{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">Gesplitste of herverpakte partijen worden van nieuwe etiketten voorzien waarop dezelfde aanduidingen voorkomen als op de oorspronkelijke etiketten, aangevuld met : - de datum van de nieuwe sluiting; - de instantie bevoegd voor zaadcertificering die de voorgaande sluiting heeft verricht. 7.2. Mengen van partijen Officieel goedgekeurde partijen mogen door de daartoe erkende operatoren (al naargelang het geval, handelaars-bereiders of bereiders van mengsels) gemengd worden onder toezicht van de Dienst. Bij de aanvraag dient de aard en de omvang van de te mengen partijen vermeld te worden en een samenstellingverslag moet opgesteld worden. De gemengde partij moet homogeen zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">Partijen van dezelfde soort en ras mogen gemengd worden door handelaars-bereiders; de gemengde partij krijgt de laagste klasse van de ingemengde partijen toegekend. Indien geen nieuwe ontleding uitgevoerd wordt, wordt op het etiket supplementair vermeld : - de datum van sluiting van de partij die het eerst werd goedgekeurd; - de instantie bevoegd voor zaadcertificering die deze sluiting heeft verricht. 7.3. Hercertificeren Op grond van gunstige resultaten bekomen door officiële analyse van een officieel monster betreffende die kenmerken welke in de tijd evolueren is hercertificering van een zaadpartij mogelijk. De Dienst kan op eigen initiatief nagaan of de overige kenmerken conform gebleven zijn. Indien de partij niet meer aan de normen voldoet kan ze herbewerkt worden zoals voorzien in 6.3. Bij betwisting van de uitslag geldt hetzelfde als vermeld in 6.3. 7.4. Verdelen in kleine verpakkingen 7.4.1. Definitie Kleine verpakkingen zijn verpakkingen « gecertificeerd zaad » van Brassica rapa en Sinapis alba met een netto maximumgewicht van 500 g of maximum 100 000 zaadkorrels. 7.4.2. Modaliteiten Het overbrengen in kleine verpakkingen mag slechts uitgevoerd worden door verdelers van zaaizaad in kleine verpakkingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Slechts zaden van de klasse « gecertificeerd zaad », opgeborgen in verpakkingen voorzien van officiële etiketten, mogen in kleine verpakkingen ondergebracht worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het onderbrengen in nieuwe kleine verpakkingen van zaden verpakt in een andere kleine verpakking al dan niet gedekt door een officieel etiket met een volgnummer (keuringslabel), is niet toegelaten tenzij met het voorafgaand akkoord van de Dienst.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze bewerking dient te geschieden onder het toezicht van de Dienst. a) Bemonstering Het monster dat uit iedere te splitsen partij genomen moet worden, heeft een minimum gewicht van 100 g (naakt zaad, voor omhuld zaad wordt het gewicht in verhouding verhoogd).b) Boekhouding Een boekhouding dient bijgehouden te worden en moet aan de Dienst kunnen voorgelegd worden op aanvraag. De boekhouding dient de volgende gegevens te bevatten : De inkomende verpakkingen (te splitsen) : - datum; - soort en ras; - referentienummer van de partij; - monsternummer; - opgegeven nettogewicht en opgegeven aantal zuivere zaden; - nummers van de etiketten die de te splitsen verpakkingen dekken; deze etiketten moeten gedurende twee jaar, te rekenen van de datum van de spitsing, ter beschikking van de Dienst gesteld worden; - categorie van het zaad.</p>\n<p class=\"lf-p\">De uitgaande kleine verpakkingen (te verhandelen) - datum; - per gewichtcategorie, het aantal kleine verpakkingen; - totale hoeveelheid; - door de Dienst toegekende volgnummers van de keuringsetiketten. c) Sluiting en etikettering van de kleine verpakkingen De kleine verpakkingen dienen zodanig gesloten te worden, dat zij niet kunnen worden geopend zonder dat het sluitingssysteem wordt beschadigd of de aanduiding of de verpakking sporen van manipulatie vertoont. Ze zijn voorzien van een etiket van de leverancier dat de volgende gegevens moet vermelden : - « België »; - « Kleine verpakkingen »; - naam en adres of erkenningsnummer van de leverancier; - datum van de laatste controle van het kiemvermogen; - soort, ten minste vermeld in Latijns schrift; - ras, ten minste vermeld in Latijns schrift; - categorie : « Gecertificeerd zaad »; - aangegeven netto- of brutogewicht; - wanneer het gewicht wordt vermeld en er korrelvormige bestrijdingsmiddelen, omhulsels of andere vaste toevoegingsmiddelen worden gebruikt, de aard van het toevoegingsmiddel en de approximatieve verhouding tussen het gewicht van de kluwens of zuiver zaad en het totaalgewicht.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dit etiket is niet nodig wanneer de gegevens onuitwisbaar op de verpakking zijn aangebracht.