{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten3, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° tussen het cijfer « 6, » en het cijfer « 15 », worden de woorden « tweede lid, » opgeheven;2° de cijfers « 15, », « 16, » en « 44, » worden opgeheven. Afdeling 6. - Menselijk lichaamsmateriaal Onderafdeling 1. - Wijzigingen van de wet van 19 december 2008Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten1 inzake het verkrijgen en het gebruik van menselijk lichaamsmateriaal met het oog op de geneeskundige toepassing op de mens of het wetenschappelijk onderzoek Art. 104.In artikel 2 van de wet van 19 december 2008Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten1 inzake het verkrijgen en het gebruik van menselijk lichaamsmateriaal met het oog op de geneeskundige toepassing op de mens of het wetenschappelijk onderzoek, gewijzigd bij de wetten van 23 december 2009 en 3 juli 2012, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de bepaling onder 23° worden de woorden « Dit houdt ook de mogelijkheid in » vervangen door de woorden « Ingeval het menselijk lichaamsmateriaal bestemd is voor een geneeskundige toepassing op de mens houdt dit ook de mogelijkheid in »;2° in de bepaling onder 24° worden de woorden « met voor de geneeskundige toepassing op de mens bedoeld menselijk lichaamsmateriaal » ingevoegd tussen de woorden « uitvoert » en « . Deze »; 3° in de bepaling onder 25° worden de woorden « dat bedoeld is voor de geneeskundige toepassing op de mens » ingevoegd tussen de woorden « lichaamsmateriaal » en « kan »;4° in de bepaling onder 26° worden de woorden « met uitzondering van het testen, » opgeheven;5° de bepaling onder 27° wordt vervangen als volgt : « 27° « biobank » : de structuur die, met het oog op wetenschappelijk onderzoek met uitsluiting van onderzoek met geneeskundige toepassing op de mens, menselijk lichaamsmateriaal verkrijgt, in voorkomend geval bewerkt, bewaart en ter beschikking stelt, evenals desgevallend de daaraan gekoppelde gegevens die betrekking hebben op het menselijk lichaamsmateriaal en de donor;»; 6° de bepaling onder 28° /1 wordt ingevoegd, luidende : « 28° /1 « beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank » : de persoon in de biobank die de bevoegdheden heeft en de verantwoordelijkheden draagt zoals bedoeld in en krachtens deze wet; ».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-105\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 105</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 3 van dezelfde wet, gewijzigd bij de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 3, b), wordt aangevuld met de woorden « behoudens indien de verkrijging, bewaring en ter beschikking stelling worden verricht door een biobank »;2° paragraaf 3, tweede lid, wordt aangevuld met de woorden « , behalve indien deze bestemd zijn voor het wetenschappelijk onderzoek »;3° paragraaf 4 wordt aangevuld met twee leden, luidende : « De biobank die gameten, embryo's of foetussen verkrijgt, bewaart en ter beschikking stelt wordt uitsluitend uitgebaat door de uitbater van een erkend laboratorium als bedoeld in artikel 3, 3°, van de wet van 11 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/05/2003 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/05/2003 numac 2003022592 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet betreffende het onderzoek op embryo's in vitro sluiten betreffende het onderzoek op embryo's in vitro. Het negende lid is eveneens van toepassing op gonaden en fragmenten van gonaden indien deze rechtstreeks of onrechtstreeks worden gebruikt om embryo's te creëren of indien de aanwezige gameten als dusdanig bestemd zijn om te worden gebruikt. ». Art. 106.In artikel 4 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1, eerste lid, wordt het woord « en » ingevoegd tussen de woorden « arts » en « in »;2° een paragraaf 1/1 wordt ingevoegd, luidende : « § 1/1.In afwijking van paragraaf 1, kan de wegneming van menselijk lichaamsmateriaal dat uitsluitend is bestemd voor verkrijging door een aangemelde biobank, bij levende donoren, buiten een in paragraaf 1 bedoeld ziekenhuis plaatsvinden.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning kan de nadere voorwaarden bepalen waaronder de in dit artikel bedoelde wegneming wordt uitgevoerd. »; 3° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt : « Onverminderd artikel 8, § 2, wordt het weggenomen menselijk lichaamsmateriaal overgemaakt aan een bank voor menselijk lichaamsmateriaal die voldoet aan de in deze wet bedoelde bepalingen en overeenkomstig deze wet erkend is, of, indien het menselijk lichaamsmateriaal uitsluitend bestemd is voor wetenschappelijk onderzoek zonder toepassing op de mens, aan een aangemelde biobank die voldoet aan de in deze wet bedoelde bepalingen.».