verzekeringscomité, op voorstel van het College van artsen-directeurs, gesloten heeft met het multidisciplinair diagnostisch centrum voor patiënten met chronisch vermoeidheidssyndroom (overeenkomst met Riziv-identificatienummer 7.89.453.30), kan de verstrekking \"sessie cognitieve gedragstherapie\" (CGT-sessie) via videocommunicatie worden gerealiseerd. § 2. De `CGT-sessie door videocommunicatie' is een CGT-sessie zoals gedefinieerd in artikel 19 van de overeenkomst waarbij de `cognitief gedragstherapeut voor CVS' en de rechthebbende niet samen lijfelijk aanwezig zijn in de praktijkkamer van de cognitief gedragstherapeut (in afwijking van artikel 19, 2° van de overeenkomst), maar de behandelingssessie van cognitieve gedragstherapie realiseren door communicatie op afstand via een toepassing van videocommunicatie. § 3 Om een CGT-sessie door videocommunicatie te kunnen realiseren dient de `cognitief gedragstherapeut voor CVS' vooraf, per telefoon, met de rechthebbende afgesproken te hebben om de sessie per videocommunicatie te realiseren. De `cognitief gedragstherapeut voor CVS' gaat daarbij na of de rechthebbende daartoe in staat is en of hij beschikt over de voor videocommunicatie vereiste communicatie-apparatuur en software-applicaties. § 4. De bepalingen en het tarief van de overeenkomst die van toepassing zijn op de `CGT-sessies' zijn eveneens van toepassing op de `CGT-sessies door videocommunicatie'. Onder meer wat de naleving van bepaalde maxima betreft, telt de CGT-sessie door videocommunicatie mee als een gewone CGT-sessie. § 5.</p>\n<p class=\"lf-p\">De pseudocode voor de CGT-sessie door videocommunicatie is 788970 voor ambulante rechthebbenden en 788981 voor gehospitaliseerde rechthebbenden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-29\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 29</span><span class=\"lf-art-t\">Het</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">koninklijk besluit van 18 maart 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/03/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">23/03/2020 numac 2020040672 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot vaststelling van verschillende uitzonderlijke maatregelen inzake de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen met het oog op de zorgopvang van patiënten in de context van de COVID-19 pandemie met het SARS-CoV-2 virus sluiten tot vaststelling van verschillende uitzonderlijke maatregelen inzake de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen met het oog op de zorgopvang van patiënten in de context van de COVID-19 pandemie met het SARS-CoV-2 virus wordt opgeheven.</p>\n<p class=\"lf-p\">TITEL 4. - STRUCTUREN HOOFDSTUK 1. - Schakelzorgcentra Art. 30.Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder: 1° triage- en afnamecentrum: de centra bedoeld in artikel 44;2° schakelzorgcentrum: de centra die in het kader van COVID-19 door de deelentiteiten zijn opgericht na goedkeuring van de gouverneur, die tijdelijk patiënten huisvesten die zijn doorverwezen na opname in een ziekenhuis of doorverwezen door een triage- en afnamecentrum of door een dienst spoedgevallen, en die om de reden die zijn opgenomen in dit hoofdstuk niet direct kunnen terugkeren naar hun gewone leefsituatie;3° de wet: de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994;4° de verplichte verzekering: de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen zoals bedoeld in de wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/1994 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/12/2008 numac 2008001027 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/1994 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/10/2010 numac 2010000576 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/1994 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/03/2011 numac 2011000117 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/1994 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/01/2012 numac 2012000022 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/1994 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/07/2014 numac 2014000464 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/1994 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/03/2015 numac 2015000138 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/1994 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/11/2008 numac 2008000938 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen van het jaar 2007 type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/1994 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/07/2013 numac 2013000466 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Gecoördineerde wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten;5° het Riziv: het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering. Art. 31.Dit hoofdstuk regelt : 1° voor de schakelzorgcentra, de voorwaarden waaronder de verplichte verzekering kan tegemoetkomen in de kosten van opvolging, toezicht en zorg door verpleegkundigen, zorgkundigen en door artsen;2° de voorwaarden voor de tegemoetkoming door de verplichte verzekering in de kost van andere gezondheidszorg in de centra bedoeld in artikel 30, 2°. Art. 32.§ 1. De patiënten waarvoor de tegemoetkomingen bedoeld in dit hoofdstuk worden toegekend, zijn deze waarbij COVID-19 werd gedetecteerd. Ofwel werden ze hiervoor opgenomen in het ziekenhuis ofwel zijn ze onderzocht in een triage- en afnamecentrum of in een dienst spoedgevallen waar beslist werd dat een opname in het ziekenhuis niet nodig is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als bij deze patiënten wordt vastgesteld zij bij hun terugkeer naar hun gewone leefsituatie zich niet kunnen houden aan de strikte regels van isolering, hygiëne en afstand houden van hoog risico personen of als ze nog specifieke zorg nodig hebben die niet kan worden aangeboden in een gewone leefsituatie, kunnen ze opgenomen worden in een schakelzorgcentrum voor een verblijf tot drie weken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze vaststelling wordt vermeld in de verwijsbrief van de behandelende arts naar het schakelzorgcentrum. § 2. Indien het gaat om een patiënt die in normale omstandigheden in een collectieve/residentiële structuur verblijft en waarbij COVID-19 werd gedetecteerd dient de patiënt bij ontslag uit het ziekenhuis terug verwezen te worden naar het collectieve/residentieel verblijf waar hij onder strikte voorwaarden van isolering en hygiëne moet kunnen opgevangen worden en waar de continuïteit van zorg kan gegarandeerd worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien dit onmogelijk kan gegarandeerd worden als gevolg van uitzonderlijk moeilijke omstandigheden binnen het residentieel verblijf en indien dit werd vastgesteld door de erkennende overheid, kan een tijdelijke opvang in het schakelzorgcentrum beslist worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Omwille van psychosociale reden dient dit verblijf tot een minimum in de tijd beperkt worden en bij voorkeur niet langer dan één week.