{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">sluiten2, worden punt 9° en 10° vervangen door wat volgt: ``9° de vermelding van elke schriftelijke aanmaning, elk proces-verbaal en verslag van vaststelling dat opgemaakt wordt met betrekking tot misdrijven en inbreuken inzake ruimtelijke ordening alsook iedere navolgend proces-verbaal waarin het vrijwillig herstel of de regularisatie wordt vastgesteld, het verdere gevolg dat aan de processen-verbaal en verslagen van vaststelling gegeven wordt, iedere gerechtelijke uitspraak en ieder bestuurlijk besluit alsook iedere minnelijke schikking ter zake en de uitvoering van de herstelmaatregelen alsook elk herstelattest; 10° de vermelding van elk rechtsmiddel dat tegen de gerechtelijke uitspraken en bestuurlijke besluiten, vermeld in punt 9°, aangewend wordt, de daaropvolgende uitspraken en besluiten en het gevolg dat eraan gegeven wordt;\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-116\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 116</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 5.2.1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, gewijzigd bij de decreten van 16 juli 2010 en 25 april 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in de inleidende zin van paragraaf 1, eerste lid, wordt de zinsnede \", met uitzondering van huwelijkscontracten en hun wijzigingen en contracten aangaande de mandeligheid\" opgeheven;2° er wordt een paragraaf 1/1 toegevoegd, die luidt als volgt: \" § 1/1.De bepalingen van paragraaf 1 zijn niet van toepassing op: 1° huwelijkscontracten en hun wijzigingen;2° contracten aangaande de mandeligheid; 3° akten aangaande de fusie van rechtspersonen en de met fusie gelijkgestelde verrichtingen.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-117\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 117</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 5.6.6, § 1, tweede lid, van dezelfde codex, ingevoegd bij het</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">decreet van 23 december 2011Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/1996 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/09/1997 numac 1997035791 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten3, wordt het woord \"bouwheer\" vervangen door het woord \"opdrachtgever\". Art. 118.In artikel 6.1.3, § 1, van dezelfde codex, vervangen bij decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° aan het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd: \"De raad bezorgt aan de bevoegde minister een voorstel opgesteld op basis van de door de raad ingewonnen adviezen over het ontwerp en voegt de adviezen in bijlage.\"; 2° het derde lid wordt vervangen door wat volgt: \"De Vlaamse Regering stelt het handhavingsprogramma vast op grond van: 1° een ontwerp als vermeld in het vorige lid, opgemaakt door het departement;2° een voorstel als vermeld in het vorige lid, van de Vlaamse Hoge Handhavingsraad voor Ruimte en Milieu. Het vastgestelde handhavingsprogramma Ruimtelijke Ordening treedt in werking op een door de Vlaamse Regering vast te stellen datum na de goedkeuring door het Vlaams Parlement en blijft gelden zolang het niet geheel of gedeeltelijk wordt herzien.\". HOOFDSTUK 2 5. - Decreet betreffende de landinrichting Art. 119.In artikel 2.2.2 van het decreet van 28 maart 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten0 betreffende de landinrichting wordt in paragraaf 1, vierde lid, de volgende zin toegevoegd: \"de voorzitter vermeld in het eerste lid, 1°, is een personeelslid of, mits bijzondere motivering, een gewezen personeelslid bij de Vlaamse administratie.\". HOOFDSTUK 2 6. - Decreet betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning Art. 120.In artikel 83 van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning wordt in het eerste lid van paragraaf 1 van het toegevoegde artikel 6.4.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening de zinsnede \", of daarvan het gevolg is\" opgeheven. Art. 121.In artikel 145 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt: \"Dit decreet treedt in werking op een door de Vlaamse Regering vast te stellen datum.Deze datum valt minstens een jaar na de datum van goedkeuring van het besluit van de Vlaamse Regering waarmee de datum van inwerkingtreding van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning wordt vastgelegd.\"; 2° in het tweede lid wordt tussen de zinsnede \"artikel 17, 18, 19, 113\" en het woord \"en\" de zinsnede \", 117\" ingevoegd. HOOFDSTUK 2 7. - Decreet betreffende complexe projecten Art. 122.In artikel 6, § 2 en § 4, van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende complexe projecten worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de zinsnede \"artikel 15, eerste lid, van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning\" wordt telkens vervangen door de zinsnede \"artikel 15, § 1, eerste lid, van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning\";2° de zinsnede \"artikel 15, derde lid, van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning\" wordt telkens vervangen door de zinsnede \"artikel 15, § 1, derde lid, van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning\". Art. 123.In artikel 35, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende complexe projecten worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° punt 1° tot en met 3° worden opgeheven; 2° er wordt een punt 7° toegevoegd, dat luidt als volgt: \"7° als archeologische site, als monument, als cultuurhistorisch landschap of als beschermd stads- of dorpsgezicht met toepassing van de wet van 7 augustus 1931 op het behoud van monumenten en landschappen, het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten en stads- en dorpsgezichten, het decreet van 30 juni 1993 houdende bescherming van het archeologisch patrimonium, het decreet van 16 april 1996 betreffende de landschapszorg en het Onroerenderfgoed decreet van 12 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/1996 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/09/1997 numac 1997035791 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten6.