← België

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 1 van 25 juni 1997, gesloten in het Paritair Com

In het kort

Deze wet verklaart een collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) algemeen verbindend, die een functieclassificatie en minimumlonen invoert voor de hotelbranche. Het doel is om een gestructureerd systeem te creëren voor het indelen van functies en het vaststellen van bijbehorende lonen.

Wat het reguleert

Wie het betreft

Kernpunten

📄 Wettekst
22 MAART 1999. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 1 van 25 juni 1997, gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, in uitvoering van het protocolakkoord van 14 mei 1997 - invoering van een functieclassificatie en tot vaststelling van de minimumlonen (1) ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28; Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het hotelbedrijf; Op de voordracht van Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst nr. 1 van 25 juni 1997, gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, in uitvoering van het protocolakkoord van 14 mei 1997 - invoering van een functieclassificatie en tot vaststelling van de minimumlonen. Art. 2.Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid is belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Brussel, 22 maart 1999. ALBERT Van Koningswege : De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Mevr. M. SMET _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair comité voor het hotelbedrijf Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 1 van 25 juni 1997 Uitvoering van het protocolakkoord van 14 mei 1997 - invoering van een nieuwe functieclassificatie en tot vaststelling van de minimumlonen (Overeenkomst geregistreerd op 27 juni 1997 onder het nummer 45511/CO/302) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en werknemers die ressorteren onder het Paritair comité voor het hotelbedrijf. Voor de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt onder "werknemers" verstaan de mannelijke en vrouwelijke werknemers die bezoldigd worden op basis van een vast uur- of maandloon. HOOFDSTUK II. - Begrippenkader Art. 2.Voor de toepassing van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst wordt verstaan onder : 1° Taken : het geheel van activiteiten die aan een werknemer worden opgedragen om eventueel met behulp van bepaalde middelen een bepaalde functie te vervullen.2° Functie : het geheel van bijeenhorende taken waarvan de samenhang en de aard afhankelijk zijn van de onderneming.3° Referentiefunctie : een functie die afgeleid is uit een sectorale taakanalyse en die tot doel heeft als vergelijkingsfunctie te dienen bij het benoemen en omschrijven van iedere functie die in de sector effectief wordt uitgeoefend.De lijst van de bijgevoegde referentiefuncties (bijlage 1) en hun beschrijving (bijlage 2) maakt integraal deel uit van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst. 4° Functieweging : de weging van elke referentiefunctie op basis van het universeel analytisch wegingssysteem U.S.B. (Universeel Systeem Berenschot). Het resultaat en de verantwoordelijkheid voor de functieweging berusten bij de systeemhouder. 5° Functiecategorie : al de referentiefuncties die met hun individuele weging vallen binnen éénzelfde van de negen wegings-intervallen die door het Paritair comité voor het hotelbedrijf werden vastgesteld.6° Loonklasse : een schaal van minimumlonen.Iedere functiecategorie heeft één of meerdere loonklassen. Onder minimumlonen dient verstaan te worden het bruto minimumuur- of maandloon voor meerderjarige werknemers vergoed op basis van een vast loon in het stelsel van de veertigurenweek, negenendertigurenweek of achtendertigurenweek (respectievelijk bijlagen 3, 4 en 5). 7° Functiejaren : het aantal jaren ervaring die een werknemer verwerft in eenzelfde functiecategorie bij dezelfde werkgever.Functiejaren kunnen op geen enkel ogenblik gekoppeld worden aan de leeftijd van de werknemer. Een functiejaar gaat in op het ogenblik van het in dienst treden van de werknemer bij zijn werkgever. Telkenmale vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van indiensttreding wordt aan de werknemer één hoger functiejaar of lager instapjaar toegekend, ook functiestap genoemd en dit tot de werknemer het aantal functiejaren heeft doorlopen zoals die vermeld worden in de schaal van de van toepassing zijnde loonklasse. 8° Instapjaren : de voorafgaande jaren waarin de werknemer de nodige ervaring verwerft bij een nieuwe werkgever om in een functie te kunnen starten.9° Anciënniteit : de periode van ononderbroken dienst in dezelfde onderneming.10° Classificatiecommissie : de commissie waarvan de bevoegdheid, de samenstelling en de te volgen procedure wordt bepaald in bijlage 6 van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst. HOOFDSTUK III. - Referentiefuncties Art. 3.De in bijlage 1 gevoegde exhaustieve lijst van referentiefuncties vermeldt de functiebenamingen die door de werkgever moeten gebruikt worden. Het is de werkgever verboden andere functiebenamingen te vermelden in de arbeidsovereenkomst en op de loonfiche tenzij zij door het Paritair comité voor het hotelbedrijf worden goedgekeurd en bij koninklijk besluit algemeen verbindend werden verklaard. Art. 4.De hierna genoemde referentiefuncties hebben een bediendestatuut : Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld HOOFDSTUK IV. - Vermelding referentiefunctie in arbeidsovereenkomst Art. 5.Op 1 juli 1997 zal de werkgever - voor de werknemers die op het ogenblik met hem zijn verbonden door een arbeidsovereenkomst - op basis van de lijst van referentiefuncties (bijlage 1 en 2) nagaan of de functie vermeld in de arbeidsovereenkomst, ongeacht het soort arbeidsovereenkomst, overeenstemt met één van de referentiefuncties. Indien de functie vermeld in de arbeidsovereenkomst niet overeenstemt met een functie vermeld in de lijst van de referentiefuncties, zal aan de arbeidsovereen-komst een addendum worden gevoegd met de vermelding van de juiste referentiefunctie en functiecategorie, zoals bepaald in hoofdstuk V van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst. Deze referentiefunctie dient eveneens vermeld te worden op de loonfiche van de werknemer. Werkgevers die vanaf 1 juli 1997 een nieuwe werknemer in dienst nemen, zullen in hun arbeidsovereenkomst uitsluitend een functiebenaming kunnen gebruiken die overeenstemt met deze vermeld op de lijst van de referentiefuncties. Deze bepaling is niet van toepassing op functies uitgeoefend door kaderleden die niet door de systeemhouder werden beschreven. Onder kaderleden dient verstaan te worden de bedienden, met uitsluiting van die welke deel uitmaken van het leidinggevend personeel die in de onderneming een hogere functie uitoefenen en die in het algemeen voorbehouden wordt aan de houder van een diploma van een bepaald niveau of aan diegene die een evenwaardige beroepservaring heeft. Art. 6.De werknemer die in een onderneming meerdere functies uitoefent zoals vermeld op de lijst van de referentiefuncties, zal deze referentiefunctie en de daaraan gekoppelde verloning vermeld krijgen op zijn arbeidsovereenkomst en op zijn loonfiche waar hij in de loop van de arbeidsweek of een volledige arbeidscyclus de meeste arbeidsuren aan besteedt. Art. 7.De werkgever die op 1 juli 1997 vaststelt dat in de lijst van referentiefuncties geen enkele functie overeenstemt met de functie zoals zij in zijn onderneming wordt uitgeoefend, dient zich te