{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">De Raad voor de Mededinging beslist binnen een termijn van vier maanden, zoals voorzien in de artikelen 16 en volgende van de wet van 5 augustus 1991Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten0 op de bescherming van de economische mededinging. » Art. 71.In dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 1 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten3, en bij de wet van 27 juli 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten5 tot organisatie van de mogelijkheden tot beroep tegen de beslissingen genomen door de Commissie voor de regulering van de Elektriciteit en het Gas, worden de hoofdstukken IVocties en IVnonies ingevoegd, luidend als volgt : « HOOFDSTUK IVocties. - Bevoegdheid tot schorsing door de Ministerraad Art.15/23. - § 1. De Ministerraad kan, op voorstel van de minister, bij gemotiveerd besluit, vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de tenuitvoerlegging schorsen van de beslissingen genomen met toepassing van artikel 15/5, § 2, en zijn uitvoeringsbesluiten waarmee de Commissie de wet schendt of het algemeen belang schaadt, alsook van de beslissingen die de Ministerraad strijdig acht met de krachtlijnen van 's lands energiebeleid, hierbij inbegrepen de doelstellingen van de regering inzake de bevoorrading van het land in energie.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Commissie brengt de Ministerraad op de hoogte van de beslissingen beoogd in het voorgaande lid onmiddellijk na het aannemen van deze beslissingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het besluit tot schorsing wordt genomen binnen een termijn van de dertig dagen vanaf de ontvangst van de beslissing van de Commissie door de Ministerraad. Het wordt dadelijk bekendgemaakt aan de Commissie en aan de belanghebbenden.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Commissie wijzigt de geschorste beslissing binnen vijftien dagen, te rekenen vanaf de opschorting ervan, in overeenstemming met het met redenen omkleed besluit bedoeld in het eerste lid. § 2. Het instellen van beroep tegen de beslissing van de Ministerraad is ontvankelijk wanneer terzelfder tijd beroep wordt ingesteld tegen de gewijzigde beslissing van de Commissie. § 3. Bij een besluit, vastgesteld na overleg in de Ministerraad, legt de Koning de nadere regels van de in § 1 beschreven procedures vast. HOOFDSTUK IVnovies. - Openbaarheid van de beslissingen van de Commissie Art. 15/24.- De definitieve versies van de beslissingen van het directiecomité of de algemene raad van de Commissie zijn openbaar en worden gepubliceerd op de website van de Commissie, www.creg.be, behoudens andere beslissing van de organen van de Commissie die de beslissing hebben genomen. » Art. 72.De Koning bepaalt voor elk artikel van deze afdeling de datum waarop het in werking treedt.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">TITEL IX. - Telecommunicatie HOOFDSTUK I. - Wijziging van de</h3>\n<p class=\"lf-p\">wet van 17 januari 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten9 met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector Art. 73.Artikel 14 van de wet van 17 januari 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten9 met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector, gewijzigd bij de wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten4, wordt vervangen als volgt : « Art. 14.- § 1. Onverminderd zijn wettelijke bevoegdheden, heeft het Instituut de volgende taken met betrekking tot elektronische communicatienetwerken en elektronische communicatiediensten, eindapparatuur, radioapparatuur en met betrekking tot postdiensten en openbare postnetwerken zoals gedefinieerd door artikel 131 van de wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten4 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven : 1° het formuleren van adviezen op eigen initiatief, in de gevallen waarin de wetten en besluiten erin voorzien of op verzoek van de minister;2° het nemen van administratieve beslissingen;3° het toezicht op de naleving van de wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten4 betreffende de elektronische communicatie, alsook titel I, hoofdstuk X en titel III en IV van de wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten4 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven, en hun uitvoeringsbesluiten;4° in geval van een geschil tussen aanbieders van telecommunicatienetwerken, -diensten of -apparatuur, of in geval van een geschil tussen postoperatoren, het formuleren van voorstellen om de partijen te verzoenen binnen de termijn van één maand.De Koning legt de nadere regels van die procedure vast op advies van het Instituut; 5° het stellen van alle nuttige daden die als doel hebben de voorbereiding van de toepassing van inwerking getreden Europese richtlijnen in de sectoren post en telecommunicatie. § 2. In het kader van zijn bevoegdheden : 1° kan het Instituut op een niet discriminerende wijze alle onderzoeken en openbare raadplegingen organiseren;2° kan het Instituut van elke betrokken persoon op gemotiveerde wijze alle nuttige informatie opvragen.Het Instituut bepaalt de termijn waarbinnen de inlichtingen moeten worden meegedeeld; 3° werkt het Instituut samen met en verstrekt het informatie aan : a) de Europese Commissie;b) de buitenlandse regulerende instanties voor postdiensten en telecommunicatie;c) de regulerende instanties in de overige economische sectoren;d) de federale overheidsdiensten die belast zijn met consumentenbescherming;e) de Belgische instanties die belast zijn met mededinging.