</p>\n<p class=\"lf-p\">Kleine verpakkingen dienen bovendien voorzien te zijn van een officieel etiket met een volgnummer (keuringslabel) van de Dienst, aangebracht door de vernatwoordelijke leverancier.</p>\n<p class=\"lf-p\">De volgende vermeldingen dienen op het keuringslabel voor te komen : - een officieel volgnummer; - « België »; - « Naam de Officiële keuringsdienst »; - « Gecertificeerd zaad ».</p>\n<p class=\"lf-p\">De kleur van het zegel is blauw. 7.5. Chemische behandeling op verzoek van de eindgebruiker Partijen welke officieel goedgekeurd en gesloten zijn, mogen na chemische behandeling opnieuw gesloten worden met hetzelfde etiket op voorwaarde dat : - de in principe laatste afnemer (eindgebruiker) een schriftelijke opdracht tot chemische behandeling heeft gegeven; - een register van deze partijen bijgehouden wordt door de handelaar-bereider; - de handelaar-bereider een speciaal etiket van de leverancier toevoegt met vermelding van de aard van de chemische behandeling..</p>\n<p class=\"lf-p\">Partijen aldus behandeld kunnen niet meer in aanmerking komen voor een nieuwe certificeringactiviteit tenzij de chemische behandeling is gebeurd onder toezicht van de Dienst en een officieel monster werd genomen. 7.6. Ontloden van officieel goedgekeurde partijen Handelaars-bereiders stellen de Dienst in kennis van het feit dat officieel goedgekeurde partijen niet meer zullen verhandeld worden als zaaizaad. De bestemming van de partijen moet opgegeven worden en de gebruikte etiketten moeten ter beschikking van de Dienst gesteld worden. 8. Binnenbrengen en invoer/uitvoer 8.1. Zaaizaad binnengebracht vanuit een E.U.-lidstaat 8.1.1. Bruto-zaaizaad of vegetatief vermeerderingsmateriaal Het binnenbrengen van bruto-zaaizaad met het oog op zijn bewerking in België is toegelaten mits de nodige garanties geleverd worden door de certificeringsdienst van het betrokken land. Het zaad wordt dan verder behandeld zoals beschreven in 5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor teeltmateriaal van rassen die noch op de gemeenschappelijke rassenlijst noch op de nationale catalogus voorkomen dient het bewijs geleverd dat ze, naargelang van het geval, na vermeerdering of triage bestemd zijn voor uitvoer naar een derde land. 8.1.2. Definitief goedgekeurd zaaizaad Controle bij het binnenbrengen is niet verplicht voor producten die in het vrije verkeer zijn in de E.G. De verantwoordelijke voor het binnenbrengen van definitief goedgekeurd zaaizaad dient voor de 15e van de maand, volgend op het binnenbrengen van de producten, bij de Dienst hiervan een verklaring in te dienen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze verklaring bevat : - naam en volledig adres van de verantwoordelijke voor het binnenbrengen van de producten; - soort; - ras, kloon of, voor mengsels van zaaizaad, de gebruiksdoeleinden; - categorie en/of klasse; - het partijnummer; - binnengebrachte hoeveelheden (gewicht of aantal) in de loop van de voorgaande maand; - officiële keuringsdienst; - producerend land; - land van verzending; - in voorkomend geval, de melding dat de producten nog herverpakt of chemisch behandeld zullen worden; - datum en handtekening van de verantwoordelijke voor het binnenbrengen van de producten. 8.3. Controle van zaaizaad ingevoerd uit derde landen De Administratie van de Douane mag slechts zaaizaad van gereglementeerde soorten toelaten indien deze voorzien zijn van een invoerdocument afgeleverd door de Dienst.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de zaden afkomstig zijn van een derde land waarmee de E.U. een gelijkstellingsregeling heeft dient de gelijkstelling te worden bepaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij gebrek aan gelijkstelling wordt de invoer toegelaten indien de zaaizaden hetzij : - behoren tot een ras dat deelneemt aan de officiële proeven met het oog op inschrijving op de nationale catalogus en bestemd zijn om aan voornoemde officiële proeven deel te nemen; - bestemd zijn voor veredelingsdoeleinden of wetenschappelijke doeleinden; - bestemd zijn voor vermeerdering door de mandataris onder toezicht van de Dienst; - bestemd zijn voor wederuitvoer naar derde landen.</p>\n<p class=\"lf-p\">In alle voornoemde gevallen dient het bewijs te worden geleverd en gevoegd te worden aan het invoerdocument.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor sommige soorten moeten de vermeerderingscontracten bedongen tussen een Belgisch bedrijf en een bedrijf in een derde land, op voorgeschreven data, voor registratie aan de Dienst voorgelegd worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Dienst geeft nadere aanwijzingen. 9. O.E.S.O.-certificering 9.1. Toepassingsgebied De rassen van onderstaande soortgroepen, voortgebracht volgens één van de O.E.S.O.