wenden tot de classificatiecommissie en dit binnen een termijn van 90 kalenderdagen. Indien een werkgever een werknemer in dienst neemt na 1 juli 1997 en vaststelt dat in de lijst van de referentiefuncties geen enkele functie overeenstemt met de functies zoals zij in zijn onderneming zal moeten uitgeoefend worden, dient zich te wenden tot de classificatiecommissie en dit binnen een termijn van 90 kalenderdagen na datum van indiensttreding van de werknemer. De classificatiecommissie zal een advies formuleren. De werkgever zal de werknemer voorlopig inschalen met een referentiefunctie die zo dicht mogelijk aansluit bij de uitgeoefende functie. Met behoud van al zijn rechten kan een werknemer het advies inwinnen van de classificatiecommissie met betrekking tot de door zijn werkgever gedane classificatie van zijn functie en dit vanaf 1 juli 1997 tot en met 31 december 2000. Een dergelijk advies kan uitsluitend betrekking hebben op feiten waarbij de werknemer van oordeel is dat zijn werkgever hem onderbrengt in een referentiefunctie met een lagere weging die niet overeenstemt met de functie die hij uitoefent. HOOFDSTUK V. - Functiecategorieën Art. 8.De werknemers worden ingedeeld in één van de negen onderstaande functiecategorieën, op basis van de weging zoals vermeld in de lijst van de referentiefuncties en bepaald door de systeemhouder. Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld HOOFDSTUK VI. - Lonen - Loonklassen A. Minimumuur- of maandlonen Art. 9.De bijlagen 3, 4 en 5 van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst geven de minimumuur- en maandlonen die van toepassing zijn op 1 juli 1997 respectievelijk in de 40- urenweek, 39-urenweek en 38-urenweek en opgedeeld in negen loonklassen. De minimumuur- en maandlonen zijn van toepassing op de meerderjarige werknemers. De minderjarige werknemers (jonger dan achttien jaar) zullen op basis van een degressief percentage (18 jaar = 100 pct., 17 jaar = 90 pct., 16 jaar = 80 pct., 15 jaar = 70 pct.) vergoed worden volgens hun leeftijd en berekend op de loonklasse die van toepassing is in de functiecategorie waarin de minderjarige werd ingedeeld. B. Koppeling van de minimumlonen aan het voor het Rijk vastgesteld indexcijfer van de consumptieprijzen Art. 10.De op 1 juli 1997 vastgestelde minimumlonen alsook het gedeelte van de effectief betaalde lonen dat overeenstemt met deze minimumlonen, worden gekoppeld aan het indexcijfer van de consumptieprijzen, maandelijks vastgesteld voor het Rijk door het Ministerie van Economische Zaken en bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. De aanpassing gebeurt viermaal per jaar, op 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober. Art. 11.Het referte-indexcijfer dat in aanmerking komt voor de koppeling van de minimumlonen en de loongedeelten aan het indexcijfer van de consumptieprijzen, is gelijk aan het rekenkundig gemiddelde van de indexcijfers van de maanden oktober en november van het voorbije kalenderjaar voor de aanpassing op 1 januari, van de maanden januari en februari van het lopend jaar voor de aanpassing op 1 april, van de maanden april en mei van het lopend jaar voor de aanpassing op 1 juli en van de maanden juli en augustus van het lopend jaar voor de aanpassing op 1 oktober. Het referte-indexcijfer omvat twee decimalen vooraf afgerond naar het hoger cijfer, indien de derde decimaal gelijk is aan of groter dan vijf. Art. 12.De minimumlonen vastgesteld op 1 juli 1997 stemmen overeen met het referte-indexcijfer 121,57. Art. 13.De minimumlonen en loongedeelten worden aangepast aan het indexcijfer van de consumptieprijzen bij toepassing van de volgende formule : minimumlonen op 1 juli 1997 x referte-indexcijfer/121,57 De quotiënten die volgens hoger vermelde formule worden bekomen, vermelden 5 decimalen en worden afgerond naar het hoger cijfer indien het zesde decimaal gelijk is aan of groter dan vijf. De geïndexeerde minimumlonen worden afgerond voor wat betreft : 1° de uurlonen, naar de onmiddellijke hogere centiem, deelbaar door vijf, wanneer het quotiënt van de berekening gelijk is aan of hoger dan 0,025 of 0,075 en naar de onmiddellijke lagere centiem deelbaar door vijf, wanneer dit quotiënt deze cijfers niet bereikt.2° de maandlonen, berekend op basis van het geïndexeerd uurloon in het 39-urenstelsel x 169, afgerond naar de hogere of lagere frank. HOOFDSTUK VII. - Inschaling A. Algemeen principe Art. 14.De werknemer die op basis van zijn referentiefunctie wordt ingedeeld in een functiecategorie, zal ingeschaald worden in de loonklasse die met zijn functiecategorie overeenstemt. Voor de functiecategorieën IV, V en VI met twee loonklassen (X en Y), worden onder Y die functies ingeschaald die voorzien zijn in artikel 4 van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst en behoren tot de desbetreffende functiecategorieën; de overige functies opgesomd in artikel 4 worden, naargelang de functiecategorie waartoe ze behoren, ingeschaald in de categorieën VII, VIII en IX. Alle andere functies in de respectievelijke functiecategorieën worden ingeschaald in de loonklasse X. Art. 15.Onverminderd de bepalingen van de artikelen 16 tot en met 22 van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst, wordt de crew, die op 1 juli 1997 1 jaar in dienst is van dezelfde onderneming, onmiddellijk ingeschaald in functiecategorie IV, loonklasse X. De crew die op 1 juli 1997 nog geen jaar in dienst is van dezelfde onderneming, wordt ingeschaald in functiecategorie III tot op de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van zijn arbeidsovereenkomst. De crew in dienst genomen na 1 juli 1997, zal maximaal gedurende één jaar worden ingeschaald in functiecategorie III en zal de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van zijn arbeidsovereenkomst ingeschaald worden in functiecategorie IV, loonklasse X op 1 functiejaar. B. Inschaling van werknemers in dienst vóór 1 juli 1997. Art. 16.Onverminderd de bepalingen van de artikelen 9 tot en met 15, zullen de werknemers die vóór 1 juli 1997 in dienst waren, ongeacht hun anciënniteit in de onderneming, en ongeacht de functiecategorie waartoe zij behoren, het minimumloon geldend op 1 juli 1997 bij 0 functiejaar genieten van de functiecategorie waartoe ze behoren. Art. 17.De werknemers die ingeschaald worden in de functiecategorieën I, VI-loonklasse Y, VII-loonklasse X + Y, VIII-loonklasse X + Y en IX-loonklasse X + Y zullen op 1 januari 1998 het minimumloon genieten dat van toepassing is op 1 januari 1998 met 0 functiejaren. Deze werknemers zullen op 1 januari 1999 het minimumloon genieten dat van toepassing is op 1 januari 1999 met 0 functiejaren. Op 1 januari 2000 zullen zij het minimumloon genieten dat van toepassing is op 1 januari 2000 met 0 functiejaren. Na 1 januari 2000 zullen deze werknemers die in dienst waren van de onderneming vóór 1 juli 1997, ingeschaald worden op de loonschaal rekening houdend met het aantal jaren dat zij in dezelfde functie of functiecategorie in dienst waren van de onderneming, en dit op de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van hun arbeidsovereenkomst. Art. 18.De werknemers die ingeschaald worden in de functiecategorieën II, III, IV, V en VI-loonklasse X, zullen op 1 januari 1998 het minimumloon genieten dat van toepassing is op 1 januari 1998 met 1 functiejaar. Deze werknemers zullen op 1 januari 1999 het minimumloon genieten dat van toepassing is op 1 januari 1999 met 2 functiejaren. Op 1 januari 2000 zullen zij het minimumloon genieten