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-33\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 33</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De schakelzorgcentra moeten in staat zijn om de patiënten die zich bevinden in de volgende situaties op te nemen : 1° Voor een patiënt waarbij COVID-19 werd gedetecteerd en die geen chronische aandoening heeft, zelfredzaam is en in het algemeen onafhankelijk is in zijn dagelijks leven, is alleen dagelijkse bewaking van bepaalde parameters nodig om eventuele verslechtering van zijn toestand op te sporen. 2° Voor een patiënt waarbij COVID-19 werd gedetecteerd en die in het algemeen weinig onafhankelijk is in het dagelijks leven (gedesoriënteerd, geriatrisch, met een handicap, Katz-schaal thuisverpleging A, B of C, enz.) of die chronische zorg nodig heeft (wondverzorging, insuline, enz.), moet het schakelzorgcentrum omkadering aanbieden die hem in staat zal stellen om naast de dagelijkse bewaking van de parameters om eventuele verslechtering van zijn toestand op te sporen, de zorg te ontvangen die zijn afhankelijkheidssituatie vereist. 3° Voor een patiënt die in het algemeen autonoom is, waarbij COVID-19 werd gedetecteerd en die omwille van de opname in het ziekenhuis tijdelijke rehabilitatiezorg nodig heeft (onder meer na lang verblijf op een dienst intensieve zorg) die in een thuissituatie niet kan gegeven worden omwille van het ontbreken van de noodzakelijke apparatuur of door de ongeschiktheid van de woning, moet een omkadering worden geboden die hem in staat zal stellen om naast de dagelijkse bewaking van de parameters om eventuele verslechtering van zijn toestand op te sporen, de zorg te ontvangen die zijn herstelproces vereist. § 2 De opname in een schakelzorgcentrum is enkel mogelijk als de noodzakelijke uitrusting, het materieel en het personeel beschikbaar is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-34\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 34</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De tegemoetkoming voor artsen bedoeld in artikel 35 is afhankelijk van de volgende opdrachten en voorwaarden: 1° De tegemoetkoming dekt het medisch toezicht en de medische zorg door een groep van artsen die aangeduid wordt in overleg met de huisartsenkring van de plaats van het centrum;2° Voor de opvolging van de patiënten, de coördinatie van de zorg en voor toediening van medische zorg wordt, in functie van de zorglast van de patiënten in het centrum, de fysieke aanwezigheid georganiseerd door een arts gedurende maximum 8 uur per dag voor een groep van 30 patiënten;3° Per bijkomende schijf van 15 patiënten kunnen maximum 4 bijkomende uren van fysieke aanwezigheid van een arts per dag worden toegevoegd;4° Onder de aangeduide artsen worden afspraken gemaakt voor de beschikbaarheid tijdens de avond en de nacht (17u - 8u de volgende dag) door één arts;5° De arts verbonden aan het centrum is verantwoordelijk voor het voorschrijven van zorg voor de periode dat de patiënt verblijft in het schakelzorgcentrum;6° De arts verbonden aan het centrum beslist om de patiënt terug te laten hospitaliseren;7° De arts verbonden aan het centrum beslist tot het ontslag van de patiënt, in overleg met patiënt/huisarts/andere structuren.Daarbij houdt de arts ook rekening met de ontslagcriteria die door Sciensano worden opgemaakt in het kader van COVID-19 crisis; 8° Bij ontslag van de patiënt uit het centrum maakt de arts verbonden aan het centrum een ontslagbrief over aan de huisarts van de patiënt</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-35\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 35</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Voor de opdrachten zoals voorzien in artikel 34 gelden de volgende tegemoetkomingen: 1° Voor de uren dat een arts oproepbaar is tussen 17 uur 's avonds en 8 uur 's ochtends de volgende dag bedraagt de tegemoetkoming 6,51 euro per uur (beschikbaarheid honoraria).Voor elk van die periodes kan maximum één arts dit honorarium ontvangen. Deze uren worden niet geregistreerd in Medega. Deze tegemoetkoming dekt eveneens de tijd voor telefonische consultaties Deze tegemoetkoming wordt door het Riziv betaald aan het schakelzorgcentrum op basis van een lijst van uren beschikbaarheid per arts; 2° Voor de fysieke aanwezigheid in het schakelzorgcentrum overdag en/of bij fysieke aanwezigheid na oproeping tussen 17 uur 's avonds en 8 uur 's ochtends de volgende dag bedraagt de tegemoetkoming 80,34 euro per uur; Deze tegemoetkoming dekt alle verstrekkingen die worden uitgevoerd tijdens de aanwezigheid in het schakelzorgcentrum.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze tegemoetkoming wordt door het Riziv betaald aan het schakelzorgcentrum op basis van een lijst van het aantal gepresteerde uren per arts in het centrum. 3° Tijdens het verblijf van de patiënt in het schakelzorgcentrum kunnen de honoraria zoals bedoeld in hoofdstuk 2 van het koninklijk besluit van 14 september 1984Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/09/1984 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/12/2013 numac 2013000795 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. - Duitse vertaling van uittreksels sluiten tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen niet worden aangerekend.4° Op de tegemoetkoming bedoeld in 1°, 2° en 3° is geen remgeld verschuldigd voor de patiënt en kunnen hem evenmin supplementen worden aangerekend.