{"html": "<div class=\"lf-doc\"><h4 class=\"lf-art\" id=\"a-123\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 123</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 98 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1, 8°, worden de woorden « en onderwijs » vervangen door de woorden « en de specifieke lerarenopleidingen »;2° paragraaf 3 wordt vervangen door wat volgt : « § 3.In afwijking van § 1 kan een centrum voor volwassenenonderwijs leraarsuren aanwenden voor de aanwerving van voordrachtgevers ten bedrage van maximaal 5 procent van het voor het centrum voor volwassenenonderwijs beschikbare pakket leraarsuren Een voordrachtgever is een persoon die geen deel uitmaakt van het centrumbestuur of van het personeel van het centrum en die, hetzij in eigen naam hetzij in dienst van een organisatie of onderneming en in het kader van de realisatie van het onderwijsprogramma, voor cursisten voordrachten geeft vanuit zijn of haar deskundigheid en ervaring in de arbeidsmarkt en bedrijfswereld.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Vlaamse Regering bepaalt de wijze van melding van de aanwerving van voordrachtgevers aan het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen, de grootte van het krediet per leraarsuur dat wordt omgezet en de wijze van toekenning ervan.</p>\n<p class=\"lf-p\">Over de aanwending van leraarsuren voor de aanwerving van voordrachtgevers en over de vergoeding van die voordrachtgevers moet een voorafgaandelijk akkoord bereikt worden in het lokale comité. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-124\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 124</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 99 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1, 2°, worden tussen de woorden « het opleidingsprofiel » en « georganiseerd » de woorden « , vermeld in artikel 24 en artikel 24bis, » ingevoegd;2° in § 3, 1°, worden tussen de woorden « het opleidingsprofiel » en « georganiseerd » de woorden « , vermeld in artikel 24 en artikel 24bis, » ingevoegd</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-125\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 125</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In titel VII van hetzelfde decreet wordt aan hoofdstuk VI een afdeling III, bestaande uit artikel 130bis, toegevoegd, die luidt als volgt : « Afdeling III. - Administratieve en geldelijke rechtspositie voor de personeelsleden van de specifieke lerarenopleidingen « Art. 130bis.Voor de administratieve en geldelijke rechtspositie van de personeelsleden die worden aangesteld in de specifieke lerarenopleiding geldt dezelfde regelgeving als deze die van toepassing is op de personeelsleden van het hoger beroepsonderwijs, in afwachting dat de Vlaamse Regering dit anders bepaalt. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-126\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 126</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In hetzelfde decreet wordt een artikel 179ter ingevoegd, dat luidt als volgt : « Art. 179ter.In afwijking van artikel 24bis bepaalt de Vlaamse Regering het opleidingsprofiel voor een opleiding van de studiegebieden, vermeld in artikel 8, conform de bepalingen van artikel 24, in het geval de stuurgroep het voorstel van opleidingsprofiel uiterlijk op 15 januari 2009 heeft voorgedragen. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-127\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 127</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 181, tweede lid, worden de woorden « Die opleidingen beschikken op dat ogenblik over door de Vlaamse Regering goedgekeurde opleidingsprofielen » vervangen door de woorden « Die opleidingen beschikken op dat ogenblik over opleidingsprofielen, als vermeld in artikel 24 of artikel 24bis »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-128\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 128</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 184 van hetzelfde decreet worden tussen de woorden « de opleidingen » en de woorden « die op het ogenblik » de woorden « , van de leergebieden, vermeld in artikel 6, en de studiegebieden, vermeld in artikel 7, » ingevoegd</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-129\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 129</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 185 van hetzelfde decreet worden tussen de woorden « modulaire opleidingen » en « waarvoor » de woorden « , van de leergebieden, vermeld in artikel 6, en de studiegebieden, vermeld in artikel 7, » ingevoegd</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-130\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 130</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In hetzelfde decreet wordt een artikel 185bis toegevoegd, dat luidt als volgt : « Artikel 185bis.De opleidingen van het hoger beroepsonderwijs van minder dan 900 lestijden leiden in afwachting van de omvorming, zoals vermeld in artikel 158 van het decreet van 30 april 2009 betreffende het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs, tot een certificaat van het hoger beroepsonderwijs. