{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">Artikel 83 is opgevat als een inleidende bepaling die naar analogie van artikel 8 van de wet de basisvoorwaarden uiteenzet op grond waarvan een rechtspersoon toegang kan verkrijgen tot geclassificeerde informatie. Analoog aan de regels voor fysieke personen, kunnen rechtspersonen enkel toegang krijgen tot geclassificeerde informatie indien deze beschikken over een overeenstemmende veiligheidsmachtiging voor rechtspersonen en over de nodige noodzaak tot kennisname beschikken. Op advies van de Raad van State (p. 54) wordt er gepreciseerd dat er in overeenstemming met artikel 8, § 2 van de wet geen veiligheidsmachtiging nodig is voor geclassificeerde informatie van het niveau \"BEPERKT\". Voor fysieke personen geldt nog de bijkomende vereiste van het ontvangen van een veiligheidsbriefing.</p>\n<p class=\"lf-p\">Aangezien een rechtspersoon geen briefing kan ontvangen werd deze derde voorwaarde niet weerhouden voor rechtspersonen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het Vast Comité I stelde in haar advies (op p. 5 § 9) dat het onduidelijk was of de term overheid verwees naar de aanbestedende overheid of naar de veiligheidsoverheid. Om duidelijk te maken dat het hier gaat over de veiligheidsoverheid werd de tekst van het ontwerp koninklijk besluit overeenkomstig aangepast.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verder stelde de Raad van State in haar advies dat er een uitzondering zou voorzien moeten worden voor het niveau BEPERKT (p. 54). Hier kan verwezen worden naar de commentaar bij artikel 84 tweede lid van dit besluit.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-84\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 84</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Het eerste lid van artikel 84 van het ontwerp koninklijk besluit stelt dat enkel rechtspersonen waarvan de statutaire zetel in België gevestigd is een veiligheidsmachtiging zouden kunnen verkrijgen De opstellers van het ontwerpbesluit menen dat de vereiste van het vestigen van de statutaire zetel in België om in aanmerking te kunnen komen voor geclassificeerde overheidsopdrachten niet strijdig is met het vrij verkeer van diensten omdat het gerechtvaardigd is om redenen van algemeen belang, met name de nationale veiligheid, en omdat de maatregel proportioneel is aan het nagestreefde doel.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het betreft hier geen nationaliteitsvereiste. Buitenlandse rechtspersonen kunnen zich immers ook inschrijven op dergelijke opdrachten als ze in België hun statutaire zetel of een vestigingseenheid hebben. Ook rechtspersonen die beschikken over een met toepassing van een internationale overeenkomst door de Nationale Veiligheidsoverheid erkende buitenlandse veiligheidsmachtiging kunnen zich inschrijven op dergelijke opdrachten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Raad van State meent in haar advies (op. 36) dat de mogelijkheid om zich te beroepen op een in het buitenland afgegeven veiligheidsmachtiging enkel geldt voor overheidsopdrachten in het domein van defensie en veiligheid en dus niet in de domeinen waarvoor in principe de wet van 17 juni 2016Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/2016 numac 2016021053 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet inzake overheidsopdrachten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/2016 numac 2016021052 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet betreffende de concessieovereenkomsten sluiten van toepassing is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dit zou tot gevolg hebben dat rechtspersonen die geen statutaire zetel hebben in België maar wel beantwoorden aan alle veiligheidsvereisten op grond van een attest afgegeven door een buitenlandse overheid en erkend door de Nationale Veiligheidsoverheid krachtens een internationale overeenkomst niet kunnen inschrijven op overheidsopdrachten. Dergelijke uitsluiting is volgens de Raad van State niet evenredig.</p>\n<p class=\"lf-p\">De wet van 13 augustus 2011Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/07/2012 numac 2012000427 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/02/2012 numac 2011021082 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/09/2011 numac 2011009606 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van het Wetboek van strafvordering en van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, om aan elkeen die wordt verhoord en aan elkeen wiens vrijheid wordt benomen rechten te verlenen, waaronder het recht om een advocaat te raadplegen en door hem te worden bijgestaan type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2012 numac 2012000311 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 11 april 1999 aangaande de vordering tot staking van de inbreuken op de wet betreffende de overeenkomsten inzake de verkrijging van een recht van deeltijds gebruik van onroerende goederen. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/08/2011 numac 2011009605 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/11/2011 numac 2011000695 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken. - Duitse vertaling sluiten inzake de overheidsopdrachten op defensie- en veiligheidsgebied zal steeds van toepassing zijn wanneer de aanwending van geclassificeerde informatie vereist is. Dit volgt uit de definitie van gevoelig materiaal. Gevoelig materiaal wordt omschreven als \"materiaal, werken en diensten voor veiligheidsdoeleinden die betrekking hebben op geclassificeerde informatie of die geclassificeerde informatie noodzakelijk maken en/of bevatten\" (art. 3, 17° voormelde wet).</p>\n<p class=\"lf-p\">De situatie zoals beschreven door de Raad van State kan zich in de realiteit niet voordoen daar ondernemingen zich enkel zullen beroepen op buitenlandse veiligheidsmachtigingen wanneer er geclassificeerde informatie aangewend wordt en dus per definitie de wet van 13 augustus 2011Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/07/2012 numac 2012000427 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/02/2012 numac 2011021082 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/09/2011 numac 2011009606 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van het Wetboek van strafvordering en van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, om aan elkeen die wordt verhoord en aan elkeen wiens vrijheid wordt benomen rechten te verlenen, waaronder het recht om een advocaat te raadplegen en door hem te worden bijgestaan type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2012 numac 2012000311 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 11 april 1999 aangaande de vordering tot staking van de inbreuken op de wet betreffende de overeenkomsten inzake de verkrijging van een recht van deeltijds gebruik van onroerende goederen. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/08/2011 numac 2011009605 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/11/2011 numac 2011000695 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken. - Duitse vertaling sluiten van toepassing is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op grond van het voorgaande menen de opstellers dat de bepaling in het ontwerp koninklijk besluit in overeenstemming is met het Europees Recht.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op vraag van het Vast Comité I (punt 10 van het advies) werd uitdrukkelijk en voor de duidelijkheid de mogelijkheid voorzien om af te wijken van de nationaliteitsvereiste bij verdrag of veiligheidsakkoord. Dit is voorzien in het tweede lid van voorliggend besluit.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het derde lid van artikel 84 van het ontwerp besluit stelt dat voor wat betreft overheidsopdrachten die betrekking hebben op geclassificeerde informatie de ICT-beheerder in het bezit moet zijn van een veiligheidsmachtiging waarvan het niveau wordt bepaald overeenkomstig het veiligheidsbeleid van de Nationale Veiligheidsoverheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zowel de Raad van State (p. 54) als het Comité I (p. 6) merkten op in hun advies dat deze bepaling niet in overeenstemming zou zijn met art. 8, § 2 van de wet dat stelt dat een persoon geen houder dient te zijn van een veiligheidsmachtiging om toegang te hebben tot geclassificeerde informatie van het niveau \"BEPERKT\" en bijgevolg deze bepaling diende te worden herzien.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bijgevolg wordt er nu gepreciseerd dat voor wat betreft overheidsopdrachten die betrekking hebben op geclassificeerde informatie van het niveau \"BEPERKT\", de Nationale Veiligheidsoverheid de noodzaak van een veiligheidsmachtiging voor de ICT-beheerder en desgevallend het niveau ervan bepaalt. Een veiligheidsmachtiging kan dus wel noodzakelijk geacht worden voor het niveau \"BEPERKT\" voor een ICT-beheerder.</p>\n<p class=\"lf-p\">De opstellers van het ontwerp koninklijk besluit menen dat deze bepaling wel in overeenstemming is met artikel 8 van de wet. De regels dat een persoon geen veiligheidsmachtiging nodig heeft geldt enkel voor de toegang tot geclassificeerde informatie sensu stricto, i.e. de inhoud van een document. Dit gaat niet over de bevoorrechte toegang tot het communicatie en informatiesysteem waarbinnen geclassificeerde informatie aangewend wordt. Hier betreft het de bescherming van de ICT. De eventuele verplichting dat de ICT beheerder een veiligheidsmachtiging moet hebben die hoger is dan het classificatieniveau waarbinnen de ICT gehanteerd wordt, vloeit voort uit de EU en de NAVO reglementering. Indien de NAVO of de EU een openbare aanbesteding zouden uitschrijven van het niveau EU/NAVO BEPERKT, dan voorzien de EU en NAVO regels dat de ICT beheerder een hogere veiligheidsmachtiging moet hebben dan het niveau EU/NAVO BEPERKT i.e. EU of NAVO VERTROUWELIJK. Het equivalent op nationaal niveau van EU/ NAVO VERTROUWELIJK is \"VERTROUWELIJK\". Indien niet aan deze regel voldaan is, zullen ondernemingen niet kunnen inschrijven op dergelijke overheidsopdrachten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze maatregel vindt haar oorsprong in het onderscheid tussen de toegang tot geclassificeerde informatie die een gebruiker heeft en de bevoorrechte toegang van een ICT beheerder. De toegang die gebruikers hebben zal steeds beperkt zijn op grond van het beginsel van \"need to know\". Een gebruiker heeft dan ook geen veiligheidsmachtiging nodig om toegang te hebben tot geclassificeerde documenten van het niveau BEPERKT. Een ICT beheerder heeft echter toegang tot alle informatie die aangewend wordt binnen het netwerk alsook tot de cryptografische producten. Zijn taken omvatten onder andere het (technische) beheer, de uitbating en de configuratie van de ICT. Hij heeft met andere woorden een volledige toegang en kan de integriteit van het systeem beïnvloeden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bovendien is het vaak zo dat het gevoelig of geclassificeerde karakter ontstaat wanneer verschillende stukken informatie samengelegd worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bijgevolg is het bezit van een veiligheidsmachtiging voor, waarvan het niveau wordt bepaald door de NVO, voor de ICT-beheerder gerechtvaardigd, met inbegrip van overheidsopdrachten die geclassificeerde informatie van het niveau \"BEPERKT\" bevatten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het hoogste classificatieniveau is \"ZEER GEHEIM\". Als gevolg zal de beheerder van het ICT systeem over een veiligheidsmachtiging ZEER GEHEIM moeten beschikken wanneer de rechtspersoon houder is van een veiligheidsmachtiging van het niveau \"ZEER GEHEIM\". In dit geval kan betrokkene niet beschikken over een hogere veiligheidsmachtiging.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 2. - Aanvraagprocedure</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-85\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 85</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 85 van het ontwerpbesluit beschrijft de aanvraagprocedure voor veiligheidsmachtigingen voor rechtspersonen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Er werd gestreefd naar een procedure die in de mate van het mogelijke gelijklopend is aan de aanvraagprocedure voor veiligheidsmachtigingen van natuurlijke personen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 85, § 1 van het ontwerpbesluit somt de elementen op die overgemaakt moeten worden aan de bevoegde veiligheidsoverheid. Het habilitatiedossier omvat onder andere de door alle fysieke personen die tot de organen van de rechtspersoon behoren ingevulde basisvragenlijst.