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning kan, na raadpleging van deze instanties en van het Instituut en op gezamenlijk voorstel van de minister die bevoegd is voor Economie en van de minister de nadere regels vastleggen inzake samenwerking, raadpleging en uitwisseling van informatie tussen deze instanties en het Instituut; f) de regulerende instanties van Gemeenschappen en Gewesten en dit volgens de nadere regels die werden afgesproken in samenwerkingsakkoorden met deze beleidsniveaus;4° verleent het Instituut zijn medewerking aan de gemengde Commissie voor telecommunicatie, opgericht bij het koninklijk besluit van 10 december 1957 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 24 september 1993;5° kan het Instituut enkel besluiten nemen met betrekking tot die elektronische communicatienetwerken waarvoor de gemeenschappen eveneens bevoegd zijn nadat er omtrent de uitoefening van bevoegdheden met betrekking tot deze elektronische communicatienetwerken een samenwerkingsakkoord met de Gemeenschappen in werking is getreden. § 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het kader van de samenwerking met de in de vorige paragraaf onder punt 3 opgesomde instanties kunnen de leden van de Raad en de leden van het personeel van het Instituut vertrouwelijke informatie waarvan ze kennis hebben in het kader van de uitvoering van hun functie, meedelen aan deze instanties. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-74\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 74</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 73 treedt in werking op 31 december 2005. HOOFDSTUK II. - Wijziging van de wet van 30 maart 1995 betreffende de netten voor de distributie voor omroepuitzendingen en de uitoefening van televisieomroepactiviteiten in het tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad Art. 75.Artikel 26 van de wet van 30 maart 1995 betreffende de netten voor de distributie voor omroepuitzendingen en de uitoefening van omroepactiviteiten in het tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad, wordt opgeheven. HOOFDSTUK III. - Wijziging van de wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten4 betreffende de elektronische communicatie Art. 76.In artikel 107 van de wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten4 betreffende de elektronische communicatie worden in § 2 tussen het eerste en het tweede lid twee nieuwe leden ingevoegd luidend als volgt : « De beheerscentrales van de teleonthaalcentra, het antigifcentrum, de zelfmoordpreventie, het Europees centrum voor vermiste en seksueel misbruikte kinderen en kindertelefoondiensten krijgen, teneinde noodoproepen te kunnen behandelen en herhaaldelijke kwaadwillige oproepen te kunnen bestrijden, van de betrokken operatoren gratis de voor de operatoren in hun netwerk beschikbare identificatie van de oproepende lijn zelfs indien de gebruiker stappen ondernomen heeft om de verzending van de identificatie te verhinderen. Het formaat van de identificatie van de oproepende lijn dat geleverd wordt, dient in overeenstemming te zijn met de toepasselijke ETSI standaarden, gedefinieerd door het Instituut in overleg met de nooddiensten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De ontvangen identificatie van de oproepende lijn kan, door de organisaties waarnaar in deze paragraaf verwezen wordt en aan de hand van administratieve en technische maatregelen die worden goedgekeurd door de minister, op voorstel van het Instituut en de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, worden aangewend om kwaadwillige oproepen te bestrijden. Deze maatregelen mogen echter niet tot gevolg hebben dat de toegang tot het noodnummer van de desbetreffende organisatie vanaf een welbepaalde aansluiting onmogelijk is tijdens een ononderbroken periode die langer is dan 24 uur. » HOOFDSTUK IV. - ASTRID Art. 77.Artikel 3 van de wet van 8 juni 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten, wordt aangevuld met een § 4, luidende : « § 4. ASTRID is verplicht te zorgen voor een semafoniedienst aan de diensten, instellingen, vennootschappen en verenigingen bedoeld in § 1 die daarom volgens de voorwaarden bepaald door de Koning verzoeken en daar waar andere operatoren een dergelijke dienst niet leveren. » Art. 78.Artikel 12 van dezelfde wet, zoals gewijzigd door artikel 160 van de wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten4 betreffende de elektronische communicatie, wordt vervangen als volgt: « Art. 12.- § 1. Door haar maatschappelijk doel zoals bepaald in artikel 3 wordt het elektronische communicatienetwerk van ASTRID beschouwd als een netwerk sui generis en niet als een openbaar netwerk, noch als een niet-openbaar netwerk. De middels dat netwerk aangeboden diensten hebben eveneens een sui generis-karakter. § 2. Onverminderd § 1, zijn de hierna volgende bepalingen van de wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten4 betreffende de elektronische communicatie, niet van toepassing op ASTRID : 1° de artikelen 25 tot en met 28;2° de artikelen 68 tot en met 104;3° de artikelen 108 tot en met 112;4° de artikelen 119 en 120;5° het artikel 121;6° de artikelen 122 tot en met 133;en 7° de artikelen 134 tot en met 136. § 3. De bepalingen van Hoofdstuk IX van Titel III van de wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten4 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven, zijn van toepassing op werken die noodzakelijk zijn voor de totstandbrenging, het onderhoud of de aanpassing van het elektronische communicatienetwerk van ASTRID. § 4. Onverminderd § 1 levert het Instituut de vergunningen voor zend- en/of ontvangtoestellen voor radiocommunicatie van ASTRID en voor de stations van het ASTRID-netwerk af overeenkomstig artikel 39 van de wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten4 betreffende de elektronische communicatie. » Art. 79.Artikel 115, eerste lid, van de wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten4 betreffende de elektronische communicatie, wordt aangevuld als volgt : « 4° ASTRID, de vennootschap opgericht bij wet van 8 juni 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten. » TITEL X. - Ontwikkelingssamenwerking Art. 80.Artikel 3, § 1, vijfde lid, van de wet van 3 november 2001Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten1 tot oprichting van de Belgische Investeringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden en tot wijziging van de wet van 21 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot