{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">sluiten4 betreffende de verzekeringen, gewijzigd bij de wet van 13 maart 2016, worden de woorden \"De algemene, bijzondere en speciale voorwaarden, de verzekeringsovereenkomsten in hun geheel, evenals alle clausules afzonderlijk\" vervangen door de woorden \"De verzekeringsovereenkomsten in hun geheel, de algemene, bijzondere en speciale voorwaarden, evenals alle andere clausules die de voorwaarden van de verzekeringsovereenkomst uitmaken\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-67\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 67</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 23, § 1, van dezelfde wet wordt de eerste zin vervangen als volgt: \"De verzekeringsovereenkomsten in hun geheel, de algemene, bijzondere en speciale voorwaarden, evenals alle andere clausules die de voorwaarden van de verzekeringsovereenkomst uitmaken, worden opgesteld in duidelijke en nauwkeurige bewoordingen.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-68\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 68</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde wet wordt een artikel 85/2 ingevoegd, luidende: \"Art. 85/2.In het kader van de delegatie bepaald in artikel 85/1, § 4, kan de Koning voorzien in de verwerking van persoonsgegevens, voor zover is voldaan aan de volgende voorwaarden: 1° de categorie van personen van wie de persoonsgegevens het voorwerp van een verwerking mogen uitmaken, zijn de verzekeringnemer, de huidige verzekeraar of de verzekeringstussenpersoon die, als lasthebber van één of meer verzekeringsondernemingen, het recht heeft om in naam en voor rekening van die verzekeringsonderneming de verzekeringsovereenkomst te beheren;2° de verwerkte persoonsgegevens zijn de identificatiegegevens van de verzekeringnemer, de huidige verzekeraar, de verzekeringstussenpersoon die, als lasthebber van één of meer verzekeringsondernemingen, het recht heeft om in naam en voor rekening van die verzekeringsonderneming de verzekeringsovereenkomst te beheren, alsook het polisnummer van de op te zeggen verzekeringsovereenkomst en alle door de verzekeringnemer verstrekte informatie die nodig is voor de opzegging van de verzekeringsovereenkomst;3° het doel van de verwerking van de persoonsgegevens is de nieuwe verzekeraar en/of, in voorkomend geval, de verzekeringstussenpersoon, in staat te stellen om voor rekening van de verzekeringnemer de nodige formele stappen te zetten om de verzekeringsovereenkomst op te zeggen zoals bedoeld in de artikelen 85 en 85/1;4° de categorie van personen die toegang hebben tot de persoonsgegevens zijn de huidige verzekeraar van de verzekeringnemer, de nieuwe verzekeraar en/of, in voorkomend geval, de verzekeringstussenpersoon; 5° de maximumtermijn voor het bewaren van de persoonsgegevens bedraagt tien jaar.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-69\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 69</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 121, § 3, van dezelfde wet wordt aangevuld met een bepaling onder 5°, luidende: \"5° De termijn vermeld in artikel 121/1, § 6, is nog niet verstreken.\"</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-70\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 70</span><span class=\"lf-art-t\">In dezelfde wet wordt een artikel 121/1 ingevoegd, luidende: \"Expertise ter plaatse of expertise met een door de verzekerde aangestelde expert</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-121\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 121</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">/1.§ 1. De verzekeraar en de verzekerde kunnen, elk wat hen betreft, een expert aanstellen. § 2. Onverminderd de overige wettelijke informatieverplichtingen, verstrekt de verzekeraar, alvorens de expert aangesteld door die verzekeraar zich ter plaatse begeeft, aan de verzekerde op een duidelijke en begrijpelijke wijze op een duurzame gegevensdrager, de volgende informatie: 1° de identificatiegegevens van de verzekeraar;2° de identificatiegegevens van de expert aangesteld door die verzekeraar;3° de in voorkomend geval door de expert, aangesteld door de verzekeraar, onderschreven gedragscode;4° het bestaan van een minimale bedenktijd van vijf werkdagen voor de verzekerde om de door de verzekeraar voorgestelde schadevergoeding te aanvaarden;5° de gegevens van de ombudsdienst inzake verzekeringen. § 3 Onverminderd de overige wettelijke informatieverplichtingen, verstrekt de expert aangesteld door de verzekerde, voordat de overeenkomst tot het uitvoeren van een expertise wordt gesloten, aan de verzekerde op duidelijke en begrijpelijke wijze de volgende informatie: 1° zijn identificatiegegevens;2° de in voorkomend geval ondertekende gedragscode;3° de voorwaarden inzake het recht om de overeenkomst tot het uitvoeren van een expertise op te zeggen, indien dit recht is bepaald;4° de totale prijs, inclusief alle belastingen, met name het bedrag van het uurtarief en het geschatte aantal uren of het percentage van het schadebedrag en alle diensten die de verzekerde verplicht moet bijbetalen, of, indien de prijs redelijkerwijs niet vooraf kan worden berekend, de wijze van berekening van de prijs;5° de opdracht van de expert en de omvang van zijn bevoegdheden;6° voor zover de verzekerde een consument is, de contactgegevens van de Consumentenombudsdienst. § 4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij elk ongevraagd bezoek bij de woonplaats van de verzekerde, met het oog op het sluiten van een overeenkomst tot het uitvoeren van een expertise, kan de verzekerde enkel een vrijblijvend aanbod ontvangen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dit aanbod wordt op een duurzame drager opgesteld en wordt aan de verzekerde overhandigd. Op vraag van de aanbieder wordt één exemplaar van het aanbod uitsluitend voor ontvangst ondertekend door de verzekerde.