</p>\n<p class=\"lf-p\">Alle fysieke personen die tot de organen van de rechtspersoon behoren, dienen een aanvraag tot machtiging in te dienen, dit wil niet zeggen dat al deze personen een veiligheidsonderzoek dienen te ondergaan. De Nationale Veiligheidsoverheid bepaalt op grond van de basisvragenlijst hoeveel fysieke personen die tot de organen behoren houder moeten zijn van een veiligheidsmachtiging, waarbij minstens de helft er één moet bezitten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ten gevolge van het advies van het Comité I (p. 6) werd de bepaling geschrapt die stelde dat de Nationale Veiligheidsoverheid bepaalt welke fysieke personen die tot de organen van de rechtspersoon behoren over een veiligheidsmachtiging dienen te beschikken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de geclassificeerde informatie van de EU of NAVO wordt de vereiste van de Belgische nationaliteit voor één van de leden van het bestuursorgaan niet opgelegd. Hiervoor volstaat het om een onderdaan te zijn van een lidstaat van één van deze organisaties, gezien het hier -logischerwijze- gaat om de bescherming van de \"nationale veiligheid\" van de EU of de NAVO. Het zou onevenredig zijn om hier te vereisen dat minstens één van de leden van het bestuursorgaan hier eveneens over de Belgische nationaliteit zou moeten beschikken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze bepaling zorgt ervoor dat de aanvraagprocedure voor de veiligheidsmachtiging voor rechtspersonen niet nodeloos geblokkeerd wordt door de vereiste dat minstens één van de leden van het bestuursorgaan hier eveneens over de Belgische nationaliteit moet beschikken en de geclassificeerde informatie toch de nodige bescherming krijgt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 85, § 3 van het besluit stelt dat de persoon aan wie het dagelijks bestuur van de rechtspersoon werd opgedragen in België moet verblijven en er gedomicilieerd zijn. Deze persoon moet tevens kunnen onderworpen worden aan een veiligheidsonderzoek uitgevoerd door één van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten overeenkomstig de wet, het voorliggend besluit en de richtlijn van de Nationale Veiligheidsraad, zoals vermeld in artikel 18, vijfde lid van de wet.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het Comité I meent in zijn verslag dat deze bepaling een voorwaarde toevoegt aan de wet en deze dus dient te vervallen (p. 7). De opstellers van het ontwerpbesluit menen echter dat het hier geen bijkomende voorwaarde betreft.</p>\n<p class=\"lf-p\">De wet bepaalt dat een veiligheidsmachtiging enkel kan afgeleverd worden nadat een veiligheidsonderzoek is gevoerd (artikel 16 ev. van de wet). Het onderzoek moet gevoerd worden volgens de regels vervat in de Classificatiewet. Indien het onderzoek niet gevoerd kan worden overeenkomstig deze regels dan kan er geen veiligheidsmachtiging afgeleverd worden. Een andere conclusie zou contra legem zijn en het veiligheidssysteem ondermijnen. Bovendien is België op grond van veiligheidsakkoorden verplicht ervoor te zorgen dat personen die een veiligheidsmachtiging hebben op een correcte manier gehabiliteerd zijn. Wanneer zou blijken dat dit niet het geval zou zijn, dan brengt dit de internationale samenwerking in het gedrang.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien een persoon niet in België verblijft gedurende een bepaalde periode kan er geen veiligheidsonderzoek gevoerd worden overeenkomstig de voormelde regels wegens een gebrek aan voldoende informatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 3. - Beoordeling van de ontvankelijkheid van de aanvraag</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-86\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 86</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 86 stelt dat de Nationale Veiligheidsoverheid zal nagaan of alle in artikel 85, paragraaf 1 vermelde gegevens werden toegestuurd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het Comité stelde dat in deze bepaling ook de ADIV en de VSSE diende toegevoegd te worden (p.7). De opstellers van het ontwerp koninklijk besluit menen dat dat in deze bepaling niet absoluut noodzakelijk is daar de Nationale Veiligheidsoverheid het aanspreekpunt is voor rechtspersonen. De ADIV en de VSSE zijn enkel bevoegd voor het voeren van het veiligheidsonderzoek. Voor de volledigheid werden de in artikel 1quinquies bedoelde overheden toch toegevoegd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-87\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 87</span><span class=\"lf-art-t\">Dit artikel behoeft geen verdere commentaar</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 4. - Het veiligheidsonderzoek</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-88\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 88</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 88 van het ontwerp koninklijk besluit stelde dat de artikelen 76 tot en met 78 van toepassing zijn op de aanvragen van veiligheidsmachtigingen van rechtspersonen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 77 van het ontwerpbesluit verwijst naar bijlagen die enkel van toepassing zijn op de aanvraagprocedure van veiligheidsmachtigingen voor natuurlijke personen. Om deze reden werd de verwijzing naar artikel 77 uit dit artikel geschrapt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 5. - De beslissing betreffende de veiligheidsmachtiging</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-89\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 89</span><span class=\"lf-art-t\">Dit artikel behoeft geen verdere commentaar</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-90\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 90</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 90 van het besluit stelt dat de veiligheidsofficier vijftien dagen de tijd heeft om de beslissingen aangaande de veiligheidsmachtigingen ter kennis te brengen aan de organen van de rechtspersoon .</p>\n<p class=\"lf-p\">Hier gaat het over de kennisgeving van de beslissing inzake de veiligheidsmachtiging van de rechtspersoon en niet over de veiligheidsmachtiging van de bestuurders.</p>\n<p class=\"lf-p\">De kennisgeving dient gemotiveerd te zijn. De kennisgeving zal aangeven of de rechtspersoon voldoet aan de voorwaarden geheimhouding, loyauteit en integriteit. Nooit zullen persoonsgegevens van een bepaalde bestuurder gedeeld worden met andere personen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de Nationale Veiligheidsoverheid persoonsgegevens verwerkt in de uitvoering van de Classificatiewet is zij gebonden aan de regels vervat in titel 3, ondertitel 3 van de wet van 30 juli 2018Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/07/2018 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/09/2018 numac 2018040581 bron federale overheidsdienst justitie, federale overheidsdienst binnenlandse zaken en ministerie van landsverdediging 30 JULI 2018 - Wet betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens sluiten betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens. De gegevens van vennootschappen maken geen persoonsgegevens uit. Er worden geen gegevens betreffende het privéleven van de fysieke personen die deel uitmaken van de organen van de rechtspersoon meegedeeld in de beslissing betreffende de veiligheidsmachtiging van de rechtspersoon. Dit vormt een aparte beslissing.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 6. - Geldigheidsduur van de veiligheidsmachtiging</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-91\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 91</span><span class=\"lf-art-t\">Dit artikel behoeft geen verdere commentaar</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Onderafdeling 7. - Overige taken van de veiligheidsofficier in het kader van deze afdeling</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-92\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 92</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 92 legt aan de veiligheidsofficier de verplichting op om bepaalde informatie inzake de rechtspersoon schriftelijk mee te delen aan de Nationale Veiligheidsoverheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het Comité I stelde in zijn advies dat deze verplichting niet toekomt aan de veiligheidsofficier maar wel aan de rechtspersoon. De tekst van het ontwerpbesluit werd hieraan aangepast.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verder stelde de Raad van State in zijn advies (op p. 56) dat het wenselijk zou zijn dat de tekst afgelijnd wordt met de regeling voor veiligheidsmachtigingen voor natuurlijke personen voor wat betreft de tussentijdse veiligheidsonderzoeken. Om tegemoet te komen aan deze opmerking werd een vierde en een vijfde lid toegevoegd. Afdeling 3. - Veiligheidsmachtigingen met het oog op toegang in het buitenland Artikelen 93 en 94 Artikelen 93 en 94 zijn een actualisatie van de artikelen 27 en 28 van het koninklijk besluit van 24 maart van 2000. Deze artikelen behoeven geen verdere commentaar.</p>\n<p class=\"lf-p\">HOOFDSTUK 6. - De beschermingsmaatregelen verbonden aan overheidsopdrachten die betrekking hebben op geclassificeerde informatie of deze noodzakelijk maken en/of bevatten</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-95\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 95</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Gezien de Nationale Veiligheidsoverheid verifieert dat alle beschermingsmaatregelen verbonden aan overheidsopdrachten werden genomen nodig voor de bescherming van geclassificeerde informatie tijdens de prospectiefase, de gunningsprocedure en de uitvoering van een geclassificeerde opdracht, is deze ook het best geplaatst om bijkomende regels van technische en administratieve aard met kennis van zaken uit te werken Artikelen 96 en 97 Hoofdstuk 6 bepaalt de beschermingsmaatregelen die verbonden zijn aan overheidsopdrachten die betrekking hebben op geclassificeerde informatie of deze noodzakelijk maken. De bepalingen in dit hoofdstuk zijn een aanvulling op de regels vervat in de wet van 13 augustus 2011Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/07/2012 numac 2012000427 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/02/2012 numac 2011021082 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/09/2011 numac 2011009606 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van het Wetboek van strafvordering en van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, om aan elkeen die wordt verhoord en aan elkeen wiens vrijheid wordt benomen rechten te verlenen, waaronder het recht om een advocaat te raadplegen en door hem te worden bijgestaan type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2012 numac 2012000311 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 11 april 1999 aangaande de vordering tot staking van de inbreuken op de wet betreffende de overeenkomsten inzake de verkrijging van een recht van deeltijds gebruik van onroerende goederen. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/08/2011 numac 2011009605 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/11/2011 numac 2011000695 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken. - Duitse vertaling sluiten inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, levering en diensten op defensie- en veiligheidsgebied; zij doen geen afbreuk aan deze bepalingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Opdrachten die betrekking hebben op geclassificeerde informatie of deze noodzakelijk maken vallen steeds onder het toepassingsgebied van de wet van 13 augustus 2011Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/07/2012 numac 2012000427 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/02/2012 numac 2011021082 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/09/2011 numac 2011009606 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van het Wetboek van strafvordering en van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, om aan elkeen die wordt verhoord en aan elkeen wiens vrijheid wordt benomen rechten te verlenen, waaronder het recht om een advocaat te raadplegen en door hem te worden bijgestaan type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2012 numac 2012000311 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 11 april 1999 aangaande de vordering tot staking van de inbreuken op de wet betreffende de overeenkomsten inzake de verkrijging van een recht van deeltijds gebruik van onroerende goederen. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/08/2011 numac 2011009605 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/11/2011 numac 2011000695 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken. - Duitse vertaling sluiten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-98\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 98</span><span class=\"lf-art-t\">Dit artikel behoeft geen commentaar</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-99\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 99</span><span class=\"lf-art-t\">Dit artikel behoeft geen commentaar</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-100\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 100</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 100, 1° van voorliggend ontwerp stelt dat de Nationale veiligheidsoverheid nagaat of de \"op het grondgebied geregistreerde opdrachtnemers die deelnemen aan overheidsopdrachten die betrekking hebben op geclassificeerde informatie van het niveau \"VERTROUWELIJK\" of hoger of deze noodzakelijk maken en/of bevatten, of deze in onderaanneming tijdens de uitvoering van de opdrachten of in de precontractuele fase beschikken over een veiligheidsmachtiging voor rechtspersonen in overeenstemming met het overeenkomstige classificatieniveau\".</p>\n<p class=\"lf-p\">De Raad van State leidt hieruit af dat het enkel kan gaan over \"een op het grondgebied gevestigde opdrachtnemer wat alle potentiële niet geregistreerde opdrachtnemers uitsluit\" (verslag p. 37).</p>\n<p class=\"lf-p\">De opstellers verwijzen naar de commentaar bij artikel 84 van het voorliggend besluit. Enkel rechtspersonen waarvan de statutaire zetel in België is gevestigd, kunnen door de Nationale Veiligheidsoverheid gemachtigd worden in het kader van een Belgische geclassificeerde overheidsopdracht. De Nationale Veiligheidsoverheid heeft geen bevoegdheden (oa. van toezicht) ten aanzien van ondernemingen in het buitenland. De te onderzoeken inlichtingen van een in het buitenland geregistreerde rechtspersoon zijn ook niet toegankelijk voor de Belgische onderzoeksdiensten. Maar op het grondgebied geregistreerde (= geregistreerd in het Belgische ondernemingsregister, de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO)) ondernemingen zijn op zich niet uitgesloten om deel te nemen aan geclassificeerde openbare aanbestedingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Om de opmerking van de Raad van State te beantwoorden dat de uitsluiting van rechtspersonen die geen statutaire zetel hebben in België, terwijl ze wel kunnen beantwoorden aan alle veiligheidsvereisten op grond van een attest afgegeven door een buitenlandse overheid en erkend door de Nationale Veiligheidsoverheid krachtens een internationale overeenkomst, onevenredig is, werd in een punt 5° van artikel 100 een bepaling toegevoegd. Hieruit blijkt dat de Nationale Veiligheidsoverheid verifieert dat rechtspersonen die niet zijn geregistreerd op het grondgebied beschikken over een geldige veiligheidsmachtiging voor rechtspersonen, afgeleverd door de bevoegde autoriteiten van het derde land en erkend door de Nationale Veiligheidsoverheid op grond van de internationale overeenkomsten en verdragen die België ter zake binden, naar analogie met de bepalingen van artikel 84, tweede lid van voorliggend besluit.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-101\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 101</span><span class=\"lf-art-t\">Dit artikel behoeft geen commentaar</span></h4>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-102\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 102</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Het ontwerp besluit voorzag dat kandidaten of inschrijvers die niet geselecteerd werden de geclassificeerde informatie die in hun bezit is, terug dienden te sturen naar de aanbestedende overheid binnen de vijftien werkdagen na betekening van hun niet-selectie. Ze mogen ook geen kopieën bijhouden van deze informatie. Deze bepaling is een gevolg van het feit dat rechtspersonen nooit de overheid van oorsprong kunnen zijn De Raad van State stelt in haar advies (op p. 57) de vraag of het feit dat niet-geselecteerde kandidaten niet het recht hebben om de geclassificeerde stukken bij te houden in het kader van de beroepsprocedure die zij instellen verzoenbaar is met het recht op daadwerkelijke rechtshulp gegarandeerd op grond van artikel 13 EVRM. Indien kandidaten toegang wordt verleend tot geclassificeerde informatie, dan is deze toegang enkel vereist om de overheidsopdracht te kunnen uitvoeren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Overeenkomstig artikel 8 van de wet heeft niemand toegang tot geclassificeerde informatie, tenzij hij houder is van een overeenstemmende veiligheidsmachtiging, een veiligheidsbriefing heeft ontvangen over zijn verplichtingen en voor zover de kennisname en de toegang noodzakelijk zijn voor de uitoefening van zijn functie of zijn opdracht.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een persoon dient echter geen houder te zijn van een veiligheidsmachtiging om toegang te hebben tot geclassificeerde informatie van het niveau BEPERKT. Gerechtelijke overheden zoals rechters en magistraten, inclusief de leden van het Beroepsorgaan bedoeld in de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten en veiligheidsadviezen kunnen echter kennisnemen van geclassificeerde informatie zonder te beschikken over de vereiste veiligheidsmachtiging in het kader van de uitoefening van hun gerechtelijke functie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de rechtspersoon niet geselecteerd werd voor de overheidsopdracht, dan beschikt zij niet over de vereiste need to know om kennis te kunnen nemen van de geclassificeerde informatie en voldoet zij niet meer aan de voorwaarden van artikel 8 van de wet.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze regeling weerhoudt echter de rechtspersoon niet om een beroep in te stellen tot vernietiging van de beslissing tot niet-selectie.</p>\n<p class=\"lf-p\">De rechtspersoon beschikt over een termijn van 60 dagen om een beroep tot vernietiging van de beslissing om hem niet te weerhouden in te stellen bij de Raad van State. Om de betrokken rechtspersoon de mogelijkheid te geven om de gegrondheid van zijn beroep aan te tonen wordt de termijn waarbinnen de geclassificeerde documenten moeten worden terugbezorgd aan de overheid van oorsprong veranderd in \"na afloop van de beroepstermijn\".</p>\n<p class=\"lf-p\">De termijn voor het instellen van het beroep geldt als maximumtermijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de rechtspersoon niet van plan is om de beslissing aan te vechten, dan dient de geclassificeerde informatie binnen de 15 dagen terugbezorgd te worden aan overheid van oorsprong. Verder mag de geclassificeerde informatie enkel gebruikt worden indien de gegrondheid van het beroep onmogelijk kan aangetoond worden op grond van andere niet geclassificeerde informatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wanneer de beroepstermijn is verstreken moet de geclassificeerde informatie terugbezorgd worden aan de overheid van oorsprong. Het is overigens de overheid van oorsprong die de nodige maatregelen zal nemen opdat de rechters inzage zullen krijgen in de geclassificeerde informatie voor hun beoordeling.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op deze manier worden de rechten van de niet-geselecteerde rechtspersoon om beroep aan te tekenen tegen de beslissing voldoende gegarandeerd.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">HOOFDSTUK 7. - Toezicht Hoofdstuk 7 behandelt het toezicht.</h3>\n<p class=\"lf-p\">Artikelen 103 tot 111 Artikelen 103 tot 111 vergen geen specifieke commentaar, buiten de precisering dat de termijn van vijftien werkdagen vermeld in artikel 109 een termijn van orde is.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">TITEL IV. - Overgangs- en slotbepalingen</h3>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-112\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 112</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 112, eerste lid is een bepaling die reeds werd vermeld in het</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">koninklijk besluit van 24 maart 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten0. Deze bepaling is nodig om archiefstukken, die niet waren geclassificeerd overeenkomstig de bepalingen van de Classificatiewet op het moment van de inwerkingtreding van de Classificatiewet op 1 juni 2000, toch nog de nodige bescherming te geven. Deze bepaling sluit overigens niet uit dat archiefstukken, die geen classificatie dragen, maar inhoudelijk wel degelijk geclassificeerde elementen bevatten (bijvoorbeeld met betrekking tot bronnen) alsnog geclassificeerd worden overeenkomstig de voorschriften van de Classificatiewet en voorliggend uitvoeringsbesluit (eventueel in toepassing van artikel 21 van voorliggend besluit). Vóór de inwerkingtreding van de Classificatiewet op 1 juni 2000 waren er immers geen éénduidige regels betreffende het classificeren van documenten, maar kunnen het wel \"gevoelige\" documenten betreffen waarvan de niet-geëigende aanwending schade kan toebrengen aan één van de in artikel 3, § 1 van de wet opgesomde belangen.</p>\n<p class=\"lf-p\">In artikel 112, tweede lid, wordt bepaald dat de stukken geclassificeerd na de inwerkintreding van de Classificatiewet op 1 juni 2000 maar voor de inwerkingtreding van onderhavig besluit gemerkt met de vermelding \"ZEER GEHEIM\", \"GEHEIM\", of \"VERTROUWELIJK\" en een verwijzing naar de wet die niet volledig overeenstemt met de vormelijke vereisten vermeld in artikel 16, tweede of derde lid worden geacht gemerkt te zijn met het overeenstemmend classificatieniveau voorzien in artikel 4 van de wet. Dit om te vermijden dat deze stukken als \"niet-geclassificeerd\" worden beschouwd overeenkomstig artikel 16, zesde lid van voorliggend besluit.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-113\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 113</span><span class=\"lf-art-t\">Artikel 113 betreft een overgangsbepaling voor de documenten die overeenkomstig artikel 20 van het</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">koninklijk besluit van 24 maart 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten0 gemerkt worden met de vermelding \"Beperkte verspreiding\".</p>\n<p class=\"lf-p\">Om een duidelijk onderscheid te maken met geclassificeerde informatie met het classificatieniveau \"BEPERKT\" (en ter bescherming van deze informatie) wordt uitdrukkelijk in het ontwerp bepaald dat documenten, vóór de inwerkingtreding van voorliggend besluit, voorzien van de vermelding \"BEPERKTE VERSPREIDING\" (KB 24.03.2000) deze vermelding blijven behouden, maar deze op geen enkele manier kunnen worden gelijkgesteld met het classificatieniveau \"BEPERKT\".</p>\n<p class=\"lf-p\">Anderzijds krijgen nieuwe documenten, die worden gecreëerd vanaf de inwerkingtreding van voorliggend besluit en waarvan de overheid van oorsprong de verspreiding wil beperken tot de personen die bevoegd zijn om er kennis van te nemen, niet langer de vermelding \"BEPERKTE VERSPREIDING\" maar de vermelding \"GEVOELIG NIET-GECLASSIFICEERD\" en dit onverminderd andere specifieke wettelijke of reglementaire bepalingen betreffende niet-geclassificeerde informatie. Dit laatste houdt in dat voorliggende bepaling geen gevolgen heeft voor de gelding van eventuele andere bepalingen in andere specifieke wettelijke of reglementaire bepalingen. Beide bepalingen staan dus op hetzelfde niveau en ze kunnen tegelijk van toepassing zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">Hiermee wordt elke verwarring tussen het classificatieniveau \"BEPERKTE VERSPREIDING\" en \"BEPERKT\" uitgesloten, hetgeen tot doel heeft om het classificatieniveau \"BEPERKT\" te beschermen. Documenten met de vermelding \"GEVOELIG NIET-GECLASSIFICEERD\" (of de vroegere vermelding \"BEPERKTE VERSPREIDING\") worden beschermd door de regels betreffende het beroepsgeheim, waarvan de schending blootstelt aan strafrechtelijke vervolging en, eventueel aan disciplinaire sancties.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikelen 114 tot 116 De artikelen 114 tot en met 116 behoeven geen commentaar.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ik heb de eer te zijn, Sire, Van Uwe Majesteit, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, De Minister van Justitie P. VAN TIGCHELT De Minister van Defensie, L. DEDONDER De Minister van Binnenlandse Zaken, A. VERLINDEN Raad van State, afdeling Wetgeving Advies 76.465/2 van 9 juli 2024 over een ontwerp van koninklijk besluit `tot uitvoering van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst' Op 8 mei 2024 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de Vice-eersteminister en Minister van Justitie en Noordzee verzocht binnen een termijn van dertig dagen verlengd met dertig dagen* een advies te verstrekken over een ontwerp van koninklijk besluit 'tot uitvoering van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst'.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het ontwerp is door de tweede kamer onderzocht op 1 juli 2024. De kamer was samengesteld uit Patrick RONVAUX, kamervoorzitter, Christine HOREVOETS en Pierre Olivier DE BROUX, staatsraden, Christian BEHRENDT en Jacques ENGLEBERT, assessoren,en Béatrice DRAPIER, griffier.