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-131\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 131</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In hetzelfde decreet wordt een artikel 185ter toegevoegd, dat luidt als volgt : « Artikel 185ter.Wanneer opleidingen van het hoger beroepsonderwijs, vastgelegd in bijlage I, op basis van artikel 15 van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur leiden tot een erkende kwalificatie van kwalificatieniveau 4, is de Vlaamse Regering gemachtigd deze opleidingen in te delen in een studiegebied van het secundair volwassenenonderwijs, als vermeld in artikel 7 De Vlaamse Regering is ook gemachtigd ambtshalve onderwijsbevoegdheid te verlenen aan de centra voor volwassenenonderwijs, die onderwijsbevoegdheid hebben voor de opleidingen vermeld in het eerste lid. » Afdeling III. - Wijzigingen betreffende het hoger onderwijs Onderafdeling I. - Wijzigingen aan het decreet van 4 april 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/04/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/08/2003 numac 2003035868 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen sluiten betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen Art. 132.In artikel 3 van het decreet van 4 april 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">04/04/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/08/2003 numac 2003035868 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen sluiten betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° tussen de omschrijving van het begrip « instellingsbestuur » en de omschrijving van het begrip « kwalificatie van een graad » wordt een zevende streepje ingevoegd, dat luidt als volgt : « - jaar : kalenderjaar;»; 2° aan het dertiende streepje, met de omschrijving van het begrip « studiejaar », worden de volgende woorden toegevoegd : « ;met uitzondering voor de opleidingen van het hoger beroepsonderwijs ».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-133\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 133</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 12 van hetzelfde decreet wordt voor § 1, die § 1bis wordt, een nieuwe § 1 ingevoegd, die luidt als volgt : « § 1. Opleidingen van het hoger beroepsonderwijs zijn beroepsgericht als vermeld in artikel 4 van het decreet van 30 april 2009 betreffende het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-134\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 134</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 14 van hetzelfde decreet wordt voor § 1, die § 1bis wordt, een nieuwe § 1 ingevoegd, die luidt als volgt : « § 1. De hogescholen bieden in het hoger beroepsonderwijs opleidingen aan die leiden tot het diploma van gegradueerde. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-135\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 135</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In hetzelfde decreet wordt een artikel 17bis ingevoegd, dat luidt als volgt : « Artikel 17bis.§ 1. Opleidingen van het hoger beroepsonderwijs sluiten aan bij het secundair onderwijs. § 2. De opleidingen van het hoger beroepsonderwijs hebben een minimale globale duur van twee jaar en een studieomvang van ten minste 90 studiepunten en ten hoogste 120 studiepunten. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-136\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 136</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 23, § 1, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 19 maart 2004 en 16 juni 2006, worden tussen de woorden « in het hoger professioneel onderwijs » en de woorden « opleidingen organiseren » de woorden « en in het hoger beroepsonderwijs » ingevoegd, en worden tussen de woorden « de overeenstemmende graden van bachelor » en de woorden « verlenen in of over de volgende studiegebieden » de woorden « respectievelijk diploma's van gegradueerde » ingevoegd</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-137\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 137</span><span class=\"lf-art-t\">Aan artikel 25, § 5, van hetzelfde decreet, vervangen bij het</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">decreet van 19 maart 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/03/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/06/2004 numac 2004035882 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de rechtspositieregeling van de student, de participatie in het hoger onderwijs, de integratie van bepaalde afdelingen van het hoger onderwijs voor sociale promotie in de hogescholen en de begeleiding van de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen sluiten, wordt een punt 3° toegevoegd, dat luidt als volgt : « 3° houders van het diploma van gegradueerde (in het Engels vertaald als associate degree), uitgereikt in het hoger beroepsonderwijs. » Art. 138.In hetzelfde decreet wordt een artikel 53ter ingevoegd, dat luidt als volgt : « Art. 53ter.De ambtshalve geregistreerde instellingen, vermeld in artikelen 32 tot en met 53, kunnen elk in de studiegebieden en de vestigingen waarbinnen ze opleidingen in het hoger professioneel onderwijs kunnen aanbieden en de daarop betrekking hebbende graden mogen verlenen, opleidingen van het hoger beroepsonderwijs aanbieden en de daarop betrekking hebbende diploma's van gegradueerde uitreiken. » Art. 139.In artikel 77 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/04/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/11/2004 numac 2004036712 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/04/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/10/2004 numac 2004036500 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs in Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° er wordt een nieuw 1° ingevoegd, dat luidt als volgt : « 1° voor elke bachelors- en mastersopleiding : de graad waartoe de opleiding leidt, de kwalificatie van de graad en desgevallend de specificatie van de graad;»; 2° er wordt een nieuw 1°bis ingevoegd, dat luidt als volgt : « 1°bis voor elke opleiding van het hoger beroepsonderwijs : a) het diploma waartoe de opleiding leidt;b) de bacheloropleidingen die erop volgen;»; 3° het bestaande 1° wordt hernummerd tot 1°ter en wordt vervangen door wat volgt : « 1°ter voor elke opleiding : a) de inhoud en de doelstellingen van de opleiding, het opleidingsprogramma en de indeling in opleidingsonderdelen;b) in voorkomend geval : de afstudeerrichtingen;c) de volgtijdelijkheid van de onderscheiden opleidingsonderdelen;d) de organisatie van de opleiding in de vorm van modeltrajecten en geïndividualiseerde trajecten;»; 4° het bestaande 1°bis en 1°ter worden respectievelijk hernummerd tot 1°quater en 1°quinquies.