{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">HR 17 november 1993, ECLI:NL:HR:1993:BH8760, BNB 1994/273 met noot Aardema, FED 1994/112 met noot Verhagen, V-N 1993/3987, 19 met noot Redactie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zie thans art. 13(7) Wet Vpb, en voor de achtergrond van die wetswijziging: Vakstudie Vennootschapsbelasting, art. 13 Wet Vpb 1969, aant. 11.2 en 11.3.</p>\n<p class=\"lf-p\">HR 30 juni 1999, ECLI:NL:HR:1999:AA2810, BNB 2001/139 met noot Daniels, FED 2000/96 met noot Aardema, V-N 1999/31.26 met noot Redactie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dit is ingehaald door wetgeving (art. 13(6) Wet Vpb), zie Vakstudie Vennootschapsbelasting, art. 15ac Wet VPB 1969, aant. 7.1.</p>\n<p class=\"lf-p\">HR 11 april 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF4154, BNB 2003/253 met noot Juch, FED 2003/270 met noot Albert, NTFR 2003/663 met noot Van den Bos, V-N 2003/21.12 met noot Redactie.</p>\n<p class=\"lf-p\">HR 16 juni 2023, ECLI:NL:HR:2023:922, BNB 2023/115 met noot Cornelisse, FED 2023/84 met noot Meussen, NLF 2023/1487 met noot Russo, NTFR 2023/1010 met noot Van Horzen, V-N 2023/29.6 met noot Redactie (Vliegtuigarrest).</p>\n<p class=\"lf-p\">De aangevallen Hofuitspraak is die van Hof Amsterdam 26 september 2023, ECLI:NL:GHAMS:2023:2557.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Zie verder Cursus Belastingrecht IB.3.2.16.B.a Inleiding goed koopmansgebruik.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Zie verder Cursus Belastingrecht IB.3.2.16.B.b1 De drie hoofdbeginselen van goed koopmansgebruik.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Zie verder Cursus Belastingrecht IB.3.2.16.B.b3 Het voorzichtigheidsbeginsel.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Zie verder Cursus Belastingrecht IB.3.2.16.B.b2.I Inhoud en deelbeginselen van het realiteitsbeginsel.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Zie verder Cursus Belastingrecht IB.3.2.16.B.b2.II Het veroorzakingsbeginsel als deelbeginsel van het realiteitsbeginsel en IB.3.2.16.B.b2.III Het matchingbeginsel als deelbeginsel van het realiteitsbeginsel.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Zie nader de conclusie ECLI:NL:PHR:2021:708 voor het Vliegtuigarrest HR BNB 2023/115 (geciteerd in 5.6 hieronder).</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Zie verder: Cursus Belastingrecht IB.3.2.16.B.b2.II Het veroorzakingsbeginsel als deelbeginsel van het realiteitsbeginsel.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Zie nader: Cursus Belastingrecht IB.3.2.21.A.a3 Voorzieningen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Cursus Belastingrecht IB.3.2.21.A.a3 Voorzieningen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: HR 26 augustus 1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2555, BNB 1998/409 met noot De Vries (Baksteenarrest).</p>\n<p class=\"lf-p\">HR 26 april 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD7773, BNB 2002/214 met noot Meussen, FED 2002/540 met noot van Lubbers, NTFR 2002/634 met noot Kuypers, PJ 2002/93 met noot De Lange, V-N 2002/23.16 met noot Redactie.</p>\n<p class=\"lf-p\">HR 19 juni 1996, ECLI:NL:HR:1996:AA1922, BNB 1996/264, FED 1997/140 met noot IJsselmuiden, V-N 1996/2525, 11 met noot Redactie.</p>\n<p class=\"lf-p\">HR 8 juli 1996, ECLI:NL:HR:1996:AA2035, BNB 1997/37 met noot Slot, FED 1996/868 met noot Cornelisse, V-N 1996/2813, 21 met noot Redactie.