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verslag is uitgebracht door Stéphane TELLIER, eerste auditeur.</p>\n<p class=\"lf-p\">De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het advies is nagizien onder toezicht van Pierre-Olivier DE BROUX. Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 9 juli 2024.</p>\n<p class=\"lf-p\">Aangezien de adviesaanvraag ingediend is op basis van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten `op de Raad van State', gecoördineerd op 12 januari 1973, beperkt de afdeling Wetgeving overeenkomstig artikel 84, § 3, van de voornoemde gecoördineerde wetten haar onderzoek tot de rechtsgrond van het ontwerp, de bevoegdheid van de steller van de handeling en de te vervullen voorafgaande vormvereisten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wat die drie punten betreft, geeft het ontwerp aanleiding tot de volgende opmerkingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voorafgaande opmerkingen 1. Rekening houdend met het ogenblik waarop dit advies gegeven wordt, vestigt de afdeling Wetgeving de aandacht van de adviesaanvrager erop dat de ontbinding van de wetgevende kamers tot gevolg heeft dat de regering sedert die datum en totdat, na de verkiezing van de leden van de Kamer van volksvertegenwoordigers, een nieuwe regering is benoemd door de Koning, niet meer over de volheid van haar bevoegdheid beschikt.Dit advies wordt evenwel gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling Wetgeving geen kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens die de regering in aanmerking kan nemen als ze te oordelen heeft of het vaststellen of het wijzigen van verordeningen noodzakelijk is. 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ter wille van de rechtszekerheid en rekening houdend met de gevoelige aangelegenheid die bij het ontwerp geregeld wordt, verdient het aanbeveling het besluit, in het vooruitzicht van de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad, te voorzien van een verslag aan de Koning waarin de bepalingen toegelicht worden. Voorafgaande vormvereisten De gemachtigde van de minister heeft het volgende aangegeven in verband met de vervulling van de voorafgaande vormvereisten: \"De afschriften van de adviesvragen aan het Comité I,1 het COC en het College van Procureurs-Generaal worden u nagestuurd.\" Indien de aan de Raad van State voorgelegde tekst naar aanleiding van het vervullen van die vormvereisten nog wijzigingen zou ondergaan die niet louter vormelijk zijn en die tevens niet voortvloeien uit het gevolg dat aan dit advies gegeven wordt, zouden de gewijzigde of toegevoegde bepalingen op hun beurt om advies aan de afdeling Wetgeving moeten worden voorgelegd overeenkomstig artikel 3, § 1, eerste lid, van de gecoördineerde wetten `op de Raad van State'.</p>\n<p class=\"lf-p\">Algemene opmerkingen I. De beoogde regelgeving ten aanzien van het recht van de Europese Unie 1. De ontworpen regelgeving bepaalt dat, in het algemeen en behoudens uitzonderingen, elke natuurlijke of rechtspersoon die toegang wenst tot de geclassificeerde gegevens, moet beschikken over een veiligheidsmachtiging. Wat de rechtspersonen betreft, bepaalt artikel 84, eerste lid, van het ontwerp: \"Enkel rechtspersonen waarvan de statutaire zetel in België is gevestigd, kunnen gemachtigd worden in het kader van overheidsopdrachten die betrekking hebben op geclassificeerde informatie van het niveau `VERTROUWELIJK' of hoger of deze noodzakelijk maken en/of bevatten.\" Deze bepaling houdt in dat, wanneer voor een overheidsopdracht de toegang vereist is tot geclassificeerde informatie van het niveau \"VERTROUWELIJK\" of hoger, enkel rechtspersonen waarvan de statutaire zetel in België gevestigd is, daarop zullen kunnen inschrijven aangezien alleen zij over een veiligheidsmachtiging daartoe zullen kunnen beschikken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Die bepaling blijkt strijdig met de beginselen inzake het vrij verkeer van goederen en diensten en de vrijheid van vestiging in de zin van de artikelen 34, 49 en 56 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU). Het plaatsen van door de aanbestedende instanties in de lidstaten gesloten opdrachten dient immers te gebeuren met naleving van de beginselen vervat in het Verdrag, inzonderheid het vrij verkeer van goederen, de vrijheid van vestiging en het vrij verrichten van diensten, alsook van de beginselen die daaruit voortvloeien zoals gelijke behandeling, niet-discriminatie, wederzijdse erkenning, evenredigheid en transparantie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 346, lid 1, van het VWEU bepaalt evenwel het volgende: \"1. De bepalingen van de Verdragen vormen geen beletsel voor de volgende regels: a) geen enkele lidstaat is gehouden inlichtingen te verstrekken waarvan de verbreiding naar zijn mening strijdig zou zijn met de wezenlijke belangen van zijn veiligheid;b) elke lidstaat kan de maatregelen nemen die hij noodzakelijk acht voor de bescherming van de wezenlijke belangen van zijn veiligheid en die betrekking hebben op de productie van of de handel in wapenen, munitie en oorlogsmateriaal;die maatregelen mogen de mededingingsverhoudingen op de interne markt niet wijzigen voor producten die niet bestemd zijn voor specifiek militaire doeleinden.\" De lidstaten van de Europese Unie kunnen dan ook voorzien in beperkingen van die vrijheden wanneer die noodzakelijk zijn voor en evenredig met het vrijwaren van de bij de bepalingen van het Verdrag als legitiem erkende belangen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Europese wetgever heeft zelf bepalingen vastgesteld die zulke beperkingen mogelijk maken in het specifieke gebied van de overheidsopdrachten inzake defensie en veiligheid middels de vaststelling van richtlijn 2009/81/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 `betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen door aanbestedende diensten van bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied, en tot wijziging van Richtlijnen 2004/17/EG en 2004/18/EG', omgezet in Belgisch recht bij de wet van 13 augustus 2011Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/07/2012 numac 2012000427 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/02/2012 numac 2011021082 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/09/2011 numac 2011009606 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van het Wetboek van strafvordering en van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, om aan elkeen die wordt verhoord en aan elkeen wiens vrijheid wordt benomen rechten te verlenen, waaronder het recht om een advocaat te raadplegen en door hem te worden bijgestaan type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2012 numac 2012000311 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 11 april 1999 aangaande de vordering tot staking van de inbreuken op de wet betreffende de overeenkomsten inzake de verkrijging van een recht van deeltijds gebruik van onroerende goederen. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/08/2011 numac 2011009605 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/11/2011 numac 2011000695 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken. - Duitse vertaling sluiten `inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied'.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij die richtlijn hebben de lidstaten, bij wijze van vrijstellingsregels, de mogelijkheid om maatregelen vast te stellen die restrictiever zijn dan die waarin voorzien is in de richtlijn.2 Titel 3/1 van de wet van 13 augustus 2011Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">27/07/2012 numac 2012000427 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/02/2012 numac 2011021082 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/09/2011 numac 2011009606 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van het Wetboek van strafvordering en van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, om aan elkeen die wordt verhoord en aan elkeen wiens vrijheid wordt benomen rechten te verlenen, waaronder het recht om een advocaat te raadplegen en door hem te worden bijgestaan type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/05/2012 numac 2012000311 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 11 april 1999 aangaande de vordering tot staking van de inbreuken op de wet betreffende de overeenkomsten inzake de verkrijging van een recht van deeltijds gebruik van onroerende goederen. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">29/08/2011 numac 2011009605 bron federale overheidsdienst justitie Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/08/2011 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/11/2011 numac 2011000695 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 19, § 2, van de wet van 2 juni 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde de werking van de mede-eigendom te moderniseren en transparanter te maken. - Duitse vertaling sluiten, ingevoegd bij de wet van 17 juni 2016Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/2016 numac 2016021053 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet inzake overheidsopdrachten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/2016 numac 2016021052 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet betreffende de concessieovereenkomsten sluiten `inzake overheidsopdrachten', met als opschrift \"Op grond van essentiële veiligheidsbelangen of van artikel 346 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie uitgesloten opdrachten\", bevat een artikel 43/1, dat luidt: \"De Koning kan specifieke plaatsingsregels, controle- en uitvoeringsmodaliteiten van toepassing maken op de in artikel 15, tweede lid, bedoelde overheidsopdrachten.\"</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 15, tweede lid, van dezelfde wet bepaalt: \"In onderstaande gevallen is echter uitsluitend titel 3/1 van toepassing: 1° indien en voor zover de bescherming van de essentiële veiligheidsbelangen van het Rijk niet kan worden gewaarborgd door minder ingrijpende maatregelen, bijvoorbeeld door eisen te stellen ter bescherming van het vertrouwelijke karakter van de informatie die de aanbestedende overheid overeenkomstig de bepalingen van titel 2 en 3 van deze wet beschikbaar stelt;2° indien en voor zover de toepassing van de bepalingen van titel 2 en 3 van deze wet het Rijk ertoe zou verplichten informatie ter beschikking te stellen waarvan hij de openbaarmaking in strijd acht met zijn essentiële veiligheidsbelangen;3° wanneer het plaatsen en de uitvoering van de overheidsopdracht geheim zijn verklaard of overeenkomstig de in het Rijk geldende wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen gepaard moeten gaan met bijzondere veiligheidsmaatregelen, voor zover vastgesteld werd dat de essentiële belangen niet kunnen worden gewaarborgd met minder ingrijpende maatregelen, zoals die bedoeld in de bepaling onder 1° ; 4° indien artikel 346 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie van toepassing is.\" Er kan eveneens verwezen worden naar artikel 33 van de wet van 17 juni 2016Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/2016 numac 2016021053 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet inzake overheidsopdrachten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/2016 numac 2016021052 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet betreffende de concessieovereenkomsten sluiten, dat het volgende bepaalt: \" § 1. Deze wet is van toepassing op de overheidsopdrachten op defensie- en veiligheidsgebied, met uitzondering van: 1° de opdrachten waarop de wet defensie en veiligheid van toepassing is;2° de in artikel 18 van de wet defensie en veiligheid bedoelde opdrachten. § 2. Deze wet is niet van toepassing op overheidsopdrachten die niet anderszins op grond van paragraaf 1 zijn uitgesloten, voor zover de bescherming van de essentiële veiligheidsbelangen van het Rijk niet kan worden gewaarborgd door minder ingrijpende maatregelen, bijvoorbeeld door eisen te stellen ter bescherming van het vertrouwelijke karakter van de informatie die de aanbestedende overheid in een plaatsingsprocedure overeenkomstig deze wet beschikbaar stelt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voorts is deze wet, overeenkomstig artikel 346, lid 1, a), van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, niet van toepassing op overheidsopdrachten die niet anderszins op grond van paragraaf 1 van dit artikel zijn uitgesloten, voor zover de toepassing van deze wet het Rijk ertoe zou verplichten informatie ter beschikking te stellen waarvan hij de openbaarmaking in strijd acht met zijn essentiële veiligheidsbelangen. § 3. Wanneer de plaatsing en de uitvoering van de overheidsopdracht geheim zijn verklaard of, overeenkomstig de in het Rijk geldende wettelijke, reglementaire of administratieve bepalingen, gepaard moeten gaan met bijzondere veiligheidsmaatregelen, is deze wet, niet van toepassing, voor zover vastgesteld werd dat de bescherming van de essentiële belangen niet kan worden gewaarborgd door minder ingrijpende maatregelen, zoals deze bedoeld in paragraaf 2, eerste lid.