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-107\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 107</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 7, § 1, derde lid, van dezelfde wet worden de woorden « voor menselijk lichaamsmateriaal » ingevoegd tussen de woorden « bank » en « , elke intermediaire structuur »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-108\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 108</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 8 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 1, eerste lid, 5°, wordt aangevuld met de woorden « , of buiten een aangemelde biobank »;2° paragraaf 1, eerste lid, 6°, wordt aangevuld met de woorden « , hetzij een aangemelde biobank.»; 3° in paragraaf 1, eerste lid, wordt de bepaling onder 7° vervangen als volgt : « 7° met uitzondering van de vervaardigde producten zoals bedoeld in 6°, en onverminderd § 2, de uitvoer van menselijk lichaamsmateriaal door elke andere persoon dan hetzij een erkende bank voor menselijk lichaamsmateriaal, hetzij een erkende intermediaire structuur voor menselijk lichaamsmateriaal die de toestemming heeft verkregen van de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal van de erkende bank die het lichaamsmateriaal geleverd heeft, hetzij een aangemelde biobank, evenals de invoer door een andere persoon dan een erkende bank voor menselijk lichaamsmateriaal of een aangemelde biobank;»; 4° paragraaf 1, eerste lid, wordt aangevuld met de bepaling onder 9°, luidende : « 9° onverminderd artikel 6, § 3, het betalen of ontvangen van een materiële tegenprestatie voor het overdragen, verkrijgen of ontvangen van menselijk lichaamsmateriaal dat niet enige vorm van bewerking heeft ondergaan in een bank voor menselijk lichaamsmateriaal, een intermediaire structuur of een biobank, met het oog op het geschikt maken van het menselijk lichaamsmateriaal voor een toepassing op de mens of het wetenschappelijk onderzoek.»; 5° in paragraaf 2, eerste lid, worden de woorden « , met uitzondering van het testen, » opgeheven;6° in paragraaf 2 wordt het tweede lid opgeheven;7° paragraaf 2 wordt aangevuld met een lid, luidende : « Weggenomen menselijk lichaamsmateriaal dat bedoeld is voor wetenschappelijk onderzoek zonder geneeskundige toepassing op de mens wordt overgedragen aan een aangemelde biobank.»; 8° er wordt een paragraaf 2/1 ingevoegd, luidende : « § 2/1.Menselijk lichaamsmateriaal dat ter beschikking wordt gesteld van of gebruikt wordt voor wetenschappelijk onderzoek, met uitsluiting van onderzoek met geneeskundige toepassing op de mens, is afkomstig van een biobank Menselijk lichaamsmateriaal dat is verkregen door een biobank kan niet meer worden ter beschikking gesteld noch gebruikt voor de geneeskundige noch enige andere toepassing op de mens. ». Art. 109.In artikel 10, § 5, zesde lid, van dezelfde wet worden de woorden « of, in voorkomend geval, de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank » ingevoegd tussen de woorden « menselijk lichaamsmateriaal » en « schriftelijk ». Art. 110.Artikel 11 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 11.Ingeval bij een handeling verricht met traceerbaar menselijk lichaamsmateriaal zoals bedoeld in de artikelen 14 en 22, § 5, of bij het gebruik van traceerbaar menselijk lichaamsmateriaal zoals bedoeld in de artikelen 14 en 22, § 5, analyses betekenisvolle informatie opleveren over de gezondheidstoestand van de donor, heeft deze recht op deze informatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de toepassing van het eerste lid is artikel 7, §§ 2, 3 en 4, van de wet van 22 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/09/2002 numac 2002011312 bron ministerie van economische zaken Wet houdende diverse bepalingen betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/08/2002 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/09/2002 numac 2002022684 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg sluiten betreffende de rechten van de patiënt ten aanzien van de donor van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">De artsen die bij een handeling of bij het gebruik kennis nemen van de in het eerste lid bedoelde informatie, de beheerders van het menselijk lichaamsmateriaal, de beheerders van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank, evenals de hoofdgeneesheer van het ziekenhuis waar de wegneming geschiedde zijn elk in het kader van hun functie en bevoegdheden, verantwoordelijk voor de toepassing van het eerste en tweede lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het geval bedoeld in artikel 4, § 1, derde lid, geschiedt de toepassing van het derde lid eveneens door de betrokken arts van de in de wet van 5 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten4 betreffende het bloed en de bloedderivaten van menselijke oorsprong, bedoelde instelling.