oprichting van de « Belgische Technische Coöperatie » in de vorm van een vennootschap van publiek recht, wordt aangevuld als volgt : « - subsidies toekennen om haalbaarheidsstudies uit te voeren. » TITEL XI. - Leefmilieu HOOFDSTUK I. - POPS Art. 81.Artikel 17, § 1, eerste lid, van de wet van 21 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid, gewijzigd bij de wetten van 28 maart 2003 en 27 december 2004, wordt aangevuld als volgt : « 8° hij die artikel 3, punten 1 en 2, van Verordening (EG) nr 850/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen en tot wijziging van Richtlijn 79/117/EEG (PB 2004, L158, zoals gerectificeerd in PB nr. 229 van 29/06/2004, blz. 5-22) overtreedt. » Art. 82.De bijlage van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 28 maart 2003 en 27 december 2004, wordt aangevuld als volgt : « Verordening (EG) nr. 50/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen en tot wijziging van Richtlijn 79/117/EEG,PB 2004, L158, zoals gerectificeerd in PB nr. L 229 van 29/06/2004, blz. 5-22. » HOOFDSTUK II. - Fonds broeikasgassen Art. 83.In subrubriek 25-1 « Fonds bestemd voor de financiering van het federale beleid ter reductie van de emissies van broeikasgassen », van de tabel gevoegd bij de organieke wet van 27 december 1990, ingevoegd bij de wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3 en vervangen bij de wet van 27 december 2004, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° onder de vermelding « Aard van de toegewezen ontvangsten » wordt de tekst aangevuld als volgt : « De inkomsten afkomstig van een andere lid-Staat van de Europese Gemeenschap waarmee de Federale Staat een overeenkomst heeft gesloten voor de inrichting, of voor de ondersteuning bij de inrichting, van het gestandaardiseerd en beveiligd registersysteem van deze lid-Staat overeenkomstig Verordening (EG) nr.2216/2004 van de Commissie. »; 2° onder de vermelding « Aard van de toegestane uitgaven », wordt tussen het eerste en het tweede lid het volgende lid ingevoegd : « De uitgaven gedaan in het kader van een overeenkomst tussen de Federale Staat en een Lidstaat van de Europese Gemeenschap met betrekking tot aankopen en technische, juridische of administratieve ondersteuningsopdrachten, nodig voor de inrichting door de Federale Staat, of nodig voor de ondersteuning door de Federale Staat bij de inrichting, van het gestandaardiseerd en beveiligd registersysteem van die Lidstaat, overeenkomstig Verordening (EG) nr.2216/2004 van de Commissie. » TITEL XII. - Maatschappelijke Integratie HOOFDSTUK I. - Sociaal Stookoliefonds Art. 84.In artikel 204, derde lid, van de programmawet van 27 december 2004Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten8, worden de woorden « 31 maart » vervangen door de woorden « 30 april »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-85\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 85</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 205 van dezelfde wet, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 1, 1°, wordt aangevuld als volgt : « het jaarlijks bedrag van het bruto belastbaar inkomen van het huishouden van deze personen mag evenwel niet hoger zijn dan 11 763,02 euro, verhoogd met 2 177,65 euro per persoon ten laste;»; 2° in § 1, 2°, wordt het woord « belastbaar » ingevoegd tussen het woord « jaarlijks » en het woord « bruto-inkomen »;3° § 1 wordt aangevuld als volgt : « 3° de personen die een schuldbemiddeling overeenkomstig de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet of een collectieve schuldenregeling overeenkomstig de artikelen 1675/2 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek, genieten en die bovendien niet in staat zijn hun verwarmingsfactuur te betalen.» 4° in § 2, eerste lid, wordt het woord « belastbaar » ingevoegd tussen het woord « het » en het woord « bruto-inkomen »;5° in § 2, derde lid, wordt het woord « belastbaar » ingevoegd tussen het woord « bedoelde » en de woorden « bruto inkomen »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-86\"><span class=\"lf-art-num\">Art.86</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Het artikel 209 van dezelfde wet wordt aangevuld met het volgende lid : « De aanvraag moet ten laatste worden ingediend binnen een termijn van 60 dagen na de leveringsdatum. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-87\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 87</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Het artikel 213 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 213.- § 1. Zodra de prijs van één van de in aanmerking komende brandstoffen de drempelwaarde bedoeld in artikel 207 bereikt, ontvangen de openbare centra voor maatschappelijk welzijn een eerste voorschot om de verwarmingstoelagen te financieren Het totaal bedrag van dit eerste voorschot beloopt 4 miljoen euro per verwarmingsperiode.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het bedrag van dit eerste voorschot wordt verdeeld in verhouding tot het aandeel van het bedrag van de toelagen toegekend in 2000 door het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn als eenmalige tegemoetkoming in de huisbrandoliekosten in het totaal bedrag van de toelagen die door de Staat werden aanvaard met toepassing van artikel 9 van het koninklijk besluit van 20 september 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten9 houdende de toekenning van een toelage als eenmalige tegemoetkoming in de huisbrandoliekosten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer een voorschot uitgeput is, kan het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn een nieuw voorschot, van hetzelfde bedrag als het reeds ontvangen voorschot, aanvragen bij het Sociaal Stookoliefonds. § 2. De afgesloten rekeningen worden ten laatste op 31 juli overgemaakt aan de Programmatorische Federale Overheidsdienst Maatschappelijke Integratie, Armoedebestrijding en Sociale Economie.