{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">sluiten, en na de incidenten te hebben geëvalueerd, informeert de Bank zo nodig de FOD Economie, opdat deze laatste, indien noodzakelijk en in overleg met de Bank, passende maatregelen kan nemen ter vrijwaring van de rechten van de betalingsdienstgebruikers. HOOFDSTUK 5. - Geschillenbeslechting en procedures betreffende buitengerechtelijke regeling in het kader van de wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/03/2018 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/03/2018 numac 2018030643 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van en het toezicht op de betalingsinstellingen en de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld, en de toegang tot betalingssystemen sluiten Art. VII.55/11. De betalingsdienstgebruiker geniet van de toepassing van artikelen VII.55/13 tot VII.56 en VII.216 voor alle geschillen in het kader van de artikelen 48, 58 en 98 van de wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/03/2018 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/03/2018 numac 2018030643 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van en het toezicht op de betalingsinstellingen en de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld, en de toegang tot betalingssystemen sluiten. HOOFDSTUK 6. - Toegang tot rekeningen bij een kredietinstelling Art. VII.55/12. De betalingsinstelling heeft op objectieve, niet-discriminerende en evenredige basis toegang tot betaalrekeningdiensten van kredietinstellingen. Dergelijke toegang is uitgebreid genoeg om de betalingsinstelling in staat te stellen op onbelemmerde en efficiënte wijze betalingsdiensten aan te bieden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Elke afwijzing wordt door de kredietinstelling tegenover de FOD Economie met redenen omkleed. HOOFDSTUK 7. - Geschillenbeslechting Art. VII.55/13. De betalingsdienstaanbieder die betalingsdiensten in België aanbiedt zet adequate en effectieve klachtenprocedures op en past die toe voor de afhandeling van klachten van betalingsdienstgebruikers met betrekking tot de uit deze titel 3 voortvloeiende rechten en plichten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze geschillenbehandelingprocedures worden aangeboden in de officiële taal van de plaats waarin de betalingsdienst wordt aangeboden of, indien de consument en de betalingsdienstaanbieder zulks in onderlinge overeenstemming beslissen, in een andere taal.</p>\n<p class=\"lf-p\">Art. VII.55/14. De betalingsdienstaanbieder levert alle mogelijke inspanningen om schriftelijk of, indien overeengekomen tussen de betalingsdienstaanbieder en de betalingsdienstgebruiker, op een andere duurzame drager, te reageren op de klachten van de betalingsdienstgebruikers.</p>\n<p class=\"lf-p\">In die reactie wordt op alle naar voren gebrachte punten ingegaan, binnen een passende termijn, uiterlijk binnen 15 werkdagen na ontvangst van de klacht.</p>\n<p class=\"lf-p\">In uitzonderlijke situaties, waarin het om redenen waarop de betalingsdienstaanbieder geen controle heeft, niet mogelijk is om binnen de 15 werkdagen antwoord te geven, stuurt de betalingsdienstaanbieder een bericht waarin om verlenging van de antwoordtermijn wordt verzocht, de redenen van de vertraging in de beantwoording van de klacht duidelijk worden vermeld en de termijn wordt genoemd waarbinnen de betalingsdienstgebruiker een definitieve reactie zal ontvangen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De termijn voor het ontvangen van een definitieve reactie mag in geen geval meer dan 35 extra werkdagen bedragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Art. VII.56. De betalingsdienstaanbieder stelt de betalingsdienstgebruiker op de hoogte van ten minste één ADR-entiteit (= Alternative Dispute Resolution) die bevoegd is voor de behandeling van geschillen met betrekking tot de uit titel 3 voortvloeiende rechten en plichten en waaraan zij gehouden zijn zich aan te sluiten overeenkomstig artikel VII.216.</p>\n<p class=\"lf-p\">De informatie bedoeld in het eerste lid wordt verstrekt met inachtneming van de bepalingen in artikel XVI.4.