{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">omtrent het verblijfsrecht van de aanstaande echtgenoot die niet de Nederlandse nationaliteit bezit; j. de naam van de gemeente in Nederland waar het huwelijk zal worden voltrokken.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Wanneer de aanstaande echtgenoten, van wie ten minste één de Nederlandse nationaliteit bezit, buiten Nederland hun woonplaats hebben, kunnen zij zich ten behoeve van hun voornemen om in het huwelijk te treden uitsluitend tot de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage wenden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 45</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien de geboortegegevens van een aanstaande echtgenoot niet kunnen worden geverifieerd en deze niet in staat is om een geboorteakte over te leggen, kan de betrokkene jegens de ambtenaar van de burgerlijke stand ten overstaan van wie het huwelijk zal worden voltrokken een beëdigde verklaring afleggen inhoudende: het geslacht, de plaats, het land en, zo nauwkeurig mogelijk, de datum van geboorte alsmede de persoonsgegevens van de ouders.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 In de huwelijksakte wordt van de afgelegde verklaring melding gemaakt.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 45a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Indien de gegevens betreffende overlijden als bedoeld in artikel 44, eerste lid, onder c , niet kunnen worden geverifieerd en de aanstaande echtgenoten niet in staat zijn om de akte of akten van overlijden over te leggen, kunnen zij ter zake een beëdigde verklaring afleggen jegens de ambtenaar van de burgerlijke stand ten overstaan van wie het huwelijk zal worden voltrokken. Deze maakt daarvan melding in de huwelijksakte.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 46</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Wanneer het huwelijk binnen een jaar, te rekenen vanaf de datum waarop het voornemen daartoe is kenbaar gemaakt, niet is voltrokken, mag het niet worden voltrokken dan nadat het voornemen daartoe opnieuw kenbaar is gemaakt.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 47</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 05-12-2015]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 48</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Indien hij die wil hertrouwen het gezag heeft over kinderen uit een vorig huwelijk, geeft de ambtenaar van de burgerlijke stand van dit voornemen onverwijld kennis aan de rechtbank van de woonplaats van de bedoelde ouder.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 49</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Trouwbeloften geven geen rechtsvordering tot het aangaan van een huwelijk, noch tot schadevergoeding wegens de niet-vervulling van de beloften; alle afwijkende bedingen zijn nietig.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Indien het voornemen tot het aangaan van een huwelijk aan een ambtenaar van de burgerlijke stand kenbaar is gemaakt, kan dit grond opleveren tot een vordering tot vergoeding der werkelijke vermogensverliezen, zonder dat daarbij enige winstderving in aanmerking komt. De vordering vervalt door verloop van achttien maanden, te rekenen vanaf de datum waarop het voornemen kenbaar is gemaakt.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 49a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien een Nederlander buiten Nederland een huwelijk wenst aan te gaan, wordt op zijn verzoek aan hem een verklaring van huwelijksbevoegdheid overeenkomstig de bijlage van de Overeenkomst van München van 5 september 1980 (Trb. 1981, 71, en 1982, 116) afgegeven.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Deze verklaring wordt afgegeven: a. aan degene die binnen Nederland woonplaats heeft, door de ambtenaar van de burgerlijke stand van zijn woonplaats; b. aan degene die binnen Nederland geen woonplaats heeft, maar wel heeft gehad, door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de laatste woonplaats aldaar; c. aan degene die binnen Nederland geen woonplaats heeft of heeft gehad, door het hoofd van de diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van het Koninkrijk der Nederlanden in het ressort waar het huwelijk wordt voltrokken.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 De verklaring wordt door de bevoegde autoriteit niet afgegeven alvorens deze, door verificatie van de gegevens, vermeld in artikel 44, eerste lid, onder a, b, c, d en f , en zo nodig van die, vermeld in de artikelen 45 en 45a , alsmede in artikel 27b , zich ervan heeft overtuigd dat naar Nederlands recht geen beletselen tegen het huwelijk bestaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 De verklaring van huwelijksbevoegdheid is, te rekenen van het tijdstip van afgifte, gedurende zes maanden geldig.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 3. Stuiting van het huwelijk</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 50</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een huwelijk kan worden gestuit, wanneer partijen niet de vereisten in zich verenigen om een huwelijk aan te gaan, of wanneer partijen niet beiden hun vrije toestemming tot het huwelijk zullen geven dan wel wanneer het oogmerk van de aanstaande echtgenoten, of één hunner, niet is gericht op de vervulling van de door de wet aan de huwelijkse staat verbonden plichten, doch op het verkrijgen van toelating tot Nederland.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 51</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Bevoegd tot stuiting, wanneer partijen niet de vereisten in zich verenigen om een huwelijk aan te gaan, zijn bloedverwanten in de rechte lijn, broeders, zusters en curatoren van een der aanstaande echtgenoten.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De in het vorige lid genoemde personen zijn ook bevoegd een huwelijk te stuiten, wanneer de andere aanstaande echtgenoot onder curatele staat, en het huwelijk klaarblijkelijk het ongeluk zou veroorzaken van de partij, waarvan zij bloedverwant of curator zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 52</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Hij die met een der partijen door huwelijk verbonden is dan wel met een der partijen een geregistreerd partnerschap is aangegaan, kan op grond van het bestaan van dat huwelijk of dat geregistreerd partnerschap een nieuw aan te gaan huwelijk stuiten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 53</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Het openbaar ministerie is verplicht een voorgenomen huwelijk te stuiten, indien het met een der in de artikelen 31 tot en met 33 , 41 en 42 omschreven huwelijksbeletselen bekend is.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Het openbaar ministerie is bevoegd het huwelijk als schijnhandeling wegens strijd met de Nederlandse openbare orde te stuiten indien het oogmerk van de aanstaande echtgenoten, of één hunner, niet is gericht op de vervulling van de door de wet aan de huwelijkse staat verbonden plichten, doch op het verkrijgen van toelating tot Nederland.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Het openbaar ministerie is voorts bevoegd het huwelijk te stuiten indien genoegzaam is gebleken dat de aanstaande echtgenoten, of één hunner, het huwelijk onder invloed van dwang zullen aangaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 Voor de uitoefening van de in de leden 2 en 3 bedoelde bevoegdheid door het openbaar ministerie is voorafgaande machtiging van de rechtbank vereist.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 54</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De stuiting geschiedt door betekening van een akte aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar het huwelijk zal worden voltrokken.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De akte houdt de keus van een woonplaats in die gemeente en de gronden van de stuiting in en vermeldt de hoedanigheid die aan de opposant de bevoegdheid geeft om het huwelijk te stuiten; alles op straffe van nietigheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 De opposant zal afschrift der akte van stuiting onverwijld doen betekenen aan de partij, tegen welke de stuiting is gericht.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 55</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een stuiting kan worden opgeheven: a. op dezelfde wijze als waarop zij is geschied; b. door een verklaring, in persoon afgelegd ten overstaan van de ambtenaar van de burgerlijke stand, genoemd in het vorige artikel; c. door een verklaring, afgelegd ten overstaan van een notaris; d. door een in kracht van gewijsde gegane beschikking, gegeven op verzoek van een belanghebbende.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 56</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Het huwelijk mag niet worden voltrokken, voordat de stuiting is opgeheven. Mocht het desniettemin voltrokken zijn hangende een geding tot opheffing van de stuiting, dan kan dit geding op verlangen van de opposant worden voortgezet en wordt het huwelijk nietig verklaard, indien de rechter de gegrondheid der stuiting aanvaardt.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 57</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een ambtenaar van de burgerlijke stand aan wie het bestaan van een der in de artikelen 31 tot en met 33 , 41 , 41a en 42 omschreven huwelijksbeletselen bekend is, mag geen medewerking verlenen aan een huwelijksvoltrekking of aan de vervulling van daaraan voorafgaande formaliteiten, ook al zou geen stuiting hebben plaatsgehad.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 4. De voltrekking van het huwelijk</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 58</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De ambtenaar van de burgerlijke stand verifieert, alvorens tot de voltrekking van het huwelijk over te gaan, opnieuw de rechtmatigheid van het verblijf in Nederland van de aanstaande echtgenoot die niet de Nederlandse nationaliteit bezit.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Is de ambtenaar van de burgerlijke stand, in het geval geen rechtmatig verblijf bestaat op grond van artikel 8, onder b, d of e van de Vreemdelingenwet 2000 , van oordeel dat het oogmerk van de aanstaande echtgenoten, of één hunner, niet is gericht op de vervulling van de door de wet aan de huwelijkse staat verbonden plichten, maar op het verkrijgen van toelating tot Nederland, dan weigert hij de huwelijksakte op te maken overeenkomstig artikel 18c, tweede lid .</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 59</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-11-1994]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 60</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-11-1994]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 61</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-04-1995]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 62</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Het huwelijk mag niet worden voltrokken vóór de veertiende dag na de datum waarop het voornemen om in het huwelijk te treden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand kenbaar is gemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Het openbaar ministerie bij de rechtbank, binnen wier rechtsgebied de het voornemen om in het huwelijk te treden kenbaar is gemaakt, is bevoegd uit hoofde van gewichtige redenen vrijstelling te verlenen van de voorgeschreven wachttijd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 63</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een huwelijk wordt in het openbaar in het gemeentehuis voltrokken ten overstaan van de ambtenaar van de burgerlijke stand van de door de aanstaande echtgenoten aangewezen gemeente in tegenwoordigheid van ten minste twee en ten hoogste vier meerderjarige getuigen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 In het geval dat de melding van een voornemen om in het huwelijk te treden op elektronische wijze heeft plaatsgevonden, dienen de aanstaande echtgenoten uiterlijk ter gelegenheid van de huwelijksvoltrekking hun identiteit aan te tonen door overlegging van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht .</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 64</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Indien een der partijen uit hoofde van een behoorlijk bewezen wettig beletsel verhinderd wordt zich naar het gemeentehuis te begeven, kan het huwelijk worden voltrokken in een bijzonder huis binnen dezelfde gemeente, mits dit in tegenwoordigheid van zes meerderjarige getuigen geschiedt.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 65</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De aanstaande echtgenoten zijn verplicht bij de voltrekking van hun huwelijk in persoon voor de ambtenaar van de burgerlijke stand te verschijnen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 66</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Het staat Onze Minister van Justitie vrij, uit hoofde van gewichtige redenen aan partijen te vergunnen het huwelijk door een bijzondere bij authentieke akte gevolmachtigde te voltrekken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 67</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De aanstaande echtgenoten moeten ten overstaan van de ambtenaar van de burgerlijke stand en in tegenwoordigheid van de getuigen verklaren, dat zij elkander aannemen tot echtgenoten en dat zij getrouw alle plichten zullen vervullen, die door de wet aan de huwelijkse staat worden verbonden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Terstond nadat deze verklaring is afgelegd, verklaart de ambtenaar van de burgerlijke stand, dat partijen door de echt aan elkander zijn verbonden, en maakt hij daarvan in het daartoe bestemde register een akte op.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 68</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Geen godsdienstige plechtigheden zullen mogen plaats hebben, voordat de partijen aan de bedienaar van de eredienst zullen hebben doen blijken, dat het huwelijk ten overstaan van de ambtenaar van de burgerlijke stand is voltrokken.