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt de gegevens die hierin vermeld moeten worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op dezelfde datum geeft het centrum het bedrag van het niet gebruikte voorschot aan het Sociaal Stookoliefonds terug volgens de door de Koning bepaalde modaliteiten, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. § 3. Zodra de Programmatorische Federale Overheidsdienst over de boekhoudkundige staten van de openbare centra van maatschappelijk welzijn beschikt, maakt hij deze over aan het Sociaal Stookoliefonds. » Art. 88.In artikel 214, § 2, eerste lid, van dezelfde wet, worden de woorden « 10 % van de bedragen die door het Sociaal Stookoliefonds werden aanvaard, na verificatie van de kostenstaten, ingediend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn vervangen door de woorden « 10 euro per verwarmingsperiode en per dossier dat recht heeft gegeven op een verwarmingstoelage aan een gerechtigde. » Art. 89.Artikelen 215 tot 217 van dezelfde wet worden opgeheven. Art. 90.Dit hoofdstuk treedt in werking op 31 augustus 2005. HOOFDSTUK II. - Voorschotten op onderhoudsgelden Art. 91.Voor de dossiers die dateren van vóór 1 juni 2005, verricht het OCMW, tussen 1 juni en 1 augustus 2005, de overdracht van de gegevens in verband met de begunstigden van voorschotten op onderhoudsgelden, naar de Dienst voor alimentatievorderingen bij de FOD Financiën, met het oog op het behoud van hun rechten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de dossiers die tussen 1 juni en 1 oktober 2005 worden geopend, worden de in het eerste lid bedoelde gegevens onverwijld door het OCMW overgedragen aan de Dienst voor alimentatievorderingen bij de FOD Financiën. Art. 92.De dossiers voor dewelke de OCMW's overeenkomstig artikelen 68bis en volgende van de organieke wet van 8 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten6 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn voorschotten op onderhoudsgelden verlenen, worden geacht ambtshalve te beantwoorden aan de door de wet van 21 februari 2003 tot oprichting van een Dienst voor alimentatievorderingen bij de FOD Financiën gestelde toekenningsvoorwaarden tot aan het nieuwe onderzoek van deze dossiers door de voornoemde Dienst.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">TITEL XIII. - Werk HOOFDSTUK I. - Fooronderneming Art. 93.In artikel 3, § 1, van de Arbeids</h3>\n<p class=\"lf-p\">wet van 16 maart 1971Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten, gewijzigd bij de wet van 4 december 1998, wordt 4° opgeheven. Art. 94.Artikel 93 treedt in werking op 1 oktober 2005. HOOFDSTUK II. - Wijziging van de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten9 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités Art. 95.Artikel 2, § 3, 1, eerste lid, van de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten9 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, gewijzigd bij de wet van 17 juni 1991, bij de koninklijke besluiten van 16 juni 1994 en 7 april 1995 en bij de programmawetten van 19 juli 2001 en 24 december 2002, wordt vervangen als volgt : « degenen die in dienst zijn van de Staat, de Gemeenschappen, de Gewesten, de Gemeenschapscommissies, de provincies, de gemeenten, de daaronder ressorterende openbare instellingen en de instellingen van openbaar nut met uitzondering van de NV Federale Participatiemaatschappij, van de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen, van het Participatiefonds, van de Nationale Delcrederedienst, van de Nationale Bank van België, van de N.V. CREDIBE en van de N.V. Nationale Loterij. » HOOFDSTUK III. - Wijziging van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten8 betreffende de arbeidsovereenkomsten Art. 96.Artikel 11bis, zevende en achtste lid, van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten8 betreffende de arbeidsovereenkomsten, ingevoegd bij de wet van 22 december 1989, wordt vervangen als volgt : « Een zelfde afwijking kan eveneens worden vastgesteld in een collectieve arbeidsovereenkomst, gesloten overeenkomstig de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten9 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt afgesloten buiten het bevoegd paritair orgaan, dient zij te worden goedgekeurd door dit paritair orgaan. » HOOFDSTUK IV. - Wijziging van de wet van 3 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten8 tot regeling van de arbeidsovereenkomst wegens scheepsdienst voor de zeevisserij en tot verbetering van het sociaal statuut van de zeevisser Art. 97.Artikel 57 van de wet van 3 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/03/1971 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten8 tot regeling van de arbeidsovereenkomst wegens scheepsdienst voor de zeevisserij en tot verbetering van het sociaal statuut van de zeevisser, wordt aangevuld met het volgende lid : « De bepalingen van dit artikel gelden niet voor de tewerkstelling van scheepsjongens als bedoeld bij de wet van 23 september 1931 op de aanwerving van het personeel der zeevisscherij. » TITEL XIV. - Sociale Zaken en Volksgezondheid HOOFDSTUK I. - Omzetting in het Belgisch recht van de Communautaire richtsnoeren 2004/43 van 17 januari 2004 van de Commissie van de Europese Unie betreffende staatssteun voor het zeevervoer voor de sector van de baggervaart Art. 98.Artikel 37ter van de wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, ingevoegd bij de wet van 24 december 1999, wordt vervangen als volgt : « Art. 37ter.