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het geval van wegneming bij levenden buiten een ziekenhuis zoals bedoeld in artikel 4, § 1/1, eerste lid, geschiedt de toepassing van het derde lid eveneens door de voor de wegneming verantwoordelijke arts die kennis neemt van de in het eerste lid bedoelde informatie. » Art. 111.In artikel 12 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° vóór het eerste lid wordt een lid toegevoegd, luidende : « Het overlijden van de donor wordt vastgesteld door een arts die niet de arts is die de wegneming zal verrichten of onder wiens verantwoordelijkheid de wegneming zal worden verricht, noch de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal, noch de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank.»; 2° in het eerste lid, dat het tweede lid wordt, wordt het woord « 11 » opgeheven;3° in het eerste lid, dat het tweede lid wordt, wordt het woord « 14 » vervangen door het woord « 4bis ».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-112\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 112</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 13, eerste lid, van dezelfde wet wordt aangevuld met de bepaling onder 3°, luidende : « 3° hetzij, in geval van toepassing van artikel 4, § 1/1, eerste lid, een arts die wordt aangewezen door de aangemelde biobank waarvoor het weggenomen menselijk lichaamsmateriaal bestemd is en voor zover bedoelde wegneming plaatsvindt in uitvoering van een schriftelijke overeenkomst tussen deze arts en bedoelde biobank. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-113\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 113</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 15 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1, eerste lid worden de woorden « of de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank » ingevoegd tussen de woorden « bank voor menselijk lichaamsmateriaal » en « vergewist »;2° in paragraaf 2 worden de woorden « voor menselijk lichaamsmateriaal » telkens ingevoegd tussen de woorden « bank » en « wordt overgedragen », tussen de woorden « bank » en « , noch een intermediaire structuur » en tussen de woorden « bank » en « worden overgemaakt »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-114\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 114</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 16 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden « voor menselijk lichaamsmateriaal » ingevoegd tussen de woorden « in de bank » en de woorden « , de intermediaire structuur »;2° in het tweede lid worden de woorden « voor menselijk lichaamsmateriaal » ingevoegd tussen de woorden « waaraan de bank » en de woorden « , de intermediaire structuur »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-115\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 115</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 17 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1, eerste lid worden de woorden « voor menselijk lichaamsmateriaal » ingevoegd tussen de woorden « banken » en « , intermediaire structuren », en tussen de woorden « bank » en « , intermediaire structuur »;2° een paragraaf 1/1 wordt ingevoegd, luidende : « § 1/1.De beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank stelt een procedure vast met betrekking tot de bestemming van het menselijk lichaamsmateriaal indien de biobank zijn activiteiten tijdelijk of definitief zal stopzetten Deze procedure voorziet desgevallend in de voorwaarden en regels volgens welke een andere biobank dan deze die zijn activiteiten stopzet, het door deze laatste bewaarde menselijk lichaamsmateriaal overneemt. »; 3° in paragraaf 2 worden de woorden « of § 1/1 » ingevoegd tussen de woorden « § 1 » en « , moet »;4° in paragraaf 3 worden de woorden « en 2 » vervangen door de woorden « , 1/1 en 2 ». Art. 116.In artikel 20 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1, eerste lid worden de woorden « of, ingeval het menselijk lichaamsmateriaal reeds werd bewaard of ter beschikking gesteld door een biobank, de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in die biobank » ingevoegd tussen de woorden « beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal » en « , en »;2° paragraaf 2, vierde lid, wordt aangevuld met de woorden « voor menselijk lichaamsmateriaal of biobank ». Art. 117.In artikel 21 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden « en 11ter » ingevoegd tussen de woorden « 2, 4°, » en « van de wet »;2° het derde lid wordt opgeheven;3° in het vijfde lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden « of de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de aangemelde biobank » ingevoegd tussen de woorden « menselijk lichaamsmateriaal » en « staat ». Art. 118.Het opschrift van hoofdstuk VI van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Hoofdstuk VI. Bijzondere bepalingen met betrekking tot de biobanken ». Art. 119.In artikel 22 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt : « § 1.Een biobank mag slechts worden uitgebaat voor zover deze aangemeld is bij het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de voorwaarden en nadere regels waaraan de in het eerste lid bedoelde aanmelding moet voldoen, de regels inzake wijziging en stopzetting van de activiteiten, alsook de maatregelen die kunnen worden genomen om de toepassing en de controle van deze wet te verzekeren.