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-36\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 36</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De tegemoetkoming voor verpleegkundigen en zorgkundigen zoals bedoeld in artikel 37 is afhankelijk van de volgende opdrachten en voorwaarden: 1° opvolging van de parameters zoals bedoeld in artikel 33, 24 uur op 24 uur en 7 dagen op 7;2° het verlenen van de zorg aan patiënten, 24 uur op 24 uur en 7 dagen op 7;3° het team van verpleegkundigen en zorgkundigen wordt samengesteld op basis van de beschikbaarheid aan die kwalificaties in de regio;4° het maximum aantal financierbare voltijds equivalenten (VTE) bedraagt 6 per 30 patiënten waaronder 4 VTE verpleegkundigen en 2 VTE zorgkundigen;5° Per bijkomende schijf van 15 patiënten kunnen maximum 3 VTE, waaronder 2 verpleegkundigen en 1 zorgkundige worden toegevoegd aan de equipe;6° binnen dit team wordt een verantwoordelijke aangeduid</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-37\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 37</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Voor de opdrachten zoals voorzien in artikel 36 gelden de volgende tegemoetkomingen: 1°. De tegemoetkoming per werkelijk gepresteerde uur van een verpleegkundige bedraagt 47,25 euro; 2° De tegemoetkoming per werkelijk gepresteerd uur van een zorgkundige bedraagt 34,96 euro;3° Deze tegemoetkoming wordt door het Riziv betaald aan het schakelzorgcentrum op basis van een lijst van het aantal werkelijk gepresteerde uren in het centrum, met een maximum van 228 uren per week (6 x 38 uur) per 30 patiënten.Voor elke schijf van 15 bijkomende patiënten kunnen daaraan maximum 114 uur worden toegevoegd; 4° Tijdens het verblijf van de patiënt in het schakelzorgcentrum kunnen de verstrekkingen die zijn bedoeld in artikel 8 van het koninklijk besluit van 14 september 1984Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/09/1984 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/12/2013 numac 2013000795 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. - Duitse vertaling van uittreksels sluiten niet worden aangerekend;5° Op de tegemoetkomingen bedoeld in 1° en 2° is geen remgeld verschuldigd voor de patiënt en kunnen hem evenmin supplementen worden aangerekend. Art. 38.Wat de andere zorg betreft voor de patiënten die vallen onder de toepassing van dit hoofdstuk gelden de volgende voorwaarden: 1° Wat de geneesmiddelen betreft: deze worden tijdens het verblijf van de patiënt in het centrum elektronisch voorgeschreven door de arts verbonden aan het centrum.Voor de aflevering en tarifering gelden de reguliere regels die van toepassing zijn voor de aflevering aan een ambulante patiënt door ofwel de ziekenhuisapotheek ofwel door de openbare officina. 2° Wat de verzorging verleend door een kinesitherapeut in een schakelzorgcentrum betreft : deze wordt vergoed op basis van maximum 1 individuele kinesitherapiezitting per rechthebbende en per dag.Deze wordt aangerekend aan de verzekeringsinstelling van de patiënt via de pseudocode 518055, waarbij er een persoonlijke betrokkenheid van de kinesitherapeut per rechthebbende is met een globale gemiddelde duur van 30 minuten. Het honorarium voor die verstrekking bedraagt 22,26 euro. Er is geen persoonlijk aandeel, noch supplement verschuldigd door de rechthebbenden voor deze verstrekking. Voor de kinesitherapeutische zorg verleend tijdens het verblijf van de rechthebbende in het schakelzorgcentrum mogen geen verstrekkingen uit artikel 7 van de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/09/1984 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/12/2013 numac 2013000795 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. - Duitse vertaling van uittreksels sluiten worden aangerekend. 3° In afwijking van artikel 35, 3° kan, wat de verstrekkingen op vlak van geestelijke gezondheidszorg betreft, de patiënt een beroep doen op alle mogelijke bestaande structuren, inclusief op de uitzonderlijke nomenclatuur in kader van COVID-19 voor psychiaters en de eerstelijnspsychologen binnen de overeenkomst met het Verzekeringscomité van het Riziv voor de eerstelijnspsychologische zorg.4° Alle andere geneeskundige zorg kan vergoed worden binnen de voorwaarden die zijn bepaald in of in uitvoering van de wet, tenzij wat de verstrekkingen betreft zoals bedoeld in de artikels 34 en 36. Art. 39.De tegemoetkomingen zoals bedoeld in artikel 35 en 37 zijn niet verschuldigd indien het gaat om artsen, verpleegkundigen en/of zorgkundigen die als vrijwilliger zijn tewerkgesteld of die dienstvrijstelling genieten bij een administratie of een verzekeringsinstelling.</p>\n<p class=\"lf-p\">De tegemoetkomingen zoals bedoeld in artikel 35 en 37 zijn evenmin van toepassing voor de uren dat de artsen, verpleegkundigen en/of zorgkundigen reeds vergoed zijn door een andere tegemoetkoming binnen de verplichte verzekering. Het kan onder meer gaan om personen gefinancierd voor de gepresteerde uren in de schakelzorgcentra door het budget van financiële middelen, door het forfait wijkgezondheidscentrum of door een forfait van een revalidatie-instelling.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de prestaties bedoeld in dit hoofdstuk worden verleend aan een rechthebbende die is ingeschreven in een medisch huis, worden deze prestaties aangerekend aan en ten laste genomen door de verplichte verzekering overeenkomstig artikel 40 of door de verzekeringsinstelling van de rechthebbende overeenkomstig artikel 38, eerste lid, 2°, en worden ze niet overgemaakt aan het medisch huis voor tenlasteneming.</p>\n<p class=\"lf-p\">De tegemoetkomingen zoals bedoeld in artikel 35 en 37 zijn evenmin van toepassing als de kost is ten laste genomen door een andere werkgever/instelling/dienst/overheid. Art. 40.De tegemoetkomingen zoals bedoeld in artikel 35 en 37 kunnen door de verantwoordelijke van het schakelzorgcentrum worden gefactureerd aan de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Riziv overeenkomstig de facturatie-instructies bepaald door de leidend ambtenaar van die dienst.</p>\n<p class=\"lf-p\">De betaling wordt gedaan op het rekeningnummer dat door het schakelzorgcentrum aan het Riziv wordt meegedeeld. Art. 41.Het schakelzorgcentrum registreert gegevens in een centrale database die wordt georganiseerd bij de FOD Volksgezondheid. Het gaat onder meer over de identificatie van de patiënten, de doorverwijzende instelling, de opnamedatum en de ontslagdatum en de bestemming na ontslag uit het centrum.</p>\n<p class=\"lf-p\">De persoonsgegevens uit die database en de opnamedatum en de ontslagdatum worden wekelijks via het Riziv meegedeeld aan het Nationaal Intermutualistisch College dat zorgt voor de mededeling aan elke betrokken verzekeringsinstelling.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-42\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 42</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De gezondheidszorgbeoefenaars tewerkgesteld in het schakelzorgcentrum vallen onder de verantwoordelijkheid van het schakelzorgcentrum. Het schakelzorgcentrum vergewist zich van de status inzake de noodzakelijke verzekeringen inzake ondermeer beroepsaansprakelijkheid en arbeidsongevallenverzekering</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-43\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 43</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Enkel de schakelzorgcentra waarvan de benaming en adres, de datum van opening/sluiting, de verantwoordelijke en het Riziv-nummer is gepubliceerd op de website van het Riziv, die van deze publicatie zijn ingelicht en die voldoen aan de bepalingen van dit hoofdstuk, komen in aanmerking voor de tegemoetkomingen bedoeld in dit hoofdstuk. HOOFDSTUK 2. - Triage- en afnamecentra Art. 44.