{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">De raadsman heeft verzocht om [slachtoffer 2] , [slachtoffer 6] , [slachtoffer 10] , [slachtoffer 13] , [slachtoffer 1] , [slachtoffer 9] , [slachtoffer 12] , [slachtoffer 11] en [slachtoffer 15] niet-ontvankelijk te verklaren in hun vorderingen ter zake van materiële schade voor zover deze zien op sieraden, omdat hun vorderingen in zoverre onvoldoende zijn onderbouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ten aanzien van de vordering van [slachtoffer 11] heeft de raadsman hiertoe aangevoerd dat er weliswaar veel onderbouwende stukken zijn ingebracht, maar dat deze onvoldoende zijn om de waarde van de sieraden vast te kunnen stellen, waarbij hij erop wijst dat hij er bijvoorbeeld van het gouden medaillon op internet ook voorbeelden te vinden zijn met een veel hogere en met een veel lagere prijs. Daarnaast heeft de raadsman aangevoerd dat er niet van alle sieraden foto’s voorhanden zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">Verhuiskosten De raadsman heeft verzocht [slachtoffer 10] niet ontvankelijk te verklaren in haar vordering voor zover deze ziet op verhuiskosten, omdat deze kosten niet rechtstreeks voortvloeien uit de tenlastegelegde gedragingen, dan wel omdat de beantwoording van de vraag of sprake is van causaal verband een onevenredige belasting van het strafproces met zich brengt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Gepinde bedragen De raadsman heeft zich niet uitgelaten over de door [slachtoffer 1] gevorderde vergoeding voor het gepinde bedrag.</p>\n<p class=\"lf-p\">De raadsman heeft verzocht [slachtoffer 12] niet-ontvankelijk te verklaren in haar hele vordering, dus ook ten aanzien van het gepinde bedrag, maar heeft dit laatste niet gemotiveerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De raadsman heeft verzocht [slachtoffer 15] niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering voor zover deze ziet op het gepinde bedrag, omdat de bank dit bedrag mogelijk heeft vergoed, nu dat de gebruikelijke gang van zaken is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Contant geld De raadsman heeft verzocht [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering voor zover deze ziet op contant geld, omdat dit bedrag, gelet op de opmerking ‘Mogelijk deels vergoed uit verz. Inboedel’ mogelijk al is vergoed.</p>\n<p class=\"lf-p\">De raadsman refereert zich aan het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de door [slachtoffer 15] gevorderde vergoeding voor contant geld.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.4 Het oordeel van de rechtbank Hoofdelijkheid Artikel 6:166, lid 1 BW bepaalt dat indien één van tot een groep behorende personen onrechtmatig schade toebrengt en de kans op het aldus toebrengen van schade deze personen had behoren te weerhouden van hun gedragingen in groepsverband, zij hoofdelijk aansprakelijk zijn indien deze gedragingen hun kunnen worden toegerekend.</p>\n<p class=\"lf-p\">Blijkens de wetsgeschiedenis voorziet deze bepaling in een individuele aansprakelijkheid van tot een groep behorende personen (deelnemers) voor onrechtmatig vanuit de groep toegebrachte schade. De mate van betrokkenheid van de afzonderlijke deelnemers bij het onrechtmatig handelen is niet van belang. Deze individuele aansprakelijkheid vindt haar rechtvaardiging in een ieders bijdrage aan het in het leven roepen van de kans dat zodanige schade zou ontstaan (Hoge Raad 3 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1726).</p>\n<p class=\"lf-p\">Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de verdachte, nu de hij de bewezenverklaarde feiten tezamen en in vereniging met anderen heeft gepleegd, hoofdelijk aansprakelijk is voor de door de gedragingen van hem en zijn mededaders veroorzaakte schade. Dat is niet anders als de mededaders niet worden vervolgd. Anders dan de raadsman heeft verzocht, zal de rechtbank de toe te wijzen schadevergoedingen daarom niet naar evenredigheid toewijzen. [slachtoffer 2] Nu aan de vordering van [slachtoffer 2] een feitencomplex ten grondslag ligt waarvoor verdachte niet zal worden veroordeeld, zal de rechtbank [slachtoffer 2] niet-ontvankelijk verklaren in haar vordering.</p>\n<p class=\"lf-p\">Immateriële schade [slachtoffer 6] , [slachtoffer 13] , [slachtoffer 3] , [slachtoffer 1] , [slachtoffer 12] en [slachtoffer 11] De rechtbank stelt voorop dat artikel 6:106 van het Burgerlijk Wetboek (BW) een limitatieve opsomming geeft van de gevallen waarin deze bepaling recht geeft op vergoeding van immateriële schade als gevolg van onrechtmatig handelen, te weten in geval van: oogmerk om zodanige schade toe te brengen, bijvoorbeeld indien de verdachte iemand heeft gedood met het oogmerk aan de benadeelde partij immateriële schade toe te brengen; aantasting in de persoon:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>door het oplopen van lichamelijk letsel, 2. door schade in zijn eer of goede naam of 3. op andere wijze; bepaalde gevallen van aantasting van de nagedachtenis van een overledene.