dat van toepassing is op 1 januari 2000 met 3 functiejaren. Na 1 januari 2000 zullen deze werknemers die in dienst waren van de onderneming vóór 1 juli 1997 ingeschaald worden op de loonschaal rekening houdend met het aantal jaren dat zij in dezelfde functie of functiecategorie in dienst waren van de onderneming, en dit op de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van hun arbeidsovereenkomst. Art. 19.Indien op 1 juli 1997 het effectief loon van de werknemers die gebonden waren door een arbeidsovereenkomst, hoger is dan het minimumloon op het ogenblik van hun inschaling dan behouden zij hun effectief loon. C. Inschaling van werknemers die in dienst treden vanaf 1 juli 1997 en vóór 1 januari 2001 Art. 20.Werknemers die ingeschaald worden in de functiecategorieën I, II, III, IV-loonklasse X, V-loonklasse X, VI-loonklasse X en die in dienst treden vanaf 1 juli 1997 en vóór 1 januari 2001, zullen het aangeduide minimumuurloon genieten dat van toepassing is voor 0 functiejaren van het kalenderjaar waarin zij in dienst treden van een onderneming. De eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van hun arbeidsovereenkomst en in zoverre zij een functie uitoefenen die tot eenzelfde functiecategorie behoort, krijgen zij het minimumuurloon dat overeenstemt met één hoger functiejaar in het kalenderjaar van de verjaardag van hun arbeidsovereenkomst in zoverre er een hoger functiejaar is voorzien. Art. 21.Werknemers die ingeschaald worden in de functiecategorieën IV-loonklasse Y, V-loonklasse Y, VI-loonklasse Y, VII-loonklasse X + Y, VIII-loonklasse X + Y en IX-loonklasse X + Y en die in dienst treden vanaf 1 juli 1997 en vóór 1 januari 2001 zullen worden ingeschaald op - 2 instapjaren in de functiecategorieën IV en V en op - 3 instapjaren voor de functiecategorieën VI, VII, VIII en IX. Op de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van hun arbeidsovereenkomst, en in zoverre zij eenzelfde functie uitoefenen die tot eenzelfde functiecategorie behoort, krijgen zij het minimumuurloon van het volgend instap- of functiejaar dat overeenstemt met het kalenderjaar van de verjaardag van hun arbeidsovereenkomst. D. Inschaling van werknemers die in dienst treden vanaf 1 januari 2001 Art. 22.Werknemers die in dienst treden vanaf 1 januari 2001, zullen in de functiecategorieën I, II, III en IV-loonklasse X, V-loonklasse X en VI-loonklasse X in-geschaald worden op 0 functiejaren, op -2 instapjaren in de functiecategorieën IV-loonklasse Y en V-loonklasse Y en op -3 instapjaren in de functiecategorieën VI-loonklasse Y, VII-loonklasse X+Y, VIII-loonklasse X+Y en IX-loon-klasse X+Y. Op de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van hun arbeidsovereenkomst, en in zoverre zij eenzelfde functie uitoefenen die tot eenzelfde functiecategorie behoort, krijgen zij het minimumuurloon van het volgend instap- of functiejaar. E. Inschaling kaderleden Art. 23.Functies die door kaderleden worden uitgeoefend zoals bepaald in artikel 5 van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst en die niet werden beschreven door de systeemhouder, worden in functiecategorie IX opgenomen, zoals bepaald in hoofdstuk V, artikel 8 van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst en hebben ten minste recht op het minimumloon van de loonklasse die overeenstemt met de functiecategorie IX. F. Inschaling chef de partie warm en koud en onderchef keuken Art. 24.§ 1. De chef de partie warm en koud die in dienst was of in dienst treedt van een onderneming vóór 31 december 2000, zal vanaf 1 juli 1997 worden ingeschaald in de loonklasse Y van de functiecategorie VI en een minimumuurloon genieten dat van toepassing is in het jaar 2000 op de lijn van 9 functiejaren. Vanaf 1 januari 2001, en dit ten vroegste de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van zijn arbeidsovereenkomst, zal hij overstappen naar het eerstvolgend hoger functiejaar. De chef de partie warm en koud die in dienst treedt na 31 december 2000, zal ingeschaald worden in de loonklasse Y van functiecategorie VI en een minimumuurloon genieten op de lijn van 9 functiejaren van het jaar van indiensttreding. De eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van zijn arbeidsovereenkomst zal hij overstappen naar het eerstvolgend hoger functiejaar. § 2. De onderchef keuken die in dienst was van een onderneming op 30 juni 1997, zal op 1 juli 1997 worden ingeschaald in functiecategorie VIII en het minimumloon geldend op 1 juli 1997 met 0 functiejaren genieten. Op 1 januari 1998 zal hij het minimumloon genieten dat van toepassing is op 1 januari 1998 met 0 functiejaren. Op 1 januari 1999 zal hij het minimumloon genieten dat van toepassing is op 1 januari 1999 met 0 functiejaren. Op 1 januari 2000 zal hij het minimumloon genieten dat van toepassing is op 1 januari 2000 met 0 functiejaren. Na 1 januari 2000 zal de onderchef keuken die in dienst was van een onderneming voor 1 juli 1997, ingeschaald worden op de loonschaal rekening houdend met het aantal jaren dat hij in dezelfde functie of functiecategorie in dienst was van de onderneming, en dit op de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van zijn arbeidsovereenkomst. De onderchef keuken die in dienst treedt vanaf 1 juli 1997 en voor 1 januari 2001 zal in functiecategorie VIII ingeschaald worden op - 3 instapjaren in het jaar 2000. Op de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van zijn arbeidsovereenkomst, en in zoverre hij dezelfde functie uitoefent die tot eenzelfde functiecategorie behoort, krijgt hij het minimumuurloon van het volgend instap- of functiejaar dat van toepassing is in het jaar 2000. De onderchef keuken die in dienst treedt vanaf 1 januari 2001 zal in functiecategorie VIII ingeschaald worden op - 3 instapjaren van het kalenderjaar van indiensttreding. Op de eerste dag van de maand die volgt op de verjaardag van zijn arbeidsovereenkomst, en in zoverre zij dezelfde functie uitoefenen die tot eenzelfde functiecategorie behoort, krijgt hij het minimumloon van het volgende instap- of functiejaar dat van toepassing is in het jaar 2000. HOOFDSTUK VIII. - Overstap naar een hogere functiecategorie A. Overstap naar een hogere functiecategorie in de periode vanaf 1 juli 1997 tot 31 december 2000 Art. 25.De werknemers die in de periode vanaf 1 juli 1997 tot 31 december 2000 overstappen naar een nieuwe functie in dezelfde onderneming in een hogere functiecategorie, krijgen het minimumuurloon in de hogere functiecategorie bij 0 functiejaren van het kalenderjaar waarin de overstap gebeurt. De werknemers die in dezelfde periode overstappen naar een nieuwe functie in een hogere functiecategorie en die ingeschaald worden in de loonklasse Y, krijgen het minimumloon bij 0 functiejaren van het kalenderjaar waarin de overstap gebeurt. De inschaling in een hogere functiecategorie kan nooit een loonsverlaging tot gevolg hebben. B. Overstap naar een hogere functiecategorie vanaf 1 januari 2001 Art. 26.De werknemers die vanaf 1 januari 2001 in dezelfde onderneming overstappen naar een nieuwe functie in een hogere functiecategorie, worden ingeschaald op het eerste hogere minimumuurloon te rekenen vanaf 0 functiejaren, in vergelijking met het minimumuurloon dat hij had op het ogenblik van zijn overstap, en op dezelfde of dichtsbijzijnde trap van functiejaren die voorzien wordt in de nieuwe functiecategorie waarin hij wordt ondergebracht en dit ongeacht het aantal functiejaren die hij in zijn oude functiecategorie in de onderneming had