\" Die wettelijke bepalingen kunnen dienen als ondersteuning van de toelaatbaarheid van de beperking waarin de Koning voorziet in artikel 84, eerste lid, van het ontwerp.</p>\n<p class=\"lf-p\">Er wordt evenwel aan herinnerd dat opdat beperkingen van de door het primair Unierecht beschermde vrijheden en beginselen, met inbegrip van het transparantiebeginsel, kunnen worden aanvaard, zij: - ofwel hun rechtvaardiging moeten vinden in dwingende redenen van algemeen belang, waarbij die beperkingen geschikt moeten zijn om de verwezenlijking van het nagestreefde doel te waarborgen en niet verder mogen gaan dan ter bereiking van dat doel noodzakelijk is;3 - ofwel moeten steunen op een van de uitzonderingsgronden in het VWEU, waaronder artikel 346, lid 1, a).</p>\n<p class=\"lf-p\">Op de vraag de beoogde maatregel te verantwoorden ten aanzien van de aldus in herinnering gebrachte beginselen, heeft de gemachtigde van de minister op het volgende gewezen: \"De opstellers van het ontwerpbesluit menen dat de vereiste van het vestigen van de statutaire zetel in België om in aanmerking te kunnen komen voor geclassificeerde overheidsopdrachten niet strijdig is met vrij verkeer van diensten omdat het gerechtvaardigd is om redenen van algemeen belang, met name de nationale veiligheid, en omdat de maatregel proportioneel is aan het nagestreefde doel. `Geclassificeerde informatie' is informatie die, in het belang van de nationale veiligheid, wordt beschermd door veiligheidsmaatregelen tegen elke niet-geautoriseerde toegang, niet-geëigende aanwending en verspreiding 4 ervan. Er staan met andere woorden fundamentele Belgische staatsbelangen 5 op het spel, die beschermd moeten worden, ongeacht de vorm die deze aannemen en waar deze zich ook bevinden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bedrijven, waarvan de maatschappelijke zetel in België is gevestigd, die werken op een geclassificeerde opdracht 6, moeten in het bezit zijn van een veiligheidsmachtiging voor rechtspersonen. Hiermee wordt na een veiligheidsonderzoek vastgesteld dat de rechtspersoon voldoende garanties biedt inzake geheimhouding, loyauteit en integriteit van zijn organen en aangestelden die in aanmerking komen om toegang te hebben tot geclassificeerde informatie.7 In het kader van risicomanagement, met name het identificeren van dreigingen tegen de fundamentele Belgische staatsbelangen en het wetenschappelijk en economisch potentieel van België, is het logisch en gerechtvaardigd om beveiligingsmaatregelen op te leggen die kunnen weerstaan aan deze dreigingen (zoals buitenlandse beïnvloeding) of deze tot een aanvaardbaar risico kunnen reduceren.</p>\n<p class=\"lf-p\">De maatregel, met name de vereiste van het vestigen van de statutaire zetel in België, is bijgevolg gerechtvaardigd omwille van de nationale veiligheid. Het betreft hier een afweging van de belangen. De NVO kan onmogelijk het vereiste veiligheidsonderzoek voeren en het toezicht uitoefenen op het respecteren van de beschermingsmaatregelen indien de vennootschap niet gevestigd is in België. De te onderzoeken inlichtingen van een in het buitenland geregistreerde rechtspersoon zijn niet toegankelijk voor Belgische onderzoeksdiensten. Het onderzoek dient bijgevolg logischerwijze uitgevoerd te worden door de onderzoeksdienst van het thuisland. De resultaten van dit onderzoek, en de eventuele veiligheidsmachtiging die hieruit volgt, zijn te gebruiken in de Belgische procedures (voor zover een bilateraal veiligheidsakkoord hierin voorziet).</p>\n<p class=\"lf-p\">De bescherming van geclassificeerde informatie primeert in dit geval op de keuze van statutaire zetel.</p>\n<p class=\"lf-p\">De proportionaliteit blijkt duidelijk uit het feit dat dat buitenlandse vennootschappen in de regel niet uitgesloten worden van een geclassificeerde openbare aanbesteding. Indien zij hun statutaire zetel in België vestigen (of een vestigingseenheid in België hebben) kunnen zij wel in aanmerking genomen worden voor een toekenning van een veiligheidsmachtiging (of indien ze beschikken over een buitenlandse veiligheidsmachtiging die wordt erkend door de Nationale Veiligheidsoverheid op basis van een veiligheidsakkoord). Verder verwijzen we naar (...) bepalingen 8 die (...) geven heel duidelijk aan dat ondernemingen die aan deze voorwaarden voldoen, kunnen deelnemen aan openbare aanbestedingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verder bestaat een analoge maatregel in andere EU lidstaten zoals Frankrijk.\" Uit die uitleg volgt dat het vereiste dat zegt dat rechtspersonen die willen inschrijven op overheidsopdrachten die geclassificeerde informatie van het niveau \"VERTROUWELIJK\" of \"hoger\" inhouden, vereisen en/of bevatten, een statutaire zetel moeten hebben in België, beantwoordt aan de bezorgdheid dat die ondernemingen voldoende waarborgen bieden inzake geheimhouding, loyauteit en integriteit van hun organen om toegang te kunnen hebben tot dergelijke informatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Volgens de gemachtigde van de minister zouden buitenlandse rechtspersonen eveneens kunnen inschrijven op dergelijke opdrachten als ze in het bezit zijn van een veiligheidsmachtiging om reden dat ze een statutaire zetel of een vestigingseenheid hebben in België.</p>\n<p class=\"lf-p\">Hetzelfde zou gelden voor rechtspersonen die beschikken over een met toepassing van een internationale overeenkomst door de Nationale Veiligheidsoverheid erkende buitenlandse veiligheidsmachtiging.</p>\n<p class=\"lf-p\">Hoewel die mogelijkheid om zich te kunnen beroepen op een in het buitenland afgegeven veiligheidsmachtiging daadwerkelijk bestaat met toepassing van de bestaande teksten zoals de artikelen 9, 63, § 2, 4° en 5°, en 76 van het koninklijk besluit van 23 januari 2012Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten1 `plaatsing overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied', blijkt niet dat dit ook geldt voor overheidsopdrachten in andere dan de gebieden waarnaar verwezen wordt en waarvoor in principe de wet van 17 juni 2016Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/2016 numac 2016021053 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet inzake overheidsopdrachten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/06/2016 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">14/07/2016 numac 2016021052 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet betreffende de concessieovereenkomsten sluiten van toepassing is.</p>\n<p class=\"lf-p\">In dat geval blijkt de uitsluiting van rechtspersonen die geen statutaire zetel hebben in België terwijl ze wel kunnen beantwoorden aan alle veiligheidsvereisten op grond van een attest afgegeven door een buitenlandse overheid en erkend door de Nationale Veiligheidsoverheid krachtens een internationale overeenkomst, niet evenredig.</p>\n<p class=\"lf-p\">In dat verband dient onderstreept te worden dat wat het nucleaire betreft, de Koning bij artikel 8bis van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten `betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst' de door hem aangewezen Belgische overheden kan machtigen om de geldigheid van een door een buitenlandse overheid uitgereikte veiligheidsmachtiging na te gaan, welke machtiging afgeleverd kan worden door de bevoegde overheden van een derde land en erkend kan worden door de internationale overeenkomsten en verdragen die België ter zake binden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 84, eerste lid, van het ontwerp moet herzien worden in het licht van die opmerking. 2. Dezelfde opmerking geldt voor artikel 100, 1°, van het ontwerp, waaruit afgeleid kan worden dat de opdrachtnemer van wie de Nationale Veiligheidsoverheid nagaat of hij over een veiligheidsmachtiging beschikt, alleen een \"op het grondgebied geregistreerde\" opdrachtnemer mag zijn, wat alle potentiële niet geregistreerde opdrachtnemers uitsluit, evenwel rekening houdend met het volgende antwoord van de gemachtigde van de minister, dat eveneens opgenomen moet worden in het verslag aan de Koning: \"Dit hangt samen met artikel 84 van het ontwerpbesluit (...). Enkel rechtspersonen waarvan de statutaire zetel in België is gevestigd, kunnen door de Nationale Veiligheidsoverheid gemachtigd worden in het kader van een Belgische geclassificeerde overheidsopdracht. De Nationale Veiligheidsoverheid heeft geen bevoegdheden (oa. van toezicht) ten aanzien van buitenlandse ondernemingen. De te onderzoeken inlichtingen van een in het buitenland geregistreerde rechtspersoon zijn ook niet toegankelijk voor de Belgische onderzoeksdiensten. Maar buitenlandse ondernemingen zijn op zich niet uitgesloten om deel te nemen aan geclassificeerde openbare aanbestedingen (...).\"</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 100, 1°, van het ontwerp moet eveneens herzien worden. 3. Op de vraag hoe de regel vervat in artikel 85, § 3, van het ontwerp te rijmen valt met het vrij verkeer van personen en werknemers in de zin van het recht van de Europese Unie, heeft de gemachtigde van de minister het volgende antwoord gegeven: \"Artikel 85, § 3, van het ontwerpbesluit stelt dat de persoon belast met het dagelijks bestuur van de rechtspersoon in België moet verblijven en er gedomicilieerd zijn.Net zoals bij vraag 25 betreft het hier een afweging van de belangen: enerzijds is het belang van nationale veiligheid en anderzijds de vrijheid van werknemers. De persoon belast met het dagelijks bestuur van de rechtspersoon vormt een `sleutelfiguur' van de organisatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">De Classificatiewet bepaalt dat een veiligheidsmachtiging enkel kan afgeleverd worden nadat een veiligheidsonderzoek is gevoerd (artikel 16 ev. Classificatiewet). Het onderzoek moet gevoerd worden volgens de regels vervat in de Classificatiewet. Indien het onderzoek niet gevoerd kan worden overeenkomstig deze regels dan kan er geen veiligheidsmachtiging afgeleverd worden. Een andere conclusie is contra legem en ondergraaft het veiligheidssysteem. Bovendien is België op grond van veiligheidsakkoorden verplicht ervoor te zorgen dat personen die een veiligheidsmachtiging hebben op een correcte manier gehabiliteerd zijn. Wanneer zou blijken dat dit niet het geval zou zijn, dan brengt dit de internationale samenwerking in het gedrang.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien een persoon niet in België verblijft gedurende een bepaalde periode kan er geen veiligheidsonderzoek gevoerd worden overeenkomstig de voormelde regels wegens een gebrek aan voldoende informatie.\" Dat antwoord moet ook in het verslag aan de Koning opgenomen worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">II. De beoogde regelgeving in het licht van het beginsel van de autonome bevoegdheidsuitoefening Artikel 2, eerste lid, van het ontwerp, luidt als volgt: \"In toepassing van artikel 1bis, 15°, a) van de wet, duiden de leden van de federale Regering en van de deelstatenregeringen een veiligheidsofficier aan binnen hun beleidscel en ten minste één veiligheidsofficier binnen elk openbaar bestuur dat onder hun gezag ressorteert, waarbinnen geclassificeerde informatie met het beschermingsniveau \"VERTROUWELIJK\" of hoger wordt aangewend.