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder `triage- en afnamecentrum': het centrum van de eerstelijnszorg, specifiek opgezet door huisartsen, ziekenhuizen en overheden om patiënten die verwezen werden door een arts en die mogelijk besmet zijn met COVID-19 lichamelijk te onderzoeken en stalen af te nemen voor testen met het oog op het opsporen van COVID-19</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-45\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 45</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Het Instituut kent een identificatienummer toe aan elk triage- en afnamecentrum dat de volgende gegevens bezorgt via het adres covid19@riziv-inami.fgov.be: 1° contactgegevens;2° startdatum van de activiteit;3° één medische verantwoordelijke (naam, e-mail, telefoon);4° één administratieve contactpersoon (naam, e-mail, telefoon);5° het keuzeformulier, gepubliceerd op de website van het Instituut, waarmee de rekeningnummers worden aangeduid waarop de tegemoetkomingen worden gestort. Elke wijziging van de doorgegeven gegevens wordt onmiddellijk per mail meegedeeld. § 2. De lijst met triage- en afnamecentra wordt gepubliceerd op de website van het Instituut. § 3. De datum van sluiting wordt door elk triage- en afnamecentrum onmiddellijk meegedeeld aan het Instituut</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-46\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 46</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Elk triage- en afnamecentrum dat voldoet aan de definitie van artikel 44 kan aanspraak maken op de volgende tegemoetkomingen: 1° een eenmalige forfaitaire tegemoetkoming voor de opstart van het triage- en afnamecentrum;2° een tegemoetkoming per lichamelijk onderzoek van de patiënt die zich aanbiedt in het centrum;3° een forfaitaire tegemoetkoming voor de coördinatie van de werkzaamheden in het triage- en afnamecentrum door een arts, in functie van het aantal gepresteerde uren per dag;4° een forfaitaire tegemoetkoming voor de verpleegkundige ondersteuning in het triage- en afnamecentrum, in functie van het aantal gepresteerde uren per dag;5° een forfaitaire tegemoetkoming voor de administratieve ondersteuning in het triage- en afnamecentrum, in functie van het aantal gepresteerde uren per dag. § 2. De tegemoetkomingen bedoeld in paragraaf 1, 2°, 3°, 4° en 5° zijn ten vroegste verschuldigd vanaf 23 maart 2020 of vanaf de startdatum van het triage- en afnamecentrum, als die later valt</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-47\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 47</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De tegemoetkoming bedoeld in artikel 46, § 1, 1°, dekt de activiteit van de artsen die aan de opstart van het triage- en afnamecentrum hebben meegewerkt in de periode voorafgaand aan de opening en bedraagt maximaal 7.230,60 euro De Koning bepaalt de modaliteiten om het bedrag per centrum te berekenen en houdt daarbij rekening met het aantal inwoners en het aantal deelnemende huisartsen in de regio die door het triage- en afnamecentrum wordt gedekt. § 2. Het bedrag bedoeld in § 1 wordt uitgekeerd door het Instituut op het opgegeven rekeningnummer van het triage- en afnamecentrum door middel van het formulier bedoeld in artikel 45, § 1, 6°. Art. 48.§ 1. De tegemoetkoming bedoeld in artikel 46, § 1, 2°, dekt de volgende verstrekkingen: 101850 Onderzoek van de patiënt in een triage- en afnamecentrum met het oog op triage COVID-19, 101813 Onderzoek van de patiënt in een triage- en afnamecentrum met het oog op triage COVID-19 tijdens weekends en feestdagen. § 2. De verstrekkingen bedoeld in § 1 worden aangeduid met een rangnummer vóór de omschrijving van de verstrekking.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het honorarium voor de verstrekking 101850 bedraagt 26,78 euro.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het honorarium voor de verstrekking 101813 bedraagt 39,98 euro. § 3. Er is geen persoonlijk aandeel voor de patiënt voor de verstrekkingen 101850 en 101813.</p>\n<p class=\"lf-p\">Er mogen geen ereloonsupplementen worden aangerekend. Art. 49.§ 1. De verstrekkingen 101850 en 101813 bedoeld in artikel 48 kunnen aangerekend worden door elke arts die werkzaam is in een triage- en afnamecentrum via de verzamelstaat, bedoeld in artikel 50.</p>\n<p class=\"lf-p\">Andere facturatiemogelijkheden worden niet aanvaard. § 2. De verstrekkingen 101850 en 101813 bedoeld in artikel 48, uitgevoerd in een triage- en afnamecentrum voor patiënten die ingeschreven zijn in een medisch huis, worden aangerekend aan de verzekeringsinstelling van elke patiënt volgens de procedure bedoeld in artikel 50 en worden niet ten laste genomen door het medisch huis van deze patiënten. § 3. De verstrekkingen 101850 en 101813 bedoeld in artikel 48 mogen niet samengevoegd worden met het honorarium voor een raadpleging, een bezoek of een advies bedoeld in artikel 2 van de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/09/1984 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/12/2013 numac 2013000795 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. - Duitse vertaling van uittreksels sluiten tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. § 4. De verstrekkingen 101850 en 101813 bedoeld in artikel 48 kunnen slechts eenmaal worden aangerekend per patiënt per dag. Art. 50.§ 1. Het triage- en afnamecentrum maakt wekelijks een verzamelstaat op met de verleende verstrekkingen bedoeld in artikel 48 van maandag tot en met zondag.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het model van verzamelstaat wordt uitgewerkt door het Instituut en gepubliceerd op zijn website. § 2. De verzamelstaten bevatten de volgende gegevens: 1° identificatienummer van het triage- en afnamecentrum;2° de datum van elk onderzoek;3° de identificatie van elke arts (Naam, voornaam, RIZIV-nummer);4° de identificatie van elke patiënt (INSZ-nummer of bij gebrek daaraan de naam, voornaam en de geboortedatum). De verzamelstaten worden ingevuld door de medische verantwoordelijke of de administratieve contactpersoon van het triage- en afnamecentrum en door één van hen in elektronisch formaat (Excel, CSV of Acces) overgemaakt op het adres covid19@riziv-inami.fgov.be. § 3. Het Instituut bundelt de verzamelstaten en bezorgt ze via een beveiligde elektronische toepassing aan het Nationaal Intermutualistisch College (NIC) dat ze verder verdeelt over de verschillende verzekeringsinstellingen in functie van het lidmaatschap van de patiënt.