verworven. De inschaling in een hogere functiecategorie kan nooit een loonsverlaging tot gevolg hebben. HOOFDSTUK IX. - Anciënniteit Art. 27.De werknemer die, tewerkgesteld in dezelfde onderneming, alle functiejaren in de loonklasse van de functiecategorie waarin hij werd ingedeeld heeft doorlopen, heeft om de vijf jaar recht - t.t.z. de eerste dag van de maand die volgt op de vijfjaarlijkse verjaardag - op een minimumloon verhoogd met 1 pct. berekend op het minimumloon bij nul functiejaren. Deze verhoging wordt na de eerste vijf jaar gevoegd bij het minimumloon dat overeenstemt met het laatste functiejaar en wordt om de vijf jaar telkenmale gevoegd bij het minimumloon dat van toepassing is tijdens de vorige periode van vijf jaar. Art. 28.De gepresteerde dagen van de werknemer gebonden door een arbeidsovereenkomst van bepaalde duur van minstens 2 maanden, met een wekelijkse arbeidsduur die ten minste gelijk is aan 3/4 van een voltijdse betrekking en afgesloten om uitgevoerd te worden tussen 1 mei en 30 september van eenzelfde kalenderjaar met dezelfde werkgever, worden getotaliseerd in de periode van 1 mei tot 30 september, over de verschillende kalenderjaren van tewerkstelling. Telkenmale de werknemer 260 arbeidsdagen (5-dagenstelsel) of 312 arbeidsdagen (6-dagenstelsel) totaliseert bij dezelfde werkgever en in dezelfde functiecategorie, heeft hij recht op het minimumloon van één hoger functiejaar. Wanneer de werknemer alle functiejaren in de loonklasse van de functiecategorie waarin hij werd ingedeeld heeft doorlopen, heeft hij na elke 1.280 bijkomende arbeidsdagen gepresteerd te hebben, recht op een minimumloon verhoogd met 1 pct., berekend op het minimumloon bij nul functiejaren. Art. 29.In de ondernemingen waar reeds een gelijkwaardige of gunstigere anciënniteitsregeling toegekend wordt, blijft deze gehandhaafd en zijn de bepalingen van dit hoofdstuk niet van toepassing. HOOFDSTUK X. - Classificatiecommissie Art. 30.De bevoegdheid, de samenstelling en de te volgen procedure worden bepaald in bijlage 6 van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst. HOOFDSTUK XI. - Slotbepalingen Art. 31.In de ondernemingen waar op 1 juli 1997 reeds een functieclassificatiesysteem bestaat, wordt dit medegedeeld aan het Paritair comité voor het hotelbedrijf, die het zal beoordelen op het feit of het aan de werknemers van die ondernemingen dezelfde of gunstiger arbeids- en loonsvoorwaarden waarborgt. In dit geval is onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst niet van toepassing. Alle wijzigingen die aan het goedgekeurde systeem worden aangebracht dienen voorafgaandelijk ter goedkeuring voorgelegd te worden aan het Paritair comité voor het hotelbedrijf. Art. 32.Vanaf 1 juli 1997 kan de invoering van de functieclassificatie in een onderneming geen reden zijn tot ontslag zolang de classificatiecommissie zetelend als verzoeningsbureau in de schoot van het Paritair Comité voor het hotelbedrijf geen advies heeft uitgebracht en dit niet werd betekend aan alle bij het geschil betrokken partijen. Art. 33.De werkgevers die in uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomst van 14 mei 1997, gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, tot vaststelling van de wijze waarop ten behoeve van sommige werknemers overhandigde fooien of bedieningsgeld moeten worden verdeeld, wensen om te schakelen naar een verloning op basis van een vast loon zoals in onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst werd bepaald, dienen dit te doen in onderling overleg met de werknemers en dit te melden aan de voorzitter van het Paritair comité voor het hotelbedrijf. Art. 34.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt : 1° de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 maart 1993, gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, betreffende de arbeids- en loonvoorwaarden, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 31 mei 1994;2° de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 maart 1993, gesloten in het Paritair comité voor het hotelbedrijf, betreffende de verhoging van de effectieve lonen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 19 mei 1994;3° de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 maart 1991, gesloten in het Paritair comité voor het hotelbedrijf, tot toekenning van een anciënniteitstoeslag, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 28 november 1991;4° de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 maart 1968, gesloten in het Paritair comité voor het hotelbedrijf, tot vaststelling van de beroepenclassificatie van de bedienden tewerkgesteld in de ondernemingen die onder dit comité ressorteren, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 22 mei 1968;5° het besluit van 27 maart 1968 van het Paritair comité voor het hotelbedrijf tot bepaling van de functies van werknemers uit het hotelbedrijf, volledig of hoofdzakelijk met fooien of met dienstpercentage beloond. Art. 35.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking met ingang van 1 juli 1997. Zij is gesloten voor een onbepaalde tijd. Ze kan worden opgezegd door elk van de partijen, mits een opzeggingstermijn van drie maanden bij een ter post aangetekende brief gericht aan de voorzitter van het Paritair comité voor het hotelbedrijf en aan de daarin vertegenwoordigde organisaties. Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 22 maart 1999. De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Mevr. M. SMET Bijlage 1 aan de collectieve arbeidsovereenkomst nr 1 van 25 juni 1997 gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, in uitvoering van het protocolakkoord van 14 mei 1997 - invoering van een functieclassificatie en tot vaststelling van de minimumlonen Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 22 maart 1999. De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Mevr. M. SMET Bijlage 2 bij de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 1 van 25 juni 1997 gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf - uitvoering van het protocolakkoord van 14 mei 1997 - invoering van een functieclassificatie en tot vaststelling van de minimumlonen FUNCTIEOMSCHRIJVING USB Afdeling : KEUKEN Code : HRC. REF. 102 Functie : keukenjongen/-meisje / keukenhulp commis ORGANISATIE : Ressorteert onder de afdelingsverantwoordelijke (chef de partie) of de kok. De keukenhulp of commis werkt onder supervisie van een verantwoordelijke (hetzij voor de warme of koude bereidingen of voor de nagerechten). Hij/zij voert bereidingen uit volgens instructies van de kok. Hij/zij volgt een progressieve opleiding en dit bij wijze van navolging van de instructies vanwege de chef de partie en/of de kok. DOEL : Mise en place, bereiden, schikken en garneren van gerechten. HOOFDTAKEN : Hij/zij is verantwoordelijk voor het werk dat hem/haar is toevertrouwd door zijn/haar chef de partie en/of door zijn/haar kok o.a. : 1. Voorbereiding dienst : helpt bij de mise-en-place van de gerechten : - kuist, wast, schilt, snijdt en kookt groenten (fruit); - bereidt garnituren, koude sauzen, soepen, voor- en nagerechten, salades, enz...; - bakt (eenvoudige bakwijzen) en versnijdt. 2. Tijdens de dienst : - helpt afdelingsverantwoordelijke (chef de partie) of kok bij de bereidingen;werkt volgens zijn/haar instructies. 