\". Art. 124.In artikel 40, eerste lid, van hetzelfde decreet wordt punt 4° vervangen door wat volgt: \"4° de vergunningen, de machtigingen en toelatingen, vermeld in de wet van 7 augustus 1931 op het behoud van monumenten en landschappen, het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten en stads- en dorpsgezichten, het decreet van 30 juni 1993 houdende bescherming van het archeologisch patrimonium, het decreet van 16 april 1996 betreffende de landschapszorg en het Onroerenderfgoed decreet van 12 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/1996 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/09/1997 numac 1997035791 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten6;\". Art. 125.In artikel 41, eerste lid, van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° punt 1° tot en met punt 5° worden opgeheven; 2° er wordt een punt 10° toegevoegd, dat luidt als volgt: \"10° de beslissing tot de gehele of gedeeltelijke wijziging of opheffing van erkennings-, rangschikkings- en beschermingsbesluiten genomen bij toepassing van de wet van 7 augustus 1931 op het behoud van monumenten en landschappen, het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten en stads- en dorpsgezichten, het decreet van 30 juni 1993 houdende bescherming van het archeologisch patrimonium, het decreet van 16 april 1996 betreffende de landschapszorg en het Onroerenderfgoed decreet van 12 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/1996 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/09/1997 numac 1997035791 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten6.\". Art. 126.In hoofdstuk 8 van hetzelfde decreet worden de afdelingen 1 tot en met 3, die bestaan uit artikel 47 tot en met 53, opgeheven. HOOFDSTUK 2 8. - Decreet betreffende de omgevingsvergunning Art. 127.In hoofdstuk I van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning wordt een afdeling 8 ingevoegd, die luidt als volgt: \"Afdeling 8. Digitalisering\". Art. 128.In hetzelfde decreet wordt in afdeling 8, ingevoegd bij artikel 127, een artikel 14/1 ingevoegd, dat luidt als volgt: \"Art. 14/1.De procedures, vermeld in dit decreet, en de procedures die door dit decreet in andere decreten gewijzigd of ingevoerd worden, kunnen geheel of gedeeltelijk digitaal verlopen, conform de regels die de Vlaamse Regering bepaalt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zij kan ook nadere regels uitwerken in geval van onbeschikbaarheid wegens technische storingen van het door Vlaanderen ter beschikking gestelde digitaal systeem, en hierbij de termijnen van de procedures, vermeld in dit decreet, opschorten of verlengen voor de duur van de technische storingen.\". Art. 129.In artikel 9 van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden \"eigen personeel, op personeel van een intergemeentelijk samenwerkingsverband of op personeel van een intercommunale\" vervangen door de woorden \"eigen personeel of op personeel van een intergemeentelijk samenwerkingsverband\";2° in paragraaf 3 worden de woorden \"de gemeente, het intergemeentelijk samenwerkingsverband of de intercommunale\" vervangen door de woorden \"de gemeente of het intergemeentelijk samenwerkingsverband\" en wordt tussen de woorden \"de gemeentesecretaris\" en de woorden \"de taken van de\" de woorden \"voor een periode van maximum 12 maanden\" ingevoegd. Art. 130.In artikel 15 van hetzelfde decreet, waarvan de bestaande tekst de vorm aanneemt van een paragraaf 1, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste, derde en vierde lid wordt de zinsnede \"en veranderingen aan\" opgeheven;2° een paragraaf 2 tot en met 7 worden toegevoegd, die luiden als volgt: \" § 2.Van een vergunningsaanvraag voor de verandering van een project wordt kennisgenomen en er wordt een beslissing over genomen door de overheid die overeenkomstig paragraaf 1 bevoegd is voor het project na verandering.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid wordt van de vergunningsaanvraag die uitsluitend het slopen van een project of het herstel van de terreinen in hun oorspronkelijke staat en de daarvoor noodzakelijke exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit als voorwerp heeft, kennisgenomen en er wordt een beslissing over genomen door de overheid die overeenkomstig paragraaf 1 en 3, eerste lid, bevoegd is voor het project. § 3. Voor zover daardoor geen afbreuk wordt gedaan aan artikel 5.1.1, 8°, van het DABM wordt voor de toepassing van de paragrafen 1 en 2, eerste lid, als een opzichzelfstaand project beschouwd het deel van het project dat na de beoogde verandering betrekking zal hebben op een van de volgende gevallen: 1° een ingedeelde inrichting of activiteit waarvan de exploitatie geen samenhangend technisch geheel vormt met deze van een andere ingedeelde inrichting of activiteit van het project;2° een deel van het project dat bouwtechnisch of en functioneel kan worden afgesplitst. Onverminderd paragraaf 4 is de overheid die de vergunning voor het op zich zelf staande project verleent vanaf dat ogenblik de bevoegde overheid, vermeld in paragraaf 1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het project na verandering betrekking heeft op een bedrijfswoning wordt deze niet als een opzichzelfstaand project beschouwd. § 4. De verandering van meerdere op zichzelf staande projecten, vermeld in paragraaf 3 en artikel 79, vierde lid, kan als een gezamenlijk project worden aangevraagd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Van de vergunningsaanvraag, vermeld in het eerste lid, wordt kennisgenomen en er wordt een beslissing over genomen door de overheid die overeenkomstig paragraaf 1 bevoegd is voor de totaliteit van het project. § 5. Voor de kennisneming van en de beslissing over een vergunningsaanvraag voor een project of voor de verandering van een project, waarvoor overeenkomstig de paragrafen 1, 2 of 4 het college van burgemeester en schepenen bevoegd is, is evenwel de deputatie bevoegd als het project of het project na verandering gelegen is op het grondgebied van twee of meer gemeenten. § 6. Voor de kennisneming van en de beslissing over een vergunningsaanvraag voor een project of voor de verandering van een project, waarvoor overeenkomstig paragrafen 1, 2, 4 of 5 het college van burgemeester en schepenen dan wel de deputatie bevoegd is, is evenwel de Vlaamse Regering bevoegd als het project of het project na verandering gelegen is op het grondgebied van twee of meer provincies. § 7. De vergunningsaanvraag die zowel betrekking heeft op de hernieuwing van de vergunning van bepaalde duur voor een project of voor een deel van een project als op de verandering ervan wordt ingediend bij de overheid die conform paragraaf 2 tot en met 6 bevoegd is.''.