{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">De Administratie stelt de aanvrager in kennis van het resultaat van de berekeningen en van alle elementen van de in lid 1 bedoelde driemaandelijkse berekeningen. Het resultaat van deze berekening wordt naar beneden afgerond op één MWhth. De Administratie bewaart het restant en neemt het op in de berekeningen voor het volgende kwartaal.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Administratie verstrekt duidelijke informatie over de procedure voor het aanvragen van de toekenning van garanties van oorsprong en over de berekeningsbeginselen op basis waarvan het aantal toe te kennen labels van garantie van oorsprong wordt berekend. Art. 93.De labels van garantie van oorsprong hebben een geldigheidsduur die ingaat op de datum van het einde van de betrokken productieperiode en afloopt twaalf maanden na de laatste dag van de maand waarin de productieperiode van de overeenkomstige hoeveelheid energie is afgelopen. In afwijking hiervan hebben garanties van oorsprong die meer dan zes maanden na het einde van de productieperiode worden afgegeven om een reden die niet te wijten is aan de verantwoordelijkheid van de producent, een geldigheidsduur van zes maanden, te rekenen vanaf de laatste dag van de maand waarin zij zijn afgegeven.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zodra de geldigheidsduur is verstreken, wordt de label van garantie van oorsprong verwijderd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 3. - Toekenningsvoorwaarden Art. 94.§ 1. Garanties van oorsprong worden slechts verleend indien een geldig controleverslag van de productie-installatie bij de Administratie wordt ingediend. § 1. Het controleverslag wordt opgesteld door een onafhankelijke controle-instelling die erkend is op het gebied van de betrokken activiteit, zoals bedoeld in afdeling 1 van dit hoofdstuk. Het controleverslag bevat de volgende elementen: 1° de energie die door de betrokken productie-installatie wordt opgewekt uit hernieuwbare of afvalenergiebronnen en de gebruikte energiebronnen ;2° de metingen van de geproduceerde energie en de configuratie van de meetpunten om de nettohoeveelheid thermische energie te bepalen die uit hernieuwbare energie of fatale energie is geproduceerd;3° alle elementen die vereist zijn in het certificaat van garantie van oorsprong bedoeld in artikel 83, § 2. Art. 95.Er wordt geen garantie van oorsprong verleend voor thermische energie die niet wordt gevaloriseerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 4. - Controle Art. 96.§ 1. De Administratie kan te allen tijde een productie-installatie waarvoor een aanvraag om toekenning van een label van garantie van oorsprong is ontvangen of goedgekeurd, controleren om na te gaan of de thermische energie uit hernieuwbare bronnen of teruggewonnen fatale energie wordt geproduceerd en of de metingen van de geproduceerde energie met de werkelijkheid overeenstemmen. § 2. Indien de Administratie vaststelt dat niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden voor toekenning van garanties van oorsprong, als bedoeld in onderafdeling 3, of dat de verstrekte gegevens onjuist zijn, stelt zij de betrokken producent hiervan bij brief in kennis.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Administratie hoort de aanvrager op diens verzoek.</p>\n<p class=\"lf-p\">In voorkomend geval wordt de toekenning van labels van garantie van oorsprong opgeschort door de Administratie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de Administratie gegronde redenen heeft om aan te nemen dat de door de productie-installatie geproduceerde energie niet of niet langer uit een hernieuwbare bron wordt geproduceerd, stelt zij de producent daarvan in kennis. De producent beschikt over een termijn van een maand om zijn toelichting in te dienen. Indien deze niet overtuigend zijn, kan de Administratie het in lid 3 bedoelde besluit wijzigen of intrekken, met of zonder terugwerkende kracht tot het tijdstip waarop de aanspraak op de toekenning van de labels van garantie van oorsprong zou komen te vervallen. De Administratie stelt de producent van thermische energie in kennis van haar besluit.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 5. - Beheer Art. 97.De gegevens verstrekt via de toegekende labels van garantie van oorsprong worden door de Administratie in een gegevensbank bewaard en beheerd. Art. 98.§ 1. De authenticiteit van de labels van garantie van oorsprong wordt gewaarborgd door de registratie ervan in een gecentraliseerde databank bedoeld in artikel 97.