3. Na de dienst : - ruimt op; - zorgt voor de hygiënische bewaring van voedingsmiddelen; - maakt werkinstrumenten en werkplaats schoon; - staat in voor orde en netheid in de keuken; - respecteert veiligheidsnormen tijdens de werkzaamheden; - bestelt, ontvangt en controleert goederen onder leiding van de chef de partie en/of kok. CRITERIA Code : HRC. REF. 102 Functie : keukenjongen/-meisje / keukenhulp commis 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1.1. Invloed Is verantwoordelijk voor : - efficiënte mise en place; - bereiden van componenten volgens aangegeven receptuur en werkwijze; - respecteren van aangegeven portionering; - enige creativiteit bij het schikken en presenteren van schotels en salades; - persoonlijke hygiëne, hygiëne van de werkinstrumenten en van de werkplaats. 1.2. Gevolgen - beperkte materiële schade, verlies grondstoffen. 2. KENNIS EN KUNDE - interne of externe vakopleiding; - praktische kennis van het werk - basisbereidingen; - inzicht in samenhang en toepassingsmogelijkheden; - alternatieven kennen; - kennis keukenapparatuur. 3. PROBLEEMOPLOSSING - lost eenvoudige problemen zelf op; - problemen worden onmiddellijk gesignaleerd vb. vergissingen in samenstelling gerechten; - volgt instructies van de chef de partie of kok; - respecteert aangegeven richtlijnen (recept, portionering, technische fiche). 4. COMMUNICATIE EN OVERLEG - mondeling - doorgeven van informatie; - dienstverlenend optreden - teamgeest. 5. VAARDIGHEDEN - bewegingsvaardigheid (snijden, garneren); - smaken en geuren. 6. INCONVENIENTEN 6.1. Zwaarte : - keukenmateriaal; 6.2. Houding : - veelvuldig rechtopstaande arbeid; 6.3. Werksfeer : - enige tempodruk (piekperiode); - temperatuursverschillen; 6.4. Risico : - brand- en snijwonden; - uitglijden. FUNCTIEOMSCHRIJVING USB Afdeling : KEUKEN Code : HRC. REF. 103 Functie : eerste keukenjongen/-meisje - hoofd keukenhelpers ORGANISATIE : Ressorteert onder de afdelingsverantwoordelijke (chef de partie) of de kok. De eerste keukenjongen(meisje) of hoofd keukenhelpers werkt onder supervisie van een verantwoordelijke (hetzij voor de warme of koude bereidingen of voor de nagerechten). Hij/zij geeft operationeel instructies aan de keukenjongens(meisjes) of keukenhelpers. DOEL : Mise en place, bereiden, schikken en garneren van gerechten. Coördineren en superviseren van de werkzaamheden van de keukenjongens(meisjes) of keukenhelpers. HOOFDTAKEN : Zie functiebeschrijving 102 - Bakt (alle bakwijzen). - Geeft richtlijnen aan de commis. - Geeft instructies en superviseert de activiteiten van de commis. CRITERIA Code : HRC. REF. 103 Functie : eerste keukenjongen/-meisje - hoofd keukenhelpers 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1.1. Invloed Is verantwoordelijk voor : - adekwate begeleiding en opleiding van de commis; - werkorganisatie; - efficiënte mise en place; - bereiden van componenten volgens aangegeven receptuur en werkwijze; - respecteren van aangegeven portionering; - versheid en kwaliteit van grondstoffen en produkten die worden gebruikt; hygiënische bereidingen; - enige creativiteit bij het schikken en presenteren van schotels en salades; - persoonlijke hygiëne, hygiëne van de werkinstrumenten en van de werkplaats. 1.2. Gevolgen - beperkte materiële schade, verlies grondstoffen en afgewerkte produkten. 2. KENNIS EN KUNDE - interne of externe vakopleiding; - praktische kennis van het werk - basisbereidingen; - inzicht in samenhang en toepassingsmogelijkheden; - alternatieven kennen; - kennis keukenapparatuur. 3. PROBLEEMOPLOSSING - lost eenvoudige problemen zelf op; - problemen worden onmiddellijk gesignaleerd vb. vergissingen in samenstelling gerechten; - volgt de instructies van chef de partie of kok; - respecteert aangegeven richtlijnen (recept, portionering, technische fiche). 4. COMMUNICATIE EN OVERLEG - mondeling - doorgeven van informatie; - dienstverlenend optreden - teamgeest. 5. VAARDIGHEDEN - bewegingsvaardigheid (snijden, garneren); - smaken en geuren. 6. INCONVENIENTEN 6.1. Zwaarte : - keukenmateriaal; 6.2. Houding : - veelvuldig rechtopstaande arbeid; 6.3. Werksfeer : - enige tempodruk (piekperiode) - temperatuursverschillen; 6.4. Risico : - snij- en brandwonden; - uitglijden. FUNCTIEOMSCHRIJVING USB Afdeling : KEUKEN Code : HRC. REF. 104 Functie : demi-chef de partie ORGANISATIE : Ressorteert onder de afdelingsverantwoordelijke (chef de partie) of de kok. De demi-chef de partie is een eerste keukenjongen(meisje) die enkele jaren ervaring heeft en stilaan doorgroeit tot de functie van afdelingsverantwoordelijke of chef de partie. Hij/zij geeft operationele instructies aan de keukenjongens(meisjes), keukenhelpers en eerste keukenjongen/meisje (commis). DOEL : Mise en place, bereiden, schikken en garneren van gerechten. Coördineren en superviseren van de werkzaamheden van de keukenjongens(meisjes) of keukenhelpers. HOOFDTAKEN : Zie functiebeschrijving 103 - Voert dezelfde taken uit als de afdelingsverantwoordelijke (chef de partie) onder wiens supervisie hij/zij werkt. - Geeft instructies en superviseert de activiteiten van de eerste keukenjongen/meisje (commis). CRITERIA Code : HRC. REF. 104 Functie : demi-chef de partie 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1.1. Invloed Is verantwoordelijk voor : - efficiënte mise en place, werkorganisatie; - bereiden van componenten volgens aangegeven receptuur en werkwijze, onder leiding van zijn chef; - respecteren van aangegeven portionering; - versheid en kwaliteit van de grondstoffen en produkten die worden gebruikt; hygiënische bereidingen; - enige creativiteit bij het schikken en presenteren van schotels en salades; - persoonlijke hygiëne, hygiëne van de werkinstrumenten en van de werkplaats. 1.2. Gevolgen - beperkte materiële schade, verlies grondstoffen en afgewerkte produkten. 2. KENNIS EN KUNDE - interne of externe vakopleiding; - praktische kennis van het werk - basisbereidingen; - inzicht in samenhang en toepassingsmogelijkheden; - alternatieven kennen; - kennis keukenapparatuur; - enkele jaren ervaring als commis. 3. PROBLEEMOPLOSSING - lost eenvoudige problemen zelf op; - problemen worden onmiddellijk gesignaleerd vb. vergissingen in samenstelling gerechten; - volgt instructies van de chef de partie of kok; - respecteert aangegeven richtlijnen (recept, portionering, technische fiches). 4. COMMUNICATIE EN OVERLEG - mondeling - doorgeven van informatie; - dienstverlenend optreden - teamwerk. 5. VAARDIGHEDEN - bewegingsvaardigheid (snijden, garneren); - smaken en geuren. 6. INCONVENIENTEN 6.1. Zwaarte : - keukenmateriaal; 6.2. Houding : - veelvuldig rechtopstaande arbeid; 6.3. Werksfeer : - enige tempodruk (piekperiode); - temperatuursverschillen; 6.4. Risico : - snij- en brandwonden - uitglijden. FUNCTIEOMSCHRIJVING USB Afdeling : KEUKEN Code : HRC. REF. 105 Functie : chef de partie koude keuken ORGANISATIE : Ressorteert onder de onderchef (sous-chef) en de keukenverantwoordelijke (keukenchef). De afdelingsverantwoordelijke (chef de partie) heeft ervaring als demi-chef de partie en is verantwoordelijk voor de koude bereidingen. Hij/zij staat aan het hoofd van de koude keuken en geeft instructies aan de keukenhelpers (commis) die in zijn/haar afdeling werken. DOEL : Mise en place, bereiden, schikken en garneren van koude gerechten. Coördineren en superviseren van de werkzaamheden van de keukenjongens(meisjes) of keukenhelpers in zijn/haar afdeling. HOOFDTAKEN : Werkt in de koude keuken 1. Voorbereiding dienst : - doet de mise en place voor koude bereidingen en garnituren;geeft instructies aan de keukenjongens(meisjes) of keukenhelpers voor de mise en place, bereidingen, bakken, schoonmaken en ordenen van keukenmateriaal; - bereidt koude gerechten, (groenten)salades, koude vlees-, vis-, en gevogeltesalades, koude sauzen; - verzorgt koude bereidingen voor banketten, belegt broodjes of sandwiches, toostjes, enz...; - bereidt nagerechten. 