{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">overige gegevens en bescheiden die samenhangen met een benodigde toetsing aan dit omgevingsplan.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  4.3.3</h3>\n<p class=\"lf-p\">Bed &amp; Breakfast</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-492\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.92</span><span class=\"lf-art-t\">Bed &amp; breakfast</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen b&amp;b, toegestaan is het gebruiken van een bedrijfswoning als bed and breakfast toegestaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen b&amp;b, toegestaan 2 is het gebruiken van een bedrijfspand als bed and breakfast toegestaan.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-493\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.93</span><span class=\"lf-art-t\">Vergunningplicht bed &amp; breakfast</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen b&amp;b, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning de gronden en bouwwerken te gebruiken voor een bed and breakfast.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-494\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.94</span><span class=\"lf-art-t\">Beoordelingsregels bed &amp; breakfast</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen b&amp;b, beoordelingsregels 1 wordt een omgevingsvergunning alleen verleend als: a. er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>het straat- en bebouwingsbeeld;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>de woonsituatie;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">3.</span>de verkeersveiligheid;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">4.</span>de milieusituatie; en 5. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; en b. maximaal 30% van de bruto vloeroppervlakte van de gebouwen per bouwperceel ingericht wordt voor de bed and breakfast; c. de parkeernorm per ruimte voor nachtverblijf 1 parkeerplaats is, die:</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>aanwezig is op het eigen terrein rondom de woning; of 2. in de directe omgeving te vinden is, nadat uit parkeeronderzoek is gebleken dat de benodigde parkeerruimte beschikbaar is voor de bezoekers van de bed and breakfast; en d. het uiterlijk van de woning niet wordt aangetast, waarbij reclamemateriaal een oppervlakte van maximaal 0,5 m² heeft; en e. de bed and breakfast door in ieder geval één bewoner van de woning wordt uitgeoefend.</div>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen b&amp;b, aanvullende beoordelingsregels 1 wordt, in aanvulling op het eerste lid, een omgevingsvergunning alleen verleend als: a. de bed and breakfast maximaal 8 slaapplaatsen heeft in maximaal 4 van elkaar afgescheiden ruimten bedoeld voor nachtverblijf; en b. deze ruimten deel uit maken van het hoofdgebouw, aanbouw of aangebouwde bijgebouw.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen b&amp;b, aanvullende beoordelingsregels 2 wordt, in aanvulling op het eerste lid, een omgevingsvergunning alleen verleend als: a. de bed &amp; breakfast maximaal 2 slaapplaatsen heeft in maximaal 2 van elkaar afgescheiden ruimten bedoeld voor nachtverblijf; en b. deze ruimten deel uit maken van het hoofdgebouw, aanbouw of aangebouwde bijgebouw.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen b&amp;b, beoordelingsregels 2 wordt een omgevingsvergunning alleen verleend als: a. er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>het straat- en bebouwingsbeeld;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>de woonsituatie;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">3.</span>de verkeersveiligheid;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">4.</span>de milieusituatie; en 5. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; en b. de bed &amp; breakfast maximaal 8 slaapplaatsen heeft in maximaal 4 van elkaar afgescheiden ruimten bedoeld voor nachtverblijf.</div>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-495\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.95</span><span class=\"lf-art-t\">Aanvraagvereisten bed &amp; breakfast</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor een bed &amp; breakfast worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. gegevens en bescheiden als opgenomen in afdeling 7.2 van de Omgevingsregeling; en b. overige gegevens en bescheiden die samenhangen met een benodigde toetsing aan dit omgevingsplan.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  4.3.4</h3>\n<p class=\"lf-p\">Kamerbewoning</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-496\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.96</span><span class=\"lf-art-t\">Vergunningplicht kamerbewoning</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen de functie wonen is het verboden zonder omgevingsvergunning (een deel van) een woning voor kamerbewoning in gebruik te geven.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-497\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.97</span><span class=\"lf-art-t\">Beoordelingsregels kamerbewoning</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als: a. voldaan wordt aan de beleidsregel kamerverhuur bijzondere woonvormen, of nadien gewijzigd; b. het gaat om kamerbewoning als bijzondere woonvorm; c. voorzien kan worden in de parkeerbehoefte; en d. de privacy en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden niet onevenredig worden aangetast.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-498\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.98</span><span class=\"lf-art-t\">Aanvraagvereisten kamerbewoning</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor kamerbewoning worden gegevens en bescheiden verstrekt zoals opgenomen in artikel 3 van de Beleidsregel Kamerverhuur bijzondere woonvormen, of nadien gewijzigd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-499\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.99</span><span class=\"lf-art-t\">Omgevingsnormen vergunde kamerbewoning</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen kamerbewoning, vergund, max. aantal personen is het toegestaan (een deel van) de woning voor kamerbewoning in gebruik te geven, mits het aantal personen dat de woning voor kamerbewoning in gebruik neemt maximaal de met maximaal aantal personen aangegeven waarde is.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen kamerbewoning, vergund, max. aantal kamers is het toegestaan (een deel van) de woning voor kamerbewoning in gebruik te geven, mits het aantal kamers in gebruik voor kamerbewoning maximaal de met maximaal aantal kamers aangegeven waarde is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4100\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.100</span><span class=\"lf-art-t\">Vergunde kamerbewoning</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen kamerbewoning, vergund, min. 5 kamers is het toegestaan (een deel van) de woning voor kamerbewoning in gebruik te geven, mits het gaat om minimaal 5 kamers.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  4.4</h3>\n<p class=\"lf-p\">Gebruik openbare buitenruimte</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  4.4.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4101\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.101</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze afdeling gaat over activiteiten rond het gebruik van de openbare ruimte.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze afdeling gaat niet over het aanbrengen van wijzigingen in de openbare ruimte.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4102\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.102</span><span class=\"lf-art-t\">Oogmerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De regels in deze afdeling zijn gesteld met het oog op: a. het waarborgen van de veiligheid; b. het beschermen van de gezondheid; c. het beschermen van het milieu; d. het beschermen van landschap en natuur; e. het beheren van infrastructuur en watersystemen; en f. het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare ruimte voor personen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4103\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.103</span><span class=\"lf-art-t\">Activiteiten openbare ruimte</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">In de openbare ruimte zijn in ieder geval de volgende activiteiten toegestaan: a. het gebruik van gronden voor natuur, water en groenvoorzieningen; en b. het gebruik van gronden voor verkeersdoeleinden.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4104\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.104</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene regels</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  4.4.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Benutten van de openbare ruimte Subparagraaf 4.4.2.1 Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4105\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.105</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Deze paragraaf gaat over het benutten van de openbare ruimte.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4106\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.106</span><span class=\"lf-art-t\">Verbod hinderlijke of gevaarlijke plaatsing</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Het is verboden beplanting of voorwerpen aan te brengen of te hebben, op zodanige wijze dat voor het wegverkeer het vrije uitzicht wordt belemmerd of voor het wegverkeer hinder of gevaar ontstaat.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4107\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.107</span><span class=\"lf-art-t\">Gedoogplicht voorzieningen voor verkeer en verlichting</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De rechthebbende op een bouwwerk is verplicht te gedogen dat op of aan het bouwwerk voorwerpen, borden of voorzieningen ten behoeve van het verkeer of de openbare verlichting worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4108\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.108</span><span class=\"lf-art-t\">Verbod incidentele as verstrooiing</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Het is verboden incidenteel as te verstrooien: a. op gemeentelijke begraafplaatsen en crematoriumterreinen; of b. als dit hinder of overlast veroorzaakt voor derden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 4.4.2.2 Locatie gebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4109\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.109</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  4.4.3</h3>\n<p class=\"lf-p\">Roerende zaken opslaan Subparagraaf 4.4.3.1 Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4110\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.110</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Deze paragraaf gaat over: a. het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg, subparagraaf 4.4.3.2; b. het plaatsen van kampeermiddelen buiten kampeerterreinen, subparagraaf 4.4.3.3; en c. het innemen van een standplaats, subparagraaf 4.4.3.4.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4111\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.111</span><span class=\"lf-art-t\">Oogmerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De regels in deze subparagraaf zijn gesteld met het oog op: a. het waarborgen van veiligheid; b. het beschermen van de gezondheid; c. het beschermen van het milieu; d. het beschermen van landschap en natuur; e. het beheer van infrastructuur en watersystemen; en f. het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare ruimte voor personen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 4.4.3.2 Het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg Subsubparagraaf 4.4.3.2.1 Algemene bepalingen over het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4112\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.112</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze subparagraaf gaat over het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in strijd met de publieke functie van de weg.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder 'voorwerpen op of aan de weg' wordt in dit artikelin ieder geval verstaan: a. uitstallingen; b. terrassen; c. containers; d. keetwagens; e. kraanwagens; f. (chemische) toiletten; g. bouwsteigers; h. materiaal voor opslag; en i. hieraan gelijk te stellen voorwerpen.