</p>\n<p class=\"lf-p\">De databank bevat de volgende gegevens: 1° de energiebron aan de oorsprong van de productie ;2° de geraamde hoeveelheden energie die in het jaar n+1 zullen worden geproduceerd en teruggewonnen;3° de data en plaats van productie;4° de naam, de locatie, het type en het vermogen van de installatie waarin de energie werd geproduceerd;5° de datum van ingebruikneming van de installatie;6° in voorkomend geval, het type, het bedrag en de geldigheidsduur van elke investeringssteun waarvan de productiesite of thermische productie-eenheid heeft genoten;7° de datum en het land van emissie ;8° de driemaandelijkse productiegegevens. § 2. De gegevensbank bevat het register van de producenten, leveranciers, tussenpersonen en netbeheerders van thermische energie die tussenkomen op de markt van de labels van garantie van oorsprong.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-99\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 99</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De administratie voert passende mechanismen in om ervoor te zorgen dat de in de in artikel 98 bedoelde databank opgenomen labels van garantie van oorsprong elektronisch kunnen worden verhandeld, uitgevoerd en gedeponeerd en dat de daarin opgenomen labels van garantie van oorsprong nauwkeurig en betrouwbaar zijn en tegen fraude beschermd zijn. § 2. De Administratie oefent toezicht uit op de toekenning, de onderhandeling, de in- en uitvoer, de deponering, het vervallen en de annulering van de labels van garantie van oorsprong in het Waals Gewest. § 3. De Administratie mag het beheer van de gegevensbank alleen delegeren aan een instelling die onafhankelijk is van producenten, leveranciers, tussenpersonen en beheerders van thermische energienetten</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-100\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 100</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De labels van garantie van oorsprong zijn vrij verhandelbaar, met uitzondering van de labels van garantie van oorsprong die : 1° werden geschrapt;2° verlopen zijn ;3° worden toegekend voor de thermische energie die in de productiesite wordt verbruikt;4° worden toegekend voor de thermische energie die verbruikt wordt binnen het thermische energienet waarop de thermische productie-eenheid aangesloten is die de productie mogelijk heeft gemaakt van de thermische energie waarop het label van garantie van oorsprong betrekking heeft. De verkoper registreert de verkoop van een label van garantie van oorsprong in de centrale gegevensbank. Hij vermeldt de verhandelde labels van garantie van oorsprong, de koper en de verkoopprijs. § 2. Na de registratie van de verkoop worden de betrokken labels van garantie van oorsprong overgedragen van de portefeuille van de verkoper naar de portefeuille van de koper Het label van garantie van oorsprong is niet meer overdraagbaar als de geldigheidsdatum ervan verstreken is of als hij geschrapt is In dat geval wordt het label van garantie van oorsprong overgedragen in het register van de geschrapte labels van garantie van oorsprong.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-101\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 101</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De labels van garantie van oorsprong worden driemaandelijks en uiterlijk op 31 maart van elk jaar door de Administratie geschrapt, zodat de thermische energie die aan de eindverbruikers in het Waals Gewest wordt geleverd, kan worden gecontroleerd. § 2. Voor elk product dat zij in het Waals Gewest op de markt brengen, geven de leveranciers van thermische energie aan de Administratie, volgens de procedures die zij bepaalt, het aandeel van thermische energie uit hernieuwbare energiebronnen, fataal of uit warmtekrachtkoppeling op. § 3. De Administratie gaat na of de thermische energie die aan de eindverbruikers in het Waals Gewest wordt verkocht hernieuwbaar of fataal is en keurt de door de leverancier voorgestelde brandstofmix goed op basis van de door de Minister bepaalde methode. § 4 De leveranciers van thermische energie doen de netbeheerder elk kwartaal een lijst toekomen van hun eindverbruikers die op hun net zijn aangesloten en aan wie zij thermische energie leveren uit hernieuwbare energiebronnen, afvalwarmte of warmtekrachtkoppeling, met vermelding van het aandeel van deze thermische energie per eindafnemer in verhouding tot de totale hoeveelheid thermische energie die zij leveren. § 5. De netbeheerders verstrekken de Administratie en de betrokken leverancier driemaandelijkse verbruiksgegevens voor eindverbruikers, uitgesplitst volgens het aandeel van thermische energie uit hernieuwbare bronnen, afval of warmtekrachtkoppeling in de totale thermische energievoorziening aan deze eindverbruikers. § 6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op basis van de in het vorige lid bedoelde gegevens gaat de Administratie elk kwartaal na of de leveranciers een voldoende aantal labels van garantie van oorsprong hebben ingeleverd om te garanderen dat de aan hun eindverbruikers geleverde thermische energie hernieuwbaar, fataal of warmtekrachtkoppelingsgebonden is.