{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">Onderafdeling 6 - Dierlijke bijproducten Art. 67.De Regering neemt de nodige maatregelen ter uitvoering van de bepalingen van Verordening (EG) nr. 1069/2009 en van de op grond van die verordening vastgestelde handelingen van de Europese Unie betreffende het administratieve toezicht op afvalstoffen. Art. 68.De Regering kan bepalen voor welke activiteiten zij de kosten die voortvloeien uit de inzameling, het vervoer, de verwerking en de verwijdering van krengen van dieren geheel of gedeeltelijk op zich neemt. Afdeling 3 - Bijzondere bepalingen voor bepaalde operatoren die afvalstoffen voorkomen of beheren Art. 69.Elke overeenkomstig artikel 103 erkende onderneming in de sociale economie verricht een dienst van algemeen economisch belang.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Regering bepaalt ten minste al het volgende : 1° de rechten, verplichtingen of voorwaarden voor de uitoefening van de dienst van algemeen economisch belang;2° per compensatie voor de dienst van algemeen economisch belang : de betrokken soort(en) goederen of afvalstoffen; de betrokken handeling(en) inzake hergebruik of het betrokken afvalbeheer; 3° de parameters voor de berekening, de controle en de herziening van de genoemde compensatie(s) om zich ervan te vergewissen dat het bedrag van de compensatie niet hoger is dan wat nodig is om de kosten voortvloeiend uit de uitvoering van de verplichtingen tot het verrichten van een dienst van algemeen economisch belang te dekken, rekening houdende met de desbetreffende ontvangsten alsmede met een redelijke winst op het eigen kapitaal dat nodig is voor de uitvoering van die verplichtingen;6° de controleprocedure die de administratie regelmatig uitvoert of laat uitvoeren om ervoor te zorgen dat een in het eerste lid bedoelde onderneming geen hogere compensatie ontvangt dan de bedragen die zijn voorzien overeenkomstig de in 3° bedoelde berekeningsparameters en dat elke compensatie daadwerkelijk wordt gebruikt om het beheer van de dienst van algemeen economisch belang te verzekeren, zonder afbreuk te doen aan het vermogen van de onderneming om een redelijke winst te maken. Afdeling 4 - Bijzondere bepalingen voor de overbrenging van afvalstoffen Art. 70.§ 1. De Regering neemt de nodige maatregelen ter uitvoering van : 1° Verordening (EG) nr.1013/2006 en de op basis daarvan vastgestelde handelingen van de Europese Unie; 2° het Verdrag inzake de beheersing van de grensoverschrijdende overbrenging van gevaarlijke afvalstoffen en de verwijdering ervan, ondertekend te Bazel op 22 maart 1989;3° elke andere handeling, betreffende het vervoer of de overbrenging van afvalstoffen, die voortvloeit uit internationale verdragen en in het bijzonder uit verdragen betreffende de Europese Unie. Te dien einde kan de Regering met name: 1° de overbrenging van afvalstoffen afhankelijk stellen van een aangifte of vergunning;2° per geval maatregelen nemen om de overbrenging van bepaalde door haar bepaalde soorten afvalstoffen geheel, gedeeltelijk of tijdelijk te verbieden;3° het aanbrengen van specifieke tekens op vervoermiddelen voor afvalstoffen verplicht stellen;4° de overbrenging van afvalstoffen afhankelijk maken van het stellen, naar keuze van de kennisgever, van een borgsom of een gelijkwaardige verzekering ter dekking van de kosten van vervoer, nuttige toepassing en verwijdering, met name wanneer de overbrenging niet kan worden voltooid of in geval van terugzending van de afvalstoffen naar de afzender. § 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van Verordening (EG) nr. 1013/2006 kan, ter bescherming van het in artikel 7, §§ 1 tot en met 4, bedoelde netwerk, de invoer van afvalstoffen die bestemd zijn voor verbrandingsovens en binnen het toepassingsgebied van de nuttige toepassing vallen, worden beperkt wanneer is vastgesteld dat die invoer ertoe leidt dat Waals afval moet worden verwijderd of dat dat afval zou moeten worden verwerkt op een wijze die niet in overeenstemming is met het Waalse afvalstoffenplan. § 3. De afvaluitvoeren kunnen om milieuredenen beperkt worden, zoals bepaald in Verordening (EG)nr. 1013/2006.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-71\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 71</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De Regering kan ook: 1° de volgende bepalingen voor de overbrenging van afvalstoffen binnen het grondgebied van het Waals Gewest verplicht stellen: sommige bepalingen die zij bepaalt uit die van Verordening (EG) nr. 1013/2006 en die van de op basis van die verordening vastgestelde handelingen van de Europese Unie; alle of een deel van de bepalingen aangenomen krachtens artikel 70; 2° het gebruik van inrichtingen voor samenbrenging, voorbehandeling, nuttige toepassing of verwijdering van afvalstoffen uit andere Gewesten of vreemde Staten aan bijzondere voorwaarden te onderwerpen. Afdeling 5 - Register en traceerbaarheidsdocument</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-72\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 72</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Met het oog op de traceerbaarheid van de afvalstoffen en het toezicht op de naleving van de bepalingen betreffende een milieu- en gezondheidsvriendelijk afvalbeheer, moeten de volgende personen een afvalstoffenregister bijhouden en bijwerken: 1° de personen die afvalstoffen groeperen, voorbehandelen, nuttig toepassen of verwijderen;2° de producenten van gevaarlijke afvalstoffen;3° de inzamelaars;4° de vervoerders;5° de handelaars;6° de makelaars;7° de krachtens de artikelen 104 tot en met 107 erkende personen;8° in voorkomend geval, de personen aangewezen door de Regering. § 2. Het register vermeldt, in chronologische volgorde, alle volgende gegevens : 1° de hoeveelheid, de aard en de oorsprong van de afvalstoffen;2° de naam en het adres van de eerste producent van de afvalstoffen of van de vorige houder van de afvalstoffen ;3° de datum waarop de afvalstoffen zijn overgedragen of onder zich zijn genomen;en; 4° volgens de verrichtingen voor samenbrenging, voorbehandeling, nuttige toepassing of verwijdering die de afvalstof heeft ondergaan: indien de bedoelde afvalstoffen nuttig worden toegepast, de hoeveelheid en de aard van de producten, materialen of afvalstoffen die overblijven of die het resultaat zijn van de voorbereiding voor hergebruik, recycling of andere nuttige toepassingen; indien die afvalstoffen worden verwijderd, de hoeveelheid en de aard van de producten, materialen of afvalstoffen die bij de verwijderingshandeling of -handelingen overblijven of ontstaan; 5° in voorkomend geval: de bestemming, de frequentie van de inzameling, het vervoermiddel, de naam en het adres van de gemachtigde of geregistreerde vervoerder en de voor deze afvalstoffen bedoelde methode van consolidatie, voorbehandeling, nuttige toepassing of verwijdering; de bestemming, de frequentie van de inzameling, de naam en het adres van de inzamelaar, de handelaar of de makelaar die de afvalstoffen of de fracties van producten, materialen of afvalstoffen die bij een of meerdere van de in 4°, a) of b), bedoelde handelingen overblijven of ontstaan, in ontvangst heeft genomen De in paragraaf 1 bedoelde personen stellen deze gegevens ter beschikking van de administratie door middel van het/de overeenkomstig paragraaf 5 aangelegde elektronische register(s). § 3. De gegevens in het register worden minimaal vijf jaar en maximaal tien jaar bewaard. Op verzoek van de administratie of een eerdere houder van de afvalstoffen worden bewijsstukken met betrekking tot de uitvoering van het afvalbeheer verstrekt. § 4. De in paragraaf 1vermelde personen zijn de verwerkingsverantwoordelijken in de zin van artikel 4.7. van Verordening (EG) 2016/79 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG. § 5. De Regering stelt een elektronisch register in om de gegevens betreffende gevaarlijke afvalstoffen bedoeld in paragraaf 2 te registreren voor het hele grondgebied van het Waalse Gewest. De Regering kan maatregelen nemen voor de coördinatie van dit elektronisch register met de elektronische registers waarin de gegevens betreffende gevaarlijke afvalstoffen in de andere Gewesten worden geregistreerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Regering kan dergelijke registers aanleggen voor andere afvalstromen, met name voor die waarvoor in de wetgevingshandelingen van de Europese Unie doelstellingen zijn vastgesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">De administratie gebruikt de afvalgegevens die door de industriële exploitanten worden meegedeeld in het kader van het Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen, dat is ingesteld bij Verordening (EG) nr. 166/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 januari 2006 betreffende de instelling van een Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen en tot wijziging van de Richtlijnen 91/689/EEG en 96/61/EG van de Raad.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-73\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 73</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De Regering stelt het model van het register of de registers vast. § 2. De Regering kan voor alle of sommige van de registers die zij vaststelt: 1° de in artikel 72, § 2, bedoelde gegevens specificeren;2° bepalen dat het register of de registers die bij of krachtens deze afdeling worden gehouden of aangelegd, aanvullende gegevens bevatten;3° de wijze waarop en de frequentie waarmee de gegevens in het/de register(s) geheel of gedeeltelijk aan de administratie worden toegezonden, bepalen;4° degenen die verplicht zijn een afvalstoffenregister bij te houden en bij te werken en die tevens verplicht zijn gegevens en informatie te melden of door te geven aan de overheid, in staat stellen deze verplichtingen na te komen via een of meer IT-platforms Met betrekking tot het eerste lid, 3°, kunnen sommige van de door de Regering vastgestelde methoden van toezending voorzien in methoden van toezending van informatie in geval van afwezigheid of storing van een of meer bij of krachtens deze afdeling ingestelde elektronische registers Art. 74.Voor alle of elke soort afvalstoffen die zij bepaalt, kan de Regering aan producenten, houders, inzamelaars, handelaars, makelaars, vervoerders en personen die afvalstoffen groeperen, voorbewerken, nuttig toepassen of verwijderen, de volgende verplichtingen opleggen : 1° de verplichting om de bevoegde autoriteit in te lichten over het bezit en de verplaatsing van afvalstoffen, onder meer door middel van registers, traceerbladen, specifieke formulieren of elk passend elektronisch middel;2° de verplichting om een ontvangstbewijs voor de overbrenging van afvalstoffen of een verklaring van nuttige toepassing of verwijdering van afvalstoffen te verkrijgen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-75\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 75</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Tijdens de inzameling, het vervoer en de tijdelijke opslag worden gevaarlijke afvalstoffen verpakt en geëtiketteerd overeenkomstig de geldende regionale, nationale, Europese en internationale normen. § 2. Indien gevaarlijke afvalstoffen binnen het grondgebied van het Waalse Gewest worden overgebracht, gaan ze vergezeld van een traceerbaarheidsdocument dat wordt afgegeven bij de levering en de ontvangst van genoemde afvalstoffen. Dit document vergezelt de afvalstoffen tijdens het vervoer. Dit document kan in elektronisch formaat zijn opgesteld en bevat de relevante gegevens die in bijlage I B van Verordening (EG) nr. 1013/2006 zijn gespecificeerd De Regering kan bepalen welke aanvullende informatie in het traceerbaarheidsdocument moet worden opgenomen, het model ervan, de bewaartermijn, de gevallen waarin en de wijze waarop het aan de administratie moet worden toegezonden. § 3. De Regering kan alle of sommige van de verplichtingen die zij bepaalt onder de verplichtingen bedoeld bij of krachtens paragraaf 2, uitbreiden tot ongevaarlijke gelijkaardige afvalstoffen of ongevaarlijke beroepsafvalstoffen die zij bepaalt. HOOFDSTUK 5. - Milieuvergunningen en aangifte van de inrichtingen van klasse 3 inzake afvalstoffen Afdeling 1 - Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-76\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 76</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Onverminderd de artikelen 100, § 1, en 118, § 1, zijn de ingedeelde installaties voor de samenbrenging, voorbehandeling, nuttige toepassing of verwijdering van afvalstoffen onderworpen aan een milieuvergunning of een aangifte van een inrichting van klasse 3 overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning en de uitvoeringsmaatregelen ervan.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van paragraaf 1 en onverminderd de artikelen 100, § 1, en 118, § 1, zijn de ingedeelde inrichtingen die andere handelingen verrichten dan de verwijdering van hun eigen ongevaarlijke afvalstoffen op de plaats van productie of andere dan de nuttige toepassing van afvalstoffen, uitsluitend onderworpen aan een milieuvergunning overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunningen en de uitvoeringsmaatregelen ervan. § 2. De sectorale, integrale of specifieke voorwaarden met betrekking tot de milieuvergunningen bedoeld in paragraaf 1 alsook de integrale of specifieke voorwaarden met betrekking tot de aangifte van de inrichtingen van klasse3 bedoeld in paragraaf 1 bepalen ten minste: 1° soorten en hoeveelheden van de afvalstoffen die mogen worden verwerkt;2° voor elk type vergunde handeling, de technische en andersoortige voorschriften die op de betrokken locatie van toepassing zijn;3° de te nemen veiligheids- en voorzorgsmaatregelen;4° de voor elk type handeling toe te passen methode;5° de monitoring- en controlehandelingen voor zover noodzakelijk;6° de bepalingen inzake sluiting en nazorg voor zover noodzakelijk. De krachtens deze paragraaf genomen uitvoeringsmaatregelen moeten ervoor zorgen dat de afvalstoffen overeenkomstig artikel 32 worden verwerkt. § 3. De milieuvergunning voor een ingedeelde installatie voor het groeperen, voorbehandelen, nuttig toepassen of verwijderen van afvalstoffen kan niet worden verleend indien de voorgenomen verwerkingsmethode vanuit het oogpunt van milieubescherming niet aanvaardbaar is, met name indien zij niet in overeenstemming is met artikel 32. Art. 77.Onverminderd de artikelen 100, § 1, en 118, § 1, zijn de ingedeelde installaties voor de tijdelijke opslag van afvalstoffen onderworpen aan een milieuvergunning of een aangifte van inrichting van klasse3 overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning en de uitvoeringsmaatregelen ervan.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van paragraaf 1 en onverminderd de artikelen 100, § 1, en 118, § 1, zijn de ingedeelde installaties voor de tijdelijke opslag van afvalstoffen die andere handelingen verrichten dan de verwijdering van hun eigen ongevaarlijke afvalstoffen op de plaats van productie of andere dan de nuttige toepassing van afvalstoffen, uitsluitend onderworpen aan een milieuvergunning overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning en de uitvoeringsmaatregelen ervan. Afdeling 2 - Bijzondere bepalingen voor afvalverbrandings- en meeverbrandingsinstallaties Art. 78.§ 1. De milieuvergunning voor een ingedeelde afvalverbrandings- of meeverbrandingsinstallatie met terugwinning van energie wordt slechts verleend indien deze terugwinning een hoge energie-efficiëntie heeft.