2. Tijdens de dienst : - bereidt en werkt koude gerechten af; - staat in voor de toelevering van garnituren voor de warme keuken; - springt in voor collega's tijdens piekperiode. 3. Na de dienst : - ruimt de afdeling op; - verwerkt overschotten; - controleert kwaliteit en versheid van de produkten; - zorgt voor hygiënische opslag en bewaring van voedingsmiddelen; - controleert de voorraad van de koude keuken en geeft bestellingen door aan de sous-chef of aan de keuken-chef; - maakt werkinstrumenten en werkplaatsen schoon; - staat in voor orde, netheid en veiligheid in de keuken; - respecteert veiligheidsnormen tijdens de werkzaamheden; - signaleert storingen of defekten; - neemt deel aan werkoverleg met collega's en chef(s); - geeft suggesties voor nieuwe bereidingen, gerechten of presentaties. CRITERIA Code : HRC. REF. 105 Functie : chef de partie koude keuken 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1.1. Invloed; Is verantwoordelijk voor : - efficiënte werkorganisatie van de koude keuken; - mise en place en bereiden van koude gerechten volgens aangegeven assortiment of bestelling; - enige creativiteit bij het schikken en presenteren van schotels en salades of strikt conform technische fiches; - controle werkzaamheden van commis, werkinstructies geven, opleiding en begeleiding medewerkers; - respecteren van bepaalde portionering; zorgen voor optimaal grondstoffen verbruik; - rekening houden met seizoensgebonden produkten; prijsbewuste aanpak voor samenstelling koude gerechten of assortimenten; - versheid en kwaliteit van grondstoffen en produkten; hanteert FIFO-systeem voor voorraadbeheer; - hygiënische bereiding en bewaring; - persoonlijke hygiëne, hygiëne van de werkinstrumenten en van de werkplaats; toezicht op hygiëne en veiligheid van medewerkers. 1.2. Gevolgen; - materiële schade, verlies grondstoffen; - bedorven of mislukte gerechten. 2. KENNIS EN KUNDE - interne of externe vakopleiding - ervaring in de koude keuken; - praktische kennis van het werk, basisbereidingen, recepturen en werkwijze; - kennis voedingsleer, hygiëne en veiligheid; - inzicht in samenhang en toepassingsmogelijkheden; - alternatieven kennen; - kennis keukenapparatuur; - enkele jaren ervaring als commis. 3. PROBLEEMOPLOSSING - lost problemen i.v.m. de koude keuken zelf op; zoekt naar alternatieven (vb. onderbreking, voorraadtekort); - operationele problemen worden onmiddellijk gesignaleerd aan de keukenverantwoordelijke (keukenchef); - volgt algemene richtlijnen m.b.t. keukenactiviteiten; - respecteert instructies van de keuken-chef (recept, portionering, technische fiche). 4. COMMUNICATIE EN OVERLEG - mondeling - uitwisselen van informatie over werkzaamheden, voorraad, bestellingen en bediening; - schriftelijk : opstellen van checklist voor bestellingen; - dienstverlenend optreden - teamwerk keuken-zaal. 5. VAARDIGHEDEN - bewegingsvaardigheid; - smaken - geuren. 6. INCONVENIENTEN 6.1. Zwaarte : - keukenmateriaal; 6.2. Houding : - veelvuldig rechtopstaande arbeid; 6.3. Werksfeer : - enige tempodruk (piekperiode); - temperatuursverschillen (koelkamer); 6.4. Risico : - snij- en brandwonden; - uitglijden. FUNCTIEOMSCHRIJVING USB Afdeling : KEUKEN Code : HRC. REF. 106 Functie : chef de partie warme keuken ORGANISATIE : Ressorteert onder de onderchef (sous-chef) en de keukenverantwoordelijke (keukenchef). De afdelingsverantwoordelijke (chef de partie) heeft ervaring als demi-chef de partie en is verantwoordelijk voor de warme bereidingen. Hij/zij staat aan het hoofd van de warme keuken en geeft instructies aan de keukenhelpers (commis) die in zijn/haar afdeling werken. DOEL : Mise en place, bereiden, schikken en garneren van warme gerechten. Coördineren en superviseren van de werkzaamheden van de keukenjongens(meisjes) of keukenhelpers in zijn/haar afdeling. HOOFDTAKEN : Werkt in de warme keuken 1. Voorbereiding dienst : - doet de mise en place voor de warme gerechten van het dagmenu en/of voor de gerechten à la carte;geeft werkinstructies aan de keukenjongens(meisjes) of keukenhelpers voor de mise en place, bereidingen, bakken, schoonmaken en ordenen van keukenmateriaal; - bereidt warme gerechten en sauzen; - braadt vlees, vis en gevogelte. 2. Tijdens de dienst : - bereidt en werkt warme gerechten af volgens bestelling; - schikt en garneert gerechten op borden en schotels of plaatst ze in warm water bad (bain-marie), respecteert de portionering van de verschillende maaltijdcomponenten; - springt in voor collega's tijdens piekperiode. 3. Na de dienst : - ruimt zijn/haar afdeling (warme keuken) op; - controleert en verwerkt voedseloverschotten; - controleert kwaliteit en versheid van de produkten; - zorgt voor hygiënische opslag en bewaring van voedingsmiddelen; - controleert voorraad van de warme keuken en geeft bestellingen door aan de sous-chef of aan de keukenverantwoordelijke (keukenchef); - maakt werkinstrumenten en werkplaatsen schoon; - staat in voor orde, netheid en veiligheid in de keuken; - respecteert veiligheidsnormen tijdens de werkzaamheden; - signaleert storingen of defecten; - neemt deel aan werkoverleg met collega's en chef(s); - geeft suggesties voor nieuwe bereidingen, gerechten of presentaties. CRITERIA Code : HRC. REF. 106 Functie : chef de partie warme keuken 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1.1. Invloed; Is verantwoordelijk voor : - efficiënte werkorganisatie van de warme keuken; - mise en place en bereiden van warme gerechten volgens planning of bestelling; - enige creativiteit bij het bereiden en presenteren van gerechten of strikt conform technische fiches; - kwaliteit van de bereidingen (aspect en smaak), correct toevoegen van kruiden, respecteren gebruik van vetten, braadtijden, enz...; - respecteren timing verschillende bereidingen en gerechten; - controle werkzaamheden van commis, werkinstructies geven, opleiding en begeleiding medewerkers; - respecteren van bepaalde portionering; zorgen voor optimaal grondstoffen verbruik; - rekening houden met seizoensgebonden produkten; prijsbewuste aanpak voor samenstelling warme gerechten; - versheid en kwaliteit van grondstoffen en produkten; hanteert FIFO-systeem voor voorraadbeheer; - hygiënische bereiding en bewaring voedingsmiddelen; - persoonlijke hygiëne, hygiëne van de werkinstrumenten en van de werkplaats; toezicht op hygiëne en veiligheid van medewerkers. 1.2. Gevolgen - materiële schade, verlies grondstoffen (bepaalde gerechten kunnen nog herwerkt worden); - bedorven gerechten : kans op voedselvergiftiging. 2. KENNIS EN KUNDE - interne of externe vakopleiding; - praktische keukenervaring - kennis van het werk, basisbereidingen, recepturen, dosering ingrediënten; - kennis van welbepaalde werkmethode en werkorganisatie; - tijdsplanning; - kennis voedingsleer, hygiëne en veiligheid; - inzicht in samenhang en toepassingsmogelijkheden; - alternatieven kennen; - kennis keukenapparatuur; - enkele jaren ervaring als commis. 3. PROBLEEMOPLOSSING - lost problemen i.v.m. de warme keuken zelf op; zoekt naar alternatieven (vb. onderbreking, voorraadtekort); - operationele problemen worden onmiddellijk gesignaleerd aan de keukenverantwoordelijke (keukenchef); - volgt algemene richtlijnen m.b.t. keukenactiviteiten; - respecteert instructies van de keuken-chef (recept, portionering, technische fiche). 