{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">sluiten houdende vaststelling van sociale maximumprijzen voor de levering van gas aan de beschermde residentiële klanten met een laag inkomen of in een kwetsbare situatie, wordt uitgebreid tot de afnemers die worden bevoorraad door de distributienetbeheerder krachtens deze ordonnantie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 20undecies.§ 1. De nadere regels betreffende de informatie van de afnemers door de distributienetbeheerder en de leveranciers, en in het bijzonder over de leveringsincidenten en stopzettingen, alsook de nadere regels betreffende het klachtenbeheer, worden vastgesteld door de Regering. § 2. Onverminderd het bepaalde in § 1, behalve indien kan worden aangetoond dat het om een noodsituatie of een situatie met verschillende incidenten gaat, licht de distributienetbeheerder de gebruikers van het net minimum tien werkdagen van tevoren in over het begin en de vermoedelijke duur van de onderbreking. Deze termijn wordt ingekort tot vijf werkdagen, indien het gaat om de regularisering van een voorlopige herstelling. In voorkomend geval, licht de evenwichtsverantwoordelijke de leverancier in. § 3. Naast de in § 2 bepaalde informatie, publiceert de distributienetbeheerder binnen 24 uur op zijn website de lijst, de duur en de oorzaken van de geplande of incidenfactur tele onderbrekingen die hebben plaatsgevonden op het net onder gemiddelde spanning. Deze informatie wordt eveneens meegedeeld aan de Commissie. § 4. De Regering stelt de nadere regels vast betreffende het klachtenbeheer. De forfaitaire schadeloosstellingen worden, volgens de categorieën van afnemers of gezinnen, door de Regering geregeld als openbaredienstverplichting.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 20duodecies.Ten aanzien van de professionele afnemers die minder dan 5 personen in dienst hebben en die aangesloten zijn op het distributienet, is de leverancier ertoe verplicht eerst een herinneringsbrief en daarna een aanmaningsbrief te sturen en vervolgens over een aanzuiveringsplan te onderhandelen, voordat hij zijn leveringscontract kan verbreken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 20tredecies.De Regering kan andere modaliteiten van verplichtingen van openbare dienst bepalen wat betreft de regelmatigheid, de kwaliteit en de facturatie van de leveringen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 20quattuordecies.De financiering van de openbaredienstverplichtingen met betrekking tot de levering van gas, bedoeld in dit hoofdstuk, wordt gewaarborgd door het sociaal fonds voor energiebegeleiding, overeenkomstig de nadere regels bedoeld in artikel 25septiesdecies van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 20quindecies.De opdrachten waarmee de O.C.M.W.'s door en krachtens deze ordonnantie worden belast, worden begrepen en uitgeoefend, onverminderd het bepaalde in artikel 109 van de organieke wet van 8 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/07/1976 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/04/2016 numac 2016000231 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Organieke wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. - Officieuze coördinatie in het Duits van de versie toepasselijk op de inwoners van het Duitse taalgebied sluiten betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en met uitsluiting van elke vorm van administratief toezicht op de beslissingen om individuele hulp toe te kennen en terug te vorderen. » Art. 95.Artikel 23, § 1, van dezelfde ordonnantie wordt vervangen als volgt : « § 1. Wordt bestraft met een gevangenisstraf van een maand en een boete van twee tot vijfhonderd euro, of met één van deze straffen : 1° hij die zich verzet tegen de controles en onderzoeken van de Commissie en van de Regering uitgevoerd krachtens deze Titel;2° hij die weigert de Commissie of de Regering de inlichtingen te verschaffen die hij gehouden is te geven krachtens deze Titel, of hij die hun opzettelijk onjuiste of onvolledige inlichtingen verschaft;3° hij die de verplichting om over een vergunning te beschikken overeenkomstig de artikelen 15, eerste lid, en 22 van deze Titel niet naleeft.» Art. 96.In artikel 24, § 1, van dezelfde ordonnantie, wordt het woord « Dienst » vervangen door het woord « Commissie ». Art. 97.Artikel 24, § 2, van dezelfde ordonnantie wordt vervangen als volgt : « § 2. Vooraleer het bedrag van de boete te bepalen, informeert de Commissie de betrokken persoon per aangetekend schrijven en nodigt hem uit de Commissie een nota te bezorgen smet betrekking tot zijn verdedigingsgronden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het aangetekend schrijven bevat de vermelding van de in aanmerking genomen grieven, de overwogen sanctie en de melding dat het dossier kan worden ingekeken, de plaats en de uren waarop dit kan, en dit gedurende de hele termijn bepaald in het derde lid van deze paragraaf.