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-131\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 131</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 21 van hetzelfde decreet wordt het derde lid vervangen door de volgende leden: \"Als het resultaat van het onderzoek, vermeld in artikel 20, niet binnen de termijn, vermeld in het eerste lid, aan de indiener van de vergunningsaanvraag is verzonden, doet de bevoegde vergunningverlenende overheid binnen een termijn van negentig dagen vanaf de dag na de datum waarop de vergunningsaanvraag is ingediend hetzij na de ontvangst van de ontbrekende gegevens of documenten uitdrukkelijk uitspraak of er een milieueffectrapport moet worden opgesteld. Als zij beslist dat er een milieueffectrapport moet worden opgesteld verklaart zij de vergunningsaanvraag onvolledig en zonder voorwerp en wordt de procedure stopgezet Tegen de beslissing dat er een milieueffectrapport moet worden opgesteld, de vergunningsaanvraag onvolledig en zonder voorwerp is en tegen de stopzetting van de procedure kan geen administratief beroep als vermeld in hoofdstuk 3 worden ingesteld.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-132\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 132</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 23 van hetzelfde decreet wordt het derde lid vervangen door wat volgt: \"Als de vergunningsaanvraag een milieueffectrapport of omgevingsveiligheidsrapport over een project omvat, behandelt het openbaar onderzoek ook de inhoud van dat rapport, tenzij dit rapport al goedgekeurd en nog actueel is.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-133\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 133</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 28 van hetzelfde decreet wordt het eerste lid vervangen door wat volgt: \"Tenzij het milieueffectrapport of het omgevingsveiligheidsrapport al goedgekeurd en nog actueel is, maakt de afdeling bevoegd voor milieueffectrapportage en veiligheidsrapportage haar beslissing over de goedkeuring of afkeuring van dit rapport bekend met toepassing van artikel 4.3.8, § 3, en artikel 4.5.7, § 3, van het DABM.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-134\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 134</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 33, derde lid, van hetzelfde decreet, wordt de eerste zin vervangen door de zin \"Als een omgevingsvergunning betrekking heeft op de verandering van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project, geeft de beslissing de geactualiseerde vergunningssituatie op het vlak van de exploitatie van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten weer.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-135\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 135</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 40, derde lid, van hetzelfde decreet wordt het derde lid vervangen door de volgende leden: \"Als het resultaat van het onderzoek, vermeld in artikel 39, niet binnen de termijn, vermeld in het eerste lid, aan de indiener van de vergunningsaanvraag is verzonden, doet de bevoegde vergunningverlenende overheid binnen een termijn van negentig dagen vanaf de dag na de datum waarop de vergunningsaanvraag is ingediend hetzij na de ontvangst van de ontbrekende gegevens of documenten uitdrukkelijk uitspraak of er een milieueffectrapport moet worden opgesteld. Als zij beslist dat er een milieueffectrapport moet worden opgesteld verklaart zij de vergunningsaanvraag onvolledig en zonder voorwerp en wordt de procedure stopgezet Tegen de beslissing dat er een milieueffectrapport moet worden opgesteld, de vergunningsaanvraag onvolledig en zonder voorwerp is en tegen de stopzetting van de procedure kan geen administratief beroep als vermeld in hoofdstuk 3 worden ingesteld.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-136\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 136</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 47, derde lid, van hetzelfde decreet wordt de eerste zin vervangen door de zin \"Als een omgevingsvergunning betrekking heeft op de verandering van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project, geeft de beslissing de geactualiseerde vergunningssituatie op het vlak van de exploitatie van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten weer.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-137\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 137</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 66 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt: \" § 2.Met behoud van de toepassing van paragraaf 2/1 wordt de beslissingstermijn van rechtswege eenmalig met zestig dagen verlengd in de volgende gevallen: 1° als met toepassing van artikel 64, derde lid, een openbaar onderzoek georganiseerd wordt;2° als toepassing wordt gemaakt van de administratieve lus, vermeld in artikel 13;3° als de vergunningsaanvraag wegenwerken omvat waarover de gemeenteraad beslissingsbevoegdheid heeft en de gemeenteraad in de loop van de beroepsprocedure samengeroepen wordt met toepassing van artikel 65. De mededeling van de termijnverlenging wordt aan de aanvrager en de beroepsindiener verzonden vóór de einddatum van de beslissingstermijn.\"; 2° een paragraaf 2/1 wordt ingevoegd, die luidt als volgt: \" § 2/1.Met behoud van de toepassing van paragraaf 2 wordt de beslissingstermijn op gemotiveerd verzoek van de vergunningsaanvrager eenmalig met zestig dagen verlengd De mededeling van de termijnverlenging wordt aan de aanvrager en de beroepsindiener verzonden vóór de einddatum van de beslissingstermijn.\". Art. 138.In artikel 68, tweede lid, 6°, van hetzelfde decreet wordt de zinsnede ``artikel 4.4.4 van de VCRO\" vervangen door de zinsnede ``artikel 4.4.4 of 4.4.23 van de VCRO\". Art. 139.In artikel 79 van hetzelfde decreet worden het eerste en tweede lid vervangen door wat volgt: \"Een omgevingsvergunning die geen betrekking heeft op een vergunningsplichtige exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit kan zonder plichtplegingen worden overgedragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als de omgevingsvergunning betrekking heeft op een vergunningsplichtige exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit moet de overdracht vooraf worden gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project overeenkomstig artikel 15. De Vlaamse Regering bepaalt de inhoud van het formulier voor overdracht, de termijn waarbinnen en de wijze waarop de overdracht moet worden gemeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het vergunningsbesluit wordt als gevolg van de melding, vermeld in het tweede lid, door de bevoegde overheid aangepast of opgesplitst in verschillende vergunningsbesluiten overeenkomstig de regels die de Vlaamse Regering bepaalt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor zover dit geen afbreuk doet aan artikel 5.1.1, 8°, van het DABM wordt het als gevolg van de overdracht afgesplitste deel van het project voor de toepassing van artikel 15 als een opzichzelfstaand project aanzien.