</div>\n<p class=\"lf-p\">De bewezenverklaarde oplichting en diefstallen vallen onder de in b. 3. bedoelde aantasting in de persoon ‘op andere wijze’. Daarvan is in ieder geval sprake indien de benadeelde partij geestelijk letsel heeft opgelopen. Degene die zich hierop beroept, zal voldoende concrete gegevens moeten aanvoeren waaruit kan volgen dat in verband met de omstandigheden van het geval psychische schade is ontstaan. Daartoe is vereist dat naar objectieve maatstaven het bestaan van geestelijk letsel kan worden vastgesteld. Ook als het bestaan van geestelijk letsel in voornoemde zin niet kan worden aangenomen, is niet uitgesloten dat de aard en de ernst van de normschending en van de gevolgen daarvan voor de benadeelde, meebrengen dat van de in artikel 6:106, aanhef en onder b, BW bedoelde aantasting in zijn persoon ‘op andere wijze’ sprake is. In zo een geval zal degene die zich hierop beroept de aantasting in zijn persoon met concrete gegevens moeten onderbouwen. Dat is slechts anders indien de aard en de ernst van de normschending meebrengen dat de in dit verband relevante nadelige gevolgen daarvan voor de benadeelde zo voor de hand liggen, dat een aantasting in de persoon kan worden aangenomen. Van een aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ als bedoeld in art. 6:106, aanhef en onder b, BW is niet reeds sprake bij de enkele schending van een fundamenteel recht (HR 28 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:793).</p>\n<p class=\"lf-p\">Het rechtbank stelt vast dat geen van de benadeelde partijen met stukken onderbouwd heeft gesteld dat hij of zij geestelijk letsel heeft opgelopen en ook dat geen van hen met concrete gegevens voldoende heeft onderbouwd dat de gevolgen voor hem of haar dusdanig zijn geweest dat de aard en de ernst van de normschending met zich brengt dat sprake is van aantasting in de persoon. De rechtbank is van oordeel dat de aard en de ernst van het handelen van de verdachte, hoe kwalijk zijn handelen ook was, niet dusdanig was dat de nadelige gevolgen zo voor de hand liggen dat hieruit zonder meer een aantasting in de persoon kan worden afgeleid. Het onderzoek ter terechtzitting aanhouden om de benadeelde partijen in de gelegenheid te stellen alsnog geestelijk letsel of dusdanige gevolgen dat de aard en de ernst van de normschending met zich brengt dat sprake is van aantasting in de persoon voldoende te onderbouwen, zou naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafproces betekenen. Dit betekent dat [slachtoffer 6] , [slachtoffer 13] , [slachtoffer 3] , [slachtoffer 1] , [slachtoffer 12] en [slachtoffer 11] hun vorderingen ter zake immateriële schade slechts bij de burgerlijke rechter kunnen aanbrengen en niet-ontvankelijk zullen worden verklaard in dat deel van hun vorderingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Materiële schade [slachtoffer 6] Naar het oordeel van de rechtbank heeft [slachtoffer 6] de hoogte van de materiële schade waarvoor zij vergoeding vordert onvoldoende onderbouwd. Het onderzoek ter terechtzitting aanhouden om haar in de gelegenheid te stellen de hoogte van deze schade nader te onderbouwen, zou naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafproces betekenen, zodat Dorsssers haar vordering ter zake materiële schade slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen en nietontvankelijk zal worden verklaard in dat deel van haar vordering. [slachtoffer 10] Naar het oordeel van de rechtbank heeft [slachtoffer 10] haar vordering ten aanzien van materiële schade onvoldoende onderbouwd. Met betrekking tot de ontvreemde sieraden ontbreekt voldoende onderbouwing ten aanzien van de hoogte van de schade en ten aanzien van de verhuiskosten is het causaal verband tussen de gestelde schade en de bewezenverklaarde gedragingen van de verdachte onvoldoende onderbouwd. Het onderzoek ter terechtzitting aanhouden om haar in de gelegenheid te stellen de vordering nader te onderbouwen, zou naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafproces betekenen, zodat [slachtoffer 10] haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen en nietontvankelijk zal worden verklaard in haar vordering. [slachtoffer 13] Naar het oordeel van de rechtbank heeft [slachtoffer 13] de hoogte van de materiële schade waarvoor zij vergoeding vordert onvoldoende onderbouwd. Het onderzoek ter terechtzitting aanhouden om haar in de gelegenheid te stellen de hoogte van deze schade nader te onderbouwen, zou naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafproces betekenen, zodat [slachtoffer 13] haar vordering ter zake materiële schade slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen en nietontvankelijk zal worden verklaard in dat deel van haar vordering. [slachtoffer 1] Naar het oordeel van de rechtbank heeft [slachtoffer 1] de hoogte van de materiële schade die zij vordert onder de post ‘goud diverse stukken’ onvoldoende onderbouwd. Het onderzoek ter terechtzitting aanhouden om haar in de gelegenheid te stellen de hoogte van deze schade nader te onderbouwen, zou naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafproces betekenen, zodat [slachtoffer 1] haar vordering ter zake van dat deel van de materiële schade slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen en in zoverre nietontvankelijk zal worden verklaard in haar vordering.