</p>\n<p class=\"lf-p\">De doelstellingen en activiteiten van elke biobank maken het voorwerp uit van een gunstig advies van een ethisch comité, zoals bedoeld in artikel 11, § 3, tweede lid, van de wet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/01/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/02/1999 numac 1999021025 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten1 op de experimenten op de menselijke persoon.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het in het derde lid bedoeld gunstig advies geldt als een in artikel 8, § 1, eerste lid, 2°, bedoeld gunstig advies voor zover het doeleinde inzake wetenschappelijk onderzoek ressorteert onder de doelstellingen, finaliteiten en activiteiten van de betrokken biobank waarop het in het vierde lid bedoeld advies betrekking heeft.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het in het derde lid bedoeld gunstig advies geldt als een in artikel 21, eerste lid, en derde lid, 1°, bedoeld gunstig advies voor zover het beoogde secundair gebruik inzake wetenschappelijk onderzoek ressorteert onder de doelstellingen, finaliteiten en activiteiten van de betrokken biobank waarop het in het vierde lid bedoeld advies betrekking heeft.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het gunstig advies kan worden herzien of ingetrokken. Elke herziening of intrekking wordt met redenen omkleed en door het ethisch comité meegedeeld aan het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt de voorwaarden waaraan moet worden voldaan opdat het in het derde lid bedoeld gunstig advies kan worden gewijzigd of ingetrokken, alsmede de voorwaarden en de nadere regels waaronder de betrokken biobank naar aanleiding van deze wijziging of intrekking zijn activiteiten geheel of gedeeltelijk dient te staken of tijdelijk kan verderzetten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning kan voorwaarden en regelen bepalen volgens welke de biobank aan het ethisch comité dat het gunstig advies heeft uitgebracht, op regelmatig wijze verslag uitbrengt met betrekking tot zijn doelstellingen en activiteiten. »; 2° in paragraaf 2 worden tussen het tweede en het derde lid twee leden ingevoegd, luidende : « De terbeschikkingstelling van het menselijk lichaamsmateriaal door een aangemelde biobank maakt het voorwerp uit van een overeenkomst tussen de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank en de persoon of de instelling waaraan het lichaamsmateriaal ter beschikking wordt gesteld. De in het derde lid bedoelde overeenkomst regelt onder meer de eventuele verwerking van de persoonsgegevens van de donor door de persoon of instelling waaraan het lichaamsmateriaal ter beschikking wordt gesteld, in overeenstemming met de bepalingen van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens. »; 3° in paragraaf 2 wordt het derde lid, dat het vijfde lid wordt, vervangen als volgt : « De Koning stelt nadere regels vast voor de toepassing van deze paragraaf.»; 4° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt : « § 3.Indien de biobank traceerbaar menselijk lichaamsmateriaal verkrijgt, bewaart of ter beschikking stelt, is de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank een arts.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de biobank uitsluitend niet traceerbaar menselijk lichaamsmateriaal verkrijgt, bewaart of ter beschikking stelt, is de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank een arts of een apotheker.</p>\n<p class=\"lf-p\">De beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank vergewist zich ervan dat voor elke eenheid van menselijk lichaamsmateriaal aan de artikelen 10, 20 en 21 van de wet is voldaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">In geval van aanstelling van een nieuwe beheerder voor het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank, wordt dit onverwijld medegedeeld aan het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten, met vermelding van de datum waarop de nieuwe beheerder zijn functie opneemt. »; 5° het artikel wordt aangevuld met de paragrafen 4 tot 9, luidende : « § 4.Voor wat menselijk lichaamsmateriaal afkomstig van levende donoren en verkregen door de biobank betreft, is het onverminderd de bepalingen van de wet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/01/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/02/1999 numac 1999021025 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten1 inzake experimenten op de menselijke persoon afhankelijk van de toestemming van de donor of van de persoon die bij toepassing van deze wet bevoegd is om de toestemming voor de wegneming te verlenen, of het betrokken menselijk lichaamsmateriaal al dan niet traceerbaar wordt.