\" Aldus houdt het ontworpen koninklijk besluit verplichtingen in ten laste van de deelentiteiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het spreekt voor zich dat de aldus beoogde regeling de autonomie van de betrokken deelentiteiten in acht moet nemen. De federale overheid kan de deelentiteiten immers niet eenzijdig - bij wege van een koninklijk besluit - een gedwongen medewerking opleggen aan de regeling die bij het ontwerp wordt ingevoerd, door van de overheden van de gewesten of de gemeenschappen te eisen dat ze ambtshalve veiligheidsofficieren aanstellen bij hun organen en administraties. De afdeling Wetgeving heeft meermaals gesteld dat het opleggen van verplichtingen aan de deelentiteiten in strijd is met het beginsel van de autonomie en in principe vereist dat een samenwerkingsakkoord wordt gesloten9. Zonder een dergelijk samenwerkingsakkoord kan het optreden van de deelentiteiten enkel als een mogelijkheid worden opgevat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op de vraag of de beoogde bepaling, in een ontwerp van koninklijk besluit, wel verenigbaar is met het aldus in herinnering gebrachte beginsel van autonomie, heeft de gemachtigde van de minister inzonderheid het volgende gesteld: \"Het classificeren, zoals wordt omschreven in de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst (Classificatiewet), heeft als doel de belangen te beschermen die zijn opgesomd in artikel 3 van voormelde wet. Deze belangen raken de (bescherming van de) nationale veiligheid, hetgeen een federale kernopdracht is. De preventieve bescherming van de `fundamentele belangen' van het land behoort tot de exclusieve restbevoegdheid van de federale Staat. De Classificatiewet is van toepassing op éénieder die geclassificeerde informatie aanwendt. Ook als deze informatie wordt aangewend door de gefedereerde entiteiten, moeten de beschermingsmaatregelen (zoals de aanstelling van een veiligheidsofficier), zoals deze door de Classificatiewet worden bepaald, in acht worden genomen. De autonomie van de verschillende beleidsniveaus wordt in acht genomen, de gefedereerde entiteiten worden niet gedwongen om geclassificeerde informatie aan te wenden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Maar indien de gefedereerde entiteiten geclassificeerde informatie aanwenden, worden zij wel geacht om de beschermingsmaatregelen erop toe te passen. De veiligheidsofficier waakt over de naleving van de veiligheidsregels en de beschermingsmaatregelen en speelt een essentiële rol. Het is bijgevolg noodzakelijk dat de gefedereerde entiteiten een veiligheidsofficier aanwijzen opdat zij toegang zouden kunnen hebben tot geclassificeerde informatie en opdat deze geclassificeerde informatie op adequate wijze beschermd wordt. Het aanwijzen van deze veiligheidsofficier behoort tot de bevoegdheid van de gefedereerde entiteiten en niet van de federale overheid. De autonomie van de verschillende niveaus wordt aldus gerespecteerd.\" Met betrekking tot de verwijzing naar artikel 1bis, 15°, a), van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten stelt ze voorts het volgende: \"Het begrip `openbare besturen' in artikel 1bis, 15°, a), van de Classificatiewet wordt ruim opgevat, zodat ook gefedereerde entiteiten of instanties die een taak van algemeen belang uitvoeren hieronder kunnen vallen, voor zover deze geclassificeerde informatie aanwenden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Rien n'indique dans cette disposition, ni dans les travaux préparatoires une volonté de limiter l'application au Fédéral.\" Gelet op de geregelde materie kan uit artikel 1bis, 15°, a), van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten inderdaad niet worden afgeleid dat die wet enkel van toepassing zou zijn op de federale overheidsinstanties. Op basis van het beginsel van de autonomie van de verschillende deelentiteiten, waarvan de strekking hiervoor in herinnering is gebracht, kan die bepaling evenwel niet gelezen of geïnterpreteerd worden als zou daarbij de Koning gemachtigd worden om aan die bepaling rechtsgrond te ontlenen om aan de deelentiteiten op eenzijdige wijze verplichtingen op te leggen waarmee laatstgenoemden niet vrijwillig ingestemd zouden hebben, aangezien in casu het vereiste juridisch instrument om hen daartoe te verplichten - het samenwerkingsakkoord - ontbreekt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bijgevolg is artikel 2, eerste lid, van het ontwerp slechts aanvaardbaar indien de deelentiteiten er uit eigen beweging voor kiezen om ter wille van de veiligheid mee te werken aan een classificatie van documenten in de aangelegenheden waarvoor zij bevoegd zijn. Er is dan immers reden om aan te nemen dat, wanneer een deelentiteit vrijwillig aan een dergelijke classificatie meewerkt om de voordelen die dat met zich meebrengt te genieten, zij zich automatisch moet schikken naar de operationele gevolgen die deze classificatie met zich meebrengt, die worden vastgesteld door de overheid die ter zake bevoegd is, namelijk de federale Staat, zoals de verplichting waarin artikel 2, eerste lid, van het ontwerp voorziet om een veiligheidsofficier aan te stellen bij de betrokken organen en diensten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Alleen in die lezing kan artikel 2, eerste lid, van het ontwerp, vanuit het oogpunt van de regels inzake bevoegdheidsverdeling, geacht worden te stroken met het beginsel dat de verschillende deelentiteiten autonoom zijn ten opzichte van elkaar.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het verslag aan de Koning zouden de vereiste verduidelijkingen moeten worden opgenomen en artikel 2, eerste lid, moet indien nodig aldus worden herzien dat daarin rekening wordt gehouden met de hiervoor vermelde nuances.</p>\n<p class=\"lf-p\">III. De verordenende bevoegdheid toegekend aan de Nationale Veiligheidsraad. 1. Bij de artikelen 4, 13, 22, 23, 29, 31, 39, 41, 49, 54, 58, 60, 64, 70, 84, tweede lid, 95, 96 en 98 van het ontwerp wordt de Nationale Veiligheidsraad10 ermee belast maatregelen te treffen die aangemerkt worden als bijkomende maatregelen van administratieve en technische aard of om richtlijnen vast te stellen. In advies 69.160/4 heeft de afdeling Wetgeving het volgende opgemerkt in verband met het bij wet verlenen van een verordenende bevoegdheid aan de Nationale Veiligheidsraad: \"Bij het zesde lid wordt aan de Nationale Veiligheidsraad een verordenende bevoegdheid toegekend, die erin bestaat de 4gevoelige zones4 aan te wijzen waarbinnen de leveranciers die geacht worden 4een hoog risico te vormen4 noch netwerkelementen mogen leveren, noch diensten mogen verrichten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Doordat de Grondwet de aan de federale uitvoerende macht toekomende verordenende bevoegdheid alleen aan de Koning toegekend heeft en de machten uitgeoefend dienen te worden op de wijze bij de Grondwet bepaald, geldt het beginsel van de eenheid van de verordenende macht, zodat uitgesloten is dat de verordenende macht op een andere wijze uitgeoefend wordt dan door de Grondwet voorgeschreven is. In beginsel mag de federale wetgever derhalve alleen aan de Koning normatieve bevoegdheden delegeren.</p>\n<p class=\"lf-p\">Die regel geldt in casu des te meer daar de Nationale Veiligheidsraad een strategisch en coördinerend orgaan is, dat niet over een eigen beslissingsbevoegdheid beschikt en door de Koning opgericht is op grond van artikel 37 van de Grondwet11.\"12 Op een vraag in verband met het toekennen van een verordenende bevoegdheid aan de Nationale Veiligheidsraad heeft de gemachtigde van de minister het volgende gesteld: \"De wetgever heeft de Nationale Veiligheidsraad als coördinerend beleidsorgaan specifiek belast met onder meer de bepaling van het algemeen beleid betreffende de bescherming van gevoelige informatie (artikel 3 van het koninklijk besluit van 22 december 2020Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten4 tot oprichting van de Nationale Veiligheidsraad, het Strategisch Comité Inlichtingen en Veiligheid en het Coördinatiecomité Inlichtingen en Veiligheid). De leden van de Raad zijn de Eerste Minister, die de Raad voorzit, de ministers die Justitie, Landsverdediging, Binnenlandse Zaken en Buitenlandse Zaken binnen hun bevoegdheid hebben, en de Vice-eersteministers die geen van deze bevoegdheden hebben (artikel 2 van voormeld koninklijk besluit).</p>\n<p class=\"lf-p\">De richtlijnen of aanbevelingen van de Nationale Veiligheidsraad voegen geen nieuwe rechtsregels toe en zijn in die zin niet als `reglementair' te beschouwen. Deze richtlijnen zijn wél, net zoals de nog steeds bestaande richtlijnen van het vroegere Ministerieel Comité voor Inlichting en Veiligheid van mei 2001, gezaghebbend, gelet op de opdrachten van de Nationale Veiligheidsraad om het algemeen beleid betreffende de bescherming van gevoelige informatie te bepalen. De richtlijnen van de Nationale Veiligheidsraad interpreteren en concretiseren de wet en de beschermingsmaatregelen vastgelegd door het uitvoeringsbesluit, ontwikkelen praktijken, leggen het partnerbeleid vast, ... De richtlijnen zijn in elk geval bindend voor de diensten die onder de ministers ressorteren die in de Nationale Veiligheidsraad zetelen. Omwille van de technische complexiteit en omwille van veiligheidsredenen is het wenselijk om de maatregelen, die door het uitvoeringsbesluit worden vastgelegd, nader uiteen te zetten via richtlijnen van de Nationale Veiligheidsraad. De richtlijnen zorgen ook voor éénvormigheid binnen de instanties die geclassificeerde informatie aanwenden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien beslissingen van de Nationale Veiligheidsraad een reglementair karakter verkrijgen, worden deze in principe bevestigd via een koninklijk of ministerieel besluit, dat voor advies wordt voorgelegd aan de Raad van State en gepubliceerd wordt in het Belgisch Staatsblad.\" De maatregelen die de Nationale Veiligheidsraad kan treffen krachtens de voornoemde artikelen van het ontwerp blijken evenwel van verordenende aard te zijn en kunnen niet beschouwd worden als gewone richtlijnen die enkel bindend zijn voor de diensten die ressorteren onder de ministers die zitting hebben in de Nationale Veiligheidsraad, noch als instrumenten bedoeld om de normen die vervat zijn in de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten en de uitvoeringsbesluiten ervan te interpreteren en te concretiseren. Er is derhalve wel degelijk sprake van een delegatie van verordenende bevoegdheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Die vaststelling wordt bevestigd door het feit dat bij artikel 107 van het ontwerp administratieve sancties worden opgelegd indien de maatregelen vastgesteld door de Nationale Veiligheidsraad niet gerespecteerd worden. In dat artikel wordt immers bepaald dat in geval van schendingen van de beschermingsmaatregelen, zoals bepaald in inzonderheid de richtlijnen van de Nationale Veiligheidsraad, de Nationale Veiligheidsoverheid kan overgaan tot de onmiddellijke schorsing of intrekking van de goedkeuring indien de ernst van de situatie dat rechtvaardigt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Volgens een vaste adviespraktijk kunnen delegaties zoals die welke beoogd worden in het ontwerp enkel worden gebillijkt op grond van praktische redenen en voor zover zij een zeer beperkte of een hoofdzakelijk technische draagwijdte hebben, en voor zover ervan uitgegaan mag worden dat de instellingen die de betrokken reglementering dienen toe te passen of er toezicht op moeten uitoefenen, ook het best geplaatst zijn om deze met kennis van zaken uit te werken.13 Gelet op de draagwijdte van de maatregelen die door de Nationale Veiligheidsraad getroffen mogen worden, is het voorliggende dispositief, zoals het thans is gesteld, niet aanvaardbaar en dient het herzien te worden. 2. In dezelfde gedachtegang heeft de gemachtigde van de minister op het verzoek om een voorbeeld te geven van \"een andere instantie\" in de zin van artikel 58, eerste lid, 2°, van het ontwerp, het volgende geantwoord: \"Dit kan bijvoorbeeld de Koninklijke Militaire School zijn.\" Wat betreft de voorwaarden waaraan die \"andere instantie\" moet voldoen en die vervat zijn in de \"richtlijnen van de Nationale Veiligheidsraad\" heeft de gemachtigde van de minister het volgende gesteld: \"De richtlijnen van de Nationale Veiligheidsraad hebben geen reglementair karakter, maar hebben tot doel dat de beschermingsmaatregelen in de wet en het uitvoeringsbesluit op éénvormige wijze worden toegepast door (voor de diensten) bindende aanbevelingen te formuleren.\" Aangezien de Nationale Veiligheidsraad gemachtigd is om voorwaarden vast te stellen, moet daaruit worden afgeleid dat die \"richtlijnen\" van verordenende aard zijn, hetgeen aanleiding geeft tot hetzelfde voorbehoud als het voorbehoud dat gemaakt is in de voorgaande opmerking. 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een soortgelijke opmerking geldt tot slot voor artikel 10 van het ontwerp.Bij dat artikel worden immers elke minister, elke leidend ambtenaar en de chef van de Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid van de Krijgsmacht voor wat Defensie betreft, gemachtigd om bijkomende regels van technische aard voor te schrijven naast de regels betreffende de procedure voor classificatie, het wijzigen van een classificatieniveau en de declassificatie, en de beschermingsmaatregelen verbonden aan de classificatie vervat in het ontworpen besluit. Ook hier is een dergelijke delegatie niet aanvaardbaar in zoverre daarmee aan de genoemde overheden een verordenende bevoegdheid wordt toegekend.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bijzondere opmerkingen Aanhef 1. In verband met het eerste lid heeft de gemachtigde van de minister aangegeven dat de vermelding van artikel 107, tweede lid, van de Grondwet een materiële fout was.Ze moet dan ook weggelaten worden. 