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze subparagraaf is niet van toepassing op de plaatsing van voorwerpen voor evenementen als bedoeld in artikel 2:24 van de Algemeen plaatselijke verordening van gemeente Lelystad.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4113\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.113</span><span class=\"lf-art-t\">Vergunningplicht plaatsen van voorwerpen op of aan de weg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het is verboden zonder omgevingsvergunning een weg anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan, als het gebruik schade toebrengt of kan toebrengen aan de weg, de bruikbaarheid van de weg belemmert of kan belemmeren, dan wel een belemmering vormt of kan vormen voor het beheer of onderhoud van de weg.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Van een belemmering voor de bruikbaarheid van de weg, zoals bedoeld in het eerste lid, sub a, is in ieder geval sprake als: a. geen vrije doorgang van tenminste 3,5 m breed wordt gelaten op de rijbaan voor fietsen of gemotoriseerd verkeer; en b. geen vrije doorgang van tenminste 2 m breed wordt gelaten op voetpaden in winkelcentra.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op: a. beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>de Omgevingswet;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>de Omgevingsverordening provincie Flevoland; en 3. de waterschapsverordening; b. situaties waarin wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994; en c. overige gevallen waarin krachtens een wettelijke regeling een vergunning voor het gebruik van de weg is verleend.</div>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4114\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.114</span><span class=\"lf-art-t\">Beoordelingsregels plaatsen van voorwerpen op of aan de weg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Een omgevingsvergunning, zoals bedoeld in artikel 4.113, wordt alleen verleend als: a. de activiteit niet in strijd is met de openbare veiligheid; b. de activiteit niet in strijd is met de volksgezondheid; c. de activiteit niet in strijd is met de bescherming van het milieu; en d. de activiteit geen aanstoot geeft in het uiterlijke aanzien van de gemeente.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4115\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.115</span><span class=\"lf-art-t\">Aanvraagvereisten plaatsen van voorwerpen op of aan de weg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. informatie die noodzakelijk is voor de toetsing van de aanvraag; en b. gereserveerd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4116\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.116</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene bepalingen plaatsen van voorwerpen op of aan de weg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het plaatsen van een voorwerp op of aan de weg is toegestaan, mits: a. er een vrije doorgang wordt gelaten met een minimale breedte van:</p>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">3,5 m op de rijbaan voor fietsen of gemotoriseerd verkeer;</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 m op voetpaden in winkelcentra; en 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 m in een galerij/arcade; b. er een vrije doorgang wordt gelaten met een minimale hoogte van:</p>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">4,2 m op plaatsen waar hulpvoertuigen meer ruimte nodig hebben; en 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">2,3 m in een galerij/arcade; c. het voorwerp niet op een dreef wordt geplaatst; d. het voorwerp geen vluchtroutes, nooduitgangen en toegangsdeuren blokkeert; en e. het voorwerp het gebruik van en de toegang tot nutsvoorzieningen niet beperkt of belemmert.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het plaatsen van een voorwerp op de stoep is, in afwijking van het eerste lid, toegestaan, mits: a. de stoep over de totale lengte (gemeten vanaf de gevel) een minimale vrije doorgang heeft van 1,5 m; of b. in het geval er een boom, fietsenrek of een vergelijkbaar object op de stoep staat, de stoep over de totale lengte een minimale vrije doorgang heeft van 1,2 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Brandkranen en andere bluswaterwinplaatsen en inspectieputten van het riool moeten worden vrijgehouden voor toegang en gebruik door blusvoertuigen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4117\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.117</span><span class=\"lf-art-t\">Informatieplicht plaatsen van voorwerpen op of aan de weg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Als het plaatsen van een voorwerp op of aan de weg vervuiling of beschadiging van bestrating of andere publieke eigendommen veroorzaakt, wordt het bevoegd gezag hiervan onverwijld op de hoogte gebracht.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Eventuele kosten voor het reinigen van de vervuiling of het herstellen van de beschadiging zullen aan de veroorzaker in rekening worden gebracht.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4118\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.118</span><span class=\"lf-art-t\">Specifieke zorgplicht: plaatsen van voorwerpen op of aan de weg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De zorgplicht, zoals bedoeld in artikel 1.7, houdt voor het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in ieder geval in dat een ieder verplicht is: a. maatregelen te treffen ter voorkoming van vervuiling of beschadiging van bestrating of andere publieke eigendommen; b. de omgeving van het geplaatste voorwerp schoon en opgeruimd te houden; c. de omgeving van het geplaatste voorwerp bij verwijdering schoon en leeg achter te laten; en d. ervoor te zorgen dat het voorwerp, of een onderdeel daarvan, geen gevaar of hinder veroorzaakt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subsubparagraaf 4.4.3.2.2 Terrassen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4119\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.119</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze subsubparagraaf gaat over het plaatsen van terrassen bij een (horeca)bedrijf.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">De regels in deze subsubparagraaf gelden in aanvulling op hetgeen bepaald in subsubparagraaf 4.4.3.2.1.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4120\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.120</span><span class=\"lf-art-t\">Meldplicht terrassen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verbod in artikel 4.113, eerste lid, is niet van toepassing als het gaat om de plaatsing van een terras, zoals bedoeld in artikel 2:27, eerste lid, onder b, van de Algemene plaatselijke verordening Lelystad 2021, en hiertoe minimaal 4 weken vóór de plaatsing van het terras een melding is gedaan bij het bevoegd gezag, mits: a. de exploitant van het (horeca)bedrijf waarvoor de melding wordt gedaan in het bezit is van een vergunning op basis van de Alcoholwet of een exploitatievergunning waarop de oppervlakte van het terras vermeld staat; b. het terras niet:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>tijdens een evenement op een aangewezen evenemententerrein zonder toestemming van de organisator van het evenement wordt geplaatst;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>tijdens een marktdag op een aangewezen markt-locatie wordt geplaatst;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">3.</span>tijdens de uitvoering van aanleg-, bouw-, of onderhoudswerkzaamheden op locatie wordt geplaatst; of 4. bij een coffeeshop, speelautomatenhal of seksinrichting wordt geplaatst; en c. het terras:</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>in het zicht van het betreffende (horeca)bedrijf wordt geplaatst;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>in het geval van een gevelterras, direct, dan wel zo direct mogelijk, tegen, vóór of haaks op de gevel wordt geplaatst; en 3. in het geval van een terras onder een arcade, direct aan de gevel wordt geplaatst.</div>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het gestelde in het eerste lid, onder c, sub 2, mag een gevelterras voor de gevel van een ander bedrijf worden geplaatst, mits hier schriftelijke toestemming voor is afgegeven door de eigenaar/huurder van het betreffende bedrijf.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een melding bevat in ieder geval de volgende gegevens: a. naam, adres en KvK-nummer van de exploitant van het (horeca)bedrijf; b. naam en adres van het (horeca)bedrijf; c. een afschrift van de vergunning of de aanvraag van de vergunning zoals bedoeld in het eerste lid, onder a; d. een plattegrond van de indeling van het beoogde terras met afmetingen; en e. indien van toepassing een afschrift van de schriftelijke toestemming zoals bedoeld in het tweede lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het bevoegd gezag kan na ontvangst van de melding extra gegevens opvragen die nodig zijn voor de controle van de melding.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4121\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.121</span><span class=\"lf-art-t\">Regels over terrassen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de inrichting van terrassen geldt: a. terrasmeubilair moet direct na sluitingstijd van het betreffende (horeca)bedrijf worden opgeruimd en verwijderd door het inpandig of elders op te slaan; b. terrasmeubilair moet bij de beëindiging van de exploitatie van het betreffende (horeca)bedrijf worden opgeruimd en verwijderd; c. terrasmeubilair moet zodanig worden opgesteld dat er voldoende tussenpaden van minimaal 0,6 m breed zijn; d. terrasmeubilair wordt niet aan de gevel of in de grond verankerd; en e. andere voorwerpen dan terrasmeubilair zijn enkel toegestaan als voor de plaatsing van deze voorwerpen toestemming is gegeven op grond van de Alcoholwet.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder 'terrasmeubilair' wordt in dit artikel in ieder geval verstaan: a. tafels en zitgelegenheden; b. terrasverwarmers en -koelers; c. windschermen en parasols; d. bloembakken; en e. hieraan gelijk te stellen voorwerpen.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder 'terrasmeubilair' wordt in dit artikel in ieder geval niet verstaan: a. barbecues; b. kooktoestellen; c. biertaps; en d. partytenten.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het gestelde in het eerste lid, onder a, mag terrasmeubilair blijven staan als het dusdanig gekoppeld of opgestapeld is dat verplaatsing en gebruik van losse meubelstukken niet mogelijk is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subsubparagraaf 4.4.3.2.3 Bepalingen over het plaatsen van andere specifieke voorwerpen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4122\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.122</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze subsubparagraaf gaat over: a. de plaatsing van containers; b. de plaatsing van kraanwagens; en c. de plaatsing van uitstallingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">De regels in deze subsubparagraaf gelden in aanvulling op hetgeen bepaald in subsubparagraaf 4.4.3.2.1.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4123\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.123</span><span class=\"lf-art-t\">Meldplicht containers</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen containers, meldplicht is het verbod in artikel 4.113, eerste lid, niet van toepassing als het gaat om de plaatsing van een container op de weg voor het inzamelen van afval, anders dan een inzamelmiddel of inzamelvoorziening zoals bedoeld in de Afvalstoffenverordening 2020 Lelystad, of voor het opslaan van materialen waarvoor geen omgevingsvergunning is vereist, zoals bedoeld in artikel 22.291, en hiertoe een melding is gedaan bij het bevoegd gezag, mits: a. de container een maximale oppervlakte heeft van 12.5 m2; b. de container een maximale hoogte heeft van 1,5 m; c. de container maximaal 14 dagen geplaatst wordt; d. de container is voorzien van goed zichtbare reflecterende markeringen conform CROW 130; e. in het geval de container bestemd is voor het bewaren van aan bederf onderhevig afval, de container een gesloten container is; en f. in het geval de container een open container is, de inhoud van de container niet uitsteekt.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een melding bevat in ieder geval de volgende gegevens: a. informatie over het type container; b. informatie over de omvang van de container; c. informatie over de plaatsing van de container; d. informatie over het gebruik van de container; e. de startdatum van de activiteit; en f. de verwachte einddatum van de activiteit.