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het aanbod vermeldt, in de onmiddellijke nabijheid van de handtekening van de verzekerde, de volgende tekst gedrukt in het vet en in hetzelfde lettertype als de rest van het document: \"Dit document betreft een vrijblijvend aanbod en geen overeenkomst tot het uitvoeren van een expertise\".</p>\n<p class=\"lf-p\">Het aanbod kan slechts worden aanvaard door de verzekerde na het verstrijken van een termijn van minimum één dag na dit aanbod en nadat de verzekeraar van het schadegeval werd geïnformeerd. § 5. Na elke expertise uitgevoerd ter plaatse, of expertise uitgevoerd met een door de verzekerde aangestelde expert maakt de expert aangesteld door de verzekeraar een expertiseverslag op, waarin het schadebedrag wordt vastgesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een kopie van het expertiseverslag wordt naar de verzekerde en de verzekeringsonderneming gestuurd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verzekeringsonderneming doet de verzekerde een voorstel tot schadevergoeding op basis van het expertiseverslag.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning kan de vorm en de inhoud van het expertiseverslag bepalen. § 6. De verzekerde kan de door de verzekeraar voorgestelde schadevergoeding ten vroegste aanvaarden na het verstrijken van een minimale bedenktijd van vijf werkdagen. § 7. Op het einde van de opdracht maakt de expert aangesteld door de verzekerde, een slotverslag op dat wordt overgemaakt aan de verzekerde.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning kan de vorm en de inhoud van het slotverslag bepalen. § 8. De persoonsgegevens vermeld in de paragrafen 2 en 3, en in voorkomend geval, de persoonsgegevens vermeld in het expertiseverslag bedoeld in paragraaf 5 en het slotverslag bedoeld in paragraaf 7, kunnen worden verwerkt, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: 1° de betrokken personen zijn de personen die in het kader van een brandverzekering expertises uitvoeren;2° de verwerkte persoonsgegevens zijn de identificatiegegevens;3° de met de verwerking nagestreefde doelstelling is het verbeteren van de transparantie in het kader van de expertise;4° de categorieën van personen die toegang hebben tot de gegevens zijn de verzekerde, alsook eenieder die betrokken is bij de expertise; 5° de maximumtermijn voor het bewaren van de verwerkte gegevens is tien jaar na de definitieve beslissing over het bedrag van de schadevergoeding.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-71\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 71</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 197/1 van dezelfde wet, ingevoegd bij de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 2 mei 2019Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/07/2016 numac 2016000435 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de elektronische communicatie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten2, wordt vervangen als volgt: \"Art. 197/1.Deze afdeling is van toepassing op alle beëindigingswijzen van een levensverzekeringsovereenkomst waarvan het risico dan wel de verbintenis in België is gelegen, alsook in het geval van gedeeltelijke afkoop van een dergelijke levensverzekeringsovereenkomst. Deze afdeling is niet van toepassing op overeenkomsten die worden gesloten in het kader van de tweede pensioenpijler.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-72\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 72</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In deel 6, hoofdstuk 3, afdeling 2, van dezelfde wet wordt een artikel 267/2 ingevoegd, luidende: \"Art. 267/2.Als een verzekeringsmakelaar of een verzekeringsagent dan wel een herverzekeringsmakelaar of een herverzekeringsagent kennis heeft van elementen die twijfel kunnen doen rijzen over de naleving van de door deze wet voorgeschreven inschrijvingsvoorwaarden door een verzekeringssubagent of een nevenverzekeringstussenpersoon dan wel een herverzekeringssubagent op wie hij een beroep doet of heeft gedaan, deelt hij die elementen onmiddellijk mee aan de FSMA. Zij stellen de FSMA ook in kennis van het feit dat iemand zich als verzekerings- of herverzekeringstussenpersoon voordoet zonder in het in deze wet vermelde register te zijn ingeschreven.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-73\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 73</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 304, § 2, eerste lid, van dezelfde wet, vervangen bij de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 6 december 2018Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/07/2016 numac 2016000435 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de elektronische communicatie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten0, worden de woorden \"en volgens de nadere regels\" ingevoegd tussen de woorden \"binnen de termijn\" en de woorden \"die zij vaststelt\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-74\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 74</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 311, § 4, van dezelfde wet, ingevoegd bij de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 6 december 