{"html": "<div class=\"lf-doc\"><h4 class=\"lf-art\" id=\"a-86\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 86</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Mensenrechten 1. De partijen komen overeen om samen te werken met het oog op de bevordering en doeltreffende bescherming van de mensenrechten, onder andere wat betreft de bekrachtiging en tenuitvoerlegging van de internationale mensenrechteninstrumenten en de verstrekking van technische bijstand, opleiding en capaciteitsopbouw.De partijen beseffen dat het effect van samenwerkings- en ontwikkelingsprogramma's zal worden beperkt indien de mensenrechten niet worden beschermd, bevorderd en geëerbiedigd. 2. De samenwerking op het gebied van de mensenrechten kan onder meer omvatten : a) versterking van de overheidsinstellingen op het gebied van de mensenrechten en de niet-gouvernementele organisaties die op dit terrein actief zijn;b) bevordering en educatie op het gebied van de mensenrechten op nationaal en plaatselijk niveau, met name bij de overheid, het gerechtelijk apparaat en de rechtshandhavingsinstanties, wat de rechten van vrouwen en kinderen betreft;c) uitwerking van de Iraakse wetgeving overeenkomstig het internationale humanitaire recht en het recht inzake de mensenrechten;d) samenwerking en informatie-uitwisseling in het kader van de mensenrechteninstellingen van de Verenigde Naties;e) steun voor de inspanningen van de Iraakse overheid om de Iraakse burgers een passende levensstandaard te bezorgen en hun politieke, economische, sociale en culturele rechten zonder discriminatie te vrijwaren;f) steun voor de nationale verzoening en bestrijding van straffeloosheid;g) instelling van een alomvattende mensenrechtendialoog</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-87\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 87</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Samenwerking op het gebied van het beleid ten aanzien van de industrie en het midden- en kleinbedrijf 1. De samenwerking op dit terrein beoogt de herstructurering en modernisering van de Iraakse industrie te vergemakkelijken en tezelfdertijd haar concurrentievermogen en groei te stimuleren, alsmede de voorwaarden te scheppen voor wederzijds voordelige vormen van samenwerking tussen de industrie in Irak en de Unie. A. Algemeen 2. De samenwerking : a) bevordert een alomvattende industriestrategie die de reële stand van zaken van industriële ondernemingen in de openbare en de particuliere sector in acht neemt;b) moedigt Irak aan zijn industrie te herstructureren en moderniseren, daarbij zorg dragende voor bescherming van het milieu, duurzame ontwikkeling en economische groei;c) bevordert de ontwikkeling van een gunstig klimaat voor particulier initiatief op industriegebied teneinde de voor lokale en exportmarkten bestemde productie te stimuleren en te diversifiëren;d) bevordert een gunstig klimaat voor groei en diversifiëring van de industriële productie in een perspectief van duurzame ontwikkeling;e) bevordert de informatieverstrekking ten behoeve van de samenwerking op industrieel gebied;f) bevordert de toepassing van uniale en internationale technische voorschriften, normen en conformiteitsbeoordelingsprocedures, teneinde de integratie van Irak in de wereldeconomie te bevorderen;brengt regelmatige uitwisseling tot stand tussen de normalisatie-instanties van de partijen; g) bevordert de totstandkoming van een passend industrieel ondernemingsklimaat;h) bevordert en stimuleert verbetering van ondersteunende informatiediensten als kernelement van het groeipotentieel voor zakelijke activiteiten en economische ontwikkeling;i) ontwikkelt banden tussen de industriële actoren van de partijen (ondernemingen, beroepsbeoefenaren, sectorale en andere bedrijfsorganisaties, arbeidsorganisaties en dergelijke);j) moedigt gezamenlijke industriële projecten aan en brengt gezamenlijke ondernemingen en informatienetwerken tot stand B. Midden- en kleinbedrijf 3. De partijen, rekening houdend met hun respectieve economische beleidsmaatregelen en doelstellingen, komen overeen de samenwerking inzake het industriële beleid op alle passend geachte terreinen te bevorderen met het oog op de verbetering van het concurrentievermogen van het midden- en kleinbedrijf.4. De partijen : a) streven naar ontwikkeling en versterking van het midden- en kleinbedrijf en bevordering van de samenwerking tussen de betrokken bedrijven;b) ontwikkelen de bijstand waaraan microbedrijven en kleine en middelgrote ondernemingen behoefte hebben, op gebieden als financiering, opleiding, technologie en marketing, innovatie en andere vereisten voor de oprichting van kleine en middelgrote ondernemingen, zoals starterscentra, en andere ontwikkelingsgebieden;c) steunen de activiteiten van het midden- en kleinbedrijf door netwerkvorming op dit gebied;en d) faciliteren de samenwerking tussen ondernemingen en steunen samenwerkingsactiviteiten op dit gebied die door de particuliere sector van beide partijen worden ontwikkeld, door passende banden tot stand te brengen tussen particuliere ondernemingen in Irak en de Unie en daarmee de uitwisseling van informatie te verbeteren.