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-140\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 140</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Aan artikel 82, eerste lid, 2°, van hetzelfde decreet wordt een punt f) toegevoegd, dat luidt als volgt: \"f) de leidend ambtenaar van de afdeling Milieu, bevoegd voor de omgevingsvergunning.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-141\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 141</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 83, § 1, derde lid, van hetzelfde decreet worden tussen de woorden \"is verleend\" en de woorden \"en vervolgens\" de woorden \"of in het geval van omzetting van een milieuvergunning naar een vergunning van onbepaalde duur op de dag van de aktename, vermeld in artikel 390, § 2,\" ingevoegd</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-142\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 142</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 90 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1, eerste lid, wordt vervangen door wat volgt: \" § 1.Tegen de uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing over een verzoek of ambtshalve initiatief tot bijstelling van de omgevingsvergunning kan beroep worden ingesteld bij: 1° de deputatie als het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg de bevoegde overheid was; 2° de Vlaamse Regering als de deputatie in eerste administratieve aanleg de bevoegde overheid was.\"; 2° in paragraaf 2, tweede lid, worden de woorden \"artikel 66\" vervangen door de woorden \"artikel 66, § 2, 2° \"; 3° aan paragraaf 2 wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: \"Artikel 64 en artikel 66, § 2/1, zijn niet van overeenkomstige toepassing.''</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-143\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 143</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Aan artikel 93 van hetzelfde decreet worden een derde en een vierde lid toegevoegd, die luiden als volgt: \"De Vlaamse Regering neemt een beslissing over het ingestelde beroep binnen een termijn van honderdtwintig dagen die ingaat, ofwel vanaf de dag na de datum dat de vergunninghouder of de exploitant op de hoogte wordt gebracht dat zijn beroep ontvankelijk en volledig is, ofwel bij ontstentenis van een beslissing daarover, de dertigste dag na de datum waarop het beroep werd ingediend Als geen beslissing is genomen binnen de in het derde lid vastgestelde termijn wordt het beroep geacht te zijn ingewilligd en vervalt de bestreden beslissing.\". Art. 144.Aan artikel 101 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° aan het bestaande lid, dat het eerste lid wordt, wordt het zinsdeel \"behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan.In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.\" toegevoegd; 2° er worden een tweede tot en met vierde lid toegevoegd, die luiden als volgt: \"De termijnen van twee of drie jaar, vermeld in artikel 99, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoed decreet van 12 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/1996 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/09/1997 numac 1997035791 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten6 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoed decreet van 12 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/1996 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/09/1997 numac 1997035791 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten6, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.</p>\n<p class=\"lf-p\">De termijnen van twee of drie jaar, vermeld in artikel 99, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodem decreet van 27 oktober 2006Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/08/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/09/1997 numac 1997016229 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit betreffende de identificatie, de registratie en de toepassingsmodaliteiten voor de epidemiologische bewaking van de runderen sluiten1 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.</p>\n<p class=\"lf-p\">De termijnen van twee of drie jaar, vermeld in artikel 99, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.\". Art. 145.In artikel 102, § 1, tweede lid, 2°, van hetzelfde decreet wordt het woord \"verkoop\" vervangen door de zinsnede \"verkoop, de verhuring voor meer dan negen jaar, of de vestiging van erfpacht of opstalrecht\". Art. 146.Aan artikel 103 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het bestaande lid, dat het eerste lid wordt, wordt het zinsdeel \"overeenkomstig artikel 105\" vervangen door het zinsdeel \"overeenkomstig hoofdstuk 9, behoudens als de verkaveling in strijd is met een vóór de datum van de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan.In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.''; 2° er worden een tweede tot en met vierde lid toegevoegd, die luiden als volgt: \"De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoed decreet van 12 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/1996 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/09/1997 numac 1997035791 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten6 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoed decreet van 12 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/1996 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/09/1997 numac 1997035791 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten6, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.</p>\n<p class=\"lf-p\">De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodem decreet van 27 oktober 2006Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/08/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/09/1997 numac 1997016229 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit betreffende de identificatie, de registratie en de toepassingsmodaliteiten voor de epidemiologische bewaking van de runderen sluiten1 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.</p>\n<p class=\"lf-p\">De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-147\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 147</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 105, § 3, van hetzelfde decreet worden de woorden \"van zestig dagen\" vervangen door de woorden \"van vijfenveertig dagen\"</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-148\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 148</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 107 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het tweede lid wordt vervangen door wat volgt: \"Als bepaalde aspecten van een vergunningsplichtig project vermeld in de vergunningsaanvraag onderworpen zijn aan de meldingsplicht omvat de vergunningsaanvraag de melding.Als bepaalde aspecten van een meldingsplichtig project vermeld in de melding onderworpen zijn aan de vergunningsplicht is de melding onontvankelijk en moet een vergunningsaanvraag worden ingediend. In afwijking van het eerste lid is de overheid die overeenkomstig artikel 15 bevoegd is voor de kennisneming van en de beslissing over de vergunningsaanvraag eveneens bevoegd voor de aktename van alle meldingen als het project krachtens de decreten vermeld in artikel 5 zowel aan de meldings- als aan de vergunningsplicht is onderworpen.