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Een partij bij een religieuze of levensbeschouwelijke verbintenis is gehouden tot het verlenen van medewerking aan het teniet doen gaan van die verbintenis indien een andere partij daarom verzoekt, tenzij dit gelet op zwaarwegende belangen in redelijkheid niet kan worden gevergd.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 5. Nietigverklaring van een huwelijk</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 69</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Voor zover hieronder niet anders is bepaald, kan op grond dat de echtgenoten niet de vereisten in zich verenigden om tezamen een huwelijk aan te gaan, de nietigverklaring van het huwelijk worden verzocht door: a. de bloedverwanten in de rechte lijn van een der echtgenoten; b. ieder der echtgenoten; c. alle overige personen, die daarbij een onmiddellijk rechtsbelang hebben, echter deze alleen na de ontbinding van het huwelijk; d. het openbaar ministerie, echter alleen zolang het huwelijk niet is ontbonden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Hij die met een der echtgenoten nog door een vroeger huwelijk dan wel door een eerder geregistreerd partnerschap is verbonden, is eveneens bevoegd op grond van het bestaan van dat huwelijk of die registratie de nietigverklaring van het daarna gesloten huwelijk te verzoeken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 70</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Op verzoek van de ouders, de echtgenoten en het openbaar ministerie kan een huwelijk worden nietig verklaard, wanneer het ten overstaan van een niet bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand of niet in tegenwoordigheid van het vereiste aantal getuigen is voltrokken.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De bevoegdheid van een echtgenoot om uit dien hoofde de nietigverklaring van het huwelijk te verzoeken vervalt, indien er uiterlijk bezit van de huwelijkse staat en een akte van huwelijksvoltrekking ten overstaan van een ambtenaar van de burgerlijke stand verleden, aanwezig zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 71</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een echtgenoot kan de nietigverklaring van zijn huwelijk verzoeken, wanneer hij dit onder invloed van dwang heeft gesloten. Tevens is het openbaar ministerie, na de echtgenoten in de gelegenheid te hebben gesteld hun mening omtrent de wenselijkheid van het indienen van het verzoek tot nietigverklaring kenbaar te maken, althans na deze daartoe behoorlijk te hebben opgeroepen, bevoegd tot het doen van het verzoek.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Voorts kan de echtgenoot, die bij de huwelijksvoltrekking gedwaald heeft hetzij in de persoon van de andere echtgenoot, hetzij omtrent de betekenis van de door hem afgelegde verklaring de nietigverklaring van zijn huwelijk verzoeken.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 De bevoegdheid de nietigverklaring wegens dwaling te verzoeken vervalt, wanneer de echtgenoten zes maanden hebben samengewoond sedert de ontdekking van de dwaling zonder dat het verzoek is gedaan. De bevoegdheid de nietigverklaring wegens dwang te verzoeken vervalt, wanneer de echtgenoten drie jaar hebben samengewoond zonder dwang gericht op instandhouding van het huwelijk, zonder dat het verzoek is gedaan.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 71a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Op verzoek van het openbaar ministerie kan een huwelijk als schijnhandeling wegens strijd met de Nederlandse openbare orde worden nietig verklaard indien het oogmerk van de echtgenoten, of één hunner, niet was gericht op de vervulling van de door de wet aan de huwelijkse staat verbonden plichten, doch op het verkrijgen van toelating tot Nederland.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 72</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een huwelijk kan niet nietig worden verklaard uit hoofde dat op het tijdstip van de huwelijksvoltrekking een der echtgenoten onder curatele stond, en het huwelijk klaarblijkelijk het ongeluk van de andere echtgenoot zou veroorzaken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 73</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De nietigverklaring van een huwelijk uit hoofde van een geestelijke stoornis kan na het ophouden van de stoornis alleen worden verzocht door de echtgenoot die geestelijk gestoord was. Het verzoek vervalt door een samenwoning van ten minste zes maanden na het ophouden van de stoornis.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 74</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De nietigverklaring van een huwelijk, dat aangegaan is door iemand die de vereiste leeftijd miste, kan niet worden verzocht wanneer deze op de dag van het verzoek de vereiste ouderdom heeft.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 75</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Wegens het ontbreken van een vereiste toestemming van een derde kan de nietigverklaring van het huwelijk alleen door die derde of, in het geval van artikel 38 van dit boek , door de curator worden verzocht. Dit verzoek vervalt, wanneer hij die bevoegd is de nietigverklaring te verzoeken, het huwelijk uitdrukkelijk of stilzwijgend heeft goedgekeurd, of wanneer drie maanden verlopen zijn nadat hij met de huwelijksvoltrekking bekend is geworden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Hij die bevoegd is de nietigverklaring te verzoeken, wordt vermoed met het huwelijk bekend te zijn geworden, wanneer het hier te lande is voltrokken, of wanneer het, buiten Nederland aangegaan, hier te lande in de registers van de burgerlijke stand is ingeschreven.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 76</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Behoudens het in artikel 56 van dit boek bepaalde, verklaart de rechter een huwelijk alleen nietig op grond van een verzoek overeenkomstig de bepalingen van deze afdeling.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 77</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De nietigverklaring van het huwelijk werkt, zodra de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan; zij werkt terug tot het tijdstip van de huwelijksvoltrekking.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Nochtans mist de beschikking terugwerkende kracht en heeft zij hetzelfde gevolg als een echtscheiding: a. ten aanzien van de kinderen der echtgenoten; b. ten aanzien van de te goeder trouw zijnde echtgenoot; deze kan echter niet op een gemeenschap van goederen aanspraak maken, wanneer het huwelijk wegens het bestaan van een vroeger huwelijk of een eerder geregistreerd partnerschap is nietig verklaard; c. ten aanzien van andere personen dan de echtgenoten en hun kinderen, voor zover zij te goeder trouw vóór de inschrijving der nietigverklaring rechten hebben verkregen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Afdeling 5A. Omzetting van een huwelijk in een geregistreerd partnerschap Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-03-2009]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 77a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-03-2009]</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 6. Bewijs van het bestaan van het huwelijk</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 78</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Het bestaan van een in Nederland gesloten huwelijk kan niet anders worden bewezen dan door de huwelijksakte dan wel door de akte van omzetting, bedoeld in artikel 80g , behoudens in de gevallen bij de volgende artikelen voorzien.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 79</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Heeft het huwelijksregister niet bestaan of is het verloren gegaan of ontbreekt daaraan de huwelijksakte, dan wel de akte van omzetting, bedoeld in artikel 80g , dan kan het huwelijk door getuigen of bescheiden worden bewezen, mits er een uiterlijk bezit van de huwelijkse staat aanwezig is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 80</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Wordt in een geding betwist dat een kind, dat uiterlijk bezit van staat heeft, uit een huwelijk is geboren, dan levert het feit dat de ouders openlijk als man en vrouw hebben geleefd, voldoende bewijs op.</p>\n<p class=\"lf-p\">Titel 5A. Het geregistreerd partnerschap Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 80a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een persoon kan tegelijkertijd slechts met één andere persoon van hetzelfde of andere geslacht een geregistreerd partnerschap aangaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Zij die een geregistreerd partnerschap aangaan, mogen niet tegelijkertijd gehuwd zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Registratie van partnerschap geschiedt bij een akte van registratie van partnerschap opgemaakt door een ambtenaar van de burgerlijke stand.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 Een partnerschapsregistratie kan worden gestuit, indien partijen niet de vereisten in zich verenigen om de registratie aan te gaan, of wanneer partijen niet beiden hun toestemming tot het geregistreerd partnerschap vrijelijk zullen geven, dan wel wanneer het oogmerk van de aanstaande geregistreerde partners, of één hunner, niet is gericht op de vervulling van de door de wet aan de partnerschapsregistratie verbonden plichten, doch op het verkrijgen van toelating tot Nederland. Op een stuiting zijn de artikelen 51 , 52 , 53, tweede tot en met vierde lid , en 54 tot en met 56 van overeenkomstige toepassing. Het openbaar ministerie is verplicht een partnerschapsregistratie te stuiten, indien het met een van de in de artikelen 31 , 32 , 41 en in het eerste en tweede lid van dit artikel omschreven beletselen bekend is. Indien aan de ambtenaar van de burgerlijke stand een van de in de vorige zin genoemde beletselen bekend is, of wanneer partijen niet beiden hun toestemming tot het geregistreerd partnerschap vrijelijk zullen geven, mag hij niet meewerken aan een registratie of daaraan voorafgaande formaliteiten verrichten, ook al zou geen stuiting hebben plaatsgehad.</p>\n<p class=\"lf-p\">5 Ter zake van de partnerschapsregistratie zijn de artikelen 31 , 32 , 37 tot en met 39 , 41 , 41a , 44 tot en met 49 , 58 en 62 tot en met 66 van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">6 Op de nietigverklaring van een partnerschapsregistratie zijn van overeenkomstige toepassing de artikelen 69 tot en met 77 .</p>\n<p class=\"lf-p\">7 Op het bewijs van het bestaan van de partnerschapsregistratie zijn de artikelen 78 , 79 en 80 van overeenkomstige toepassing.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 80b</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Op een geregistreerd partnerschap zijn de titels 6 , 7 en 8 van overeenkomstige toepassing met uitzondering van het omtrent scheiding van tafel en bed bepaalde.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 80c</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Het geregistreerd partnerschap eindigt: a. door de dood; b. indien degene ten aanzien van wie, overeenkomstig de bepalingen van de tweede afdeling van de achttiende titel van dit boek de vermissing is vastgesteld, dan wel overeenkomstig de bepalingen van de derde afdeling van de achttiende titel van dit boek het overlijden is vastgesteld, nog in leven is op de dag waarop de achtergebleven geregistreerde partner een nieuw geregistreerd partnerschap of huwelijk is aangegaan: door de voltrekking van dit geregistreerd partnerschap of huwelijk; c. met wederzijds goedvinden door inschrijving door de ambtenaar van de burgerlijke stand van een door beide partners en een of meer advocaten of notarissen ondertekende en gedateerde verklaring waaruit blijkt dat en op welk tijdstip de partners omtrent de beëindiging van het geregistreerd partnerschap een overeenkomst hebben gesloten. d. door ontbinding op verzoek van de partners of een van hen; e. door omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Tot inschrijving van verklaringen als bedoeld in het eerste lid, onder c, is de ambtenaar van de burgerlijke stand steeds bevoegd indien het geregistreerd partnerschap in Nederland is aangegaan. Indien het partnerschap buiten Nederland is aangegaan, is de ambtenaar van de burgerlijke stand tot inschrijving van verklaringen als bedoeld in het eerste lid, onder c, bevoegd indien voldaan is aan de voorwaarden van artikel 4, vierde lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering voor de bevoegdheid van de rechter in geval van de ontbinding van het geregistreerd partnerschap.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Een geregistreerd partnerschap kan niet met wederzijds goedvinden als bedoeld in het eerste lid, onder c, worden beëindigd indien de partners: a. al dan niet gezamenlijk het gezag uitoefenen over een of meer van hun gezamenlijke kinderen; b. ingevolge artikel 253sa of 253t het gezag gezamenlijk uitoefenen over een of meer kinderen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 80d</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De in artikel 80c, eerste lid, onder c , bedoelde overeenkomst betreft ten minste de verklaring van beide partners dat hun geregistreerd partnerschap duurzaam ontwricht is en dat zij het willen beëindigen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voorts betreft de overeenkomst, evenwel niet op straffe van nietigheid: a. de uitkering tot levensonderhoud ten behoeve van de geregistreerde partner die niet voldoende inkomsten tot zijn levensonderhoud heeft, noch zich in redelijkheid kan verwerven; b. wie van de geregistreerde partners huurder van de woonruimte die hun tot hoofdverblijf dient, zal zijn of wie van de geregistreerde partners gedurende een bij de overeenkomst te bepalen termijn het gebruik zal hebben van de woning en de inboedel die een van hen of hun beiden toebehoren dan wel ten gebruike toekomen; c. de verdeling van enige gemeenschap waarin de partners de registratie zijn aangegaan dan wel de verrekening die bij voorwaarden als bedoeld in titel 8 is overeengekomen; d. de verevening of verrekening van pensioenrechten.