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-88\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 88</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Samenwerking inzake investeringen 1. De partijen werken samen om een gunstig klimaat tot stand te brengen voor zowel binnenlandse als buitenlandse investeringen, teneinde investeringen passend te beschermen en de overdracht van kapitaal en de uitwisseling van informatie over investeringsmogelijkheden te faciliteren.2. De partijen ondersteunen de bevordering en bescherming van investeringen op basis van de beginselen van non-discriminatie en wederkerigheid.3. De partijen moedigen de uitwisseling aan van informatie over wetgeving, regelgeving en administratieve praktijken op het gebied van investeringen.4. De partijen verbinden zich ertoe de samenwerking tussen hun financiële instellingen aan te moedigen, teneinde investeringen te vergemakkelijken.5 Om investeringen en handel te faciliteren, is de Unie bereid Irak desgevraagd bij te staan in zijn streven naar aanpassing van zijn wet- en regelgevingskader aan dat van de Unie op de door deze overeenkomst bestreken terreinen. ARTIKEL 89 Industrienormen en conformiteitsbeoordelingsprocedures De partijen kunnen samenwerken op de volgende gebieden met betrekking tot normen, technische voorschriften en conformiteitsbeoordelingsprocedures : 1. bevordering van het gebruik van internationale normen in de technische voorschriften en bij conformiteitsbeoordeling, met inbegrip van sectorspecifieke maatregelen, op het grondgebied van de partijen en intensivering van de samenwerking tussen de partijen met betrekking tot de werkzaamheden van de desbetreffende internationale instellingen en organisaties;2. ondersteuning van initiatieven voor capaciteitsopbouw op het gebied van normalisatie, conformiteitsbeoordeling, accreditering, metrologie en markttoezicht in Irak;3. bevordering en aanmoediging van bilaterale samenwerking tussen organisaties in Irak en de Unie op het gebied van normalisatie, conformiteitsbeoordeling, accreditering, metrologie en markttoezicht;4. ontwikkeling van gemeenschappelijke standpunten over goede regelgevingspraktijken, onder meer omvattende : a) transparantie bij het opstellen, vaststellen en toepassen van technische voorschriften, normen en conformiteitsbeoordelingsprocedures;b) noodzaak en evenredigheid van de maatregelen op regelgevingsgebied en daarmee verband houdende conformiteitsbeoordelingsprocedures, met inbegrip van gebruik van de conformiteitsverklaring van de leverancier;c) gebruik van internationale normen als basis voor het opstellen van technische voorschriften, tenzij deze internationale normen ondoelmatig of ongeschikt zijn voor de verwezenlijking van de legitieme beoogde doelstellingen;d) handhaving van technische voorschriften en activiteiten op het gebied van markttoezicht;5. versterking van de samenwerking op het gebied van regelgeving, techniek en wetenschappen door onder andere uitwisseling van informatie, ervaringen en gegevens, teneinde de kwaliteit en het niveau van de technische voorschriften te verbeteren en doeltreffend gebruik te maken van de beschikbare middelen op regelgevingsgebied;6. ontwikkeling van de compatibiliteit en convergentie van technische voorschriften, normen en conformiteitsbeoordelingsprocedures.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-90\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 90</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Samenwerking inzake land- en bosbouw en plattelandsontwikkeling De samenwerking op het gebied van land- en bosbouw en plattelandsontwikkeling wordt bevorderd om diversifiëring, milieuvriendelijke methoden, duurzame economische en sociale ontwikkeling en voedselzekerheid te bevorderen. De partijen onderzoeken daartoe : a) capaciteitsopbouw en opleiding voor overheidsinstellingen;b) maatregelen ter verbetering van de kwaliteit van landbouwproducten, maatregelen voor capaciteitsopbouw voor telersverenigingen en maatregelen ter ondersteuning van activiteiten ter bevordering van de handel;c) sanitaire, fytosanitaire en milieumaatregelen en aanverwante aspecten, die in overeenstemming zijn met de wetgeving van beide partijen en de regels van de WTO en multilaterale overeenkomsten op milieugebied;d) maatregelen met betrekking tot duurzame economische en sociale ontwikkeling van plattelandsgebieden, met inbegrip van milieuvriendelijke methoden, bosbouw, onderzoek, overdracht van knowhow, toegang tot land, waterbeheer en irrigatie, duurzame plattelandsontwikkeling en voedselzekerheid;e) maatregelen voor het behoud van traditionele landbouwkennis waaraan bevolkingsgroepen hun specifieke identiteit ontlenen, met inbegrip van samenwerking inzake geografische aanduidingen, uitwisseling van ervaringen op plaatselijk niveau en ontwikkeling van netwerken voor samenwerking;f) modernisering van de landbouwsector, met inbegrip van landbouwmethoden en diversifiëring van de landbouwproductie</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-91\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 91</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Energie 1. De partijen streven naar betere samenwerking in de energiesector, met inachtneming van de beginselen van vrije, concurrerende en open energiemarkten, met het oog op : a) de verbetering van de energiezekerheid met behoud van ecologische duurzaamheid en bevordering van economische groei;b) de ontwikkeling van institutionele, wetgevende en regelgevende kaders in de energiesector om te waarborgen dat de energiemarkt efficiënt functioneert en dat investeringen in energie worden bevorderd;c) de ontwikkeling en bevordering van partnerschappen tussen ondernemingen van de Unie en van Irak op het gebied van exploratie, productie, verwerking, transport, distributie en diensten binnen de energiesector;d) de ontwikkeling van een regelmatige en effectieve dialoog inzake energie tussen de partijen en tevens in regionaal verband, onder meer in het kader van de Euro-Arabische Mashreq-gasmarkt en andere relevante regionale initiatieven.2 Daartoe bevorderen de partijen wederzijds voordelige contacten met het oog op : a) de ondersteuning van de ontwikkeling van een passend energiebeleid, een passend regelgevingskader en passende infrastructuur in Irak, op basis van de beginselen van ecologische duurzaamheid, het gezonde beheer van de energievoorraden en een vrije, concurrerende en open markt;b) samenwerking om de bestuurlijke en juridische capaciteit te versterken en stabiele en transparante juridische kadervoorwaarden te scheppen met als doel de economische bedrijvigheid en de internationale energie-investeringen in Irak te stimuleren;c) de bevordering van technische samenwerking op het gebied van exploratie van de Iraakse olie- en aardgasreserves en de ontwikkeling van velden, de