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verzekeringsinstellingen betalen de artsen op het reeds gekende rekeningnummer of op het rekeningnummer dat het triage- en afnamecentrum heeft meegedeeld via het keuzeformulier vermeld in artikel 45, § 1, 6°. Art. 51.§ 1. De tegemoetkoming bedoeld in artikel 46, § 1, 3°, dekt de coördinatie door de medische coördinator, tijdens de uren dat het triage- en afnamecentrum geopend is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ze bedraagt 80,34 euro per uur met een maximum van 12 uur per dag, ongeacht het aantal coördinatoren. Tijdens de uren waarin de arts coördinator is mag hij geen lichamelijk onderzoeken aanrekenen. § 2. De tegemoetkoming bedoeld in artikel 46, § 1, 4°, dekt de verpleegkundige ondersteuning in het triage- en afnamecentrum, tijdens de uren dat het centrum geopend is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ze bedraagt 47,25 euro per uur met een maximum van 12 uur per dag, ongeacht het aantal verpleegkundigen. § 3. De tegemoetkoming bedoeld in artikel 46, § 1, 5°, dekt de administratieve ondersteuning in het triage- en afnamecentrum, tijdens de uren dat het centrum geopend is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ze bedraagt 34,96 euro per uur met een maximum van 12 uur per dag, ongeacht het aantal administratieve assistenten. § 4. Het triage- en afnamecentrum kan enkel aanspraak maken op de tegemoetkomingen bedoeld in §§ 2 en 3 voor zover de kost van de gepresteerde de uren nog niet gedekt is door een tegemoetkoming van de verzekering voor geneeskundige verzorging. § 5. De Koning kan een financiële tussenkomst voorzien voor de door Hem te bepalen handelingen die worden gesteld in een triage- en afnamecentrum en de nadere regels voor die financiële tussenkomst bepalen. De Koning bepaalt in dat geval ook de nadere regels volgens dewelke die financiële tussenkomst kan worden gecumuleerd met andere tegemoetkomingen van de verplichte verzekering en in het bijzonder de tegemoetkomingen in het kader van dit hoofdstuk. Art. 52.§ 1. Het triage- en afnamecentrum maakt wekelijks een verzamelstaat op met de activiteiten van maandag tot en met zondag, bedoeld in artikel 51.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het model van verzamelstaat wordt uitgewerkt door het Instituut en gepubliceerd op zijn website. § 2. De verzamelstaten bevatten de volgende gegevens: 1° identificatienummer van het triage- en afnamecentrum;2° de datum;3° de identificatie van de coördinerend arts (naam, voornaam en RIZIV-nummer);4° het aantal uur coördinatie, verpleegkundige en administratieve ondersteuning. De verzamelstaten worden ingevuld door de medische verantwoordelijke of de administratieve contactpersoon van het triage- en afnamecentrum en door één van hen in elektronisch formaat (Excel, CSV of Acces) overgemaakt op het adres covid19@riziv-inami.fgov.be. § 3. Het Instituut betaalt de tegemoetkoming op het rekeningnummer dat het triage- en afnamecentrum heeft opgegeven via het keuzeformulier vermeld in artikel 45, § 1, 6°. HOOFDSTUK 3. - Weekwacht Art. 53.De huisartsenwachtposten die op basis van artikel 22, 6°, van de wet gefinancierd worden voor het verzekeren van de medische permanentie tijdens de weekends kunnen voor een periode van drie maanden hun werking uitbreiden tot de avonden en de nachten van de week, voor het tijdvak dat telkens aanvat om 18 uur en eindigt om 8 uur de dag nadien.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-54\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 54</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De huisartsenwachtpost die wenst toepassing te maken van artikel 53 dient daartoe een aanvraag in bij de Leidend ambtenaar van de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Riziv, met de volgende minimale gegevens : - De startdatum van de weekwacht; - Het onderling akkoord tussen de wachtpost en de huisartsenkring of huisartsenkringen om de weekwacht te organiseren in de wachtpost; - De openingsuren; - De wachtorganisatie : aantal zittende en rijdende wachtartsen; - Het aantal uren per week waarop onthaalpersoneel aanwezig is; - Aantal uren per week waarover een externe vervoersfirma wordt ingeschakeld; - Het aantal uren per week aan bijkomende administratie en coördinatie; - Het engagement om de weekwacht-activiteit nauwkeurig te registreren, zowel wat betreft de bezoeken als de consultaties, bij voorkeur gesplitst in twee tijdvakken: van 18 tot 23 uur en 23 tot 8 uur; - Het engagement om mee te werken aan een gecoördineerde evaluatie van de werking en het gebruik van financiële middelen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-55\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 55</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De Dienst voor geneeskundige verzorging van het Riziv controleert of de aanvraag bedoeld in artikel 54 alle minimale gegevens bevat. § 2. Indien voldaan is aan de voorwaarden bedoeld in artikel 54 betaalt het Riziv een bedrag van 50.000 euro voor de werking van de wachtpost tijdens de periodes bedoeld in artikel 53 voor een duur van drie maanden, te rekenen vanaf de startdatum van de weekwacht, op het bankrekeningnummer dat gebruikt wordt voor de financiering van de medische permanentie tijdens de weekends. § 3. Het bedrag van 50.000 euro dekt de totaliteit van de functioneringskosten van de wachtposten tijdens de week, in het bijzonder de infrastructuurkosten, de personeelskosten in de ruime betekenis, de beheerskosten en alle ICT- en communicatiekosten Het bedrag van 50.000 euro dekt niet de raadplegingen en de bezoeken van de artsen in het kader van de werking van de huisartsenwachtposten tijdens de week. § 4. Volgens de modaliteiten bepaald door de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Riziv maakt de huisartsenwachtpost in de loop van de eerste maand na het verloop van de periode van drie maanden een gedetailleerd financieel verslag over. Alleen de uitgaven die specifiek gestaafd zijn door bewijsstukken komen in aanmerking voor terugbetaling binnen het bedrag van 50.000 euro. Binnen de maand nadat de Dienst voor geneeskundige verzorging het totaalbedrag van de aanvaarde werkingskosten heeft vastgesteld, betaalt de huisartsenwachtpost het saldo terug aan het Riziv. Art. 56.De Dienst voor geneeskundige verzorging maakt een geïntegreerd verslag op van de toepassing van de artikelen 53 tot en met 55 en legt het verslag voor aan de Nationale commissie artsen-ziekenfondsen, de Commissie voor begrotingscontrole en het Verzekeringscomité.</p>\n<p class=\"lf-p\">TITEL 5. - VERPLEEGKUNDIGEN HOOFDSTUK 1. - Opvolging en toezicht bij patiënten met een COVID-19 gerelateerde problematiek Art. 57.