4. COMMUNICATIE EN OVERLEG - mondeling - uitwisselen van informatie over werkzaamheden, voorraad, bestellingen en bediening; - schriftelijk : opstellen van checklist voor bestellingen; - dienstverlenend optreden - teamwerk keuken-zaal. 5. VAARDIGHEDEN - bewegingsvaardigheid; - smaken - geuren. 6. INCONVENIENTEN 6.1. Zwaarte : - keukenmateriaal - braadpannen; 6.2. Houding : - veelvuldig rechtopstaande arbeid; 6.3. Werksfeer : - enige tempodruk (piekperiode); - warmte uitstraling fornuis-kookinstallaties; - temperatuursverschillen (koelkamer); 6.4. Risico : - snij- en brandwonden; - uitglijden. FUNCTIEOMSCHRIJVING USB Afdeling : KEUKEN Code : HRC. REF. 107 - 108 Functie : banketbakker(in) - patissier ORGANISATIE : Ressorteert onder de onderchef (sous-chef) en de keukenverantwoordelijke (keukenchef). De afdelingsverantwoordelijke nagerechten (chef de partie) is verantwoordelijk voor de bereidingen van nagerechten. Hij/zij geeft instructies aan de keukenhelpers (commis-patissier) die in zijn afdeling werken. DOEL : Mise en place, bereiden, schikken en garneren van nagerechten. HOOFDTAKEN : - Doet de mise en place voor nagerechten : bereidt, rolt en vormt degen; maakt patisserie-crèmevullingen, schilt en snijdt fruit; bereidt roomijs en sorbets; bakt broodjes, koekjes, gebakjes en taarten; zorgt voor fruit- of chocoladeafwerkingen, garneert en decoreert; bereidt fruitsalades, mousses, enz...; - Geeft instructies aan de keukenhelpers of commis; - Verzorgt speciale nagerechten voor banketten of op bestelling, maakt montages; - Controleert kwaliteit en versheid van de produkten. - Zorgt voor hygiënische opslag en bewaring van voedingsmiddelen; - Controleert de voorraad en geeft bestellingen door aan de sous-chef of aan de keuken-chef; - Ruimt de afdeling op en verwerkt overschotten; - Maakt werkinstrumenten en werkplaatsen schoon; - Staat in voor orde en netheid in de keuken en in de koelkamers; - Respecteert veiligheidsnormen tijdens de werkzaamheden; - Signaleert storingen of defekten; - Neemt deel aan werkoverleg met collega's of chef(s). CRITERIA Code : HRC. REF. 107 - 108 Functie : banketbakker(in) - patissier 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1.1. Invloed Is verantwoordelijk voor : - efficiënte werkorganisatie en planning; - bereiden van nagerechten volgens aangegeven assortiment of bestelling, respecteren van termijnen; - creativiteit bij het garneren en presenteren; - respecteren van bepaalde grammage portionering of dosering; zorgen voor optimaal grondstoffen verbruik; - rekening houden met seizoensgebonden produkten; - versheid en kwaliteit van grondstoffen en produkten; hanteert FIFO-systeem voor voorraadbeheer; - hygiënische bereiding en bewaring; - persoonlijke hygiëne, hygiëne van de werkinstrumenten en werkplaats. 1.2. Gevolgen - materiële schade, verlies grondstoffen; - mislukte nagerechten. 2. KENNIS EN KUNDE - interne of externe vakopleiding; - praktische kennis van het werk, basisbereidingen, recepturen en werkwijze; - kennis voedingsleer, hygiëne en veiligheid; - inzicht in samenhang en toepassingsmogelijkheden; - alternatieven kennen; - kennis keukenapparatuur en ingrediënten vb. juiste deegsamenstelling, bedienen van bereidings- en bewerkingsapparatuur, decoratie aanbrengen. 3. PROBLEEMOPLOSSING - lost problemen zelf op;zoekt naar alternatieven; - operationele problemen worden onmiddellijk gesignaleerd; - volgt algemene richtlijnen. 4. COMMUNICATIE EN OVERLEG - mondeling - uitwisselen van informatie over werkzaamheden, bestellingen en bediening; - schriftelijk : opstellen van checklist voor bestellingen; - dienstverlenend optreden - werkt vaak alleen; - teamgeest keuken - zaal. 5. VAARDIGHEDEN - bewegingsvaardigheid voor decoratie (vb.met spuitzak); - smaken en geuren. 6. INCONVENIENTEN 6.1. Zwaarte : - keukenmateriaal, rollen en bewerken van deeg; 6.2. Houding : - veelvuldig rechtopstaande arbeid; 6.3. Werksfeer : - warmte-uitstraling (oven), (meel)stof; 6.4. Risico : - snij- en brandwonden; - uitglijden; - kans op allergie of huidziekte door het meel; - verstijving handwortelbeentjes. FUNCTIEOMSCHRIJVING USB Afdeling : KEUKEN Code : HRC. REF. 109 Functie : saucier ORGANISATIE : Ressorteert onder de onderchef (sous-chef) en de keukenverantwoordelijke (keukenchef). DOEL : Bereiden van sauzen. HOOFDTAKEN : - Bereidt aftreksels van beenderen, visgraten, vlees-, gevogelte en visrestanten (bouillon, fond), klaart bouillon en bewaart kookvochten; - Doet de mise en place van de ingrediënten voor sausbereidingen : peterselie, citroen, sjalotten, dragon, tomaten, champignons, kappertjes, enz...; - Marineert en stooft vlees, gevogelte en vis voor het bekomen van verschillende aroma's; - Bereidt de sauzen voor de verschillende gerechten; - Is tijdens de bereiding en de afwerking attent op dosering van kruiden; - Zorgt voor hygiënische opslag en bewaring; - Controleert voorraad en geeft bestellingen door; controleert versheid en kwaliteit van de benodigdheden; - Onderhoudt de werkinstrumenten en de werkplaats, staat in voor orde en hygiëne; - Houdt toezicht op het verbruik, vermijdt verspilling. CRITERIA Code : HRC. REF. 109 Functie : saucier 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1.1. Invloed Is verantwoordelijk voor : - kwantiteit en kwaliteit van de sausbereidingen; - optimaal grondstoffenverbruik; - versheid en kwaliteit van de grondstoffen; hanteert FIFO-systeem voor voorraadbeheer; - hygiënische bereiding en bewaring; - persoonlijke hygiëne, hygiëne van de werkinstrumenten, werkplaats en koelkamers. 1.2. Gevolgen - materiële schade, verlies grondstoffen. 2. KENNIS EN KUNDE - interne of externe vakopleiding; - praktische kennis en ervaring sausbereidingen; - kennis van basisbereidingen, recepten en werkmethode; - kennis voedingsleer, hygiëne en veiligheid; - inzicht in samenhang en toepassingsmogelijkheden; - alternatieven kennen; - kennis keukenapparatuur. 3. PROBLEEMOPLOSSING - lost problemen zelf op;zoekt naar alternatieven; - operationele problemen worden onmiddellijk gesignaleerd aan de keukenverantwoordelijke; - volgt algemene richtlijnen met betrekking tot keukenactiviteiten; - respecteert instructies van de keukenchef. 4. COMMUNICATIE EN OVERLEG - mondeling - uitwisselen van informatie; - checklist voor bestellingen; - dienstverlenend optreden - teamgeest keuken - zaal. 5. VAARDIGHEDEN - smaken en geuren; - bewegingsvaardigheid. 6. INCONVENIENTEN 6.1. Zwaarte : - keukenmateriaal; 6.2. Houding : - veelvuldig rechtopstaande arbeid; 6.3. Werksfeer : - temperatuursverschillen; - enige tempodruk (piekperiode); 6.4. Risico : - snij- en brandwonden; - uitglijden. FUNCTIEOMSCHRIJVING USB Afdeling : KEUKEN Code : HRC. REF. 110 Functie : visbereider/-bereidster ORGANISATIE : Ressorteert onder de onderchef (sous-chef) en de keukenverantwoordelijke (keukenchef). DOEL : Bewerken en verwerken van verschillende vissoorten. HOOFDTAKEN : - Ontvangt en controleert de kwaliteit van de leveringen van vis. - Behandelt de vis : vb. kuisen (verwijderen van viskop, vinnen en ingewanden), ontvellen, ontgraten, fileren, portioneren. - Mise en place van de benodigdheden voor de visbereidingen. - Maakt allerlei visbereidingen : koken, bakken, braden, fruiten, stoven, marineren, enz... - Opent en bereidt schaaldieren. - Superviseert voorraad, controleert versheid en kwaliteit. - Onderhoudt werkinstrumenten en werkplaats, staat in voor orde en hygiëne in de koelkamers. - Houdt toezicht op het visverbruik, vermijdt verspilling. CRITERIA Code : HRC. REF. 110 Functie : visbereider/-bereidster 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1.1. Invloed Is verantwoordelijk voor : - kwantiteit en kwaliteit van de vis; - efficiënte be- en verwerking; - respecteren van bepaalde portionering; zorgen voor optimaal verbruik; - enige creativiteit bij het schikken en presenteren; - versheid en kwaliteit van de vis; hanteert het FIFO-systeem voor voorraadbeheer; - hygiënische bereidingen en bewaring; - persoonlijke hygiëne, hygiëne van de werkinstrumenten, werkplaats en koelkamers. 