2018Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/07/2016 numac 2016000435 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de elektronische communicatie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten0, wordt aangevuld met een lid, luidende: \"Als de FSMA vaststelt dat de samenwerking tussen een verzekeringsagent of een verbonden verzekeringsagent en de enige verzekeringsonderneming in naam en voor rekening waarvan hij handelt, of tussen een verzekeringssubagent en de verzekeringsmakelaar of -agent in naam en voor rekening van wie hij handelt, wordt beëindigd, schrapt zij de betrokken agent of subagent uit het register waarin hij was ingeschreven, na hem daarvan vooraf in kennis te hebben gesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">De FSMA schrapt een verzekeringsagent of verbonden verzekeringsagent die handelt in naam en voor rekening van verschillende verzekeringsondernemingen uit het register waarin hij was ingeschreven, na hem daarvan vooraf in kennis te hebben gesteld, wanneer zij vaststelt dat deze agent niet langer is verbonden met één van die verzekeringsondernemingen.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-75\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 75</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 322 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 6 december 2018Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/07/2016 numac 2016000435 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de elektronische communicatie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten0, worden de paragrafen 2/1 en 2/2 ingevoegd, luidende: \" § 2/1. Van zodra de ombudsdienst inzake verzekeringen een volledige aanvraag tot buitengerechtelijke klachtenregeling heeft ontvangen, worden de verjaringstermijnen bedoeld in artikel 88 geschorst.</p>\n<p class=\"lf-p\">De schorsing loopt tot op de dag waarop de ombudsdienst inzake verzekeringen aan de partijen meedeelt: 1° dat de behandeling van de aanvraag is geweigerd;of 2° het resultaat van de minnelijke regeling. Van zodra de verzekeringsonderneming, de verzekeringstussenpersoon of de nevenverzekeringstussenpersoon ter kennis is gebracht dat de ombudsdienst inzake verzekeringen een volledige aanvraag tot buitengerechtelijke klachtenregeling heeft ontvangen, wordt de invorderingsprocedure ingesteld door de betrokken verzekeringsonderneming, verzekeringstussenpersoon of nevenverzekeringstussenpersoon, geschorst tot op de dag bedoeld in het tweede lid. § 2/2. De verzekeringsonderneming, verzekeringstussenpersoon of nevenverzekeringstussenpersoon gaat in op elk verzoek om informatie dat hij in het kader van de buitengerechtelijke klachtenregeling van de ombudsdienst inzake verzekeringen ontvangt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij een gebrek aan antwoord binnen een redelijke termijn en mits voorafgaandelijke opgave van een lijst met documenten waartoe hij toegang wenst te hebben kan de ombudsdienst inzake verzekeringen, met het oog op de uitvoering van zijn wettelijke opdracht, in het kader van een bij hem ingediende aanvraag, ter plaatse kennis nemen van de boeken, briefwisseling, verslagen en, in het algemeen, van alle documenten en alle geschriften van de betrokken verzekeringsonderneming, verzekeringstussenpersoon of nevenverzekeringstussenpersoon die rechtstreeks betrekking hebben op het voorwerp van de aanvraag. Hij kan van de bestuurders, agenten en aangestelden van de betrokken verzekeringsonderneming, verzekeringstussenpersoon of nevenverzekeringstussenpersoon alle nodige uitleg en informatie vorderen en alle verificaties uitvoeren die nuttig zijn voor zijn onderzoek.</p>\n<p class=\"lf-p\">De ombudsdienst inzake verzekeringen mag zich laten bijstaan door deskundigen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De redelijke termijn bedoeld in het tweede lid bedraagt minstens vijf werkdagen.\"</p>\n<h3 class=\"lf-part\">HOOFDSTUK 9 - Wijziging van de</h3>\n<p class=\"lf-p\">wet van 21 november 2017Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/01/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/01/2003 numac 2003014009 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector sluiten7 betreffende de verkoop van pakketreizen, gekoppelde reisarrangementen en reisdiensten Art. 76.Artikel 60 van de wet van 21 november 2017Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/01/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/01/2003 numac 2003014009 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector sluiten7 betreffende de verkoop van pakketreizen, gekoppelde reisarrangementen en reisdiensten, vervangen bij de wet van 5 juni 2023, wordt aangevuld met zes leden, luidende: \"De verzekeringsonderneming bedoeld in het eerste lid houdt op haar website een geüpdatete lijst bij, die toegankelijk is voor het publiek, van de professionelen bedoeld in artikel 2, 7°, met wie een verzekeringsovereenkomst werd gesloten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de verwerking van persoonsgegevens in het kader van de uitvoering van de verplichting bedoeld in het derde lid, treedt de verzekeringsonderneming bedoeld in het eerste lid op als verwerkingsverantwoordelijke, in de zin van artikel 4, 7), van Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming).</p>\n<p class=\"lf-p\">De categorieën van personen van wie de persoonsgegevens het voorwerp kunnen uitmaken van de verwerking zijn alle professionelen bedoeld in artikel 2, 7°, met wie een verzekeringsovereenkomst werd gesloten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De categorieën van persoonsgegevens die worden verwerkt door de verwerkingsverantwoordelijke bedoeld in het vierde lid zijn de identificatiegegevens.