§ 1. De specifieke verpleegkundige verstrekkingen met betrekking tot de opvolging en het toezicht bij patiënten met een COVID-19 gerelateerde problematiek zijn de volgende: 419333 Opvolging en toezicht thuis bij patiënten met een COVID-19 gerelateerde problematiek, gediagnosticeerd door een arts (W 2,946); 419355 Opvolging en toezicht in het weekeind of op een feestdag thuis bij patiënten met een COVID-19 gerelateerde problematiek, gediagnosticeerd door een arts (W 4,504); 419370 Opvolging en toezicht in een hersteloord bij patiënten met een COVID-19 gerelateerde problematiek, gediagnosticeerd door een arts (W 2,946); 419392 Opvolging en toezicht in een gemeenschappelijke woon- of verblijfplaats van mindervaliden bij patiënten met een COVID-19 gerelateerde problematiek, gediagnosticeerd door een arts (W 2,946).</p>\n<p class=\"lf-p\">Het honorarium dekt de verpleegkundige verstrekking en het (in het bijzonder beschermings)materiaal dat vereist is om deze verzorging op een medisch verantwoorde wijze uit te oefenen. § 2. Onder opvolging en toezicht wordt verstaan : 1° Gerichte observatie van parameters (temperatuur, spierpijn, respiratoir, RR, ...); 2° Begeleiden van de patiënt bij preventieve maatregelen: gebruik van beschermingsmaterialen, quarantainemaatregelen, ...; 3° Begeleiding bij zuurstoftoediening (in voorkomend geval). Art. 58.§ 1. De patiënt bedoeld in artikel 57, § 1 betreft : 1° een patiënt die (vermoedelijk) besmet is of besmet is geweest met het COVID-19-virus en op één van bovenvermelde plaatsen ziek wordt;2° een patiënt die (vermoedelijk) besmet is of besmet is geweest met het COVID-19-virus en die naar één van bovenvermelde plaatsen wordt teruggestuurd vanuit een triage- en afnamecentrum of schakelzorgcentrum;3° een patiënt die (vermoedelijk) besmet is of besmet is geweest met het COVID-19-virus en na ontslag uit het ziekenhuis naar één van bovenvermelde plaatsen terugkeert;4° een patiënt bij wie het gebruikelijk zorgnetwerk is weggevallen door de COVID19-maatregelen en waarbij de verpleegkundige wordt gevraagd regelmatig belangrijke parameters te controleren en toezicht te houden op de algemene gezondheidstoestand. § 2. Onder thuis wordt verstaan de woon- of verblijfplaats van de rechthebbende overeenkomstig artikel 8, § 1, 1° van de nomenclatuur.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder thuis weekeinde of feestdag wordt verstaan de woon- of verblijfplaats van de rechthebbende tijdens het weekeinde of op een feestdag overeenkomstig artikel 8, § 1, 2° van de nomenclatuur.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder hersteloord wordt verstaan een hersteloord overeenkomstig artikel 8, § 1, 3° van de nomenclatuur.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder gemeenschappelijke woon- of verblijfplaats van mindervaliden wordt verstaan een tijdelijke of definitieve gemeenschappelijke woon- of verblijfplaats van mindervaliden overeenkomstig artikel 8, § 1, 3° bis van de nomenclatuur.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-59\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 59</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De toepassingsregels betreffende de verstrekkingen bedoeld in artikel 57, § 1, zijn de volgende: 1° moeten voorgeschreven zijn door een arts : in dringende gevallen kan dit een mondeling geformuleerd medisch voorschrift zijn mits schriftelijke bevestiging van de arts binnen de 6 maanden na de start van de verzorging;2° mogen slechts eenmaal per verzorgingsdag geattesteerd worden en omvatten minstens één bezoek aan de patiënt tijdens die dag.Hierbij mag eenmaal per dag een basisverstrekking aangerekend worden; 3° mogen op dezelfde dag niet gecumuleerd worden met een zorgforfait A, B, C, PA, PB, PC of PP, noch met andere technische verpleegkundige verstrekkingen.Ze mogen wel gecumuleerd worden met specifieke technische verpleegkundige verstrekkingen; 4° mogen op dezelfde dag niet worden gecumuleerd met verpleegkundige verstrekkingen die worden verleend in het kader van een schakelzorgcentrum;5° mogen gecumuleerd worden met de pseudocode 418913 voor verstrekkingen die worden verricht bij de rechthebbende thuis of in zijn verblijfplaats in welbepaalde landelijk gelegen gemeenten;6° vallen onder de bepalingen van art.8, § 3 van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen; 7° worden meegenomen in de berekening van het dagplafond dat is vastgelegd in art.8, § 4 6° van de bovenvermelde nomenclatuur; 8° mogen slechts worden verleend en aangerekend door een gegradueerde verpleegkundige of gelijkgestelde, een vroedvrouw, of een verpleegkundige met brevet. § 2 De COVID-19 gerelateerde problematiek dient gedocumenteerd te zijn in het verpleegdossier van de patiënt met onder meer de inhoud van het voorschrift.</p>\n<p class=\"lf-p\">De documentatie bedoeld in het eerste lid moet op eenvoudige vraag worden voorgelegd aan de adviserend arts van het ziekenfonds van de patiënt of aan de bevoegde controlediensten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verpleegkundige moet minimum éénmaal per week rapporteren aan de behandelende arts. Dit kan in een patiëntenbespreking, telefonisch of elektronisch. De neerslag van deze rapportering moet in het verpleegdossier worden opgenomen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-60\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 60</span><span class=\"lf-art-t\">Er is geen persoonlijk aandeel verschuldigd door de rechthebbenden voor de verstrekkingen bedoeld in artikel 57, § 1</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-61\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 61</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Er mogen geen ereloonsupplementen worden aangerekend, zelfs niet indien de verpleegkundige niet geconventioneerd is. HOOFDSTUK 2. - Valorisatie van verpleegkundige zorgen tijdens de COVID-19-maatregelen : kosten en gebruik van beschermingsmateriaal Art. 62.In het kader van de strijd tegen de COVID-19 pandemie legt dit besluit een bijkomend bedrag vast dat kan worden toegevoegd aan bepaalde verpleegkundige verstrekkingen om de aankoop en het gebruik te vergoeden van materiaal dat nodig is om een adequate bescherming van patiënt en zorgverlener te garanderen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-63\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 63</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Het bijkomend bedrag bedoeld in artikel 62 wordt aangerekend via een pseudocode die maximum eenmaal per verstrekking bijkomend geattesteerd kan worden bij : 1° de verstrekkingen 425014, 425036, 425051, 425412, 425434, 