{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">Uit het onderzoek ter terechtzitting is het hof voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het onder 1 primair, 2 primair en 3A en 3B bewezenverklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden tot het hierna te melden bedrag. Evenals de rechtbank acht het hof voldoende aannemelijk dat de benadeelde partij € 10,- heeft betaald voor zijn busticket van Amsterdam naar Dokkum in verband met de betoging die niet is doorgegaan. De benadeelde partij heeft in die zin dus schade geleden. Verder acht het hof aannemelijk dat de benadeelde partij reiskosten heeft moeten maken in verband met het doen van aangifte (post 6) die het gevolg is van de bewezenverklaarde feiten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ten aanzien van de gevorderde immateriële schade en de materiële schade die daarop betrekking heeft (post 3, 7 en 9), is het hof evenals de rechtbank van oordeel dat er een voldoende rechtstreeks verband blijkt tussen het onder 3A bewezenverklaarde feit en die gestelde schade. Het hof leidt uit het dossier af dat de noodstop ten gevolge waarvan de benadeelde partij met zijn hoofd/nek tegen de rugleuning van de groene bus is gebotst, een gevolg was van het afsnijden van de groene bus door het witte bestelbusje van medeverdachte [medeverdachte 7] . Ten aanzien van dat feit is medeplegen (met verdachte) bewezenverklaard. Het hof acht - anders dan de raadsvrouw - voldoende onderbouwd en ook overigens aannemelijk dat de hersenschudding die bij de benadeelde partij is vastgesteld het gevolg is van dat feit. Het hof acht de gevorderde immateriële schadevergoeding tot een bedrag van € 500,- redelijk en voor toewijzing gereed. Dit geldt ook voor de daarmee samenhangende, onder 3, 7 en 9 genoemde posten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden zodat de vordering (hoofdelijk) zal worden toegewezen tot een bedrag van € 890,55, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment van ontstaan van de schade tot de dag der algehele voldoening.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het overige deel van de gevorderde immateriële schade, alsmede de materiële schade voor zover het betreft de posten 1, 4, 5 en 8, is onvoldoende onderbouwd. Schorsing van het onderzoek om de benadeelde partij (de hoogte van) deze schade alsnog te laten aantonen, zal leiden tot een onevenredige belasting van het strafgeding. Het hof zal de benadeelde daarom voor dat deel niet-ontvankelijk verklaren in de vordering.</p>\n<p class=\"lf-p\">Om te bevorderen dat de schade door verdachte wordt vergoed, zal het hof de maatregel van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht opleggen op de hierna te noemen wijze.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verdachte dient de worden veroordeeld in de kosten van het geding door de benadeelde partij en in het kader van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil.</p>\n<p class=\"lf-p\">Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2] , ter zitting bijgestaan door mr. B. van Straaten De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 8.275,46 aan materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente. Daarnaast heeft de benadeelde partij vergoeding in natura van immateriële schade gevorderd, in de vorm van het volgen van een ééndaagse workshop “diversiteit in de klas” en het volgen van lessen op basis van het lespakket “de geschiedenis van Sinterklaas en Zwarte Piet”, een en ander op straffe van een dwangsom. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep hoofdelijk toegewezen tot een bedrag van € 7.816,50 aan materiële schade. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van haar oorspronkelijke vordering.</p>\n<p class=\"lf-p\">Uit het onderzoek ter terechtzitting is het hof voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het onder 1 primair, 2 primair en 3A en 3B bewezenverklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden tot na te melden bedrag. Evenals de rechtbank acht het hof voldoende aannemelijk dat [benadeelde 2] € 2.170,- heeft betaald voor het huren van drie bussen, teneinde daarmee de demonstranten naar Dokkum te vervoeren. Doordat de betoging niet is doorgegaan, heeft [benadeelde 2] dit bedrag voor niets betaald en dus schade geleden. Dat alle demonstranten [benadeelde 2] € 10,- hebben betaald doet hier niet aan af, nu uit de gegeven toelichting blijkt dat [benadeelde 2] deze bedragen zal terugbetalen als deze schade wordt vergoed.