{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">Zie voor een ander voorbeeld HR 9 januari 2009, ECLI:NL:HR:2009:BG1874, NJ 2009/42, waar het provinciebestuur buiten het landinrichtingsplan om gronden in het blok had aangewezen tot waterwingebied en grondwaterbeschermingsgebied, waardoor zich een waardevermindering van bepaalde gronden in het blok voordeed.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zie bijvoorbeeld de rechtspraak genoemd in ‎3.41 e.v.</p>\n<p class=\"lf-p\">Openbare informatie op de website van het Kadaster zegt dat herverkaveling ‘tegenwoordig minder dan 6 jaar duurt’. Daarmee is uiteraard het hele traject bedoeld, en niet pas vanaf het moment van terinzagelegging van het ruilplan. Zie https://www.kadaster.nl/zakelijk/producten/advies/wettelijke-herverkaveling/ onder de vraag ‘Hoe kan het dat een wettelijke herverkaveling tegenwoordig minder dan 6 jaar duurt?’ Twintig tot dertig jaar voor het totale traject. Zie opnieuw https://www.kadaster.nl/zakelijk/producten/advies/wettelijke-herverkaveling/ onder de vraag ‘Hoe kan het dat een wettelijke herverkaveling tegenwoordig minder dan 6 jaar duurt?’ Volgens deze informatie gaat het om de jaren ’60 tot ’80. Juist uit die tijd stamt de rechtspraak waarin de peildatum en de ratio daarvoor tot ontwikkeling zijn gekomen. Ook toen de herverkaveling 20 tot 30 jaar kon duren, werd dus in het algemeen de thans nog geldende peildatum als normaal/redelijk gezien.</p>\n<p class=\"lf-p\">Zie onder meer art. 64-66 Wilg over de vaststelling van het ruilplan, art. 69-72 Wilg over beroep en cassatie, en art. 81-82 Wilg over het opmaken en inschrijven van de ruilakte.</p></div>", "next": 0}