Samenvatting
Dit besluit van 16 september 1949 stelt van Rijkswege examens in ter verkrijging van een getuigschrift van tolk-vertaler en legt de eisen en de examencommissies vast. Jaarlijks wordt gelegenheid gegeven het examen af te leggen.
Wat het regelt
- De instelling van de examens en de examencommissies.
- De examen-eisen voor het getuigschrift van tolk-vertaler.
- De vrijstellingen.
Voor wie geldt dit
- Personen die het getuigschrift van tolk-vertaler in een vreemde taal willen behalen.
Kernpunten
- Jaarlijks wordt van Rijkswege gelegenheid gegeven tot het afleggen van de examens (artikel 1), afgenomen door de commissies die ook de akte-examens voor middelbaar onderwijs in de betreffende vreemde taal afnemen (artikel 2).
- De vereisten omvatten onder meer degelijke kennis van de spraakkunst, schriftelijke vertalingen in beide richtingen, het schrijven van brieven, mondelinge en schriftelijke samenvattingen, kennis van land en volk, tolkvaardigheid, spreekvaardigheid en een goede uitspraak (artikel 3).
- Wie een universitair kandidaatsexamen of de akte middelbaar onderwijs in de betreffende taal bezit, wordt vrijgesteld van de onderdelen a (spraakkunst) en f (kennis van land en volk); de commissie kan op verzoek verdere vrijstellingen verlenen (artikel 4).
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.