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het hof acht een voldoende rechtstreeks verband aanwezig tussen het bewezenverklaarde handelen van verdachte en de gestelde schade. Dit geldt niet alleen voor de huur van de bussen, maar ook voor de drukkosten van het demonstratiemateriaal. Anders dan in eerste aanleg heeft de benadeelde partij voldoende aannemelijk gemaakt dat deze schade het gevolg is van het bewezenverklaarde handelen en dat het betreffende materiaal niet nog op een ander moment kan worden gebruikt. Door middel van foto’s is aangetoond dat het materiaal betreft dat specifiek op Dokkum en/of Friesland is gericht. Het hof acht de gevorderde schadevergoeding gezien het voorgaande redelijk en voor toewijzing gereed. Verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden zodat de vordering met betrekking tot de vordering van de huur van de bussen (hoofdelijk) zal worden toegewezen tot € 2.160,- (€ 10,- aftrek i.v.m. toewijzing vordering busticket benadeelde partij [benadeelde 1] ) en het demonstratiemateriaal tot € 448,96. In totaal: € 2.608,96, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment van ontstaan van de schade tot de dag der algehele voldoening.</p>\n<p class=\"lf-p\">Om te bevorderen dat de schade door verdachte wordt vergoed, zal het hof de maatregel van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht opleggen op de hierna te noemen wijze.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ten aanzien van de post van de beschadigde ruit van de rode bus ad € 5.656,50,- geldt dat de raadsvrouw van de benadeelde partij heeft meegedeeld dat deze schade reeds is vergoed, maar dat de vordering formeel wel wordt gehandhaafd. Het hof stelt hieromtrent vast dat nu is komen vast te staan dat de schade is vergoed, de grondslag aan de vordering is komen te ontvallen en de vordering daarom in zoverre zal worden afgewezen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met betrekking tot de gevorderde immateriële schade is het hof met de rechtbank van oordeel dat de schade die [benadeelde 2] , [benadeelde 3] en [benadeelde 4] gesteld geleden te hebben door de schending van de rechten op betoging en vrijheid van meningsuiting niet kan worden vergoed door middel van de door hen gevorderde schadevergoeding in natura. De rechtbank heeft daartoe overwogen “(…) dat de essentie van schadevergoeding is dat de benadeelde zoveel mogelijk in de toestand wordt gebracht zoals die zonder de schade toebrengende gebeurtenis zou zijn geweest. Naar het oordeel van de rechtbank leidt het opleggen van de verplichting aan verdachte en de medeverdachten om een workshop en lessen bij [benadeelde 2] te volgen er niet toe dat [benadeelde 2] , [benadeelde 3] en [benadeelde 4] zoveel mogelijk in de toestand worden gebracht zoals die zou zijn geweest wanneer zij wel in Dokkum hadden kunnen demonstreren. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de geschonden rechten zien op het naar buiten (kunnen) brengen van meningen. Terwijl het opleggen van de verplichting tot het volgen van de workshop en de lessen gericht zouden zijn op het (onder dwang) overbrengen van kennis en standpunten op specifieke personen.”</p>\n<p class=\"lf-p\">Het hof acht dit oordeel juist en sluit zich hierbij aan. De gevorderde immateriële schadevergoeding is gezien het voorgaande niet voor toewijzing vatbaar.</p>\n<p class=\"lf-p\">Evenmin ziet het hof een mogelijkheid om ten aanzien van de immateriële schadevergoeding zelf een bedrag te bepalen en ten aanzien daarvan een schadevergoedingsmaatregel op te leggen zoals door de raadsvrouw is geopperd. Nu enige mate van onderbouwing en objectivering ontbreekt, is het voor het hof niet mogelijk om de schending waarvan sprake is geweest en ten aanzien waarvan mogelijk immateriële schadevergoeding zou kunnen worden toegekend, op geld te waarderen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Gelet op het voorgaande is het hof van oordeel dat de behandeling van de vordering ten aanzien van de immateriële schade een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. In zoverre kan de benadeelde partij daarom thans in haar vordering niet worden ontvangen en kan zij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Proceskosten:</p>\n<p class=\"lf-p\">Het hof acht aannemelijk dat [benadeelde 2] kosten heeft gemaakt ten behoeve van rechtsbijstand, zoals is gevorderd. De raadsvrouw mr. B van Straaten heeft namens [benadeelde 2] een vordering ingediend en zowel in eerste aanleg als in hoger beroep het woord gevoerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Net als de rechtbank zoekt het hof voor de vaststelling van de hoogte van deze kosten aansluiting bij het Liquidatietarief rechtbanken en gerechtshoven. Daarbij is het bedrag van de proceskosten afhankelijk van de verrichte (genormeerde) werkzaamheden en van het belang van de zaak. Het belang van de zaak wordt gebaseerd op het bedrag van de gevorderde hoofdsom. Bij zaken met een hoofdsom tot € 10.000,00 geldt tarief 1. In dit tarief wordt ieder punt gewaardeerd op € 461,00.