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ten aanzien van het deel van de vordering van [slachtoffer 1] dat ziet op ‘contanten’ is de rechtbank, mede gelet op artikel 6:96 BW, voldoende gebleken dat [slachtoffer 1] als gevolg van het onder 1 bewezen verklaarde feit rechtstreeks schade heeft geleden tot het daarvoor gevorderde bedrag, te weten € 2.000,-. Dit deel van de vordering zal hoofdelijk worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 september 2023 en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. [slachtoffer 9] Naar het oordeel van de rechtbank heeft [slachtoffer 9] de hoogte van de schade waarvoor zij vergoeding vordert onvoldoende onderbouwd. Het onderzoek ter terechtzitting aanhouden om haar in de gelegenheid te stellen de hoogte van deze schade nader te onderbouwen, zou naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafproces betekenen, zodat [slachtoffer 9] haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen en nietontvankelijk zal worden verklaard in haar vordering. [slachtoffer 12] Naar het oordeel van de rechtbank heeft [slachtoffer 12] de hoogte van de materiële schade die zij vordert onder de posten ‘gouden dames horloge’ en ‘goud broche afgezet met parels &amp; ivoren vrouwelijk gezicht’ onvoldoende onderbouwd. Het onderzoek ter terechtzitting aanhouden om haar in de gelegenheid te stellen de hoogte van deze schade nader te onderbouwen, zou naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafproces betekenen, zodat [slachtoffer 12] haar vordering ter zake van dat deel van de materiële schade slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen en in zoverre nietontvankelijk zal worden verklaard in haar vordering.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ten aanzien van het deel van de vordering van [slachtoffer 12] dat ziet op ‘pinnen van lopende rek.’ is de rechtbank, mede gelet op artikel 6:96 BW, voldoende gebleken dat [slachtoffer 12] als gevolg van de onder 1 en 2 bewezen verklaarde feiten rechtstreeks schade heeft geleden tot het daarvoor gevorderde bedrag, te weten € 350,-. Dit deel van de vordering zal hoofdelijk worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 september 2023 en met oplegging van de schadevergoedings- maatregel. [slachtoffer 11] Naar het oordeel van de rechtbank heeft [slachtoffer 11] zijn vordering voor zover deze ziet op het geelgouden dameshorloge onvoldoende onderbouwd, nu van dit horloge geen foto beschikbaar is en het niet is vermeld op de bij de aangifte gevoegde Bijlage Goederen. Het onderzoek ter terechtzitting aanhouden om hem in de gelegenheid te stellen de hoogte van deze schade nader te onderbouwen, zou naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafproces betekenen, zodat [slachtoffer 11] zijn vordering ter zake van dat deel van de materiële schade slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen en in zoverre nietontvankelijk zal worden verklaard in zijn vordering.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ten aanzien van de rest van de vordering van [slachtoffer 11] ter zake van materiële schade is de rechtbank, mede gelet op artikel 6:96 BW, voldoende gebleken dat [slachtoffer 11] als gevolg van de onder 1 en 3 bewezen verklaarde feiten rechtstreeks schade heeft geleden tot het daarvoor gevorderde bedrag, te weten € 6.075,-. De rechtbank overweegt in dit verband dat de ring en hanger waarvan geen foto beschikbaar is, zijn vermeld op de bij de aangifte gevoegde Bijlage Goederen, zodat de rechtbank het aannemelijk acht dat ook deze sieraden zijn gestolen. Verder overweegt de rechtbank dat er weliswaar, zoals de raadsman heeft bepleit, ook vergelijkbare sieraden op internet zijn te vinden met andere dan de in de onderbouwing genoemde prijzen, maar dat dit zowel hogere als lagere prijzen zijn. De rechtbank is daarom van oordeel dat de schade schattenderwijs begroot kan worden op de in de vordering gehanteerde bedragen. Dit deel van de vordering zal hoofdelijk worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 augustus 2023 en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. [slachtoffer 15] heeft in haar vordering voor zover deze ziet op sieraden de hoogte van de schade genoemd noch onderbouwd. Het onderzoek ter terechtzitting aanhouden om haar daar alsnog toe in de gelegenheid te stellen, zou naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafproces betekenen, zodat [slachtoffer 15] dit deel van haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen en in zoverre nietontvankelijk zal worden verklaard in haar vordering.</p>\n<p class=\"lf-p\">Ten aanzien van het deel van de vordering van [slachtoffer 12] dat ziet op ‘geldopname met bankpas’ en ‘contant geld’ is de rechtbank, mede gelet op artikel 6:96 BW, voldoende gebleken dat [slachtoffer 15] als gevolg van de onder 1 en 2 bewezen verklaarde feiten rechtstreeks schade heeft geleden tot het daarvoor gevorderde bedrag, te weten € 2.150,-. Hierbij heeft de rechtbank in acht genomen dat er geen aanwijzingen zijn dat de bank, zoals de raadsman heeft gesuggereerd, het gepinde bedrag al heeft vergoed. Dit deel van de vordering zal hoofdelijk worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 september 2023 en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.</p>\n<p class=\"lf-p\">8De wettelijke voorschriften De beslissing berust op de artikelen 36f, 47, 55, 56, 57, 310, 311, 326 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.</p>\n<p class=\"lf-p\">9De beslissing De rechtbank:</p>\n<p class=\"lf-p\">Bewezenverklaring verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven; spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;</p>\n<p class=\"lf-p\">Strafbaarheid verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven; verklaart de verdachte strafbaar;</p>\n<p class=\"lf-p\">Straf veroordeelt de verdachte voor het bewezenverklaarde tot een gevangenisstraf van 32 maanden; beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;</p>\n<p class=\"lf-p\">Benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregelen Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]:</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk is in de vordering tot schadevergoeding.