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-140\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 140</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 83 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° er wordt voor § 1, die § 1bis wordt, een nieuwe § 1 ingevoegd, die luidt als volgt : « § 1.Het instellingsbestuur verleent een diploma van gegradueerde met nadere kwalificatie aan ieder die een opleiding van het hoger beroepsonderwijs met succes heeft voltooid. »; 2° een § 3 wordt toegevoegd, die luidt als volgt : « § 3.Bij een diploma van gegradueerde wordt steeds een diplomasupplement uitgereikt. Dit is een document dat de inhoud van de studies van de cursist en de structuur van het onderwijs in het land waar de cursist gestudeerd heeft, verduidelijkt. De Vlaamse Regering bepaalt de modellen van het diploma van gegradueerde en van het diplomasupplement, en de nadere modaliteiten met betrekking tot het uitreiken van het diploma van gegradueerde en het diplomasupplement. » Onderafdeling II. - Wijzigingen aan het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/04/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/11/2004 numac 2004036712 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/04/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/10/2004 numac 2004036500 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs in Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen sluiten betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs in Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen Art. 141.In artikel 2 van het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/04/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/11/2004 numac 2004036712 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/04/2004 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/10/2004 numac 2004036500 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs in Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen sluiten betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs in Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen wordt een punt 9°bis ingevoegd, dat luidt als volgt : « 9°bis cursist : een deelnemer aan het hoger beroepsonderwijs die voldoet aan de toelatingsvoorwaarden en ingeschreven is, als vermeld in artikel 3, 6°, van het decreet van 30 april 2009 betreffende het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs; » Art. 142.Aan artikel 4 van hetzelfde decreet worden de volgende woorden toegevoegd : « , met uitzondering van een opleiding van het hoger beroepsonderwijs. » Art. 143.In artikel 9 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 22 juni 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/02/2002 numac 2001035155 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen in het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs sluiten1, wordt een punt 3°bis ingevoegd, dat luidt als volgt : « 3°bis een diploma of certificaat, uitgereikt in het kader van het hoger beroepsonderwijs; » Art. 144.Aan titel III, hoofdstuk III, afdeling 2, van hetzelfde decreet wordt een onderafdeling 4, bestaande uit artikelen 15bis en 15ter, toegevoegd, die luidt als volgt : « Onderafdeling 4. - Opleidingen van het hoger beroepsonderwijs « Artikel 15bis.Om als regelmatige cursist toegelaten te worden tot een opleiding van het hoger beroepsonderwijs, georganiseerd door een hogeschool, moet de cursist voldaan hebben aan de leerplicht en de onderwijsregeling ontvangen en ondertekend hebben.</p>\n<p class=\"lf-p\">Daarenboven moet de cursist beschikken over een van de volgende studiebewijzen : 1° een studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de derde graad van het secundair onderwijs, dat minstens drie jaar behaald is;2° een diploma van het secundair onderwijs;3° een certificaat van een opleiding van het secundair onderwijs voor sociale promotie van minimaal 900 lestijden;4° een certificaat van een opleiding van het secundair volwassenenonderwijs van minimaal 900 lestijden;5° een diploma van het hoger onderwijs voor sociale promotie;6° een certificaat van het hoger beroepsonderwijs;7° een diploma van het hoger beroepsonderwijs;8° een diploma van het hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;9° een diploma van bachelor of master;10° een studiebewijs dat krachtens een wettelijke norm, een Europese richtlijn of een internationale overeenkomst wordt erkend als gelijkwaardig met een van de diploma »s vermeld in 1° tot en met 9°.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij ontstentenis van een dergelijke erkenning kan het instellingsbestuur personen die in een land buiten de Europese Unie een diploma of een getuigschrift hebben behaald dat toelating geeft tot het hoger onderwijs in dat land, toelaten tot de inschrijving voor een opleiding hoger beroepsonderwijs. « Art. 15ter In afwijking van § 1 neemt het instellingsbestuur in zijn onderwijsregeling afwijkende toelatingsvoorwaarden op. De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen enkel rekening houden met de volgende elementen : 1° humanitaire redenen;2° medische, psychische of sociale redenen;3° het algemene niveau van de cursist, getoetst met een door het instellingsbestuur georganiseerde toelatingsproef.</p>\n<p class=\"lf-p\">De toelatingsproef, vermeld in 3°, wordt uiterlijk de vijfde dag na het einde van de inschrijvingsperiode georganiseerd en gaat na of de cursist over de kennis en vaardigheden beschikt die vereist zijn om de opleiding in kwestie aan te vangen. Het instellingsbestuur kan de organisatie van een toelatingsproef op verzoek van de cursist niet weigeren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het instellingsbestuur maakt op basis van de resultaten van de toelatingsproef, vermeld in het eerste lid, 3°, een beoordeling op in de vorm van een schriftelijk verslag, dat opgenomen wordt in het dossier van de cursist.