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor het opstellen van de vordering en het verlenen van rechtsbijstand ter terechtzitting (in eerste aanleg en hoger beroep) kent het hof telkens 1 punt toe. Uitgaande van de gevorderde hoofdsom, is tarief 1 van toepassing. De raadsvrouw heeft de gevorderde reiskosten in hoger beroep gespecificeerd op € 57,76.</p>\n<p class=\"lf-p\">De proceskosten in hoger beroep bedragen derhalve 1 x € 461,- + € 57,76,- = € 518,76. Het hof acht het evenals de rechtbank niet redelijk om verdachte en al haar medeverdachten ieder te veroordelen tot het betalen van een bedrag van € 518,76 aan proceskosten aan [benadeelde 2] . Dit zou er immers toe leiden dat [benadeelde 2] een veelvoud van de daadwerkelijk gemaakte proceskosten zou ontvangen. Daarom zal het hof dit bedrag delen door 15 (aantal verdachten in hoger beroep) = € 34,58. Dit bedrag wordt vervolgens vermeerderd met de proceskosten die in eerste aanleg zijn toegekend, te weten € 50,- per verdachte.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het hof zal verdachte derhalve veroordelen in de proceskosten ter hoogte van € 84,58 en in de kosten die [benadeelde 2] ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moet maken.</p>\n<p class=\"lf-p\">Vordering van de benadeelde partijen [benadeelde 4] en [benadeelde 3] , ter zitting bijgestaan door mr. B. van Straaten Deze benadeelde partijen hebben zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. De vordering is gelijkluidend en ziet op vergoeding in natura van immateriële schade, in de vorm van het volgen van een ééndaagse workshop “diversiteit in de klas” en het volgen van lessen op basis van het lespakket “de geschiedenis van Sinterklaas en Zwarte Piet”, een en ander op straffe van een dwangsom. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep in beide gevallen afgewezen. De benadeelde partijen hebben zich in hoger beroep opnieuw gevoegd en die vordering gehandhaafd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder verwijzing naar hetgeen hieromtrent bij de vordering van de benadeelde partij “ [benadeelde 2] ” is overwogen, is het hof van oordeel dat behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. De benadeelde partijen kunnen daarom thans in hun vordering niet worden ontvangen en kunnen die vorderingen slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Gezien het voorgaande dienen deze benadeelde partijen en de verdachte elk hun eigen kosten te dragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Toepasselijke wettelijke voorschriften Het hof heeft gelet op de artikelen 22c, 22d, 36f, 47, 57, 143, 162 en 284 van het Wetboek van Strafrecht.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezen verklaarde.</p>\n<p class=\"lf-p\">BESLISSING Het hof:</p>\n<p class=\"lf-p\">Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:</p>\n<p class=\"lf-p\">Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 primair, 2 primair en 3 ten laste gelegde heeft begaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verklaart het onder 1 primair, 2 primair en 3 bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 90 (negentig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 45 (vijfenveertig) dagen hechtenis.</p>\n<p class=\"lf-p\">Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1] Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde 1] ter zake van het onder 1 primair, 2 primair, 3 bewezen verklaarde tot het bedrag van € 890,55 (achthonderdnegentig euro en vijfenvijftig cent) bestaande uit € 390,55 (driehonderdnegentig euro en vijfenvijftig cent) materiële schade en € 500,00 (vijfhonderd euro) immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de benadeelde partij in zoverre de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verwijst de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.</p>\n<p class=\"lf-p\">Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [benadeelde 1] , ter zake van het onder 1 primair, 2 primair, 3 bewezen verklaarde een bedrag te betalen van € 890,55 (achthonderdnegentig euro en vijfenvijftig cent) bestaande uit € 390,55 (driehonderdnegentig euro en vijfenvijftig cent) materiële schade en € 500,00 (vijfhonderd euro) immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 17 (zeventien) dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte of haar mededader(s) aan een van beide betalingsverplichtingen hebben voldaan, de andere vervalt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt de aanvangsdatum van de wettelijke rente voor de materiële en immateriële schade op 18 november 2017.</p>\n<p class=\"lf-p\">Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2] Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde 2] ter zake van het onder 1 primair, 2 primair, 3 bewezen verklaarde tot het bedrag van € 2.608,96 (tweeduizend zeshonderdacht euro en zesennegentig cent) ter zake van materiële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.