\"; 2° tussen het tweede en het derde lid worden vier leden ingevoegd, die luiden als volgt: \"Voor zover daardoor geen afbreuk wordt gedaan aan artikel 5.1.1, 8°, van het DABM wordt voor de toepassing van het eerste en het tweede lid als een opzichzelfstaand project beschouwd het deel van het project dat na de beoogde verandering betrekking zal hebben op een van de volgende gevallen: 1° een ingedeelde inrichting of activiteit waarvan de exploitatie geen samenhangend technisch geheel vormt met deze van een andere ingedeelde inrichting of activiteit van het project;2° een deel van het project dat bouwtechnisch of en functioneel kan worden afgesplitst Onverminderd artikel 15, § 4, dat van overeenkomstige toepassing is, is de overheid die voor het op zich zelf staande project de aktename doet vanaf dat ogenblik de bevoegde overheid, vermeld in het eerste en tweede lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het project na de gemelde verandering betrekking heeft op een bedrijfswoning wordt deze niet als een opzichzelfstaand project beschouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 15, §§ 5 en 6, is van overeenkomstige toepassing op de melding.\"; 3° aan het bestaande derde lid, dat het zevende lid wordt, wordt na de zin \"Onverminderd artikel 5.2.1 van het DABM geldt de omgevingsvergunning als aktename voor dat deel van het project dat meldingsplichtig is als tegelijkertijd uitspraak wordt gedaan over de vergunningsaanvraag en de melding.\" de volgende zin toegevoegd: \"In het geval de vergunning wordt geweigerd, wordt aan de melding geen verder gevolg gegeven.\". Art. 149.Artikel 203 van hetzelfde decreet wordt opgeheven. Art. 150.In artikel 204 van hetzelfde decreet, tot invoeging van een artikel 5.4.12 in het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 2, tweede lid, van artikel 5.4.12 worden de woorden \"of artikel 42, eerste lid,\" opgeheven; 2° aan artikel 5.4.12 wordt een paragraaf 3 toegevoegd, die luidt als volgt: \" § 3. De Vlaamse Regering stelt de termijnen vast waarbinnen de in paragraaf 1 en 2 vermelde adviezen moeten worden uitgebracht. Als geen advies wordt uitgebracht binnen de vastgestelde termijn wordt de adviesinstantie of de adviserende provinciale omgevingsvergunningscommissie geacht van oordeel te zijn dat er geen bijstelling van de milieuvoorwaarden moet plaatsvinden.\". Art. 151.Artikel 208 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt: \"Art. 208.In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 februari 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/1996 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/09/1997 numac 1997035791 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten7, wordt in titel V, hoofdstuk 5, ingevoegd bij artikel 207, een artikel 5.5.1 ingevoegd, dat luidt als volgt: ``Art. 5.5.1. § 1. Iedere natuurlijke persoon of rechtspersoon die een kennisgevingsdossier of toelatingsaanvraag met betrekking tot genetisch gemodificeerde organismen, genetisch gemodificeerde micro-organismen of pathogenen indient, is een dossiertaks verschuldigd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De opbrengst van de dossiertaks, vermeld in het eerste lid, wordt rechtstreeks en integraal in het Fonds voor Preventie en Sanering inzake Leefmilieu en Natuur gestort. § 2. De dossiertaks bedraagt: 1° voor een toelatingsaanvraag bij een eerste of een volgend ingeperkt gebruik van niveau 2, 3 of 4: 500 euro;2° voor een kennisgeving van een eerste ingeperkt gebruik risiconiveau 1 of een kennisgeving van een volgend ingeperkt gebruik van risiconiveau 2: 100 euro. § 3. De Vlaamse Regering kan nadere regels inzake de dossiertaks vaststellen.\".\". Art. 152.Artikel 220 van hetzelfde decreet wordt opgeheven. Art. 153.Artikel 291, 1°, van hetzelfde decreet wordt opgeheven. Art. 154.In artikel 308 van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning wordt punt 1° vervangen door wat volgt: \"1° in paragraaf 1 wordt het derde lid vervangen door wat volgt: \"Een aanpassing van de plannen, zoals vermeld in het tweede lid, is slechts mogelijk overeenkomstig artikel 30 van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning.\".\". Art. 155.Artikel 337 van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning wordt vervangen door wat volgt: \"Art. 337.In artikel 4.8.2, eerste lid, van dezelfde codex, gewijzigd bij decreet van 6 juli 2012Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/1996 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/09/1997 numac 1997035791 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten4 en 4 april 2014, worden punt 1° en 4° opgeheven.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-156\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 156</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 339 van hetzelfde decreet worden punt 9° en 10° van artikel 5.1.2, § 1, tweede lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening vervangen door wat volgt: ``9° de vermelding van elke schriftelijke aanmaning, elk proces-verbaal en verslag van vaststelling dat opgemaakt wordt met betrekking tot misdrijven en inbreuken inzake ruimtelijke ordening alsook iedere navolgend proces-verbaal waarin het vrijwillig herstel of de regularisatie wordt vastgesteld, het verdere gevolg dat aan de processen-verbaal en verslagen van vaststelling gegeven wordt, iedere gerechtelijke uitspraak en ieder bestuurlijk besluit alsook iedere minnelijke schikking ter zake en de uitvoering van de herstelmaatregelen alsook elk herstelattest; 10° de vermelding van elk rechtsmiddel dat tegen de gerechtelijke uitspraken en bestuurlijke besluiten, vermeld in punt 9°, aangewend wordt, de daaropvolgende uitspraken en besluiten en het gevolg dat eraan gegeven wordt;\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-157\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 157</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Aan artikel 387 van hetzelfde decreet wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: \"Artikel 18, tweede lid, en artikel 106 zijn niet van toepassing voor aspecten van exploitatie van ingedeelde inrichtingen en activiteiten waarvoor voor de datum van inwerkingtreding van het decreet een melding voor een derde klasse inrichting is gebeurd of een milieuvergunningsaanvraag werd ingediend waarvoor nog geen definitieve beslissing werd genomen of waarvoor een milieuvergunning werd of wordt verleend.