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met betrekking tot de ingedeelde verbrandingsinstallaties waarvan de hoofdactiviteit bestaat in de verwerking van vast stedelijk afval, wordt de energie-efficiëntie als hoog gekwalificeerd wanneer de ingedeelde installatie voldoet aan de voorwaarden van bijlage 2, R 1, zoals vastgesteld in het kader van de op het niveau van de Europese Unie aangenomen bepalingen. § 2. De Regering kan voor andere ingedeelde afvalverbrandings- of meeverbrandingsinstallaties met terugwinning van energie de criteria voor hun energie-efficiëntie vaststellen. Afdeling 3 - Bijzondere bepalingen voor centra voor technische ingraving Art. 79.§ 1. Overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning deelt de Regering de stortplaatsen in op basis van de oorsprong en de kenmerken van de afvalstoffen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zij kan verschillende categorieën of subcategorieën van stortplaatsen vaststellen naar gelang van het soort of de soorten afvalstoffen die worden aanvaard. § 2. De ligging en de exploitatie van andere centra voor technische ingraving dan die welke uitsluitend bestemd zijn voor het gebruik van een eerste producent van afvalstoffen, zijn een opdracht van openbare dienst. § 3. Onverminderd de bijzondere toegangsvoorwaarden, met name de financiële voorwaarden, die worden toegekend aan de gemeenten die lid zijn van een vereniging van gemeenten, moeten alle exploitanten van kunstmatige stortplaatsen ervoor zorgen dat de gebruikers gelijke toegang hebben tot de door hen geëxploiteerde kunstmatige stortplaatsen. § 4. Onverminderd het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning en de uitvoeringsmaatregelen ervan, houdt een exploitant die meerdere technische centra voor technische ingraving beheert, een analytische boekhouding bij aan de hand waarvan elke door hem geëxploiteerde technische stortplaats kan worden onderscheiden en die voor elke technische stortplaats de bij of krachtens artikel 72 van dit decreet vereiste gegevens bevat. Art. 80.Na gunstige instemming van de Regering, eventueel onder voorwaarden, kunnen de publiekrechtelijke rechtspersoon of rechtspersonen die een centrum voor technische ingraving willen exploiteren of de SPAQuE de onroerende goederen die nodig zijn voor de aanleg van het centrum voor technische ingraving om redenen van algemeen belang onteigenen. Afdeling 4 - Bijzondere bepalingen voor installaties voor het beheer van winningsafval Art. 81.Een milieuvergunning voor een onder het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/03/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning en de uitvoeringsmaatregelen daarvan vallende installatie voor het beheer van winningsafval wordt alleen afgegeven als de bevoegde autoriteit ervan overtuigd is dat het beheer van het afval niet rechtstreeks in strijd is met het Waalse afval- en grondstoffenplan of de uitvoering daarvan anderszins belemmert. HOOFDSTUK 6. - Erkenningen en registraties Afdeling 1 - Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-82\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 82</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Onverminderd, in voorkomend geval, de artikelen 76 en 77, is de uitoefening van bepaalde soorten activiteiten met betrekking tot afvalstoffen onderworpen aan een erkenning of registratie overeenkomstig dit hoofdstuk en de uitvoeringsmaatregelen ervan De in het eerste lid bedoelde soorten activiteiten in verband met afvalstoffen worden vastgesteld bij en overeenkomstig dit hoofdstuk. § 2. Voor elke soort afvalactiviteit die bij en krachtens dit hoofdstuk aan een erkenning of registratie is onderworpen, kan de Regering de specifieke voorwaarden voor de uitoefening van die soort activiteit vaststellen op basis van de vergunningen waarin dit decreet voorziet.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de Regering specifieke voorwaarden vaststelt, wijzigt of aanvult, vermeldt zij de termijn waarbinnen de nieuwe voorwaarden van toepassing zullen zijn op bestaande activiteiten. Bij gebreke daarvan zijn de nieuwe voorwaarden, zodra zij in werking treden, van toepassing op activiteiten die vóór die inwerkingtreding zijn goedgekeurd of geregistreerd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-83\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 83</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Niemand mag een type afvalactiviteit verrichten waarvoor bij en krachtens dit hoofdstuk een erkenning of registratie vereist is, zonder eerst over een uitvoerbare erkenning of registratie voor het betrokken type activiteit te beschikken § 2. Elke persoon die bij en krachtens dit hoofdstuk is erkend of geregistreerd, meldt aan de bevoegde autoriteit onverwijld: 1° elk ongeval of incident dat de in artikel 32 bedoelde belangen kan schaden;2° elke wijziging van de essentiële gegevens in het aanvraagdossier sinds de afgifte van de erkenning of registratie, met inbegrip van de stopzetting van de activiteit. § 3. Elke bij en krachtens dit hoofdstuk afgegeven erkenning of registratie is niet overdraagbaar. § 4. Alle akten, facturen, publicaties, brieven, bestelbonnen en andere documenten die door elke persoon die bij en krachtens dit hoofdstuk is erkend of geregistreerd, worden afgegeven bij de uitoefening van de soorten afvalactiviteiten die bij en krachtens dit hoofdstuk zijn erkend of geregistreerd, bevatten een verwijzing naar zijn erkenning of registratie, alsmede de datum waarop deze is verleend en de vervaldatum ervan</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-84\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 84</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Tenzij anders bepaald of specifiek voorzien in dit hoofdstuk of de uitvoeringsmaatregelen ervan, wordt elke goedkeuring of registratie bedoeld in en krachtens dit hoofdstuk verleend voor een periode van ten hoogste vijf jaar Voor elk type afvalactiviteit dat bij en krachtens dit hoofdstuk aan goedkeuring of registratie is onderworpen, kan de Regering een kortere maximumtermijn vaststellen. Art. 85.§ 1. Tenzij in dit decreet anders is bepaald of specifiek is bepaald, wijst de Regering voor elk type afvalactiviteit dat bij en krachtens dit hoofdstuk aan een erkenning of registratie is onderworpen, de autoriteit van afgifte in eerste instantie en de bevoegde instantie in administratief beroep aan.</p>\n<p class=\"lf-p\">De autoriteit van afgifte in eerste instantie kan dezelfde zijn voor erkenning en registratie.</p>\n<p class=\"lf-p\">De autoriteit die bevoegd is voor administratieve beroepen kan dezelfde zijn voor erkenning en registratie. § 2. Teneinde na te gaan of een persoon die een goedkeuring of registratie aanvraagt bij en krachtens dit hoofdstuk van dien aard is dat een adequate bescherming van het milieu is gewaarborgd, in alle of een deel van de specifieke voorwaarden die door de Regering zijn vastgesteld voor de soorten afvalactiviteiten die onderworpen zijn aan goedkeuring of registratie bij en krachtens dit hoofdstuk, kan de Regering eisen dat: 1° elke natuurlijke persoon, elke rechtspersoon en elke persoon met de wettelijke bevoegdheid om een rechtspersoon te vertegenwoordigen die de betrokken erkenning of registratie aanvraagt, gedurende ten minste tien jaar niet zijn veroordeeld op grond van een definitieve rechterlijke beslissing of een definitieve administratieve beslissing waarbij een of meerdere administratieve sancties zijn opgelegd, en op het ogenblik van de indiening van de aanvraag niet nog onderworpen zijn aan een verbods- of ontzeggingsmaatregel die geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op het soort afvalactiviteit waarop de erkennings- of registratieaanvraag betrekking heeft;2° de houder van de betrokken erkenning of registratie is gedurende de volledige looptijd van zijn bij en krachtens dit hoofdstuk verleende erkenning of registratie met betrekking tot afvalstoffen niet bij een definitieve rechterlijke beslissing of bij een definitieve administratieve beslissing waarbij een of meerdere administratieve sancties zijn opgelegd, veroordeeld voor ten minste één overtreding van de regionale of federale wet- en regelgeving betreffende afvalstoffen of van enige andere wet- en regelgeving van een lidstaat van de Europese Unie of van de Europese Economische Ruimte met betrekking tot afvalstoffen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-86\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 86</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Onverminderd artikel D.198 van boek I van het Milieuwetboek, kan de autoriteit van afgifte in eerste instantie ter zake van erkenning of die ter zake van registratie te allen tijde de in eerste aanleg of in administratief beroep verleende erkenning, bedoeld bij en krachtens dit hoofdstuk, voor ten hoogste zes maanden schorsen of intrekken, alsmede de door de instantie van afgifte, bedoeld bij en krachtens dit hoofdstuk, verleende registratie voor ten hoogste zes maanden schorsen of intrekken, indien de houder van de erkenning of registratie: 1° zich niet of niet langer houdt aan de bepalingen van dit decreet en de uitvoeringsmaatregelen ervan, in het bijzonder : a) de specifieke voorwaarden die door de Regering zijn vastgesteld voor het soort afvalactiviteiten waarvoor de erkenning geldt en de eventuele aanvullende voorwaarden die door de autoriteit van afgifte in eerste instantie of door de bevoegde instantie in administratief beroep van toepassing zijn op de erkenning van die houder;of b) de specifieke voorwaarden die door de Regering zijn vastgesteld voor het soort afvalactiviteiten die aan registratie zijn onderworpen en die van toepassing zijn op de registratie van genoemde houder;2° diensten verricht voor ten minste één ander type afvalactiviteit waarvoor een erkenning of registratie is vereist dan waarvoor hij is erkend of geregistreerd;3° diensten verleent van onvoldoende kwaliteit;4° in voorkomend geval, niet voldoet of niet meer voldoet aan de verplichtingen die op hem van toepassing zijn krachtens het fiscaal decreet van 22 maart 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">22/03/2007 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">24/04/2007 numac 2007201248 bron ministerie van het waalse gewest Decreet tot wijziging van het decreet van 27 juni 1996 betreffende de afvalstoffen sluiten tot bevordering van afvalpreventie en -valorisatie in het Waalse Gewest en tot wijziging van het decreet van 6 mei 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/07/1999 numac 1999027513 bron ministerie van het waalse gewest 6 MEI 1999 - Decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillen inzake de directe gewestelijke belastingen type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/1999 numac 1999027813 bron ministerie van het waalse gewest Decreet houdende de eerste aanpassing van de ontvangstenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 1999 type decreet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">06/05/1999 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">20/04/2000 numac 2000027033 bron ministerie van het waalse gewest Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 1999 sluiten betreffende de vestiging, de invordering en de geschillen inzake de directe gewestelijke belastingen. § 2. Behoudens in geval van bijzonder gemotiveerde noodzakelijkheid, wordt elke beslissing tot schorsing van een erkenning of registratie genomen nadat de houder van de betrokken erkenning of registratie in de gelegenheid is gesteld om binnen een termijn van ten minste vijftien dagen zijn opmerkingen mondeling of schriftelijk kenbaar te maken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Elke beslissing tot intrekking van de erkenning of tot doorhaling van de registratie wordt genomen nadat de houder van de betrokken erkenning of registratie in de gelegenheid is gesteld om binnen een termijn van ten minste vijftien dagen zijn opmerkingen mondeling of schriftelijk kenbaar te maken. § 3. Elke beslissing tot schorsing, intrekking of doorhaling van een erkenning of registratie wordt aan de houder van de erkenning of registratie meegedeeld. Art. 87.Teneinde de erkende personen en de krachtens deze titel geregistreerde personen te kunnen identificeren en het contact met hen door andere actoren in de afvalbeheerketen te vergemakkelijken, publiceren de autoriteit van afgifte in eerste instantie inzake erkenning en de autoriteit van afgifte in eerste instantie inzake registratie op ten minste één website in het Waalse Gewest de lijst van erkende personen en de afvalactiviteiten waarvoor zij zijn erkend, alsook de lijst van geregistreerde personen en de afvalactiviteiten waarvoor zij zijn geregistreerd, en werken zij deze lijsten bij.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze lijsten kunnen de volgende informatie bevatten: 1° in het geval van : een natuurlijke persoon: voor- en achternaam, adres van zijn onderneming en, facultatief voor de houder van de erkenning of registratie, telefoonnummer, e-mailadres, telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; een rechtspersoon: zijn naam of handelsnaam, het adres van zijn maatschappelijke zetel en, facultatief voor de houder van de erkenning of registratie, zijn telefoonnummer, zijn elektronisch adres, het telefoonnummer en het elektronisch adres van een andere contactpersoon of -dienst; 2° in voorkomend geval, het inschrijvingsnummer bij de Kruispuntbank van Ondernemingen van de erkende of geregistreerde persoon of, bij ontstentenis daarvan, zijn identificatienummer bij elk ander gelijkaardig handels- of handelsregister, in voorkomend geval uitgegeven krachtens buitenlandse wetgeving of reglementering;3° het identificatienummer of de administratieve referentie van de erkenning of registratie;4° de vervaldatum van de erkenning of registratie;5° in voorkomend geval, en als keuzemogelijkheid voor de houder van de betrokken erkenning of registratie, het adres van zijn website;6° de beslissing tot schorsing van de erkenning of registratie, met inbegrip van de vervaldatum van de schorsing;7° De beslissing tot intrekking van de erkenning of de beslissing tot doorhaling van de erkenning.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-88\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 88</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De Regering kan de voorwaarden bepalen waaronder houders van een erkenning, registratie of andere administratieve handeling met gelijkwaardige individuele draagwijdte, afgegeven in een ander Gewest of in een andere Lidstaat van de Europese Unie worden erkend of geregistreerd voor de uitoefening van dezelfde afvalgerelateerde activiteit als die welke onderworpen is aan erkenning of registratie in het Waalse Gewest, en waarvan de gelijkwaardigheid is vastgesteld, van rechtswege of volgens een door de Regering bepaalde vereenvoudigde procedure</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-89\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 89</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Behoudens andersluidende of specifieke bepalingen in dit hoofdstuk of in de uitvoeringsmaatregelen ervan, verloopt elke verzending bedoeld bij en krachtens dit hoofdstuk via een van de volgende twee communicatiemiddelen: 1° hetzij op papier : bij ter post aangetekend schrijven met bericht van ontvangst; via elke gelijksoortige formule die de verzend- en ontvangstdatum van de akte waarborgen, ongeacht de dienst die de gebruikte post verdeelt ; via neerlegging tegen ontvangstbewijs. 