2. In het tweede lid dienen de exacte bepalingen vermeld te worden van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten die rechtsgrond bieden voor de bepalingen van het ontwerp, alsook de nog van kracht zijnde wijzigingen die ze hebben ondergaan.14-15 Zo: - dient verwezen te worden naar de artikelen 1septies, vierde lid, 4, zesde lid, en 17, vierde lid, in plaats van naar een \"laatste lid\"; - dient meer specifiek verwezen te worden naar artikel 7, § 6, tweede lid; - heeft de vermelding van de wijziging \"door de wet van 7 april 2023Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/04/2023 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">09/06/2023 numac 2023042056 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende wijziging van de wet van 11 december 1998, betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten en veiligheidsadviezen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/04/2023 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/05/2023 numac 2023041947 bron federaal agentschap voor de veiligheid van de voedselketen Wet tot wijziging van hoofdstuk III van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/04/2023 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/02/2025 numac 2025001245 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van hoofdstuk III van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/04/2023 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/04/2023 numac 2023030910 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende de oprichting, de opdrachten en de samenstelling van een nationaal drugscommissariaat sluiten\" geen betrekking op de artikelen 6, tweede lid, 12, tweede lid, 17, eerste, tweede en vierde lid, noch op artikel 22, eerste en derde lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">De steller van het ontwerp moet er zich eveneens van vergewissen dat de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten volledig ten uitvoer gelegd wordt. Artikel 7, § 3, zevende lid, van de wet bevat immers een machtiging aan de Koning die niet ten uitvoer gelegd lijkt te worden bij het ontwerpbesluit. In voorkomend geval moet het tweede lid van de aanhef aangevuld worden met die bepaling als het ontwerp aangevuld wordt op dat punt. 3. Voor zover het ontwerp strekt tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 maart 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten0 `tot uitvoering van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten en veiligheidsadviezen', voor wat de veiligheidsadviezen en -attesten betreft, dient bovendien in het tweede lid van de aanhef verwezen te worden naar de bepalingen van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten waarbij de Koning gemachtigd wordt om die wijzigingen door te voeren.4. De aanhef moet aangevuld worden met een nieuw lid waarin verwezen wordt naar het koninklijk besluit van 24 maart 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten0, dat bij het ontwerp gewijzigd wordt.5. Aangezien het Vast Comité I optreedt als Gegevensbeschermingsautoriteit voor de aangelegenheid die behandeld wordt in het ontwerp, is het achtste lid van de aanhef overbodig en moet het weggelaten worden.6. Het lid betreffende het advies van de afdeling Wetgeving van de Raad van State moet verplaatst worden naar het einde van de aanhef, als laatste aanhefverwijzing.7. De vijfde tot de tiende aanhefverwijzing, in verband met de verplichte voorafgaande vormvereisten, moeten aangevuld worden met de datum waarop die vormvereisten vervuld zijn. Dispositief Artikel 1 1. Het is niet duidelijk wat de strekking is van de woorden \"of ontzegging van dienst\" in punt 3° van de ontworpen tekst.In het verslag aan de Koning zou de exacte betekenis ervan toegelicht moeten worden. 2. Op de vraag of de betekenis van de woorden \"in gevaar komen\" (mis en péril) in punt 4° overeenkomt met die van \"compromittering\" gedefinieerd in punt 3°, heeft de gemachtigde van de minister het volgende aangegeven: \"Bij compromittering zijn de gegevens in gevaar (en niet `mogelijk in gevaar') gebracht;bij veiligheidsincident is er enkel een regel geschonden (zonder dat het vaststaat dat de gegevens in gevaar gebracht werden). `In gevaar' zou bijgevolg kunnen worden opgevat als een synoniem voor `compromittering', maar bij `veiligheidsincident' ligt de nadruk op `mogelijk'.\" 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">In punt 10° wordt gedefinieerd wie de \"aangestelden\" zijn van de \"rechtspersoon\" maar wordt dat laatste begrip niet gedefinieerd. Wat dat punt betreft, heeft de gemachtigde van de minister het volgende aangegeven: \"Het begrip `rechtspersoon' verwijst naar artikel 1bis, 10°, b), van de Classificatiewet. Het begrip `rechtspersoon' wordt niet gedefinieerd in deze wet. Een definitie van `rechtspersoon' kan worden toegevoegd in het ontwerpbesluit door de opstellers.\" Ter wille van de rechtszekerheid moet het begrip \"rechtspersoon\" gedefinieerd worden in het ontwerp. 4. Zo wordt ook het begrip \"entiteit\", waarvan gewag gemaakt wordt in punt 11°, niet gedefinieerd.De gemachtigde van de minister heeft het volgende aangegeven in verband met dat begrip : \"`Entiteit' moet hier in de meest ruime zin worden opgevat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dit kunnen zowel publiekrechtelijke als privaatrechtelijke rechtspersonen zijn, administratieve overheden, ... Het gaat om alle instanties die enkel geclassificeerde informatie van het classificatieniveau `BEPERKT' aanwenden en waarvoor het bijgevolg volstaat om een `contactpersoon voor de veiligheid' te voorzien, die op de loonlijst staat van de entiteit of er contractueel mee verbonden is. Een definitie van `entiteit' kan worden toegevoegd in het ontwerpbesluit door de opstellers.\" Nog steeds ter wille van de rechtszekerheid moet het begrip \"entiteit\" gedefinieerd worden in het ontwerp.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 6</span><span class=\"lf-art-t\">Punt 1° bepaalt dat de contactpersoon voor de veiligheid \"de ambtenaar, het personeelslid van of de persoon verbonden aan de entiteit door een contract [is]\"</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De definitie van contactpersoon voor de veiligheid die in artikel 1, 11°, van het ontwerp gegeven wordt, bepaalt evenwel al dat het gaat om de ambtenaar, het personeelslid of de persoon verbonden aan de entiteit door een contract.</p>\n<p class=\"lf-p\">Aangezien de definitie in punt 1° niet exact overeenkomt met de definitie van contactpersoon en dat punt bovendien overbodig is, moet het weggelaten worden. Dat is nog meer zo daar de strekking van de voorliggende bepaling meer lijkt te gaan om de opdrachten van de contactpersoon dan om zijn statuut.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 12</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Onder de personen die, middels het bezit van een veiligheidsmachtiging van het overeenstemmende classificatieniveau, gemachtigd zijn om een classificatieniveau \"ZEER GEHEIM\" te classificeren, te wijzigen of te declassificeren, wordt in punt 11° \"de federale procureur en de magistraten die hij hiertoe machtigt\" vermeld In advies 61.551/2 van 14 juni 2017 heeft de afdeling Wetgeving het volgende opgemerkt: \"Aangezien magistraten krachtens artikel 8 van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten niet over een veiligheidsmachtiging moeten beschikken, vraagt de Raad van State zich af of het logisch is dat vereist wordt dat een magistraat houder moet zijn van een veiligheidsmachtiging om als veiligheidsofficier van het openbaar ministerie aangewezen te kunnen worden.\"16 Rekening houdend met die opmerking blijkt het eveneens incoherent om te bepalen dat \"de federale procureur en de magistraten die hij hiertoe machtigt\", genoemd in punt 11°, gemachtigd zijn om een classificatieniveau \"ZEER GEHEIM\" te classificeren, te wijzigen of te declassificeren op voorwaarde dat ze in het bezit zijn van een veiligheidsmachtiging van het overeenstemmende classificatieniveau.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 12 moet derhalve aldus herzien worden dat \"de federale procureur en de magistraten die hij hiertoe machtigt\" niet onderworpen zijn aan die voorwaarde.</p>\n<p class=\"lf-p\">Die opmerking geldt voor artikel 44, 2°, van het ontwerp in zoverre het impliceert dat magistraten, die niet in het bezit hoeven te zijn van een veiligheidsmachtiging krachtens artikel 8, § 2, eerste lid, van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten, geen toegang hebben tot een beveiligde zone, behalve als ze telkens begeleid worden door een gemachtigd persoon, overeenkomstig artikel 44, 3°, van het ontwerp.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 18 De Franse tekst van punt 1° moet gesteld worden op dezelfde wijze als de Nederlandse tekst.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 21 1. Op de vraag om, ten aanzien van de rechtszekerheid, aan te geven wat de ratio legis is van het derde lid, volgens welk de \"bepalingen van onderafdeling 1 (...) niet van toepassing [zijn] op de krachtens [het eerste en het tweede lid] geclassificeerde documenten\", wat betekent dat alle regels in verband met de markering niet collectief toegepast moeten worden op die geclassificeerde documenten, zodanig dat in geval van collectieve classificatie men geconfronteerd zou worden met niet gemarkeerde documenten die toch geclassificeerd zullen zijn, zelfs al blijkt dat niet duidelijk op het document in kwestie, heeft de gemachtigde van de minister op het volgende gewezen: \"Deze regel staat al in huidige koninklijk besluit van 24 maart 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten0 tot uitvoering van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten en veiligheidsadviezen (artikel 32) en wordt soms toegepast op oude archieffondsen (van vóór de inwerkingtreding van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten), waarvoor het niet aangewezen is omwille van hun kwetsbaarheid/fragiliteit, historische waarde, omvang of technische redenen (oude documenten op microfiches) het document zelf individueel te markeren. Daarbij wordt wel altijd via een schriftelijke beslissing van de overheid van oorsprong aangeduid dat het archieffonds in zijn geheel als ge(de-)classificeerd moet worden beschouwd.\" Die uitleg moet opgenomen worden in het verslag aan de Koning. 2. In het derde lid schrijve men \"krachtens het eerste en het tweede lid\". Artikel 22 De tweede zin, die een herhaling is van het bepaalde in artikel 1, 8°, van het ontwerp, waarin het begrip \"houder\" gedefinieerd wordt, moet weggelaten worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 23 1. In het derde lid schrijve men \"gescheiden van het register bedoeld in het tweede lid\". 2. In het zesde lid schrijve men \"De registers vermeld in het tweede en het derde lid (...)\".</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 32 De tekst van het tweede en het derde lid moet aldus herzien worden dat duidelijker naar voren komt dat de entiteit verplicht is de maatregelen te nemen om het inkijken tegen te gaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dezelfde opmerking geldt mutatis mutandis voor artikel 41, derde en vierde lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikelen 33 tot 35 De bepalingen van onderafdeling 7 hebben hoofdzakelijk betrekking op de vernietiging van de geclassificeerde informatie door de houder. Het is evenwel niet duidelijk of die vernietiging definitief is omdat ze alleen betrekking zou hebben op de originele informatie die bezorgd is door de overheid van oorsprong, dan wel of het alleen gaat om de vernietiging van de kopie, waarbij de overheid van oorsprong steeds de originele versie behoudt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 34, tweede lid, in het bijzonder, zou ook betrekking kunnen hebben op de definitieve vernietiging van de originele informatie door de overheid van oorsprong.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als de artikelen 33 tot 35 aldus geïnterpreteerd worden dat ze alleen betrekking hebben op de vernietiging van één of meerdere kopieën van de geclassificeerde informatie in het bezit van de overheid van oorsprong, leveren ze geen moeilijkheden op.