- § 1. De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, en onder de door Hem bepaalde voorwaarden en nadere regels, de werkgevers van de baggervaartsector vrijstellen van de verplichting om de werkgeversbijdragen te betalen, bedoeld in artikel 38, §§ 3, 1° tot 7° en 9°, en 3bis, van deze wet. Hij kan ook deze werkgevers toelaten de werknemersbijdragen, berekend op het loon, begrensd tot het bedrag bedoeld in artikel 7, derde lid, van het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, te betalen aan de instelling belast met de inning en de invordering van de bijdragen, en het bedrag overeenstemmend met de persoonlijke bijdragen berekend op het verschil van het bovenvermeld begrensd loon en het brutoloon te behouden. § 2. a) Voor het zeevervoergedeelte van baggerwerkzaamheden (zeevervoer van baggerspecie) mogen de werkgevers van de baggervaartsector de in § 1 bedoelde maatregelen enkel toepassen op de lonen van de communautaire zeelieden, die zij tewerkstellen aan boord van in een lid-Staat van de Europese Economische Ruimte geregistreerde zeewaardige baggerschepen met eigen voortstuwing, die ingericht zijn voor het vervoer van een lading over zee, waarvoor een zeebrief wordt voorgelegd en die minstens 50 % van hun bedrijfstijd werkzaamheden op zee verrichten. b) Onder communautaire zeelieden moet worden verstaan, alle zeelieden die in een lidstaat belasting en/of socialezekerheidsbijdragen betalen.»</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-99\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 99</span><span class=\"lf-art-t\">Dit hoofdstuk heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2005. HOOFDSTUK II. - Dimona Art. 100.In het</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">koninklijk besluit van 5 november 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/06/1999 numac 1999022532 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende diverse bepalingen « Volksgezondheid » sluiten7 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling, met toepassing van artikel 38 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, wordt een artikel 9ter ingevoegd, luidende : « Art. 9ter.- De gegevens inzake arbeidstijd bedoeld in de artikelen 5bis, eerste lid, tweede streepje, en 6, eerste lid, 6°, tweede streepje, kunnen worden gewijzigd door de werkgever tot het einde van de kalenderdag waarop ze betrekking hebben wanneer de werknemer zijn prestaties vroeger beëindigt dan voorzien.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de termijn waarbinnen de werkgever zijn aangifte moet wijzigen wanneer de werknemer zijn prestaties verlengt ten opzichte van het einduur dat werd aangegeven bij het begin van de dag. » Art. 101.In hetzelfde koninklijk besluit wordt een artikel 9quater ingevoegd, luidend als volgt : « Art. 9quater.- De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, binnen welke termijn een DIMONA kan worden geannuleerd. » Art. 102.Dit hoofdstuk heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2005. HOOFDSTUK III. - Kinderbijslag Art. 103.Artikel 62, § 3, eerste lid, van de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders, vervangen bij de wet van 29 april 1996, wordt vervangen als volgt : « Onverminderd de bepalingen van § 1, wordt de kinderbijslag onder de door de Koning bepaalde voorwaarden verleend tot 25 jaar ten behoeve van het kind dat onderwijs volgt of een stage vervult om in een ambt te kunnen worden benoemd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onverminderd de bepalingen van § 1, kan de Koning, onder de voorwaarden die Hij vaststelt, bepalen dat kinderbijslag wordt verleend tot 25 jaar ten behoeve van het kind dat een vorming doorloopt waarvoor in het « bachelor-master »-systeem studiepunten worden toegekend en geen lessen dienen te worden gevolgd. Hij bepaalt de vormingen die in aanmerking komen. » Art. 104.Artikel 102, § 1, eerste lid, van dezelfde wetten, hersteld bij het koninklijk besluit van 10 december 1996, wordt vervangen als volgt : « De Koning kan, op voorstel van het Beheerscomité van de Rijksdienst voor kinderbijslag voor werknemers, afwijken, inzonderheid van de voorwaarde van tewerkstelling in België bedoeld in artikel 1, in categorieën van behartigenswaardige gevallen die Hij bepaalt en deze Rijksdienst ermee belasten om gezinsbijslag uit te betalen voor deze categorieën. » Art. 105.In afwijking van artikel 22bis van dezelfde wetten, kan de algemene vergadering van de vereniging in de loop van het jaar 2005 beslissen over de wijziging van de statuten bij toepassing van de op 1 januari 2005 bestaande statutaire regels inzake het meervoudig stemrecht en de volmachten. Deze afwijking beperkt zich tot de wijziging van de statuten die betrekking heeft op de aanpassing ervan aan dezelfde wetten zoals gewijzigd bij de programmawet van 27 december 2004Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/1999 numac 1998022861 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">21/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">03/09/2009 numac 2009000546 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten8 en aan de wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de internationale verenigingen zonder winstoogmerk en de stichtingen. Art. 106.Dit hoofdstuk treedt in werking de dag waarop deze wet in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt, met uitzondering van artikel 103 dat in werking treedt op 1 september 2005 en van artikel 105 dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2005. HOOFDSTUK IV. - Wijzigingen van de wet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten2 inzake experimenten op de menselijke persoon Art. 107.Artikel 30 van de wet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/1998 numac 1998000389 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de radiocommunicatie van de hulp- en veiligheidsdiensten sluiten2 inzake experimenten op de menselijke persoon wordt aangevuld met een § 6, luidende : « § 6. De Koning kan, ten laste van de opdrachtgever van een experiment en ten voordele van de bevoegde autoriteit, andere bijdragen instellen dan die voorzien in § 2, voor de uitvoering van de in deze wet voorziene opdrachten van de Federale Overheidsdienst, waarvan Hij het bedrag en de regels bepaalt. » Art. 108.Artikel 34, § 1, van dezelfde wet, wordt ingetrokken. HOOFDSTUK V. - Dier, plant, voeding Afdeling 1. - Bekrachtiging van het koninklijk besluit van 5 december 2004 tot vaststelling van de door de aardappelproducenten verschuldigde tijdelijke crisisbijdragen voor het vergoeden van verliezen ingevolge maatregelen tegen schadelijke organismen Art. 109.Het koninklijk besluit van 5 december 2004Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/06/1999 