</p>\n<p class=\"lf-p\">Wijst de vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding voor een bedrag van € 5.666,50 (vijfduizend zeshonderdzesenzestig euro en vijftig cent) aan materiële schade af.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de benadeelde partij in zoverre de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verwijst de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op € 84,58 (vierentachtig euro en achtenvijftig cent).</p>\n<p class=\"lf-p\">Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [benadeelde 2] , ter zake van het onder 1 primair, 2 primair, 3 bewezen verklaarde een bedrag te betalen van € 2.608,96 (tweeduizend zeshonderdacht euro en zesennegentig cent) als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 36 (zesendertig) dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte of haar mededader(s) aan een van beide betalingsverplichtingen hebben voldaan, de andere vervalt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt de aanvangsdatum van de wettelijke rente voor de materiële schade op 18 november 2017.</p>\n<p class=\"lf-p\">Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 4] Verklaart de benadeelde partij [benadeelde 4] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding en bepaalt dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder hun eigen kosten dragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 3] Verklaart de benadeelde partij [benadeelde 3] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding en bepaalt dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder hun eigen kosten dragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Aldus gewezen door mr. G.A. Versteeg, voorzitter, mr. L.T. Wemes en mr. L.J. Bosch, raadsheren, in tegenwoordigheid van mr. H. Akkerman, griffier, en op 31 oktober 2019 ter openbare terechtzitting uitgesproken.</p>\n<p class=\"lf-p\">O.a. HR 19 januari 2016 (ECLI:NL:HR:2016:23).</p>\n<p class=\"lf-p\">Opmerking hof: in verband met eerdere verwijzingen in dit arrest wijkt de nummering van de voetnoten af van die in het vonnis. De inhoud is echter gelijk, behalve daar waar expliciet een aanvulling/verbetering is vermeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 3] d.d. 18 december 2017, map 1, p. 229, en het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 183.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 3] d.d. 18 december 2017, map 1, p. 229.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 183.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het besluit van de burgemeester d.d. 16 november 2017, map 1, p. 20 t/m 22.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-016-01 d.d. 4 januari 2018, map 1, p. 27 en 28.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 3] d.d. 18 december 2017, map 1, p. 229.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verdenking [medeverdachte 1] d.d. 5 februari 2018, map 7, p. 2682 t/m 2685.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het signaaldocument van de Dienst Regionale Informatie Organisatie d.d. 15 november 2017, map 1, p. 31 t/m 33.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 183, en het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 3] d.d. 18 december 2017, map 1, p. 229.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 1] d.d. 19 december 2017, map 1, p. 257.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 3] d.d. 18 december 2017, map 1, p. 229.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 183, en het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 1] d.d. 14 december 2017, map 1, p. 217.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 1] d.d. 14 december 2017, map 1, p. 217.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen PL0100-2017304735-2 d.d. 18 november 2017, map 1, p. 41 en 42.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen PL0100-2017304735-1 d.d. 18 november 2017, map 1, p. 51.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 1] d.d. 19 december 2017, map 1, p. 259.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal verkeersongevalsanalyse d.d. 22 januari 2018, map 1, p. 164 t/m 166 en 171.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 1] d.d. 19 december 2017, map 1, p. 257.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 183.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 3] d.d. 18 december 2017, map 1, p. 229.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 2] d.d. 28 december 2017, map 1, p. 268.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 1] d.d. 14 december 2017, map 1, p. 215, 216, 218 en 219.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-01 d.d. 18 december 2017, map 5, p. 1748 en 1752, en het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-02 d.d. 6 februari 2018, map 5, p. 1754, 1756 en 1757.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-02 d.d. 6 februari 2018, map 5, p. 1754, en de eigen waarneming van de rechtbank ter terechtzitting van 11 oktober 2018 op basis van de foto op pagina 1754 van het dossier (map 5).