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het is niet toegestaan een container op de stoep te plaatsen als er een geschikte ruimte op een parkeerplaats is.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een container dient afgesloten te worden vervoerd, bijvoorbeeld door middel van een net, ter voorkoming van vervuiling van de weg waarover de container wordt vervoerd en verkeersonveilige situaties op de weg.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4124\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.124</span><span class=\"lf-art-t\">Meldplicht kraanwagens</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen kraanwagens, meldplicht is het verbod in artikel 4.113, eerste lid, niet van toepassing als het gaat om de plaatsing van een kraanwagen op de weg en hiertoe een melding is gedaan bij het bevoegd gezag, mits: a. de kraanwagen maximaal 12 uur en uiterlijk tot 20:00 uur geplaatst wordt; b. de kraanwagen afgezet wordt conform CROW 96B; c. er geen verkeer onder de giek van de kraanwagen door kan; d. aan te leveren of af te voeren materiaal binnen het werkvlak valt; e. naastgelegen panden minimaal 5 werkdagen vooraf in kennis zijn gesteld van eventuele belemmeringen; en f. in het geval van een hoogwerker, de giek bij het in- of uitstappen van de bak in het afgezette werkvak valt danwel wordt afgezet.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder 'kraanwagen' wordt in dit artikel verstaan: a. kraanwagen; b. hoogwerker; c. verhuislift; d. mobiele betonpompen; e. zuig- en blaasvoertuigen; f. grote transportwagens; en g. hieraan gelijk te stellen voorwerpen.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een melding bevat in ieder geval de volgende gegevens: a. informatie over het type kraanwagen; b. informatie over de omvang van de kraanwagen; c. informatie over de plaatsing van de kraanwagen; d. de datum en starttijd van de activiteit; en e. de verwachte eindtijd van de activiteit.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het is niet toegestaan een kraanwagen op de stoep te plaatsen als er een geschikte ruimte op een parkeerplaats is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4125\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.125</span><span class=\"lf-art-t\">Regels over uitstallingen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het plaatsen van uitstallingen is toegestaan, mits: a. de minimale hoogte van de uitstalling 0,7 m is; b. de maximale diepte van de uitstalling 1,5 m is; c. de uitstalling niet aan de ondergrond bevestigd wordt; d. de uitstalling schoon, heel en veilig is; e. de uitstalling tijdens openingstijden van de winkel geplaatst wordt; f. de uitstalling voor de eigen winkelpui geplaatst wordt; g. de uitstalling direct tegen de gevel aan geplaatst wordt; en h. de uitstalling niet in portieken geplaatst wordt waar zich toegangen tot woningen bevinden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder 'uitstallingen' wordt in dit artikel verstaan: a. voorwerpen die direct voor de gevel van een pand op of aan de weg worden geplaatst (inclusief stoepborden); en b. die als doel hebben de aandacht te vestigen op de winkel of onderneming gevestigd in dat pand.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het gestelde in het eerste lid, onder b en onder g, geldt voor het plaatsen van uitstallingen in een galerij/arcade dat: a. de maximale diepte van de uitstalling 1 m is; en b. de uitstalling tussen de pilaren van een galerij/arcade geplaatst mag worden.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">In aanvulling op het eerste lid, geldt voor winkels die geen eigen ingang hebben op de begane grond dat het is toegestaan één stoepbord op de begane grond te plaatsen, mits: a. het stoepbord aan de zijkant van de trap staat; b. het stoepbord binnen een strook van 1 m van de zijkant van de trap staat; en c. het stoepbord niet direct voor de gevel van een andere winkel staat.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 4.4.3.3 het plaatsen van kampeermiddelen buiten kampeerterreinen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4126\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.126</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd Subparagraaf 4.4.3.4 Standplaats innemen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4127\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.127</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  4.4.4</h3>\n<p class=\"lf-p\">Handelsreclame maken of voeren</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4128\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.128</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  4.5</h3>\n<p class=\"lf-p\">Festiviteiten</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  4.5.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene bepalingen Subparagraaf 4.5.1.1 Algemeen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4129\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.129</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze afdeling gaat over festiviteiten zoals bedoeld in artikel 5.68 Besluit kwaliteit leefomgeving.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze afdeling gaat niet over evenementen zoals bedoeld in artikel 2:24 van de Algemeen plaatselijke verordening van gemeente Lelystad.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4130\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.130</span><span class=\"lf-art-t\">Oogmerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De regels in deze afdeling zijn gesteld met het oog op: a. het waarborgen van de veiligheid; b. het beschermen van de gezondheid; en c. het beschermen van het milieu.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4131\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.131</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene regels festiviteiten</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op festiviteiten zoals bedoeld in deze afdeling zijn de volgende bepalingen niet van toepassing: a. de geluidsnormen, zoals bedoeld in artikel 11.3 en artikel 22.65 tot en met artikel 22.73, voor zover de naleving van deze normen redelijkerwijs niet kan worden gevergd; en b. de voorwaarden voor verlichting voor sportbeoefening in de buitenlucht, zoals bedoeld in artikel 14.3.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een festiviteit die ten hoogste een etmaal duurt, maar die zowel voor als na 00:00 uur plaatsvindt, wordt beschouwd als plaatshebbende op één dag.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 4.5.1.2 Collectieve festiviteiten</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4132\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.132</span><span class=\"lf-art-t\">Aanwijzing collectieve festiviteiten</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Op grond van artikel 5.68, aanhef en onder a., Besluit kwaliteit leefomgeving worden als collectieve festiviteiten voor reguliere horecabedrijven de volgende dagen aangewezen: a. de nacht voor de viering van Koningsdag van 20:00 uur tot 01:00 uur; b. de viering van Koningsdag van 13:00 uur tot 01:00 uur; en c. de jaarwisseling op 31 december van 20:00 uur tot 01:00 uur.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4133\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.133</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene regels collectieve festiviteiten</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het equivalente geluidsniveau LAeq veroorzaakt tijdens een collectieve festiviteit bedraagt niet meer dan 75 dB(A), gemeten op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het equivalente geluidsniveau LAeq veroorzaakt tijdens een collectieve festiviteit bedraagt niet meer dan 55 dB(A), gemeten binnen in- of aanpandige woningen van derden.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij de toepassing van het eerste en tweede lid blijven de toeslagen voor de aard van het geluid, de meteocorrectieterm of de bedrijfsduurcorrectieterm achterwege.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 4.5.1.3 Incidentele festiviteiten</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4134\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.134</span><span class=\"lf-art-t\">Meldplicht incidentele festiviteiten</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het is verboden incidentele festiviteiten te houden zonder dit ten minste twee weken voor de aanvang van de festiviteit te melden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een melding bevat in ieder geval de volgende gegevens: a. de naam en adresgegevens van het horecabedrijf; b. de naam en contactgegevens van de contactpersoon; c. de datum en tijdsduur van de festiviteit; en d. informatie over de festiviteit, waaronder:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>de reden voor of de aard van de festiviteit;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>het muziekgenre van de festiviteit;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">3.</span>het type geluidsbron en het vermogen van de geluidsbron; en 4. het soort verlichting en het doel van de verlichting (enkel voor sportaccommodaties).</div>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder incidentele festiviteiten wordt in dit artikel verstaan: festiviteiten zoals bedoeld in artikel 5.68, onder b, Besluit kwaliteit leefomgeving.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4135\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.135</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene regels incidentele festiviteiten</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (Lar,LT) veroorzaakt tijdens een incidentele festiviteit bedraagt niet meer dan 75 dB(A), gemeten op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (Lar,LT) veroorzaakt tijdens een incidentele festiviteit bedraagt niet meer dan 55 dB(A), gemeten binnen in- of aanpandige woningen van derden.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij het ten gehore brengen van muziekgeluid blijven ramen en deuren gesloten, behoudens voor het onmiddellijk doorlaten van personen of goederen.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een gemelde incidentele festiviteit eindigt uiterlijk om 01:00 uur.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij de toepassing van het eerste en tweede lid blijven de toeslagen voor de aard van het geluid, de meteocorrectieterm of de bedrijfsduurcorrectieterm achterwege.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4136\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.136</span><span class=\"lf-art-t\">Maximaal aantal incidentele festiviteiten</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Per kalenderjaar zijn er maximaal 12 incidentele festiviteiten per locatie toegestaan.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  4.5.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Locatie gebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-4137\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 4.137</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Hoofdstuk  5</h3>\n<p class=\"lf-p\">BOUWEN</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  5.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene bepalingen</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.1.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Inleidende bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-51\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.1</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Dit hoofdstuk gaat over het bouwen, in stand houden en gebruiken van een bouwwerk zoals opgenomen in paragraaf 22.2.7.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-52\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.2</span><span class=\"lf-art-t\">Oogmerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op: a. het bereiken en in stand houden van een goed woon- en leefklimaat; b. het voorkomen en beperken van hinder; c. het beschermen van de ruimtelijke kwaliteit; d. het beschermen van cultureel erfgoed; e. het beschermen van de gezondheid; en f. het waarborgen van de veiligheid.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-53\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.3</span><span class=\"lf-art-t\">Anti-dubbeltelregel</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.1.