{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">Het voordeel van het verlaagd tarief is onderworpen aan de volgende voorwaarden : 1° de bouwheer die een privéwoning of een woningcomplex opricht of laat oprichten of voor wie werken in onroerende staat worden verricht die tot voorwerp hebben de gehele of gedeeltelijke omvorming van een gebouw tot één of meer privéwoningen onder omstandigheden die de belasting opeisbaar maken, moet : a) vooraleer de belasting opeisbaar wordt overeenkomstig artikel 22bis van het Wetboek, bij het controlekantoor belast met de belasting over de toegevoegde waarde in het ambtsgebied waar hij zijn woonplaats of maatschappelijke zetel heeft, een verklaring indienen in de vorm bepaald door de minister van Financiën of zijn gemachtigde, dat in het kader van het sociaal beleid deze privéwoning of dit woningcomplex bestemd is om te worden verhuurd aan een in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon;deze verklaring moet eveneens worden ondertekend door laatstgenoemde; b) aan de dienstverrichter een kopie van de verklaring bedoeld in de bepaling onder a) overhandigen;c) een voor eensluidend verklaard afschrift van het verhuurcontract gesloten met een in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon, voorleggen bij het controlekantoor bedoeld in de bepaling onder a), binnen de maand vanaf de ondertekening van het contract;2° de eigenaar of de hoofdhuurder van een privéwoning of een woningcomplex voor wie andere werken in onroerende staat dan bedoeld in de bepaling onder 1° worden verricht, is ertoe gehouden een voor eensluidend verklaard afschrift van het verhuurcontract dat in het kader van het sociaal beleid werd gesloten, te overhandigen aan de dienstverrichter;3° in het geval bedoeld in de bepaling onder 1°, moet de dienstverrichter : a) op de factuur die hij uitreikt en op het dubbel dat hij moet bewaren de datum en het referentienummer vermelden van de verklaring en de aanduiding van het controlekantoor, bedoeld in de bepaling onder 1°, a);b) uiterlijk de laatste werkdag van de maand die volgt op de maand waarin de factuur met toepassing van het verlaagd tarief van 12 %. werd uitgereikt, een kopie van deze factuur toesturen naar het controlekantoor waaronder hij ressorteert; 4° in het geval bedoeld in de bepaling onder 2°, moet de dienstverrichter : a) op de factuur die hij uitreikt en op het dubbel dat hij moet bewaren de datum vermelden van het verhuurcontract en de aanduiding van het controlekantoor, bedoeld in de bepaling onder 1°, a);b) uiterlijk de laatste werkdag van de maand die volgt op de maand waarin de factuur met toepassing van het verlaagd tarief van 12 %. werd uitgereikt, een kopie van deze factuur toesturen naar het controlekantoor waaronder hij ressorteert. § 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verlaagd tarief van 12 %. is van toepassing op de in artikel 44, § 3, 2°, b), van het Wetboek, bedoelde onroerende financieringshuur of onroerende leasing met betrekking tot de onder paragraaf 1, eerste lid, bedoelde privéwoningen en woningcomplexen, wanneer zij bestemd zijn voor de huisvesting in het kader van het sociaal beleid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het voordeel van het verlaagd tarief is onderworpen aan de volgende voorwaarden : 1° de persoon die een privéwoning of een woningcomplex in leasing neemt in omstandigheden waarbij de belasting opeisbaar wordt, moet : a) vooraleer de belasting opeisbaar wordt, overeenkomstig artikel 22bis van het Wetboek, bij het controlekantoor belast met de belasting over de toegevoegde waarde in het ambtsgebied waar hij zijn woonplaats of maatschappelijke zetel heeft, een verklaring indienen in de vorm bepaald door de minister van Financiën of zijn gemachtigde, dat in het kader van het sociaal beleid deze privéwoning of dit woningcomplex bestemd is om te worden verhuurd aan een in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon;deze verklaring moet eveneens worden ondertekend door laatstgenoemde; b) aan de leasinggever een kopie van de verklaring bedoeld in de bepaling onder a) overhandigen;c) een voor eensluidend verklaard afschrift van het verhuurcontract gesloten met een in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon, voorleggen bij het controlekantoor bedoeld in de bepaling onder a) binnen de maand vanaf de ondertekening van het contract;2° de door de