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Op een beëindiging van het geregistreerd partnerschap met wederzijds goedvinden zijn de artikelen 155 , 157, eerste tot en met zesde lid , 158 , 159, eerste en derde lid , 159a , 160 en 164 van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 De verklaring, bedoeld in artikel 80c, eerste lid, onder c , wordt slechts ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, indien zij de ambtenaar van de burgerlijke stand uiterlijk drie maanden na het sluiten van de overeenkomst heeft bereikt.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 80e</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Op een ontbinding van een geregistreerd partnerschap als bedoeld in artikel 80c, eerste lid, onder d , zijn de artikelen 151 , 153 tot en met 160 , 164 en 165 van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De ontbinding komt tot stand door inschrijving van een rechterlijke uitspraak op verzoek van partijen of van één van hen in de registers van de burgerlijke stand. Artikel 163, derde lid , is van overeenkomstige toepassing.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 80f</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Indien de partijen wier geregistreerd partnerschap is beëindigd, opnieuw een geregistreerd partnerschap met elkaar aangaan dan wel met elkaar in het huwelijk treden, worden alle gevolgen van het geregistreerd partnerschap geacht steeds te hebben bestaan alsof er geen beëindiging heeft plaats gehad. Nochtans wordt de geldigheid van rechtshandelingen die tussen de inschrijving van de beëindiging en de nieuwe registratie of het huwelijk zijn verricht, beoordeeld naar het tijdstip van de handeling.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 80g</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien twee personen aan de ambtenaar van de burgerlijke stand kenbaar maken dat zij het geregistreerd partnerschap dat zij zijn aangegaan, omgezet wensen te zien in een huwelijk, kan de ambtenaar van de burgerlijke stand ter zake een akte van omzetting opmaken. Indien de geregistreerde partners van wie ten minste één de Nederlandse nationaliteit bezit, buiten Nederland woonplaats hebben en in Nederland hun geregistreerd partnerschap in een huwelijk willen omzetten, geschiedt de omzetting bij de ambtenaar van de burgerlijke stand te 's-Gravenhage.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De artikelen 65 en 66 zijn van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Een omzetting doet het geregistreerd partnerschap eindigen en het huwelijk aanvangen op het tijdstip dat de akte van omzetting in het register van huwelijken is opgemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omzetting brengt geen wijziging in de al dan niet bestaande familierechtelijke betrekkingen met kinderen die voor de omzetting zijn geboren.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Titel 6. Rechten en verplichtingen van echtgenoten</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 81</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Echtgenoten zijn elkander getrouwheid, hulp en bijstand verschuldigd. Zij zijn verplicht elkander het nodige te verschaffen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 82</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Echtgenoten zijn jegens elkaar verplicht de tot het gezin behorende minderjarige kinderen te verzorgen en op te voeden en de kosten van die verzorging en opvoeding te dragen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 83</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Echtgenoten verschaffen elkaar desgevraagd inlichtingen over het door hen gevoerde bestuur alsmede over de stand van hun goederen en schulden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 84</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De kosten der huishouding, daaronder begrepen de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen, komen ten laste van het gemene inkomen van de echtgenoten en, voor zover dit ontoereikend is, ten laste van hun eigen inkomens in evenredigheid daarvan; voor zover de inkomens ontoereikend zijn, komen deze kosten ten laste van het gemene vermogen en, voor zover ook dit ontoereikend is, ten laste van de eigen vermogens naar evenredigheid daarvan. Een en ander geldt niet voor zover bijzondere omstandigheden zich er tegen verzetten.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De echtgenoten zijn jegens elkaar verplicht dienovereenkomstig tot de bestrijding van de in het eerste lid bedoelde uitgaven voldoende gelden ter beschikking te stellen uit de onder hun bestuur staande goederen, voor zover bijzondere omstandigheden zich daartegen niet verzetten.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Bij schriftelijke overeenkomst kan een van het eerste en tweede lid afwijkende regeling worden getroffen.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 Geschillen tussen de echtgenoten omtrent de toepassing van het eerste tot en met derde lid worden door de rechtbank op verzoek van beiden of een van hen beslist.</p>\n<p class=\"lf-p\">5 Op verzoek van beide of van een van de echtgenoten kan de rechtbank een gegeven beschikking of een onderling getroffen regeling wijzigen op grond van veranderde omstandigheden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 85</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De ene echtgenoot is naast de andere voor het geheel aansprakelijk voor de door deze ten behoeve van de gewone gang van de huishouding aangegane verbintenissen, met inbegrip van die welke voortvloeien uit de door hem als werkgever ten behoeve van de huishouding aangegane arbeidsovereenkomsten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 86</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De rechtbank kan, wanneer daartoe gegronde redenen bestaan, op verzoek van een echtgenoot bepalen dat deze niet aansprakelijk zal zijn voor de door de andere echtgenoot in het vervolg aangegane verbintenissen als bedoeld in het vorige artikel.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Een overeenkomstig dit artikel gegeven rechterlijke beschikking kan bij veranderde omstandigheden op gelijke wijze als zij is tot stand gekomen, worden gewijzigd of opgeheven.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 De beschikking kan aan derden die van haar bestaan onkundig waren, slechts worden tegengeworpen, indien zij ingeschreven was in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116 van dit boek , en na de inschrijving veertien dagen waren verlopen.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 In de beschikking kan worden bepaald dat zij bovendien moet worden bekend gemaakt in een of meer door de rechter aangewezen dagbladen. In dat geval werkt de beschikking ten nadele van derden die daarvan onkundig waren, ook niet vóór deze bekendmaking.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 87</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien een echtgenoot ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot een goed dat tot zijn eigen vermogen zal behoren, verkrijgt of indien ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot een schuld ter zake van een tot zijn eigen vermogen behorend goed wordt voldaan of afgelost, ontstaat voor de eerstgenoemde echtgenoot een plicht tot vergoeding.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De vergoeding beloopt een gedeelte van de waarde van het goed op het tijdstip waarop de vergoeding wordt voldaan. Dit gedeelte: a. is in het geval van een verkrijging ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot evenredig aan het uit diens vermogen afkomstige aandeel in de tegenprestatie voor het goed; b. komt in het geval van een voldoening of aflossing ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot overeen met de verhouding tussen het uit diens vermogen voldane of afgeloste bedrag ten opzichte van de waarde van het goed op het tijdstip van die voldoening of aflossing.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Ten aanzien van de vergoeding gelden voorts de volgende regels: a. tenzij de echtgenoot het vermogen van de andere echtgenoot met diens toestemming heeft aangewend op de wijze als bedoeld in het eerste lid, beloopt de vergoeding ten minste het nominale bedrag dat ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot is gekomen; b. ter zake van goederen die naar hun aard bestemd zijn om te worden verbruikt, beloopt de vergoeding steeds het nominale bedrag dat ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot is gekomen; c. ter zake van goederen die inmiddels zijn vervreemd zonder dat daarvoor andere goederen in de plaats zijn gekomen, wordt in plaats van de waarde, bedoeld in de aanhef van het tweede lid, uitgegaan van de waarde ten tijde van de vervreemding. Met een vervreemding wordt gelijkgesteld het onherroepelijk worden van een begunstiging bij een sommenverzekering of een andere begunstiging bij een beding ten behoeve van een derde.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 Echtgenoten kunnen bij overeenkomst afwijken van het eerste lid tot en met het derde lid. Geen vergoeding is verschuldigd voor zover door de verkrijging, voldoening of aflossing ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot wordt voldaan aan een op die echtgenoot rustende verbintenis.</p>\n<p class=\"lf-p\">5 Kan de vergoeding overeenkomstig het eerste tot en met het vierde lid niet nauwkeurig worden vastgesteld, dan wordt zij geschat.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 88</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een echtgenoot behoeft de toestemming van de andere echtgenoot voor de volgende rechtshandelingen: a. overeenkomsten strekkende tot vervreemding, bezwaring of ingebruikgeving en rechtshandelingen strekkende tot beëindiging van het gebruik van een door de echtgenoten tezamen of door de andere echtgenoot alleen bewoonde woning of van zaken die bij een zodanige woning of tot de inboedel daarvan behoren; b. giften, met uitzondering van de gebruikelijke, niet bovenmatige; c. overeenkomsten die ertoe strekken dat hij, anders dan in de normale uitoefening van zijn beroep of bedrijf, zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt, of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van de derde verbindt; d. overeenkomsten van goederenkrediet als bedoeld in artikel 84 van Boek 7 , behalve indien zij zaken betreffen die kennelijk uitsluitend of hoofdzakelijk ten behoeve van de normale uitoefening van zijn beroep of bedrijf strekken.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De echtgenoot behoeft de toestemming niet, indien hij tot het verrichten der rechtshandeling is verplicht op grond van de wet of op grond van een voorafgaande rechtshandeling waarvoor die toestemming is verleend of niet was vereist.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 De toestemming moet schriftelijk of langs elektronische weg worden verleend, indien de wet voor het verrichten van de rechtshandeling een vorm voorschrijft.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 In afwijking van lid 1, onder b, is geen toestemming vereist voor giften welke de strekking hebben dat zij pas zullen worden uitgevoerd na het overlijden van degene die de gift doet, en niet reeds tijdens diens leven worden uitgevoerd. Bestaat de gift in de aanwijzing van een begunstigde bij een sommenverzekering die tijdens het leven van de verzekeringnemer is aanvaard of kan worden aanvaard, dan is daarvoor wel toestemming vereist.</p>\n<p class=\"lf-p\">5 Toestemming voor een rechtshandeling als bedoeld in lid 1 onder c , is niet vereist, indien zij wordt verricht door een bestuurder van een naamloze vennootschap of van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, die daarvan alleen of met zijn medebestuurders de meerderheid der aandelen houdt en mits zij geschiedt ten behoeve van de normale uitoefening van het bedrijf van die vennootschap.</p>\n<p class=\"lf-p\">6 Indien de andere echtgenoot door afwezigheid of een andere oorzaak in de onmogelijkheid verkeert zijn wil te verklaren of zijn toestemming niet verleent, kan de beslissing van de rechtbank worden ingeroepen.</p>\n<p class=\"lf-p\">7 Dit artikel is van toepassing ongeacht het recht dat van toepassing is op het huwelijksvermogensstelsel van de echtgenoten, indien de andere echtgenoot zijn gewone verblijfplaats heeft in Nederland ten tijde van het verrichten van een rechtshandeling, bedoeld in het eerste lid.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 89</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een rechtshandeling die een echtgenoot in strijd met het vorige artikel heeft verricht, is vernietigbaar; slechts de andere echtgenoot kan een beroep op de vernietigingsgrond doen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Het vorige lid geldt niet voor een andere handeling dan een gift, indien de wederpartij te goeder trouw was.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Het einde van het huwelijk en scheiding van tafel en bed hebben geen invloed op de bevoegdheid om ter vernietiging van een rechtshandeling van een echtgenoot een beroep op de vernietigingsgrond te doen, die voordien was ontstaan. Indien de andere echtgenoot dientengevolge schuldenaar uit die rechtshandeling wordt, geldt artikel 51 lid 3 van Boek 3 voor hem slechts, zolang de termijn van artikel 52 lid 1 van Boek 3 niet is verstreken.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 De verklaring of rechtsvordering tot vernietiging behoeft in afwijking van de artikelen 50 lid 1 en 51 lid 2 van Boek 3 niet mede te worden gericht tot de echtgenoot die de handeling heeft verricht.