\". HOOFDSTUK 6. - Wijzigingen aan boek VII, titel 3, Hoofdstuk 10 van het Wetboek van economisch recht Art. 11.In artikel VII.63 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/06/2014 numac 2014011298 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende invoeging van boek XI, \"Intellectuele eigendom\" in het Wetboek van economisch recht, en houdende invoeging van bepalingen eigen aan boek XI in de boeken I, XV en XVII van hetzelfde Wetboek type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/05/2014 numac 2014011266 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende invoeging van boek VII \"Betalings- en kredietdiensten\" in het Wetboek van economisch recht, houdende invoeging van de definities eigen aan boek VII en van de straffen voor de inbreuken op boek VII, in de boeken I en XV van het Wetboek van economisch recht en houdende diverse andere bepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2014 numac 2014011331 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende instemming met het Samenwerkingsakkoord van 27 februari 2014 tussen de Federale Staat, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest betreffende de oprichting van een vergunningscoördinerend en -faciliterend comité voor trans-Europese energie-infrastructuurprojecten, ter uitvoering van Verordening nr. 347/2013 (1) sluiten, worden de twee volgende leden ingevoegd tussen het eerste en het tweede lid: \"De verstrekking van informatie aan natuurlijke personen over de verwerking van persoonsgegevens en de verwerking van dergelijke gegevens en enige andere verwerking van persoonsgegevens voor de bij het onderhavige boek beoogde doeleinden geschiedt overeenkomstig de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens en de verordening (EU) 2016/679 van het Europees parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van de richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming).</p>\n<p class=\"lf-p\">De betalingsdienstaanbieders krijgen alleen met de uitdrukkelijke toestemming van de betalingsdienstgebruiker toegang tot persoonsgegevens die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van hun betalingsdiensten, en deze te verwerken en te bewaren.\". HOOFDSTUK 7. - Wijzigingen aan boek XV van het Wetboek van economisch recht Art. 12.In artikel XV.17, § 1, derde lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/06/2014 numac 2014011298 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende invoeging van boek XI, \"Intellectuele eigendom\" in het Wetboek van economisch recht, en houdende invoeging van bepalingen eigen aan boek XI in de boeken I, XV en XVII van hetzelfde Wetboek type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/05/2014 numac 2014011266 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende invoeging van boek VII \"Betalings- en kredietdiensten\" in het Wetboek van economisch recht, houdende invoeging van de definities eigen aan boek VII en van de straffen voor de inbreuken op boek VII, in de boeken I en XV van het Wetboek van economisch recht en houdende diverse andere bepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2014 numac 2014011331 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende instemming met het Samenwerkingsakkoord van 27 februari 2014 tussen de Federale Staat, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest betreffende de oprichting van een vergunningscoördinerend en -faciliterend comité voor trans-Europese energie-infrastructuurprojecten, ter uitvoering van Verordening nr. 347/2013 (1) sluiten en gewijzigd bij de wet van 1 december 2016, worden de woorden \"de artikels VII.34 tot VII.37, VII.64 en VII.65\" ingevoegd tussen de woorden \"met uitzondering van zijn artikel 7 \"en de woorden \"evenals inbreuken op de bepalingen\". Art. 13.Artikel XV.89, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/06/2014 numac 2014011298 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende invoeging van boek XI, \"Intellectuele eigendom\" in het Wetboek van economisch recht, en houdende invoeging van bepalingen eigen aan boek XI in de boeken I, XV en XVII van hetzelfde Wetboek type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/05/2014 numac 2014011266 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende invoeging van boek VII \"Betalings- en kredietdiensten\" in het Wetboek van economisch recht, houdende invoeging van de definities eigen aan boek VII en van de straffen voor de inbreuken op boek VII, in de boeken I en XV van het Wetboek van economisch recht en houdende diverse andere bepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/04/2014 