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Aanwijzingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-54\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.4</span><span class=\"lf-art-t\">Beperkingengebied straalpad</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Er is een beperkingengebied straalpad in dit omgevingsplan.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.1.3</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene vergunningplicht</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-55\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.5</span><span class=\"lf-art-t\">Beoordelingsregels</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als: a. voldaan wordt aan de beoordelingsregels die van toepassing zijn uit paragraaf 22.2.7; b. voldaan wordt aan de regels zoals gesteld in dit hoofdstuk over de bouwactiviteit; c. de geluidswaarden op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen aanvaardbaar is, waarbij het bevoegd gezag dit beoordeeld op basis van het geluidsbeleid van gemeente Lelystad; d. aan of in dat bouwwerk, dan wel op het onbebouwde terrein bij het bouwwerk, wordt voorzien in ruimte voor het laden of lossen van goederen, als het beoogde gebruik van een bouwwerk aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan die ruimte; en e. voldaan wordt aan de in artikel 17.3 genoemde gronden, waarbij het bevoegd gezag de beleidsregels van de 'Nota Parkeernormen Lelystad 2023', of nadien gewijzigd, toepast.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">In aanvulling op de beoordelingsregels zoals opgenomen in het eerste lid, wordt een omgevingsvergunning bij specifieke bepalingen alleen verleend als er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de milieusituatie; en e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij de specifieke bouwactiviteiten zoals uiteengezet in dit hoofdstuk kunnen specifieke beoordelingsregels gelden in aanvulling op of ter vervanging van de beoordelingsregels in dit artikel.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het bepaalde in het eerste lid, onder d, geldt niet: a. voor bestaand gebruik, waarbij de herbouw van een bouwwerk zonder functiewijziging wordt beschouwd als bestaand gebruik; b. voor zover op andere wijze in de nodige laad- of losruimte wordt voorzien; en c. als het voldoen aan dit vereiste door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-56\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.6</span><span class=\"lf-art-t\">Aanvraagvereisten bouwen van een bouwwerk</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. gegevens en bescheiden zoals opgenomen in artikel 22.34; b. gegevens en bescheiden als opgenomen in afdeling 7.2 van de Omgevingsregeling; en c. indien van toepassing, de gegevens en bescheiden zoals opgenomen in artikel 1.5 van het tijdelijke regelingdeel bij dit omgevingsplan genaamd 'Voorbereidingsbesluit bodem gemeente Lelystad'; en d. overige gegevens en bescheiden die samenhangen met een benodigde toetsing aan dit omgevingsplan.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij de specifieke bouwactiviteiten zoals uiteengezet in deze afdeling kunnen specifieke aanvraagvereisten gelden in aanvulling op de aanvraagvereisten in dit artikel.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-57\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.7</span><span class=\"lf-art-t\">Maatwerkvoorschriften bebouwing</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwactiviteit maatwerkvoorschriften kan het bevoegd gezag voor bouwactiviteiten op locatie maatwerkvoorschriften stellen over de plaatsing en afmeting van de bebouwing voor: a. een goede woonsituatie; b. de milieusituatie; c. de sociale veiligheid; d. de verkeersveiligheid; of e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.1.4</h3>\n<p class=\"lf-p\">Omgevingsnormen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-58\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.8</span><span class=\"lf-art-t\">Omgevingsnormen maximale bebouwing</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op locaties waar een bebouwingspercentage geldt mag het bebouwingspercentage in procenten (%) maximaal de met maximaal bebouwingspercentage aangegeven waarde zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bebouwingspercentage, woonhuis geldt het bebouwingspercentage zoals opgenomen in het eerste lid op locatie per bouwperceel.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op locaties met een maximaal bebouwbaar oppervlak mag het maximale bebouwbare oppervlak in vierkante meters (m2) maximaal de met maximaal bebouwbaar oppervlak aangegeven waarde zijn.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.1.5</h3>\n<p class=\"lf-p\">Locatie gebonden regels over bouwwerken Subparagraaf 5.1.5.1 Bouwen algemeen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-59\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.9</span><span class=\"lf-art-t\">Beperkingsregels bouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen beperkingengebied, straalpad mag de bouwhoogte van bouwwerken maximaal 84 m zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerken bouwen, waterkering mogen alleen bouwwerken worden gebouwd voor de betreffende waterkering.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerken bouwen, gasleiding mogen alleen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd ten dienste van een ondergrondse hoge druk gastransportleiding, in het belang van de omgevingsveiligheid en energieleveringszekerheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen verbod bouwwerken bouwen is het verboden om bouwwerken te bouwen.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen verbod bouwwerken bouwen, met uitzondering is het verboden bouwwerken te bouwen, met uitzondering van bouwwerken, geen gebouw zijnde, als opgenomen in afdeling 5.5.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen verbod gebouwen bouwen is het verboden gebouwen te bouwen.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen verbod bouwwerken, eerste bouwlaag is het verboden om te bouwen op de eerste bouwlaag op locatie.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-510\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.10</span><span class=\"lf-art-t\">Aanvullende beoordelingsregels bouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerken bouwen, gasleiding wordt, in aanvulling op artikel 5.5, eerste lid, een omgevingsvergunning voor andere bouwwerken dan bedoeld in artikel 5.9, derde lid, alleen verleend als: a. de veiligheid van de betrokken leiding niet wordt geschaad; b. het niet om een (zeer/beperkt) kwetsbare objecten gaat; en c. er schriftelijk advies is ingewonnen bij de leidingbeheerder.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-511\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.11</span><span class=\"lf-art-t\">Maatwerkvoorschriften bouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen maatwerkvoorschriften bouwwerken (1) kan het bevoegd gezag maatwerkvoorschriften stellen ter voorkoming van een onevenredige aantasting van bebouwings- en gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken met betrekking tot: a. de situering en grondoppervlakte van woningen, waarbij:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>de situering van de voorgevelbouwgrens nader kan worden bepaald;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>de diepte van woningen (afstand tussen voorgevel- en achterbouwgrens) nader kan worden bepaald;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">3.</span>de breedte van bouwpercelen nader kan worden bepaald; of 4. de afstanden nader kunnen worden bepaald van woningen tot de (zijdelingse) perceelsgrenzen of andere woningen; of b. het aantal aaneen te bouwen woningen; c. de plaatsing van bijgebouwen ten opzichte van de woning; of d. de plaatsing en afmeting van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, indien dit in verband met een ingekomen bouwplan noodzakelijk is.</div>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen maatwerkvoorschriften bouwwerken (2) kan het bevoegd gezag voor bouwactiviteiten op locatie maatwerkvoorschriften stellen over de plaatsing en afmeting van de bebouwing voor: a. een goede woonsituatie; b. de milieusituatie; c. de sociale veiligheid; d. de verkeersveiligheid; of e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 5.1.5.2 Bouwen specifiek</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-512\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.12</span><span class=\"lf-art-t\">Verkleinen van bouwpercelen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerken bouwen, verkleinen bouwperceel kan het bevoegd gezag op verzoek bestaande bouwpercelen, zoals opgenomen in de bijlage bij dit omgevingsplan met als naam Groene Velden, kadastrale begrenzing, 1/05/2011, verkleinen, en daarvoor afwijken van de bouwregels op locatie, mits: a. het gaat om een een bouwperceel van meer dan 10.000 m2, welke verkleind worden naar een minimumomvang van 5.000 m2; b. er een goede verhouding tussen bouwmassa en de open ruimte wordt gerealiseerd; en, c. er een goede hoogte-/breedteverhouding tussen de bebouwing onderling wordt gerealiseerd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-513\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.13</span><span class=\"lf-art-t\">Vergunningplicht geurgevoelige gebouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen geurgevoelig gebouw, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning om geurgevoelige gebouwen als bedoeld in artikel 5.91 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, te bouwen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-514\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.14</span><span class=\"lf-art-t\">Beoordelingsregels geurgevoelige gebouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen geurgevoelig gebouw, beoordelingsregels wordt een omgevingsvergunning alleen verleend, als is aangetoond dat de geur door een activiteit op geurgevoelige gebouwen aanvaardbaar is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-515\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.15</span><span class=\"lf-art-t\">Aanvraagvereisten geurgevoelige gebouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen geurgevoelig gebouw, aanvraagvereisten worden bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. gegevens en bescheiden als opgenomen in afdeling 7.2 van de Omgevingsregeling; b. overige gegevens en bescheiden die samenhangen met een benodigde toetsing aan dit omgevingsplan.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  5.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Gebouw bouwen</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.2.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-516\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.16</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze paragraaf gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van een gebouw, al dan niet als hoofdgebouw.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze paragraaf gaat niet over het bouwen van: a. een recreatief nachtverblijf; en b. bijbehorende bouwwerken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-517\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.17</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene bouwregel</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied is het verboden een gebouw te bouwen buiten een bouwvlak, tenzij in paragraaf 5.2.2 hierover op locatie anders wordt bepaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van het eerste lid, gebouwen op locatie maximaal 1,5 m buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits het gaat om: a. plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen en schoorstenen; b. gevel- en kroonlijsten en overstekende daken; c. één erker per (hoofd)gebouw over maximaal de halve gevelbreedte; d. ingangspartijen, luifels, balkons en galerijen; of e. een hiermee gelijk te stellen ondergeschikt onderdeel van gebouwen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-518\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.18</span><span class=\"lf-art-t\">Omgevingsnorm bouwhoogte</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Op locaties met een maximale bouwhoogte mag de bouwhoogte maximaal de met maximale bouwhoogte aangegeven waarde zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied is het, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van de bouwhoogte zoals aangegeven op grond van het eerste lid, mogelijk om op locatie de bouwhoogte van gebouwen voor plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers en lichtkappen, te vergroten, mits: a. de maximale oppervlakte van de vergroting maximaal 10% van het bouwvlak is; en b. de bouwhoogte maximaal 1,25 keer de maximale bouwhoogte van het gebouw is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-519\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.19</span><span class=\"lf-art-t\">Omgevingsnorm goothoogte</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Op locaties met een maximale goothoogte mag de goothoogte maximaal de met maximale goothoogte aangegeven waarde zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-520\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.20</span><span class=\"lf-art-t\">Omgevingsnorm hellingshoek dak</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Op locaties met regels over de dakhelling is de toegestane hellingshoek opgenomen op de locatie in de vorm van: a. de maximale hellingshoek, waarbij de waarde 0° een verplicht plat dak aangeeft; of b. de minimale en maximale hellingshoek.