2° hetzij elektronisch via: een gewaarmerkte elektronische handtekening; een met de hand ondertekende digitale kopie van de administratieve handeling of van elke andere informatie die in het kader van de administratieve verwerking wordt meegedeeld Wat het eerste lid, 1°, b) en 2°, kan de Regering de lijst van de procédés of de modaliteiten bepalen die volgens haar een vaste datum aan de verzending en de ontvangst kunnen geven. § 2. Voor elk type afvalactiviteit dat onderworpen is aan erkenning of registratie door en krachtens dit hoofdstuk, of voor sommige ervan die zij bepaalt, kan de Regering één of meerdere overeenstemmende formulieren voor erkenning of registratie vaststellen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dat overeenstemmend formulier of die overeenstemmende formulieren kunnen met name het volgende bepalen: 1° een algemeen gedeelte dat gemeenschappelijk is voor alle soorten aan erkenning onderworpen afvalactiviteiten;2° een algemeen gedeelte dat gemeenschappelijk is voor alle soorten aan registratie onderworpen afvalactiviteiten;3° een specifiek deel voor het type afvalactiviteit waarvoor een erkenning of registratie vereist is. § 3. Tenzij anders bepaald of specifiek bepaald in dit hoofdstuk of de uitvoeringsmaatregelen ervan, wordt elk overeenstemmend formulier dat door de Regering wordt vastgesteld, aan de bevoegde autoriteit bezorgd via een van de communicatiemiddelen, vermeld in paragraaf 1. Art. 90.§ 1. Met betrekking tot de berekening van de termijnen: 1° is de dag van verzending of ontvangst die het beginpunt van een termijn is, niet in die termijn begrepen; 2° is de dag waarop een termijn verstrijkt, in de termijn begrepen..</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van lid 1, 2° wordt, wanneer de dag waarop een termijn verstrijkt een zaterdag, een zondag of een feestdag is, de dag waarop de termijn verstrijkt, verschoven naar de eerstvolgende werkdag. § 2. Alle in dit hoofdstuk bedoelde termijnen worden van rechtswege opgeschort tussen 16 juli en 15 augustus en tussen 24 december en 1 januari.</p>\n<p class=\"lf-p\">In geval van schorsing van de in het eerste lid bedoelde termijnen worden de termijnen voor verzending en vervaldag verlengd met de duur van de schorsing of verlenging. Afdeling 2 - Bepalingen betreffende de erkenningen Onderafdeling 1 - Gemeenschappelijke bepalingen voor alle erkenningen Art. 91.§ 1. Alle goedkeuringsaanvragen moeten ondertekend zijn en de volgende informatie bevatten: 1° indien de aanvrager: een natuurlijke persoon is : zijn voor- en achternaam, geboortedatum, bedrijfsadres, telefoonnummer en e-mailadres en, facultatief voor de aanvrager, het telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; een rechtspersoon is: zijn naam of bedrijfsnaam, het adres van zijn statutaire zetel, zijn telefoonnummer en e-mailadres en, facultatief voor de aanvrager, het telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; en; de voornaam, de familienaam en de functie van de persoon die door de betrokken rechtspersoon gemachtigd is om het verzoek in te dienen; 2° in voorkomend geval, het inschrijvingsnummer bij de Kruispuntbank van Ondernemingen van aanvrager of, bij ontstentenis daarvan, zijn identificatienummer bij elk ander gelijkaardig handels- of handelsregister, in voorkomend geval uitgegeven krachtens buitenlandse wetgeving of reglementering § 2.Onverminderd de artikelen 208 en 209, kan de Regering voor elk type activiteit dat aan erkenning door en krachtens dit hoofdstuk is onderworpen, de inhoud van de aanvraag tot erkenning aanvullen, die het mogelijk moet maken de aanvrager van de erkenning te identificeren en, in voorkomend geval, zijn technische, financiële of menselijke middelen en de naleving van artikel 32 of artikel 85, § 2, 1°, te beoordelen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Te dien einde kan de Regering de inhoud van de in § 1 bedoelde erkenningsaanvraag aanvullen met alle of enkele van de volgende gegevens : de technische middelen waarover de aanvrager beschikt, met name de uitrusting waarover hij beschikt voor het verrichten van het soort activiteit waarvoor een erkenning vereist is en waarop de erkenningsaanvraag betrekking heeft; de financiële middelen waarover de aanvrager beschikt, met name het bewijs van verzekering ter dekking van de wettelijke aansprakelijkheid voor het soort activiteit waarvoor een erkenning wordt aangevraagd of, bij ontstentenis daarvan, een formele verbintenis om een dergelijke verzekering af te sluiten voordat het soort activiteit waarvoor een erkenning wordt aangevraagd, wordt uitgevoerd de personele middelen waarover de aanvrager beschikt, namelijk : het aantal personeelsleden waarover de aanvrager beschikt om het soort activiteiten uit te oefenen waarvoor een erkenning vereist is en waarop de erkenningsaanvraag betrekking heeft; het bewijs dat de aanvrager of bepaalde van zijn personeelsleden in het bezit zijn van bepaalde diploma's, certificaten of andere beroepsattesten die zij vaststelt; de aard van de soort(en) afvalstoffen waarop de erkenningsaanvraag betrekking heeft of kan hebben; de hoeveelheid van de soort(en) afvalstoffen waarop de erkenningsaanvraag betrekking heeft of kan hebben; de plaats(en) van bestemming van de afvalsoort(en) waarop het verzoek om goedkeuring betrekking heeft of kan hebben; de maatregelen ter voorkoming van gevaar voor de gezondheid van de mens en schade aan het milieu; indien zij het bezit van een milieuvergunning of een aangifte van een inrichting van klasse 3 als voorwaarde stelt voor het verlenen van de erkenning, het identificatienummer of het administratieve kenmerk van de betrokken milieuvergunning of aangifte van een inrichting van klasse 3 of, bij ontstentenis daarvan, een afschrift van die vergunning of aangifte; een uittreksel uit het strafregister dat minder dan zes maanden oud is overeenkomstig het model bedoeld in artikel 596, lid 1, van het Wetboek van Strafvordering en de uitvoeringsbepalingen daarvan. § 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Teneinde de aanvrager van de erkenning te identificeren en, in voorkomend geval, zijn technische, financiële of menselijke middelen en de naleving van artikel 32 of van artikel 85, § 2, 1°, te beoordelen, kan de Regering de inhoud van de aanvraag tot erkenning bedoeld in het eerste lid van dit artikel, in voorkomend geval aangevuld krachtens het tweede lid van dit artikel, nader bepalen. Zij kan eveneens bepalen hoeveel exemplaren van de erkenningsaanvraag moeten worden overgelegd wanneer de aanvraag op papier wordt verzonden. § 4. Onverminderd de specifieke bepalingen met betrekking tot het uitbrengen van adviezen in dit hoofdstuk, kan de Regering een of meerdere bevoegde instanties of autoriteiten aanwijzen die belast zijn met het uitbrengen van een advies in het kader van de administratieve procedures met betrekking tot erkenningen waarin bij of krachtens dit hoofdstuk is voorzien.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen dit kader kan de Regering voor elke door haar aangewezen instantie of bevoegde autoriteit die met het uitbrengen van advies is belast, bepalen of deze instantie of bevoegde autoriteit haar advies ambtshalve uitbrengt dan wel alleen op verzoek van de autoriteit van afgifte in eerste instantie of van de autoriteit die bevoegd is voor administratieve beroepen. Art. 92.§ 1. Elke erkenningsaanvraag wordt in eerste aanleg naar de instantie van afgifte gestuurd. § 2. De autoriteit van afgifte in eerste instantie bezorgt de aanvrager van de erkenning binnen een termijn van tien dagen een ontvangstbewijs van zijn aanvraag: 1° per gewone post indien de aanvraag op papier werd ingediend;2° per niet-gewaarmerkte e-mail of niet-gewaarmerkt bericht als de aanvraag elektronisch werd ingediend. § 3. De autoriteit van afgifte in eerste instantie richt haar beslissing over de volledigheid en ontvankelijkheid van de erkenningsaanvraag binnen dertig dagen te rekenen van de dag van ontvangst van de erkenningsaanvraag. § 4. Als de erkenningsaanvraag onvolledig is, stuurt de autoriteit van afgifte in eerste instantie de aanvrager binnen dertig dagen na ontvangst van de erkenningsaanvraag de lijst met ontbrekende gegevens of documenten, hierna de aanvullingen genoemd. In dat geval wordt de administratieve procedure hervat vanaf de datum van ontvangst van de aanvullende informatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">De aanvrager van de erkenning moet de gevraagde aanvullingen binnen dertig dagen na de verzending van het verzoek om deze aanvullingen naar de autoriteit van afgifte in eerste instantie sturen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De autoriteit van afgifte in eerste instantie bezorgt de aanvrager van de erkenning binnen een termijn van tien dagen een ontvangstbewijs van de aanvullingen: 1° per gewone post als de aanvullingen op papier werden verstuurd;2° per niet-gewaarmerkte e-mail of niet-gewaarmerkt bericht als de aanvullingen elektronisch werden ingediend. Binnen twintig dagen na ontvangst van de aanvullingen door de autoriteit van afgifte in eerste instantie, stuurt deze de aanvrager de beslissing over de volledigheid en de ontvankelijkheid van de erkenningsaanvraag.</p>\n<p class=\"lf-p\">De autoriteit van afgifte in eerste instantie stuurt de aanvrager de beslissing waarin wordt vastgesteld dat de vergunningsaanvraag onontvankelijk is, als: 1° zij, in voorkomend geval, werd ingediend zonder naleving van de uitvoeringsmaatregelen genomen krachtens artikel 85, § 2;2° zij werd ingediend zonder naleving van artikel 89 en de uitvoeringsmaatregelen ervan ;3° zij werd ingediend zonder naleving van artikel 91 en de uitvoeringsmaatregelen ervan ;4° de aanvrager van de erkenning de gevraagde aanvullingen niet heeft overgemaakt binnen de termijn bedoeld in het tweede lid van deze paragraaf;5° als ze tweemaal onvolledig wordt beschouwd;6° zij werd ingediend zonder naleving van artikel 98. § 5. Na het verstrijken van de in de paragrafen 3 en 4 bedoelde termijnen wordt de erkenningsaanvraag geacht van rechtswege ontvankelijk te zijn, indien de beslissing of de erkenningsaanvraag volledig en ontvankelijk dan wel niet-ontvankelijk is, niet aan de aanvrager is toegezonden. Art. 93.§ 1. Op de dag waarop de autoriteit van afgifte in eerste instantie de beslissing over de volledigheid en de ontvankelijkheid van de erkenningsaanvraag verzendt of, bij ontstentenis van een dergelijke beslissing, op de dag van de stilzwijgende beslissing over de ontvankelijkheid overeenkomstig artikel 92, vijfde lid, vraagt zij, in voorkomend geval, het advies van de bevoegde instanties of autoriteiten die bij of krachtens dit hoofdstuk zijn aangewezen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze bevoegde instanties of autoriteiten zenden hun advies binnen vijfenveertig dagen na de datum waarop de zaak hun door de autoriteit van afgifte in eerste instantie is voorgelegd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien binnen de in lid 2 genoemde termijnen geen advies is uitgebracht, wordt de procedure voortgezet. § 2. In afwijking van paragraaf 1 kan de Regering voor elke soort afvalactiviteit die krachtens dit hoofdstuk aan erkenning onderworpen is of voor bepaalde soorten activiteiten die zij bepaalt, de door de bevoegde instanties of autoriteiten vastgestelde termijn voor het indienen van adviezen verkorten of verlengen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-94\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 94</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Vanaf de datum van verzending van de beslissing over de volledigheid en de ontvankelijkheid van de erkenningsaanvraag of, bij ontstentenis van een dergelijke beslissing, vanaf de datum van de stilzwijgende beslissing over de ontvankelijkheid overeenkomstig artikel 92, § 5, stuurt de autoriteit van afgifte in eerste instantie de beslissing tot toekenning of weigering van de erkenning naar de aanvrager binnen een termijn van: 1° zestig dagen indien artikel 93 niet van toepassing is;2° honderdtwintig dagen indien artikel 93 van toepassing is in het kader van raadplegingen van bevoegde instanties of autoriteiten waarin dit hoofdstuk of de uitvoeringsmaatregelen ervan van rechtswege voorzien. § 2 In afwijking van paragraaf 1 kan de Regering voor het soort afvalactiviteiten waarvoor krachtens dit hoofdstuk een erkenning vereist is of voor bepaalde afvalactiviteiten die zij bepaalt, de termijn waarover de autoriteit van afgifte in eerste instantie beschikt om haar beslissing tot verlening of weigering van de erkenning aan de aanvrager toe te sturen, verkorten of verlengen. § 3. Indien na afloop van de in of krachtens de paragrafen 1 en 2 bepaalde termijnen de beslissing tot verlening of weigering van de erkenning niet aan de aanvrager is toegezonden, wordt de aanvraag tot erkenning geacht van rechtswege te zijn geweigerd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-95\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 95</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De autoriteit van afgifte in eerste instantie of de autoriteit die bevoegd is voor administratieve beroepen kan eisen dat de houder van de betrokken erkenning, vóór de uitvoering van die erkenning, al dan niet cumulatief, : 1° ten gunste van de Regering een zekerheid stelt om de nakoming te waarborgen van haar verplichtingen in verband met haar aan erkenning onderworpen afvalactiviteit, met inbegrip van de sanering of rehabilitatie van de stortplaatsen, ten belope van een bedrag gelijk aan de kosten die de overheid zou moeten dragen indien zij tot die sanering of rehabilitatie zou moeten overgaan;2° een verzekering afsluit die haar wettelijke aansprakelijkheid dekt ten voordele van elke derde die bij de uitoefening van haar aan erkenning onderworpen afvalactiviteit schade lijdt De Regering bepaalt in welke gevallen een zekerheid of een verzekeringspolis altijd vereist is. Zij kan voor de door haar bepaalde soorten afvalactiviteiten waarvoor een erkenning vereist is, bepalen dat het bedrag van de zekerheid of de verzekeringspolis de kosten dekt voor de periode van onderhoud, toezicht en controle van de betrokken activiteit, alsook de verplichtingen inzake de opvolging na de stopzetting van de activiteit. De Regering kan ook modaliteiten vaststellen voor de berekening van het bedrag van de zekerheid en voor de herziening van het bedrag van de zekerheid tijdens de periode van erkenning. § 2. De zekerheid bestaat, naar keuze van de aanvrager of de houder van de erkenning, uit een deposito bij de Deposito- en Consignatiekas of een onafhankelijke bankgarantie of elke andere vorm van zekerheid die de Regering bepaalt, ten belope van het in de betrokken erkenning vermelde bedrag.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het geval dat de zekerheid bestaat in een storting in speciën, dient de houder van de betrokken erkenning jaarlijks de zekerheid te verhogen ten belope van de interesten opgebracht tijdens het vorig jaar.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de zekerheid bestaat uit een onafhankelijke bankgarantie, moet deze zijn afgegeven door een kredietinstelling die is erkend door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten of door een andere autoriteit van een lidstaat van de Europese Unie die bevoegd is om toezicht te houden op kredietinstellingen. § 3 Wanneer een zekerheid of verzekeringspolis is vereist, is de desbetreffende erkenning pas uitvoerbaar vanaf het moment dat de autoriteit van afgifte in eerste instantie erkent dat de zekerheid is verstrekt of dat de verzekeringspolis is afgesloten. § 4. De bevoegde autoriteit in eerste instantie stelt het herstel van de afvalstortplaats plaats in de vroegere staat of de rehabilitatie ervan vast binnen zestig dagen na de datum waarop de betrokken houder van de erkenning de aanvraag voor een vaststelling heeft ingediend.