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">19/05/2014 numac 2014011331 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende instemming met het Samenwerkingsakkoord van 27 februari 2014 tussen de Federale Staat, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest betreffende de oprichting van een vergunningscoördinerend en -faciliterend comité voor trans-Europese energie-infrastructuurprojecten, ter uitvoering van Verordening nr. 347/2013 (1) sluiten en gewijzigd bij de wet van 1 december 2016 en de wet van 22 december 2017Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/12/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">12/01/2018 numac 2017040977 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende wijziging en invoering van bepalingen inzake betaalrekeningen en betalingsdiensten in verschillende boeken van het Wetboek van economisch recht type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/12/2017 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">25/03/2022 numac 2022031230 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende wijziging en invoering van bepalingen inzake betaalrekeningen en betalingsdiensten in verschillende boeken van het Wetboek van economisch recht. - Duitse vertaling sluiten, wordt vervangen als volgt: \"XV.89. Worden gestraft met een sanctie van niveau 5, zij die de bepalingen overtreden: 1° van artikel VII.6 betreffende de informatie in het kader van een betalingsdienstencontract op afstand; 2° van artikel VII.7 betreffende de kosten voor informatie; 3° van artikel VII.9 betreffende de informatievereisten voor instrumenten voor betaling van kleine bedragen en elektronisch geld; 4° van artikel VII.11 betreffende de informatievereisten voor bijkomende kosten of kortingen voor het gebruik van een gegeven betaalinstrument; 5° van de artikelen VII.14, VII.15, VII.16, VII.18 en VII.19 betreffende de informatievereisten voor eenmalige betalingstransacties; 6° van de artikelen VII.21 en VII.22 betreffende de informatievereisten van de raamcontracten inzake betalingsdiensten en van artikel VII.24 betreffende de toegang tot informatie en tot de voorwaarden van het raamcontract; 7° van artikel VII.24 betreffende de wijzigingen in de voorwaarden van het raamcontract; 8° van artikel VII.25 betreffende de opzegging van het raamcontract en de gevolgen daarvan; 9° van de artikelen VII.26, VII.27 en VII.28 betreffende de informatievereisten voor afzonderlijke betalingstransacties in het kader van het raamcontract; 10° van artikel VII.30, §§ 1 en 2, betreffende de kosten toegepast door de betalingsdienstaanbieder, van artikel VII.30, § 3, betreffende bijkomende vergoedingen of kortingen voor het gebruik van een gegeven betaalinstrument toegepast door de begunstigde en van artikel VII.30, § 4, betreffende kosten voor het gebruik van betaalinstrumenten waarvan de afwikkelingsvergoedingen onder hoofdstuk II van verordening (EU) 2015/751 vallen; 11° van artikel VII.31 betreffende de vereisten en aansprakelijkheid inzake instrumenten voor betaling van kleine bedragen en elektronisch geld; 12° van artikel VII.32 betreffende het toestaan van betalingstransacties en van artikel VII.33 betreffende de domiciliëring; 13° van de artikelen VII.35 en VII.36 betreffende de regels voor de toegang tot betaalrekeningen en voor de toegang tot en het gebruik van informatie over betaalrekeningen; 14° van artikel VII.37 betreffende de restricties op het gebruik van betaalinstrumenten en op de toegang tot betaalrekeningen door betalingsdienstaanbieders; 15° van artikel VII.39 betreffende de plichten van de betalingsdienstaanbieder met betrekking tot betaalinstrumenten; 16° van artikel VII.42 betreffende de kennisgeving en rectificatie van niet-toegestane of onjuist uitgevoerde betalingstransacties; 17° van de artikelen VII.43, VII.44 en VII.45, betreffende de volledige en gedeelde aansprakelijkheid van de betalingsdienstaanbieder bij niet-toegestane betalingstransacties; 18° van de artikelen VII.46, § 1, en VII.47, § 1, betreffende de terugbetalingen van betalingstransacties die door of via de begunstigde werden geïnitieerd; 19° van de artikelen VII.48 en VII.49 betreffende de ontvangst en weigering van betalingsopdrachten door de betalingsdienstaanbieder; 20° van artikel VII.51 betreffende de overgemaakte en ontvangen bedragen en het inhouden van kosten; 21° van de artikelen VII.53 tot VII.55/1 betreffende de