</p>\n<p class=\"lf-p\">De voorwaarden om een toelatingsproef als vermeld in het eerste lid, 3°, te organiseren worden opgenomen in de onderwijsregeling. ». Art. 145.In artikel 39 van hetzelfde decreet wordt voor punt 1°, dat punt 1°bis wordt, een nieuw punt 1° ingevoegd, dat luidt als volgt : « 1° de in artikel 6, § 1, van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur bedoelde competenties die eigen zijn aan de kwalificaties van niveau 5 en die gehanteerd worden voor de opleidingen van het hoger beroepsonderwijs; » Onderafdeling III. - Wijzigingsbepalingen in het decreet van 14 maart 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/02/2002 numac 2001035155 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen in het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs sluiten3 betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen Art. 146.In artikel 2 van het decreet van 14 maart 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/02/2002 numac 2001035155 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen in het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs sluiten3 betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen wordt een punt 18°bis ingevoegd, dat luidt als volgt : « 18°bis opleiding van het hoger beroepsonderwijs : opleiding van het hoger beroepsonderwijs, als vermeld in artikel 4 van het decreet van 30 april 2009 betreffende het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs, georganiseerd door een hogeschool; »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-147\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 147</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Aan artikel 7, § 1, 1°, van hetzelfde decreet worden een punt d) en een punt e) toegevoegd, die luiden als volgt : « d) één of meer opleidingen in het hoger beroepsonderwijs; e) een of meer opleidingsonderdelen die behoren tot een of meer opleidingen in het hoger beroepsonderwijs.»</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-148\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 148</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 15, § 3, van hetzelfde decreet worden tussen de woorden « veranderen van opleiding en instelling » en de woorden « , tenzij de uitschrijving » de woorden « of door over te stappen naar een opleiding van het hoger beroepsonderwijs » ingevoegd</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-149\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 149</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 23, § 1, 1°, van hetzelfde decreet worden tussen de woorden « voor de » en de woorden « professio-neel gerichte opleidingen » de woorden « opleidingen in het hoger beroepsonderwijs en » ingevoegd</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-150\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 150</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Aan hetzelfde decreet wordt een artikel 40bis toegevoegd, dat luidt als volgt : « Art. 40bis.§ 1. Op basis van artikel 19 derde lid van het decreet van 30 april 2009 betreffende het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs wordt het totaal van de werkingsuitkering voor hogescholen voor opleidingen in het hoger beroepsonderwijs (W-hbo) berekend. § 2. De werkingsuitkering voor hogescholen voor opleidingen in het hoger beroepsonderwijs (W-hbo) is samengesteld uit volgende componenten : 1° een onderwijssokkel voor opleidingen in het hoger beroepsonderwijs (SOW-hbo);2° een variabel onderwijsdeel voor opleidingen in het hoger beroepsonderwijs (VOW-hbo). § 3. Voor de componenten, vermeld in § 1, kunnen volgende bedragen worden vastgelegd (uitgedrukt in euro) begrotingsjaar SOW-hbo VOW-hbo 2011 20.250 162.000 2012 178.288 1.426.300 2013 361.100 2.888.000 Vanaf 2014 524.344 4.194.750</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"p-4\"><span class=\"lf-art-num\">§ 4</span><span class=\"lf-art-t\">Vanaf 2015 is SOW-hbo steeds minstens 1/8e van VOW-hbo. »</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-151\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 151</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Aan hetzelfde decreet wordt een artikel 40ter toegevoegd, dat luidt als volgt : « Artikel 40ter.§ 1. Voor de berekening van de onderwijssokkel voor opleidingen in het hoger beroepsonderwijs (SOW-hbo) wordt het aantal opgenomen studiepunten in een opleiding van het hoger beroepsonderwijs als volgt vastgesteld : a) voor het begrotingsjaar 2011 : de opgenomen studiepunten in het academiejaar 2009-2010;b) voor het begrotingsjaar 2012 : het gemiddeld aantal opgenomen studiepunten over de academiejaren 2009-2010 en 2010-2011;c) voor het begrotingsjaar 2013 : het gemiddeld aantal opgenomen studiepunten over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011 en 2011-2012;d) voor het begrotingsjaar 2014 : het gemiddeld aantal opgenomen studiepunten over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011, 2011-2012 en 2012-2013;e) voor het begrotingsjaar 2015 : het gemiddeld aantal opgenomen studiepunten over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011, 2011-2012, 2012-2013 en 2013-2014;f) vanaf het begrotingsjaar 2016 het gemiddeld aantal opgenomen studiepunten over de academiejaren t-7/t-6 tot en met t-3/t-2. § 2 Voor de berekening van de onderwijssokkel voor opleidingen in het hoger beroepsonderwijs voor een hogeschool (SOWi-hbo) wordt het bedrag, vermeld in artikel 40bis, § 2, omgeslagen over de hogescholen die opleidingen in het hoger beroepsonderwijs aanbieden overeenkomstig de volgende formule : Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld waarbij : 1° SOWi-hbo gelijk is aan de onderwijssokkel voor opleidingen in het hoger beroepsonderwijs voor instelling i;2° OSTPi-hbo gelijk is aan het aantal opgenomen studiepunten, berekend overeenkomstig § 1;3° SOW-hbo gelijk is aan de totale onderwijssokkel voor opleidingen in het hoger beroepsonderwijs, zoals vermeld in artikel 40bis, § 2. De sommatie i verloopt over alle hogescholen. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-152\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 152</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Aan hetzelfde decreet wordt een artikel 40quater toegevoegd, dat luidt als volgt : « Artikel 40quater.§ 1. Voor de berekening van het variabel onderwijsdeel voor de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs voor een instelling (VOWi-hbo) worden de bedragen vermeld in artikel 40bis als volgt omgeslagen : Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld De sommatie i loopt over het aantal hogescholen; waarbij : a) VOWi-hbo gelijk is aan het variabel onderwijsdeel voor de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs in hogeschool i;b) FPi-hbo gelijk is aan het totale aantal financieringspunten in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs in hogeschool i;c) VOWhbo gelijk is aan het variabel onderwijsdeel voor de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs, vermeld in § 1 De financieringspunten, worden als volgt berekend : FPi-hbo = FPi-hbo-input + FPi-hbo-output + FPi-hbo-diploma + FPi-hbo-credit, waarbij : 1° FPi-hbo-input gelijk is aan het aantal financieringspunten, gebaseerd op het aantal opgenomen studiepunten voor het variabel onderwijsdeel voor de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs in instelling i, zoals bepaald in § 2;2° FPi-hbo-output gelijk is aan het aantal financieringspunten, gebaseerd op het aantal verworven studiepunten voor het variabel onderwijsdeel voor de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs in instelling i, zoals bepaald in § 3;3° FPi-hbo-diploma gelijk is aan het aantal financieringspunten, gebaseerd op het aantal uitgereikte diploma's in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs in instelling i, zoals bepaald in § 4;4° FPi-hbo-credit gelijk is aan het aantal financieringspunten in instelling i, gebaseerd op het aantal verworven studiepunten door studenten onder creditcontract voor de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs, zoals bepaald in § 6. § 2. 1° Het aantal opgenomen studiepunten in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs wordt als volgt meegerekend voor de vaststelling van het aantal financieringspunten FPi-hbo-input : a) voor het begrotingsjaar 2011 : de opgenomen studiepunten in het academiejaar 2009-2010;b) voor het begrotingsjaar 2012 : het gemiddeld aantal opgenomen studiepunten over de academiejaren 2009-2010 en 2010-2011;c) voor het begrotingsjaar 2013 : het gemiddeld aantal opgenomen studiepunten over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011 en 2011-2012;d) voor het begrotingsjaar 2014 : het gemiddeld aantal opgenomen studiepunten over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011, 2011-2012 en 2012-2013;e) voor het begrotingsjaar 2015 : het gemiddeld aantal opgenomen studiepunten over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011, 2011-2012, 2012-2013 en 2013-2014;f) vanaf het begrotingsjaar 2016 het gemiddeld aantal opgenomen studiepunten over de academiejaren t-7/t-6 tot en met t-3/t-2;2° het aantal opgenomen studiepunten wordt vermenigvuldigd met het puntengewicht, zoals bepaald in artikel 23;3° voor de berekening van het aantal opgenomen studiepunten per opleiding wordt het aantal studiepunten in aanmerking genomen waarvoor een student onder diplomacontract zich heeft ingeschreven voor een opleiding in het hoger beroepsonderwijs tot op het ogenblik dat de student 60 studiepunten heeft verworven in één en dezelfde opleiding in het hoger beroepsonderwijs.Voor de vaststelling van die eerste 60 studiepunten in één en dezelfde opleiding in het hoger beroepsonderwijs worden de volgende studiepunten in aanmerking genomen : a) het aantal studiepunten waarvoor de student een creditbewijs ontvangen heeft in de desbetreffende opleiding in het hoger beroepsonderwijs;b) het aantal studiepunten waarvoor de student in de desbetreffende opleiding in het hoger beroepsonderwijs een vrijstelling heeft gekregen voor een opleidingsonderdeel. § 3. 1° Voor de berekening van het aantal financie- ringspunten FPi-hbo-output wordt het aan- tal financieringspunten gebaseerd op het aan- tal verworven studiepunten in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs in aanmerking genomen; 2° het aantal verworven studiepunten in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs wordt als volgt meegerekend voor de vaststelling van het aantal financieringspunten FPi-hbo-output : a) voor het begrotingsjaar 2011 : de verworven studiepunten in het academiejaar 2009-2010;b) voor het begrotingsjaar 2012 : het gemiddeld aantal verworven studiepunten over de academiejaren 2009-2010 en 2010-2011;c) voor het begrotingsjaar 2013 : het gemiddeld aantal verworven studiepunten over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011 en 2011-2012;d) voor het begrotingsjaar 2014 : het gemiddeld aantal verworven studiepunten over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011, 2011-2012 en 2012-2013;e) voor het begrotingsjaar 2015 : het gemiddeld aantal verworven studiepunten over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011, 2011-2012, 2012-2013 en 2013-2014;f) vanaf het begrotingsjaar 2016 het gemiddeld aantal verworven studiepunten over de academiejaren t-7/t-6 tot en met t-3/t-2;3° voor de vaststelling van het aantal verworven studiepunten per opleiding wordt het aantal studiepunten in aanmerking genomen waarvoor een student onder diplomacontract een creditbewijs ontvangen heeft in een opleiding