425456, 425810, 425832, 425854, 427696, 427711 en 427733;2° forfaitaire honoraria voor zwaar zorgafhankelijke patiënten (A, B en C) 425272, 425294, 425316, 425670, 425692, 425714, 426075, 426090, 426112, 429096, 429111 en 429133;3° forfaitaire honoraria voor palliatieve patiënten (PA, PB, PC en PP) 427011, 427033, 427055, 427173, 427070, 427092, 427114, 427136, 427195 en 427151. § 2. De pseudocodes bedoeld in § 1 zijn de volgende 419252 Bijkomend bedrag in aanvulling op een basisverstrekking/forfait PP (W 0,554) 419274 Bijkomend bedrag in aanvulling op een forfait A/forfait PA (W 0,637) 419296 Bijkomend bedrag in aanvulling op een forfait B/forfait PB (W 0,776) 419311 Bijkomend bedrag in aanvulling op een forfait C/forfait PC (W 1,109) § 3 De pseudocodes bedoeld in § 1 zijn dezelfde voor de week, het weekeinde en een feestdag en zijn van toepassing op de volgende plaatsen van verstrekking : 1° in de woon- of verblijfplaats van de rechthebbende overeenkomstig artikel 8, § 1, 1° van de bovenvermelde nomenclatuur;2° in de woon- of verblijfplaats van de rechthebbende tijdens het weekeinde of op een feestdag overeenkomstig art.8, § 1, 2° van de bovenvermelde nomenclatuur; 3° in een hersteloord overeenkomstig artikel 8, § 1, 3° van de bovenvermelde nomenclatuur;4° in een tijdelijke of definitieve gemeenschappelijke woon- of verblijfplaats van mindervaliden overeenkomstig artikel 8, § 1, 3° bis van de bovenvermelde nomenclatuur. § 4 De pseudocode 419252 kan enkel bijkomend geattesteerd worden bij de verstrekkingen 425014, 425036, 425051, 425412, 425434, 425456, 425810, 425832, 425854, 427696, 427711, 427733, 427173 en 427195;</p>\n<p class=\"lf-p\">De pseudocode 419274 kan enkel bijkomend geattesteerd worden bij de verstrekkingen 425272, 425670, 426075, 429096, 427055 en 427136;</p>\n<p class=\"lf-p\">De pseudocode 419296 kan enkel bijkomend geattesteerd worden bij de verstrekkingen 425294, 425692, 426090, 429111, 427033 en 427114;</p>\n<p class=\"lf-p\">De pseudocode 419311 kan enkel bijkomend geattesteerd worden bij de verstrekkingen 425316, 425714, 426112, 429133, 427011 en 427092. § 5. De pseudocodes bedoeld in § 1 worden niet meegenomen in de berekening van het dagplafond dat is vastgelegd in art. 8, § 4, 6° van de bovenvermelde nomenclatuur. Art. 64.Er is geen persoonlijk aandeel verschuldigd door de rechthebbenden voor de bijkomende vergoedingen bedoeld in artikel 62.</p>\n<p class=\"lf-p\">TITEL 6. - LABO TESTEN Art. 65.In het kader van de strijd tegen de COVID-19 pandemie legt dit besluit: 1° de terugbetaling vast van testen van klinische biologie met het oog op het opsporen van het SARS-CoV-2 virus en met het oog op het opsporen van antigenen van en antilichamen tegen het voornoemde virus;2° de bedragen vast van het persoonlijk aandeel van de rechthebbenden;3° een verbod op ereloonsupplementen op;4° een verbod op voor het aanrekenen van testen die niet voldoen aan de toepassingsvoorwaarden aan patiënten;5° een tijdelijk verbod op voor het aanrekenen van serologische testen. Art. 66.§ 1. De testen van klinische biologie die voor vergoeding in aanmerking komen worden aangeduid met een rangnummer vóór de omschrijving van de verstrekking. De omschrijving van elke verstrekking wordt gevolgd door de sleutelletter B. Die sleutelletter komt vóór een coëfficiëntgetal dat de betrekkelijke waarde van elke verstrekking aangeeft.</p>\n<p class=\"lf-p\">Om het tarief te bepalen wordt de B-waarde van artikel 24bis van de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/09/1984 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/12/2013 numac 2013000795 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. - Duitse vertaling van uittreksels sluiten tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gebruikt: 0.033434 euro.</p>\n<p class=\"lf-p\">De sleutelletter is een teken waarvan de waarde in euro bij overeenkomst wordt bepaald. § 2. Testen van klinische biologie 1° Moleculaire test 554934-554945 - Opsporen van minstens het SARS-CoV-2-virus door middel van een techniek van moleculaire amplificatie .. . . . B1400 2° Antigentest 554956-554960 - Opsporen van antigenen van het SARS-CoV-2-virus .. . . . B500 § 3. Toepassingsregels: De verstrekkingen 554934-554945 en 554956-554960 kunnen enkel worden aangerekend in het kader van de COVID-19-pandemie, voor de indicaties die op het moment van de staalafname binnen de testrichtlijnen vallen, gepubliceerd op de website van Sciensano of uitzonderlijk indien er een duidelijk aantoonbare klinische noodzaak is bij risicopatiënten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Risicopatiënten zijn patiënten die tot één van volgende groepen behoren: - met immuunsuppressie of maligniteit; - met een leeftijd ouder dan 65 jaar; - met ernstig chronisch long-, hart- of nierlijden, - met een cardiovasculaire ziekte, arteriële hypertensie of diabetes.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verstrekkingen 554934-554945 en 554956-554960 kunnen enkel worden aangerekend als bij het staal een aanvraagformulier wordt gevoegd, dat tenminste de volgende informatie bevat met betrekking tot de klinische omstandigheden waarin de test wordt aangevraagd: - identificatie patiënt en voorschrijver; - aangevraagde test; - of de test gebeurt binnen de testrichtlijnen die op het moment van de staalafname wordt gepubliceerd op de website van Sciensano; - of de test uitzonderlijk gebeurt bij duidelijk aantoonbare klinische noodzaak bij risicopatiënten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De voorschrijvende arts noteert de klinische omstandigheden in het medisch dossier (symptomen, ernst en begin van de symptomen, relevante antecedenten, reeds uitgevoerde onderzoeken, contact met besmette personen).</p>\n<p class=\"lf-p\">Het aanvraagformulier moet bewaard worden onder elektronische vorm door het uitvoerend laboratorium.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verstrekkingen 554934-554945 en 554956-554960 kunnen enkel worden aangerekend indien ze uitgevoerd worden in een laboratorium dat op de moment van de staalafname voorkomt op de lijst van Sciensano inzake de kwaliteitsbewaking, veiligheidsnormen en noodzakelijke epidemiologische informatiedoorstroming vanuit de uitvoerende laboratoria.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verstrekkingen 554934-554945 en 554956-554960 worden als verstrekkingen beschouwd waarvoor de bekwaming van specialist voor klinische biologie vereist is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de periode van 1 maart tot en met 22 april kunnen de verstrekkingen 554934-554945 en 554956-554960 elk maximum 2 keer per rechthebbende worden aangerekend.