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het aangetekend schrijven herneemt de volledige tekst van dit artikel.</p>\n<p class=\"lf-p\">De nota dient de Commissie per aangetekend schrijven te worden bezorgd, binnen dertig dagen na ontvangst van het schrijven vermeld in het eerste lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Commissie informeert de betrokken persoon over de datum van het voorafgaand verhoor, alsook de plaats en de uren waarop het dossier kan worden ingekeken. Dit laatste kan gebeuren tijdens de tien dagen die het verhoor voorafgaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze kennisgeving wordt per aangetekend schrijven verzonden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het voorafgaand verhoor vindt plaats ten vroegste op de twintigste dag na de verzending van het aangetekend schrijven bepaald in het vorige lid. De betrokken persoon mag zich laten bijstaan door een advocaat of door deskundigen naar keuze. De Commissie stelt een proces-verbaal op van het verhoor en verzoekt de betrokken persoon het te tekenen, desgevallend, nadat deze er zijn opmerkingen aan heeft toegevoegd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Commissie neemt de zaak in beraad na het laatste verhoor. Hij bepaalt de administratieve boete middels een met redenen omklede beslissing en informeert de betrokken persoon binnen dertig dagen na het laatste verhoor, per aangetekend schrijven. Na deze termijn, wordt de Commissie geacht definitief af te zien van elke sanctie gegrond op de aan de betrokken persoon ten laste gelegde feiten, behalve in geval van nieuwe elementen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De kennisgeving van de beslissing vermeldt de mogelijkheden tot beroep bepaald door de wet en door deze ordonnantie en de termijn waarbinnen het kan worden ingesteld. » Art. 98.In artikel 24, § 3 en § 4 van dezelfde ordonnantie wordt het woord « Dienst » vervangen door het woord « Commissie ». Art. 99.In artikel 26, § 1 van dezelfde ordonnantie wordt het woord « Dienst » vervangen door het woord « Commissie ». Art. 100.In artikel 26, § 2 van dezelfde ordonnantie wordt het woord « Dienst » vervangen door de woorden « Dienst, leden van de Commissie en opdrachthouders ». Art. 101.In artikel 26, § 3 van dezelfde ordonnantie wordt het woord « Dienst » vervangen door het woord « Commissie ». Art. 102.Artikel 28, § 3, derde lid, wordt vervangen als volgt : « § 3. De retributie wordt vastgelegd op een maximaal bedrag van : 1° 0,25 centiemen per vervoerde of verdeelde kWu die aan een in aanmerking komende hoogspanningsafnemer, gevestigd op het grondgebied van de gemeente die de vergoeding int, wordt geleverd.De bijdrage wordt begrensd op een jaarlijks elektriciteitsverbruik van 25 Gwu voor de verbruikslocaties van een klant gelegen in een enkele gemeente.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor wat betreft de hoogspanningselektriciteit vervoerd naar of verdeeld aan afnemers voor het spoorwegnet of tram- en metronet, wordt de bijdrage begrensd tot een jaarlijks totaalverbruik van 25 GWu op het volledige gewestelijke grondgebied. Ze wordt betaald aan de gemeenten, pro rata van de door de klant verbruikte elektriciteit op het grondgebied van de gemeente; 2° 0,50 centiemen per vervoerde of verdeelde kWu die aan een in aanmerking komende laagspanningsafnemer, gevestigd op het grondgebied van de gemeente die de vergoeding int, wordt geleverd;3° 0,09 centiemen per vervoerde of verdeelde kWu gas die aan een in aanmerking komende eindafnemer, gevestigd op het grondgebied van de gemeente die de vergoeding int, wordt geleverd.De bijdrage wordt begrensd op een jaarlijks verbruik van rijk gas van 5 000 000 m3. » De Regering stelt de nadere regels met betrekking tot de toepassing van deze paragraaf vast.</p>\n<p class=\"lf-p\">TITEL IV. - Diverse, overgangs- en slotbepalingen Art. 103.De ordonnantie van 11 maart 1999 tot vaststelling van de maatregelen ter voorkoming van de schorsingen van de gaslevering voor huishoudelijk gebruik wordt opgeheven.