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het geval van residuair menselijk lichaamsmateriaal of menselijk lichaamsmateriaal dat is weggenomen bij een overledene, berust de in het eerste lid bedoelde optie in hoofde van de volgende persoon die het menselijk lichaamsmateriaal levert aan de aangemelde biobank : 1° hetzij de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal van de betrokken instelling zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 28 september 2009Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/08/2001 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/09/2001 numac 2001022579 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg sluiten0 tot vastelling van de algemene voorwaarden waaraan de banken voor menselijk lichaamsmateriaal, de intermediaire structuren en de productie-instellingen moeten voldoen om te worden erkend;2° hetzij een arts in het betrokken laboratorium, voor klinische biologie.De Koning kan nadere voorwaarden bepalen waaraan dit laboratorium moet voldoen; 3° hetzij de hoofdgeneesheer van het betrokken ziekenhuis;4° hetzij een arts in de betrokken instelling zoals bedoeld in de wet van 5 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten4 betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke oorsprong. § 5. Indien, in toepassing van paragraaf 4, geopteerd wordt voor de traceerbaarheid, vergewist de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank zich op elk ogenblik van de traceerbaarheid met betrekking tot het menselijk lichaamsmateriaal dat in de biobank wordt bewaard. De beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank verzekert de codering van het menselijk lichaamsmateriaal bij het verkrijgen ervan, tenzij deze codering reeds eerder heeft plaatsgevonden, hetzij door de beheerder van een bank voor menselijk lichaamsmateriaal, hetzij bij toepassing van de wet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/01/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/02/1999 numac 1999021025 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten1 inzake experimenten op de menselijke persoon. Deze codering maakt op elk ogenblik en op zekere en ondubbelzinnige wijze het terugvinden van de identiteit van de donor mogelijk en vermijdt tegelijkertijd dat deze identiteit gekend zou kunnen worden door derden die vreemd zijn aan de betrokken biobank. De Koning kan nadere regels bepalen met betrekking tot deze codering.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien geopteerd wordt voor de traceerbaarheid en het menselijk lichaamsmateriaal met het oog op het gebruik wordt toevertrouwd aan een derde die geen aangemelde biobank is, vergewist de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank zich van het behoud van de traceerbaarheid en van de naleving van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien geopteerd wordt voor de traceerbaarheid en het menselijk lichaamsmateriaal wordt overgedragen tussen biobanken, verzekeren de verschillende beheerders van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank de continuïteit van de traceerbaarheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Alle personen die wegnemingen verrichten van of handelingen uitvoeren met traceerbaar menselijk lichaamsmateriaal bestemd voor of afkomstig van een biobank, zijn gehouden tot het verschaffen van alle informatie die noodzakelijk is om de traceerbaarheid te garanderen aan de beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank.</p>\n<p class=\"lf-p\">Alle personen die verantwoordelijk zijn voor het gebruik van het menselijk lichaamsmateriaal afkomstig van een biobank zijn ertoe gehouden alle nodige maatregelen te nemen en alle nodige inlichtingen te verschaffen teneinde de traceerbaarheid te garanderen. § 6. Indien, in toepassing van paragraaf 4, geopteerd wordt voor niet-traceerbaarheid, geschiedt dit alvorens het menselijk lichaamsmateriaal aan de aangemelde biobank wordt overgedragen. § 7. De beheerder van het menselijk lichaamsmateriaal in de biobank kan de traceerbaarheid van het menselijk lichaamsmateriaal dat hij verkrijgt, bewaart of ter beschikking stelt ten allen tijde opheffen, indien de donor of de persoon die bevoegd is om de toestemming voor de wegneming te verlenen hiervoor zijn voorafgaande toestemming heeft gegeven.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer wordt vastgesteld dat er aanleiding is tot de toepassing van artikel 11 mag de traceerbaarheid slechts worden opgeheven nadat de in artikel 11 bedoelde procedure volledig is gerespecteerd. § 8. De in de biobank opgeslagen persoonsgegevens worden gedurende maximum vijftig jaar na de verkrijging van het menselijk lichaamsmateriaal bewaard. § 9. De Koning bepaalt, na advies van de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, de regels met betrekking tot de toepassing van de paragrafen 3 tot 7 om de traceerbaarheid en de identificatie van de donor in overeenstemming met de bepalingen van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens te verzekeren. ».