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als ze aldus geïnterpreteerd worden dat ze betrekking hebben op de definitieve vernietiging van de geclassificeerde originele informatie door de houder of door de overheid van oorsprong, moeten de bepalingen in kwestie in overeenstemming gebracht worden met de `archiefwet' van 24 juni 1955, in het bijzonder met artikel 5 ervan dat bepaalt dat de \"overheden bedoeld in het eerste artikel, leden 1 en 2, (...) geen archiefdocumenten [mogen] vernietigen zonder toestemming van de algemene rijksarchivaris of van diens gemachtigden\", alsook met de artikelen 132 tot 137 van de wet van 30 juli 2018Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/07/2018 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">05/09/2018 numac 2018040581 bron federale overheidsdienst justitie, federale overheidsdienst binnenlandse zaken en ministerie van landsverdediging 30 JULI 2018 - Wet betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens sluiten `betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens', die betrekking hebben op de verwerking van persoonsgegevens voor historische, wetenschappelijke of statistische doeleinden in het kader van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten, en met de artikelen 21 en 21/1 van de organieke wet van 30 november 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998007272 bron ministerie van landsverdediging Wet houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdienst type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/02/1999 numac 1998003675 bron ministerie van financien Wet houdende elfde aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998, Sectie 12, Ministerie van Justitie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/01/1999 numac 1998010046 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek betreffende de rechtspleging inzake huur van goederen en van de wet van 30 december 1975 betreffende de goederen, buiten particuliere eigendommen gevonden of op de openbare weg geplaatst ter uitvoering van vonnissen van uitzetting sluiten `houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten'.17 De eenvoudige vermelding \"Onverminderd artikel 25 van de wet en artikel 21 van de wet van 30 november 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998007272 bron ministerie van landsverdediging Wet houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdienst type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/02/1999 numac 1998003675 bron ministerie van financien Wet houdende elfde aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998, Sectie 12, Ministerie van Justitie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/01/1999 numac 1998010046 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek betreffende de rechtspleging inzake huur van goederen en van de wet van 30 december 1975 betreffende de goederen, buiten particuliere eigendommen gevonden of op de openbare weg geplaatst ter uitvoering van vonnissen van uitzetting sluiten\" volstaat in dat verband niet aangezien die bepalingen niet strekken tot naleving van de wet van 24 juni 1955 of van artikel 21/1 van de wet van 30 november 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998007272 bron ministerie van landsverdediging Wet houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdienst type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/02/1999 numac 1998003675 bron ministerie van financien Wet houdende elfde aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998, Sectie 12, Ministerie van Justitie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/01/1999 numac 1998010046 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek betreffende de rechtspleging inzake huur van goederen en van de wet van 30 december 1975 betreffende de goederen, buiten particuliere eigendommen gevonden of op de openbare weg geplaatst ter uitvoering van vonnissen van uitzetting sluiten voor alle andere overheden dan die bedoeld in de wet van 30 november 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">18/12/1998 numac 1998007272 bron ministerie van landsverdediging Wet houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdienst type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/02/1999 numac 1998003675 bron ministerie van financien Wet houdende elfde aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998, Sectie 12, Ministerie van Justitie type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">30/11/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">01/01/1999 numac 1998010046 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek betreffende de rechtspleging inzake huur van goederen en van de wet van 30 december 1975 betreffende de goederen, buiten particuliere eigendommen gevonden of op de openbare weg geplaatst ter uitvoering van vonnissen van uitzetting sluiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De artikelen 33 tot 35 moeten herzien worden in het licht van die opmerking.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 46</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Op de vraag of er een model bestaat voor de conformiteitsverklaring heeft de gemachtigde van de minister het volgende aangegeven: \"Deze documenten zullen op de website van de Nationale Veiligheidsoverheid ter beschikking worden gesteld. Dit laat toe om deze documenten snel aan te passen indien nodig.\" De afdeling Wetgeving vraagt zich af of het geen aanbeveling verdient dat model als bijlage te voegen bij het voorliggende koninklijk besluit, naar het voorbeeld van de modellen die opgenomen zijn in de bijlagen 2 tot 5 van het ontwerp Die opmerking geldt eveneens voor de conformiteitsverklaring, bedoeld in artikel 50, tweede en derde lid, van het ontwerp.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 48 De voorliggende bepaling maakt deel uit van afdeling 2 van titel III, hoofdstuk 2, van het ontwerp, in verband met de administratieve en beveiligde zones.</p>\n<p class=\"lf-p\">De artikelen 42 tot 47 van het ontwerp zijn gewijd aan de goedkeuringsprocedure met betrekking tot die zones.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wat de veiligheidszone betreft, bepaalt artikel 47 dat de Nationale Veiligheidsoverheid haar beslissing betreffende de goedkeuring van de beveiligde zone binnen de fysieke installatie ter kennis brengt van de veiligheidsofficier. Luidens het voorliggende artikel 48 dient iedere wijziging aan de fysieke installatie in kwestie onverwijld gemeld te worden aan de Nationale Veiligheidsoverheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het dispositief wordt evenwel niet gepreciseerd wat de gevolgen zijn van die melding zodat de vraag rijst of de hele goedkeuringsprocedure opnieuw toegepast moet worden of niet.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het dispositief moet herzien worden in het licht van die opmerking.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 53 1. In het geval dat de Nationale Veiligheidsoverheid een beslissing neemt tot weigering van de goedkeuring van het communicatie- en informatiesysteem, heeft de gemachtigde van de minister het volgende antwoord gegeven in verband met het mogelijk beroep tegen een dergelijke beslissing: \"Deze beslissing tot weigering van de goedkeuring van een communicatie- en informaticasysteem vormt een administratieve beslissing, waartegen een beroep open staat bij de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overeenkomstig artikel 14 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, tenzij de wetgever in de toekomst nog zal beslissen om dit toe te vertrouwen aan een specifiek daartoe opgericht administratief rechtscollege, zoals het Beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen, - attesten of - adviezen.Dit is echter niet aan de opstellers van het ontwerpbesluit om te beslissen.\" Dat antwoord geldt eveneens voor artikel 61 van het ontwerp, in geval van een beslissing tot weigering van een cryptografisch product, en voor de artikelen 107 en 111 van het ontwerp, voor de gevallen van (onmiddellijke) schorsing of van intrekking van de goedkeuring. 2. Op de vraag om de heel korte, in paragraaf 2 bepaalde periode tijdens welke een vernieuwing aangevraagd kan worden te verantwoorden, heeft de gemachtigde van de minister het volgende aangegeven: \"- Mbt de geldigheidsduur van de beslissing tot goedkeuring van een communicatie- en informatiesysteem: in de vroegere wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten en veiligheidsadviezen (artikel 13, 2° ) luidde de definitie van veiligheidsmachtiging als volgt: `[...] - een rechtspersoon voldoende garanties biedt inzake de materiële en de technische middelen en de methoden, gebruikt om deze gegevens te beschermen, en inzake [...]'. De goedkeuring van een communicatie- en informatiesysteem maakte bijgevolg deel uit van een veiligheidsmachtiging voor rechtspersonen. De wetgever heeft er in de wet van 7 april 2023Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/04/2023 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">09/06/2023 numac 2023042056 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende wijziging van de wet van 11 december 1998, betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten en veiligheidsadviezen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/04/2023 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">02/05/2023 numac 2023041947 bron federaal agentschap voor de veiligheid van de voedselketen Wet tot wijziging van hoofdstuk III van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/04/2023 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">17/02/2025 numac 2025001245 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van hoofdstuk III van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen. - Duitse vertaling type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/04/2023 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">13/04/2023 numac 2023030910 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende de oprichting, de opdrachten en de samenstelling van een nationaal drugscommissariaat sluiten houdende wijziging van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten, betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten en veiligheidsadviezen voor gekozen om hier een aparte beslissing van te maken (zie artikel 1bis, 10° en artikel 1quater, 6° ). De veiligheidsmachtiging wordt volgens het koninklijk besluit van 24 maart 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten0 toegestaan voor een periode van maximum vijf jaar (hetgeen dus eveneens korter kon zijn).</p>\n<p class=\"lf-p\">In het ontwerpbesluit wordt een geldigheidsduur van maximum drie jaar voorzien voor informatie- en communicatiesystemen (artikel 53, § 2 van het ontwerpbesluit), omwille van de snelle technologische evolutie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Idem voor cryptografische producten (artikel 61 van het ontwerpbesluit). - Mbt de vraag tot hernieuwing van de beslissing tot goedkeuring: een termijn tussen de zes en de zeven maanden vóór het einde van de geldigheidsduur van de beslissing werd door de diensten realistisch geacht. Het kan immers niet de bedoeling zijn dat de aanvraag een dag vóór het einde van de geldigheidsduur van de beslissing wordt aangevraagd en de functionele autoriteit vervolgens zonder homologatie verder werkt met het communicatie- en informatiesysteem. De termijn voor de vraag tot hernieuwing is nieuw en stond nog niet in het huidige koninklijk besluit van 24 maart 2000Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen sluiten0.\" Dat antwoord moet in het in de voorafgaande opmerking 2 gesuggereerde verslag aan de Koning opgenomen worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 59 De gemachtigde van de minister is het ermee eens dat de woorden \"met het classificatieniveau \"BEPERKT\" of hoger\" weggelaten moeten worden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 60</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Wat betreft de bevoegdheid die aan de Nationale Veiligheidsraad wordt verleend om te bepalen in welke gevallen de Nationale Veiligheidsoverheid een ander land of een andere instantie kan verzoeken om een evaluatie uit te voeren van een cryptografisch product, heeft de gemachtigde van de minister verwezen naar haar antwoord dat overgenomen is in algemene opmerking nr. III en voorgesteld om de woorden \"In de gevallen bepaald door de Nationale Veiligheidsraad\" uit artikel 60 weg te laten Artikel 60 moet in die zin gewijzigd worden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 64</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Op de vraag wat de rechtsgrond is voor artikel 64, waarbij de Koning het bezit van een cryptolicentie oplegt, gelet op het feit dat artikel 7, § 1, tweede lid, van de wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">28/12/2023 numac 2023047806 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de classificatie, de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten, veiligheidsadviezen en de publiek gereguleerde dienst. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007004 bron ministerie van landsverdediging Wet betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen type wet prom.</p>\n<p class=\"lf-p\">11/12/1998 pub.</p>\n<p class=\"lf-p\">07/05/1999 numac 1999007003 bron ministerie van landsverdediging Wet tot oprichting van een beroepsorgaan inzake veiligheidsmachtigingen</p></div>", "next": 238993}