numac 1999022532 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende diverse bepalingen « Volksgezondheid » sluiten9 tot vaststelling van de door de aardappelproducenten verschuldigde tijdelijke crisisbijdragen voor het vergoeden van verliezen ingevolge maatregelen tegen schadelijke organismen, wordt bekrachtigd met uitwerking van 24 december 2004, datum van zijn inwerkingtreding. Afdeling 2. - Wijziging van de wet van 4 februari 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/02/2000 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/02/2000 numac 2000022108 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende oprichting van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen sluiten houdende oprichting van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Art. 110.Artikel 4, § 5, van de wet van 4 februari 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/02/2000 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/02/2000 numac 2000022108 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende oprichting van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen sluiten houdende oprichting van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen, wordt aangevuld met het volgende lid : « Wanneer bepaalde taken krachtens het eerste lid worden voorbehouden aan dierenartsen, worden deze specifieke taken door de dierenartsen verricht onder het statuut van zelfstandige, zowel op het vlak van het toepasselijke sociaalzekerheidsrecht als op dat van het arbeidsrecht. » TITEL XV. - Financiën Art. 111.De akkoorden afgesloten tussen de administratie die bevoegd is voor de vestiging van de inkomstenbelastingen en de belastingplichtige omtrent de eigen kosten van de werkgever of de kwalificatie van de inkomsten en de beslissingen van die administratie inzake de kwalificatie van de inkomsten, zijn enkel bindend inzake inkomstenbelastingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">TITEL XVI. - Middenstand Art. 112.In het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, wordt een artikel 16bis ingevoegd, luidend als volgt : « Art. 16bis.- § 1. Elke schuldvordering van de inninginstelling van de bijdragen die het voorwerp heeft uitgemaakt van een uitvoerbare titel of die aanleiding geeft tot een bewarend beslag of die het voorwerp heeft uitgemaakt van een beschikking waarbij het bewarend beslag wordt toegestaan, wordt gewaarborgd door een wettelijke hypotheek op al de aan de schuldenaar toebehorende goederen, die in België gelegen en daarvoor vatbaar zijn. § 2. De wettelijke hypotheek doet geen afbreuk aan de vorige voorrechten en hypotheken; zij neemt slechts rang op het moment van de inschrijving ervan. § 3. De wettelijke hypotheek wordt ingeschreven op verzoek van de inninginstelling van de bijdragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 19 van de faillissements wet van 8 augustus 1997Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/08/1997 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/1997 numac 1997009766 bron ministerie van justitie Faillissementswet sluiten is niet van toepassing op de wettelijke hypotheek wat de schuldvorderingen betreft bedoeld in § 1 en die dateren van vóór het vonnis van faillissementverklaring. § 4. De inschrijving heeft plaats op voorlegging van de titel die hierop recht geeft, overeenkomstig de bepalingen van artikel 1 en met inachtneming van de bepalingen vervat in artikel 89 van de hypotheekwet van 16 december 1851. § 5. De inninginstelling van de bijdragen verleent opheffing in de administratieve vorm zonder dat zij, tegenover de hypotheekbewaarder, gehouden is verantwoording te verstrekken van de betaling van de verschuldigde sommen. § 6. Indien de schuldenaars, alvorens de bedragen vereffend te hebben die door de wettelijke hypotheek gewaarborgd zijn, alle of een deel van de bezwaarde goederen vrij wensen te maken van hypotheek, dienen zij daartoe een verzoek in bij de inninginstelling van de bijdragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dit verzoek zal worden ingewilligd indien de instelling reeds voldoende zekerheid bezit, of indien deze haar wordt gegeven, voor het bedrag van hetgeen haar verschuldigd is. § 7. De kosten voor hypothecaire formaliteiten met betrekking tot de wettelijke hypotheek zijn ten laste van de schuldenaar. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-113\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 113</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In hetzelfde besluit wordt een artikel 16ter ingevoegd, luidend als volgt : « Art. 16ter.- § 1. De overdracht, in eigendom of in vruchtgebruik, van een geheel van goederen, samengesteld uit onder meer elementen die het behoud van de klandizie mogelijk maken, die voor de uitoefening van een vrij beroep, ambt of post of een industrieel, handels- of landbouwbedrijf worden aangewend, evenals de vestiging van een vruchtgebruik op dezelfde goederen zijn slechts tegenstelbaar aan de inninginstelling van de bijdragen na verloop van de maand die volgt op die waarin een authentiek afschrift van de akte van overdracht of vestiging ter kennis is gebracht van de inninginstelling van de bijdragen. § 2. De overnemer is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van iedere in artikel 16bis bedoelde schuldvordering verschuldigd door de overdrager na verloop van de in § 1 vermelde termijn, tot beloop van het bedrag dat reeds door hem gestort is of verstrekt, of van een bedrag dat overeenstemt met de nominale waarde van de aandelen die in ruil voor de overdracht zijn toegekend vóór de afloop van de voornoemde termijn. § 3. De §§ 1 en 2 van dit artikel zijn niet van toepassing indien de overdrager bij de akte van overdracht een certificaat voegt dat uitsluitend met dit doel is opgemaakt door de inninginstellingen van de bijdragen binnen dertig dagen die de kennisgeving van de overeenkomst voorafgaan De uitreiking van dit certificaat is afhankelijk van een door de overdrager ingediende aanvraag in tweevoud bij de inninginstelling van de bijdragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het certificaat wordt geweigerd door de inninginstelling van de bijdragen indien op de dag van de aanvraag de overdrager een zekere en vaststaande schuld heeft ten aanzien van de instelling of indien de aanvraag van de overdrager ingediend is na de aankondiging van of tijdens een controle door een sociaal inspecteur.