ontwikkeling en modernisering van de olie- en gasinfrastructuur, met inbegrip van de transport- en transitnetwerkverbindingen met de Mashreq, andere relevante regionale initiatieven en de markt van de Unie;d) de verbetering van de betrouwbaarheid van de elektriciteitslevering in Irak;e) de stimulering van de samenwerking ter verbetering van de energiezekerheid en de bestrijding van klimaatverandering door bevordering van het gebruik van hernieuwbare energiebronnen, energie-efficiëntie en vermindering van het affakkelen van gas;f) de facilitering van de uitwisseling van knowhow en de overdracht van technologie, beste praktijken en de opleiding van beroepsbeoefenaren;g) de bevordering van de participatie van Irak in het proces van regionale integratie van de energiemarkten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-92\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 92</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Vervoer 1. De partijen streven naar verbeterde samenwerking in de vervoerssector met het oog op de totstandbrenging van een duurzaam en efficiënt vervoerssysteem, gericht op : a) de verbetering van de ontwikkeling van vervoer en de koppeling van vervoersmethoden met behoud van ecologische duurzaamheid en economische groei;b) de ontwikkeling van institutionele, wetgevende en regelgevende kaders in alle vervoerssectoren om te waarborgen dat de vervoersmarkt efficiënt functioneert en dat investeringen in vervoer worden bevorderd;c) de ontwikkeling en bevordering van partnerschappen tussen ondernemingen van de Unie en van Irak op het gebied van exploratie, capaciteitsopbouw, infrastructuurontwikkeling, vervoersveiligheid en -beveiliging en diensten in de vervoerssector;d) de ontwikkeling van een regelmatige en effectieve dialoog inzake vervoer tussen de partijen en tevens in regionaal verband, onder meer in het kader van de Europees-mediterrane samenwerking op vervoersgebied en andere relevante regionale initiatieven.2 Daartoe bevorderen de partijen wederzijds voordelige contacten met het oog op : a) de ondersteuning van de formulering van een passend vervoersbeleid voor de ontwikkeling van alle vervoerswijzen, het regelgevende kader daarvoor en het herstel en de uitbouw van de vervoersinfrastructuur in Irak, waarbij het belang van duurzaamheid wordt onderstreept;de verzekering van de intermodaliteit en de integratie van alle vervoerswijzen; onderzoek van de mogelijkheid om de wetgevende en regelgevende kaders verder aan te passen aan uniale en internationale normen, met name inzake veiligheid en beveiliging; b) samenwerking om de bestuurlijke en juridische capaciteit te versterken en te herstellen, met het oog op het opzetten van specifieke plannen voor prioritaire sectoren, en stabiele en transparante juridische kadervoorwaarden te scheppen met als doel de economische bedrijvigheid op vervoersgebied en de internationale vervoersinvesteringen in Irak te stimuleren op basis van het beleid en de praktijk van de Unie, alsmede ontwikkeling van de noodzakelijke onafhankelijke regelgevende autoriteiten;c) de bevordering van technische samenwerking op het gebied van exploratie en ontwikkeling van alle vervoerssectoren in Irak, en op het gebied van de ontwikkeling en modernisering van de vervoersinfrastructuur, met inbegrip van de koppeling met de vervoersnetwerken van de Mashreq, andere relevante regionale projecten en de markt van de Unie;d) de verbetering van de betrouwbaarheid van de vervoersstromen naar en door Irak;e) de facilitering van de uitwisseling van knowhow en de overdracht van technologie, beste praktijken en de opleiding van beroepsbeoefenaren;dit zijn essentiële samenwerkingsfactoren die met voorrang moeten worden aangepakt; f) de bevordering van de participatie van Irak in het proces van koppeling met regionale vervoerssystemen;g) de tenuitvoerlegging van een nationaal luchtvaartbeleid, met inbegrip van de ontwikkeling van de luchthavens en de luchtverkeerscontrole en verdere uitbouw van de bestuurlijke capaciteit (waaronder de instelling van een autonome autoriteit voor de burgerluchtvaart, die een daadwerkelijke regelgevende rol dient te vervullen);onderhandelingen over een « horizontale » luchtvervoersovereenkomst teneinde de rechtszekerheid voor bilaterale overeenkomsten inzake luchtvaartdiensten te herstellen; alsmede onderzoek naar de mogelijkheden voor onderhandelingen over een alomvattende luchtvaartovereenkomst tussen de Unie en Irak.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-93\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 93</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Milieu 1. De partijen zijn het erover eens dat de inspanningen tot bescherming van het milieu moeten worden versterkt en geïntensiveerd, bijvoorbeeld op het gebied van klimaatverandering, het duurzame beheer van natuurlijke rijkdommen en het behoud van de biodiversiteit als basis voor de ontwikkeling van de huidige en toekomstige generaties.2. De partijen zijn het erover eens dat bij de samenwerking op dit terrein moet worden gestreefd naar betere bescherming van het milieu met het oog op duurzame ontwikkeling.De resultaten van de wereldtop over duurzame ontwikkeling worden in acht genomen bij alle door de partijen in het kader van deze overeenkomst ondernomen activiteiten. 3. De samenwerking op dit gebied moet zich met name richten op : a) de uitwisseling van informatie en expertise op milieugebied; (bijvoorbeeld met betrekking tot stedelijke problematiek, natuurbescherming, water- en afvalbeheer en rampenbeheersing); b) aanmoediging en bevordering van regionale samenwerking op het gebied van milieubescherming, onder meer door investeringen in milieuprojecten en -programma's aan te moedigen;c) bevordering van milieubewustheid en versterkte participatie van plaatselijke gemeenschappen in activiteiten op het gebied van milieubescherming en duurzame ontwikkeling;d) ondersteuning van capaciteitsopbouw op milieugebied, bijvoorbeeld inzake terugdringing van en aanpassing aan klimaatverandering;e) samenwerking inzake onderhandelingen over en uitvoering van multilaterale milieuovereenkomsten;f) aanmoediging van de uitwisseling van technische bijstand voor de milieuprogrammering en de integratie van milieuoverwegingen in andere beleidsgebieden;g) ondersteuning van milieuonderzoek en -analyse.