leasinggever uitgereikte factuur en het dubbel dat hij moet bewaren moet de datum en het referentienummer vermelden van de verklaring en de aanduiding van het controlekantoor bedoeld in de bepaling onder 1°, a);3° uiterlijk de laatste werkdag van de maand die volgt op de maand waarin de factuur met toepassing van het verlaagd tarief van 12 %. werd uitgereikt, moet de leasinggever een kopie van deze factuur toesturen naar het controlekantoor waaronder hij ressorteert. § 4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verlaagd tarief van 12 %. is van toepassing op de in paragraaf 1, eerste lid, paragraaf 2, eerste lid, en paragraaf 3, eerste lid, bedoelde handelingen, met betrekking tot privéwoningen en woningcomplexen die bestemd zijn voor de huisvesting in het kader van het sociaal beleid en die worden verhuurd in het kader van een beheersmandaat toegekend aan een in paragraaf 1, eerste lid, 1°, bedoelde publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het voordeel van het verlaagd tarief is onderworpen aan de volgende voorwaarden : 1° de verwerver, de bouwheer of leasingnemer moet : a) vooraleer de belasting opeisbaar wordt, overeenkomstig de artikelen 17 of 22bis van het Wetboek, bij het controlekantoor belast met de belasting over de toegevoegde waarde in het ambtsgebied waar hij zijn woonplaats of maatschappelijke zetel heeft, een verklaring indienen in de vorm bepaald door de minister van Financiën of zijn gemachtigde, dat in het kader van het sociaal beleid deze privéwoning of dit woningcomplex bestemd is om te worden verhuurd in het kader van een beheersmandaat toegekend aan een in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon;deze verklaring moet eveneens worden ondertekend door laatstgenoemde; b) aan de vervreemder, dienstverrichter of leasinggever een kopie van de verklaring bedoeld in de bepaling onder a) overhandigen;c) een voor eensluidend verklaard afschrift van het verhuurcontract voorleggen bij het controlekantoor bedoeld in de bepaling onder a) binnen de maand vanaf de ondertekening van het contract;2° de eigenaar voor wie andere werken in onroerende staat worden uitgevoerd dan bedoeld in paragraaf 2, tweede lid, 1°, moet een voor eensluidend verklaard afschrift van het verhuurcontract aan de dienstverrichter overhandigen;3° al naargelang het geval moeten de voorwaarden bedoeld in paragraaf 1, tweede lid, 2° en 3°, paragraaf 2, tweede lid, 3° of 4°, of paragraaf 3, tweede lid, 2° en 3° eveneens vervuld zijn. § 5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor zover de voorwaarden bedoeld in paragraaf 1, tweede lid, paragraaf 2, tweede lid, 1° en 3°, paragraaf 3, tweede lid, en paragraaf 4, tweede lid, vervuld zijn, en behalve in geval van samenspanning tussen partijen of het klaarblijkelijk niet naleven van deze rubriek, ontlast de verklaring van de verwerver, de bouwheer of de leasingnemer de vervreemder, de dienstverrichter of de leasinggever van de aansprakelijkheid betreffende de vaststelling van het tarief.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor zover de voorwaarden bedoeld in paragraaf 2, tweede lid, 2° en 4°, vervuld zijn, en behalve in geval van samenspanning tussen partijen of het klaarblijkelijk niet naleven van deze rubriek, ontlast het voor eensluidend verklaard afschrift van het verhuurcontract dat hem door de eigenaar werd overhandigd, de dienstverrichter van de aansprakelijkheid betreffende de vaststelling van het tarief. § 6. Om het verlaagd tarief te kunnen genieten eindigt de voorziene verhuurtermijn ten vroegste op 31 december van het vijftiende jaar volgend op het jaar waarin de eerste ingebruikneming van de woning of het woningcomplex bedoeld in de paragrafen 1 tot 4 heeft plaats gevonden. In de gevallen bedoeld in de paragrafen 1 tot 3 wordt die minimum verhuurtermijn bij de aanvang van de verhuurovereenkomst vastgelegd en in het geval bedoeld in paragraaf 4 wordt die termijn vastgelegd bij de aanvang van het beheersmandaat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien zich tijdens de voormelde termijn wijzigingen voordoen waardoor de voorwaarden bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, paragraaf 2, eerste lid, paragraaf 3, eerste lid, of paragraaf 4, eerste lid, niet meer zijn vervuld, moet : 1° enerzijds, de verwerver, de bouwheer, de eigenaar of de leasingnemer en, anderzijds, de hoofdhuurder of, in voorkomend