</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-120\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 120</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 24, § 1, van dezelfde wet worden de volgende wijzingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden « § 1/1, » ingevoegd tussen de woorden « derde lid, » en « 6 »;2° in het tweede lid, worden de woorden « 22, § 1, » vervangen door het woord « 22 »;3° in het tweede lid worden de woorden « 8, § 2, eerste en tweede lid, » ingevoegd tussen de woorden « derde lid, » en « 10 »;4° in het derde lid worden de woorden « en 9°, 8, §§ 2, vierde lid, en 2/1, » ingevoegd tussen de woorden « 1° » en « , en 10 »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-121\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 121</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In dezelfde wet wordt een artikel 45/1 ingevoegd, luidende : « De bij de wet van... houdende diverse bepalingen inzake gezondheid (I) gewijzigde bepalingen en die artikel 22, §§ 3 tot 8 betreffen zijn uitsluitend van toepassing op het menselijk lichaamsmateriaal dat is weggenomen vanaf de datum van de inwerkingtreding van diezelfde wet. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-122\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 122</span><span class=\"lf-art-t\">In artikel 46 van dezelfde wet, gewijzigd bij de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten6, worden de woorden « , met uitzondering van artikel 22 dat in werking treedt op een door de Koning te bepalen datum » opgeheven.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 2. - Wijziging van de wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten6 houdende diverse bepalingen inzake volksgezondheid Art. 123.Artikel 34 van de wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten6 houdende diverse bepalingen inzake volksgezondheid wordt opgeheven.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 3. - Inwerkingtreding Art. 124.Deze afdeling treedt in werking op een door de Koning te bepalen datum, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. HOOFDSTUK 1 3. - Wijzigingen van de wet van 29 april 1999Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen Art. 125.Artikel 4, tweede lid, van de wet van 29 april 1999Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/04/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/06/1999 numac 1999022439 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen sluiten betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen wordt opgeheven. HOOFDSTUK 1 4. - Wijziging van de programmawet (I) van 27 december 2006 Art. 126.Artikel 245 van de programmawet (I) van 27 december 2006, gewijzigd bij de wetten van 23 december 2009, 4 juli 2011 en 29 maart 2012, wordt vervangen als volgt : « Art. 245.§ 1. Subsidies die ten laste vallen van de begroting van de administratiekosten van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering als bedoeld in artikel 12, 6°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, worden toegekend aan de twee volgende patiëntenverenigingen : 1° de VZW « Ligue des Usagers des Services de Santé »;2° de VZW « Vlaams Patiëntenplatform ».</p>\n<p class=\"lf-p\">Het bedrag van de voornoemde subsidies, die ten laste gelegd worden van de begroting van de administratiekosten van het Instituut, bedraagt jaarlijks respectievelijk 138 412,35 euro voor elk van de twee in het vorige lid vermelde verenigingen en worden volledig ten laste genomen door de sector geneeskundige verzorging. § 2. Subsidies die ten laste vallen van de begroting van de administratiekosten van het Instituut worden toegekend aan de patiëntenvereniging VZW « Rare Diseases Organisation Belgium » (Belgische Alliantie voor Zeldzame Ziekten). Deze subsidies bedragen jaarlijks 40.000 euro en worden volledig ten laste genomen door de sector geneeskundige verzorging. § 3. De uitbetaling van de in paragrafen 1 en 2 bedoelde subsidies zal geschieden door het toekennen in april aan elke begunstigde vereniging van een voorschot waarvan het bedrag door de Koning wordt vastgesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het saldo wordt vereffend na de ontvangst van de in paragraaf 5 bedoelde documenten, onder voorbehoud van paragraaf 6. § 4. De subsidies zijn bestemd voor de personeels- en werkingskosten die de begunstigde verenigingen hebben gemaakt voor de ontwikkeling van en ondersteuning aan initiatieven in verband met chronische ziekten en zeldzame ziekten, die tot de federale bevoegdheid behoren. § 