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-94\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 94</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Telecommunicatie De partijen werken samen : a) ter bevordering van de uitwisseling van informatie over de toepasselijke wetgeving en mogelijke toekomstige wetgevingshervormingen in de telecommunicatiesector, teneinde het inzicht in elkaars regelgevingskader inzake telecommunicatie te bevorderen;b) met het oog op de uitwisseling van informatie over de ontwikkeling van de technologie en normen op informatie- en communicatiegebied. ARTIKEL 95 Wetenschap en technologie 1. De partijen bevorderen de samenwerking op het gebied van civiel wetenschappelijk onderzoek en technologische ontwikkeling, met wederzijds voordeel als uitgangspunt en rekening houdende met de beschikbaarheid van hulpmiddelen en adequate toegang tot elkaars onderzoeksprogramma's, waarbij erop wordt toegezien dat intellectuele-, industriële- en commerciële-eigendomsrechten doeltreffend worden beschermd.2 De samenwerking op het gebied van wetenschappen en technologie heeft betrekking op : a) de uitwisseling van wetenschappelijke en technische samenwerkingsprogramma's;b) de organisatie van gezamenlijke wetenschappelijke bijeenkomsten;c) gezamenlijke activiteiten op het gebied van onderzoek en technologische ontwikkeling;d) opleidingsactiviteiten en programma's ter bevordering van de mobiliteit ten behoeve van aan beide zijden bij onderzoek en technologische ontwikkeling betrokken wetenschappers, onderzoekers en technici.3. De samenwerking wordt ten uitvoer gelegd door middel van specifieke regelingen waarvoor de onderhandelingen en de sluiting verlopen volgens de procedures van elke partij en waarin onder andere passende bepalingen inzake intellectuele-eigendomsrechten worden opgenomen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-96\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 96</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Samenwerking op het gebied van douane en belastingen 1. De partijen zullen samenwerking op douanegebied tot stand brengen, met name inzake opleiding, vereenvoudiging van douaneformaliteiten, -documentatie en -procedures, voorkoming van, onderzoek naar en bestrijding van overtredingen van de douaneregels, met als doel het garanderen van de naleving van alle bepalingen die op het gebied van handel zullen worden vastgesteld en het aanpassen van het douanestelsel van Irak aan dat van de Unie.2. Teneinde de economische bedrijvigheid te versterken en te ontwikkelen, met inachtneming van de noodzaak een passend regelgevingskader te ontwikkelen, erkennen de partijen de beginselen van goed bestuur op fiscaal gebied, zoals transparantie, informatie-uitwisseling en eerlijke belastingconcurrentie, en verbinden zij zich tot de tenuitvoerlegging van die beginselen, zulks onverminderd hun respectieve bevoegdheden.De partijen zullen daartoe, overeenkomstig hun respectieve bevoegdheden, betere internationale samenwerking op fiscaal gebied tot stand brengen en maatregelen ontwikkelen voor de doeltreffende tenuitvoerlegging van de bovengenoemde beginselen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-97\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 97</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Samenwerking op het gebied van statistiek De partijen komen overeen activiteiten op statistisch gebied te bevorderen. Deze activiteiten richten zich op institutionele opbouw en capaciteitsversterking van het nationale stelsel voor de statistiek, met inbegrip van de ontwikkeling van statistische methoden en de productie en verspreiding van statistieken over de handel in goederen en diensten en meer in het algemeen over elk ander gebied dat de onder de overeenkomst vallende en zich voor statistische verwerking lenende nationale prioriteiten voor de sociale en economische ontwikkeling ondersteunt</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-98\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 98</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Macro-economische stabiliteit en overheidsfinanciën 1. De partijen zijn het eens over het belang van de totstandbrenging van macro-economische stabiliteit in Irak door middel van een gezond monetair beleid dat gericht is op verwezenlijking en instandhouding van prijsstabiliteit en door middel van een begrotingsbeleid dat gericht is op de houdbaarheid van de schuldenlast.2. De partijen zijn het eens over het belang van doeltreffendheid van de overheidsuitgaven, transparantie en verantwoordingsplicht op nationaal en plaatselijk niveau in Irak.3. De partijen komen overeen samen te werken om onder meer het Iraakse stelsel voor het beheer van de overheidsfinanciën te verbeteren, waarbij onder andere wordt gestreefd naar volledigheid van de begrotingsplanning en één enkele thesaurierekening. ARTIKEL 99 Ontwikkeling van de particuliere sector De partijen komen overeen samen te werken met het oog op de ontwikkeling van een markteconomie in Irak, door het investeringsklimaat te verbeteren, de economische bedrijvigheid te diversifiëren, vooruitgang te boeken met het privatiseringsprogramma en andere voorwaarden voor snellere groei van de werkgelegenheid in de particuliere sector te verbeteren</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-100\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 100</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Toerisme 1. De partijen zetten zich in voor verbetering van hun samenwerking om een evenwichtige en duurzame ontwikkeling van het toerisme en aanverwante zaken te verzekeren.2. De partijen komen daartoe overeen