in het hoger beroepsonderwijs, voor zover zij niet gefinancierd worden onder input financiering, zoals vermeld in § 2;4° het aantal opgenomen studiepunten wordt vermenigvuldigd met het puntengewicht, zoals bepaald in artikel 23. § 4 1° Voor de berekening van het aantal studiepun- ten FPi-hbo-diploma wordt voor de opleidin- gen in het hoger beroepsonderwijs in de hoge- scholen het aantal financieringspunten gebaseerd op het aantal uitgereikte diploma's in de opleidingen in het hoger beroepsonder- wijs in aanmerking genomen; 2° voor de vaststelling van het aantal financieringspunten FPi-hbo-diploma wordt het aantal uitgereikte diploma's in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs als volgt meegerekend : a) voor het begrotingsjaar 2012 : de uitgereikte diploma »s in het academiejaar 2010-2011, vermenigvuldigd met 30;b) voor het begrotingsjaar 2013 : het gemiddeld aantal uitgereikte diploma's over de academiejaren 2010-2011 en 2011-2012, vermenigvuldigd met 30;c) voor het begrotingsjaar 2014 : het gemiddeld aantal uitgereikte diploma's over de academiejaren 2010-2011, 2011-2012 en 2012-2013, vermenigvuldigd met 30;d) voor het begrotingsjaar 2015 : het gemiddeld aantal uitgereikte diploma's over de academiejaren 2010-2011, 2011-2012, 2012-2013 en 2013-2014, vermenigvuldigd met 30;e) vanaf het begrotingsjaar 2016 het gemiddeld aantal uitgereikte diploma's over de academiejaren t-7/t-6 tot en met t-3/t-2, vermenigvuldigd met 30;3° alleen de diploma's, uitgereikt aan studenten die voor minstens de helft van de studiepunten van de desbetreffende opleiding een creditbewijs ontvangen hebben in de instelling die het diploma uitreikt, worden in aanmerking genomen voor de berekening van het aantal financieringspunten FPi-hbo-diploma;4° het aantal uitgereikte diploma's wordt vermenigvuldigd met het puntengewicht, zoals bepaald in artikel 23. § 5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het aantal financieringspunten in het kader van FPi-hbo-input, FPi-hbo-output en FPi-hbo-diploma gegenereerd door een werkstudent, een beursstudent en door een student met een functiebeperking wordt vermenigvuldigd met een factor 1,5.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het geval dat een student beantwoordt aan meer dan één categorie van studentenkenmerken, vermeld in het eerste lid, dan wordt het aantal opgenomen studiepunten, het aantal verworven studiepunten en de diplomabonus van de student verhoogd met de helft van het aantal opgenomen studiepunten, de helft van het aantal verworven studiepunten en de helft van de diplomabonus van die student voor elke categorie van studentenkenmerken van toepassing op de betreffende student. § 6. 1° Voor de berekening van het aantal financieringspunten FPi-hbo-credit wordt het aantal financieringspunten gebaseerd op behaalde creditbewijzen in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs, door studenten met een creditcontract, in aanmerking genomen; 2° het aantal verworven studiepunten in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs, behaald door studenten met een creditcontract, wordt als volgt meegerekend voor de vaststelling van het aantal financieringspunten FPi-hbo-credit : a) voor het begrotingsjaar 2011 : de verworven studiepunten van studenten met een creditcontract in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs in het academiejaar 2009-2010;b) voor het begrotingsjaar 2012 : het gemiddeld aantal verworven studiepunten van studenten met een creditcontract in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs over de academiejaren 2009-2010 en 2010-2011;c) voor het begrotingsjaar 2013 : het gemiddeld aantal verworven studiepunten van studenten met een creditcontract in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011 en 2011-2012;d) voor het begrotingsjaar 2014 : het gemiddeld aantal verworven studiepunten van studenten met een creditcontract in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011, 2011-2012 en 2012-2013;e) voor het begrotingsjaar 2015 : het gemiddeld aantal verworven studiepunten van studenten met een creditcontract in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs over de academiejaren 2009-2010, 2010-2011, 2011-2012, 2012-2013 en 2013-2014;f) vanaf het begrotingsjaar 2016 het gemiddeld aantal verworven studiepunten van studenten met een creditcontract in de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs over de academiejaren t-7/t-6 tot en met t-3/t-2.</p>\n<p class=\"lf-p\">De studiepunten waarvoor studenten onder creditcontract een creditbewijs behaald hebben in een instelling, worden verdeeld over de studiegebieden waarvoor de instelling onderwijsbevoegdheid heeft pro rata het aantal financieringspunten FPi-hbo-output in de studiegebieden en vermenigvuldigd met het puntengewicht van het betreffende studiegebied, zoals vastgelegd in artikel 23.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-153\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 153</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 47, § 2, van hetzelfde decreet worden na de woorden « verandert van opleiding » de woorden « of door over te stappen naar een opleiding van het hoger beroepsonderwijs zoals bepaald in artikel 4 van het decreet van 30 april 2009 betreffende het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs : » toegevoegd. Afdeling IV. - Wijzigingen betreffende de administratieve en geldelijke rechtspositie Onderafdeling I. - Wijzigingsbepalingen aan het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs Art. 154.In artikel 3 van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs, gewijzigd bij de decreten van 1 december 1998, 18 mei 1999, 14 februari 2003, 10 juli 2003, 15 juli 2005, 7 juli 2006, 15 juni 2007, 13 juli 2007 en 4 juli 2008, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 10° wordt de eerste zin vervangen door wat