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-521\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.21</span><span class=\"lf-art-t\">Omgevingsnorm garagebox</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Op locaties met een maximale bouwhoogte voor garageboxen mag de bouwhoogte van garageboxen maximaal de met maximale bouwhoogte garageboxen aangegeven waarde zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-522\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.22</span><span class=\"lf-art-t\">Afwijken afstand perceelsgrenzen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van paragraaf 5.2.2, de afstand van een gebouw of hoofdgebouw tot aan de perceelsgrenzen worden verkleind.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.2.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Locatiegebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-523\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.23</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels aantal bouwlagen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, max. 3 bouwlagen mag het hoofdgebouw op locatie uit maximaal 3 bouwlagen bestaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, max. 4 bouwlagen mag het hoofdgebouw op locatie uit maximaal 4 bouwlagen bestaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, 10% 8 bouwlagen mag, in afwijking van het bepaalde in het tweede lid, maximaal 10% van de oppervlakte van het werkingsgebied bestaan uit hoofdgebouwen met maximaal 8 bouwlagen.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, 15% 6 bouwlagen mag, in afwijking van het bepaalde in het tweede lid, maximaal 15% van de oppervlakte van het werkingsgebied bestaan uit hoofdgebouwen met maximaal 6 bouwlagen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-524\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.24</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand tussen woningen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, afstand tussen woningen is de afstand tussen woningen ten minste: a.</p>\n<p class=\"lf-p\">9 m tussen de zijgevel van een woning en de achtergevel van een andere woning; b.</p>\n<p class=\"lf-p\">14 m tussen een voorgevel van een woning en de achtergevel van een andere woning; en c.</p>\n<p class=\"lf-p\">18 m tussen achtergevels van woningen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-525\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.25</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand tussen woningen (afwijken)</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, afwijken afstand tussen woningen mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.24, de afstand tussen woningen worden verkleind, mits a. het type of de wijze van verkaveling een kleinere afstand mogelijk maakt; en b. de privacy en zontoetreding op aangrenzende percelen niet in onevenredige mate wordt aangetast.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-526\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.26</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand gebouw locatiegrens</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, afstand locatiegrens 10 m worden gebouwen op ten minste 10 m vanaf de locatiegrens gebouwd, tenzij de bestaande afstand minder is, in welk geval die afstand geldt als minimale afstand.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-527\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.27</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand gebouw locatiegrens (afwijken)</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, afwijken afstand locatiegrens 10 m mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.26, een gebouw op minder dan 10 m afstand van de locatiegrens worden gebouwd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-528\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.28</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand voorkant perceel hoofdgebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, afstand voorkant perceel 2,5 m moet op locatie de afstand van het hoofdgebouw tot aan de voorste perceelgrens minimaal 2,5 m zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-529\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.29</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand voorkant perceel (afwijken)</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.28, de afstand van het hoofdgebouw tot aan de voorste perceelsgrens worden verkleind.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-530\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.30</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand zijkant perceel gebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, afstand zijkant perceel 5 m moet op locatie de afstand van het gebouw tot aan de zijdelingse perceelsgrens minimaal 5 m zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-531\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.31</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand zijkant perceel hoofdgebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, afstand zijkant perceel 1,5 m moet, in afwijking op het tweede lid, op locatie de afstand van een vrijstaand hoofdgebouw tot aan de zijdelingse perceelsgrens minimaal 1,5 m zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, afstand zijkant perceel 2 m moet op locatie de afstand van het hoofdgebouw tot aan de zijdelingse perceelsgrens, waar de verschillende hoofdgebouwen niet aaneen gebouwd zijn, minimaal 2 m zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, afstand zijkant perceel 2,5 m moet op locatie de afstand van het hoofdgebouw tot aan de zijdelingse perceelsgrens, waar de verschillende hoofdgebouwen niet aaneen gebouwd zijn, minimaal 2,5 m zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, afstand zijkant perceel 3 m moet op locatie de afstand van het hoofdgebouw tot aan de zijdelingse perceelsgrens, waar de verschillende hoofdgebouwen niet aaneen gebouwd zijn, minimaal 3 m zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-532\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.32</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand zijkant perceel (afwijken)</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid en in afwijking van artikel 5.30 en 5.31, de afstand van het (hoofd)gebouw tot aan de zijdelingse perceelsgrens worden verkleind, mits de verschillende hoofdgebouwen niet aaneen gebouwd zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-533\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.33</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand perceelsgrens gebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, afstand perceelsgrens 10 m worden gebouwen op locatie minimaal 10 m vanaf de perceelsgrens gebouwd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-534\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.34</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afstand perceelsgrens gebouw (afwijken)</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, afwijking afstand perceelsgrens 10 m mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel , op locatie gebouwen op een afstand van minder dan 10 m van de perceelsgrens worden gebouwd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-535\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.35</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afwijken bouwvlak gebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak (1) mogen kassen buiten het bouwvlak worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak (2) mogen kassen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits de maximale oppervlakte aan kassen per bouwperceel 500 m2 is.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak (3) mogen veldschuren, schuilgebouwen en kassen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits: a. de gezamenlijke oppervlakte van veldschuren en schuilgebouwen per bouwperceel maximaal 100 m2 is; en b. de gezamenlijke oppervlakte van kassen per bouwperceel maximaal 500 m2 is.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak (4) mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, veldschuren en schuilgebouwen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits: a. de gezamenlijke oppervlakte van deze gebouwen per bedrijf maximaal 100 m2 is; en b. de maximale bouwhoogte van deze gebouwen 6 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak (5) mag, in afwijking van artikel 5.17, op locatie een gebouw buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits: a. het een fietsenberging is; b. het maximaal één gebouw is; en c. de oppervlakte van het gebouw maximaal 30 m2 is.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak (6) mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.17, op locatie gebouwen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits maximaal 20% van de gebouwen buiten het bouwvlak wordt gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, 2,5 m buiten bouwvlak, mits is het, in afwijking van artikel 5.17, mogelijk op locatie dat gebouwen maximaal 2,5 m buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits het gaat om tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, funderingen, balkons, entreeportalen, veranda's of afdaken.</p>\n<p class=\"lf-p\">8.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, 2 m buiten bouwvlak mogen, in afwijking van artikel 5.17, eerste lid en tweede lid onder d, gebouwen maximaal 2 m buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits het gaat om: a. plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen en schoorstenen; b. gevel- en kroonlijsten en overstekende daken; en c. balkons.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-536\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.36</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels afwijken bouwvlak hoofdgebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak (1) mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.17, hoofdgebouwen op locatie buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits: a. een hoofdgebouw niet vóór de bestaande voorgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd; en b. de uitbreiding niet meer dan 3 m gemeten ten opzichte van de bouwgrens is.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak (2) mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.17, hoofdgebouwen op locatie gedeeltelijk buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits maximaal 20% van de hoofdgebouwen buiten het bouwvlak wordt gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak (3) mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.17, hoofdgebouwen op locatie gedeeltelijk buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits: a. maximaal 20% van de hoofdgebouwen buiten het bouwvlak wordt gebouwd; en b. het bouwvlak niet voorzien is van een maximaal bebouwingspercentage.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak (4) mogen, in afwijking van artikel 5.17, hoofdgebouwen op locatie buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits: a. de overschrijding van het bouwvlak maximaal 60% van de breedte van het bouwperceel is; b. uitsluitend de naar de weg gekeerde zijde van het bouwvlak overschreden wordt; c. de overschrijding maximaal 2,5 m diep is; en d. het bebouwingspercentage van het bouwperceel vóór de voorgevelrooilijn maximaal 50% is.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak (5) mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.17 hoofdgebouwen op locatie gedeeltelijk buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits: a. de afstand tot de perceelgrens minimaal 1 m is; en b. de overschrijding maximaal 15% van de gevelbreedte van het bouwblok betreft.