de samenwerking op het gebied van het toerisme uit te bouwen en met name informatie, ervaring en beste praktijken uit te wisselen met betrekking tot de opzet van het institutionele kader voor de toerismesector en de algemene omgeving waarin toeristische ondernemingen opereren. ARTIKEL 101 Financiële diensten De partijen werken samen om hun normen en voorschriften onderling aan te passen, onder andere met het oog op : a) de versterking van de financiële sector in Irak;b) de verbetering van de boekhoudings- en boekhoudcontrolesystemen, alsmede het toezicht op en de reglementering van het bankwezen, het verzekeringswezen en andere financiële sectoren in Irak;c) de uitwisseling van informatie over de respectieve van kracht of in voorbereiding zijnde wetgeving;d) de ontwikkeling van verenigbare auditstelsels TITEL IV JUSTITIE, VRIJHEID EN VEILIGHEID ARTIKEL 102 Rechtsstaat 1. Bij hun samenwerking op het gebied van justitie, vrijheid en veiligheid tonen de partijen een permanente verbintenis tot eerbiediging van, en hechten zij bijzonder belang aan het beginsel van de rechtsstaat, met inbegrip van de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, de toegang tot de rechtspraak en het recht op een eerlijk proces.2. De partijen werken samen om, onder meer door capaciteitsopbouw, de werking van de instellingen voor rechtshandhaving en de rechtspraak verder uit te bouwen. ARTIKEL 103 Juridische samenwerking 1. De partijen komen overeen justitiële samenwerking in burgerlijke zaken uit te bouwen, met name wat betreft de ratificatie en tenuitvoerlegging van multilaterale verdragen inzake justitiële samenwerking in burgerlijke zaken, en met name de verdragen van de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht op het gebied van internationale juridische samenwerking en procesvoering alsmede de bescherming van kinderen.2.</p>\n<p class=\"lf-p\">De partijen komen overeen alternatieve wijzen van geschillenbeslechting voor civiele en particuliere handelsgeschillen waar mogelijk te faciliteren en aan te moedigen, overeenkomstig de toepasselijke internationale instrumenten.3. Wat strafzaken betreft, zullen de partijen streven naar verbetering van de justitiële samenwerking inzake wederzijdse juridische bijstand en uitlevering.Dit kan de toetreding tot en de tenuitvoerlegging inhouden van de desbetreffende internationale instrumenten van de Verenigde Naties, waaronder het in artikel 7 van deze overeenkomst bedoelde Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-104\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 104</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bescherming van persoonsgegevens 1. De partijen komen overeen samen te werken om het niveau van bescherming van persoonsgegevens te verbeteren overeenkomstig de strengste internationale normen, zoals onder andere de richtsnoeren van de Verenigde Naties voor de reglementering van geautomatiseerde bestanden die persoonsgegevens bevatten (United Nations Guidelines for the Regulation of Computerized Personal Data Files C Resolutie 45/95 van de algemene Vergadering van de Verenigde Naties van 14 december 1990).2. De samenwerking inzake de bescherming van persoonsgegevens kan onder meer technische bijstand in de vorm van uitwisseling van informatie en deskundigheid inhouden. ARTIKEL 105 Samenwerking inzake migratie en asiel 1 De partijen wijzen opnieuw op het belang dat zij hechten aan gezamenlijke beheersing van de migratiestromen tussen hun grondgebieden.Om hun onderlinge samenwerking te versterken, zetten de partijen een brede dialoog op over alle kwesties in verband met migratie, waaronder illegale migratie, smokkel van migranten en mensenhandel en integratie van het migratievraagstuk in de nationale strategieën met betrekking tot de economische en sociale ontwikkeling van de gebieden van herkomst van de migranten. 2. De samenwerking wordt gebaseerd op een analyse van de specifieke behoeften, die in onderling overleg door de partijen wordt verricht, en wordt overeenkomstig de desbetreffende Uniewetgeving en nationale wetgeving uitgevoerd.De samenwerking richt zich met name op : a) de hoofdoorzaken van migratie;b) de ontwikkeling en tenuitvoerlegging van nationale wetgeving en praktijken met betrekking tot internationale bescherming, teneinde te voldoen aan de bepalingen van het verdrag van Genève van 1951 inzake de status van vluchtelingen, het protocol van 1967 en andere relevante internationale instrumenten, en teneinde ervoor te zorgen dat het beginsel van non-refoulement wordt nageleefd;hierbij wordt erkend that Irak nog geen partij is bij het verdrag van Genève van 1951 inzake de status van vluchtelingen en het protocol van 1967, maar de mogelijkheid overweegt om in de toekomst daartoe toe te treden; c) de toelatingscriteria, alsmede de rechten en de status van toegelaten personen, de eerlijke behandeling en integratie van legale buitenlandse ingezetenen, onderwijs en opleiding en maatregelen tegen racisme en vreemdelingenhaat;d) de opzet van een doeltreffende en preventieve aanpak van illegale migratie, smokkel van migranten en mensenhandel, alsmede de vraag hoe netwerken van handelaars en smokkelaars kunnen worden bestreden en de slachtoffers van deze handel kunnen worden beschermd;e) de humane en waardige repatriëring van illegaal verblijvende personen en de bevordering van vrijwillige terugkeer, alsmede de overname van dergelijke personen overeenkomstig lid 3;f) het visumbeleid, wat betreft onderwerpen die van wederzijds belang geacht worden, in het kader van het geldende Schengenacquis;g) grensbeheer en grenscontrole, met betrekking tot organisatie, opleiding, beste praktijken en andere operationele maatregelen op het terrein, en indien relevant, uitrusting, waarbij rekening gehouden wordt met het feit dat dergelijke uitrusting mogelijk voor tweeërlei gebruik geschikt is.3.