volgt : « de concrete werkgelegenheid in een bepaald ambt in een instelling, uitgedrukt in een door de inrichtende macht bepaald aantal prestatie-eenheden per week.Als het gaat om een onderwijsopdracht vermeldt de inrichtende macht eveneens het onderwijsniveau, de opleiding, de module, het vak en de specialiteit ervan of de met het vak of specialiteit gelijkgestelde activiteit, de graad en voor het voor het voltijds secundair onderwijs eventueel het HBO5, de onderwijsvorm of de opleidingsvorm. »; 2° in punt 12° worden de woorden « de graad of cyclus » vervangen door de woorden « de graad en voor het voltijds secundair onderwijs eventueel het HBO5, »;3° een punt 35° wordt toegevoegd, dat luidt als volgt : « 35° HBO5 : het hoger beroepsonderwijs met kwalificatieniveau 5 in het voltijds secundair onderwijs zoals bedoeld in artikel 4 van het decreet van 30 april 2009 betreffende het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs.»</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-155\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 155</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 31, § 1, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 18 mei 1999 en 14 februari 2003, worden de woorden « en eventueel vierde graad » vervangen door de woorden « graad en eventueel het HBO5 »</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling II. - Wijzigingsbepalingen aan het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding Art. 156.In artikel 5 van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding, gewijzigd bij de decreten van 21 december 1994, 1 december 1998, 14 februari 2003, 10 juli 2003, 15 juli 2005, 7 juli 2006, 15 juni 2007 en 4 juli 2008, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 12° wordt de eerste zin vervangen door wat volgt : « de concrete werkgelegenheid in een bepaald ambt in een instelling, uitgedrukt in een door de inrichtende macht bepaald aantal prestatie-eenheden per week.Als het gaat om een onderwijsopdracht vermeldt de inrichtende macht eveneens het onderwijsniveau, de opleiding, de module, het vak en de specialiteit ervan of de met het vak of specialiteit gelijkgestelde activiteit, de graad en voor het voor het voltijds secundair onderwijs eventueel het HBO5, de onderwijsvorm of de opleidingsvorm. »; 2° in punt 13° worden de woorden « de graad of cyclus » vervangen door de woorden « de graad en voor het voltijds secundair onderwijs eventueel het HBO5, »;3° een punt 25° wordt toegevoegd, dat luidt als volgt : « 25° HBO5 : het hoger beroepsonderwijs met kwalificatieniveau 5 in het voltijds secundair onderwijs zoals bedoeld in artikel 4 van het decreet van 30 april 2009 betreffende het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs.».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-157\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 157</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 45 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 21 december 1994 en 18 mei 1999, worden de woorden « , een derde en eventueel een vierde graad » vervangen door de woorden « en derde graad en eventueel het HBO5 »</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling III. - Wijzigingsbepalingen aan het decreet van 13 juli 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/07/2001 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/11/2001 numac 2001036320 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het onderwijs-XIII-Mozaïek sluiten betreffende het onderwijs XIII-Mozaïek Art. 158.In artikel IX.2, § 2, van het decreet van 13 juli 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/07/2001 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/11/2001 numac 2001036320 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het onderwijs-XIII-Mozaïek sluiten betreffende het onderwijs XIII-Mozaïek, worden tussen de woorden « graad » en de woorden « de cyclus » de woorden « het hoger beroepsonderwijs van kwalificatieniveau 5 » toegevoegd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling IV. - Wijzigingsbepalingen aan het decreet van 14 februari 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/02/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/07/2003 numac 2003035650 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het onderwijs XIV type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/02/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/07/2003 numac 2003035690 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de eindregeling van de begroting van de Vlaamse Gemeenschap en van instellingen van openbaar nut voor het begrotingsjaar 1999 sluiten betreffende het onderwijs XIV Art. 159.In artikel X.40 van het decreet van 14 februari 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/02/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/07/2003 numac 2003035650 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het onderwijs XIV type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/02/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/07/2003 numac 2003035690 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de eindregeling van de begroting van de Vlaamse Gemeenschap en van instellingen van openbaar nut voor het begrotingsjaar 1999 sluiten betreffende het onderwijs XIV, gewijzigd bij het decreet van 15 juni 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/02/2002 numac 2001035155 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen in het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs sluiten2, worden tussen het woord « graad » en de woorden « de cyclus » de woorden « het hoger beroepsonderwijs van kwalificatieniveau 5 » toegevoegd. HOOFDSTUK II. - Overgangsbepalingen Afdeling I. - Algemeen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-160\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 160</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Vanaf de inwerkingtreding van dit decreet worden de volgende opleidingen van rechtswege vastgelegd als opleidingen van het hoger beroepsonderwijs : 1° de opleiding verpleegkunde van de vierde graad in het secundair onderwijs;2° de opleidingen van het hoger beroepsonderwijs, vastgelegd in bijlage I bij het decreet van 15 juni 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/02/2002 numac 2001035155 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen in het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs sluiten2 betreffende het volwassenenonderwijs. Art. 161.