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het certificaat wordt ofwel uitgereikt ofwel geweigerd binnen een termijn van dertig dagen na de indiening van de vraag van de overdrager. § 4. Niet onderworpen aan de bepalingen van dit artikel zijn de overdrachten die worden uitgevoerd door een curator, een commissaris inzake opschorting of in geval van fusie, splitsing, inbreng van de algemeenheid van goederen of van een tak van werkzaamheid verricht overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen. § 5. De in dit artikel bedoelde aanvraag en het in dit artikel bedoelde certificaat worden opgemaakt overeenkomstig de door de Minister van Middenstand vastgestelde modellen. » Art. 114.In artikel 20 van hetzelfde besluit wordt een § 7 ingevoegd, luidend als volgt : « § 7. Onverminderd hun recht om voor de rechter te dagvaarden kunnen de door dit artikel beoogde kassen als inninginstellingen van de bijdragen de bedragen die hen verschuldigd zijn eveneens bij wijze van dwangbevel invorderen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt de voorwaarden en modaliteiten van vervolging door middel van een dwangbevel evenals de kosten die eruit voortvloeien en hun tenlastelegging. » Art. 115.In hetzelfde besluit, wordt een artikel 23ter ingevoegd, luidend als volgt : « Art. 23ter.- § 1. De notarissen die gevorderd zijn om een akte op te maken die de vervreemding of de hypothecaire aanwending van een onroerend goed, van een schip of een vaartuig tot voorwerp heeft, zijn persoonlijk aansprakelijk voor de betaling van de schuldvorderingen bedoeld in artikel 16bis die aanleiding kunnen geven tot een hypothecaire inschrijving, indien zij er de inninginstelling van de bijdragen niet van op de hoogte stellen volgens de hierna bepaalde voorwaarden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het bericht moet aan de inninginstelling van de bijdragen worden meegedeeld door middel van een procedure waarbij informatica- of telegeleidingstechnieken worden gebruikt of, bij gebrek daaraan, bij een ter post aangetekende brief.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het geval dat het bericht wordt meegedeeld door middel van een procedure waarbij informatica- of telegeleidingstechnieken worden gebruikt, is de datum van verzending van het bericht die van de ontvangstmelding meegedeeld door de inninginstelling van de bijdragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de akte waarvan sprake niet verleden wordt binnen drie maanden te rekenen van de verzending van het bericht, wordt het als niet bestaande beschouwd. § 2. Indien het belang van de inninginstelling van de bijdragen het vereist, maakt zij aan de notaris uiterlijk vóór het verstrijken van de twaalfde werkdag die volgt op de datum van verzending van het in § 1 voorziene bericht en door middel van een procedure waarbij informatica- of telegeleidingstechnieken worden gebruikt of, bij gebrek daaraan, per aangetekende brief, het bedrag van de schuldvorderingen bekend die aanleiding kunnen geven tot de inschrijving van de wettelijke hypotheek op de goederen die het voorwerp uitmaken van de akte. § 3. Wanneer de in § 1 bedoelde akte verleden is, geldt de in § 2 bedoelde kennisgeving als beslag onder derden in handen van de notaris op de bedragen en waarden die hij krachtens de akte onder zich houdt voor rekening of ten bate van de schuldenaar van de inninginstelling van de bijdragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Daarenboven, indien de aldus door beslag onder derden getroffen sommen en waarden minder bedragen dan het totaal der sommen verschuldigd aan de ingeschreven schuldeisers en aan de verzetdoende schuldeisers, moet de notaris, op straffe van persoonlijke aansprakelijkheid voor het overschot, daarover door middel van een procedure waarbij informatica- of telegeleidingstechnieken worden gebruikt of, bij gebrek daaraan, per aangetekende brief, de inninginstelling van de bijdragen inlichten, uiterlijk de eerste werkdag die volgt op het verlijden van de akte.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onverminderd de rechten van derden, kan de overschrijving of de inschrijving van de akte niet tegen de inninginstelling van de bijdragen worden ingeroepen indien de inschrijving van de wettelijke hypotheek geschiedt binnen acht werkdagen na de verzending van de in het vorig lid bedoelde informatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zijn zonder uitwerking ten opzichte van de schuldvorderingen van de inninginstelling van de bijdragen welke in uitvoering van § 2 ter kennis werden gegeven, alle niet ingeschreven schuldvorderingen waarvoor slechts na het verstrijken van de in § 3, tweede lid, voorziene termijn beslag wordt gelegd of verzet wordt aangetekend. § 4. De inschrijvingen genomen na de in § 3, derde lid, bedoelde termijn, of tot zekerheid van de schuldvorderingen die niet ter kennis werden gegeven overeenkomstig § 2, kunnen niet worden ingeroepen tegen de hypothecaire schuldeiser, noch tegen de verkrijger die de opheffing ervan zal kunnen vorderen. § 5. De aansprakelijkheid door de notaris opgelopen krachtens § 1 en § 3 kan, naargelang het geval, de waarde van het vervreemde goed of het bedrag van de hypothecaire inschrijving, na aftrek van de sommen en waarden waarop in zijn handen beslag onder derden werd gelegd, niet te boven gaan. § 6. De §§ 1 tot 5 zijn van toepassing op elke persoon die gemachtigd is om de authenticiteit te verlenen aan de in § 1 bedoelde akten. § 7. Geen enkele akte die in het buitenland verleden is en de vervreemding of de hypothecaire aanwending van een onroerend goed, een schip of een vaartuig tot voorwerp heeft, wordt in België tot overschrijving of inschrijving