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Administratie publiceert de resultaten van deze controles op haar website. § 7. De Administratie stelt een jaarverslag op waarin de brandstofmix van elke leverancier wordt beoordeeld op het niveau van al zijn thermische energievoorziening en op het niveau van elk product dat door de leverancier op de markt wordt gebracht. Art. 102.§ 1. Enkel de labels van garantie van oorsprong met betrekking tot hernieuwbare of fatale thermische energie, toegekend door de Belgische Staat, door de andere Gewesten van de Belgische Staat, door de andere Lidstaten van de Europese Unie of door andere landen waarmee de Europese Unie een overeenkomst heeft gesloten voor de wederzijdse erkenning van garanties van oorsprong volgens voorwaarden die gelijkaardig zijn aan die van dit hoofdstuk, worden door de Administratie erkend.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Administratie mag niet weigeren een door de Belgische Staat, door andere Gewesten van de Belgische Staat, door andere Lid-Staten van de Europese Unie of door andere landen toegekend label van garantie van oorsprong te erkennen, tenzij zij gegronde redenen heeft om te twijfelen aan de juistheid, betrouwbaarheid of waarachtigheid ervan. § 2. De Minister bepaalt en publiceert de voorwaarden en procedures voor de erkenning, alsook het formaat, de middelen, met inbegrip van elektronische middelen, en de procedure volgens welke deze garanties van oorsprong kunnen worden ingevoerd uit de Belgische Staat, uit een ander Gewest van de Belgische Staat, uit een andere Lidstaat van de Europese Unie of uit een ander land waarmee de Europese Unie een overeenkomst heeft gesloten voor de wederzijdse erkenning van labels van garanties van oorsprong.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-103\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 103</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De Administratie maakt een specifiek jaarverslag op over de evolutie van de markt van de labels van garantie van oorsprong. Dat verslag vermeldt o.a. het aantal labels van garantie van oorsprong toegekend per hernieuwbare energiebron in de loop van het in overweging genomen jaar, de labels van garantie van oorsprong overgemaakt aan de Administratie en de gemiddelde prijs van de labels van garantie van oorsprong. Dat verslag wordt aan de Waalse Regering overgemaakt. HOOFDSTUK 9. - Gemeenschappen voor hernieuwbare thermische energie en thermische energienetten Art. 104.De deelnemers aan een hernieuwbare energiegemeenschap behouden hun rechten en verplichtingen die voortvloeien uit hun hoedanigheid van eindverbruiker en worden, in voorkomend geval, op niet-discriminerende wijze behandeld ten opzichte van andere gebruikers van het net</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-105\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 105</span><span class=\"lf-art-t\">In de zin van de door het</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">decreet van 15 oktober 2020Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/10/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/2020 numac 2020204339 bron waalse overheidsdienst Decreet betreffende de organisatie van de thermische-energiemarkt en de thermische-energienetten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/10/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/12/2020 numac 2020043950 bron waalse overheidsdienst Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2020 sluiten geregelde aangelegenheden is een hernieuwbare energiegemeenschap gerechtigd de volgende activiteiten uit te voeren: 1° hernieuwbare thermische energie produceren ;2° hernieuwbare thermische energie leveren ;3° de door zijn installatie(s) geproduceerde hernieuwbare thermische energie, in voorkomend geval na opslag, zelf verbruiken op de plaats van zijn productie-installatie(s);4° de hernieuwbare thermische energie die wordt geproduceerd, hetzij door de installaties waarvan zij eigenaar is, hetzij door de installaties waarover zij een gebruiksrecht heeft dat haar de hoedanigheid van producent kan verlenen, hetzij door de zelfopwekkende installaties van haar leden die in het net worden geïnjecteerd, onder haar deelnemers te verdelen ;5° aggregatie beoefenen ;6° deelnemen aan flexibiliteitsdiensten;7° de hernieuwbare thermische energie die afkomstig is van het thermische energienet of die hij zelf heeft geproduceerd, geheel of gedeeltelijk opslaan;8° energie-efficiëntie of andere energiediensten leveren;9° de hernieuwbare thermische energie die hij produceert, niet zelf verbruikt en niet deelt overeenkomstig 4°, verkopen. Bij de verkoop van thermische energie aan derde verbruikers is de thermische energiegemeenschap onderworpen aan alle regels van dit besluit die betrekking hebben op leveranciers van thermische energie.