§ 1. De instellingen voor secundair onderwijs en de centra voor volwassenenonderwijs vormen de opleidingen als vermeld in artikel 160 van dit decreet om overeenkomstig de bepalingen van dit decreet. § 2. De instellingen voor secundair onderwijs en de centra voor volwassenenonderwijs dienen daartoe een aanvraag in volgens de procedure als vermeld in titel II, hoofdstuk I, afdeling II. Zonder afbreuk te doen aan de termijnen vermeld in artikel 18, § 1, moet de aanvraag ingediend zijn voor 1 januari 2012. In afwijking van artikel 20 geeft de Commissie een positief of negatief advies over de macrodoelmatigheid van deze opleidingen uitsluitend op basis van de criteria als vermeld in de punten 3° tot en met 13° van artikel 20.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het geval er voor 1 januari 2011 geen erkende beroepskwalificatie voor die opleidingen bestaat, legt de Vlaamse Regering de competenties voor die opleidingen vast, tot zolang er geen erkende beroepskwalificaties zijn. De Vlaamse Regering bepaalt de door sectoren of door overheidsinstanties erkende referentiekaders die hiervoor gebruikt moeten worden en de wijze van beschrijving van deze competenties op basis van de descriptorelementen, als vermeld in artikel 6 van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-162\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 162</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. In de volgende gevallen wordt een opleiding van het hoger beroepsonderwijs als vermeld in artikel 160 afgebouwd : 1° in geval het instellingsbestuur nalaat een aanvraag in te dienen bij de Commissie en het accreditatieorgaan binnen de termijn, vermeld in artikel 161, § 2;2° in geval het besluit van de Vlaamse Regering over de aanvraag, vermeld in artikel 161, § 2, negatief is. § 2. De cursisten, ingeschreven in de instelling voor het voltijds secundair onderwijs, het centrum voor volwassenenonderwijs op het ogenblik dat beslist wordt tot afbouw, moeten de aangevatte opleiding volledig en binnen een normaal tijdsbestek kunnen beëindigen. Met een normaal tijdsbestek wordt bedoeld zonder onderbreking en zonder herhaling van een onderdeel. De afbouw moet gerealiseerd worden binnen een periode van drie schooljaren. HOOFDSTUK III. - Slotbepalingen Art. 163.De evaluatie van het hoger beroepsonderwijs wordt uiterlijk in 2013 opgestart. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere modaliteiten van de evaluatie. De programmatieprocedure en het kwaliteitszorgsysteem maken in ieder geval deel uit van de evaluatie De resultaten van de evaluatie worden aan het Vlaams Parlement meegedeeld. Art. 164.§ 1. Binnen de perken van de begroting van de Vlaamse Gemeenschap worden de bedragen vastgelegd in artikel 40bis van het decreet van 14 maart 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/02/2002 numac 2001035155 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen in het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs sluiten3 betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen aangepast, met dien verstande dat de waarde per financieringspunt in VOW-hbo niet meer dan 5 % afwijkt van de waarde per financieringspunt in VOWprof, zoals bepaald in artikel 10 van het decreet van 14 maart 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/01/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/02/2002 numac 2001035155 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen in het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs sluiten3 betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen. § 2. De Vlaamse Regering kan vanaf 1 september 2009 een subsidie toekennen aan : 1° de stuurgroep en de VLHORA, om de kosten te dekken voor de organisatie van de visitaties van de opleidingen van het hoger beroepsonderwijs;2° het accreditatieorgaan, als vermeld in artikel 12, om de kosten te dekken voor de programmatie en de accreditatie van de opleidingen van het hoger beroepsonderwijs;3° het instellingsbestuur dat de opleiding organiseert, als tussenkomst in de kosten die verbonden zijn aan de visitatie van de opleidingen van het hoger beroepsonderwijs. § 3. Indien van toepassing wordt de subsidie, vermeld in § 2, 3°, toegekend aan de coördinerende instelling. § 4. De Vlaamse Regering bepaalt minstens de volgende modaliteiten voor de toekenning van de subsidie, vermeld in § 2 : 1° het tijdstip waarop de subsidie wordt toegekend;2° de hoogte van het bedrag van de subsidie;3° de wijze van toekenning van de subsidie. Art. 165.Dit decreet treedt in werking op 1 september 2009 met uitzondering van titel I, hoofdstuk II, dat in werking treedt op 1 mei 2009.</p>\n<p class=\"lf-p\">Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Brussel, 30 april 2009.</p>\n<p class=\"lf-p\">De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming, F. VANDENBROUCKE</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">(1)</span>Zitting 2008-2009 Stukken.- Ontwerp van decreet : 2157, nr. 1. - Amendementen : 2157, nr. 2. - Verslag over hoorzitting : 2157, nr. 3. - Verslag : 2157, nr. 4. - Tekst aangenomen door de plenaire vergadering : 2157, nr. 5.</div>\n<p class=\"lf-p\">Handelingen. - Bespreking en aanneming : Middagvergadering van 22 april 2009.</p></div>", "next": 0}