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij gebreke van een beslissing binnen de vereiste termijn wordt het herstel van de afvalstortplaats plaats in de vroegere staat of de rehabilitatie ervan geacht conform te zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">Na het verstrijken van een termijn van negentig dagen vanaf de datum van het rapport inzake het herstel van de afvalstortplaats plaats in de vroegere staat of de rehabilitatie ervan, en indien de autoriteit van afgifte in eerste instantie of de autoriteit die bevoegd is voor administratieve beroepen geen voorbehoud maakt, wordt de zekerheid vrijgegeven en wordt eventuele opgelopen rente terugbetaald, indien van toepassing overeenkomstig de procedures die zijn vastgesteld krachtens lid 6. § 5. De autoriteit van afgifte in eerste instantie of de autoriteit die bevoegd is voor administratieve beroepen kan één enkele aanvullende termijn toestaan voor het herstel van de afvalstortplaats plaats in de vroegere staat of de rehabilitatie ervan. Indien de plaats niet binnen de vereiste termijn hersteld of gerehabiliteerd wordt, laat de Regering de bergplaats ambtshalve overgaan tot het herstel van de afvalstortplaats plaats in de vroegere staat of de rehabilitatie ervan met gebruikmaking van de zekerheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het bedrag ontoereikend is, verhaalt de Regering of de bevoegde autoriteit die zij daartoe aanwijst, de gemaakte extra kosten op de houder van de betrokken erkenning. § 6. De Regering kan voor alle of voor elk type activiteit waarvoor een erkenning voor afvalstoffen is vereist, de aanvullende voorwaarden vaststellen waaraan de zekerheden of verzekeringspolissen moeten voldoen en, in voorkomend geval, de standaardvoorwaarden voor zekerheden of verzekeringspolissen. Zij bepaalt de voorwaarden voor het vrijgeven van de zekerheid wanneer de houder van de betreffende erkenning heeft voldaan aan al zijn verplichtingen met betrekking tot het herstel van de afvalstortplaats plaats in de vroegere staat of de rehabilitatie ervan, alsmede de procedure in geval van niet-nakoming van deze verplichtingen. Art. 96.§ 1. Wanneer de autoriteit van afgifte in eerste instantie of de autoriteit die bevoegd is voor administratieve beroepen bij de verlening van de erkenning vaststelt dat het soort afvalgerelateerde activiteit waarop de erkenning betrekking heeft, schadelijk is of kan zijn voor de in artikel 32 bedoelde belangen of wanneer artikel 95 van toepassing is op dat soort activiteit, kan de autoriteit van afgifte in eerste instantie of de autoriteit die bevoegd is in administratief beroep aan elke aanvrager aanvullende voorwaarden opleggen met betrekking tot de uitoefening van zijn afvalgerelateerde activiteit.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze aanvullende voorwaarden kunnen met name betrekking hebben op: 1° de maatregelen die moeten worden genomen in geval van een ongeval of incident dat de in artikel 32 bedoelde belangen kan schaden;2° de maatregelen die moeten worden genomen in het kader van artikel 95. § 2. Dit artikel is ook van toepassing tijdens de geldigheidsduur van de erkenning verleend in eerste aanleg of in administratief beroep.</p>\n<p class=\"lf-p\">In voorkomend geval is artikel 93 mutatis mutandis van toepassing op elke administratieve procedure die ertoe strekt bijkomende voorwaarden op te leggen tijdens de geldigheidsduur van de in eerste aanleg of in administratief beroep verleende erkenning. § 3. Geen enkele bijkomende voorwaarde mag afwijken van of minder streng zijn dan dit decreet en zijn uitvoeringsmaatregelen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-97\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 97</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Tijdens de geldigheidsduur van de in eerste instantie of in administratief beroep verleende erkenning kan de autoriteit van afgifte in eerste instantie op eigen initiatief de in eerste instantie of in administratief beroep verleende erkenning aanvullen of wijzigen : 1° indien dit noodzakelijk wordt geacht om de naleving van artikel 82, § 2, en de uitvoeringsmaatregelen ervan te verzekeren;2° indien dit noodzakelijk wordt geacht om de naleving van artikel 95 te verzekeren op grond van een wijziging van de geraamde kosten voor het herstel van de afvalstortplaats in de vroegere staat of de rehabilitatie ervan of voor het herstel van de schade die aan derden is toegebracht in het kader van de aan erkenning onderworpen afvalactiviteit;3° indien zij vaststelt dat de bijkomende voorwaarden opgelegd krachtens artikel 96 niet langer geschikt zijn om de naleving van artikel 32 te verzekeren;4° indien zij vaststelt dat een essentieel gegeven in het aanvraagdossier is gewijzigd sinds de erkenning werd verleend. Behalve in een bijzonder gemotiveerd spoedeisend geval wordt elke beslissing tot wijziging van de erkenning als bedoeld in het eerste lid genomen nadat de houder in de gelegenheid is gesteld mondeling of schriftelijk opmerkingen te maken De wijzigingsbeslissing wordt naar de houder van de erkenning gestuurd. § 2. Tijdens de geldigheidsduur van de in eerste instantie of in administratief beroep afgegeven erkenning kan de houder van de erkenning op eigen initiatief de autoriteit van afgifte in eerste instantie verzoeken zijn erkenning te wijzigen wegens een of meerdere wijzigingen in een of meerdere essentiële gegevens in het aanvraagdossier die zich hebben voorgedaan sinds de afgifte van de erkenning, met inbegrip van de beëindiging van de activiteit.</p>\n<p class=\"lf-p\">De artikelen 91 tot en met 96 zijn mutatis mutandis van toepassing op de in het eerste lid bedoelde aanvraag tot wijziging van de erkenning. Art. 98.Op straffe van niet-ontvankelijkheid kan elke houder van een erkenning ten vroegste honderdtwintig dagen vóór het verstrijken van de erkenningstermijn een nieuwe erkenningsaanvraag indienen voor hetzelfde soort afvalactiviteit en dezelfde soorten afval of, indien van toepassing, dezelfde categorieën bemonsterings- of analysemethoden waarvoor hij reeds erkend is. Art. 99.§ 1. Bij de bevoegde instantie kan administratief beroep worden ingesteld tegen beslissingen of tegen het uitblijven van een beslissing binnen de termijn die door de autoriteit van afgifte in eerste instantie is vastgesteld inzake de erkenning.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het recht om administratief beroep in te stellen wordt uitsluitend verleend aan de aanvrager van een erkenning of de houder van de erkenning, hierna de verzoeker genoemd.. § 2 Wanneer het administratief beroep betrekking heeft op een schorsingsbeslissing genomen krachtens artikel 86, schorst het niet de schorsingsbeslissing waarvan het administratief beroep uitgaat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer het administratief beroep betrekking heeft op een andere stilzwijgende of uitdrukkelijke beslissing dan die bedoeld in het eerste lid, schorst het de beslissing waartegen administratief beroep wordt ingesteld. § 3 Op straffe van onontvankelijkheid moet het administratief beroep worden ingesteld binnen een termijn van dertig dagen: 1° na ontvangst van de administratieve beslissing of beslissingen die voortvloeien uit artikel 86, 92, 94, 95, 96 of 97;of; 2° bij ontstentenis van een beslissing als bedoeld in 1°, na het verstrijken van de termijn waarover de autoriteit van afgifte in eerste instantie beschikt om de beslissing te geven. § 4 Op straffe van niet-ontvankelijkheid wordt het administratief beroep ingesteld door een verzoek dat wordt ingediend op de wijze bepaald bij of krachtens artikel 89. De verzoeker zendt tegelijkertijd een afschrift van zijn verzoek aan de autoriteit van afgifte in eerste instantie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dit verzoek wordt ondertekend en bevat ten minste de volgende gegevens: 1° indien de verzoeker : een natuurlijke persoon is : voor- en achternaam, geboortedatum, bedrijfsadres, telefoonnummer en e-mailadres en, facultatief voor de verzoeker, het telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; een rechtspersoon is: zijn naam of bedrijfsnaam, het adres van zijn statutaire zetel, zijn telefoonnummer en e-mailadres en, facultatief voor de verzoeker, het telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; en; de voornaam, de familienaam en de functie van de persoon die door de betrokken rechtspersoon gemachtigd is om het beroep in te dienen; 2° in voorkomend geval, het inschrijvingsnummer bij de Kruispuntbank van Ondernemingen van de verzoeker of, bij ontstentenis daarvan, zijn identificatienummer bij elk ander gelijkaardig handels- of handelsregister, in voorkomend geval uitgegeven krachtens buitenlandse wetgeving of reglementering;3° het identificatienummer of de administratieve referentie van de beslissing waartegen administratief beroep wordt ingesteld;4° de gronden die zijn aangevoerd tegen de beslissing waartegen administratief beroep wordt ingesteld. § 5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen vijftien dagen na ontvangst van het verzoek door de autoriteit die bevoegd is voor administratieve beroepen, stuurt deze autoriteit de verzoeker een ontvangstbevestiging van het verzoek. § 6. De autoriteit die bevoegd de bevoegd is voor administratieve beroepen zendt de beslissing over het administratief beroep binnen negentig dagen na de verzending van de ontvangstbevestiging van het verzoek naar de verzoeker.</p>\n<p class=\"lf-p\">De beslissing op administratief beroep vervangt de beslissing in eerste aanleg of, bij ontstentenis van een dergelijke beslissing, de stilzwijgende afwijzende beslissing in eerste aanleg. § 7. Na het verstrijken van de in § 6 bepaalde termijn wordt, indien de beslissing op het administratief beroep niet aan de verzoeker is toegezonden, de beslissing op het administratief beroep of, bij ontstentenis van een dergelijke beslissing, de stilzwijgende afwijzende beslissing in eerste aanleg van rechtswege bevestigd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 2 - Bijzondere bepalingen voor de erkenning van inzameling, handel en bemiddeling, vervoer en activiteiten met betrekking tot de samenbrenging, voorbehandeling, nuttige toepassing en verwijdering van gevaarlijke afvalstoffen Art. 100.§ 1. De Regering onderwerpt de volgende activiteiten aan erkenning: 1° de beroepsmatige inzameling, handel en bemiddeling van gevaarlijke afvalstoffen;2° het beroepsmatig vervoer van gevaarlijke afvalstoffen;3° de beroepsmatige samenbrenging, voorbehandeling, nuttige toepassing en verwijdering van gevaarlijke afvalstoffen. Daartoe kan de Regering de erkenning of de soorten erkenningen met betrekking tot voornoemde soorten activiteiten regelen naargelang van het soort of subtype afvalstoffen dat zij vaststelt. § 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Initiële producenten van soortgelijke gevaarlijke afvalstoffen die hun eigen soortgelijke gevaarlijke afvalstoffen vervoeren, worden vrijgesteld van de erkenning voor het vervoer van die afvalstoffen onder de volgende cumulatieve voorwaarden: 1° de hoeveelheid vervoerde afvalstoffen bedraagt niet meer dan tweehonderd vijftig kilogram per maand;en; 2° de bedoelde afvalstoffen worden vervoerd naar een inzamelaar, een handelaar, een makelaar, een inrichting of een onderneming die beschikt over de erkenning, registratie of enige andere administratieve vergunning die overeenkomstig de artikelen 6 en 32 vereist is om de activiteiten van samenbrenging, voorbehandeling, nuttige toepassing of verwijdering van de bedoelde afvalstoffen uit te voeren.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-101\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 101</span><span class=\"lf-art-t\">Op verzoek van de autoriteit van afgifte in eerste instantie brengt de Erkenningscommissie inzake afval advies uit overeenkomstig artikel 93</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-102\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 102</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Elke houder van een erkenning voor ten minste een van de soorten afvalactiviteiten bedoeld in artikel 100, § 1, informeert de begunstigde van de afvalbeheerdienst over de gedetailleerde beheersprocedures en -kosten, alsook over de bestemming van de afvalstoffen Onderafdeling 3 - Bijzondere bepalingen voor de erkenning van de activiteiten van ondernemingen van de sociale economie die erkend willen worden als dienst van algemeen economisch belang Art. 103.De Regering legt de activiteiten van de ondernemingen van de sociale economie die erkend wensen te worden als dienst van algemeen economisch belang overeenkomstig artikel 69 ter erkenning voor.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 4 - Bijzondere bepalingen voor de erkenning van recyclage- en stortactiviteiten voor bepaalde soorten ongevaarlijke afvalstoffen Art. 104.§ 1. De Regering kan in het Waalse Gewest de recyclage of opvulling van bepaalde door haar bepaalde soorten ongevaarlijke afvalstoffen aan een erkenning onderwerpen. § 2. Daartoe kan de Regering een lijst opstellen van ongevaarlijke afvalstoffen die in het Waalse Gewest een recyclage- of stortactiviteit kunnen ondergaan die onderworpen is aan de in paragraaf 1 bedoelde erkenning.</p>\n<p class=\"lf-p\">De afwezigheid van een afval op die lijst veronderstelt dat het niet behoort tot het soort afvalstoffen dat in het Waalse Gewest aan een recyclage- of opvuloperatie onderworpen aan de in paragraaf 1 bedoelde erkenning kan worden onderworpen. Dit vermoeden kan worden weerlegd. § 3 De Regering stelt de procedurele modaliteiten vast voor de erkenning van de eigenschappen, kenmerken, criteria of voorwaarden van afvalstoffen in gevallen waarin, zelfs indien de afvalstoffen niet als zodanig voorkomen op de lijst van afvalstoffen bedoeld in paragraaf 2, die afvalstoffen kunnen worden erkend als behorend tot het soort afvalstoffen dat krachtens paragraaf 2 op de lijst is geplaatst.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het weerlegbare vermoeden van paragraaf 2 wordt weerlegd aan de hand van bewijsmateriaal waaruit blijkt dat de afvalstoffen die niet in de in § 2 bedoelde lijst van afvalstoffen zijn opgenomen, voldoen aan alle eigenschappen, kenmerken, criteria of voorwaarden die door de regering zijn vastgesteld voor de in § 2 bedoelde lijst van afvalstoffen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Elk verzoek om een dergelijke erkenning bevat ten minste een milieurisicoanalyse.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Regering kan de minimumeisen voor de milieurisicoanalyse, bedoeld in het derde lid, vaststellen. § 4. De Regering vaardigt zelf de erkenningsbeslissingen uit bedoeld in paragraaf 3 of wijst daartoe de bevoegde autoriteit aan.</p>\n<p class=\"lf-p\">Elke erkenningsbeslissing volgens hetwelk een afval wordt erkend als behorende tot de afvalstoffen die zijn opgenomen in de lijst bedoeld in paragraaf 2, wordt gepubliceerd op ten minste één website van het Waalse Gewest.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de uitoefening van een beroepsactiviteit afvalstoffen voortbrengt die alle eigenschappen, kenmerken, criteria of voorwaarden bezitten en naleven die in elk opzicht gelijk zijn aan die van afvalstoffen die door een erkenningsbeslissing erkend zijn als afvalstoffen van het type afvalstoffen vermeld in de lijst overeenkomstig paragraaf 2, kan de houder van deze afvalstoffen een voorafgaande erkenningsaanvraag indienen om deze afvalstoffen in het Waals Gewest te mogen recycleren of storten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ten minste om de drie jaar past de Regering de in paragraaf 2 bedoelde lijst van afvalstoffen aan om er, in voorkomend geval, de in deze paragraaf bedoelde erkenningsbeslissingen in op te nemen. § 5. Voor elke recyclage- of opvulactiviteit in het Waalse Gewest van bepaalde door de Regering bepaalde soorten ongevaarlijke afvalstoffen die aan een erkenning onderworpen zijn, bepalen de specifieke voorwaarden die van toepassing zijn krachtens artikel 82, § 2, of bij ontstentenis van dergelijke specifieke voorwaarden, de bijkomende voorwaarden waartoe beslist wordt krachtens artikel 96, minstens: 1° de soorten en hoeveelheden ongevaarlijke afvalstoffen die mogen worden gerecycleerd of opgevuld;2° de omstandigheden waarin ze worden geproduceerd 3° de plaats of plaatsen waar ze worden bewaard;4° voor elk type recyclage- of opvulactiviteit waarop de erkenning betrekking heeft, de technische voorschriften en alle andere voorschriften die van toepassing zijn op de betrokken locatie(s);5° de te nemen veiligheids- en voorzorgsmaatregelen;6° de methode die voor elk type recyclage- of opvulactiviteit moet worden gebruikt, met inbegrip van, in voorkomend geval, de exhaustieve en exclusieve methoden voor het gebruik van de betrokken afvalstoffen;7° de plaats(en) waar de genoemde handelingen zullen worden uitgevoerd;8° de monitoring- en controlehandelingen voor zover noodzakelijk;9° de bepalingen inzake sluiting en nazorg voor zover noodzakelijk. § 6.