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het publiek heeft toegang tot de persoonsgegevens die worden verwerkt in het kader van de uitvoering van de verplichting bedoeld in het derde lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">De persoonsgegevens die in overeenstemming met dit artikel worden verwerkt, kunnen worden bewaard gedurende maximaal een jaar na de opzegging van de verzekeringsovereenkomst bedoeld in het eerste lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Na afloop van de voormelde periode van een jaar worden de persoonsgegevens definitief geschrapt.\"</p>\n<h3 class=\"lf-part\">HOOFDSTUK 10 - Wijzigingen van de</h3>\n<p class=\"lf-p\">wet van 3 oktober 2022Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/07/2016 numac 2016000435 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de elektronische communicatie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten9 houdende diverse arbeidsbepalingen Art. 77.In hoofdstuk 4, afdeling 2, van de wet van 3 oktober 2022Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/07/2016 numac 2016000435 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de elektronische communicatie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten9 houdende diverse arbeidsbepalingen wordt een artikel 19/1 ingevoegd, luidende: \"Art. 19/1.§ 1. De Koning laat, onder de voorwaarden die Hij bepaalt, een Fonds voor werkongevallen voor zelfstandige medewerkers van digitale platformen opdrachtgevers toe, opgericht door de verzekeringsondernemingen bedoeld in paragraaf 4, met als opdracht de getroffenen van ongevallen bedoeld in artikel 19, § 1, of hun rechthebbenden te vergoeden wanneer: 1° de platformexploitant zoals gedefinieerd in artikel 337/3, § 1, 3°, van de programmawet (I) van 27 december 2006 en hierna \"de platformexploitant\" genoemd, de verplichte verzekering, bedoeld in artikel 19, niet heeft afgesloten en zijn verplichtingen niet uitvoert;2° de vergoedingen verschuldigd zijn door een verzekeringsonderneming die haar verplichtingen niet uitvoert. De Koning stelt de uitvoeringshandelingen van deze opdracht vast. § 2. Indien het Fonds bedoeld in paragraaf 1 niet is opgericht binnen de twaalf maanden na de inwerkingtreding van dit artikel, of indien het Fonds ophoudt te bestaan, kan de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het Fonds oprichten en de nadere regels van zijn werking bepalen. § 3. De statuten, het huishoudelijk reglement en de wijzigingen ervan worden, na advies van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten, goedgekeurd door de Koning.</p>\n<p class=\"lf-p\">De statuten, het huishoudelijk reglement en de wijzigingen ervan worden in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. § 4. De verzekeringsondernemingen, die de in artikel 19 bedoelde verzekering aanbieden, zijn hoofdelijk gehouden aan het Fonds de stortingen te doen die nodig zijn voor het volbrengen van zijn opdrachten en om zijn werkingskosten te dragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien het Fonds door de Koning is ingesteld, stelt een koninklijk besluit jaarlijks de regels vast voor het berekenen van de stortingen die door de verzekeringsondernemingen worden gedaan. § 5. De erkenning wordt ingetrokken indien het Fonds niet handelt overeenkomstig de wetten, verordeningen of zijn statuten.</p>\n<p class=\"lf-p\">In dat geval kan de Koning alle passende maatregelen nemen ter vrijwaring van de rechten van de verzekeringsnemers, de verzekerden en de getroffenen van de in artikel 19, § 1, bedoelde werkongevallen of hun rechthebbenden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het Fonds blijft aan de controle onderworpen zolang de vereffening van zijn verrichtingen duurt.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning benoemt voor deze vereffening een bijzonder vereffenaar. § 6. Voor zover het Fonds de getroffenen van werkongevallen, bedoeld in artikel 19, § 1, of hun rechthebbenden vergoed heeft, wordt het Fonds gesubrogeerd in de rechten van de schadeloos gestelde persoon jegens de aansprakelijke persoon, zijn eventuele verzekeraar, de platformexploitant die de in artikel 19 bedoelde verzekering niet heeft afgesloten, of de verzekeringsonderneming die de vergoedingen verschuldigd is en haar verplichtingen niet nakomt.</p>\n<p class=\"lf-p\">De subrogatie mag geen afbreuk doen aan de rechten die derden die samen met het Fonds opkomen, persoonlijk zouden kunnen doen gelden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze derden, met uitsluiting van de in hun plaats gestelden, oefenen hun rechten bij voorkeur boven het Fonds uit.</p>\n<p class=\"lf-p\">In de gevallen waarin de verzekeringsonderneming die de vergoeding verschuldigd is failliet is verklaard of haar verplichtingen niet nakomt, kan het Fonds zich slechts verhalen op de platformexploitant of op de aansprakelijke persoon indien voldaan is aan de voorwaarden waaronder zodanig verhaal volgens de wet of de overeenkomst voor de verzekeraar zelf openstaat. § 7. Het Fonds beschikt over alle nodige bevoegdheden en competenties om te kunnen samenwerken met andere overheidsorganen en met andere betrokken partijen, onder meer met de verzekeringsonderneming die het voorwerp uitmaakt van een faillissements- of vereffeningsprocedure, met de bewindvoerder en de vereffenaar. Deze samenwerking omvat, in voorkomend geval, het verzoek om, de ontvangst van en de verstrekking van informatie, onder meer over de bijzonderheden van specifieke vorderingen.