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt de benadeelde partij in de proceskosten door verdachte ter verdediging tegen die vordering gemaakt, tot op heden begroot op nihil.</p>\n<p class=\"lf-p\">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 6]:</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk is in de vordering tot schadevergoeding.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt de benadeelde partij in de proceskosten door verdachte ter verdediging tegen die vordering gemaakt, tot op heden begroot op nihil.</p>\n<p class=\"lf-p\">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 10]:</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk is in de vordering tot schadevergoeding.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt de benadeelde partij in de proceskosten door verdachte ter verdediging tegen die vordering gemaakt, tot op heden begroot op nihil.</p>\n<p class=\"lf-p\">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 13]:</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk is in de vordering tot schadevergoeding.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt de benadeelde partij in de proceskosten door verdachte ter verdediging tegen die vordering gemaakt, tot op heden begroot op nihil.</p>\n<p class=\"lf-p\">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3]:</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk is in de vordering tot schadevergoeding.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt de benadeelde partij in de proceskosten door verdachte ter verdediging tegen die vordering gemaakt, tot op heden begroot op nihil. t.a.v. feit 1:</p>\n<p class=\"lf-p\">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]:</p>\n<p class=\"lf-p\">Wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 1] , van een bedrag van 2.000,00 euro, bestaande uit materiële schade.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 september 2023 tot aan de dag der algehele voldoening.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken. bepaalt dat de benadeelde partij in de vordering voor het overige niet-ontvankelijk is en de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen. verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover het bedrag door (een van) zijn mededader(s)/medeplichtige(n) is betaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">Legt aan de verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [slachtoffer 1] , van een bedrag van 2.000,00 euro.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 20 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voormeld bedrag bestaat uit materiële schade.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 september 2023 tot aan de dag der algehele voldoening. verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot betaling.</p>\n<p class=\"lf-p\">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 9]:</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk is in de vordering tot schadevergoeding.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt de benadeelde partij in de proceskosten door verdachte ter verdediging tegen die vordering gemaakt, tot op heden begroot op nihil. t.a.v. feit 1 en feit 2:</p>\n<p class=\"lf-p\">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 12]:</p>\n<p class=\"lf-p\">Wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 12] , van een bedrag van 350,00 euro, bestaande uit materiële schade.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 september 2023 tot aan de dag der algehele voldoening.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken. bepaalt dat de benadeelde partij in de vordering voor het overige niet-ontvankelijk is en de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen. verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover het bedrag door (een van) zijn mededader(s)/medeplichtige(n) is betaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">Legt aan de verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [slachtoffer 12] , van een bedrag van 350,00 euro.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 3 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voormeld bedrag bestaat uit materiële schade.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 september 2023 tot aan de dag der algehele voldoening. verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot betaling. t.a.v. feit 1 en feit 3:</p>\n<p class=\"lf-p\">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 11]:</p>\n<p class=\"lf-p\">Wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 11] , van een bedrag van 6.075,00 euro, bestaande uit materiële schade.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 augustus 2023 tot aan de dag der algehele voldoening.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken. bepaalt dat de benadeelde partij in de vordering voor het overige niet-ontvankelijk is en de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen. verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover het bedrag door (een van) zijn mededader(s)/medeplichtige(n) is betaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">Legt aan de verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [slachtoffer 11] , van een bedrag van 6.075,00 euro.