</p>\n<p class=\"lf-p\">De erkenning mag niet worden verleend indien de voorgenomen recyclage- of opvulmethode uit milieubeschermingsoogpunt niet aanvaardbaar is, in het bijzonder indien zij niet in overeenstemming is met artikel 32.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-105\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 105</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Elke houder van een overeenkomstig deze onderafdeling afgegeven erkenning houdt een register van dergelijke afvalstoffen bij overeenkomstig artikel 72 en stelt de bevoegde autoriteit onmiddellijk in kennis van het feitelijke gebruik van dergelijke afvalstoffen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-106\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 106</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Elk afval dat in de lijst, vermeld in artikel 104, is opgenomen of dat erkend is als afval van het type, vermeld in de lijst, behoudt zijn aard als afval en blijft onderworpen aan de bepalingen van dit decreet en aan de uitvoeringsmaatregelen ervan tot het in het Waalse Gewest gerecycleerd of opgevuld wordt overeenkomstig de uitvoeringsmaatregelen genomen krachtens deze onderafdeling</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-107\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 107</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Elke milieuvergunning en elke aangifte van een inrichting van klasse 3 die het storten van ongevaarlijke afvalstoffen en de recyclage of opvulling ervan regelt op de site waar de afvalstoffen worden geproduceerd of ontvangen, vormt een erkenning in de zin van deze onderafdeling Onderafdeling 5 - Bijzondere bepalingen voor de erkenning van activiteiten met betrekking tot de samenbrenging, voorbehandeling en nuttige toepassing van zuiveringsslib bestemd voor gebruik in de landbouw Art. 108.Onverminderd artikel 9 kan de Regering de activiteiten van samenbrenging, voorbehandeling en nuttige toepassing van de door haar bepaalde soorten afvalstoffen, met inbegrip van zuiveringsslib, bestemd voor nuttige toepassing door middel van een of meer van de handelingen, vermeld in bijlage 2, A, R3 of R10, aan een erkenning onderwerpen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 6 - Bijzondere bepalingen voor de erkenning van activiteiten inzake het beheer van dierlijke bijproducten Art. 109.De Regering kan activiteiten voor het beheer van dierlijke bijproducten die onder het bestuurlijke afvalstoffenbeleid vallen, onderwerpen aan een erkenning.</p>\n<p class=\"lf-p\">Daartoe kan de Regering de erkenning of erkenningssoorten regelen voor met name de activiteiten van intermediaire inrichtingen of inrichtingen voor de opslag van dierlijke bijproducten en de activiteiten van bedrijven voor de verwerking, compostering, productie van biogas of verbranding van dierlijke bijproducten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 7 - Bijzondere bepalingen voor de erkenning van activiteiten voor wetenschappelijke analyses van afvalstoffen ten behoeve van derden Art. 110.§ 1. De Regering kan de activiteiten voor wetenschappelijke analyses voor rekening van derden met betrekking tot afvalstoffen op professionele basis aan een erkenning onderwerpen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Daartoe kan de Regering de erkenning of soorten erkenningen met betrekking tot deze activiteiten regelen op basis van bepaalde categorieën van bemonsterings- of analysemethoden die zij bepaalt. § 2. Elke houder van een erkenning voor het type activiteiten met betrekking tot afvalstoffen, vermeld in § 1: 1° verleent diensten met inachtneming van de uitvoeringsmaatregelen genomen krachtens artikel 16, eerste lid, 1° ;2° voldoet aan de krachtens artikel 16, eerste lid, 2°, goedgekeurde indicatieve technische bepalingen of kan een gelijkwaardige kwaliteit van zijn deskundigheid aantonen. Afdeling 3 - Bepalingen betreffende de registraties Onderafdeling 1 - Gemeenschappelijke bepalingen voor alle registraties Art. 111.§ 1. Alle registatieaanvragen moeten ondertekend zijn en de volgende informatie bevatten: 1° indien de aanvrager: een natuurlijke persoon is : voor- en achternaam, geboortedatum, bedrijfsadres, telefoonnummer en e-mailadres en, facultatief voor de aanvrager, het telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; een rechtspersoon is: zijn naam of bedrijfsnaam, het adres van zijn statutaire zetel, zijn telefoonnummer en e-mailadres en, facultatief voor de aanvrager, het telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; en; de voornaam, de familienaam en de functie van de persoon die door de betrokken rechtspersoon gemachtigd is om het verzoek in te dienen; 2° in voorkomend geval, het inschrijvingsnummer bij de Kruispuntbank van Ondernemingen van aanvrager of, bij ontstentenis daarvan, zijn identificatienummer bij elk ander gelijkaardig handels- of handelsregister, in voorkomend geval uitgegeven krachtens buitenlandse wetgeving of reglementering § 2.Onverminderd de artikelen 208 en 209, kan de Regering voor elk type activiteit dat aan registratie door en krachtens dit hoofdstuk is onderworpen, de inhoud van de aanvraag tot erkenning aanvullen, die het mogelijk moet maken de aanvrager van de registratie te identificeren en, in voorkomend geval, zijn technische, financiële of menselijke middelen en de naleving van artikel 32 of artikel 85, § 2, °, te attesteren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Te dien einde kan de Regering de inhoud van de in § 1 bedoelde registratieaanvraag aanvullen met alle of enkele van de volgende gegevens : de technische middelen waarover de aanvrager beschikt, met name de uitrusting waarover hij beschikt voor het verrichten van het soort activiteit waarvoor een registratie vereist is en waarop de registratieaanvraag betrekking heeft; de financiële middelen waarover de aanvrager beschikt, met name het bewijs van verzekering ter dekking van de wettelijke aansprakelijkheid voor het soort activiteit waarvoor een registratie wordt aangevraagd of, bij ontstentenis daarvan, een formele verbintenis om een dergelijke verzekering af te sluiten voordat het soort activiteit waarvoor een registratie wordt aangevraagd, wordt uitgevoerd de personele middelen waarover de aanvrager beschikt, namelijk : het aantal personeelsleden waarover de aanvrager beschikt om het soort activiteiten uit te oefenen waarvoor een registratie vereist is en waarop de registratieaanvraag betrekking heeft; het bewijs dat de aanvrager of bepaalde van zijn personeelsleden in het bezit zijn van bepaalde diploma's, certificaten of andere beroepsattesten die zij vaststelt; de aard van de soort(en) afvalstoffen waarop de registratieaanvraag betrekking heeft of kan hebben; de hoeveelheid van de soort(en) afvalstoffen waarop de registratieaanvraag betrekking heeft of kan hebben; de plaats(en) van bestemming van de afvalsoort(en) waarop registratieaanvraag betrekking heeft of kan hebben; de maatregelen ter voorkoming van gevaar voor de gezondheid van de mens en schade aan het milieu; indien hij het bezit van een milieuvergunning of een aangifte van een inrichting van klasse 3 als voorwaarde stelt voor het verlenen van de registratie, het identificatienummer of het administratieve kenmerk van de betrokken milieuvergunning of aangifte van een inrichting van klasse 3 of, bij ontstentenis daarvan, een afschrift van die vergunning of aangifte; een uittreksel uit het strafregister dat minder dan zes maanden oud is overeenkomstig het model bedoeld in artikel 596, lid 1, van het Wetboek van Strafvordering en de uitvoeringsbepalingen daarvan. § 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Teneinde de aanvrager van de registratie te identificeren en, in voorkomend geval, zijn technische, financiële of menselijke middelen en de naleving van artikel 32 of van artikel 85, § 2, 1°, te attesteren, kan de Regering de inhoud van de registratieaanvraag bedoeld in het eerste lid van dit artikel, in voorkomend geval aangevuld krachtens het tweede lid van dit artikel, nader bepalen. Zij kan eveneens bepalen hoeveel exemplaren van de registratieaanvraag moeten worden overgelegd wanneer de aanvraag op papier wordt verzonden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-112\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 112</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Elke aanvrager van een registratie die houder is van een erkenning, registratie of andere administratieve handeling van gelijke individuele strekking, uitgereikt in een ander Gewest voor de uitoefening van dezelfde afvalgerelateerde activiteit als die welke onderworpen is aan registratie in het Waalse Gewest, mag het type afvalgerelateerde activiteit dat onderworpen is aan registratie in het Waalse Gewest uitoefenen na ontvangst van de ontvangstbevestiging van zijn registratieaanvraag en voor de duur van de administratieve behandeling ervan bij de autoriteit van afgifte in eerste instantie in het Waalse Gewest Aan het einde van de administratieve behandeling van zijn registratieaanvraag in het Waalse Gewest, indien deze aanvraag wordt geweigerd door de autoriteit van afgifte in eerste instantie, beëindigt de aanvrager de uitoefening van het soort activiteit dat onderworpen is aan registratie op het grondgebied van het Waalse Gewest na ontvangst van de beslissing tot weigering van registratie door de autoriteit van afgifte in eerste instantie of, bij ontstentenis van een dergelijke beslissing, aan het einde van de in artikel 114, § 5 bedoelde periode.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-113\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 113</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De Regering kan, in voorkomend geval onder voorwaarden, voorzien in de gelijkwaardigheid tussen elke erkenning, registratie of andere administratieve handeling van individuele aard, afgegeven door of krachtens de Waalse wetgeving, en bepaalde registraties die zij bepaalt onder die welke bij en krachtens dit hoofdstuk vereist zijn</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-114\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 114</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Elke registratieaanvraag wordt naar de autoriteit van afgifte in eerste instantie gestuurd. § 2. De instantie van afgifte in eerste aanleg bezorgt de aanvrager van de registratie binnen een termijn van tien dagen een ontvangstbewijs van zijn aanvraag: 1° per gewone post indien de aanvraag op papier werd ingediend;2° per niet-gewaarmerkte e-mail of niet-gewaarmerkt bericht als de aanvraag elektronisch werd ingediend. § 3. Als de registratieaanvraag volledig is, stuurt de autoriteit van afgifte in eerste instantie de aanvrager de beslissing tot registratie binnen dertig dagen na ontvangst van de registratieaanvraag. § 4. Als de registratiesaanvraag onvolledig is, stuurt de instantie van afgifte in eerste aanleg de aanvrager binnen dertig dagen na ontvangst van de registratieaanvraag de lijst met ontbrekende gegevens of documenten, hierna de aanvullingen genoemd. In dat geval wordt de administratieve procedure hervat vanaf de datum van ontvangst van de aanvullende informatie De aanvrager van de registratie moet de gevraagde aanvullingen binnen dertig dagen na de verzending van het verzoek om deze aanvullingen naar de instantie van afgifte in eerste aanleg sturen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De instantie van afgifte in eerste aanleg bezorgt de aanvrager van de registratie binnen een termijn van tien dagen een ontvangstbewijs van de aanvullingen: 1° per gewone post als de aanvullingen op papier werden verstuurd;2° per niet-gewaarmerkte e-mail of niet-gewaarmerkt bericht als de aanvullingen elektronisch werden ingediend. Binnen twintig dagen na ontvangst van de aanvullingen door de autoriteit van afgifte in eerste instantie, stuurt deze de aanvrager de beslissing waarbij zijn registratie wordt bevestigd..</p>\n<p class=\"lf-p\">De autoriteit van afgifte in eerste instantie zendt de aanvrager de beslissing waarbij de registratie wordt geweigerd indien : 1° zij werd ingediend zonder naleving van artikel 89;2° zij werd ingediend zonder naleving van artikel 111 en de uitvoeringsmaatregelen ervan ;4° de aanvrager van de registratie de gevraagde aanvullingen niet heeft overgemaakt binnen de termijn bedoeld in het tweede lid van deze paragraaf;4° als ze tweemaal onvolledig wordt beschouwd;5° zij werd ingediend zonder naleving van artikel 116. § 5. Na het verstrijken van de in de §§ 3 en 4 bedoelde termijnen wordt, als de beslissing tot bevestiging van de registratie van de aanvrager niet is verzonden, de aanvraag tot registratie van rechtswege geacht te zijn geweigerd. Art. 115.§ 1. Tijdens de geldigheidsduur van de door de autoriteit van afgifte in eerste instantie of in administratief beroep afgegeven registratie kan de autoriteit van afgifte in eerste instantie op eigen initiatief de afgegeven registratie aanvullen of wijzigen indien zij vaststelt dat een van de essentiële gegevens in het aanvraagdossier sinds de afgifte van de registratie is gewijzigd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Behalve in een bijzonder gemotiveerd spoedeisend geval wordt elke beslissing tot wijziging van een registratie als bedoeld in het eerste lid genomen nadat de houder in de gelegenheid is gesteld mondeling of schriftelijk opmerkingen te maken.</p>\n<p class=\"lf-p\">De wijzigingsbeslissing wordt naar de houder van de registratie gestuurd. § 2. Tijdens de geldigheidsduur van de in eerste instantie of in administratief beroep afgegeven registratie kan de houder van de registratie op eigen initiatief de autoriteit van afgifte in eerste instantie verzoeken zijn registratie te wijzigen wegens een of meerdere wijzigingen in een of meerdere essentiële gegevens in het aanvraagdossier die zich hebben voorgedaan sinds de afgifte van de registratie, met inbegrip van de beëindiging van de activiteit.</p>\n<p class=\"lf-p\">De artikelen 111 tot en met 114 zijn mutatis mutandis van toepassing op de in het eerste lid bedoelde aanvraag tot wijziging van de registratie. Art. 116.Op straffe van niet-ontvankelijkheid kan elk registratiehouder ten vroegste honderdtwintig dagen vóór het verstrijken van de geldigheidsduur van zijn registratie een nieuwe registratieaanvraag indienen voor dezelfde soort afvalactiviteit en dezelfde soorten afval of, indien van toepassing, dezelfde categorieën bemonsteringsmethoden waarvoor hij reeds is geregistreerd. Art. 117.§ 1. Tegen beslissingen van de autoriteit van afgifte in eerste instantie op grond van artikel 86 kan administratief beroep worden ingesteld bij de bevoegde autoriteit.