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-158\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 158</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 388 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° aan paragraaf 1 worden een derde en een vierde lid toegevoegd, die luiden als volgt: \"De afwijkingen op de algemene en de sectorale milieuvoorwaarden, de kennisgevingen en de toelatingen inzake het ingeperkte gebruik van genetisch gemodificeerde of pathogene organismen die nog geldig waren of nog worden verleend op grond van de bepalingen van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning blijven geldig voor de vastgestelde duur of overeenkomstig de voorwaarden die erop van toepassing zijn. In afwijking van het derde lid wordt een afwijking op de algemene en de sectorale milieuvoorwaarden overeenkomstig de voorwaarden die de Vlaamse Regering bepaalt, geacht voor onbepaalde duur geldig te zijn als met toepassing van artikel 390 voor de ingedeelde inrichting of activiteit waarop zij betrekking heeft de milieuvergunning van bepaalde duur wordt omgezet in een vergunning van onbepaalde duur.\"; 2° paragraaf 3, eerste lid, wordt vervangen door wat volgt: \"De milieuvergunning en de melding in toepassing van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning die toelaat een ingedeelde inrichting te exploiteren, worden voor de toepassing van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning en titel V van het DABM beschouwd als de omgevingsvergunning respectievelijk de melding, waarvan akte is genomen.\"; 3° aan paragraaf 3 wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: \"Voor de toepassing van de bepalingen van titel V van het DABM wordt: 1° een afwijking als vermeld in paragraaf 1, derde lid, beschouwd als een afwijking vermeld in artikel 5.4.8 van dezelfde titel V; 2° een kennisgeving en een toelating als vermeld in paragraaf 1, derde lid, beschouwd als de kennisgeving en de toelating vermeld in artikel 5.5.2, § 1, van dezelfde titel V.\"; 4° een paragraaf 4 wordt toegevoegd, die luidt als volgt: \" § 4.De bijzondere milieuvoorwaarden opgelegd in de milieuvergunning of in een besluit betreffende een in de derde klasse ingedeelde inrichting of activiteit blijven in de mate dat zij van toepassing waren of worden gebracht op de ingedeelde inrichting of activiteit van toepassing tot zij worden gewijzigd of opgeheven.</p>\n<p class=\"lf-p\">De krachtens artikel 20 van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning door de Vlaamse Regering goedgekeurde algemene en sectorale milieuvoorwaarden blijven in de mate dat zij van toepassing waren of worden gebracht op de ingedeelde inrichting of activiteit van toepassing tot zij worden gewijzigd of opgeheven.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 5.4.5 en 5.4.6 van titel V van het DABM gelden uitsluitend voor milieuvoorwaarden die vanaf de datum van inwerkingtreding van titel V van het DABM door de Vlaamse Regering worden goedgekeurd respectievelijk door de bevoegde overheid worden opgelegd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 5.4.7 van titel V van het DABM is niet van toepassing op algemene en sectorale milieuvoorwaarden die voor de datum van inwerkingtreding van titel V van het DABM door de Vlaamse Regering werden goedgekeurd.\". Art. 159.In artikel 390 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, 2°, worden de woorden \"een adviesinstantie, aangewezen krachtens artikel 24 of artikel 42,\" vervangen door de woorden \"de leidend ambtenaar van een adviesinstantie, aangewezen krachtens artikel 24 of artikel 42,\";2° een paragraaf 1/1 wordt ingevoegd, die luidt als volgt: \" § 1/1.Als met toepassing van artikel 4.3.3, § 2, van het DABM bij het meldingsformulier een project-m.e.r.-screeningsnota is gevoegd, onderzoekt de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15, de door haar gemachtigde ambtenaar of in voorkomend geval de gemeentelijke omgevingsambtenaar die nota en beslist of er over het project een milieueffectrapport moet worden opgesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het resultaat van het onderzoek, vermeld in het eerste lid, wordt bij beveiligde zending aan de aanvrager meegedeeld binnen een termijn van negentig dagen vanaf de dag na de datum waarop het meldingsformulier is ingediend hetzij na de ontvangst van de ontbrekende gegevens of documenten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De beslissing dat er voor het project een milieueffectrapport moet worden opgesteld, heeft van rechtswege de stopzetting van de omzettingsprocedure tot gevolg.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15, de door haar gemachtigde ambtenaar of in voorkomend geval de gemeentelijke omgevingsambtenaar, beslist dat er een milieueffectrapport over het project moet worden opgesteld, kan de aanvrager een gemotiveerd verzoek tot ontheffing van de rapportageverplichting indienen bij de afdeling, bevoegd voor milieueffectrapportage overeenkomstig de procedure, vermeld in artikel 4.3.3, § 3 tot en met § 9, van het DABM. De beslissing van de afdeling, bevoegd voor milieueffectrapportage, vermeld in artikel 4.3.3, § 6, van hetzelfde decreet, is bindend voor de bevoegde overheid, vermeld in het eerste lid.\"; 3° in paragraaf 2, eerste lid, van hetzelfde decreet, worden de zinnen \"De akte vermeldt de vergunningen voor de stedenbouwkundige handelingen en de exploitatie van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten die het project omvat.In de akte wordt opgave gedaan van de geactualiseerde vergunningssituatie.\" vervangen door de zin \"De akte geeft de geactualiseerde vergunningssituatie op het vlak van de exploitatie van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten weer.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-160\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 160</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Aan artikel 393 van hetzelfde decreet wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: \"Artikel 18, tweede lid, en artikel 106 zijn niet van toepassing voor aspecten van stedenbouwkundige handelingen waarvoor voor de datum van inwerkingtreding van het decreet de melding is gebeurd of een vergunningsaanvraag werd ingediend waarvoor nog geen definitieve beslissing werd genomen of waarvoor een stedenbouwkundige vergunning werd of wordt verleend.