{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">Het deel van iedere vestiging wordt verkregen door de werkingsmiddelen bedoeld bij het vorige lid te vermenigvuldigen met een breukdeel waarvan de teller het aantal op 15 januari regelmatig in de vestiging ingeschreven leerlingen waarvoor het deel wordt berekend en de noemer het aantal op 15 januari regelmatig in de vestigingen bedoeld bij § 1 ingeschreven leerlingen. § 4. Vóór 30 juni 2009, lichten de Diensten van de Regering de betrokken inrichtingshoofden van het onderwijs ingericht door de Franse Gemeenschap en de betrokken inrichtende machten van het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerd onderwijs, ieder wat hem betreft, in over de verdeling van de verhoging bedoeld bij dit artikel. Art. 44.In het basis- en het secundair onderwijs, indien blijkt dat vestigingen bedoeld in de voornoemde besluiten van de Regering van de Franse Gemeenschap van 30 september 2005 niet beoogd worden, bij de aanneming ervan, door de besluiten bedoeld bij artikel 4 van dit decreet, worden deze geacht uittredend te zijn en, genieten, voor het schooljaar 2010-2011, 50,00 % van de lestijden en de werkingsmiddelen die ze toegekend werden voor het vorige schooljaar en, voor het schooljaar 2011-2012, 25,00 % van de lestijden en de werkingsmiddelen die ze toegekend werden twee jaar daarvoor. Het deel van iedere aftredende vestiging wordt afgerond tot de lagere eenheid en kan niet lager zijn dan zes lestijden.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het basis- en het secundair onderwijs, indien blijkt dat vestigingen bedoeld in de voornoemde besluiten van de Regering van de Franse Gemeenschap van 30 september 2005 ook beoogd worden, bij de aanneming ervan, door de besluiten bedoeld bij artikel 4 van dit decreet en tot de klasse 1 tot 3 behoren, maar dat ze, als dusdanig, toch niet evenveel bijkomende lestijden en werkingsmiddelen zouden genieten als deze toegekend voor het schooljaar 2008-2009 via de positieve discriminatie, worden voor deze vestigingen gelijke middelen toegekend als voor het schooljaar 2008-2009, en dit voor de schooljaren 2010-2011 en 2011-2012.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het tweede lid van dit artikel is niet of niet meer van toepassing op de erin bedoelde vestigingen die, tussen 15 januari 2009 en 15 januari 2010 of tussen 15 januari 2009 en 15 januari 2011, een variatie naar beneden kennen van hun schoolbevolking van meer dan 10 %. HOOFDSTUK VIII. - Inwerkingtreding Art. 45.Dit decreet treedt in werking op 1 juni 2009.</p>\n<p class=\"lf-p\">Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Brussel, 30 april 2009.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Minister-President, R. DEMOTTE De Vice-Presidente en Minister van Hoger Onderwijs, Wetenschappelijk Onderzoek en Internationale Betrekkingen, Mevr. M.-D. SIMONET De Vice-President en Minister van Begroting, Financiën, Ambtenarenzaken en Sport, M. DAERDEN De Minister van Leerplichtonderwijs, C. DUPONT De Minister van Cultuur en de Audiovisuele Sector, Mevr. F. LAANAN De Minister van Kinderwelzijn, Hulpverlening aan de Jeugd en Gezondheid, Mevr. C. FONCK De Minister van Jeugd en Onderwijs voor Sociale Promotie, M. TARABELLA _______ Nota (1) Zitting 2008-2009. Stukken van het Parlement. - Voorstel van decreet, nr. 698-1. - Verslag, nr. 698-2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Integraal verslag. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 28 april 2008.</p></div>", "next": 0}