</p>\n<p class=\"lf-p\">5 De echtgenoot die een beroep op de vernietigingsgrond heeft gedaan, kan tevens alle uit de nietigheid voortvloeiende rechtsvorderingen instellen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 90</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een echtgenoot is bevoegd tot het bestuur van zijn eigen goederen en, volgens de regels van artikel 97 , tot het bestuur van goederen van een gemeenschap.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Het bestuur van een echtgenoot over een goed omvat de uitoefening van de daaraan verbonden bevoegdheden, daaronder begrepen de bevoegdheid tot beschikking en tot beheer en de bevoegdheid om ten aanzien van dat goed feitelijke handelingen te verrichten en toe te laten, onverminderd de bevoegdheden tot genot en gebruik die de andere echtgenoot overeenkomstig de huwelijksverhouding toekomen.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Tussen de echtgenoot die het hem toekomend bestuur overlaat aan de andere echtgenoot, en deze laatste zijn de bepalingen omtrent opdracht van overeenkomstige toepassing, met inachtneming van de aard van de huwelijksverhouding en de aard der goederen.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 De echtgenoot die een goed bestuurt, kan als partij naast de andere echtgenoot toetreden tot een rechtshandeling die deze laatste met betrekking tot dat goed heeft verricht.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verklaring van toetreding wordt gericht tot hen die partij bij de rechtshandeling zijn; artikel 56 van Boek 3 is van overeenkomstige toepassing. Is voor het verrichten van de rechtshandeling een bepaalde vorm voorgeschreven, dan geldt voor de toetreding hetzelfde vereiste.</p>\n<p class=\"lf-p\">De echtgenoot kan toetreding tot bijkomstige en tot reeds opeisbare rechten en verplichtingen uitsluiten; hij wordt geacht zich slechts te hebben verbonden onder eerbiediging van tevoren aan derden verleende rechten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 91</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien een echtgenoot door afwezigheid of een andere oorzaak in de onmogelijkheid verkeert zijn goederen of de goederen der gemeenschap te besturen, of in ernstige mate tekortschiet in het bestuur van de goederen der gemeenschap, kan de rechtbank op verzoek van de andere echtgenoot aan deze het bestuur over die goederen of een deel daarvan met uitsluiting van de eerstgenoemde echtgenoot opdragen. De rechter kan bij de opdracht nadere regelen stellen omtrent het bestuur en de vertegenwoordiging in de zin van lid 4.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De artikelen 86 leden 2-4 en 90 lid 3 zijn van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 De rechter gelast de oproeping van beide echtgenoten en, zo de in lid 1 eerstgenoemde echtgenoot een vertegenwoordiger heeft aangesteld, ook deze.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 De echtgenoot aan wie het bestuur over goederen wordt opgedragen, is bevoegd tot vertegenwoordiging van de echtgenoot aan wie het wordt onttrokken, bij andere dan bestuurshandelingen met betrekking tot die goederen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 92</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Is aan een derde niet kenbaar wie van de echtgenoten bevoegd is tot het bestuur over een roerende zaak die geen registergoed is, of een recht aan toonder, dan mag hij de echtgenoot die de zaak of het papier aan toonder onder zich heeft, bevoegd achten.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De echtgenoot die ten gevolge van een rechtshandeling van de andere echtgenoot door een derde te goeder trouw in het bestuur van een goed is gestoord, verliest het recht tot beëindiging van de stoornis, indien hij zich tegen de stoornis niet heeft verzet binnen een redelijke termijn nadat zij te zijner kennis is gekomen. De bevoegdheid van de echtgenoot tot beëindiging van de stoornis vervalt eveneens indien de derde hem een redelijke termijn heeft gesteld ter uitoefening van die bevoegdheid en hij daarvan geen gebruik heeft gemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Aan een derde kan niet worden tegengeworpen dat een vordering tot vergoeding welke tijdens het huwelijk is ontstaan wegens vermogensverschuiving tussen de echtgenoten onderling of tussen een der echtgenoten en een tussen hen bestaande gemeenschap, niet opeisbaar is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 92a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Deze titel is niet van toepassing op van tafel en bed gescheiden echtgenoten.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Titel 7. De wettelijke gemeenschap van goederen</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 1. Algemene bepalingen</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 93</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Bij huwelijkse voorwaarden kan uitdrukkelijk of door de aard der bedingen worden afgeweken van bepalingen van deze titel, behalve voor zover bepalingen zich uitdrukkelijk of naar hun aard tegen afwijking verzetten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 94</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Van het ogenblik van de voltrekking van het huwelijk bestaat tussen de echtgenoten van rechtswege een gemeenschap van goederen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De gemeenschap omvat, wat haar baten betreft, alle goederen die reeds vóór de aanvang van de gemeenschap aan de echtgenoten gezamenlijk toebehoorden, en alle overige goederen van de echtgenoten, door ieder van hen afzonderlijk of door hen tezamen vanaf de aanvang van de gemeenschap tot haar ontbinding verkregen, met uitzondering van: a. krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift verkregen goederen; b. pensioenrechten waarop de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding van toepassing is, alsmede met die pensioenrechten verband houdende rechten op nabestaandenpensioen; c. rechten op het vestigen van vruchtgebruik als bedoeld in de artikelen 29 en 30 van Boek 4 , vruchtgebruik dat op grond van die bepalingen is gevestigd, alsmede hetgeen wordt verkregen ingevolge de artikelen 34 , 35 , 36 , 38 , 63 tot en met 92 en 126, eerste lid en tweede lid, onderdelen a en c, van Boek 4 .</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Het tweede lid, aanhef en onderdeel a, is niet van toepassing op: a. giften van tot de gemeenschap behorende goederen aan de andere echtgenoot; b. goederen, alsmede de vruchten van die goederen, ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking of bij de gift is bepaald dat zij in de gemeenschap vallen.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 Goederen, alsmede de vruchten van die goederen, ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking of bij de gift is bepaald dat zij buiten de gemeenschap vallen, blijven buiten de gemeenschap, ook al zijn echtgenoten bij huwelijkse voorwaarden overeengekomen dat krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift verkregen goederen dan wel de vruchten daarvan in de gemeenschap vallen.</p>\n<p class=\"lf-p\">5 Goederen en schulden die aan een van de echtgenoten op enigerlei bijzondere wijze verknocht zijn, vallen slechts in de gemeenschap voor zover die verknochtheid zich hiertegen niet verzet.</p>\n<p class=\"lf-p\">6 Vruchten van goederen die niet in de gemeenschap vallen, vallen evenmin in de gemeenschap.</p>\n<p class=\"lf-p\">Buiten de gemeenschap valt hetgeen wordt geïnd op een vordering die buiten de gemeenschap valt, alsmede een vordering tot vergoeding die in de plaats van een eigen goed van een echtgenoot treedt, waaronder begrepen een vordering ter zake van waardevermindering van zulk een goed.</p>\n<p class=\"lf-p\">7 De gemeenschap omvat, wat haar lasten betreft, alle vóór het bestaan van de gemeenschap ontstane gemeenschappelijke schulden, alle schulden betreffende goederen die reeds vóór de aanvang van de gemeenschap aan de echtgenoten gezamenlijk toebehoorden, en alle tijdens het bestaan van de gemeenschap ontstane schulden van ieder van de echtgenoten, met uitzondering van schulden: a. betreffende van de gemeenschap uitgezonderde goederen; b. die behoren tot een nalatenschap waartoe een echtgenoot is gerechtigd; c. uit door een van de echtgenoten gedane giften, gemaakte bedingen en aangegane omzettingen als bedoeld in artikel 126, eerste lid en tweede lid, onderdelen a en c, van Boek 4 .</p>\n<p class=\"lf-p\">8 Bestaat tussen echtgenoten een geschil aan wie van hen beiden een goed toebehoort en kan geen van beiden zijn recht op dit goed bewijzen, dan wordt dit goed als gemeenschapsgoed aangemerkt. Het vermoeden werkt niet ten nadele van de schuldeisers van de echtgenoten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 95</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een goed dat een echtgenoot anders dan om niet verkrijgt, blijft buiten de gemeenschap indien de tegenprestatie bij de verkrijging van dit goed voor meer dan de helft ten laste komt van zijn eigen vermogen. Voor zover de tegenprestatie ten laste van de gemeenschap komt, is de echtgenoot gehouden tot een vergoeding aan de gemeenschap.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het beloop van de vergoeding wordt bepaald overeenkomstig artikel 87, tweede en derde lid .</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Indien een goed tot de gemeenschap gaat behoren en een echtgenoot bij de verkrijging uit zijn eigen vermogen aan de tegenprestatie heeft bijgedragen, komt deze echtgenoot een vergoedingsvordering toe, waarvan het beloop overeenkomstig artikel 87, tweede en derde lid , wordt bepaald.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 95a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien een onderneming buiten de gemeenschap valt, komt ten bate van de gemeenschap een redelijke vergoeding voor de kennis, vaardigheden en arbeid die een echtgenoot ten behoeve van die onderneming heeft aangewend, voor zover een dergelijke vergoeding niet al op andere wijze ten bate van beide echtgenoten komt of is gekomen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Ook indien een onderneming op naam en voor rekening van een personenvennootschap of een rechtspersoon wordt uitgeoefend, de gerechtigdheid tot die personenvennootschap of die rechtspersoon buiten de gemeenschap valt en de echtgenoot die daartoe is gerechtigd, in overwegende mate bij machte is te bepalen dat de winsten van die onderneming hem rechtstreeks of middellijk ten goede komen, komt ten bate van de gemeenschap een redelijke vergoeding voor de kennis, vaardigheden en arbeid die een echtgenoot ten behoeve van die onderneming heeft aangewend, voor zover een dergelijke vergoeding niet al op andere wijze ten bate van beide echtgenoten komt of is gekomen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 96</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Voor een schuld van een echtgenoot kunnen, ongeacht of deze in de gemeenschap is gevallen, zowel de goederen van de gemeenschap als zijn eigen goederen worden uitgewonnen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Voor een niet in de gemeenschap gevallen schuld van een echtgenoot kunnen de goederen van de gemeenschap niet worden uitgewonnen, indien de andere echtgenoot eigen goederen van eerstgenoemde aanwijst, die voldoende verhaal bieden. Voor een in de gemeenschap gevallen schuld van een echtgenoot kunnen de eigen goederen van deze echtgenoot niet worden uitgewonnen, indien hij goederen van de gemeenschap aanwijst, die voldoende verhaal bieden.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Het verhaal op de goederen van de gemeenschap voor een niet tot de gemeenschap behorende schuld van een echtgenoot is beperkt tot de helft van de opbrengst van het uitgewonnen goed. De andere helft komt de andere echtgenoot toe en valt voortaan buiten de gemeenschap.</p>\n<p class=\"lf-p\">De andere echtgenoot is bevoegd, indien een schuldeiser verhaal op een goed van de gemeenschap zoekt ter zake van een niet tot de gemeenschap behorende schuld, het goed waarop de schuldeiser verhaal zoekt, over te nemen tegen betaling van de helft van de waarde van dat goed uit zijn eigen vermogen. Vanaf het tijdstip van de overneming is dit een eigen goed van deze echtgenoot, dat niet in de gemeenschap valt.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 De echtgenoot uit wiens eigen goederen een schuld van de gemeenschap is voldaan, heeft deswege recht op vergoeding uit de goederen van de gemeenschap. Betreft het een schuld ter zake van een tot de gemeenschap behorend goed, dan wordt het beloop van de vergoeding bepaald overeenkomstig artikel 87, tweede en derde lid .</p>\n<p class=\"lf-p\">5 De echtgenoot wiens niet in de gemeenschap gevallen schuld uit goederen van de gemeenschap is voldaan, is deswege gehouden tot vergoeding aan de gemeenschap. Betreft het een schuld ter zake van een tot zijn eigen vermogen behorend goed, dan wordt het beloop van de vergoeding bepaald overeenkomstig artikel 87, tweede en derde lid .</p>\n<p class=\"lf-p\">6 De echtgenoot die een schuldeiser tegenwerpt dat een goed waarop deze verhaal zoekt niet behoort tot de gemeenschap, draagt daarvan de bewijslast.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 96a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Indien een echtgenoot door een begunstiging bij een door zijn overlijden tot uitkering komende sommenverzekering een gift aan een derde heeft gedaan en ten laste van de gemeenschap premies voor die verzekering zijn gekomen, is de echtgenoot deswege gehouden tot vergoeding aan de gemeenschap. De vergoeding beloopt een gedeelte van de waarde van de uitkering, evenredig aan het uit de gemeenschap afkomstige aandeel in de premies.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 96b</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Echtgenoten kunnen bij overeenkomst het beloop van vergoedingen ingevolge de artikelen 95 , 96 en 96a anders bepalen. Artikel 87, vierde lid, tweede zin , is van overeenkomstige toepassing. Kan de vergoeding niet nauwkeurig worden vastgesteld, dan wordt zij geschat.