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-161\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 161</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In hoofdstuk 12 van hetzelfde decreet wordt een afdeling 4/1 ingevoegd, waarvan het opschrift luidt als volgt: ``Afdeling 4/1. - Overgangsmaatregelen met betrekking tot gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaren\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-162\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 162</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In hoofdstuk 12 van hetzelfde decreet wordt in afdeling 4/1, ingevoegd bij artikel 161, een artikel 394/1 ingevoegd, dat luidt als volgt: \"Art. 394/1.Personen die op de datum van goedkeuring van het besluit van de Vlaamse Regering waarmee de datum van inwerkingtreding wordt vastgelegd aangesteld zijn als gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar en die houder zijn van een diploma dat toegang geeft tot niveau A, B of C worden geacht als gemeentelijke omgevingsambtenaar te zijn aangewezen Het eerste lid is eveneens van toepassing als het personen betreft die zijn aangesteld in toepassing van artikel 15 en 18 van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 mei 2000 tot vaststelling van de voorwaarden waaraan personen moeten voldoen om als ambtenaar van ruimtelijke ordening te kunnen worden aangesteld.\". HOOFDSTUK 2 9. - Decreet tot wijziging van de regelgeving inzake natuur en bos Art. 163.In artikel 104 van het decreet van 9 mei 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten1 tot wijziging van de regelgeving inzake natuur en bos wordt de zinsnede \"artikel 386, § 1\" vervangen door de zinsnede \"artikel 388, § 1\". Art. 164.Artikel 105 van het hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt: \"Art. 105.In hetzelfde decreet wordt een artikel 390/1 ingevoegd, dat luidt als volgt: \"Art. 390/1.§ 1. De vergunningstermijn van een milieuvergunning verleend voor de exploitatie van een inrichting met een stikstofdepositie, die overeenkomstig artikel 388, § 1, verstrijkt voor 31 december 2018, wordt verlengd tot uiterlijk 31 december 2018, mits voldaan wordt aan paragraaf 2, tenzij bij het ontbreken van een operationele programmatische aanpak stikstofdeposities deze laatste datum wordt vervangen door een latere datum die wordt vastgesteld door de Vlaamse Regering.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder inrichting met een stikstofdepositie, vermeld in het eerste lid, wordt verstaan een inrichting waarvan de stikstofdepositie volgens de depositiescan een risico inhoudt op een betekenisvolle aantasting van de natuurlijke kenmerken van een speciale beschermingszone, vermeld in artikel 2, 43°, van het decreet van 21 oktober 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze depositiescan, zoals aanvaard door de Vlaamse Regering, geeft als onderdeel van de online-voortoets aan of er een risico is op een betekenisvolle aantasting van de natuurlijke kenmerken van de speciale beschermingszones, vermeld in artikel 2, 43°, van het decreet van 21 oktober 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, voor wat betreft de gevolgen van stikstofneerslag via de lucht onder vorm van verzuring en vermesting in de betrokken speciale beschermingszone. In dit artikel wordt verstaan onder de online-voortoets: een via het internet beschikbaar gesteld instrument dat op een gestandaardiseerde en geautomatiseerde wijze een berekening maakt van de milieudruk vanuit een voorgenomen vergunningsplichtige activiteit en deze milieudruk onder vorm van mathematische grootheden uitzet ten opzichte van de gevoeligheid van de habitats en soorten waarvoor instandhoudingsdoelstellingen voor de betreffende speciale beschermingszone zijn vastgesteld volgens artikel 36ter, § 1, van het decreet van 21 oktober 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu. De online-voortoets levert levert een rapport af waarin de ingevoerde gegevens en de beoordeling van het hierboven vermelde risico vermeld worden. Dit gebeurt in termen van het al dan niet uitsluiten van een betekenisvolle aantasting van de natuurlijke kenmerken van de speciale beschermingszone, met name in de zone waar het voor de berekende milieudruk gevoelige habitat of leefgebied van een soort voorkomt, of gecreëerd wordt of tot doel kan worden gesteld in het kader van de instandhoudingsdoelen overeenkomstig de daartoe in het kader van de instandhoudingsdoelstellingen toe te passen zoekzone.</p>\n<p class=\"lf-p\">De toetsing gebeurt vanuit de locatie van de voorgenomen vergunningsplichtige activiteit. § 2. Voor de verlenging van de vergunning, vermeld in paragraaf 1, moet de vergunninghouder vóór het verstrijken van de vergunningstermijn een verzoek indienen bij de bevoegde vergunningverlenende overheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bevoegde vergunningverlenende overheid neemt akte van het verzoek als aan de toepassingsvoorwaarden van paragraaf 1 en 2 is voldaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">De aktename geldt als bevestiging dat de milieuvergunning is verlengd overeenkomstig paragraaf 1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tegen die akte kan geen administratief beroep worden ingediend als aan de toepassingsvoorwaarden vermeld in paragraaf 1 en 2 is voldaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het ingediende verzoek, bevat het rapport van de uitgevoerde depositiescan op datum van het indienen van het verzoek, met daarin minstens vermeld, de ingevoerde gegevens en het eindresultaat van deze depositiescan. De invoer van de gegevens is in overeenstemming met de milieuvergunning vigerend op datum van het indienen van het verzoek. § 3. Deze bepalingen laten het verval van de vergunning, vermeld in artikel 99, § 2 en § 3, onverkort bestaan.\".\". HOOFDSTUK 3 0. - Wijzigingen van het decreet van 29 april 1991 tot vaststelling van de algemene regelen inzake de erkenning en de subsidiëring van de milieu- en natuurverenigingen Art. 165.In artikel 11 van het decreet van 29 april 1991 tot vaststelling van dealgemene regelen inzake de erkenning en de subsidiëring van de milieu- en natuurverenigingen, gewijzigd bij het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/04/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/2004 numac 2004035866 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet tot aanvulling van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid met een titel « Strategische adviesraad » en tot wijziging van diverse andere decreten sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 2 wordt opgeheven; 2° in paragraaf 3 wordt punt 1° vervangen door wat volgt: \"1° opgericht zijn in de vorm van een vereniging zonder winstoogmerk of stichting en met als hoofddoelstelling het bevorderen van het leefmilieu of het natuurbehoud;\"; 3° in paragraaf 3 wordt punt 3° opgeheven;4° in paragraaf 3, 5°, wordt de zinsnede \"waarvan de regels door de Vlaamse Regering worden bepaald\" opgeheven. Art. 166.In artikel 12 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 21 december 1994, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt: \"De erkende milieu- en natuurverenigingen kunnen met toepassing van de aanvullende regels, vermeld in artikel 16, een subsidie ontvangen die bestemd is voor de werking.