</p>\n<p class=\"lf-p\">J. Doornebal, ‘Schuld of voorziening?’, NTFR-B 2010/42.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Zie bijvoorbeeld: Cursus Belastingrecht, deel Inkomstenbelasting, par. 3.2.20.A.a, en A.O. Lubbers en G.T.K. Meussen, Hoofdzaken winst uit onderneming, Kluwer, Deventer 2010, p. 142.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Zie bijvoorbeeld HR 25 juli 2000, nr. 34.255, NTFR 2000/1085, inzake de passivering van een verplichting wegens uitgesteld salaris van de directeur/aandeelhouder van een bv.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voetnoot in origineel: Aldus HR 26 augustus 1998, nr. 33.417, BNB 1998/409 (Baksteenarrest). In dit arrest besliste de Hoge Raad – in afwijking van eerdere jurisprudentie – dat voor de vorming van een voorziening niet noodzakelijk is dat de toekomstige uitgaven voortvloeien uit een op balansdatum reeds bestaande rechtsverhouding.</p>\n<p class=\"lf-p\">HR 29 oktober 1958, ECLI:NL:HR:1958:AY1261, BNB 1958/342 met noot Den Boer.</p>\n<p class=\"lf-p\">HR 19 december 1979, ECLI:NL:HR:1979:AX0245, BNB 1980/46 met noot Den Boer.</p>\n<p class=\"lf-p\">HR 23 januari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AI0416, BNB 2004/163 met noot Essers, FED 2004/75 met noot Van der Wal, NTFR 2004/153 met noot Kuypers, V-N 2004/9.7 met noot Redactie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Kennisgroepstandpunt ‘Contante waarde renteloze vierjaars lening’, vastgesteld op 24 januari 2022 en gepubliceerd op 21 maart 2023, KG:213:2022:2, V-N 2023/26.2.1 met noot Redactie. “BV X koopt einde jaar 1 van een derde een deelneming en hoeft pas over 4 jaar de koopsom te betalen. Er wordt overeengekomen dat dit uitstel van betaling renteloos geschiedt, omdat de verkoper er ook belang bij heeft dat de koop op deze wijze geconstrueerd wordt. Er wordt een passiefpost gevormd voor de toekomstige betaling.</p>\n<p class=\"lf-p\">Einde jaar 1 waardeert BV X de deelneming op de contante waarde van de betalingsverplichting over 4 jaar. Belanghebbende hanteert hierbij een disconteringsvoet die is afgeleid van rentedragende langlopende leningen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De gehanteerde disconteringsvoet bestaat uit de risicovrije rentevoet plus een onderneming specifieke opslag.</p>\n<p class=\"lf-p\">De oprenting van de betalingsverplichting loopt in de periode jaar 1 tot en met 5 via de fiscale verlies- en winstrekening.”</p>\n<p class=\"lf-p\">Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 30 maart 2018, nr. 2018-2954, Stcrt. 2018, 19762.</p>\n<p class=\"lf-p\">Vanaf voornoemde datum verwijst hij voor die marktrente naar art. 12.3a Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011.</p>\n<p class=\"lf-p\">Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 7 maart 2017, nr. 2017-22042, Stcrt. 2017, 15371.</p>\n<p class=\"lf-p\">De aangevallen Hofuitspraak is die van Hof Amsterdam 26 september 2023, ECLI:NL:GHAMS:2023:2557. Ik heb in die zaak geconcludeerd op 21 juni 2024, ECLI:NL:PHR:2024:663.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zie punt 14 van het verweerschrift in cassatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">Anders: J. Doornebal, 'Goed koopmansgebruik niet normatief voor waardering van vrijgestelde deelnemingen', WFR 2012/961, p. 961-968.</p>\n<p class=\"lf-p\">HR 26 augustus 1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2555, BNB 1998/409 met noot De Vries (Baksteenarrest).</p></div>", "next": 0}