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 2. Het bestuur van de gemeenschap</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 97</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een goed dat op naam van een echtgenoot staat of dat hij krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift heeft verkregen, staat onder diens bestuur.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor het overige is ieder der echtgenoten bevoegd tot het bestuur over de goederen van de gemeenschap. Artikel 170, eerste lid, van Boek 3 is van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Is een goed der gemeenschap met toestemming, verleend door de echtgenoot onder wiens bestuur dat goed alleen of mede stond, dienstbaar aan een beroep of bedrijf van de andere echtgenoot, dan berust het bestuur van dat goed, voor zover het handelingen betreft die als normale uitoefening van dat beroep of bedrijf zijn te beschouwen, uitsluitend bij laatstbedoelde echtgenoot en voor het overige bij de echtgenoten gezamenlijk.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een verleende toestemming geldt voor de gehele duur van het beroep of bedrijf, tenzij de echtgenoten anders overeenkomen, doch de rechtbank kan de dienstbaarheid op verzoek van een echtgenoot te allen tijde wegens gegronde redenen beëindigen.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Geschillen tussen de echtgenoten over het bestuur ten aanzien van tot de gemeenschap behorende goederen, kunnen op verzoek van de echtgenoten of van een van hen aan de rechtbank worden voorgelegd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 98</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2012] [Vervallen zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .]</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 3. Ontbinding van de gemeenschap</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 99</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De gemeenschap wordt van rechtswege ontbonden: a. in geval van het eindigen van het huwelijk of het geregistreerd partnerschap door overlijden: op het tijdstip van overlijden; b. in geval van beëindiging van het huwelijk door echtscheiding of ontbinding van het geregistreerd partnerschap door de rechter: op het tijdstip van indiening van het verzoek tot echtscheiding onderscheidenlijk indiening van het verzoek tot ontbinding van het geregistreerd partnerschap; c. in geval van scheiding van tafel en bed: op het tijdstip van indiening van het verzoek tot scheiding van tafel en bed; d. in geval van opheffing van de gemeenschap door een beschikking: op het tijdstip van indiening van het verzoek tot opheffing van de gemeenschap; e. in geval van beëindiging van het geregistreerd partnerschap met wederzijds goedvinden: op het tijdstip waarop de overeenkomst tot beëindiging wordt gesloten; f. in geval van vermissing en een daarop gevolgd huwelijk of geregistreerd partnerschap: op het tijdstip waarop de beschikking, bedoeld in artikel 417, eerste lid , in kracht van gewijsde is gegaan; g. in geval van opheffing bij latere huwelijkse voorwaarden: op het tijdstip, bedoeld in artikel 120, eerste lid .</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De ontbinding van de gemeenschap door indiening van een verzoek als bedoeld in het eerste lid, onder b, c en d, alsmede door sluiting van een overeenkomst als bedoeld onder e, kan aan derden die daarvan onkundig waren slechts worden tegengeworpen, indien het desbetreffende verzoek dan wel de overeenkomst ingeschreven was in het huwelijksgoederenregister, bedoeld in artikel 116 .</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Indien vast komt te staan dat een verzoek als bedoeld in het eerste lid, onder b, c en d, dan wel een overeenkomst als bedoeld in het eerste lid, onder e, niet meer kan leiden tot echtscheiding, ontbinding van het geregistreerd partnerschap, scheiding van tafel en bed, opheffing van de gemeenschap door een beschikking, onderscheidenlijk beëindiging van het geregistreerd partnerschap met wederzijds goedvinden, worden alle gevolgen van de gemeenschap geacht steeds te hebben bestaan, alsof er geen verzoek was ingediend of overeenkomst was gesloten, tenzij zich inmiddels een andere grond voor ontbinding heeft voorgedaan. Nochtans wordt de geldigheid van rechtshandelingen die zijn verricht tussen het tijdstip van indiening van het verzoek of sluiting van de overeenkomst en het tijdstip waarop komt vast te staan dat het verzoek of de overeenkomst niet meer tot het in de eerste zin bedoelde gevolg kan leiden, beoordeeld naar het tijdstip van de handeling.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 Tezamen met een verzoek als bedoeld in het eerste lid, onder b, c of d kan reeds overeenkomstig titel 7 van Boek 3 een vordering worden ingesteld tot verdeling van de gemeenschap, tot gelasten van de wijze van verdeling en tot vaststelling van de verdeling.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 100</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De echtgenoten hebben een gelijk aandeel in de ontbonden gemeenschap, tenzij anders is bepaald bij huwelijkse voorwaarden of bij een overeenkomst die tussen de echtgenoten bij geschrift is gesloten met het oog op de aanstaande ontbinding der gemeenschap anders dan door de dood of ten gevolge van opheffing bij huwelijkse voorwaarden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Voor zover bij de ontbinding van de gemeenschap de goederen van de gemeenschap niet toereikend zijn om de schulden van de gemeenschap te voldoen, worden deze gedragen door beide echtgenoten ieder voor een gelijk deel, tenzij uit de eisen van redelijkheid en billijkheid, mede in verband met de aard van de schulden, een andere draagplicht voortvloeit.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Zij die bij de ontbinding van de gemeenschap schuldeiser zijn, behouden het hun toekomende recht van verhaal op de goederen der gemeenschap, zolang deze niet verdeeld zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">Artikel 96, derde lid , blijft van toepassing.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 101</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Na de ontbinding der gemeenschap heeft ieder der echtgenoten de bevoegdheid de te zijnen gebruike strekkende kleren en kleinodiën, alsmede zijn beroeps- en bedrijfsmiddelen en de papieren en gedenkstukken tot zijn familie behorende, tegen de geschatte prijs over te nemen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 102</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Na ontbinding van de gemeenschap blijft ieder der echtgenoten voor het geheel aansprakelijk voor de gemeenschapsschulden waarvoor hij voordien aansprakelijk was. Voor andere gemeenschapsschulden is hij hoofdelijk met de andere echtgenoot verbonden, met dien verstande evenwel dat daarvoor slechts kan worden uitgewonnen hetgeen hij uit hoofde van verdeling van de gemeenschap heeft verkregen, onverminderd de artikelen 190, eerste lid , en 191, eerste lid, van Boek 3 . De rechtsvordering tot voldoening van de in de tweede volzin bedoelde schuld verjaart tegelijkertijd met de rechtsvordering tegen de echtgenoot, in wiens persoon de in die volzin bedoelde gemeenschapsschuld is ontstaan.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 103</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Ieder der echtgenoten heeft het recht van de gemeenschap afstand te doen; alle daarmede strijdige overeenkomsten zijn nietig.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Het deel der gemeenschap waarvan afstand wordt gedaan, wast aan bij het deel van de andere echtgenoot.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 De echtgenoot die afstand heeft gedaan, kan uit de gemeenschap niets terugvorderen dan alleen zijn bed met bijbehorend beddegoed en de kleren die hij voor zijn persoonlijk gebruik nodig heeft. Hij kan de papieren en gedenkstukken, tot zijn familie behorende, tegen de geschatte prijs overnemen.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 Door deze afstand wordt hij ontheven van de aansprakelijkheid en de draagplicht voor schulden der gemeenschap, waarvoor hij vóór de ontbinding der gemeenschap niet aansprakelijk was.</p>\n<p class=\"lf-p\">5 Hij blijft aansprakelijk voor de schulden der gemeenschap, waarvoor hij vóór de ontbinding der gemeenschap aansprakelijk was. Indien hij een schuld, waarvoor beide echtgenoten vóór de ontbinding der gemeenschap voor het geheel aansprakelijk waren, voor meer dan de helft heeft voldaan, heeft hij voor het meerdere verhaal tegen de andere echtgenoot.</p>\n<p class=\"lf-p\">6 Indien de andere echtgenoot een schuld der gemeenschap, waarvoor hij vóór de ontbinding der gemeenschap niet aansprakelijk was, geheel of ten dele heeft voldaan, heeft hij deswege verhaal tegen de echtgenoot die de afstand heeft gedaan. Heeft hij een schuld, waarvoor beide echtgenoten vóór de ontbinding der gemeenschap voor het geheel aansprakelijk waren, voor meer dan de helft voldaan, dan heeft hij voor het meerdere verhaal tegen de echtgenoot die de afstand heeft gedaan.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 104</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De echtgenoot die van het bij het vorige artikel omschreven voorrecht wil gebruik maken, is verplicht binnen drie maanden na de ontbinding der gemeenschap een akte van afstand te doen inschrijven in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116 van dit boek , op verbeurte van dit voorrecht.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Indien de gemeenschap door de dood van de andere echtgenoot wordt ontbonden, begint de termijn van drie maanden te lopen op de dag waarop de echtgenoot die van het voorrecht wil gebruik maken, van dat overlijden kennis heeft genomen. Indien de gemeenschap is ontbonden op de wijze als bedoeld in artikel 99, eerste lid, onder c en d , eindigt de termijn drie maanden nadat het verzoek tot opheffing van de gemeenschap of tot scheiding van tafel en bed bij de rechtbank is ingediend.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 105</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De erfgenamen van een echtgenoot, door wiens overlijden de gemeenschap is ontbonden, of die binnen de in het vorige artikel gestelde termijn is overleden zonder afstand te hebben gedaan, zijn ieder voor hun aandeel bevoegd op de in het vorige artikel omschreven wijze afstand te doen binnen drie maanden nadat zij met het overlijden bekend zijn geworden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De aanspraak van de echtgenoot tot terugvordering van zijn bed, beddegoed, en kleren uit de gemeenschap kan niet worden overgedragen en gaat ook niet over op zijn erfgenamen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 106</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De rechtbank van de plaats waar de akte van afstand moet worden ingeschreven, kan de voor de inschrijving gestelde termijn voor de afloop daarvan een of meer malen op grond van bijzondere omstandigheden verlengen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 107</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De echtgenoot of zijn erfgenaam, die zich de goederen der gemeenschap heeft aangetrokken of goederen daarvan heeft weggemaakt of verduisterd, kan geen afstand meer doen. Daden van dagelijks bestuur of tot behoud van de goederen brengen dit gevolg niet teweeg.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Hij die na gedane afstand goederen der gemeenschap wegmaakt of verduistert, verliest de bevoegdheid artikel 103 lid 4 van dit boek in te roepen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 108</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Afstand van de gemeenschap, door een echtgenoot of een erfgenaam van een echtgenoot gedaan nadat door de andere echtgenoot of een of meer van diens erfgenamen afstand werd gedaan, heeft niet de gevolgen, omschreven in artikel 103 leden 2 en 3 van dit boek , en verplicht hen die tot de gemeenschap gerechtigd zijn, haar te vereffenen. Afdeling 3 van titel 6 van Boek 4 betreffende de vereffening van nalatenschappen is zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Indien hij die tot vereffening van de gemeenschap gehouden is, na tot het afleggen van de rekening en verantwoording te zijn aangemaand, in gebreke blijft aan deze verplichting te voldoen, verliest hij de bevoegdheid artikel 103 lid 4 van dit boek in te roepen.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 4. Opheffing van de gemeenschap bij beschikking</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 109</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een echtgenoot kan opheffing van de gemeenschap verzoeken, wanneer de andere echtgenoot op lichtvaardige wijze schulden maakt, de goederen der gemeenschap verspilt, handelingen verricht, die kennelijk indruisen tegen het bestuur van de andere echtgenoot over goederen der gemeenschap, of weigert de nodige inlichtingen te geven omtrent de stand van de goederen der gemeenschap en van de daarop verhaalbare schulden en het over die goederen gevoerde bestuur.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 110</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De echtgenoot die de opheffing van de gemeenschap verzoekt, kan tot behoud van zijn recht de maatregelen nemen, die in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering nader zijn aangegeven.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 111</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien de echtgenoot tegen wie het verzoek is toegewezen, de gemeenschap heeft benadeeld doordat hij na de aanvang van het geding of binnen zes maanden daarvóór lichtvaardig schulden heeft gemaakt, goederen der gemeenschap heeft verspild, of een rechtshandeling als bedoeld in artikel 88 van dit boek zonder de vereiste toestemming of beslissing van de rechtbank heeft verricht, is hij gehouden de aangerichte schade aan de gemeenschap te vergoeden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Een op het vorige lid gegronde vordering kan niet later worden ingesteld dan drie jaren nadat het verzoek tot opheffing van de gemeenschap bij de rechtbank is ingediend.