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-106\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 106</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. In voorkomend geval kan het net voor thermische energie dat door de gemeenschap voor hernieuwbare energie wordt gebruikt, eigendom zijn van een derde partij of beheerd worden door een derde partij voor wat betreft installatie, meting en onderhoud. § 2. De energiegemeenschap het beheer van zijn activiteiten en het beheer van zijn productie- en opslagfaciliteiten delegeren</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-107\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 107</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De hernieuwbare-energiegemeenschap bepaalt in haar statuten de regels betreffende de vertegenwoordiging van haar deelnemers. De hernieuwbare energiegemeenschap is de enige gesprekspartner voor de betrokken netbeheerder(s) van thermische energie en is verantwoordelijk voor het beheer van haar activiteiten De statuten van de hernieuwbare-energiegemeenschap bevatten minstens de volgende elementen: 1° bepalingen over de effectieve controle van de hernieuwbare energiegemeenschap door haar deelnemers, met inbegrip van, in het bijzonder, regels inzake belangenconflicten en de wijze waarop het nabijheidscriterium om te bepalen welke leden en aandeelhouders effectieve controle van de gemeenschap hebben, zal worden beoordeeld;2° de bepalingen die de autonomie en de onafhankelijkheid van de energiegemeenschap waarborgen ten opzichte van elke deelnemer en van de andere marktspelers die aan de hernieuwbare energiegemeenschap deelnemen of er op een andere manier mee samenwerken;3° de nagestreefde doelstellingen in termen van milieu-, economische of sociale voordelen;4° de bestemming en verdeling van de inkomsten die worden gegenereerd door de activiteiten van de energiegemeenschap met als hoofddoel het verschaffen van milieu-, sociale of economische voordelen aan de leden en aandeelhouders of aan de lokale grondgebieden waar de energiegemeenschap werkzaam is;5° de voorwaarden voor deelneming aan en terugtrekking uit de energiegemeenschap alsmede de voorwaarden voor overdracht en overgang van aandelen van aandeelhouders en bijdragen;6° de bepalingen met betrekking tot de duur en de ontbinding van de energiegemeenschap.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Minister kan de minimale bepalingen van de statuten van de hernieuwbare-energiegemeenschappen aanvullen of bepalen. Ze kan deze regels veranderen naar gelang met name van het type gemeenschap, van de hoedanigheid van de deelnemers of van de rechtsvorm van bedoelde gemeenschap.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-108\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 108</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De deelnemers aan een hernieuwbare energiegemeenschap sluiten elk met de hernieuwbare energiegemeenschap een overeenkomst over hun rechten en plichten, die onder meer de volgende elementen bevat: 1° de toepasselijke voorschriften en verantwoordelijkheden inzake het privé-leven en de bescherming van persoonsgegevens;2° de afbakening van de geografische omtrek met betrekking tot het nabijheidscriterium bedoeld in artikel 2, 11°, a), van het decreet van 15 oktober 2020Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/10/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/2020 numac 2020204339 bron waalse overheidsdienst Decreet betreffende de organisatie van de thermische-energiemarkt en de thermische-energienetten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/10/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/12/2020 numac 2020043950 bron waalse overheidsdienst Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2020 sluiten;3° in geval van het delen van thermische energie binnen de gemeenschap : a) de rechten en plichten met betrekking tot de regels voor gedeeld gebruik, met inbegrip van de verdeelsleutel voor gedeelde thermische energie en, waar van toepassing, de facturering van gedeelde thermische energie;b) f) de procedure die moet worden gevolgd in geval van niet-betaling van de gedeelde thermische energiehoeveelheden, met inbegrip van ten minste een herinnering en een ingebrekestelling;4° de wijze waarop de verschillende activiteiten die onder de overeenkomst vallen, worden uitgevoerd;5° de procedure voor de overdracht van gegevens tussen de deelnemers en de modaliteiten in geval van storing;6° de regelingen voor de actualisering van de overeenkomst; De Minister kan de minimale inhoud van de in het eerste lid bedoelde overeenkomst aanvullen of bepalen. § 