- certificeringsystemen, kunnen volgens de geldende regels van het desbetreffende systeem gecertificeerd worden. Op aanvraag wordt een O.E.S.O.-certificaat door de Dienst afgeleverd. 9.2. Documenten 9.2.1. Rassen die voorkomen op de O.E.S.O.-rassenlijst en, hetzij op de gemeenschappelijke rassenlijst, hetzij in de nationale rassencatalogus Voor uitvoer naar derde landen en op aanvraag kunnen de documenten, voorzien door het O.E.S.O.- certificeringssysteem, de gewone keuringsdocumenten die het in België voortgebracht zaaizaad dekken, vervangen. 9.2.2. Rassen die uitsluitend op de O.E.S.O.-rassenlijst voorkomen De zaadpartijen van deze rassen die voortkomen van teelten in België aangelegd en aanvaard tijdens de veldkeuring mogen voorzien worden van de documenten voorgeschreven door het O.E.S.O.- certificeringssysteem op voorwaarde dat de zaden beantwoorden aan de regels van dat systeem.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze partijen zijn uitsluitend bestemd voor uitvoer. 9.3. Nieuwe sluiting De eigenaar van een zaadpartij die onder dekking van O.E.S.O.-documenten werd ingevoerd, mag aan de Dienst vragen nieuwe O.E.S.O.-documenten aan te brengen, mits het voorafgaandelijk akkoord van de bevoegde overheid, waarvan de naam en het adres op het etiket voorkomen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Dienst geeft nadere instructies aangaande de uitvoering hiervan. 9.4. Monsters Uit elke gecertificeerde of opnieuw gecertificeerde partij wordt een officieel monster genomen bestemd voor het controleveld. 10. Keuring van zaaizaden bestemd voor uitvoer De productie van zaad bestemd voor derde landen wordt uitgevoerd overeenkomstig onderhavig reglement. Niettemin kan, op aanvraag van de uitvoerder, de keuring gebeuren volgens andere criteria ten einde tegemoet te komen aan de overeengekomen handelsverplichtingen of nog om in overeenstemming te zijn met de reglementering die in het invoerend land van kracht is.</p>\n<p class=\"lf-p\">In deze gevallen worden bijzondere documenten gebruikt. 11. Controleveld Controlevelden worden aangelegd met : (1) de monsters die de kwekers, de instandhouders of hun mandatarissen moeten leveren;(2) de monsters die tijdens de verschillende stadia van de keuring werden genomen; (3) de monsters die door de handelaar-bereider ter beschikking van de Dienst moeten gesteld worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op grond van de vaststellingen op het controleveld kan het resultaat van de veldkeuring herzien worden zonder evenwel gunstiger te kunnen zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien het percentage onzuiverheden vastgesteld op de monsters, genomen voor controle achteraf, de normen overtreft, moeten de partijen aan de handel worden onttrokken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor vlas worden de monsters in minimum twee herhalingen gezaaid. Voor de monsters die afkomstig zijn van de moederpartijen zijn het aantal te onderzoeken planten en de toleranties vermeld in tabel 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 3 Te produceren categorie en klasse Aantal planten per perceel Andere bloeikleur (a) (b) Andere kenmerken (c) (d) Aantal planten Tolerantie Prebasiszaad 15 000 6 3 000 9 Basiszaad E2 12 000 5 2 000 6 Basiszaad E3 9 000 4 1 000 3 Gecertificeerd zaad :</p>\n<p class=\"lf-p\">1ste vermeerdering (R1) 6 000 20 200 4 2de vermeerdering (R2) 3 000 10 200 5 2de vermeerdering (R3) (e) 1 500 5 100 2,5 (a).Gemiddelde van de herhalingen. (b). De tolerantie kan aangepast worden in functie van het aantal planten per perceel. (c). Onder \" andere kenmerken \" wordt verstaan : - de stippeling van kelkbladeren; - de beharing van de valse tussenschotten van de zaaddoosjes; - de kenmerken die de Dienst bepaalt op grond van de specifieke raskenmerken. (d). Als het aantal afwijkende planten bij het onderzoek hoger is dan de tolerantie, maar minder dan het dubbele ervan, wordt een bijkomend onderzoek uitgevoerd van hetzelfde aantal planten. De overeenkomstige teelten worden geweigerd als de som van de afwijkende planten van de twee tellingen hoger is dan het dubbele van de tolerantie. (e). Steekproefgewijze controle.</p>\n<p class=\"lf-p\">Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 6 december 2012 betreffende de productie en het in de handel brengen van zaaizaad van oliehoudende planten en vezelgewassen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Namen, 6 december 2012.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Minister-President, R. DEMOTTE De Minister van Openbare Werken, Landbouw, Landelijke Aangelegenheden, Natuur, Bossen en Erfgoed, C. DI ANTONIO</p></div>", "next": 0}