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-78\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 78</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde afdeling van dezelfde wet wordt een artikel 19/2 ingevoegd, luidende: \"Art. 19/2.In het kader van de delegatie bepaald in artikel 19, § 4, kan de Koning voorzien in de verwerking van persoonsgegevens, voor zover is voldaan aan de volgende voorwaarden: 1° de betrokken personen zijn de zelfstandige medewerkers werkzaam via digitale platformen opdrachtgevers die getroffenen zijn van een werkongeval, bedoeld in artikel 19, § 1, of hun rechthebbenden;2° de verwerkte persoonsgegevens zijn de identificatiegegevens van de betrokken personen en de gegevens die nodig zijn voor hun schadevergoeding;3° de verwerking van de gegevens heeft als doelstelling om de personen die door de verzekeringsovereenkomst bedoeld in artikel 19, § 1, zijn gedekt en hun rechthebbenden te vergoeden;4° de categorie van personen die toegang hebben tot de gegevens zijn de getroffene of zijn rechthebbenden, evenals elke persoon die betrokken is bij het verzoek tot schadevergoeding; 5° de maximumtermijn voor het bewaren van de verwerkte gegevens is de termijn die nodig is voor de volledige verwerking van het schadedossier van de getroffene en, in voorkomend geval, tot de termijn die nodig is voor een eventueel subrogatievordering van het Fonds bedoeld in artikel 19/1, § 1, eerste lid, tegen de verzekeraar van de digitaal platform opdrachtgever zoals gedefinieerd in artikel 337/3, § 1, 1°, van de programmawet (I) van 27 december 2006, of tegen de platformexploitant indien die geen verplichte verzekering heeft afgesloten.\"</p>\n<h3 class=\"lf-part\">HOOFDSTUK 11 - Wijzigingen van de</h3>\n<p class=\"lf-p\">wet van 27 maart 2023Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/04/2006 numac 2006003247 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten sluiten3 tot bescherming van het beroep en de titel van landmeter-expert en tot oprichting van een Orde van landmeters-experten Art. 79.In artikel 7, § 2, 1°, a), i), van de wet van 27 maart 2023Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/04/2006 numac 2006003247 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten sluiten3 tot bescherming van het beroep en de titel van landmeter-expert en tot oprichting van een Orde van landmeters-experten wordt het woord \"finalité\" vervangen door het woord \"orientation\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-80\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 80</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde wet wordt een artikel 21/1 ingevoegd, luidende: \"Art. 21/1.§ 1. Elke landmeter-expert die de activiteiten van vastgoedmakelaar bedoeld in artikel 2, 5° en 7°, van de wet van 11 februari 2013Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/08/2013 numac 2013011368 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende organisatie van het beroep van vastgoedmakelaar sluiten houdende organisatie van het beroep van vastgoedmakelaar uitoefent, maakt een onderscheid tussen zijn eigen gelden en derdengelden.</p>\n<p class=\"lf-p\">De gelden die landmeters-experten in de uitoefening van het beroep van vastgoedmakelaar ontvangen ten behoeve van cliënten of derden, worden gestort op een of meer rekeningen geopend op hun naam of op naam van hun vennootschap, met vermelding van hun of haar hoedanigheid. Deze rekening of rekeningen worden geopend overeenkomstig de regels vastgelegd door het Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars bedoeld in artikel 2, 9°, van de wet van 11 februari 2013Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/02/2013 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/08/2013 numac 2013011368 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende organisatie van het beroep van vastgoedmakelaar sluiten houdende organisatie van het beroep van vastgoedmakelaar, hierna \"het Instituut\".</p>\n<p class=\"lf-p\">De landmeter-expert die het beroep van vastgoedmakelaar uitoefent, verhandelt de gelden van cliënten of derden via deze rekening. Hij verzoekt cliënten en derden steeds om deze gelden uitsluitend op deze rekening te storten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het beheer van deze rekening berust uitsluitend bij de landmeter-expert die het beroep van vastgoedmakelaar uitoefent, onverminderd de aanvullende regels inzake verhandeling van gelden van cliënten of derden vastgesteld door het Instituut. § 2. De in paragraaf 1 bedoelde rekeningen omvatten de derdenrekeningen en de rubriekrekeningen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De derdenrekening is een globale rekening waarop gelden worden ontvangen of beheerd die naar cliënten of derden doorgestort moeten worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">De rubriekrekening is een geïndividualiseerde rekening geopend met betrekking tot een bepaald dossier of voor een bepaalde cliënt. § 3. De derdenrekening en de rubriekrekening zijn rekeningen geopend bij een door de Nationale Bank van België op grond van de wet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/01/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/01/2003 numac 2003014009 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector sluiten1 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen vergunde instelling of bij de Deposito- en Consignatiekas en die minstens voldoen aan de volgende voorwaarden: 1° de derdenrekening en de rubriekrekening mogen