in de registers van een hypotheekbewaarder toegelaten, indien zij niet vergezeld gaat van een attest van de inninginstelling van de bijdragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dit attest moet aantonen dat de eigenaar of de vruchtgebruiker geen schuldenaar is ten aanzien van de inninginstelling van de bijdragen en dat de wettelijke hypotheek die de verschuldigde bedragen waarborgt, ingeschreven werd. § 8. Openbare ambtenaren of ministeriële officieren, belast met de openbare verkoping van roerende goederen waarvan de waarde ten minste 250 euro bedraagt, zijn persoonlijk aansprakelijk voor de betaling van de bedragen verschuldigd aan de inninginstelling van de bijdragen door de eigenaar op het ogenblik van de verkoping, indien zij niet ten minste acht werkdagen vooraf door middel van een procedure waarbij informatica- of telegeleidingstechnieken worden gebruikt of, bij gebrek daaraan, per aangetekende brief de instelling ervan verwittigen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de verkoping heeft plaatsgehad, geldt de kennisgeving van het bedrag van de haar verschuldigde sommen die door de inninginstelling van de bijdragen werd gedaan door middel van een procedure waarbij informatica- of telegeleidingstechnieken worden gebruikt of, bij gebrek daaraan, per aangetekende brief, uiterlijk daags vóór de verkoping, als beslag onder derden in handen van de in vorig lid vermelde openbare ambtenaren of ministeriële officieren. § 9. Met het akkoord van de schuldenaar zijn de banken onderworpen aan de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen, de ondernemingen onderworpen aan het koninklijk besluit nr. 225 van 7 januari 1936 tot reglementering van de hypothecaire leningen en tot inrichting van de controle op de ondernemingen van hypothecaire leningen, alsook de hypotheekondernemingen onderworpen aan de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet, gemachtigd het in § 1 bedoelde bericht toe te sturen en zijn bekwaam om de in § 2 bedoelde kennisgeving te ontvangen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De afgifte van een attest door die instellingen aan de notaris betreffende de verzending van het bericht en het gevolg dat daaraan door de ontvangers wordt gegeven, stelt de aansprakelijkheid van die instellingen in de plaats van die van de notaris. § 10. Wanneer openbare of private kredietinstellingen of -inrichtingen kredieten, leningen of voorschotten toekennen waarvoor een voordeel is verleend in het kader van de wettelijke en reglementaire bepalingen inzake economische expansie of waarvoor een dergelijk voordeel is aangevraagd aan de bevoegde overheid, mogen zij de fondsen noch geheel noch gedeeltelijk vrijgeven, tenzij de begunstigde of aanvrager hun voorafgaand een attest heeft afgeleverd dat is uitgereikt door de bevoegde ambtenaar en waaruit blijkt dat : 1° hij ofwel geen enkele geldsom verschuldigd is aan een inninginstelling van de bijdragen;2° ofwel een bepaald bedrag in zijnen hoofde opeisbaar is.In dit geval dient het vereffenen van de verschuldigde sommen, in de vormvoorschriften en de termijnen die in het attest zijn voorzien, het voorwerp uit te maken van een bijzondere clausule bij de beslissing inzake de toekenning van het voordeel.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning regelt de toepassing van dit artikel. § 11. De Koning bepaalt de modaliteiten inzake de opstelling en de mededeling van de in §§ 1, 3, 7, 8 en 9 bedoelde berichten, inlichtingen en kennisgevingen en wijst de bevoegde diensten aan om deze berichten en kennisgevingen te ontvangen en over te zenden. » Art. 116.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2006, met uitzondering van artikel 114 dat in werking treedt op 1 oktober 2005.</p>\n<p class=\"lf-p\">Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Gegeven te Brussel, 20 juli 2005.</p>\n<p class=\"lf-p\">ALBERT Van Koningswege : De Eerste Minister, G. VERHOFSTADT De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX De Minister van Financiën, D. REYNDERS De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven, J. VANDE LANOTTE De Minister van Binnenlandse Zaken, P. DEWAEL De Minister van Landsverdediging, A. FLAHAUT De Minister van Economie, M. VERWILGHEN De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, R. DEMOTTE De Minister van Middenstand, Mevr. S. LARUELLE Voor de Minister van Werk, afwezig : De Vice-Eerste Minister en Minister van Begroting en Overheidsbedrijven, J. VANDE LANOTTE De Minister van Ontwikkelingssamenwerking, A. DE DECKER De Minister van Ambtenarenzaken, Maatschappelijke Integratie en Grootstedenbeleid, Ch. DUPONT De Minister van Mobiliteit, R. LANDUYT De Minister van Leefmilieu, B. TOBBACK Met 's Lands zegel gezegeld : Voor de Minister van Justitie, afwezig : De Minister van Landsverdediging, A. FLAHAUT _______ Nota's (1) Kamer van volksvertegenwoordigers. Stukken : Doc 51 1845/ (2004/2005) : 001 : Wetsontwerp. 002 tot 012 : Amendementen. 013 en 014 : Verslagen. 015 : Advies van de Raad van State. 016 tot 021 : Verslagen. 022 : Tekst aangenomen door de commissies. 023 en 024 : Amendementen. 025 tot 027 : Verslagen. 028 : Tekst aangenomen door de commissie (artikel 77 van de Grondwet). 029 : Tekst aangenomen door de commissies (artikel 78 van de Grondwet). 030 tot 032 : Amendementen. 033 : Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan de Senaat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Integraal verslag : 13 juli 2005.</p>\n<p class=\"lf-p\">Senaat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Stukken : 3-1302 - 2004/2005 : Nr. 1 : Ontwerp geëvoceerd door de Senaat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 2 : Amendementen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nrs. 3 tot 7 : Verslagen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 8 : Amendementen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 9 : Beslissing om niet te amenderen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Handelingen van de Senaat : 15 juli 2005.</p></div>", "next": 0}