uitvoeringstermijn en valutadatum van betalingstransacties; 22° van de artikelen VII.55/3 tot VII.55/6 betreffende de aansprakelijkheid van de betalingsdienstaanbieder voor de niet-uitvoering of gebrekkige uitvoering van de betalingstransactie; 23° van artikel VII.55/12 betreffende de toegang tot rekeningen bij een kredietinstelling; 24° van de artikelen VII.55/13 tot VII.56 betreffende de geschillenbeslechting; 25° van verordening (EG) nr.924/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende grensoverschrijdende betalingen in de Gemeenschap en tot intrekking van de verordening (EG) nr. 2560/2001; 26° van de artikelen VII.60 tot VII. 62 die betrekking hebben op de uitgifte van elektronisch geld, de terugbetaalbaarheid van elektronisch geld en het verbod op rente; 27° van de artikelen 3 en 5 tot 9 van verordening (EU) nr.260/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2012 tot vaststelling van technische en bedrijfsmatige vereisten voor overmakingen en afschrijvingen in euro en tot wijziging van verordening (EG) nr. 924/2009; 28° van de verordening (EU) nr.2015/751 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2015 betreffende afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties, met uitzondering van haar artikel 7; 29° van het koninklijk besluit genomen in uitvoering van artikel VII.63/1 en van artikel VII.63/2 van dit Wetboek.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze sanctie is niet van toepassing op de betalingsdienstgebruiker die optreedt in de hoedanigheid van consument.\". HOOFDSTUK 8. - Overgangsbepalingen Art. 14.Deze wet is van toepassing op alle lopende overeenkomsten en transacties die door deze wet geregeld worden, met uitzondering van de bepalingen van de artikelen VII.6, VII.13, VII.14, VII.15, VII.21 en VII.22.</p>\n<p class=\"lf-p\">In de mate dat de bepalingen van deze wet tot gevolg hebben dat de contractuele verplichtingen van de lopende overeenkomsten worden gewijzigd, dienen deze laatste te worden aangepast overeenkomstig de procedure voorzien in artikel VII.24 ten laatste vier maanden na de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad.</p>\n<p class=\"lf-p\">De contractuele bepalingen van de overeenkomsten gesloten na de inwerkingtreding van de wet dienen, overeenkomstig de procedure voorzien in artikel VII.24, in overeenstemming te zijn met deze wet ten laatste binnen de vier maanden na de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad. HOOFDSTUK 9. - Coördinatie van de wetgeving en reglementering Art. 15.De Koning kan de bepalingen van het Wetboek van economisch recht, zoals ingevoegd bij deze wet, coördineren met de bepalingen die daarin uitdrukkelijk of stilzwijgend wijzigingen hebben aangebracht tot het tijdstip van de coördinatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Daartoe kan Hij: 1° de volgorde en de nummering van de te coördineren bepalingen veranderen en in het algemeen de teksten naar de vorm wijzigen;2° de verwijzingen die zouden voorkomen in de te coördineren bepalingen met de nieuwe nummering doen overeenstemmen;3° zonder afbreuk te doen aan de beginselen die in de te coördineren bepalingen vervat zijn, de redactie ervan wijzigen om ze onderling te doen overeenstemmen en eenheid in de terminologie te brengen. HOOFDSTUK 1 0. - Inwerkingtreding Art. 16.Deze wet treedt in werking op de tiende dag na haar bekendmaking in het Belgisch Staatsblad, met uitzondering van de beveiligingsmaatregelen bedoeld in artikel 259, tweede lid, van wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/03/2018 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">26/03/2018 numac 2018030643 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van en het toezicht op de betalingsinstellingen en de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld, en de toegang tot betalingssystemen sluiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Gegeven te Brussel, 19 juli 2018.</p>\n<p class=\"lf-p\">FILIP Van Koningswege : De Minister van Economie en Consumenten, K. PEETERS De Minister van Financiën, J. VAN OVERTVELDT De Minister van Justitie, K. GEENS De Minister van Middenstand, D. DUCARME Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, K. GEENS _______ Nota (1) Kamer van Volksvertegenwoordigers : (www.dekamer.be) Stukken : 54-3131 (2017/2018).</p>\n<p class=\"lf-p\">Integraal verslag : 28 juni 2018.</p></div>", "next": 0}