1.2. Gevolgen - materiële schade, verlies grondstoffen; - bedorven vis : kans op voedselvergiftiging. 2. KENNIS EN KUNDE - interne of externe vakopleiding; - praktische kennis en ervaring visverwerking, herkennen van verschillende vissoorten; - kennis van basisbereidingen, recepten en werkmethode; - kennis voedingsleer, hygiëne en veiligheid; - inzicht in samenhang en toepassingsmogelijkheden; - alternatieven kennen; - kennis keukenapparatuur. 3. PROBLEEMOPLOSSING - lost problemen zelf op;zoekt naar alternatieven; - operationele problemen worden onmiddellijk gesignaleerd aan de keukenverantwoordelijke; - volgt algemene richtlijnen m.b.t. keukenactiviteiten; - respecteert instructies van de keukenchef (portionering). 4. COMMUNICATIE EN OVERLEG - mondeling - uitwisselen van informatie; - checklist voor bestellingen; - dienstverlenend optreden - teamgeest keuken - zaal. 5. VAARDIGHEDEN - bewegingsvaardigheid; - smaken en geuren. 6. INCONVENIENTEN 6.1. Zwaarte : - keukenmateriaal; 6.2. Houding : - veelvuldig rechtopstaande arbeid; 6.3. Werksfeer : - temperatuursverschillen (koelkamer); - enige tempodruk tijdens piekperiode; 6.4. Risico : - snij- en brandwonden; - uitglijden. FUNCTIEOMSCHRIJVING USB Afdeling : KEUKEN Code : HRC. REF. 111 Functie : garde-manger ORGANISATIE : Ressorteert onder de onderchef (sous-chef) en de keukenverantwoordelijke (keukenchef). DOEL : Vlees-, vis-, gevogelte- en wildbereidingen. Controle en supervisie voedingsmiddelen. HOOFDTAKEN : - Staat in voor de voorbehandeling van vlees, vis, gevogelte en wild, bereidt aspic. - Maakt bereidingen in terrines (mousses, patés), marineert, rookt (fumeren) vlees, vis, gevogelte en wild. - Bereidt koude voorgerechten (vb. ganzelever) en sauzen, maakt bereidingen voor banketten (pronkschotels) en recepties (belegde broodjes, toastjes, borrelhapjes). - Staat in voor de controle van verschillende verse voedingswaren (groenten, fruit, vlees, zuivel, enz...), waarborgt kwaliteit en versheid van de produkten. - Controleert koelkamers en superviseert de uitgifte, controleert voorraad en zorgt voor hygiënische bewaring en opslag. - Ruimt de afdeling op en maakt werkinstrumenten en werkplaatsen schoon. - Staat in voor orde en netheid in de keuken. - Signaleert storingen of defekten, controleert werking van frigo's en koelkamers. - Neemt deel aan werkoverleg met collega('s) en chef(s). CRITERIA Code : HRC. REF. 111 Functie : garde-manger 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1.1. Invloed Is verantwoordelijk voor : - efficiënte werkorganisatie; - bereiden van gerechten volgens aangegeven assortiment of bestelling; - enige creativiteit bij het schikken en presenteren; - optimaal grondstoffen verbruik; - rekening houden met seizoensgebonden produkten; - versheid en kwaliteit van voedingsmiddelen; hanteert FIFO-systeem voor voorraadbeheer; - hygiënische bereiding en bewaring; - persoonlijke hygiëne, hygiëne van de werkinstrumenten en werkplaats. 1.2. Gevolgen - materiële schade, verlies grondstoffen; - bedorven of mislukte gerechten. 2. KENNIS EN KUNDE - interne of externe vakopleiding; - praktische kennis van het werk, basisbereidingen, recepturen en werkwijze; - kennis voedingsleer, hygiëne en veiligheid; - inzicht in samenhang en toepassingsmogelijkheden; - alternatieven kennen; - kennis keukenapparatuur. 3. PROBLEEMOPLOSSING - lost problemen zelf op;zoekt naar alternatieven (vb. onderbreking, voorraadtekort); - operationele problemen worden onmiddellijk gesignaleerd aan de keukenverantwoordelijke; - volgt algemene richtlijnen m.b.t. keukenactiviteiten; - respecteert instructies van de keukenchef. 4. COMMUNICATIE EN OVERLEG - mondeling - uitwisselen van informatie over werkzaamheden, schriftelijk : opstellen van checklist voor bestellingen; - dienstverlenend optreden - teamgeest keuken - zaal. 5. VAARDIGHEDEN - bewegingsvaardigheid - smaken en geuren. 6. INCONVENIENTEN 6.1. Zwaarte : - keukenmateriaal; 6.2. Houding : - veelvuldig rechtopstaande arbeid; 6.3. Werksfeer : - warmte-uitstraling ovens; - temperatuursverschillen (koelkamer); - tempodruk tijdens piekperiode; 6.4. Risico : - snij- en brandwonden; - uitglijden. FUNCTIEOMSCHRIJVING USB Afdeling : KEUKEN Code : HRC. REF. 112 Functie : onderchef(fin) keuken ORGANISATIE : De onderchef keuken assisteert de keukenverantwoordelijke en geeft leiding aan de chefs de partie, commis en keukenjongens/meisjes. DOEL : Assisteert bij het organiseren, delegeren en controleren. Vervangt afwezigen of springt in voor medewerkers tijdens piekperiode. HOOFDTAKEN : Assisteert de keukenverantwoordelijke bij : - Opstellen en uitwerken van menu's, samenstellen van gerechten. - Organiseren en coördineren van de werkzaamheden van het keukenpersoneel en plannen van de activiteiten en bereidingen; superviseren en instructies geven aan commis, afdelingshoofden (chefs de partie) en ander keukenpersoneel; opleiden en begeleiden van de medewerkers. - Calculeren, opmaken, doorgeven en controleren van bestellingen en leveringen; controleren van voorraadbeheer, uitgifte en verbruik/verlies. - Controleren van de keukenwerkzaamheden : mise en place, bereidingen, bewaring, schoonmaak. - Vervangen van het keukenpersoneel bij afwezigheid (sous-chef kent alle bereidingen en alle afdelingen in de keuken) of inspringen tijdens piekperiode, assisteren bij alle keukenactiviteiten, meewerken aan bereidingen. - Waarborgen van de kwaliteit en smaak. - Respecteren van de keukenwetten, toezicht op hygiëne en voorkomen van medewerkers. CRITERIA Code : HRC. REF. 112 Functie : onderchef(fin) keuken 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1.1. Invloed Is verantwoordelijk voor assistentie bij : - calculatie en samenstelling van gerechten; - efficiënte werkorganisatie en coaching keukenpersoneel; - kwalitatieve en prijsbewuste inkoop; - beoordeling van kwaliteit levensmiddelen en produkten; - correct en hygiënisch bereiden van spijzen, bewaakt kwaliteit van het eten, smaak en presentatie (naam van het huis); - naleven van richtlijnen vb. portionering of grammages; - respecteren van gebudgetteerde produktiekosten, grondstoffenverbruik, rendement, opsporen van afwijkingen en zoeken naar alternatieven - toezicht op hygiëne en veiligheid, controle afvalverwerking en bewaring; - operationaliteit en onderhoud keukenmateriaal; - administratie. 1.2. Gevolgen - onefficiënte personeelsbezetting, overschot of tekort aan voorraad, verkeerde bereiding, bedorven levensmiddelen (voedselvergiftiging), verspilling, materiële schade, werkongevallen, enz... 2. KENNIS EN KUNDE - interne of externe vakopleiding; - theoretische en praktische kennis en ervaring in de keuken; kennis van alle werkzaamheden, bereidingen en recepten; - vak- en warenkennis; - kennis van verschillende werkmethoden en organisatie, inzicht in samenhang werkzaamheden en tijdsplanning; - kennis van kosten en opbrengsten, prijsbewuste aanpak, administratie; - soci …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.