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-537\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.37</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels bouwhoogte gebouwen (afwijken)</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, afwijken bouwhoogte 12 m mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van de bouwhoogte zoals opgenomen in artikel 5.18, op locatie worden afgeweken van de bouwhoogte, mits de afwijking: a. de bouwhoogte verhoogt tot maximaal 12 m; en b. het gebouw in totaal niet meer dan drie bouwlagen telt.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, afwijken bouwhoogte 24 m/50% is het in afwijking van de bouwhoogte zoals aangegeven op grond van artikel 5.18 mogelijk de bouwhoogte te verhogen tot 24 m voor maximaal 50% van het uitgeefbaar gebied.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, afwijken bouwhoogte 15 m/50% mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van de bouwhoogte zoals opgenomen in artikel 5.18, de bouwhoogte op locatie worden verhoogt tot maximaal 15 m en voor maximaal 50% van de oppervlakte van het gebouw.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, afwijken bouwhoogte 16 m/105 m2 mag, in afwijking van de bouwhoogte zoals opgenomen in artikel 5.18, de bouwhoogte op locatie worden verhoogt tot maximaal 16 m en voor een oppervlak van maximaal 105 m2.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-538\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.38</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels bouwhoogte hoofdgebouwen (afwijken)</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, 2e bouwlaag boven omg.norm mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van de bouwhoogte opgenomen in artikel 5.18, de bouwhoogte op locatie worden verhoogt om een tweede bouwlaag te bouwen.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, extra bouwlaag boven omg.norm mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van de bouwhoogte opgenomen in artikel 5.18, de bouwhoogte op locatie worden verhoogt tot maximaal 12 m om een extra bouwlaag te bouwen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-539\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.39</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels bouwhoogte ondergrondse gebouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, ondergronds 3 m mogen, voor zover in afdeling 5.2 is bepaald waar het toelaatbaar is om gebouwen te bouwen, de gebouwen ook ondergronds worden gebouwd, mits de bouwhoogte van de gebouwen maximaal 3 m is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-540\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.40</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels garageboxen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, garagebox mogen op locatie garageboxen worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, garagebox (1) gelden bij het bouwen van een garagebox op locatie de volgende regels: a. de maximale bouwhoogte is 3,5 m; en b. de maximale oppervlakte is 20 m2.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-541\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.41</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels gebouwen dierenweiden</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, dierenweide mogen gebouwen worden gebouwd, mits: a. de bouwhoogte maximaal 3,5 m is; en b. het gezamenlijk oppervlak van de gebouwen maximaal 150 m² is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-542\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.42</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels gebouwen parkeervoorzieningen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, parkeervoorziening mag bij het bouwen van een gebouw op locatie een parkeervoorziening worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, parkeervoorziening, diepte 4 m mag bij het bouwen van een gebouw op locatie een parkeervoorziening worden gebouwd, mits deze maximaal 4 m diep is.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, parkeervoorziening, (half)ondergronds mag bij het bouwen van een gebouw op locatie een (half)ondergrondse parkeervoorziening worden gebouwd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-543\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.43</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels gebouwen passentenhaven</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, passantenhaven mag, in afwijking van artikel 5.9, zesde lid, een gebouw worden gebouwd, mits: a. er op locatie nooit meer dan één gebouw staat; b. een gebouw wordt gebouwd voor de haven; c. de oppervlakte maximaal 100 m2 is; d. de hoogte maximaal 5 m is; en e. het gebouw niet gebouwd worden binnen het beperkingengebied hoogspanningsleidingen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-544\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.44</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels gebouwen volkstuinen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, volkstuin (1) gelden de volgende regels: a. per volkstuin mag maximaal één gebouw worden gebouwd; b. de bouwhoogte van een gebouw is maximaal 3 m; en c. de oppervlakte van een gebouw is maximaal 12 m2.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, volkstuin (2) gelden de volgende regels: a. voor één gebouw voor gemeenschappelijk gebruik:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>de bouwhoogte van het gebouw is maximaal 4,5 m; en 2. de oppervlakte van het gebouw is maximaal 100 m²; b. voor gebouwen per volkstuin:</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>er mogen maximaal twee gebouwen per volkstuin worden gebouwd;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>de bouwhoogte van de gebouwen is maximaal 2,2 m; en 3. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen is maximaal 11 m².</div>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-545\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.45</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels goothoogte gebouw (afwijken)</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, afwijken goothoogte mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van de goothoogte zoals opgenomen in artikel 5.19, op locatie worden afgeweken van de goothoogte.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-546\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.46</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels inhoud gebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, inhoud, 750 m3 mag een (bedrijfs-)woning worden gebouwd met een maximale inhoud van 750 m3.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, inhoud, 1500 m3 mag een bedrijfswoning worden gebouwd met een maximale inhoud van 1.500 m3.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-547\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.47</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels oppervlak gebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, maximaal 250 m2 mag de totale grondoppervlakte van gebouwen maximaal 250 m2 zijn, waarbij de totale grondoppervlakte van ieder afzonderlijk gebouw maximaal 50 m2 is.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, maximaal 1000 m2 mag de totale grondoppervlakte van gebouwen maximaal 1.000 m2 zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, maximaal 5000 m2 mag, met in afwijking van het zevende lid en met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, de totale oppervlakte aan kassen 5.000 m2 zijn, mits de noodzaak is aangetoond.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, maximaal 2 m2 per bouwperceel mag de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen per bouwperceel maximaal 2 m² zijn, mits het gaat om: a. een fietsenberging; of b. vergelijkbare kleine gebouwen.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, maximaal 500 m2 per bouwperceel mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, de oppervlakte van een gebouw per bouwperceel maximaal 500 m2 zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, maximaal 2000 m2 per bouwperceel mag de oppervlakte aan kassen per bouwperceel maximaal 2.000 m2 zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, maximaal 3000 m2 per bouwperceel mag de oppervlakte aan kassen per bouwperceel maximaal 3.000 m2 zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-548\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.48</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels toevoegingen aan gebouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (1) mogen gebouwen voor onderhoud en beheer en gebouwen voor bergingen en stallingen worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (2) mogen gebouwen voor onderhoud en beheer en gebouwen voor bergingen en stallingen worden gebouwd, mits: a. de bouwhoogte maximaal 3,5 m is; b. de oppervlakte maximaal 20 m2 is; en c. de gebouwen aaneengesloten worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (3) mogen gebouwen voor onderhoud en beheer en gebouwen voor bergingen en stallingen worden gebouwd, mits: a. de bouwhoogte maximaal 3,5 m is; en b. de oppervlakte maximaal 20 m2 is.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (4) mogen bouwwerken voor trappenhuizen en liftschachten worden gebouwd, mits: a. de bouwhoogte maximaal de bouwhoogte van het bijbehorende hoofdgebouw is; en b. de oppervlakte maximaal 25 m2 is.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (5) mogen gebouwen worden gebouwd voor: a. onderhoud en beheer; b. bergingen en stallingen; en c. trappenhuizen en liftschachten.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (6) mogen gebouwen voor onderhoud en beheer en gebouwen voor bergingen en stallingen worden gebouwd, mits de bouwhoogte maximaal 3 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (7) mogen gebouwen voor trappenhuizen en liftschachten worden gebouwd, mits de diepte maximaal 4 m is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-549\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.49</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels type gebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, beheer en onderhoud, landgoed mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, gebouwen worden gebouwd voor beheer en onderhoud van bos en groenvoorzieningen, mits: a. de oppervlakte per gebouw maximaal 20 m² is; b. de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen maximaal 80 m² is; en c. de bouwhoogte niet meer dan 4 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, beheersgebouw (1) mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, een beheersgebouw worden gebouwd op het strand, mits: a. er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de belangen van en de veiligheidssituatie rond de waterkering; b. er schriftelijk advies is ingewonnen bij de waterbeheerder; c. de oppervlakte van het beheersgebouw maximaal 200 m2 is; en d. de bouwhoogte van het beheersgebouw maximaal 4,5 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, beheersgebouw (2) mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, een beheersgebouw worden gebouwd op het strand, mits: a. de oppervlakte van het beheersgebouw maximaal 300 m2 is; en b. de bouwhoogte van het beheersgebouw maximaal 4,5 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, bergingen mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, bergingen worden gebouwd, mits er geen aantasting plaatsvindt van de landschaps- en natuurwaarden.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, entreegebouw mag een entreegebouw worden gebouwd, mits: a. de oppervlakte van het entreegebouw maximaal 50 m2 is; en b. de bouwhoogte van het entreegebouw maximaal 5 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, golfbaan mogen op locatie maximaal 5 verenigingsgebouwen, zoals kantines en kleedruimtes worden gebouwd, mits: a. de bouwhoogte van een gebouw maximaal 6 m is; en b. de oppervlakte van een gebouw maximaal 200 m2 is.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, openbaar toiletgebouw mogen toiletgebouwen worden gebouwd op het strand, mits: a. er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de belangen van en de veiligheidssituatie rond de waterkering; b. er schriftelijk advies is ingewonnen bij de waterbeheerder; c. de oppervlakte van de toiletgebouwen maximaal 20 m2 is; en d. de bouwhoogte van de toiletgebouwen maximaal 3 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">8.