\"; 2° het derde lid wordt opgeheven. Art. 167.Artikel 13 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/04/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/2004 numac 2004035866 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet tot aanvulling van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid met een titel « Strategische adviesraad » en tot wijziging van diverse andere decreten sluiten, wordt vervangen door wat volgt: \"Art. 13.Er kan aan milieu- en natuurverenigingen en aan andere actoren een subsidie worden toegekend voor de uitwerking van projecten met betrekking tot het leefmilieu of het natuurbehoud. De Vlaamse Regering kan de nadere regels voor het verlenen van die projectsubsidie bepalen.\". Art. 168.Artikel 14 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 21 december 1994, wordt opgeheven. Art. 169.In artikel 15 van hetzelfde decreet wordt paragraaf 2 opgeheven. HOOFDSTUK 3 1. - Wijzigingen van het decreet van 3 juli 2015Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten3 houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 2015 Art. 170.Aan artikel 39, § 1, van het decreet van 3 juli 2015Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten3 houdende bepalingen van de aanpassing van de begroting 2015 wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: \"In afwijking van het eerste lid wordt de heffing in het jaar 2015 voor 15 december betaald.\". HOOFDSTUK 3 2. - Slotbepalingen Art. 171.Artikel 7 treedt in werking op 1 januari 2015. Art. 172.De ruilcomités die al werden opgericht en samengesteld overeenkomstig artikel 3 van de wet van 12 juli 1976 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet bij de uitvoering van grote infrastructuurwerken voor de inwerkingtreding van dit decreet, behouden hun samenstelling overeenkomstig de bepalingen die van toepassing waren voor de inwerkingtreding van dit decreet zolang hun samenstelling niet is aangepast aan de nieuwe bepalingen opgenomen in dit decreet. Art. 173.Artikelen 9, 10 en 11 treden in werking op 1 januari 2016. Art. 174.Artikel 16, 3°, heeft uitwerking met ingang van de datum van inwerkingtreding van het decreet van 3 juli 2015Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten3 houdende de wijziging van diverse bepalingen van het Jachtdecreet van 24 juli 1991. Art. 175.Artikelen 23, 28 en 29 treden in werking op een door de Vlaamse Regering vast te stellen datum. Art. 176.Artikel 42 treedt in werking na de datum van inwerkingtreding van artikel 79 van het decreet van 9 mei 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten1 tot wijziging van de regelgeving inzake natuur en bos. Art. 177.Voor het kalenderjaar 2015 kunnen de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk de toegepaste tarieven in afwijking van artikel 12bis, § 1, vierde lid, van het decreet van 24 mei 2002Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/05/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">23/07/2002 numac 2002035862 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende water bestemd voor menselijke aanwending sluiten betreffende water bestemd voor menselijke aanwending op de eerste dag van de maand die volgt op de publicatie van dit decreet aanpassen aan de evolutie van het indexcijfer der consumptieprijzen, basis 1988, tussen de maand waarin de laatste toegestane tariefverhoging werd toegepast en november 2014. Art. 178.Artikelen 92, 93 en 94 zijn van toepassing op ontwerpen van ruimtelijk uitvoeringsplan die voorlopig worden vastgesteld na de datum van inwerkingtreding van dit decreet. Art. 179.De artikelen 97, 113 en 114 zijn van toepassing op meldingen die worden verricht vanaf de datum van inwerkingtreding van dit decreet. Art. 180.Artikel 107 is van toepassing op aanvragen tot planologisch attest die worden ingediend na de datum van inwerkingtreding van dit decreet. Art. 181.Artikelen 111 en 112 zijn van toepassing op aanvragen tot herziening of opheffing van verkavelingsvergunningen die worden opgestart en op aanvragen die worden ingediend na de datum van inwerkingtreding van dit decreet. Art. 182.Artikel 115 treedt in werking op de datum van inwerkingtreding van artikel 339 van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning. Art. 183.Artikelen 89, 90, 95 en 129 tot en met 148 en 157 tot en met 162 treden in werking op de datum van inwerkingtreding van artikel 6 van het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/10/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/01/1998 numac 1997036441 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu sluiten2 betreffende de omgevingsvergunning. Art. 184.De wet van 9 juli 1984Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">09/07/1984 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/05/2010 numac 2010000233 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de invoer, de uitvoer en de doorvoer van afvalstoffen. - Duitse vertaling van de federale versie sluiten betreffende de doorvoer van afvalstoffen wordt opgeheven.</p>\n<p class=\"lf-p\">Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Brussel, 18 december 2015.</p>\n<p class=\"lf-p\">De minister-president van de Vlaamse Regering, Vlaams minister van Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed, G. BOURGEOIS De Vlaamse minister van Begroting, Financiën en Energie, A. TURTELBOOM De Vlaamse minister van Mobiliteit, Openbare Werken, Vlaamse Rand, Toerisme en Dierenwelzijn, B. WEYTS De Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw, J. SCHAUVLIEGE _______ Nota (1) Zitting 2014-2015. Stukken. - Ontwerp van decreet, 459 - Nr. 1. - Amendement, 459 - Nr. 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zitting 2015-2016.</p>\n<p class=\"lf-p\">Stukken. - Amendementen, 459 - Nr. 3. - In eerste lezing door de commissie aangenomen artikelen, 459 - Nr. 4. - Verslag, 459 - Nr. 5. - Tekst aangenomen door de plenaire vergadering, 459 - Nr. 6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Handelingen. - Bespreking en aanneming. Vergaderingen van 17 december 2015.</p></div>", "next": 0}