</p>\n<p class=\"lf-p\">De ordonnantie van 11 juli 1991 met betrekking tot het recht op een minimumlevering van elektriciteit wordt opgeheven.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bepalingen van de voornoemde ordonnanties blijven echter van toepassing op de procedures waarin ze voorzien en die aan de gang zijn op 1 januari 2007, tenzij de afnemers die ervoor in aanmerking komen het statuut van beschermde afnemer verkrijgen overeenkomstig de bepalingen van deze ordonnantie.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-104\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 104</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 3bis van de ordonnantie van 12 december 1991. tot oprichting van budgettaire fondsen, ingevoegd bij de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt vervangen als volgt : « Artikel 3bis.Het « Sociaal fonds voor energiebegeleiding », opgericht door artikel 25septiesdecies van de ordonnantie van 19 juli 2001, is een begrotingsfonds in de zin van artikel 8 van de organieke ordonnantie van 23 februari 2006 betreffende de bepalingen van toepassing op het budget, de boekhouding en de controle. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-105\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 105</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 591 van het Gerechtelijk Wetboek, wordt aangevuld volgt : « 23° van de aanvragen gedaan krachtens Hoofdstuk IVbis van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de aanvragen gedaan krachtens Hoofdstuk Vbis van de ordonnantie van 1 april 2004. betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. »</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-106\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 106</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Zolang de voorzitter en de bestuurders van de Reguleringscommissie en de personeelsleden van het BIM die er opdrachthouder zijn, niet zijn aangewezen en uiterlijk na het verstrijken van een termijn van 9 maanden na de bekendmaking van deze ordonnantie, worden de bevoegdheden toegekend aan de Commissie uitgeoefend door de dienst van het BIM die belast is met energie</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-107\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 107</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De Regering kan de bepalingen coördineren van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisbijdragen inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de bepalingen die ze uitdrukkelijk of impliciet zouden hebben gewijzigd op het ogenblik dat de coördinaties worden doorgevoerd, door er de wijzigingen in aan te brengen die aangewezen zijn met het oog op een vormelijke vereenvoudiging Te dien einde, kan zij : 1° de volgorde, nummering en, in het algemeen, de voorstelling van de te coördineren bepalingen wijzigen;2° de verwijzingen wijzigen die zouden staan in de te coördineren bepalingen teneinde ze in overeenstemming te brengen met de nieuwe nummering;3° de redactie van de te coördineren bepalingen wijzigen met het oog op de concordantie en de terminologische eenvormigheid zonder evenwel dat afbreuk te doen aan de beginselen die in de bepalingen zijn opgenomen;4° de voorstelling aanpassen van de verwijzingen die de in de coördinatie opgenomen bepalingen maken naar andere bepalingen die er niet in zijn opgenomen. De coördinatie draagt het volgende opschrift : « Brussels Energiewetboek ». Het « Brussels Energiewetboek » treedt pas in werking na de bekrachtiging ervan door het Brussels Hoofdstedelijk Parlement. Art. 108.Deze ordonnantie treedt in werking op 1 januari 2007.</p>\n<p class=\"lf-p\">Kondigen deze ordonnantie af, bevelen datze in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Brussel, 14 december 2006.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijk Ordening, Monumenten en Landschappen, Stadvernieuwing, Huisvesting, Openbare Netheid en Ontwikkelingssamenwerking, Ch. PICQUE De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen, G. VANHENGEL De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Tewerkstelling, Economie, Wetenschappelijk Onderzoek, Brandbestrijding en Dringen Medische Hulp, B. CEREXHE De Minister van de Brusselse Hoofdstelike Regering, belast met Mobiliteit en Openbare Werken, P. SMET De Minister van de Brusselse Hoofdstedelike Regering, belast met Leefmilieu, Energie en Waterbeleid, Mevr. E. HUYTEBROECK</p></div>", "next": 0}