</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN5-01 d.d. 18 december 2017, map 5, p. 1707 en 1712.</p>\n<p class=\"lf-p\">De eigen waarneming van de rechtbank ter terechtzitting van 11 oktober 2018 op basis van de camerabeelden op de bij het dossier gevoegde dvd, map AH_054_SRF_ZWITSERLAND, bestand “SAMICLAUSUNDDERSCHWARZE”, van 05:04 minuten tot 05:12 minuten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-01 d.d. 18 december 2017, map 5, p. 1748 en 1752, en het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-02 d.d. 6 februari 2018, map 5, p. 1754, 1756 en 1757.</p>\n<p class=\"lf-p\">De eigen waarneming van de rechtbank ter terechtzitting van 11 oktober 2018 op basis van de camerabeelden op de bij het dossier gevoegde dvd, map AH-020-03 ALLOCHTOONS TWITTER, bestand “OXVCRBZNPNCG84PF”, na 01:10 minuten (in plaats van de door de rechtbank genoemde 04:42 minuten).</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-0l d.d. 18 december 2017, map 5, p. 1748 en 1752, en het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-02 d.d. 6 februari 2018, map 5, p. 1754, 1756 en 1757.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-01 d.d. 18 december 2017, map 5, p. 1748 en 1752, C) het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-02 d.d. 6 februari 2018, map 5, p. 1757.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verklaring van verdachte [verdachte] ter terechtzitting d.d. 11 oktober 2018.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal verkeersongevalsanalyse d.d. 22 januari 2018, map 1, p. 171.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 1] d.d. 19 december 2017, map 1, p. 258.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-064-02 d.d. 8 februari 2018, map 1, p. 109 en 110.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal verkeersongevalsanalyse d.d. 22 januari 2018, map 1, p. 165, 167 en 168.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 183.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 1] d.d. 19 december 2017, map 1, p. 258.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 183.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 184 (in plaats van 183 zoals in het vonnis vermeld).</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen PL0100-2017304735-3 d.d. 21 november 2017, map 1, p. 54 en het rapport PL0100-2017304585-5 d.d. 10 januari 2018, map 1, p. 104.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen PL0100-2017304735-3 d.d. 21 november 2017, map 1, p. 54.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 1] d.d. 19 december 2017, map 1, p. 258.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het rapport PL0100-20l7304585-5 d.d. 10 januari 2018, map 1, p. 104.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal verkeersongevalsanalyse d.d. 17 februari 2018, map 1, p. 180.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen PL0100-2017304735-3 d.d. 21 november 2017, map 1, p. 54 en 55.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 183.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-064-02 d.d. 8 februari 2018, map 1, p. 110.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 184. proces-verbaal van bevindingen PL0100-2017304735-3 d.d. 21 november 2017, map 1, p. 54.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 3] d.d. 22 januari 2018, map 7, p. 2536.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen PL0100-2017304585-3 d.d. 21 december 2017, map 1, p. 118 en 119.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 1] d.d. 19 december 2017, map 1, p. 258.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen PL0100-2017304735-2 d.d. 18 november 2017, map 1, p. 42.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 184, het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 3] d.d. 18 december 2017, map 1, p. 230, en het proces- verbaal van verhoor van [getuige 1] d.d. 19 december 2017, map 1, p. 258.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 184.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 1] d.d. 14 december 2017, map 1, p. 220 en 221, en het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 3] d.d. 18 december 2017, map 1, p. 230.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 3] d.d. 18 december 2017, map 1, p. 230.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [verdachte] d.d. 25 januari 2018, map 5, p. 1772.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [verdachte] d.d. 25 januari 2018, map 5, p. 1772.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-01 d.d. 18 december 2017, map 5, p. 1749 en 1752.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [verdachte] d.d. 25 januari2018, map 5, p. 1772 en 1773.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 8] d.d. 19 januari 2018, map 6, p. 2062.