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het kader van de samenwerking ter voorkoming en beheersing van illegale immigratie komen de partijen eveneens overeen hun illegale migranten over te nemen.Daartoe : a) neemt Irak al zijn onderdanen die niet of niet langer aan de geldende voorwaarden voor binnenkomst, aanwezigheid of verblijf op het grondgebied van een lidstaat van de Unie voldoen, op verzoek van die lidstaat zonder verdere formaliteiten over;b) neemt iedere lidstaat van de Unie al zijn onderdanen die niet of niet langer aan de geldende voorwaarden voor binnenkomst, aanwezigheid of verblijf op het grondgebied van Irak voldoen, op verzoek van Irak zonder verdere formaliteiten over.4. Voor dergelijke doeleinden verstrekken de lidstaten van de Unie en Irak hun onderdanen passende documenten waarmee zij hun identiteit voor reisdoeleinden kunnen bevestigen.Indien een over te nemen persoon geen documenten of andere bewijzen van zijn nationaliteit bezit, neemt de bevoegde diplomatieke en consulaire vertegenwoordiging van de betrokken lidstaat of van Irak op verzoek van Irak of de betrokken lidstaat de nodige maatregelen om de over te nemen persoon te ondervragen om zijn nationaliteit vast te stellen. 5.</p>\n<p class=\"lf-p\">De partijen komen in dit verband overeen op verzoek van een partij als gedefinieerd in artikel 122 zo snel mogelijk een overeenkomst te sluiten ter voorkoming en beheersing van illegale migratie en tot vaststelling van de specifieke procedures en verplichtingen voor overname, met inbegrip van de overname van onderdanen van andere landen en staatloze personen indien beide partijen dat passend achten.6. Bij de samenwerking op dit gebied worden de rechten, verplichtingen en verantwoordelijkheden van de partijen uit hoofde van het desbetreffende internationale recht en het internationale humanitaire recht ten volle geëerbiedigd. ARTIKEL 106 Bestrijding van georganiseerde misdaad en corruptie De partijen komen overeen samen te werken aan en bij te dragen tot de bestrijding van georganiseerde economische en financiële misdaad en corruptie, namaak en illegale transacties, door volledig te voldoen aan hun bestaande wederzijdse internationale verplichtingen in dit verband, onder meer met betrekking tot effectieve samenwerking om beslag te leggen op uit corruptie verkregen vermogensbestanddelen of gelden.</p>\n<p class=\"lf-p\">De partijen zullen de tenuitvoerlegging van het Verdrag van de Verenigde Naties tegen grensoverschrijdende georganiseerde misdaad en de aanvullende protocollen daarbij en het Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie bevorderen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-107\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 107</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bestrijding van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme 1. De partijen zijn het erover eens dat moet worden samengewerkt bij en gestreefd naar de voorkoming van het gebruik van hun financiële systemen voor het witwassen van de opbrengsten van alle criminele activiteiten zoals drugshandel en corruptie en voor de financiering van terrorisme.2. De partijen komen overeen samen te werken inzake technische en administratieve bijstand voor de opstelling en uitvoering van voorschriften en de efficiënte werking van mechanismen ter bestrijding van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme.Deze samenwerking strekt zich uit tot inbeslagneming van vermogensbestanddelen of gelden die uit de opbrengsten van criminele activiteiten zijn verkregen. 3 Door de samenwerking moet het mogelijk worden relevante informatie uit te wisselen in het kader van de respectieve wetgevingen en passende normen vast te stellen voor de bestrijding van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme, die gelijkwaardig zijn aan die van de Financial Action Task Force on Money Laundering (hierna « FATF » genoemd) en van de Unie en de internationale instanties op dit gebied. ARTIKEL 108 Bestrijding van illegale drugs 1. De partijen streven ernaar, overeenkomstig hun respectieve wet- en regelgeving, het aanbod van, de illegale handel in en de vraag naar illegale drugs en het effect daarvan op druggebruikers en de samenleving in het algemeen terug te dringen en het oneigenlijk gebruik van chemische precursoren voor de illegale productie van verdovende middelen en psychotrope stoffen doeltreffender te voorkomen.De partijen zien in het kader van hun samenwerking toe op een brede en evenwichtige aanpak van hun streven naar dit doel door middel van regels voor legale markten en doeltreffende maatregelen en coördinatie tussen de bevoegde autoriteiten in onder meer de sectoren gezondheid, onderwijs, sociale zaken, rechtshandhaving en justitie. 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">De partijen bereiken overeenstemming over de wijze van samenwerking om deze doelstellingen te verwezenlijken.De activiteiten worden gebaseerd op onderling overeengekomen beginselen, overeenkomstig de desbetreffende internationale verdragen, de Politieke Verklaring en de Speciale Verklaring inzake richtsnoeren om de vraag naar drugs te verminderen, goedgekeurd door de twintigste speciale zitting van de algemene Vergadering van de Verenigde Naties inzake drugs van juni 1998.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-109\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 109</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Samenwerking op cultureel gebied 1. De partijen verbinden zich ertoe de bilaterale samenwerking op het gebied van cultuur te bevorderen, teneinde het wederzijds begrip te versterken en de culturele betrekkingen tussen de partijen te stimuleren.2. De partijen ondersteunen de uitwisseling van informatie en deskundigheid en initiatieven die bijdragen tot sterkere capaciteitsopbouw, met name betreffende de instandhouding van het culturele erfgoed.3. De partijen intensiveren de samenwerking ter bestrijding van de illegale handel in culturele goederen, overeenkomstig de relevante resoluties van de VN-Veiligheidsraad inzake Irak.Zij zullen de bekrachtiging en doeltreffende tenuitvoerlegging bevorderen van de internationale overeenkomsten op dit gebied, waaronder de Unesco-Overeenkomst van 1970 inzake de middelen om de onrechtmatige invoer, uitvoer en eigendomsoverdracht van culturele goederen te verbieden en te verhinderen. 