2. De Minister kan specifieke regels vastleggen met betrekking tot het bestuur, met inbegrip van de autonomie, teneinde de controle op de in artikel 2, 11°, c), van het decreet van 15 oktober 2020Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/10/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/2020 numac 2020204339 bron waalse overheidsdienst Decreet betreffende de organisatie van de thermische-energiemarkt en de thermische-energienetten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/10/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/12/2020 numac 2020043950 bron waalse overheidsdienst Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2020 sluiten bedoelde doelstellingen te eerbiedigen, alsook met betrekking tot het besluitvormingsproces van de energiegemeenschappen, teneinde met name de participatie van de burgers te bevorderen en belangenconflicten te vermijden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-109\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 109</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bij elke actualisering van het Waals Energie- en Klimaatplan voert de Administratie een studie uit over de ontwikkeling en de werking van de gemeenschappen voor hernieuwbare energie, met inbegrip van eventuele ongerechtvaardigde hinderpalen en beperkingen voor hun ontwikkeling. HOOFDSTUK 1 0. - Planning en voorstudies voor de ontwikkeling van een thermisch energienet Art. 110.§ 1. De lokale overheden voeren een opportuniteitsstudie uit of laten deze uitvoeren, op basis van de door de Minister vastgelegde methodologie, over de mogelijkheden om een thermisch energienet uit te bouwen dat wordt gevoed door afvalenergie of hernieuwbare energiebronnen, in elk van de volgende gevallen: 1° bij de uitwerking van de verschillende energie- en decarbonisatieplannen die door de gemeenten worden opgesteld;2° indien op het grondgebied fatale thermische energie beschikbaar is, een hoeveelheid die overeenkomt met de minimale thermische capaciteit die vereist is om een net aan te merken als \"collectief\" in de zin van bijlage 4. De Minister kan de modaliteiten tot toepassing van het eerste lid nader bepalen. § 2. De lokale overheden werken het in paragraaf 1 bedoelde opportuniteitsonderzoek om de vier jaar bij. De eerste termijn voor de uitvoering van de in paragraaf 1 bedoelde studie is 31 maart 2024 De in paragraaf 1 bedoelde opportuniteitsstudie wordt door de plaatselijke overheden gepubliceerd en aan de Administratie toegezonden. Art. 111.§ 1. Projectontwikkelaars verrichten of laten verrichten, wanneer er sprake is van een geïnstalleerd vermogen dat gelijkwaardig is aan een collectief net, een opportuniteitsstudie, op basis van de door de Minister vastgestelde methodologie, naar de mogelijkheden om een thermisch energienet uit te bouwen dat wordt gevoed door fatale energie of hernieuwbare energiebronnen: 1° bij de bouw of ingrijpende en gelijktijdige verbouwing van meerdere openbare of collectieve gebouwen;2° bij de planning van nieuwe woonwijken en bedrijfsparken;3° bij wijkvernieuwingsprojecten of renovaties van openbare huisvesting;4° tijdens wegwerkzaamheden onder voorbehoud van coördinatie ;5° alvorens een uitbreiding van het gasnet te overwegen. Indien de in lid 1 bedoelde studie een rentabiliteit van minder dan vijf jaar aantoont, wordt een collectief ketelhuis geïnstalleerd. § 2. Projectontwikkelaars dienen de in paragraaf 1 bedoelde studie bij hun vergunningsaanvraag in.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien een projectontwikkelaar de in paragraaf 1 bedoelde studie niet uitvoert, zal voor het project geen subsidie worden toegekend. Art. 112.De Minister kan binnen de grenzen van de beschikbare begrotingskredieten een subsidie toekennen voor de uitvoering van de in de artikelen 110 en 111 bedoelde opportuniteitsstudies en voor de formaliteiten voor de oprichting van een gemeenschap voor hernieuwbare energie. HOOFDSTUK 1 1. - Straffen. Art. 113.§ 1. Alvorens een administratieve geldboete vast te stellen zoals bedoeld in artikel 24 van het decreet van 15 oktober 2020Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/10/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/10/2020 numac 2020204339 bron waalse overheidsdienst Decreet betreffende de organisatie van de thermische-energiemarkt en de thermische-energienetten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">15/10/2020 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">16/12/2020 numac 2020043950 bron waalse overheidsdienst Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2020 sluiten, stelt de Administratie de betrokkene hiervan per aangetekend schrijven met bericht van ontvangst in kennis en nodigt zij hem uit haar een memorie met zijn verweermiddelen toe te zenden.