geval, de beheerder en de huurder bij het controlekantoor belast met de belasting over de toegevoegde waarde in het ambtsgebied waar zij hun woonplaats of maatschappelijke zetel hebben hiervan binnen de maand die volgt op deze wijziging een verklaring indienen in de vorm bepaald door de minister van Financiën of zijn gemachtigde;deze verklaring moet eveneens door de betrokken partijen worden ondertekend; 2° de verwerver, de bouwheer, de eigenaar of de leasingnemer het belastingvoordeel dat hij heeft genoten, terugstorten aan de Staat voor het jaar waarin de wijziging zich voordoet en voor de nog te lopen jaren tot beloop van een vijftiende per jaar. § 7. Het verlaagd tarief is in geen geval van toepassing op : 1° werk in onroerende staat en de andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen; 2° werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die tot voorwerp hebben de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna's, midgetgolfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties.\".</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-121\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 121</span><span class=\"lf-art-t\">Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2017. HOOFDSTUK 7 - Diverse rechten en taksen Afdeling 1 - Uitbreiding van het toepassingsgebied van de taks op de</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">beursverrichtingen Art. 122.Artikel 120 van het Wetboek diverse rechten en taksen, vervangen bij de programmawet van 24 december 1993 en gewijzigd bij de programmawet van 27 december 2004, wordt aangevuld met een lid, luidende : \"De verrichtingen bedoeld in het eerst lid worden ook geacht in België te zijn aangegaan of uitgevoerd wanneer het order daartoe rechtstreeks of onrechtstreeks aan een in het buitenland gevestigde tussenpersoon wordt gegeven : - hetzij door een natuurlijke persoon met gewone verblijfplaats in België; - hetzij door een rechtspersoon voor rekening van een zetel of een vestiging ervan in België.\". Art. 123.Artikel 1262 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 13 augustus 1947, wordt aangevuld met een lid, luidende : \"Wanneer evenwel de tussenpersoon van beroep in het buitenland gevestigd is, wordt de ordergever schuldenaar van de belasting en is hij onderworpen aan de verplichtingen bedoeld in artikel 125, tenzij hij kan aantonen dat de taks werd betaald.\". Afdeling 2 - Verhoging van de plafonds van de taks op de beursverrichtingen Art. 124.In artikel 124 van hetzelfde Wetboek, hersteld bij de wet van 28 april 2005Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/04/2005 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/05/2005 numac 2005003504 bron federale overheidsdienst financien Wet houdende de plafonnering van de taks op de beursverrichtingen sluiten en gewijzigd bij de wetten van 28 december 2011, 22 juni 2012 en 19 december 2014, worden de bedragen 650 euro, 800 euro en 2 000 euro vervangen door de respectieve bedragen 1 300 euro, 1 600 euro en 4 000 euro. Afdeling 3 - Verlenging van de betalingstermijn en aanpassing van de boetes Art. 125.Artikel 125 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de wet van 10 december 2001Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">10/12/2001 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/12/2001 numac 2001003614 bron ministerie van financien Wet betreffende de definitieve omschakeling op de euro sluiten, wordt vervangen als volgt : \"Art. 125.§ 1. De taks is betaalbaar uiterlijk de laatste werkdag : 1° van de tweede maand die volgt op die waarin de verrichting werd aangegaan of uitgevoerd, wanneer de ordergever de belastingschuldige is;2° van de maand die volgt op die waarin de verrichting werd aangegaan of uitgevoerd, in de andere gevallen. De taks wordt betaald door storting of overschrijving op de bankrekening van het bevoegde kantoor.