5. De toekenning van de subsidies is onderworpen aan de naleving van de volgende verplichtingen : - mededeling van de statuten en de statutaire wijzigingen van de begunstigde vereniging, zoals neergelegd bij de rechtbank van koophandel; - mededeling van het financiële jaarverslag en het jaarlijkse activiteitenverslag, met inbegrip van de elementen van informatie verzameld bij de representatieve patiëntenverenigingen op vraag van de minister bevoegd voor Sociale Zaken of van de minister bevoegd voor Volksgezondheid, met betrekking tot de verwachtingen van deze patiënten of met betrekking tot de waarneming of de impact van de maatregelen genomen ten gunste van deze patiënten. § 6. Als het bedrag van de gerealiseerde uitgaven lager is dan het bedrag van de in paragraaf 3 vermelde toegekende voorschotten vordert het Instituut het verschil terug tussen het bedrag van de voorschotten en dit van de gerealiseerde uitgaven, behoudens tegengestelde beslissing van de Algemene Raad in geval van een gemotiveerde rechtvaardiging.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het bedrag van de gerealiseerde uitgaven hoger is dan het bedrag van de bovenbedoelde voorschotten maar lager dan de totale subsidies, stort het Instituut slechts het verschil tussen die uitgaven en het gestorte voorschot, behoudens tegengestelde beslissing van de Algemene Raad in geval van een met redenen omklede rechtvaardiging. § 7. De Koning stelt de regels en voorwaarden vast van opschorting en volledige of gedeeltelijke terugvordering ingeval de vastgestelde voorwaarden niet worden nageleefd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning kan een bepaald bedrag van de subsidies toewijzen aan de uitvoering van een bijzondere opdracht die Hij bepaalt. § 8. De in paragrafen 1, 2 en 3 bedoelde bedragen vastgesteld voor het jaar 2013 worden op 1 januari van elk jaar aangepast, in functie van de evolutie van de waarde van het gezondheidsindexcijfer, zoals bedoeld in het artikel 1 van het koninklijk besluit van 8 december 1997Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/12/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">31/12/1999 numac 1999024144 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende sociale en diverse bepalingen sluiten5 tot bepaling van de toepassingsmodaliteiten voor de indexering van de prestaties in de regeling van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging, tussen 30 juni van het tweede jaar ervoor en 30 juni van het jaar ervoor. ». Art. 127.Artikel 126 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2013. HOOFDSTUK 1 5. - Wijzigingen van de programmawet van 22 juni 2012Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/12/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">31/12/1999 numac 1999024144 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende sociale en diverse bepalingen sluiten4 Art. 128.In artikel 128, zesde lid, van de programmawet van 22 juni 2012Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/12/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">31/12/1999 numac 1999024144 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende sociale en diverse bepalingen sluiten4 worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de woorden « 31 mei 2013 » worden vervangen door de woorden « 31 juli 2013 »;2° de woorden « 30 juni 2013 » worden telkens vervangen door de woorden « 31 augustus 2013 ». Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Gegeven Te Brussel, 19 maart 2013.</p>\n<p class=\"lf-p\">ALBERT Van Koningswege : De Minister van Volksgezondheid, Mevr. L. ONKELINX Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, Mevr. A. TURTELBOOM _______ Nota Stukken van de Kamer van volksvertegenwoordigers : 53-2600 - 2012/2013 Nr. 1 : Wetsontwerp.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 2 : Amendementen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 3 : Amendementen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 4 : Verslag.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 5 : Verslag Nr. 6 : Tekst aangenomen door de commissie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 7 : Tekst aangenomen door de commissie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 8 : Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan de Senaat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Integraal Verslag : 28 februari 2013.</p>\n<p class=\"lf-p\">Stukken van de Senaat : 5-1995 - 2012/2013 Nr. 1 : Ontwerp geëvoceerd door de Senaat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 2 : Amendementen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 3 : Verslag.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 4 : Beslissing om niet te amenderen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nr. 5 : Aangenomen Tekst.</p>\n<p class=\"lf-p\">Handeling van de Senaat : 7 maart 2013.</p></div>", "next": 0}