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het recht om administratief beroep in te stellen wordt uitsluitend verleend aan de persoon die de registratie heeft aangevraagd of aan de houder van de registratie, hierna de verzoeker genoemd. § 2 Wanneer het administratief beroep betrekking heeft op een schorsingsbeslissing genomen krachtens artikel 86, schorst het niet de schorsingsbeslissing waarvan het administratief beroep uitgaat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer het administratief beroep betrekking heeft op een andere stilzwijgende of uitdrukkelijke beslissing dan die bedoeld in het eerste lid, schorst het de beslissing waartegen administratief beroep wordt ingesteld. § 3 Op straffe van onontvankelijkheid moet het administratief beroep worden ingesteld binnen een termijn van dertig dagen: 1° na ontvangst van de administratieve beslissing of beslissingen die voortvloeien uit artikel 86, 114 of 115;of; 2° bij ontstentenis van een beslissing als bedoeld in 1°, na het verstrijken van de termijn waarover de autoriteit van afgifte in eerste instantie beschikt om de beslissing te geven. § 4 Op straffe van niet-ontvankelijkheid wordt het administratief beroep ingesteld door een verzoek dat wordt ingediend op de wijze bepaald bij of krachtens artikel 89. De verzoeker zendt tegelijkertijd een afschrift van zijn verzoek aan de autoriteit van afgifte in eerste instantie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dit verzoek wordt ondertekend en bevat ten minste de volgende gegevens: 1° indien de verzoeker : een natuurlijke persoon is : voor- en achternaam, geboortedatum, bedrijfsadres, telefoonnummer en e-mailadres en, facultatief voor de verzoeker, het telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; een rechtspersoon is: zijn naam of bedrijfsnaam, het adres van zijn statutaire zetel, zijn telefoonnummer en e-mailadres en, facultatief voor de verzoeker, het telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; en; de voornaam, de familienaam en de functie van de persoon die door de betrokken rechtspersoon gemachtigd is om het beroep in te dienen; 2° in voorkomend geval, het inschrijvingsnummer bij de Kruispuntbank van Ondernemingen van de verzoeker of, bij ontstentenis daarvan, zijn identificatienummer bij elk ander gelijkaardig handels- of handelsregister, in voorkomend geval uitgegeven krachtens buitenlandse wetgeving of reglementering;3° het identificatienummer of de administratieve referentie van de beslissing waartegen administratief beroep wordt ingesteld;4° de gronden die zijn aangevoerd tegen de beslissing waartegen administratief beroep wordt ingesteld. § 5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen vijftien dagen na ontvangst van het verzoek door de autoriteit bevoegd voor het administratief beroep, stuurt deze autoriteit de verzoeker een ontvangstbevestiging van het verzoek. § 6. De autoriteit die bevoegd is voor administratieve beroepen zendt de beslissing over het administratief beroep binnen vijfenveertig dagen na de verzending van de ontvangstbevestiging van het verzoek naar de verzoeker.</p>\n<p class=\"lf-p\">De beslissing ingevolge een administratief beroep annuleert of bevestigt de beslissing die in eerste aanleg is uitgesproken. § 7. Na het verstrijken van de in § 6 bepaalde termijn wordt, indien de beslissing ingevolge een administratief beroep niet aan de verzoeker is toegezonden, de beslissing waartegen administratief beroep wordt ingesteld van rechtswege bevestigd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 2 - Bijzondere bepalingen voor de registratie van inzameling, handel en bemiddeling, vervoer en activiteiten met betrekking tot de samenbrenging, voorbehandeling, nuttige toepassing en verwijdering van ongevaarlijke afvalstoffen Art. 118.§ 1. De Regering onderwerpt de volgende activiteiten aan registratie: 1° de beroepsmatige inzameling, handel en bemiddeling van ongevaarlijke afvalstoffen;2° het beroepsmatig vervoer van ongevaarlijke afvalstoffen;3° de beroepsmatige samenbrenging, voorbehandeling, nuttige toepassing en verwijdering van ongevaarlijke afvalstoffen. Daartoe kan de Regering de registratie of de soorten registraties met betrekking tot voornoemde soorten activiteiten regelen naargelang van het soort of subtype afvalstoffen dat zij vaststelt. § 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Initiële producenten van soortgelijke ongevaarlijke afvalstoffen die hun eigen soortgelijke ongevaarlijke afvalstoffen vervoeren, zijn vrijgesteld van transportregistratie voor het vervoer van die afvalstoffen onder de volgende cumulatieve voorwaarden: 1° de hoeveelheid vervoerde afvalstoffen bedraagt niet meer dan tweehonderd vijftig kilogram per maand;en; 2° de bedoelde afvalstoffen worden vervoerd naar een inzamelaar, een handelaar, een makelaar, een inrichting of een onderneming die beschikt over de erkenning, registratie of enige andere administratieve vergunning die overeenkomstig de artikelen 6 en 32 vereist is om de activiteiten van samenbrenging, voorbehandeling, nuttige toepassing of verwijdering van de bedoelde afvalstoffen uit te voeren.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-119\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 119</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Elke houder van een registratie voor ten minste een van de soorten afvalactiviteiten bedoeld in artikel 118, § 1, informeert de begunstigde van de afvalbeheerdienst over de gedetailleerde beheersprocedures en -kosten, alsook over de bestemming van de afvalstoffen Onderafdeling 3 - Bijzondere bepalingen voor de registratie van afvalbemonsteringsactiviteiten Art. 120.§ 1. De Regering kan de professionele afvalbemonsteringsactiviteiten aan registratie onderwerpen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Daartoe kan de Regering de registratie of soorten registraties met betrekking tot deze activiteiten regelen op basis van bepaalde categorieën van monsternemingsmethoden die zij bepaalt. § 2. Elke houder van een registratie voor het type activiteiten met betrekking tot afvalstoffen, vermeld in § 1: 1° verleent diensten met inachtneming van de uitvoeringsmaatregelen genomen krachtens artikel 16, eerste lid, 1° ;2° voldoet aan de krachtens artikel 16, eerste lid, 2°, goedgekeurde indicatieve technische bepalingen of kan een gelijkwaardige kwaliteit van zijn deskundigheid aantonen. TITEL 2 - UITGEBREIDE PRODUCENTENVERANTWOORDELIJKHEID HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepalingen Afdeling 1 - Doelstellingen en toepassingsgebied</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-121\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 121</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. In het belang van de milieubescherming en een verantwoord gebruik van hulpbronnen, met inbegrip van natuurlijke hulpbronnen, worden in deze titel de minimumeisen vastgesteld die van toepassing zijn op regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid die gericht zijn op versterking van afvalpreventie, voorbereiding voor hergebruik, hergebruik, recycling en andere nuttige toepassingen. § 2. Het bij deze titel en de uitvoeringsmaatregelen ervan ingevoerde systeem van uitgebreide verantwoordelijkheid van de producent van producten is van toepassing op de volgende afvalstoffen : 1° afval van elektrische of elektronische uitrustingen;2° afval van batterijen en accu's;3° afgedankte voertuigen;4° gebruikte banden;5° afgewerkte oliën;6° afgedankte matrassen.7° sanitair textielafval voor eenmalig gebruik, met inbegrip van gebruikte vochtige doekjes;8° gebruikte ballonnen;9° gebruikt vistuig dat plastic bevat;10° sigarettenpeuken. § 2 De Regering kan een systeem van uitgebreide verantwoordelijkheid van de producent van producten overeenkomstig deze titel invoeren voor de volgende afvalstoffen : 1° gebruikt meubilair;2° 2° gebruikte kauwgom;3° gebruikt textiel;4° gebruikte wegwerpluiers. § 3. Elke regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid ingevoerd door deze titel en haar uitvoeringsmaatregelen leidt, naargelang het geval, tot : 1° alle volgende hoofdverplichtingen : een verplichting om afvalstoffen te beheren; een verplichting om afvalbeheer en bepaalde afvalpreventiemaatregelen te financieren; een verplichting tot voorlichting en bewustmaking; een rapporteringsverplichting; een verplichting om een strategisch plan en bijbehorende jaarlijkse uitvoeringsplannen op te stellen; 2° onverminderd 1°, alle of sommige van de volgende verplichtingen die door de Regering kunnen worden geactiveerd : een verplichting tot terugname van afvalstoffen; een verplichting om afvalstoffen te voorkomen; een verplichting om gekwantificeerde doelstellingen inzake inzameling of nuttige toepassing te bereiken, in het bijzonder voor recycling, of om te streven naar streefwaarden voor voorbereiding voor hergebruik of hergebruik; een verplichting om de openbare netheid te financieren.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-122\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 122</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid geldt onverminderd de in artikel 47, § 1, bedoelde verantwoordelijkheid voor afvalbeheer en onverminderd de geldende specifieke wet- en regelgeving betreffende afvalstromen en de geldende specifieke wet- en regelgeving betreffende producten De regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid laat de verplichtingen en taken van lokale autoriteiten met betrekking tot de volksgezondheid onverlet, en de verplichtingen en taken van lokale autoriteiten met betrekking tot de volksgezondheid laten de verplichtingen van producenten van producten in het kader van de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid dat op hen van toepassing is, onverlet. Afdeling 2 - Begripsomschrijving</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-123\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 123</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Onverminderd artikel 5 wordt voor de toepassing van deze titel verstaan onder: 1° de \"regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid\": een geheel van maatregelen om ervoor te zorgen dat de producenten van producten financiële of financiële en organisatorische verantwoordelijkheid nemen voor het beheer van de afvalfase van de levenscyclus van een product;2° de \"huishoudelijke afval\": de afval voortgebracht door de gewone activiteit van de gezinnen alsook de afval voortgebracht door een beroepsactiviteit die vanwege de aard en samenstelling ervan vergelijkbaar is en gelijkgesteld wordt met de gewone activiteit van de gezinnen ;3° \"industriële afval\" : de afval die niet onder 2° valt;4° \"streefwaarde\": een doelstelling bestaande uit een niveau dat is vastgesteld met het oog op het vermijden, voorkomen of verminderen van schadelijke gevolgen voor de menselijke gezondheid of het milieu in zijn geheel, en dat binnen een bepaalde periode zoveel mogelijk moet worden bereikt;5° \"elektrische en elektronische apparatuur\" of \"EEA\": apparaten die afhankelijk zijn van elektrische stromen of elektromagnetische velden om naar behoren te werken en apparaten voor het opwekken, overbrengen en meten van die stromen en velden en die bedoeld zijn voor gebruik met een spanning van maximaal 1 000 volt bij wisselstroom en 1 500 volt bij gelijkstroom 6° \"batterij\" of \"accu\": bron van door rechtstreekse omzetting van chemische energie verkregen elektrische energie, bestaande uit één of meer primaire (niet-oplaadbare) batterijcellen of uit één of meer secundaire (oplaadbare) batterijcellen;7° \"voertuig\": elk voertuig ingedeeld in categorie M1 of N1, zoals bedoeld in Verordening (EU) 2018/858, alsmede de driewielers zoals omschreven in Verordening (EU) 168/2013, met uitzondering van de driewielers met motor, ongeacht hoe het voertuig tijdens het gebruik werd onderhouden of gerepareerd en ongeacht of het werd uitgerust met door de producent geleverde onderdelen dan wel met andere onderdelen die als vervangings- of inbouwonderdeel in overeenstemming met de relevante gemeenschapsbepalingen of interne bepalingen werden aangebracht;8° \"band\" betekent elk ringvormig voorwerp van rubber en eventueel van andere materialen, pneumatisch of massief, met inbegrip van banden, maar met uitzondering van fietsbanden;9° \"olie\" alle soorten minerale of synthetische smeerolie of industriële olie, zoals olie van verbrandingsmotoren en versnellingsbakken, alsmede smeerolie, olie voor turbines en hydraulische oliën;10° \"matrassen\" : alle producten die bestemd zijn om op te slapen en te rusten, bestaande uit een sterke hoes, gevuld met basismaterialen, en die kunnen worden geplaatst op een bestaande ondersteunende bedstructuur, met inbegrip van de dekmatrasssen;11° \"dekmatras\": elk stuk beddengoed met een maximumdikte van tien centimeter dat bestemd is om bovenop een matras te worden gelegd;12° \"sanitair textiel voor eenmalig gebruik\": alle producten voor eenmalig gebruik die bestemd zijn voor intieme lichaamshygiëne of huishoudelijke hygiëne, zoals vochtige doekjes;13° \"vochtige doekjes\" : alle vooraf bevochtigde doekjes voor persoonlijke hygiëne, en huishoudelijke doekjes;14° \"ballonnen\": alle niet-poreuze voorwerpen van licht materiaal die bestemd zijn om met lucht of gas te worden opgeblazen, met uitzondering van ballonnen voor industriële of andere professionele toepassingen die niet aan consumenten worden verstrekt.15° \"vistuig voor de zeevisserij\": elk voorwerp of uitrusting dat bij de visserij of de aquacultuur wordt gebruikt om levende mariene hulpbronnen te bevissen, te vangen of te kweken, of dat op het zeeoppervlak drijft en wordt ingezet om deze levende mariene hulpbronnen aan te trekken en te vangen of te kweken;16° \"vistuig voor de zoetwatervisserij\": elk voorwerp of uitrusting dat bij de visserij of de aquacultuur wordt gebruikt om biologische hulpbronnen in zoet water aan te trekken, te vangen of te kweken, of dat op het zoetwateroppervlak drijft en wordt ingezet om die biologische hulpbronnen in zoet water aan te trekken en te vangen of te kweken;17° \"vistuig\" : de categorie van producten die het in 15° en 16° bedoelde vistuig omvat;18° \"tabaksproducten\": alle producten die kunnen worden geconsumeerd en zelfs gedeeltelijk uit tabak bestaan, al dan niet genetisch gemodificeerd, alsmede filters die in de handel worden gebracht voor gebruik in combinatie met tabaksproducten;19° \"peuken\": alle afgedankte tabaksproducten met kunststoffilters voor eenmalig gebruik en alle afgedankte kunststoffilters voor eenmalig gebruik die in de handel zijn gebracht toen zij producten waren die in combinatie met tabaksproducten kunnen worden gebruikt 20° \"meubilair\": elk roerend goed waarvan de buitenafmetingen gelijk zijn aan of groter zijn dan veertig centimeter of waarvan het volume gelijk is aan of groter is dan zestig kubieke decimeter en dat bestemd is voor het gebruik of de decoratie van lokalen of de buitenkant ervan, met uitzondering van levende dieren en matrassen;21° \"kauwgom\": alle al dan niet gecoate kauwgom die bedoeld is om op te kauwen en niet om door te slikken;22° \"textiel\": alle kleding, schoeisel, linnengoed en producten van natuurlijke of synthetische vezels;23° \"wegwerpluiers\": alle wegwerpproducten die bestemd zijn om de ontlasting of de urine van de drager ervan op te vangen, met uitzondering van stomazakjes;24° \"producent van producten\": elke persoon bedoeld in 25°, 26°, 27° of 28° afhankelijk van de betrokken regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid; 25° \"EEA producent\": elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die ongeacht de verkooptechniek, met inbegrip van communicatie op afstand overeenkomstig de bepalingen van artikel I.8, 15°, van het Wetboek van economisch recht : is gevestigd op het Belgisch grondgebied en onder zijn eigen naam of merk EEA vervaardigt, of EEA laat ontwerpen of vervaardigen die hij onder zijn naam of merk op het Belgisch grondgebied verhandelt ; is gevestigd op het Belgisch grondgebied en op het Belgisch grondgebied onder zijn eigen naam of handelsmerk apparatuur wederverkoopt die door andere leveranciers is geproduceerd; hierbij wordt de wederverkoper niet als \"producent\" aangemerkt