</p>\n<p class=\"lf-p\">De in de eerste lid bedoelde brief bevat de in bijlage 3 vermelde gegevens. De in lid 1 bedoelde memorie wordt binnen twintig dagen na ontvangst van de in lid 1 bedoelde brief per aangetekende post aan de Administratie toegezonden. § 2. Het verhoor vindt plaats ten vroegste vijfentwintig dagen na de zending bedoeld in paragraaf 1, derde lid. De betrokkene kan zich laten bijstaan door een advocaat of door persoon van zijn keuze. De administratie stelt een proces-verbaal van het verhoor op en nodigt de betrokkene uit deze te ondertekenen, zo nodig na registratie van zijn of haar opmerkingen. § 3. De Administratie stelt het bedrag van de administratieve geldboete vast en stelt de betrokkene daarvan in kennis binnen tien dagen na het verhoor of, indien geen verhoor plaatsvindt, binnen dertig dagen na de zending bedoeld in paragraaf 1, per aangetekend schrijven met bericht van ontvangst. Na deze termijn wordt zij geacht definitief af te zien van het opleggen van een geldboete op basis van de feiten waarvoor de betrokkene verantwoordelijk is, tenzij er nieuwe informatie beschikbaar is.</p>\n<p class=\"lf-p\">De betrokkene kan tegen de administratieve geldboete in beroep gaan bij de Minister. De betrokkene zendt binnen twintig dagen na ontvangst van de in het eerste lid bedoelde brief een aangetekende brief aan de Minister. De Minister beschikt over een termijn van 60 dagen om zijn beslissing te nemen. Art. 114.Er mag geen administratieve boete worden opgelegd aan een persoon die voor diezelfde feiten, het voorwerp was van strafrechtelijke vervolgingen die, zonder onderscheid, zijn uitgelopen op een schuldigverklaring, een niet-vervolging of een vrijspraak.</p>\n<p class=\"lf-p\">Er mag geen administratieve boete worden opgelegd aan een persoon die voor dezelfde feiten reeds een boete heeft betaald. Art. 115.Binnen de dertig dagen na de kennisgeving van de beslissing van de Administratie om een administratieve boete op te leggen, kan beroep worden ingesteld bij de Minister.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het beroep bij de Minister heeft schorsende werking. Art. 116.§ 1. De lijst van controleambtenaren wordt door de Minister vastgesteld. De Minister geeft een document af waarin de hoedanigheid van de vaststellende beambte wordt bevestigd. De enige ambtenaren aan wie de hoedanigheid van vaststellende beambte kan worden verleend, zijn de ambtenaren van de Administratie. § 2 De vaststellende beambten kunnen niet de functie vervullen van ambtenaren die belast zijn met het uitvaardigen en verklaren van afdwingbare beperkingen. Art. 117.De niet-naleving van dit besluit wordt geconstateerd door een vaststellende beambte, als bedoeld in artikel 116. Deze vaststelling heeft tot gevolg dat de entiteit die verantwoordelijk is voor de niet-naleving niet in aanmerking komt voor subsidies, toelagen of economische steun die door Wallonië worden toegekend in verband met het betrokken thermische energienet.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van lid 1 wordt niet-naleving van artikel 37 bestraft met een administratieve boete van 1.000 euro per maand vertraging gedurende de eerste twaalf maanden van de inbreuk.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de niet-naleving na deze twaalf maanden voortduurt, is lid 1 van toepassing. HOOFDSTUK 1 2. - Slot- en overgangsbepalingen Art. 118.Thermische energienetten en -installaties die bij de inwerkingtreding van dit besluit bestaan, moeten uiterlijk één jaar na de inwerkingtreding ervan aan de bepalingen van dit besluit voldoen.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van lid 1 beschikken de bij de inwerkingtreding van dit besluit bestaande thermische energienetten en installaties over een termijn van drie jaar om te voldoen aan de bepalingen van hoofdstuk 3, met uitzondering van artikel 5, dat van toepassing is vanaf de inwerkingtreding van dit besluit.</p>\n<p class=\"lf-p\">Extra kosten als gevolg van deze naleving kunnen aan de betrokken gebruikers worden doorberekend.</p>\n<p class=\"lf-p\">De minister kan binnen de grenzen van de beschikbare begrotingskredieten subsidie verstrekken aan beheerders en leveranciers van thermische energienetten ten behoeve van het voldoen aan het bepaalde in het eerste en tweede lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid moeten de bepalingen van afdeling 2 van hoofdstuk 5 vanaf de inwerkingtreding van dit besluit worden nageleefd. Art. 119.De Minister van Energie is belast met de uitvoering van dit besluit.</p>\n<p class=\"lf-p\">Namen, 7 juli 2022.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de Regering: De Minister-President, E. DI RUPO De Minister van Klimaat, Energie, Mobiliteit en Infrastructuren, Ph. HENRY Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld</p></div>", "next": 0}