nooit een debetsaldo vertonen;2° op een derdenrekening of een rubriekrekening mag geen krediet in welke vorm ook, worden toegestaan;die rekeningen kunnen nooit tot zekerheid dienen; 3° elke schuldvergelijking, fusie of bepaling van eenheid van rekening tussen de derdenrekening, de rubriekrekening en andere bankrekeningen is uitgesloten;nettingovereenkomsten kunnen op deze rekeningen geen toepassing vinden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het Instituut kan aanvullende regels inzake de verhandeling van gelden van cliënten of derden vaststellen. § 4. Behoudens uitzonderlijke omstandigheden of, wat de landmeter-expert die het beroep van vastgoedmakelaar-rentmeester uitoefent betreft, andersluidende overeenkomst, stort de landmeter-expert die het beroep van vastgoedmakelaar uitoefent de op zijn derdenrekening ontvangen gelden zo vlug als mogelijk door aan de rechthebbende.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ingeval de landmeter-expert die het beroep van vastgoedmakelaar uitoefent om gegronde redenen de gelden niet binnen vier maanden na ontvangst aan de rechthebbende kan overmaken, stort hij ze op een rubriekrekening.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onverminderd de toepassing van dwingende rechtsregels, is het tweede lid niet van toepassing indien het totaal van de gelden ontvangen voor rekening van eenzelfde persoon of bij gelegenheid van eenzelfde verrichting of per dossier 2500 euro niet te boven gaat. De Koning kan dit bedrag om de twee jaar aanpassen, rekening houdend met de economische toestand. Deze aanpassing geldt vanaf 1 januari van het jaar volgend op de bekendmaking van het aanpassingsbesluit. § 5. De Koning kan de nadere regels vaststellen met betrekking tot het beheer, de toegang, de controle en het toezicht op de in paragraaf 2 bedoelde rekeningen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Naar analogie met artikel 18, eerste lid, 3°, van het koninklijk besluit van 15 december 2005 tot vaststelling van de voorschriften inzake de plichtenleer van de landmeter-expert wordt een toezichtregeling ingevoerd en georganiseerd door de Orde, waarin minstens wordt bepaald door wie, waarop, wanneer en hoe toezicht wordt gehouden op de naleving van de paragrafen 1 tot 4, voor wat de rubriekrekeningen en de derdenrekeningen betreft met uitzondering van de rekeningen die beheerd worden in het kader van een gerechtelijk mandaat. Deze toezichtregeling bepaalt in het bijzonder de sancties en maatregelen die in geval van overtreding genomen kunnen worden. Ze doet geen afbreuk aan andere wettelijke bepalingen die voorzien in een toezicht op de gelden ontvangen op de in paragraaf 2 bedoelde rekeningen. § 6. Alle sommen ongeacht het bedrag ervan die door de gerechtigde niet zijn teruggevorderd, noch aan hem zijn overgemaakt twee jaar na de afsluiting van het dossier naar aanleiding waarvan zij door de landmeter-expert die het beroep van vastgoedmakelaar uitoefent werden ontvangen, worden door de landmeter-expert die het beroep van vastgoedmakelaar uitoefent in de Deposito- en Consignatiekas gestort.</p>\n<p class=\"lf-p\">De termijn wordt geschorst zolang deze sommen het voorwerp uitmaken van een rechtsgeding.</p>\n<p class=\"lf-p\">Die deposito's worden ingeschreven op naam van de gerechtigde(n) die door de landmeter-expert die het beroep van vastgoedmakelaar uitoefent worden aangewezen. Ze worden door de Deposito- en Consignatiekas ter beschikking van de gerechtigde(n) gehouden tot het verstrijken van de termijn bedoeld in artikel 22 van de wet van 11 juli 2018Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/07/2016 numac 2016000435 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de elektronische communicatie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten1 op de Deposito- en Consignatiekas.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-81\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 81</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 52 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de woorden \"een geldboete\" worden vervangen door de woorden \"hetzij een strafrechtelijke geldboete\"; 2° het artikel wordt aangevuld met de woorden \", hetzij een administratieve geldboete van 500 tot 5.000 euro.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-82\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 82</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 54 van dezelfde wet, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het tweede lid wordt vervangen als volgt: \"De door deze ambtenaren opgestelde processen-verbaal hebben bewijskracht tot bewijs van het tegendeel.Een afschrift van het proces-verbaal wordt binnen dertig dagen na vaststelling van de inbreuk aan de overtreder bij een aangetekende zending met ontvangstmelding betekend of hem overhandigd, op de wijze bedoeld in artikel XV.2, § 2, van het Wetboek van economisch recht.\"; 2° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende: \"De opsporing en de vaststelling van de inbreuken bedoeld in deze wet, door de in het eerste lid bedoelde ambtenaren, gebeuren overeenkomstig de bepalingen van boek XV, titel 1, hoofdstuk 1, van het Wetboek van economisch recht.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-83\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 83</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde titel 8 wordt een artikel 54/1 ingevoegd, luidende: \"Art. 54/1.De inbreuken bedoeld in artikel 52 opgespoord en vastgesteld door de ambtenaren bedoeld in artikel 54 kunnen het voorwerp uitmaken van: 1° de toepassing van de transactieprocedure bedoeld in artikel 54/2, § 2;2° een strafrechtelijke vervolging. De vervolging gebeurt overeenkomstig titel 1/1 van boek XV van het Wetboek van economisch recht.