wanneer het merkteken van de producent overeenkomstig punt a) op het apparaat zichtbaar is ; is gevestigd op het Belgisch grondgebied en brengt beroepsmatig EEA op de Belgische markt die afkomstig zijn van een derde land of; buiten het Belgische grondgebied is gevestigd en EEA op afstand verkoopt in de zin van artikel I.8, 15°, van het Wetboek van economisch recht, rechtstreeks of via een elektronische marktplaats, aan particuliere huishoudens of aan andere gebruikers dan particuliere huishoudens in België; 26° \"producent van batterijen of accu's\": eenieder die, ongeacht de gebruikte verkooptechniek, met inbegrip van technieken voor verkoop op afstand overeenkomstig de bepalingen van artikel I.8, 15°, van het Wetboek van economisch recht, batterijen of accu's, met inbegrip van die welke in apparaten of voertuigen zijn ingebouwd, beroepsmatig voor het op het Belgische grondgebied op de markt brengt, al dan niet voor eigen gebruik; 27° \"voertuigproducent\" : de voertuigfabrikant of de beroepsimporteur van een voertuig op Belgisch grondgebied; 28° \"producent van andere producten\": elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die ongeacht de verkooptechniek, met inbegrip van communicatie op afstand in de zin van artikel I.8, 15°, van het Wetboek van economisch recht : is gevestigd op het Belgisch grondgebied en onder zijn eigen naam of merk een ander product dan bedoeld in 5° tot en met 7° vervaardigt, of laat ontwerpen of vervaardigen dat hij onder zijn naam of merk op het Belgisch grondgebied verhandelt; is gevestigd op het Belgisch grondgebied en op het Belgisch grondgebied onder zijn eigen naam of handelsmerk een ander product dan bedoeld in 5° tot en met 7° wederverkoopt dat door andere leveranciers is geproduceerd; hierbij wordt de wederverkoper niet als \"producent\" aangemerkt wanneer het merkteken van de producent overeenkomstig punt a) op het product zichtbaar is; is gevestigd op het Belgisch grondgebied en brengt beroepsmatig een ander product dan bedoeld in 5° tot en met 7° op de Belgische markt dat afkomstig is van een derde land; gevestigd is op Belgisch grondgebied en een ander dan het in 5° tot en met 7° bedoelde product vervaardigt of invoert en voor eigen beroepsdoeleinden op Belgisch grondgebied gebruikt; of; buiten het Belgische grondgebied is gevestigd en een ander product dan bedoeld in 5° tot en met 7° op afstand verkoopt in de zin van artikel I.8, 15°, van het Wetboek van economisch recht, rechtstreeks of via een elektronische marktplaats, aan particuliere huishoudens of aan andere gebruikers dan particuliere huishoudens in België; 29° \"distributeur\": elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die deel uitmaakt van de toeleveringsketen en EEA of andere producten die onder een regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid vallen, op de markt aanbiedt.30° \"detailhandelaar\": elke natuurlijke of rechtspersoon die een product dat onder een regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid valt, te koop aanbiedt aan de consument;31° \"consument\": iedere natuurlijke of rechtspersoon die producten die onder een regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheidsstelsel valt, privé of beroepsmatig verwerft om ze te consumeren of te gebruiken. § 2 Met betrekking tot paragraaf 1, 1°, in de definitie van \"uitgebreide producentenverantwoordelijkheid\" omvat de \"afvalfase\" van de levenscyclus van een product selectieve inzameling, sortering en verwerking</p>\n<p class=\"lf-p\">De \"uitgebreide producentenverantwoordelijkheid\" kan in voorkomend geval ook de verantwoordelijkheid omvatten om bij te dragen tot afvalpreventie en tot de herbruikbaarheid en recycleerbaarheid van producten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met betrekking tot de definitie van \"afvalstoffen van huishoudelijke oorsprong\", bedoeld in paragraaf 1, 2°, kan de Regering afvalstoffen van beroepsactiviteiten opsommen die gelijkgesteld worden met afvalstoffen van de gebruikelijke huishoudelijke activiteiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met betrekking tot punt 1, 20°, moet een product, om te bepalen of het onder de definitie van \"meubilair\" valt, qua ontwerp geschikt zijn om op te zitten, te liggen, te leunen of te zitten, om voorwerpen op te slaan, neer te leggen of op te bergen, of om te versieren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met betrekking tot de definitie van \"producent van EEA\", bedoeld in paragraaf 1, 25°, en de definitie van \"producent van andere producten\", bedoeld in paragraaf 1, 28°, wordt een persoon die uitsluitend financiering verstrekt krachtens of overeenkomstig een financieringsovereenkomst, niet als \"producent\" beschouwd, tenzij hij ook optreedt als producent in de zin van de punten a) tot en met d) van die definities.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wat de definitie van \"distributeur\" in paragraaf 1, 29° en de definitie van \"detailhandelaar\" in paragraaf 1, 30° betreft, beletten deze definities niet dat een \"distributeur\" of \"detailhandelaar\" ook een \"producent van producten\" in de zin van paragraaf 1, 24° is. § 3. Teneinde dit decreet en de uitvoeringsmaatregelen ervan in overeenstemming te brengen met het recht van de Europese Unie en het internationaal recht, kan de Regering de bepalingen van deze afdeling intrekken, wijzigen, aanvullen of vervangen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de door de Regering krachtens dit lid genomen maatregelen dit decreet wijzigen, verliezen zij hun werking van rechtswege indien zij niet binnen twaalf maanden na hun bekendmaking in het Belgisch Staatsblad bij decreet worden bevestigd. Afdeling 3 - Machtigingen van de Regering</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-124\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 124</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Onverminderd het recht van de Europese Unie zal de Regering voor elke regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid : 1° het (de) type(n) of subtype(n) van de betrokken afval vermelden;2° in overeenstemming met de afvalhiërarchie, doelstellingen inzake afvalbeheer vaststellen met het oog op het bereiken van de kwantitatieve doelstellingen die relevant zijn voor de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid die door het recht van de Europese Unie en door dit besluit en de uitvoeringsmaatregelen ervan worden vastgesteld;3° om de twee jaar aan het Waals Parlement een verslag richten over de uitvoering van deze titel en de maatregelen ter uitvoering ervan. § 2 Onverminderd het recht van de Europese Unie kan de Regering voor elke regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid : 1° bepaalde subtypes van afvalstoffen of producten die zij vaststelt, uitsluiten van het toepassingsgebied van een regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid;2° hogere of andere kwantitatieve of kwalitatieve doelstellingen vaststellen die relevant worden geacht voor de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor de betreffende producten die hoger liggen of anders zijn dan de doelstellingen bedoeld in paragraaf 1, 2° ;3° in het kader van artikel 134 en artikel 137, § 2, definiëren, vaststellen of specificeren : het/de passende zelfcontrolemechanisme(n); het concept van gecertificeerde onafhankelijke audit; hun regelmaat; 4° onverminderd de bevoegdheden van de federale Staat, passende maatregelen nemen om te bevorderen dat producten of componenten van producten zodanig worden ontworpen dat hun milieueffecten en het ontstaan van afval tijdens de productie en het latere gebruik van de producten worden beperkt, en ervoor zorgen dat de nuttige toepassing en de verwijdering van producten die afvalstoffen zijn geworden, plaatsvinden overeenkomstig de artikelen 6 en 32;5° maatregelen nemen om het passende kader voor toezicht en controle op de toepassing van deze titel en de uitvoeringsmaatregelen ervan te versterken, met de volgende doelstellingen: de naleving van verplichtingen inzake uitgebreide verantwoordelijkheid door productproducenten en organisaties voor uitgebreide productverantwoordelijkheid, ook bij verkoop op afstand; het efficiënte gebruik van de financiële middelen; en de rapportage van betrouwbare gegevens door alle actoren die betrokken zijn bij de uitvoering van regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid; 6° onverminderd artikel 142, verdere maatregelen nemen om de regelmatige dialoog te versterken tussen de belanghebbenden die betrokken zijn bij de uitvoering van regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid, waaronder producenten en distributeurs van producten, publieke of particuliere actoren op het gebied van afvalbeheer, plaatselijke overheden, organisaties uit het maatschappelijk middenveld en, in voorkomend geval, actoren uit de sociale economie, netwerken voor hergebruik en reparatie en actoren die actief zijn op het gebied van de voorbereiding van hergebruik 7° de aanwijzing van de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 129, § 2 verplicht maken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met betrekking tot lid 1, 3°, blijven de verplichtingen van de daarin bedoelde producent van producten van toepassing ondanks het ontbreken van uitvoeringsmaatregelen van de Regering.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met betrekking tot lid 1, 4°, houden de daarin bedoelde maatregelen rekening met de effecten van producten gedurende hun gehele levenscyclus, alsmede met de afvalhiërarchie en, in voorkomend geval, de mogelijkheid van meervoudige recycling. Deze maatregelen kunnen onder meer de ontwikkeling, de productie en het op de markt brengen van multifunctionele producten of productcomponenten met gerecycleerde, technisch duurzame en gemakkelijk te herstellen materialen aanmoedigen. Nadat dergelijke producten of productcomponenten afval zijn geworden, moeten zij geschikt zijn om te worden voorbereid voor hergebruik en recycling, teneinde de correcte toepassing van de afvalhiërarchie te vergemakkelijken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-125\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 125</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De door de regering uit hoofde van deze titel genomen uitvoeringsmaatregelen : 1° houden rekening met de technische haalbaarheid en de economische levensvatbaarheid, alsmede met de algemene gevolgen voor het milieu en de menselijke gezondheid en de sociale gevolgen, met inachtneming van de noodzaak de goede werking van de interne markt van de Europese Unie te waarborgen;2° zorgen voor gelijke behandeling van producenten van producten, ongeacht hun oorsprong of omvang, zonder een onevenredige regelgevende last op te leggen aan producenten van producten, waaronder kleine en middelgrote ondernemingen, van kleine hoeveelheden producten</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-126\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 126</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Voorlichting aan het publiek uit hoofde van deze titel en de uitvoeringsmaatregelen ervan laat de bescherming van de vertrouwelijkheid van commercieel gevoelige informatie overeenkomstig het toepasselijke nationale recht en het recht van de Europese Unie onverlet. Afdeling 4 - Productproducenten en delegatieregelingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-127\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 127</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid richt zich tot elke producent van producten waarvan de door hem op de Belgische markt gebrachte producten de bron zijn van de in artikel 121, § 2, bedoelde afval, onder de in deze titel en de uitvoeringsmaatregelen ervan vastgestelde voorwaarden. § 1. Om te voldoen aan de verplichtingen die hem bij of krachtens deze titel zijn opgelegd, kan de producent van producten : 1° hetzij zelf aan zijn verplichtingen voldoen door middel van een individueel strategisch plan dat door de administratie of door de bevoegde instantie op administratief beroep is goedgekeurd overeenkomstig hoofdstuk 2, afdeling 5, en hoofdstuk 5 van deze titel en de uitvoeringsbepalingen daarvan;2° hetzij zijn verplichtingen laten nakomen via een organisatie die overeenkomstig hoofdstuk 2, afdeling 5, en hoofdstuk 5 van deze titel en de uitvoeringsbepalingen daarvan door de administratie of door de Regering in administratief beroep is erkend in het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor producten en waarbij hij zich heeft aangesloten, in welk geval hij wordt geacht aan zijn verplichtingen te hebben voldaan zodra en zolang hij aantoont dat hij rechtstreeks of via een tot vertegenwoordiging bevoegde persoon met deze erkende organisatie een overeenkomst heeft gesloten. § 3 De producent van producten of de met de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor producten belaste organisatie kan met elke publiekrechtelijke of privaatrechtelijke derde een contract sluiten om zijn verplichtingen in het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor producten na te komen Elke producent van producten moet in het kader van zijn aanvraag tot goedkeuring van zijn individueel strategisch plan of elke organisatie in het kader van zijn aanvraag tot goedkeuring, en tijdens de geldigheidsduur van dat plan en die goedkeuring, aan de administratie meedelen op welke wijze hij die verplichtingen nakomt of op welke wijze de derde waarmee hij een overeenkomst heeft gesloten, de nakoming van die verplichtingen mogelijk maakt. § 4 De producent van producten of de organisatie voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid blijft gebonden aan al zijn verplichtingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid in geval van gehele of gedeeltelijke niet-nakoming van verplichtingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid door zijn mede- of onderaannemers.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-128\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 128</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. In het geval van regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor huishoudelijk afval kunnen de plaatselijke overheden en de openbare instanties voor afvalbeheer, in geval van opschorting of intrekking van een individueel strategisch plan of goedkeuring voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid bij een administratief besluit, dat kan worden genomen na een administratief beroep, van rechtswege voorzien in de gunning en uitvoering van contracten met betrekking tot de operationele verantwoordelijkheid voor dergelijke regelingen voor huishoudelijk afval. § 2 De gunning en uitvoering van de in paragraaf 1 bedoelde contracten doen geen afbreuk aan andere goedgekeurde individuele strategische plannen en andere goedkeuringen die overeenkomstig deze titel en de uitvoeringsmaatregelen ervan zijn verleend in het kader van de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor de betrokken producten: 1° bij aanwezigheid van dergelijke andere individuele plannen wordt, bij ontstentenis van een andersluidende contractuele bepaling tussen enerzijds de lokale overheden of de openbare afvalbeheerders en anderzijds de genoemde houders, een percentage dat overeenstemt met de hoeveelheden producten die door de houders van genoemde individuele plannen op de Belgische markt worden gebracht, uitgesloten van de hoeveelheden afvalstoffen die onder de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid vallen voor de betrokken producten die door de lokale overheden en de openbare afvalbeheerders worden ingezameld en die het voorwerp uitmaken van de in paragraaf 1 bedoelde contracten;en; 2° bij aanwezigheid van dergelijke andere erkenningen wordt, tenzij anders is bepaald in een contract tussen de plaatselijke overheden of de openbare afvalbeheerders enerzijds en die houders anderzijds, een percentage dat overeenstemt met de hoeveelheden producten die op de Belgische markt worden gebracht door producenten van producten die behoren tot een organisatie die over een dergelijke erkenning beschikt, uitgesloten van de hoeveelheden afval die onder de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid vallen voor de betrokken producten die door de plaatselijk overheden en de openbare afvalbeheerders worden ingezameld en waarvoor de in paragraaf 1 bedoelde contracten gelden</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-129\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 129</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. Een in een andere Lidstaat van de Europese Unie gevestigde producent van producten die in België producten op de markt brengt waarvan de in artikel 121, § 2, bedoelde afval afkomstig zijn, kan een in België gevestigde natuurlijke of rechtspersoon aanwijzen als mandataris die belast is met het toezicht op de naleving van de verplichtingen die krachtens deze titel en de uitvoeringsmaatregelen ervan in het Waalse Gewest op hem rusten De Aanwijzing van een mandataris gebeurt via een schriftelijke machtiging. Indien dit mandaat eindigt, stellen de gemachtigde en de producent van het product de administratie daarvan binnen een maand na het einde van het mandaat schriftelijk in kennis.