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op de dag van de betaling wordt door de belastingschuldige op dat kantoor een opgave ingediend die de maatstaf van heffing opgeeft alsmede alle elementen noodzakelijk ter bepaling ervan. § 2. Wanneer de taks niet binnen de in paragraaf 1 bepaalde termijn werd betaald, is de interest van rechtswege verschuldigd te rekenen van de dag waarop de betaling had moeten geschieden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de opgave bedoeld in paragraaf 1 niet binnen de bepaalde termijn werd ingediend, wordt een boete verbeurd van 50 euro per week vertraging. Iedere begonnen week wordt voor een gehele week aangerekend. Deze boete kan per overtreding niet meer bedragen dan het bedrag dat na 52 weken vertraging verschuldigd is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Iedere onjuistheid of onvolledigheid in de opgave bedoeld in paragraaf 1 wordt gestraft met een boete gelijk aan vijf maal de ontdoken taks zonder dat ze minder dan 250 euro kan bedragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het niet afgeven van het in artikel 127 bedoelde borderel, wordt gestraft met een boete gelijk aan vijf maal de ontdoken taks zonder dat ze minder dan 1 000 euro kan bedragen. § 3. De elementen die in de in paragraaf 1 bedoelde opgave moeten worden meegedeeld evenals het bevoegde kantoor worden door de Koning bepaald.\". Afdeling 4 - Invoering in het kader van de taks op de beursverrichtingen van de mogelijkheid van de aanstelling van een aansprakelijke vertegenwoordiger door de tussenpersonen van beroep van buiten België Art. 126.In hetzelfde Wetboek wordt een artikel 1263 ingevoegd, luidende : \"Art. 1263.De niet in België gevestigde tussenpersonen van beroep kunnen, vooraleer beursverrichtingen in België uit te voeren of aan te gaan, door of vanwege de minister van Financiën een in België gevestigde aansprakelijke vertegenwoordiger laten erkennen. Deze vertegenwoordiger verbindt zich hoofdelijk jegens de Belgische Staat, tot de betaling der rechten op de verrichtingen welke de tussenpersoon van beroep hetzij voor rekening van derden, hetzij voor zijn eigen rekening doet, en tot uitvoering van alle verplichtingen waartoe de tussenpersoon van beroep krachtens deze titel gehouden is.</p>\n<p class=\"lf-p\">In geval van overlijden van de aansprakelijke vertegenwoordiger, van intrekking van zijn erkenning of van een gebeurtenis die tot zijn onbevoegdheid leidt, wordt dadelijk in zijn vervanging voorzien.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Koning bepaalt de voorwaarden en nadere bepalingen van erkenning van de aansprakelijke vertegenwoordiger.\". Afdeling 5 - Tijdelijke bepaling</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-127\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 127</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De boete bepaald bij artikel 125, § 2, tweede lid, van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij deze wet, wordt verlaagd tot : 1° 12,50 euro per week vertraging, in geval van een niet tijdige indiening van de opgave in de periode tot 30 juni 2017;2° 25 euro per week vertraging, in geval van een niet tijdige indiening van de opgave in de periode van 1 juli 2017 tot 31 december 2017. § 2. Het bedrag van het minimum van de boete bepaald bij artikel 125, § 2, vierde lid, van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij deze wet wordt verlaagd tot : 1° 250 euro in geval van een niet tijdige afgifte van het borderel in de periode tot 30 juni 2017;2° 500 euro in geval van een niet tijdige afgifte van het borderel in de periode van 1 juli 2017 tot 31 december 2017. Afdeling 6 - Inwerkingtreding</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-128\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 128</span><span class=\"lf-art-t\">De artikelen 122 tot 127 zijn van toepassing voor verrichtingen die plaatsvinden vanaf 1 januari 2017</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands Zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Gegeven te Brussel, 25 december 2016.</p>\n<p class=\"lf-p\">FILIP Van Koningswege : De Eerste Minister, Ch. MICHEL De Minister van Werk, K. PEETERS De Minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, J. JAMBON De Minister van Ontwikkelingssamenwerking, A.DE CROO De Minister van Justitie, K. GEENS De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, M. DE BLOCK De Minister van Financiën, J. VAN OVERTVELDT De Minister van Begroting, S. WILMES De Minister van Mobiliteit, F. BELLOT De Staatssecretaris voor Bestrijding van de sociale fraude, P. DE BACKER Met 's Lands Zegel gezegeld : De Minister van Justitie, K. GEENS _______ Nota (1) Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be) Stukken : 54-2208 Integraal verslag : 22 december 2016.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld</p></div>", "next": 0}