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, nutsvoorziening mogen alleen gebouwen worden gebouwd voor nutsvoorzieningen.</p>\n<p class=\"lf-p\">9.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, onderhoudsgebouw mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, drie onderhoudsgebouwen worden gebouwd, mits: a. de oppervlakte van een onderhoudsgebouw maximaal 500 m2 is; en b. de bouwhoogte van een onderhoudsgebouw maximaal 8 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">10.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, recreatie/onderhoudsgebouw (1) mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, gebouwen worden gebouwd, mits: a. er maximaal 10 gebouwen worden gebouwd voor recreatieve voorzieningen of onderhoud; b. per object de oppervlakte van een bouwperceel maximaal 1.000 m2 is; c. de oppervlakte van gebouwen per bouwperceel maximaal 200 m2 is; en d. de goothoogte van gebouwen maximaal 3 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">11.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, recreatie/onderhoudsgebouw (2) mogen gebouwen worden gebouwd, mits: a. er maximaal 10 gebouwen worden gebouwd voor recreatieve voorzieningen of onderhoud; b. per object de oppervlakte van een bouwperceel maximaal 1.000 m² is; c. de oppervlakte van gebouwen per bouwperceel maximaal 200 m² is; en d. de goothoogte van gebouwen maximaal 6 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">12.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, sanitair mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, sanitaire voorzieningen worden gebouwd, mits: a. de oppervlakte van de sanitaire voorzieningen per bedrijf maximaal 100 m2 is; en b. de bouwhoogte van de sanitaire voorzieningen maximaal 5 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">13.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, sanitair en onderhoud mogen gebouwen worden gebouwd voor sanitaire voorzieningen en onderhoud en beheer, mits: a. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen maximaal 50 m2 is; en b. de bouwhoogte van de gebouwen maximaal 3 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">14.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, sanitair, onderhoud en beheer mogen uitsluitend gebouwen worden gebouwd voor onderhoud en beheer en sanitaire voorzieningen voor het gebruik op locatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">15.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, sluis mogen uitsluitend gebouwen worden gebouwd voor de sluis en de waterkering.</p>\n<p class=\"lf-p\">16.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, sluisgebouw mogen uitsluitend gebouwen worden gebouwd voor de waterhuishouding.</p>\n<p class=\"lf-p\">17.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, woonhuis moet een hoofdgebouw gebouwd worden als woonhuis.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-550\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.50</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels vormgeving hoofdgebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, begane grond, min. 3,6 m moet de hoogte, gemeten vanaf de bovenkant van de begane grondvloer tot aan de onderkant van de verdiepingsvloer van het hoofdgebouw, minimaal 3,6 m zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, dove gevel moet de gevel van een hoofdgebouw worden voorzien van een niet-geluidgevoelige gevel met bouwkundige maatregelen.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, dove gevel, derde bouwlaag moet vanaf de derde bouwlaag, aan de naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw, het hoofdgebouw worden voorzien van een niet-geluidgevoelige gevel met bouwkundige maatregelen.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, inhoud, max. 650 m³ mag de inhoud van het hoofdgebouw op locatie maximaal 650 m3 zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, verplichte kap moet een hoofdgebouw worden voorzien van een kap.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-551\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.51</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels vormgeving hoofdgebouw (afwijken)</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, afwijken dakvorm mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.20, een gebouw op locatie voor maximaal 20% worden voorzien van een plat dak.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, afwijken dakhelling mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.20, worden afgeweken van de op locatie geldende dakhelling.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, doorbreken dakgoot mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.19 en artikel 5.20, worden afgeweken van de op locatie geldende goothoogte en dakhelling, mits de afwijking: a. maximaal 20% van de breedte van het dakvlak betreft; en b. maximaal 3 meter boven de dakgoot uitkomt.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, afwijken goothoogte, 6 m mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.19, worden afgeweken van de op locatie geldende goothoogte tot een maximale hoogte van 6 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen afwijking goothoogte, vergunningplicht mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van de goothoogte zoals opgenomen in artikel 5.19, op locatie worden afgeweken van de goothoogte.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-552\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.52</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels woning en bedrijfsbebouwing</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, bedrijf en woning mag worden gebouwd, mits: a. uitsluitend samenhangende bebouwing wordt gebouwd bestaande uit bedrijfsbebouwing, overeenkomstig artikel 4.32, zesde lid, en een eventueel daarmee verbonden woning; b. de inhoud van de bedrijfsbebouwing per bouwperceel niet meer dan 1800 m3 is; en c. de bedrijfsbebouwing fungeert als een akoestische afscherming van het wegverkeerslawaai ten opzichte van de woning.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, agrarische bedrijfswoning mag op locatie een bedrijfswoning worden gebouwd, mits: a. er niet meer dan één bedrijfswoning per bouwperceel wordt gebouwd; b. de inhoud van een bedrijfswoning niet meer dan 1.500 m³ bedraagt; en c. de gezamenlijke oppervlakte van een bedrijfswoning samen met daarbij bijbehorende bouwwerken niet meer dan 100 m² bedraagt.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, zelfstandige woonruimte mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, op locatie in of aan een bedrijfswoning één zelfstandige woonruimte worden gebouwd, indien: a. er dringende sociale redenen bestaan voor het gebruik hiervan en vooraf vaststaat dat het om tijdelijke huisvesting gaat; b. de gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfswoning en de zelfstandige woonruimte niet meer dan 500 m² is; c. de goothoogte en bouwhoogte van de zelfstandige woonruimte:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>niet hoger zijn dan die van de bedrijfswoning; en 2. de bouwhoogte niet hoger is dan 10 m; en d. op geen van de gevels van de zelfstandige woonruimte de geluidsbelasting vanwege een weg of spoor hoger is dan de op locatie geldende grenswaarde voor geluid; en e. de zelfstandige woonruimte op zodanige wijze wordt gebouwd dat deze, na beëindiging van de tijdelijke huisvesting, ongedaan kan worden gemaakt.</div>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-553\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.53</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels woningtypen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, rijwoning mag een gebouw als rijwoning worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, twee-onder-één-kap mag een gebouw als twee-onder-een-kapwoning worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, twee-onder-een-kapwoning vergunningplicht mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van het vierde lid, een gebouw op locatie als twee-onder-een-kapwoning worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, vrijstaande woning mag een gebouw vrijstaand worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, vrijstaande woning vergunningplicht mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van het tweede lid een gebouw op locatie als vrijstaande woning worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, waterwoning (1) mogen waterwoningen worden gebouwd, mits: a. de inhoud van een waterwoning maximaal 750 m3 is; b. een zone van 50 m wordt aangehouden waarbinnen beide oevers onbebouwd blijven, als opeenvolgende woningen aan verschillende oevers van dezelfde vaart worden gebouwd; c. een waterwoning maximaal 35% van de totale breedte van de betreffende vaart is.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, waterwoning (2) mogen waterwoningen worden gebouwd, mits: a. de onderlinge afstand tussen woningen minimaal 10 m is; b. de inhoud van een woning maximaal 750 m3 is; c. de bouwhoogte van een woning maximaal 1,5 m + NAP is; d. de onderzijde van drijvende woningen zich op maximaal 6,7 m - NAP bevindt; e. de onderkant van paalwoningen zich op minimaal 4,5 m - NAP en maximaal op 5,5 m - NAP bevindt.</p>\n<p class=\"lf-p\">8.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, waterwoning (3) mogen waterwoningen worden gebouwd, mits: a. de inhoud van een woning maximaal 650 m3 is; en b. de onderlinge afstand tussen woningen maximaal 5,6 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">9.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, wonen - wooncentrum mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, een gebouw worden gebouwd als wooncentrum, mits: a. er maximaal 3 wooneenheden worden gerealiseerd; b. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde maximaal 3 m is; en c. de bouwhoogte van erf- en perceelafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het (hoofd)gebouw of het verlengde daarvan maximaal 1 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">10.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen gebouw bouwen, woongebouw moet op locatie een gebouw worden gebouwd als woongebouw.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-554\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.54</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels per woningtype</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (1) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 1: Bouwregels hoofdgebouwen 1 Woningtype Afstand hoofdgebouw tot voorste perceelsgrens Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel Maximaal aantal woningen per gebouweenheid Rijwoning minimaal 2,5 m hoekwoning die grenst aan openbaar gebied: minimaal 3 m; hoekwoning die niet grenst aan openbaar gebied: minimaal 1,5 m minimaal 7 m 40% 6 Twee-onder-één-kap minimaal 4 m minimaal 3 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde minimaal 7 m 30% 2 Vrijstaand minimaal 4 m minimaal 3 m aan beide zijden minimaal 7 m 30% 1 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (2) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 2: Bouwregels hoofdgebouwen 2 Woningtype Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel Maximaal aantal woningen per gebouweenheid Rijwoning hoekwoning: minimaal 1 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde minimaal 7 m 40% 8 Twee-onder-één-kap minimaal 3 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde minimaal 7 m 30% 2 Vrijstaand minimaal 3 m aan beide zijden minimaal 7 m 30% 1 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (3) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 3: Bouwregels hoofdgebouwen 3 Woningtype Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel Maximaal aantal woningen per gebouweenheid Twee-onder-één-kap minimaal 3 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde minimaal 7 m 30% 2 Vrijstaand minimaal 3 m aan beide zijden minimaal 7 m 30% 1 4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (4) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 4: Bouwregels hoofdgebouwen 4 Woningtype Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel Maximaal aantal woningen per gebouweenheid Rijwoning Hoekwoning: minimaal 1,5 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde minimaal 7 m 40% Geen maximum Twee-onder-één-kap minimaal 3 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde minimaal 7 m 30% 2 Vrijstaand minimaal 3 m aan beide zijden minimaal 7 m 30% 1 5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (5) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 