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-84\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 84</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In titel 8 van dezelfde wet wordt een artikel 54/2 ingevoegd, luidende: \"Art. 54/2.§ 1. Wanneer zij inbreuken bedoeld in artikel 52 vaststellen, kunnen de ambtenaren bedoeld in artikel 54 een waarschuwing richten tot de overtreder waarbij die tot stopzetting van de handeling wordt aangemaand, overeenkomstig artikel XV.31 van het Wetboek van economisch recht. § 2. Wanneer de in artikel 54 bedoelde ambtenaren inbreuken bedoeld in artikel 52 vaststellen, kunnen de door de minister bevoegd voor Middenstand aangestelde ambtenaren een geldsom voorstellen waarvan de vrijwillige betaling door de overtreder de strafvordering doet vervallen, overeenkomstig artikel XV.61 van het Wetboek van economisch recht Het bedrag van de transactie mag niet hoger zijn dan het maximumbedrag van de strafrechtelijke geldboete die wegens de vastgestelde inbreuk kan worden opgelegd, verhoogd met de opdeciemen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De betalings- en inningswijzen van deze transactie worden door de Koning vastgesteld.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-85\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 85</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde titel 8 wordt een artikel 54/3 ingevoegd, luidende: \"Art. 54/3.Het openbaar ministerie bezorgt aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van het Wetboek van economisch recht een kennisgeving van zijn beslissing om al dan niet strafvervolging in te stellen, of al dan niet een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen Wanneer het openbaar ministerie ervan afziet een strafvervolging in te stellen, of een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen, of wanneer het openbaar ministerie geen beslissing heeft genomen binnen een termijn van drie maanden te rekenen van de dag van ontvangst van het proces-verbaal waarin de inbreuk werd vastgelegd, beslissen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van het Wetboek van economisch recht of de procedure voor de administratieve geldboete moet worden opgestart.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-86\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 86</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde titel 8 wordt een artikel 54/4 ingevoegd, luidende: \"Art. 54/4.Indien het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen, bezorgt het een afschrift van de procedurestukken van het aanvullend opsporingsonderzoek aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van het Wetboek van economisch recht.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-87\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 87</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde titel 8 wordt een artikel 54/5 ingevoegd, luidende: \"Art. 54/5.De bepalingen van titel 2, hoofdstuk 1/1 van boek XV van het Wetboek van economisch recht zijn van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet De opdeciemen bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet van 5 maart 1952Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/03/1952 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/01/2010 numac 2009000850 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de opdecimes op de strafrechtelijke geldboeten Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de opdécimes op strafrechtelijke geldboeten zijn toepasselijk op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet.\"</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-88\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 88</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde titel 8 wordt een artikel 54/6 ingevoegd, luidende: \"Art. 54/6.De artikelen XV.71, XV.72, XV.73 en XV.74 van het Wetboek van economisch recht zijn van toepassing op de strafrechtelijke inbreuken op deze wet.\"</p>\n<h3 class=\"lf-part\">HOOFDSTUK 12 - Opheffingsbepalingen Art. 89.Artikel X.34 van het Wetboek van economisch recht, ingevoegd bij de</h3>\n<p class=\"lf-p\">wet van 2 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/01/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/01/2003 numac 2003014009 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector sluiten3, wordt opgeheven.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-90\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 90</span><span class=\"lf-art-t\">De</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 17 maart 2019Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/07/2016 numac 2016000435 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de elektronische communicatie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten3 tot invoering van het elektronisch proces-verbaal bij de inspectiediensten van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie en tot wijziging van het Sociaal Strafwetboek, gewijzigd bij de wet van 25 september 2022Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/07/2016 numac 2016000435 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de elektronische communicatie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/06/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten7, wordt opgeheven.