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 112</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2012]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 113</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Is de gemeenschap door opheffing ontbonden, dan kunnen de echtgenoten daarna, echter alleen bij huwelijkse voorwaarden, wederom een gemeenschap overeenkomen.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Titel 8. Huwelijkse voorwaarden</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 1. Huwelijkse voorwaarden in het algemeen</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 114</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Huwelijkse voorwaarden kunnen zowel door aanstaande echtgenoten vóór het sluiten van het huwelijk als door echtgenoten tijdens het huwelijk worden gemaakt.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 115</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Huwelijkse voorwaarden moeten op straffe van nietigheid bij notariële akte worden aangegaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Een volmacht tot het aangaan van huwelijkse voorwaarden moet schriftelijk worden verleend en moet de in de huwelijkse voorwaarden op te nemen bepalingen bevatten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 116</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Bepalingen in huwelijkse voorwaarden kunnen aan derden die daarvan onkundig waren, slechts worden tegengeworpen, indien die bepalingen ingeschreven waren in het openbaar huwelijksgoederenregister, gehouden ter griffie der rechtbank binnen welker rechtsgebied het huwelijk is voltrokken, of, indien het huwelijk buiten Nederland is aangegaan, ter griffie van de rechtbank Den Haag.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De wijze van inrichting en raadpleging van het register wordt nader bij algemene maatregel van bestuur geregeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 In afwijking van het eerste lid kan bij algemene maatregel van bestuur worden bepaald dat het register elders dan ter griffie der rechtbank wordt gehouden. Bij algemene maatregel van bestuur kan eveneens worden bepaald dat de verstrekking van gegevens ter inschrijving in het register uitsluitend op een in die maatregel aan te geven wijze plaats vindt.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 117</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Huwelijkse voorwaarden vóór het huwelijk gemaakt of gewijzigd, zijn slechts geldig, indien zij wier toestemming tot het huwelijk noodzakelijk is, bij de akte hun toestemming tot de huwelijkse voorwaarden of de wijziging hebben gegeven; is de toestemming van de rechter nodig, dan kan worden volstaan met vasthechting van zijn beschikking aan de minuut van de akte. Op het verzoek tot toestemming van de rechter is artikel 39 lid 1 van dit boek van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Vóór het huwelijk gemaakte huwelijkse voorwaarden beginnen te werken van het tijdstip der voltrekking van het huwelijk; geen ander tijdstip kan daarvoor worden aangewezen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 118</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De echtgenoot die onder curatele staat, kan na de huwelijksvoltrekking slechts met toestemming van zijn curator huwelijkse voorwaarden maken of wijzigen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 119</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2012]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 120</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Tijdens het huwelijk gemaakte of gewijzigde huwelijkse voorwaarden beginnen te werken op de dag, volgende op die waarop de akte is verleden, tenzij in de akte een later tijdstip is aangewezen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Bepalingen in deze huwelijkse voorwaarden kunnen aan derden die daarvan onkundig waren, slechts worden tegengeworpen, indien zij ten minste veertien dagen in het huwelijksgoederenregister ingeschreven waren.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 121</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Partijen kunnen bij huwelijkse voorwaarden afwijken van de regels der wettelijke gemeenschap, mits die voorwaarden niet met dwingende wetsbepalingen, de goede zeden, of de openbare orde strijden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Zij kunnen niet bepalen dat een hunner tot een groter aandeel in de schulden zal zijn gehouden, dan zijn aandeel in de goederen der gemeenschap beloopt.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Zij kunnen niet afwijken van de rechten die uit het ouderlijk gezag voortspruiten, noch van de rechten die de wet aan een langstlevende echtgenoot toekent.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 122</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2012]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 123</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2012]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 124</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2012]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 125</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2012]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 126</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2012]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 127</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2012]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 128</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2012]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 129</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-09-2002]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 130</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2018]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 131</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Bestaat tussen niet in gemeenschap van goederen gehuwde echtgenoten een geschil aan wie van hen beiden een recht aan toonder of een zaak die geen registergoed is, toebehoort en kan geen van beiden zijn recht op dit goed bewijzen, dan wordt het goed geacht aan ieder der echtgenoten voor de helft toe te behoren.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Het vermoeden werkt niet ten nadele van de schuldeisers der echtgenoten.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 2. Verrekenbedingen</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf 1. Algemene regels voor verrekenbedingen</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 132</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Deze afdeling is van toepassing op huwelijkse voorwaarden die een of meer verplichtingen inhouden tot verrekening van inkomsten of van vermogen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Tenzij anders is bepaald, kan van deze afdeling bij huwelijkse voorwaarden uitdrukkelijk of door de aard der bedingen worden afgeweken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 133</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De verplichting tot verrekening van inkomsten of van vermogen is wederkerig.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De verplichting tot verrekening heeft uitsluitend betrekking op inkomsten die of op vermogen dat de echtgenoten tijdens het bestaan van deze verplichting hebben verkregen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verplichting tot verrekening heeft geen betrekking op vermogen dat krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift wordt verkregen en ook niet op de vruchten daaruit of de voor dat vermogen of voor die vruchten in de plaats getreden goederen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Evenmin heeft de verplichting tot verrekening betrekking op vermogen dat bestaat uit rechten op het vestigen van vruchtgebruik als bedoeld in de artikelen 29 en 30 van Boek 4 , vruchtgebruik dat op grond van die bepalingen is gevestigd, alsmede hetgeen wordt verkregen ingevolge de artikelen 34 , 35 , 36 , 38 , 63 tot en met 92 en 126, eerste lid en tweede lid, onderdelen a en c, van Boek 4 .</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 134</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Bij uiterste wilsbeschikking of bij de gift kan worden bepaald dat geen verrekening van krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift verkregen vermogen en van de vruchten daarvan plaatsvindt, indien verrekening daarvan ingevolge huwelijkse voorwaarden zou behoren plaats te vinden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 135</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De verrekening van inkomsten of van vermogen geschiedt bij helfte.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Op de verrekening zijn de artikelen 181 , 183 en 195 tot en met 200 van Boek 3 van dit wetboek van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat voor de beoordeling van de vraag of benadeling als bedoeld in artikel 196 van Boek 3 van dit wetboek heeft plaatsgevonden, de in artikel 142 genoemde tijdstippen bepalend zijn. De artikelen 677 tot en met 680 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering zijn van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Een echtgenoot die opzettelijk een tot het te verrekenen vermogen behorend goed verzwijgt, zoek maakt of verborgen houdt waardoor de waarde daarvan niet in de verrekening is betrokken, dient de waarde daarvan niet te verrekenen, maar geheel aan de andere echtgenoot te vergoeden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 136</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien een goed onder aanwending van te verrekenen vermogen is verkregen, wordt het verkregen goed tot het te verrekenen vermogen gerekend voor het aandeel dat overeenkomt met het bij de verkrijging uit het te verrekenen vermogen aangewende gedeelte van de tegenprestatie gedeeld door de totale tegenprestatie. Indien een echtgenoot in verband met de verwerving van een goed een schuld is aangegaan, wordt het goed op de voet van de eerste volzin tot het te verrekenen vermogen gerekend voor zover de schuld daartoe wordt gerekend of daaruit is afgelost of betaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Bestaat tussen de echtgenoten een geschil omtrent de vraag of een goed tot het te verrekenen vermogen wordt gerekend en kan geen van beiden bewijzen dat het goed tot het niet te verrekenen vermogen wordt gerekend, dan wordt dat goed aangemerkt als te rekenen tot het te verrekenen vermogen. Het vermoeden werkt niet ten nadele van de schuldeisers der echtgenoten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 137</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Onverminderd het derde lid, geschiedt een verrekening in geld.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Indien op grond van een verrekenbeding over en weer opeisbare vorderingen ontstaan, worden beide vorderingen van rechtswege met elkaar verrekend tot aan hun gemeenschappelijk beloop.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Een echtgenoot is slechts gehouden een inbetalinggeving van goederen te aanvaarden dan wel kan deze slechts verlangen in plaats van een verrekening in geld, voor zover de verrekening in geld naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 138</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De ene echtgenoot is aan de andere geen verantwoording over het bestuur van zijn goederen schuldig. Slecht bestuur over die goederen verplicht niet tot schadevergoeding.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De ene echtgenoot kan jaarlijks van de andere echtgenoot een gespecificeerde, schriftelijke en ondertekende opgave verzoeken van de te verrekenen inkomsten en van het te verrekenen vermogen. Van deze bepaling kan niet worden afgeweken.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Geschillen tussen de echtgenoten betreffende de opgave worden op verzoek van een van hen door de rechtbank beslist.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 139</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een echtgenoot kan de opheffing van de wederzijdse verplichting tot verrekening verzoeken, wanneer de andere echtgenoot op lichtvaardige wijze schulden maakt, zijn goederen verspilt of weigert de in artikel 138, tweede lid , bedoelde verplichte opgave omtrent zijn te verrekenen inkomsten of vermogen te verstrekken.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Indien de echtgenoot tegen wie het verzoek zich richt, het te verrekenen vermogen benadeelt doordat hij na de aanvang van het geding of binnen zes maanden daarvoor lichtvaardig schulden heeft gemaakt, te verrekenen goederen heeft verspild, of een rechtshandeling als bedoeld in artikel 88 zonder de vereiste toestemming of beslissing van de rechtbank heeft verricht, is hij gehouden de aangerichte schade te vergoeden.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Van het eerste en tweede lid kan niet worden afgeweken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 140</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Op verzoek van de verrekenplichtige echtgenoot kan de rechter wegens gewichtige redenen bepalen dat een verschuldigde geldsom, al dan niet vermeerderd met een in de beschikking te bepalen rente, in termijnen of eerst na verloop van zekere tijd, hetzij ineens, hetzij in termijnen behoeft te worden voldaan. Hierbij let de rechter op de belangen van beide partijen. De rechter kan de verrekenplichtige echtgenoot verplichten binnen een bepaalde tijd zakelijke of persoonlijke zekerheid te stellen voor de voldoening van de verschuldigde geldsom.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Hetgeen in het eerste lid omtrent een echtgenoot is bepaald, geldt op overeenkomstige wijze na zijn overlijden voor zijn rechtverkrijgenden onder algemene titel.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Van het eerste en tweede lid kan niet worden afgeweken.