4 De partijen moedigen de interculturele dialoog tussen personen, culturele instellingen en organisaties van het maatschappelijk middenveld van de Unie en Irak aan.5. De partijen coördineren hun inspanningen in internationale fora, onder andere in het kader van Unesco en/of andere internationale organisaties, teneinde de culturele diversiteit te bevorderen, met name in verband met de bekrachtiging en tenuitvoerlegging van het Unesco-Verdrag betreffende de bescherming en de bevordering van de diversiteit van cultuuruitingen. ARTIKEL 110 Regionale samenwerking 1. De partijen zijn het erover eens dat de samenwerking dient bij te dragen tot facilitering en ondersteuning van de stabiliteit en de regionale integratie van Irak.Zij komen daartoe overeen activiteiten ter versterking van de betrekkingen met Irak, zijn buurlanden en andere regionale partners te bevorderen. 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">De partijen zijn het erover eens dat hun onderlinge samenwerking zich kan uitstrekken tot maatregelen die worden uitgevoerd krachtens samenwerkingsovereenkomsten met andere landen in dezelfde regio, mits die maatregelen verenigbaar zijn met deze overeenkomst en in hun belang zijn.3. Zonder enig gebied uit te sluiten, komen de partijen overeen bijzondere aandacht te schenken aan de volgende maatregelen : a) bevordering van de intraregionale handel;b) ondersteuning van regionale instellingen en gezamenlijke projecten en initiatieven die in het kader van relevante regionale organisaties zijn opgezet. TITEL V Institutionele, algemene en slotbepalingen ARTIKEL 111 Samenwerkingsraad 1. Er wordt een samenwerkingsraad ingesteld, die toezicht houdt op de tenuitvoerlegging van deze overeenkomst.De Samenwerkingsraad komt eenmaal per jaar bijeen op ministerieel niveau.</p>\n<p class=\"lf-p\">Hij behandelt alle belangrijke vraagstukken die zich in het kader van deze overeenkomst voordoen en alle andere bilaterale of internationale vraagstukken van gemeenschappelijk belang, teneinde de doelstellingen van deze overeenkomsten te verwezenlijken. De Samenwerkingsraad kan in onderlinge overeenstemming tussen de partijen passende aanbevelingen doen. 2. De Samenwerkingsraad bestaat uit vertegenwoordigers van beide partijen.3. De Samenwerkingsraad stelt zijn reglement van orde vast.4. Elk van de partijen mag ieder geschil dat verband houdt met de toepassing of de interpretatie van deze overeenkomst aan de Samenwerkingsraad voorleggen.5. De Samenwerkingsraad kan het geschil door middel van een aanbeveling beslechten.6.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bepalingen van dit artikel zijn niet van invloed op en gelden onverminderd de specifieke bepalingen inzake geschillenbeslechting van titel II van deze overeenkomst. ARTIKEL 112 Samenwerkingscomité en gespecialiseerde subcomités 1. Er wordt een Samenwerkingscomité ingesteld, dat bestaat uit vertegenwoordigers van de partijen en de Samenwerkingsraad bij zijn taken bijstaat.2. De Samenwerkingsraad kan besluiten andere gespecialiseerde subcomités of lichamen op te richten die hem bij de uitvoering van zijn taken kunnen bijstaan en bepaalt de samenstelling, de taken en de werking van dergelijke comités of lichamen. ARTIKEL 113 Parlementair samenwerkingscomité 1. Er wordt een parlementair samenwerkingscomité ingesteld.Het parlementair samenwerkingscomité dient als forum waar leden van het Iraakse Parlement en het Europees Parlement elkaar kunnen ontmoeten en met elkaar van gedachten kunnen wisselen. 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het parlementair samenwerkingscomité bestaat uit enerzijds leden van het Europees Parlement en anderzijds leden van het Iraakse Parlement.3. Het parlementair samenwerkingscomité wordt ingelicht over de aanbevelingen van de Samenwerkingsraad.4. Het parlementair samenwerkingscomité kan aanbevelingen doen aan de Samenwerkingsraad. ARTIKEL 114 Faciliteiten Om de samenwerking in het kader van deze overeenkomst te vergemakkelijken, komen beide partijen overeen de bevoegde deskundigen en ambtenaren die betrokken zijn bij de uitvoering van de samenwerking de nodige faciliteiten te verlenen voor de uitoefening van hun taak, overeenkomstig de interne regels en voorschriften van beide partijen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-115\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 115</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Territoriale toepassing Deze overeenkomst is van toepassing op enerzijds de grondgebieden waar het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie van toepassing zijn, onder de in die verdragen neergelegde voorwaarden, en anderzijds het grondgebied van Irak</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-116\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 116</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Inwerkingtreding en verlenging 1. Deze overeenkomst treedt in werking op de eerste dag van de maand volgende op de ontvangst door de depositaris, van de laatste van de kennisgevingen van de partijen over de voltooiing van de daartoe vereiste procedures.2. Deze overeenkomst wordt gesloten voor een periode van tien jaar. Zij wordt van jaar tot jaar stilzwijgend verlengd, tenzij een van de partijen haar ten minste zes maanden voor de vervaldatum schriftelijk opzegt. De beëindiging gaat in zes maanden na ontvangst van de kennisgeving door de andere partij. Het beëindigen van de overeenkomst is niet van invloed op projecten die voor de ontvangst van deze kennisgeving van start zijn gegaan</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-117\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 117</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Voorlopige toepassing 1. Onverminderd artikel 116 