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [verdachte] d.d. 25 januari 2018, map 5, p. 1773.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 1] d.d. 14 december 2017, map 1, p. 215.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 1] d.d. 19 december 2017, map 1, p. 257 en 258.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [getuige 1] d.d. 19 december 2017, map 1, p. 260.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van 1. [verdachte] d.d. 25 januari 2018, map 5, p. 1773.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-01 d.d. 18 december2017, map 5, p. 1748 en 1752, het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-02 d.d. 6 februari 2018, map 5, p. 1757, en de verklaring van verdachte [verdachte] ter terechtzitting d.d. 11 oktober 2018.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-02 d.d. 6 februari 2018, map 5, p. 1757.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 183.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [verdachte] d.d. 25 januari 2018, map 5, p. 1778, en het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-02 d.d. 6 februari 2018, map 5, p. 1757.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, map 1, p. 183.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [verdachte] d.d. 25 januari 2018, map 5, p. 1778.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december2017, map 1, p. 183.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-012-01 d.d. 20 december 2017, map 1, p. 273.</p>\n<p class=\"lf-p\">De eigen waarneming van de rechtbank ter terechtzitting van 11 oktober 2018 op basis van de camerabeelden op de bij het dossier gevoegde dvd, map AH_054_SRF ZWITSERLAND, bestand “SAMICLAUSUNDDERSCHWARZE”, van 04:42 tot 04:49 minuten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verklaring van verdachte [verdachte] ter terechtzitting d.d. 11 oktober 2018.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [verdachte] d.d. 25 januari 2018, map 5, p. 1772, 1773 en 1776.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verklaring van verdachte [verdachte] ter terechtzitting d.d. 11 oktober 2018.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN6-01 d.d. 18 december 2017, map 5, p. 1749 en 1752.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verklaring van verdachte [verdachte] ter terechtzitting d.d. 11 oktober 2012.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN06-01 d.d. 18 december 2017, p. 1748, en het proces verbaal van bevindingen AH-NN06-02 d.d. 6 februari 2018, p. 1756 t/m 1760.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN06-02 d.d. 6 februari 2018, p. 1754.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor van [benadeelde 4] d.d. 13 december 2017, deel 1, p. 183 en 184.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-012-01 d.d. 20 december 2017, map 1, p. 273.</p>\n<p class=\"lf-p\">De eigen waarneming van de rechtbank van de camerabeelden op de bij het dossier gevoegde dvd, map AH 054 SRF ZWITSERLAND, bestand SAMICLAUSUNDDERSCHWARZE”.</p>\n<p class=\"lf-p\">De eigen waarneming van de rechtbank van de camerabeelden op de bij het dossier gevoegde dvd, map AH 020 03 ALLOCHTOONS TWITTER, bestand ‘OXVCRBZNPNCG84PF’.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van bevindingen AH-NN06-02 d.d. 6 februari 2018, p. 1756 t/m 1760.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 11] d.d. 18 januari 2018, map 5, p. 1965 e.v. (onder meer inhoudende dat hij het eens was met de actie om alles stil te zetten, dat het een succes was en dat hij blij is dat hij er geweest is), het proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 12] d.d. 15 januari 2018, map 5, p. 1680 e.v. (onder meer inhoudende dat hij achter het doel van de actie stond en zijn sleutels uit het contact heeft gehaald zodat ze zijn auto niet konden weghalen) en het proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 3] , d.d. 9 januari 2018, map 6, p. 2358 e.v. (onder meer inhoudende dat hij vooraan stond en als eerste weg kon - maar dat pas na aanmanen van de politie deed).</p>\n<p class=\"lf-p\">Een schriftelijk stuk, te weten de inhoud van de Whatsapp-chat “A7 besloten groep”, map 3, p. 583 (onder meer inhoudende als bericht van [medeverdachte 3] op 20 november 2017: “Ik wie krekt wot te fier nei foaren sjitten dus ha een honderd meter achterut rieden”, en als reactie van [website 2] (zijnde [medeverdachte 13] , zie map 6, p. 2118): “haha jah [medeverdachte 3] , dat maken we nooit weer mee, achteruit rijden op een lege snelweg”.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 14] d.d. 15 januari 2018, map 6, p. 2228 e.v.</p>\n<p class=\"lf-p\">H.J. Smidt, Geschiedenis van het Wetboek van Strafrecht, Tweede Deel, Tweede druk, Haarlem 1891, p. 116.</p>\n<p class=\"lf-p\">Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 4] bij de rechter-commissaris d.d. 4 oktober 2018.</p></div>", "next": 0}