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf 2. Periodieke verrekenbedingen</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 141</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien een verrekenplicht betrekking heeft op een in de huwelijkse voorwaarden omschreven tijdvak van het huwelijk en over dat tijdvak niet is afgerekend, blijft de verplichting tot verrekening over dat tijdvak in stand en strekt deze zich uit over het saldo, ontstaan door belegging en herbelegging van hetgeen niet verrekend is, alsmede over de vruchten daarvan.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Indien een verrekenplicht betrekking heeft op een in de huwelijkse voorwaarden omschreven tijdvak van het huwelijk, dan eindigt die verrekenplicht op het tijdstip zoals in artikel 142 bepaald, als dat tijdvak nog loopt.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Indien bij het einde van het huwelijk aan een bij huwelijkse voorwaarden overeengekomen periodieke verrekenplicht als bedoeld in het eerste lid niet is voldaan, wordt het alsdan aanwezige vermogen vermoed te zijn gevormd uit hetgeen verrekend had moeten worden, tenzij uit de eisen van redelijkheid en billijkheid in het licht van de aard en omvang van de verrekenplicht anders voortvloeit. Artikel 143 is van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 Indien een echtgenoot in overwegende mate bij machte is te bepalen dat de winsten van een niet op zijn eigen naam uitgeoefende onderneming hem rechtstreeks of middellijk ten goede komen, en een verrekenbeding is overeengekomen dat ook ondernemingswinsten omvat, worden de niet uitgekeerde winsten uit zodanige onderneming, voor zover in het maatschappelijk verkeer als redelijk beschouwd, eveneens in aanmerking genomen bij de vaststelling van de verrekenplicht van die echtgenoot, onverminderd het eerste lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">5 Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing, indien een echtgenoot op eigen naam een onderneming uitoefent.</p>\n<p class=\"lf-p\">6 De rechtsvordering tot verrekening, bedoeld in het eerste lid, verjaart niet eerder dan drie jaren na de beëindiging van het huwelijk dan wel na de inschrijving van de beschikking tot scheiding van tafel en bed in het register, bedoeld in artikel 116 . Deze termijn kan niet worden verkort.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf 3. Finale verrekenbedingen</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 142</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Als tijdstip waarop de samenstelling en de omvang van het te verrekenen vermogen worden bepaald, geldt: a. in geval van het eindigen van het huwelijk of het geregistreerd partnerschap door overlijden: het tijdstip van overlijden; b. in geval van beëindiging van het huwelijk door echtscheiding: het tijdstip van indiening van het verzoek tot echtscheiding; c. in geval van scheiding van tafel en bed: het tijdstip van indiening van het verzoek tot scheiding van tafel en bed; d. in geval van opheffing van de wederzijdse verplichting tot verrekening als bedoeld in artikel 139 : het tijdstip van indiening van het verzoek tot opheffing van die verplichting; e. in geval van beëindiging van het geregistreerd partnerschap met wederzijds goedvinden: het tijdstip waarop de overeenkomst tot beëindiging wordt gesloten; f. in geval van ontbinding van het geregistreerd partnerschap op verzoek: het tijdstip van indiening van het verzoek; g. in geval van vermissing en een daarop gevolgd huwelijk of geregistreerd partnerschap: het tijdstip waarop de beschikking, bedoeld in artikel 417 , eerste lid, in kracht van gewijsde is gegaan; h. in geval van opheffing van de wederzijdse verplichting tot verrekening bij huwelijkse voorwaarden: het tijdstip, bedoeld in artikel 120, eerste lid .</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Van het eerste lid, aanhef en onder b tot en met f, kan bij op schrift gestelde overeenkomst worden afgeweken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 143</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Vanaf de in het eerste lid van artikel 142 vermelde tijdstippen kan ieder der echtgenoten verzoeken dat het te verrekenen vermogen van de andere echtgenoot wordt beschreven.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De artikelen 671 tot en met 676 en 679 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering zijn van overeenkomstige toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Hetgeen in de vorige leden omtrent een echtgenoot is bepaald, geldt op overeenkomstige wijze na zijn overlijden voor zijn rechtverkrijgenden onder algemene titel.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 Van het eerste tot en met het derde lid kan niet worden afgeweken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 144</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-09-2002]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 145</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-09-2002] [Wijziging(en) zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .]</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 3. Giften bij huwelijkse voorwaarden</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2003] [Wijziging(en) zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 146</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2003] [Wijziging(en) zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 147</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2003] [Wijziging(en) zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 148</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-2003] [Wijziging(en) zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .]</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Titel 9. Ontbinding van het huwelijk</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 1. Ontbinding van het huwelijk in het algemeen</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 149</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Het huwelijk eindigt: a. door de dood; b. indien degene ten aanzien van wie overeenkomstig de bepalingen van de tweede afdeling van de achttiende titel van dit boek de vermissing is vastgesteld, dan wel overeenkomstig de bepalingen van de derde afdeling van de achttiende titel van dit boek het overlijden is vastgesteld, nog in leven is op de dag waarop de achtergebleven echtgenoot een nieuw huwelijk of geregistreerd partnerschap is aangegaan: door de voltrekking van dit huwelijk of geregistreerd partnerschap; c. door echtscheiding, overeenkomstig de bepalingen van de tweede afdeling van deze titel; d. door ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed, overeenkomstig de bepalingen van de tweede afdeling van de tiende titel van dit boek .</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 2. Echtscheiding</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 150</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Echtscheiding tussen echtgenoten die niet van tafel en bed gescheiden zijn, wordt uitgesproken op verzoek van één der echtgenoten of op hun gemeenschappelijk verzoek.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 151</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Echtscheiding wordt op verzoek van één der echtgenoten uitgesproken, indien het huwelijk duurzaam ontwricht is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 152</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-1993]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 153</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien als gevolg van de verzochte echtscheiding een bestaand vooruitzicht op uitkeringen aan de andere echtgenoot na vooroverlijden van de echtgenoot die het verzoek heeft gedaan zou teloorgaan of in ernstige mate zou verminderen, en de andere echtgenoot deswege tegen dat verzoek verweer voert, kan deze niet worden toegewezen voordat daaromtrent een voorziening is getroffen die, gelet op de omstandigheden van het geval, ten opzichte van beide echtgenoten billijk is te achten. De rechter kan daartoe een termijn stellen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Het eerste lid is niet van toepassing: a. indien redelijkerwijs te verwachten is dat de andere echtgenoot zelf voor dat geval voldoende voorzieningen kan treffen; b. indien de duurzame ontwrichting van het huwelijk in overwegende mate te wijten is aan de andere echtgenoot.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 154</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Echtscheiding wordt op gemeenschappelijk verzoek van de echtgenoten uitgesproken indien het verzoek is gegrond op hun beider oordeel dat het huwelijk duurzaam ontwricht is.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Ieder der echtgenoten is tot op het tijdstip der uitspraak bevoegd het verzoek in te trekken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 155</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op In geval van echtscheiding en voor zover de ene echtgenoot na de huwelijkssluiting en voor de echtscheiding pensioenaanspraken heeft opgebouwd, heeft de andere echtgenoot overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding recht op pensioenverevening, tenzij de echtgenoten op de wijze voorzien in deze Wet toepasselijkheid daarvan hebben uitgesloten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 156</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De rechter kan bij de echtscheidingsbeschikking of bij latere uitspraak aan de echtgenoot die niet voldoende inkomsten tot zijn levensonderhoud heeft, noch zich in redelijkheid kan verwerven op diens verzoek ten laste van de andere echtgenoot een uitkering tot levensonderhoud toekennen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Bij de vaststelling van de uitkering kan de rechter rekening houden met de behoefte aan een voorziening in het levensonderhoud voor het geval van overlijden van degene die tot de uitkering is gehouden.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 De rechter kan op verzoek van een van de echtgenoten de uitkering toekennen onder de vaststelling van voorwaarden en van een termijn. Deze vaststelling kan niet tot gevolg hebben dat de uitkering later eindigt dan op grond van de toepasselijke termijn, bedoeld in artikel 157 .</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 157</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien de rechter geen termijn heeft vastgesteld, eindigt de verplichting tot het verstrekken van levensonderhoud van rechtswege na het verstrijken van een termijn die gelijk is aan de helft van de duur van het huwelijk met een maximum van vijf jaren.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Indien op het tijdstip van indiening van het verzoek tot echtscheiding de duur van het huwelijk langer is dan vijftien jaren en de leeftijd van de echtgenoot die recht heeft op een uitkering tot levensonderhoud, ten hoogste tien jaren lager is dan de leeftijd, bedoeld in artikel 7a van de Algemene Ouderdomswet , eindigt de verplichting tot het verstrekken van levensonderhoud, in afwijking van het eerste lid, niet eerder dan op het tijdstip, waarop die echtgenoot deze leeftijd heeft bereikt.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Indien op het tijdstip van indiening van het verzoek tot echtscheiding de duur van het huwelijk langer is dan vijftien jaren en de echtgenoot die recht heeft op een uitkering tot levensonderhoud geboren is op of voor 1 januari 1970 en diens leeftijd meer dan tien jaren lager is dan de leeftijd bedoeld in artikel 7a van de Algemene Ouderdomswet , eindigt de verplichting tot het verstrekken van levensonderhoud, in afwijking van het eerste lid, na tien jaren.</p>\n<p class=\"lf-p\">4 In afwijking van het eerste tot en met derde lid eindigt de verplichting tot het verstrekken van levensonderhoud niet eerder dan op het tijdstip waarop de uit het huwelijk van de echtgenoten geboren kinderen de leeftijd van twaalf jaren hebben bereikt.</p>\n<p class=\"lf-p\">5 Bij samenloop van de omstandigheden, bedoeld in het eerste tot en met vierde lid, geldt de langste termijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">6 De termijn voor het verstrekken van levensonderhoud vangt aan op de datum van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand.</p>\n<p class=\"lf-p\">7 Indien ongewijzigde handhaving van de beëindiging van de uitkering ten gevolge van het verstrijken van de in het eerste tot en met vierde lid bedoelde termijn, gelet op alle omstandigheden van het geval, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet kan worden gevergd van degene die recht heeft op die uitkering, kan de rechter op diens verzoek alsnog een termijn vaststellen. Het verzoek daartoe wordt ingediend voordat drie maanden sinds de beëindiging van de uitkering zijn verstreken. De rechter bepaalt bij de uitspraak of verlenging van de termijn na ommekomst daarvan al dan niet mogelijk is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 158</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Vóór of na de beschikking tot echtscheiding kunnen de echtgenoten bij overeenkomst bepalen of, en zo ja tot welk bedrag, na de echtscheiding de één tegenover de ander tot een uitkering tot diens levensonderhoud zal zijn gehouden. Indien in de overeenkomst geen termijn is opgenomen, is artikel 157, eerste tot en met vijfde lid en zevende lid , van overeenkomstige toepassing.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 159</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Bij de overeenkomst kan worden bedongen dat zij niet bij rechterlijke uitspraak zal kunnen worden gewijzigd op grond van een wijziging van omstandigheden. Een zodanig beding kan slechts schriftelijk worden gemaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Het beding vervalt, indien de overeenkomst is aangegaan vóór de indiening van het verzoek tot echtscheiding, tenzij dit binnen drie maanden na de overeenkomst is ingediend.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het voorgaande is van overeenkomstige toepassing bij een gemeenschappelijk verzoek.