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het honorarium voor de verstrekkingen 554934-554945 en 554956-554960 omvat alle kosten die verbonden zijn met de test: het afnamemateriaal, apparatuur, reagentia, investeringskosten, kwaliteitsbewaking, personeelskosten, supervisie, beschermingsmateriaal, transportkosten, ...</p>\n<p class=\"lf-p\">De resultaten van de testen bedoeld in § 2 moeten worden gecommuniceerd aan de dienst Epidemiologie van Sciensano.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verstrekking 554934-554945 kan niet worden aangerekend indien deze wordt uitgevoerd na een positief resultaat op een antigentest via verstrekking 554956-554960.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verstrekking 554956-554960 kan enkel worden aangerekend indien het type van testmateriaal werd goedgekeurd door het FAGG of Sciensano.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als de antigentest, bedoeld in § 2, 2°, een negatief of twijfelachtig resultaat oplevert, wordt een moleculaire test, bedoeld in § 2, 1° uitgevoerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verstrekkingen 554934-554945 en 554956-554960 kunnen niet worden aangerekend voor de collectieve screening van asymptomatische bewoners van een residentiële collectiviteit (bv. woonzorgcentrum, verblijfscentrum voor personen met een handicap, opvangcentra, gevangenis, ...) georganiseerd door en met medewerking van de federale overheid en gefedereerde entiteiten. § 4. Onderaanneming Indien een laboratorium dat de stalen ontvangt deze doorstuurt naar een ander laboratorium voor analyse, zal het uitvoerend laboratorium rapporteren, aanrekenen aan de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en ook de aanvraagformulieren bewaren. De praktische modaliteiten tussen beide laboratoria worden onderling geregeld via een Service Level Agreement tussen beiden. Art. 67.Er is geen persoonlijk aandeel verschuldigd door de rechthebbenden voor de verstrekkingen bedoeld in artikel 66. Art. 68.Er mogen geen supplementen worden aangerekend aan de patiënt. Art. 69.Indien er niet is voldaan aan de voorwaarden vermeld in artikel 66, § 3 kunnen de testen bedoeld in artikel 66, § 2 niet worden aangerekend aan de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging, noch aan de patiënt. Art. 70.Serologische testen Voor de looptijd van de toepassing van het koninklijk besluit van 17 maart 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/03/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/03/2020 numac 2020040686 bron federaal agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten Koninklijk besluit tot instelling van een verbod op de terbeschikkingstelling, de ingebruikname en het gebruik van snelle tests voor het meten of opsporen van antilichamen met betrekking tot het SARS-COV-2-VIRUS sluiten tot instelling van een verbod op de terbeschikkingstelling, de ingebruikname en het gebruik van snelle tests voor het meten of opsporen van antilichamen met betrekking tot het SARS-COV-2-VIRUS, kan de opsporing van antilichamen tegen dit voorgenoemde virus niet worden aangerekend via de verstrekkingen 552016-552020 of 551655-551666 uit artikel 24 van de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/09/1984 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/12/2013 numac 2013000795 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. - Duitse vertaling van uittreksels sluiten tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Uitgevoerde serologische testen voor de opsporing van antilichamen tegen het SARS-CoV-2-virus (IgM, IgG of IgA) kunnen tijdens deze periode niet aangerekend worden aan de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging, noch aan de patiënten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Vanaf de datum vastgesteld door de Koning kunnen voornoemde serologische testen onder de voorwaarden die Hij bepaalt, enkel aan de verzekering worden aangerekend voor de opsporingstesten die voorkomen op een lijst opgesteld door Sciensano en voor de doelgroepen die Hij bepaalt.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoedingsbasis van deze testen stemt overeen met de waarde van 9,60 euro.</p>\n<p class=\"lf-p\">TITEL 7. - BESCHERMINGSMAATREGELEN Art. 71.De Koning kan - voor de categorieën van zorgverleners die Hij aanduidt en onder de voorwaarden die Hij vaststelt - een tijdelijke financiële tussenkomst voorzien in de kosten van bijzondere beschermingsmaatregelen en materialen, in het kader van de COVID-19 pandemie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Geen enkel bedrag kan aan de rechthebbende worden aangerekend door de zorgverleners voor wat betreft de kosten van bijzondere beschermingsmaatregelen en materialen, ongeacht het conventiestatuut.</p>\n<p class=\"lf-p\">TITEL 8. - SLOTBEPALINGEN Art. 72.De maatregelen die zijn vastgesteld bij dit besluit blijven van toepassing tot een door de Koning te bepalen datum. De Koning kan voor iedere maatregel een andere datum bepalen. Art. 73.Het koninklijk besluit van 27 maart 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/03/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">31/03/2020 numac 2020040895 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot stopzetting van de kalenders die de termijnen bepalen voor de uitvoering van de procedures tot wijziging van de lijst van de vergoedbare farmaceutische specialiteiten en van de lijst van de vergoedbare implantaten en invasieve medische hulpmiddelen ten gevolge van de pandemie COVID-19 sluiten tot stopzetting van de kalenders die de termijnen bepalen voor de uitvoering van de procedures tot wijziging van de lijst van de vergoedbare farmaceutische specialiteiten en van de lijst van de vergoedbare implantaten en invasieve medische hulpmiddelen ten gevolge van de pandemie COVID-19 wordt opgeheven. Art. 74.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 maart 2020.</p>\n<p class=\"lf-p\">De artikelen 4 tot en met 29 van dit besluit hebben uitwerking met ingang van 14 maart 2020.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 51, § 5, treedt in werking op een door de Koning te bepalen datum.</p>\n<p class=\"lf-p\">De artikelen 65 tot en met 70 hebben uitwerking met ingang van 1 maart 2020, met uitzondering van artikel 66, § 2, 2° dat uitwerking heeft met ingang van 1 april 2020.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 71 van dit besluit heeft uitwerking met ingang van 4 mei 2020. Art. 75.De minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.</p>\n<p class=\"lf-p\">Gegeven te Brussel, 13 mei 2020.</p>\n<p class=\"lf-p\">FILIP Van Koningswege : De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, M. DE BLOCK</p></div>", "next": 0}