komen de Unie en Irak overeen de artikelen 1 en 2 en de titels II, III en V van deze overeenkomst toe te passen met ingang van de eerste dag van de derde maand volgende op de dag waarop de Unie en Irak elkaar in kennis hebben gesteld van de voltooiing van de daartoe vereiste procedures.Deze kennisgevingen worden gericht aan de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie, die depositaris van deze overeenkomst is. 2. Indien overeenkomstig lid 1 een bepaling van deze overeenkomst door de partijen in afwachting van de inwerkingtreding wordt toegepast, worden verwijzingen in dergelijke bepalingen naar de inwerkingtreding van deze overeenkomst gelezen als verwijzingen naar de datum waarop de partijen overeenkomen de betrokken bepaling overeenkomstig lid 1 toe te passen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-118\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 118</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Non-discriminatie Op de door deze overeenkomst bestreken terreinen en onverminderd eventueel daarin neergelegde bijzondere bepalingen mogen : a) de regelingen die Irak ten opzichte van de Unie toepast geen aanleiding geven tot enige vorm van discriminatie tussen de lidstaten, hun onderdanen of hun vennootschappen of ondernemingen;b) de regelingen die de Unie ten opzichte van Irak toepast geen aanleiding geven tot enige vorm van discriminatie tussen Iraakse onderdanen of vennootschappen of ondernemingen. ARTIKEL 119 Clausule betreffende de evolutie van deze overeenkomst 1. De partijen kunnen deze overeenkomst met wederzijdse goedkeuring wijzigen, herzien of uitbreiden met het oog op intensivering van het samenwerkingsniveau, onder andere door deze aan te vullen met overeenkomsten of protocollen voor specifieke sectoren of activiteiten.2 Wat de toepassing van deze overeenkomst betreft, kan elke partij voorstellen formuleren met het oog op de uitbreiding van de wederzijdse samenwerking, rekening houdend met de bij de uitvoering van de overeenkomst opgedane ervaring.Over elke uitbreiding van de samenwerking in het kader van deze overeenkomst wordt beslist in de Samenwerkingsraad.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-120\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 120</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Andere overeenkomsten 1. Onverminderd de desbetreffende bepalingen van het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie doet deze overeenkomst of in het kader daarvan ondernomen actie op generlei wijze afbreuk aan de bevoegdheid van de lidstaten om bilaterale samenwerkingsactiviteiten met Irak te ondernemen of desgewenst nieuwe samenwerkingsovereenkomsten met Irak te sluiten.2. Deze overeenkomst doet geen afbreuk aan de toepassing of de uitvoering van verbintenissen die de partijen in betrekkingen met derden zijn aangegaan. ARTIKEL 121 Niet-uitvoering van de overeenkomst 1. De partijen treffen alle algemene en bijzondere maatregelen die vereist zijn om aan hun verplichtingen krachtens deze overeenkomst te voldoen en zien erop toe dat zij de in deze overeenkomst neergelegde doelstellingen in acht nemen.2. Indien een partij van mening is dat de andere partij een verplichting die uit deze overeenkomst voortvloeit niet is nagekomen, kan zij passende maatregelen treffen.Alvorens dit te doen, verstrekt zij de Samenwerkingsraad binnen dertig dagen alle ter zake doende informatie die nodig is voor een grondig onderzoek van de situatie, teneinde een voor de partijen aanvaardbare oplossing te vinden Bij voorrang moeten die maatregelen worden gekozen die de goede werking van de overeenkomst het minst verstoren. Deze maatregelen worden onmiddellijk ter kennis van de Samenwerkingsraad gebracht en op verzoek van de andere partij wordt daarover in de samenwerkingsraad overleg gepleegd. 3. In afwijking van het bepaalde in lid 2 mag iedere partij, overeenkomstig het internationaal recht, onmiddellijk passende maatregelen nemen in geval van : a) opzegging van de overeenkomst in strijd met de algemene regels van het internationaal recht;b) schending door de andere partij van de essentiële elementen van deze overeenkomst als bedoeld in de artikelen 2 en 5. De andere partij kan verzoeken dat binnen vijftien dagen een spoedbijeenkomst tussen de partijen wordt belegd waarin een grondig onderzoek van de situatie kan worden verricht, teneinde een voor de partijen aanvaardbare oplossing te vinden. 4.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het bepaalde in lid 2 doet een partij, indien zij van mening is dat de andere partij een verplichting die uit titel II van deze overeenkomst voortvloeit niet is nagekomen, uitsluitend een beroep op de procedures voor geschillenbeslechting die in afdeling VI van titel II van deze overeenkomst zijn vastgesteld, en schikt zij zich daarnaar. ARTIKEL 122 Definitie van de partijen Voor de toepassing van deze overeenkomst wordt met de term « partijen » bedoeld de Unie, of haar lidstaten, of de Unie en haar lidstaten, overeenkomstig hun respectieve bevoegdheden, enerzijds, en Irak, anderzijds.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-123\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 123</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Authentieke teksten Deze overeenkomst is opgesteld in tweevoud in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische, de Zweedse en de Arabische taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek. In geval van tegenspraak, wordt verwezen naar de taal waarin de overeenkomst is onderhandeld, met name het Engels</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-124\"><span class=\"lf-art-num\">ARTIKEL 124</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bijlagen, aanhangsels, protocollen en aantekeningen De bijlagen, aanhangsels, protocollen en aantekeningen bij deze overeenkomst vormen daarvan een integrerend onderdeel Gedaan te Brussel, op 11 mei 2012.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld</p></div>", "next": 0}