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-91\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 91</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 21 van de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 5 november 2023Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/04/2006 numac 2006003247 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten sluiten2 houdende diverse bepalingen inzake economie wordt de bepaling onder b) opgeheven.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-92\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 92</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 30 van de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 5 november 2023Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/03/2006 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/04/2006 numac 2006003247 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten sluiten2 tot wijziging van diverse boeken van het Wetboek van economisch recht en van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten met het oog op de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn (EU) 2019/882 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 betreffende de toegankelijkheidsvoorschriften voor producten en diensten, wat bepaalde diensten betreft, wordt opgeheven.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">HOOFDSTUK 13 - Slotbepalingen Art. 93.De artikelen 7 en 39 in werking op de datum bepaald door de Koning en uiterlijk op 31 december 2025.</h3>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-94\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 94</span><span class=\"lf-art-t\">De artikelen 12, 13, 15 en 16 treden in werking op de datum bepaald door de Koning en uiterlijk op 30 september 2025</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-95\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 95</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Artikel 18 treedt in werking op 1 juni 2024. § 2. Ten laatste op 30 september 2024 legt de kredietgever, overeenkomstig de artikelen VII.160, § 5, derde lid, en VII.174, § 3, derde lid, van het Wetboek van economisch recht, de overeenkomstig artikel 18 aangepaste modelkredietovereenkomsten ter goedkeuring voor aan de FOD Economie</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-96\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 96</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 37 treedt in werking op 1 januari 2025</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-97\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 97</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Artikel 53, 1°, b), en 2°, treedt in werking volgens de nadere regels bepaald in artikel 96 van Verordening (EU) 2023/1542 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2023 inzake batterijen en afgedankte batterijen, tot wijziging van Richtlijn 2008/98/EG en Verordening (EU) 2019/1020 en tot intrekking van Richtlijn 2006/66/EG. § 2. Artikel 53, 1°, c), treedt in werking volgens de nadere regels bepaald in artikel 38 van Verordening (EU) 2023/1115 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2023 betreffende het op de markt van de Unie aanbieden en de uitvoer uit de Unie van bepaalde grondstoffen en producten die met ontbossing en bosdegradatie verband houden, en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 995/2010</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-98\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 98</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 62 treedt in werking op de eerste dag van de zesde maand na die waarin deze wet is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-99\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 99</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 68 treedt in werking op 1 oktober 2024</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-100\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 100</span><span class=\"lf-art-t\">De artikelen 69 en 70 treden in werking op 1 juli 2025</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-101\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 101</span><span class=\"lf-art-t\">De artikelen 79 en 81 tot 88 treden in werking op de datum bepaald door de Koning</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-102\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 102</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Artikel 45 is van toepassing op elke minnelijke schuldbemiddeling die de schuldenaar vanaf de inwerkingtreding van deze wet vraagt aan een minnelijke schuldbemiddelaar. § 2. Elke persoon bedoeld in artikel XIX.20, § 1, eerste lid, 1°, van het Wetboek van economisch recht moet binnen twee jaar na de inwerkingtreding van deze wet de bijzondere opleiding bedoeld in artikel XIX.20, § 2, van hetzelfde Wetboek hebben gevolgd Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Gegeven te Brussel, 3 mei 2024.</p>\n<p class=\"lf-p\">FILIP Van Koningswege : De Minister van Economie, P.-Y. DERMAGNE De Minister van Middenstand D. CLARINVAL De Minister van Financiën, V. VAN PETEGHEM De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, F. VANDENBROUCKE De Minister van Telecommunicatie en Post P. DE SUTTER De Minister van Justitie en Noordzee, P. VAN TIGCHELT De Minister van Leefmilieu Z. KHATTABI De Staatssecretaris voor Consumentenbescherming, A. BERTRAND Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, P. VAN TIGCHELT _______ Nota (1) Kamer van volksvertegenwoordigers : (www.dekamer.be) Stukken : 55-3856 (2023/2024) Integraal Verslag : 2 mei 2024 .</p></div>", "next": 0}