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Ondanks een zodanig beding kan op verzoek van een der partijen de overeenkomst door de rechter bij de echtscheidingsbeschikking of bij latere beschikking worden gewijzigd op grond van een zo ingrijpende wijziging van omstandigheden, dat de verzoeker naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet langer aan het beding mag worden gehouden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 159a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een overeenkomst als bedoeld in de artikelen 158 en 159 van dit boek staat niet in de weg aan verhaal op grond van paragraaf 6.5 van de Participatiewet en laat de vaststelling van het te verhalen bedrag onverlet.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 160</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een verplichting van een gewezen echtgenoot om uit hoofde van echtscheiding levensonderhoud te verschaffen aan de wederpartij, eindigt wanneer deze opnieuw in het huwelijk treedt, een geregistreerd partnerschap aangaat dan wel is gaan samenleven met een ander als waren zij gehuwd of als hadden zij hun partnerschap laten registreren.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 161</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 02-11-1995]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 161a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 02-11-1995]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 162</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 02-11-1995]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 162a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 02-11-1995]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 163</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De echtscheiding komt tot stand door de inschrijving van de beschikking in de registers van de burgerlijke stand.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De inschrijving geschiedt op verzoek van partijen of van één van hen.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Indien het verzoek tot inschrijving niet is gedaan uiterlijk zes maanden na de dag waarop de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan, verliest de beschikking haar kracht.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 164</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien een tussen de echtgenoten bestaande gemeenschap van goederen door één van hen is benadeeld doordat hij na de aanvang van het geding of binnen zes maanden daarvóór lichtvaardig schulden heeft gemaakt, goederen der gemeenschap heeft verspild, of rechtshandelingen als bedoeld in artikel 88 van dit boek zonder de vereiste toestemming of beslissing van de rechtbank heeft verricht, is hij gehouden na de inschrijving van de beschikking waarbij de echtscheiding is uitgesproken, de aangerichte schade aan de gemeenschap te vergoeden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Een op het vorige lid gegronde rechtsvordering kan niet later worden ingesteld dan drie jaren na de inschrijving van de beschikking.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 165</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Op verzoek van een echtgenoot kan de rechter bij de echtscheidingsbeschikking of bij latere uitspraak bepalen dat, als die echtgenoot ten tijde van de inschrijving van de beschikking een woning bewoont die aan de andere echtgenoot uitsluitend of mede toebehoort of ten gebruike toekomt, hij jegens de andere echtgenoot bevoegd is de bewoning en het gebruik van de bij de woning en tot de inboedel daarvan behorende zaken gedurende zes maanden na de inschrijving van de beschikking tegen een redelijke vergoeding voort te zetten.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Tegen hem kan een in dat tijdvak zonder zijn toestemming door de andere echtgenoot verrichte rechtshandeling niet worden tegengeworpen ten nadele van zijn in het vorige lid omschreven bevoegdheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Weigert hij zijn toestemming of is hij niet in staat zijn wil te verklaren, dan kan de rechtbank die in eerste aanleg over het verzoek tot echtscheiding heeft beslist, op verzoek van de andere gewezen echtgenoot, bepalen dat het vorige lid buiten toepassing blijft.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 166</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Indien de gescheiden echtgenoten met elkander hertrouwen of een geregistreerd partnerschap aangaan, herleven alle gevolgen van het huwelijk van rechtswege, alsof er geen echtscheiding had plaats gehad. Nochtans wordt de geldigheid van rechtshandelingen die tussen de ontbinding van het huwelijk en het nieuwe huwelijk of het geregistreerd partnerschap zijn verricht, beoordeeld naar het tijdstip der handeling.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 167</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 05-07-1982]</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Titel 10. Scheiding van tafel en bed en ontbinding van het huwelijk na scheiding van</h3>\n<p class=\"lf-p\">tafel en bed Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 1. Scheiding van tafel en bed</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 168</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 22-06-2001]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 169</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Scheiding van tafel en bed kan worden verzocht op dezelfde grond en op dezelfde wijze als echtscheiding.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De artikelen 151 , 154 tot en met 159a zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de termijnen, bedoeld in artikel 156, derde lid , en artikel 157, eerste tot en met vijfde lid , aanvangen op de dag waarop de beschikking tot scheiding van tafel en bed is ingeschreven in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116 , en dat de duur van het huwelijk wordt berekend tot die dag.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Een verplichting van een echtgenoot om uit hoofde van scheiding van tafel en bed levensonderhoud te verschaffen aan de andere echtgenoot, eindigt bij ontbinding van het huwelijk.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 170</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 02-11-1995]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 171</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 02-11-1995]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 171a</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 02-11-1995]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 172</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 02-11-1995]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 173</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De scheiding van tafel en bed komt tot stand door de inschrijving van de beschikking in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116 .</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De inschrijving geschiedt op verzoek van de echtgenoten of van één van hen.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Indien het verzoek niet is gedaan uiterlijk zes maanden na de dag waarop de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan, verliest de beschikking haar kracht.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 174</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien een tussen de echtgenoten bestaande gemeenschap van goederen door één van hen is benadeeld doordat hij na de aanvang van het geding of binnen zes maanden daarvóór lichtvaardig schulden heeft gemaakt, goederen der gemeenschap heeft verspild, of rechtshandelingen als bedoeld in artikel 88 van dit boek zonder de vereiste toestemming of beslissing van de rechtbank heeft verricht, is hij gehouden, nadat de beschikking waarbij de scheiding van tafel en bed is uitgesproken, is ingeschreven, de aangerichte schade aan de gemeenschap te vergoeden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Een op het eerste lid gegronde rechtsvordering kan niet later worden ingesteld dan drie jaren na de inschrijving van de beschikking van scheiding van tafel en bed.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 175</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Op verzoek van een echtgenoot kan de rechter bij de beschikking houdende scheiding van tafel en bed of bij latere uitspraak bepalen dat, als die echtgenoot ten tijde van de inschrijving van de beschikking een woning bewoont die aan de andere echtgenoot uitsluitend of mede toebehoort of ten gebruike toekomt, hij jegens de andere echtgenoot bevoegd is de bewoning en het gebruik van de bij de woning en tot de inboedel daarvan behorende zaken gedurende zes maanden na de inschrijving van de beschikking, tegen een redelijke vergoeding voort te zetten.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Tegen hem kan een in dat tijdvak zonder zijn toestemming door de andere echtgenoot verrichte rechtshandeling niet worden tegengeworpen ten nadele van zijn in het vorige lid omschreven bevoegdheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Weigert hij zijn toestemming of is hij niet in staat zijn wil te verklaren, dan kan de rechtbank die in eerste aanleg over het verzoek tot scheiding van tafel en bed heeft beslist, op verzoek van de andere echtgenoot bepalen dat het vorige lid buiten toepassing blijft.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 176</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een scheiding van tafel en bed eindigt door de verzoening van de echtgenoten, op het tijdstip dat zij op hun eensluidend verzoek in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116 , hebben doen inschrijven dat de scheiding heeft opgehouden te bestaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De inschrijving doet alle gevolgen van het huwelijk van rechtswege herleven, alsof er geen scheiding van tafel en bed had plaatsgehad. Nochtans wordt de geldigheid van rechtshandelingen die tussen de scheiding van tafel en bed en de verzoening zijn verricht, beoordeeld naar het tijdstip van de handeling.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 177</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-06-2001]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 178</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 05-07-1982]</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling 2. Ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed</h3>\n<p class=\"lf-p\">Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 179</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Ontbinding van het huwelijk van echtgenoten die van tafel en bed gescheiden zijn, wordt op verzoek van een der echtgenoten uitgesproken, indien de scheiding ten minste drie jaren heeft geduurd.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De termijn van drie jaren kan op verzoek van een echtgenoot worden bekort tot ten minste een jaar, indien de andere echtgenoot zich gedurig schuldig maakt aan wangedrag in zodanige mate dat van de echtgenoot, die het verzoek heeft gedaan, niet kan worden gevergd het huwelijk te doen voortbestaan.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 180</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien als gevolg van de gevraagde ontbinding van het huwelijk een bestaand vooruitzicht op uitkeringen aan de andere echtgenoot na vooroverlijden van de echtgenoot die het verzoek heeft gedaan zou teloorgaan of in ernstige mate zou verminderen, en de andere echtgenoot deswege tegen het verzoek verweer voert, kan het verzoek niet worden toegewezen voordat daaromtrent een voorziening is getroffen die, gelet op de omstandigheden van het geval, ten opzichte van beide echtgenoten billijk is te achten.</p>\n<p class=\"lf-p\">De rechter kan daartoe een termijn stellen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Het eerste lid is niet van toepassing: a. indien redelijkerwijs te verwachten is dat de andere echtgenoot zelf voor dat geval voldoende voorzieningen kan treffen; b. indien de andere echtgenoot zich gedurig schuldig maakt aan wangedrag in zodanige mate dat van de echtgenoot die het verzoek heeft gedaan naar redelijkheid generlei verstrekking van levensonderhoud zou kunnen worden gevergd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 181</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Ontbinding van het huwelijk van echtgenoten die van tafel en bed gescheiden zijn, wordt op hun gemeenschappelijk verzoek uitgesproken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 182</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De artikelen 154, tweede lid , en 156 tot en met 160 van dit boek zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de in de artikelen 156, derde lid , en 157, eerste tot en met vijfde lid en zevende lid , bedoelde termijnen worden verminderd met de tijd gedurende welke tijdens de scheiding van tafel en bed een verplichting tot levensonderhoud jegens de andere echtgenoot bestond en dat de duur van het huwelijk wordt berekend tot de dag waarop de beschikking tot scheiding van tafel en bed is ingeschreven in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116 .</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 183</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De ontbinding van het huwelijk komt tot stand door de inschrijving van de beschikking in de registers van de burgerlijke stand.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 De artikelen 163, tweede en derde lid , en 166 van dit boek zijn van overeenkomstige toepassing.</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 184</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-10-1971]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 185</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-10-1971]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 186</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-10-1971]</p>\n<h4 class=\"lf-art\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 187</span><span class=\"lf-art-t\">Toon relaties in LiDO</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ...</p>\n<p class=\"lf-p\">Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-10-1971]</p></div>", "next": 239913}