</p>\n<p class=\"lf-p\">Teneinde de mandatarissen te identificeren die verantwoordelijk zijn voor de naleving van de verplichtingen die krachtens deze titel en de uitvoeringsmaatregelen ervan op producenten van producten die in een andere lidstaat van de Europese Unie zijn gevestigd rusten in het Waalse Gewest, en teneinde het contact met hen te vergemakkelijken voor andere actoren in de afvalbeheersketen die overeenkomstig deze titel onderworpen zijn aan een regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor producten, publiceert de administratie op ten minste één website van het Waalse Gewest een register dat voor elke vertegenwoordiger de volgende informatie bevat, en houdt het dit register bij: 1° als het gaat om: van een natuurlijke persoon: zijn voornaam, achternaam en adres en, facultatief voor de vertegenwoordiger, zijn telefoonnummer, e-mailadres en het telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; een rechtspersoon: zijn benaming of firmanaam, het adres van zijn statutaire zetel en, facultatief voor de mandataris, zijn telefoonnummer, zijn e-mailadres en het telefoonnummer en e-mailadres van een andere contactpersoon of -dienst; 2° in voorkomend geval, het inschrijvingsnummer van de gemachtigde bij de Kruispuntbank van Ondernemingen of, bij gebreke daarvan, zijn identificatienummer bij elk ander gelijkaardig handels- of beroepsregister, in voorkomend geval uitgegeven krachtens een buitenlandse wetgeving of reglementering;3° de soort of categorie van de betrokken producten;4° in voorkomend geval, en facultatief voor de mandataris, het adres van zijn website. § 2 Een op het grondgebied van het Waalse Gewest gevestigde producent van producten die producten in de handel brengt waarvan de in artikel 121, § 2, bedoelde afval afkomstig is uit een andere Lidstaat van de Europese Unie waar hij niet gevestigd is, kan in die Lidstaat een vertegenwoordiger aanwijzen die belast is met het toezicht op de naleving van de verplichtingen van die producent van producten met betrekking tot de uitgebreide verantwoordelijkheid van de producent op het grondgebied van die Lidstaat van de Europese Unie krachtens de aldaar geldende wet- en regelgeving.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">HOOFDSTUK 2. - Belangrijkste verplichtingen Afdeling 1 - Verplichting tot afvalbeheer</h3>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-130\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 130</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Om aan hun verplichtingen inzake afvalbeheer te voldoen, moet de producent van producten : 1° in het Waalse Gewest een duidelijk omschreven geografische dekking hebben van de producten en materialen waaruit de afval, bedoeld in artikel 121, § 2, afkomstig is, zonder dat deze gebieden beperkt zijn tot die waar de inzameling en het beheer van afval het meest rendabel zijn;2° in voldoende beschikbaarheid voorzien van afvalinzamelingssystemen in de onder 1° bedoelde gebieden. Art. 131.§ 1. Al het afval dat overeenkomstig deze titel onder een regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid valt, wordt beheerd overeenkomstig de geldende milieuwet- en regelgeving. § 2 De producent van producten zorgt ervoor dat de verplichtingen inzake beheer, met inbegrip van behandeling en met name recycling, worden nagekomen en dat het ingezamelde afval wordt behandeld met de beste beschikbare technieken voor de bescherming van de gezondheid en het milieu Daartoe geeft de producent, overeenkomstig de beginselen van zelfvoorziening en nabijheid als bedoeld in artikel 7, zoveel mogelijk de voorkeur aan lokale beheerskanalen, lokale installaties of lokaal ingedeelde inrichtingen. Afdeling 2 - Verplichting tot financiering van afvalbeheer en bepaalde afvalpreventiemaatregelen Onderafdeling 1 - Gemeenschappelijke bepalingen voor alle afvalstoffen waarvoor de verplichting tot financiering van afvalbeheer en bepaalde afvalpreventiemaatregelen geldt Art. 132.§ 1. Financiële bijdragen van productproducenten om te voldoen aan hun uitgebreide verantwoordelijkheid: 1° dekken de volgende kosten voor producten die de producent op de Belgische markt brengt: de kosten van de inzameling, en in voorkomend geval de selectieve inzameling, van de afvalstoffen en van het daaropvolgende vervoer en de verwerking ervan, met inbegrip van de verwerking die nodig is om de doelstellingen inzake afvalbeheer van de Europese Unie en het Waalse Gewest te verwezenlijken, alsmede de kosten die nodig zijn om de andere doelstellingen bedoeld in artikel 124, § 2, eerste lid, 2°, te verwezenlijken, rekening houdend met de inkomsten uit hergebruik, de verkoop van secundaire grondstoffen van zijn producten en eventuele niet-opgeëiste statiegeldrechten; kosten die voortvloeien uit het verstrekken van adequate informatie aan afvalhouders overeenkomstig artikel 136; de kosten van het verzamelen en meedelen van gegevens overeenkomstig de artikelen 137 tot en met 139, met inbegrip van de kosten van audits voor de certificering van die gegevens; en; 2° zijn niet hoger dan de kosten die nodig zijn voor het verstrekken van kosteneffectieve afvalbeheersdiensten.Deze kosten worden op transparante en objectieve wijze tussen de betrokken belanghebbenden vastgesteld. § 2 De Regering kan voor elk door haar bepaalde regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid de dekking van de kosten, vermeld in paragraaf 1, 1°, a) tot c), uitbreiden tot de kosten voor het opzetten van specifieke infrastructuur voor de inzameling van de betrokken afvalstoffen, zoals geschikte recipiënten op plaatsen waar de onder de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid illegale afvalstoffen het vaakst worden gestort. § 3 Indien het recht van de Europese Unie zulks vereist, kan de Regering van dit artikel afwijken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-133\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 133</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De producent van producten zorgt ervoor dat de in en krachtens artikel 132 bedoelde financiële bijdragen die hij toepast voor dezelfde soort of subtype afval dat onder de regeling voor uitgebreide verantwoordelijkheid valt en dat hem betreffen, ten aanzien van hetzelfde type producent van oorspronkelijk afval, gelijkwaardig zijn, ongeacht met welke actor hij een contract sluit</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-134\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 134</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De productproducent voert een passend zelfcontrolemechanisme in, gebaseerd op regelmatige gecertificeerde onafhankelijke audits, om zijn financieel beheer te beoordelen, met inbegrip van de naleving van de vereisten van : 1° de door de Regering krachtens artikel 132, § 2, genomen aanvullende of afwijkende maatregelen en, bij gebreke daarvan;2° artikel 132, § 1, en de uitvoeringsbepalingen daarvan, alsmede, in voorkomend geval, die van artikel 135. Onderafdeling 2 - Bijzondere bepalingen voor de financiering van het beheer van huishoudelijk afval en maatregelen voor afvalpreventie en -beheer door krachtens artikel 103 erkende ondernemingen van de sociale economiebedrijven Art. 135.Wanneer het operationele beheer van huishoudelijke afval wordt uitgevoerd door een publiekrechtelijke rechtspersoon die daarvoor territoriaal verantwoordelijk is, of wanneer afvalpreventie- en afvalbeheersmaatregelen worden uitgevoerd door een krachtens artikel 103 erkend sociale economiebedrijf waarmee de producent van producten een overeenkomst heeft gesloten, kan de Regering, in voorkomend geval voor elke betrokken soort of subtype afval, bindende regels vaststellen voor het in rekening brengen van de in artikel 132 bedoelde kosten en opbrengsten Deze bindende voorschriften omvatten ten minste een model voor de berekening van die kosten en een lijst van de te dragen nettokosten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de Regering de in lid 1 bedoelde bindende regeling vaststelt, kan zij tevens, met inachtneming van de eventuele ontvangsten en de niet-opgevraagde statiegeldbijdragen, de verdeling en de invordering van deze kosten bij de producenten van de betrokken producten organiseren door middel van een regionaal retributiesysteem ten behoeve van de betrokken publiekrechtelijke rechtspersonen en de krachtens artikel 103 erkende sociale economiebedrijven. Afdeling 3 - Informatie- en sensibiliseringsverplichtingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-136\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 136</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De producent van producten stelt de houders van afval die onder de op hem toepasselijke en overeenkomstig deze titel en de uitvoeringsmaatregelen ervan opgezette regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid vallen, in kennis van het bestaan van afvalpreventiemaatregelen, van centra voor hergebruik en voorbereiding voor hergebruik, van terugnamesystemen en systemen voor afvalinzameling en van het voorkomen van illegale afvalstorting Daartoe zorgt de producent van de producten ervoor, met name door middel van voorlichtings- en bewustmakingscampagnes, dat de consumenten, met inbegrip van professionele gebruikers, worden geïnformeerd : 1° van de voordelen van hergebruik en het belang om afval van hun producten niet als ongesorteerd afval weg te gooien en deel te nemen aan de selectieve inzameling ervan om hergebruik, verwerking en recycling te vergemakkelijken;2° van het milieuvriendelijke gebruik van hun producten en de wijze waarop het product kan worden hergebruikt, voorbereid voor hergebruik, gerecycleerd of anderszins nuttig toegepast;3° van de inzamelings- en beheerssystemen die hen ter beschikking gesteld worden ;4° van de rol die zij moeten spelen bij de recycling van het afval van hun producten.De producent zorgt tevens voor de doeltreffendheid van de afvalbeheersketen, met name door voorlichting en bewustmaking van inzamelaars, handelaren, makelaars, vervoerders, inrichtingen en ondernemingen die in het bezit zijn van de erkenning, registratie of enige andere administratieve vergunning die vereist is om namens de genoemde producent van het product handelingen van groepering, voorbehandeling, nuttige toepassing of verwijdering te verrichten. § 2 Indien de in hoofdstuk 3, afdeling 1, bedoelde terugnameplicht door de Regering van toepassing wordt verklaard op de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor de betrokken producten, zorgt de detailhandelaar ervoor dat de consumenten, met inbegrip van professionele gebruikers, worden geïnformeerd : 1° van de meest geschikte manier om het product te gebruiken en te onderhouden;2° van de mogelijkheid van reparatie in geval van storing en de beschikbaarheid van reserveonderdelen;3° van het bestaan van krachtens artikel 103 erkende ondernemingen van de sociale economie en andere actoren die actief zijn op het gebied van hergebruik en voorbereiding voor hergebruik;4° van hoe consumenten en professionele gebruikers zich van de betrokken afvalstoffen kunnen ontdoen;5° in voorkomend geval, van de mogelijkheid om afvalstoffen die onder de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid vallen, terug te brengen naar hun verkooppunten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De detailhandelaar brengt op een zichtbare plaats in de voor de handel bestemde ruimte, of anders op zijn website, een mededeling aan waarin hij onder de titel \"UITGEBREIDE AANSPRAKELIJKHEID VAN PRODUCENTEN\" aangeeft hoe hij de bepalingen van deze titel en de uitvoeringsmaatregelen ervan naleeft. Afdeling 4 - Rapportageplicht</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-137\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 137</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De producent van producten zet een systeem van gegevensrapportering op om gegevens te verzamelen over de producten die hij op de Belgische markt brengt en gegevens over de inzameling en verwerking van het afval van zijn producten, waarbij in voorkomend geval de materiaalstromen worden gespecificeerd, alsmede andere door de Regering bepaalde relevante gegevens Daarbij kan de producent van het product in voorkomend geval rekening houden met registraties in het kader van het communautaire milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) of een ander referentiesysteem voor milieubeheer. § 2 De producent van de producten voert een passend zelfcontrolemechanisme in, gebaseerd op regelmatige gecertificeerde onafhankelijke audits, om de kwaliteit van de overeenkomstig paragraaf 1 en de eisen van Verordening (EG) nr. 1013/2006 verzamelde en gerapporteerde gegevens te beoordelen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-138\"><span class=\"lf-art-num\">Art. 138</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">§ 1. De producenten van de producten moeten de administratie uiterlijk op 31 mei van elk jaar de volgende gegevens verstrekken: 1° de wijze waarop hij de verplichtingen nakomt die voortvloeien uit de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor de hem betreffende producten;2° de totale hoeveelheid, uitgedrukt in kilogram en in voorkomend geval in aantal, van de betrokken producten die in België op de markt zijn gebracht in het jaar waarop het verslag betrekking heeft;3° de inzamelings- en recyclingsystemen die hij gebruikt;4° een lijst van de inrichtingen waar de afvalstoffen worden verwerkt, alsook de verwerkingsresten en -wijzen;5° een beschrijving van de verwerkingsmethoden die op de in 4° bedoelde afval en verwerkingsresiduen zijn toegepast en, in voorkomend geval, het behaalde recyclagerendement;6° de totale hoeveelheden, uitgedrukt in kilogrammen en eventueel in aantallen, die in het Waalse Gewest zijn ingezameld en worden beheerd overeenkomstig de in het Waalse Gewest geldende wet- en regelgeving, waarbij in voorkomend geval een onderscheid wordt gemaakt tussen hoeveelheden huishoudelijk afval en hoeveelheden industrieel afval, met inbegrip van behandelingsresiduen;7° ramingen van de totale hoeveelheid, uitgedrukt in kilogrammen en eventueel in aantallen, van de producten die tijdens het lopende jaar op de Belgische markt zullen worden gebracht, tenzij door de Regering ontheffing wordt verleend;8° in voorkomend geval, de door de Regering krachtens artikel 137, § 1, bepaalde relevante gegevens</p></div>", "next": 239108}