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 55 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voormeld bedrag bestaat uit materiële schade.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 augustus 2023 tot aan de dag der algehele voldoening. verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot betaling. t.a.v. feit 1 en feit 2:</p>\n<p class=\"lf-p\">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 15]:</p>\n<p class=\"lf-p\">Wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 15] , van een bedrag van 2.150,00 euro, bestaande uit materiële schade.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 september 2023 tot aan de dag der algehele voldoening.</p>\n<p class=\"lf-p\">Veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken. bepaalt dat de benadeelde partij in de vordering voor het overige niet-ontvankelijk is en de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen. verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover het bedrag door (een van) zijn mededader(s)/medeplichtige(n) is betaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">Legt aan de verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [slachtoffer 15] , van een bedrag van 2.150,00 euro.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 21 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voormeld bedrag bestaat uit materiële schade.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 september 2023 tot aan de dag der algehele voldoening. verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot betaling.</p>\n<p class=\"lf-p\">Dit vonnis is gewezen door mr. D. Osmić, voorzitter, mr. H.E.G. Peters en mr. dr. W. Kieboom, rechters, in tegenwoordigheid van mr. I.W. Levelt-Iseger, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 6 maart 2026.</p>\n<p class=\"lf-p\">Buiten staat Mr. dr. W. Kieboom en mr. I.W. Levelt-Iseger zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</p>\n<p class=\"lf-p\">BIJLAGE: De tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat T.a.v. feit 1: hij in of omstreeks de periode van 11 augustus 2023 tot en met 20 september 2023 te</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Reuver (zaak A),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Swalmen (zaak B en zaak F),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Horn (zaak C),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Grubbenvorst (zaak D)</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Panningen (zaak E),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Haelen (zaak G),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Heythuysen (zaak H),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Geldrop (zaak I),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Sint Anthonis (zaak J),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Boxmeer (zaak K),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Geffen (zaak L),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Nuland (zaak M),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Tiel (zaak N),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Bruchem (zaak O) en/of</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Aalst (zaak P), althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen althans eenmaal met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, een of meer personen, te weten:</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 6] (zaak A),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 7] (zaak B),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 9] (zaak C),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 2] (zaak D),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 10] (zaak E),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 5] (zaak F),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 4] (zaak G),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 1] (zaak H),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 11] (zaak I),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 12] (zaak J),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 13] (zaak K),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 14] (zaak L),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 15] (zaak M),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 16] (zaak N),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 17] (zaak O), en/of</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>[slachtoffer 3] (zaak P), heeft/hebben bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>het ter beschikking stellen van een of meer pincode(s) en/of</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>de afgifte van een of meer betaalpas(sen), sieraden, contant(e) geldbedrag(en) en/of telefoon(s), door (telkens):</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>telefonisch contact op te nemen met voornoemde aangevers en zich daarbij voor te doen als (een medewerker van) de Rabobank en/of de ABN Amro en/of ING Bank, althans een medewerker van de bank, en/of een medewerker van de politie, waardoor die aangevers werden bewogen tot afgifte van diens pincode(s), bankpas(sen), creditcard(s), sieraden, contante geldbedragen en/of telefoon(s) en/of</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>naar de woning van voornoemde aangevers te gaan en (vervolgens) die bankpas(sen), creditcard(s), sieraden, contant( e) geldbedrag(en) en/of telefoon(s), toebehorende aan die aangevers in ontvangst te nemen en/of mee te nemen;</div>\n<p class=\"lf-p\">T.a.v. feit 2: hij in of omstreeks de periode van 11 augustus 2023 tot en met 20 september 2023 te</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Reuver (zaak A),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Swalmen (zaak A, zaak B en zaak F),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Horn (zaak C),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Panningen (zaak E),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Helden (zaak E)</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Haelen (zaak G),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Beringen (zaak G)</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Heythuysen (zaak H),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Geldrop (zaak I),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Eindhoven (zaak I)</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Sint Anthonis (zaak J),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Geffen (zaak L),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Nuland (zaak M),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>’ s-Hertogenbosch (zaak M)</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Tiel (zaak N),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Bruchem (zaak O),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Zaltbommel (zaak O) en/of</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>Aalst (zaak P), althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meer geldbedragen, in elk geval enig goed, te weten</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>500 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6] (zaak A),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>1.250 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 7] (zaak B),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>1.250 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 9] (zaak C),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>800 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 10] (zaak E),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>700 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5] (zaak F),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>1.450 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4] (zaak G),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>500 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] (zaak H),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>700 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 11] (zaak I),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>490 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 12] (zaak J),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>1.180 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 14] (zaak L),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>1.000 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 15] (zaak M),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>1.000 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 16] (zaak N),</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>676,75 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 17] (zaak O), en/of</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>1.000 euro, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3] (zaak P), althans enig geldbedrag dat in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of dat/die weg te nemen geldbedrag(en) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel, door meermalen, althans eenmaal gebruik te maken van onrechtmatig verkregen bankpas(sen), creditcard(s) en/of pincode(s), althans door onbevoegd gebruik te maken van voornoemde bankpas(sen), creditcard(s) en/of pincode(s) T.a.v. feit 3: hij, in of omstreeks de periode van 11 augustus 2023 tot en met 20 september 2023 in de gemeente Panningen, Geldrop en/of Boxmeer, in ieder geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, meermalen althans eenmaal een of meerdere betaalpassen, sieraden, contante geldbedragen, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 10] (zaak E), [slachtoffer 11] (zaak I) en/of [slachtoffer 13] (zaak K), in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (namelijk) door (telkens):</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>telefonisch contact op te nemen met voornoemde aangevers en zich daarbij voor te doen als (een medewerker van) de Rabobank en/of de ABN Amro en/of ING Bank, althans een medewerker van de bank, en/of een medewerker van de politie, waardoor die aangevers werden bewogen tot het klaarleggen van hun bankpas(sen), creditcard(s), sieraden, contante geldbedragen en/of het aanwijzen waar genoemde goederen lagen en/of</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">-</span>naar de woning van voornoemde aangevers te gaan en (vervolgens) die bankpas(sen), creditcard(s), sieraden, contant( e) geldbedrag(en), toebehorende aan die aangevers te pakken en met deze goederen te vertrekken.</div>\n<p class=\"lf-p\">Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal Voorgeleidingsdossier tevens einddossier Devonrex van politie Eenheid Limburg, proces-verbaalnummer LB1R023113-55, gesloten op 15 oktober 2024, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 669.</p></div>", "next": 0}