5: Bouwregels hoofdgebouwen 5 Woningtype Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel Maximaal aantal woningen per gebouweenheid Rijwoning Hoekwoning: minimaal 1,5 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde minimaal 7 m 40% 8 Twee-onder-één-kap minimaal 3 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde minimaal 7 m 30% 2 Vrijstaand minimaal 3 m aan beide zijden minimaal 7 m 30% 1 Tiny house minimaal 2 m aan beide zijden minimaal 4 m 30% 1 6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (6) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 6: Bouwregels hoofdgebouwen 6 Locatie Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel woningtype 1 minimaal 0 m minimaal 0 m maximaal 75% vervallen vervallen vervallen vervallen woningtype 3 minimaal 0 m minimaal 0 m maximaal 60% woningtype 4 Twee-onder-één-kap: minimaal 3 m aan één zijde Vrijstaande woning: minimaal 3 m aan beide zijden minimaal 0 m maximaal 30% woningtype 5 minimaal 0 m minimaal 6 m maximaal 45% woningtype 6 Twee-onder-één-kap: minimaal 3 m aan één zijde Vrijstaande woning: minimaal 3 m aan beide zijden minimaal 7 m maximaal 30% 7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (7) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 7: Bouwregels hoofdgebouwen 2 Woningtype Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens woningtype 5a minimaal 7 m 40% 0 m woningtype 6a minimaal 7 m 30% Twee-onder-één-kap: minimaal 3 m aan één zijde Vrijstaande woning: minimaal 3 m aan beide zijden</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-555\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.55</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels per woningtype (afwijken)</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen afwijken maximale korrelgrootte per gebouweenheid, 7 mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.54, maximaal 7 woningen per rij (gebouweenheid) worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen afwijken maximale korrelgrootte per gebouweenheid, 9 mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.54, maximaal 9 woningen per rij (gebouweenheid) worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen afwijken afstand achterkant perceel 4 m mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.54, eerste lid, de afstand van het hoofdgebouw tot de achterste perceelsgrens minimaal 4 m zijn.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.2.3</h3>\n<p class=\"lf-p\">Recreatief nachtverblijf bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-556\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.56</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels recreatief nachtverblijf</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen recreatief nachtverblijf bouwen, gebouwen kampeerterrein mogen gebouwen worden gebouwd voor: a. sanitaire voorzieningen en onderhoud en beheer, mits:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>de gezamenlijke maximale oppervlakte van de gebouwen 150 m2 is; en 2. de bouwhoogte van de gebouwen maximaal 5 m is; b. trekkershutten, mits:</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>er niet meer dan 10 trekkershutten worden gebouwd;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>de maximale oppervlakte van een trekkershut 30 m2 is; en 3. de maximale bouwhoogte van een trekkershut 5 m is; of c. stacaravans, mits:</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>de maximale oppervlakte van stacaravans, inclusief aan- en uitbouwen, 50 m2 is; en 2. de maximale gezamenlijke oppervlakte van stacaravans 325 m2 is.</div>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen recreatief nachtverblijf bouwen, recreatiewoning is het toegestaan maximaal 14 recreatiewoningen te bouwen op een kampeerterrein.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.2.4</h3>\n<p class=\"lf-p\">Uit te werken locaties</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-557\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.57</span><span class=\"lf-art-t\">Beoordelingsregels bouw woongebied</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen woonhuis bouwen, beoordelingsregels 1 wordt, in afwijking van art. 5.5, eerste lid en artikel 22.31, een omgevingsvergunning alleen verleend als: a. de stedenbouwkundige structuur van deze locatie zoveel mogelijk aansluit bij de omgeving, waarbij de bestaande groenstructuur aan de water- en straatzijde behouden moet blijven; b. het aantal geschakelde woningen overeenkomt met het maximaal gestelde aantal in art. 4.82; c. de bouwhoogte van de woonhuizen overeenkomt met de maximaal gestelde hoogte in art. 5.18; d. het parkeren plaatsvindt op eigen erf; en e. een motivering wordt gegeven die voldoet aan het bepaalde in art. 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen woonhuis bouwen, beoordelingsregels 2 wordt, in afwijking van art. 5.5, eerste lid en artikel 22.31 een omgevingsvergunning alleen verleend als: a. de stedenbouwkundige structuur van deze locatie zoveel mogelijk aansluit bij de omgeving, waarbij de bestaande groenstructuur aan de water- en straatzijde behouden moet blijven; b. het aantal woningen op vrije kavels overeenkomt met het maximaal gestelde aantal in art. 4.82; c. de bouwhoogte van de woonhuizen overeenkomt met de maximaal gestelde hoogte in art. 5.18; en d. het parkeren plaatsvindt op eigen erf.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-558\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.58</span><span class=\"lf-art-t\">Beoordelingsregels bouw woongebouw</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen woongebouw bouwen, beoordelingsregels 1 wordt, in afwijking van art. 5.5, eerste lid en artikel 22.31, een omgevingsvergunning alleen verleend als: a. de stedenbouwkundige structuur van deze locatie zoveel mogelijk aansluit bij de omgeving, waarbij de bestaande groenstructuur aan de water- en straatzijde behouden moet blijven; b. het aantal woningen overeenkomt met het maximaal gestelde aantal in art. 4.82; c. de bouw gaat om:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>één appartemententoren in 4 bouwlagen waarvan een bouwlaag met sociale voorzieningen op één locatie; of 2. een appartemententoren in 4 bouwlagen op één locatie en de sociale voorzieningen in één bouwlaag op de andere locatie; d. de bouwhoogte van de gebouwen overeenkomt met de maximaal gestelde hoogte in art. 5.18; e. het parkeren plaatsvindt op eigen erf; en f. een motivering wordt gegeven die voldoet aan het bepaalde in art. 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving.</div>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  5.3</h3>\n<p class=\"lf-p\">Bouwwerk veranderen</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.3.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Dakkapel bouwen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-559\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.59</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels dakkapel bouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen dakkapel bouwen mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, een dakkapel worden gebouwd, mits: a. de breedte van de dakkapel maximaal 30% van de woning is; en b. de dakkapel maximaal 2 m is, gemeten vanaf voet dakkapel tot bovenzijde boeiboord.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen dakkapel bouwen, zadeldak mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, een dakkapel worden gebouwd, mits: a. de dakkapel wordt afgedekt met een zadeldak voorzien van dakoverstek; b. de hoogte van de dakkapel maximaal 60% van de in het verticale vlak geprojecteerde hoogte is tot maximaal 2,5 m, gemeten vanaf de nok van het zadeldak van de dakkapel tot aan de dakvoet; en c. de breedte van de dakkapel maximaal 30% van de breedte van het dakvlak is tot maximaal 2,4 m, gemeten tussen de woningscheidende bouwmuren of eindgevels, gemeten aan de onderzijde/dakvoet van de dakkapel.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.3.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Dakopbouw bouwen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-560\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.60</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels dakopbouw bouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen dakopbouw bouwen mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, een dakopbouw worden gebouwd, mits: a. de breedte van de verhoging van de goot maximaal 30% van de woning is; en b. de verhoging van de goot maximaal 2 m is, gemeten vanaf voet dakopbouw tot bovenzijde boeiboord.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen dakopbouw bouwen, max. 11 m mag, in afwijking van artikel 5.18, de bouwhoogte van een hoofdgebouw, over de volledige breedte van het hoofdgebouw, maximaal 11 m zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen dakopbouw bouwen, max. 15 m mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.18, de maximale bouwhoogte van een gebouw 15 m zijn, mits dit over maximaal 50% van de oppervlakte van het gebouw is.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.3.3</h3>\n<p class=\"lf-p\">Dakraam, daklicht, lichtstraat of soortgelijke daglichtvoorziening bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-561\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.61</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.3.4</h3>\n<p class=\"lf-p\">Kozijn, kozijninvulling, gevelpaneel of boeideel, of stucwerk bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-562\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.62</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.3.5</h3>\n<p class=\"lf-p\">Woonruimte toevoegen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-563\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.63</span><span class=\"lf-art-t\">Verbod woningsplitsing</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied is woningsplitsing verboden.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.3.6</h3>\n<p class=\"lf-p\">Zonnepaneel of zonnecollector bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-564\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.64</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.3.7</h3>\n<p class=\"lf-p\">Zonwering, rolhek, leuk of rolluik bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-565\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.65</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  5.4</h3>\n<p class=\"lf-p\">Bijbehorend bouwwerk bouwen</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.4.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-566\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.66</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Deze afdeling gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van aan- of uitbouwen of bijgebouwen bij een woonhuis.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-567\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.67</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene bouwregels</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tenzij in paragraaf 5.4.2 anders is bepaald, moeten bijbehorende bouwwerken binnen het transitiegebied voldoen aan de volgende eisen: a. een bijbehorend bouwwerk heeft een bouwhoogte van maximaal 5 m; b. een bijbehorend bouwwerk heeft een goothoogte van maximaal 3 m; c. een bijbehorend bouwwerk wordt niet voorzien van een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte; d. de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag per hoofdgebouw:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>maximaal 50 m2 zijn, als de oppervlakte van een bouwperceel 500 m2 of minder is; of 2. maximaal 10% van de oppervlakte van het bouwperceel tot maximaal 100 m2 zijn, als de oppervlakte van een bouwperceel meer dan 500 m2 is; en e. een aan-, uit-, of aangebouwd bijgebouw dat gesitueerd wordt aan de zijgevel van het hoofdgebouw, heeft een hoogte van maximaal 1 m minder dan de hoogte van het hoofdgebouw; f. de diepte van aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen aan de achtergevel van het hoofdgebouw is maximaal 4 m; en g.</div>\n<p class=\"lf-p\">Voor zover een aan-, uit-, of aangebouwd bijgebouw gelegen in het achtererfgebied op een afstand van maximaal 4 m van het oorspronkelijke hoofdgebouw wordt gesitueerd:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>wordt het gebouwd met een plat dak, tenzij deze tegen de zijgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd; en 2. is de bouwhoogte niet hoger dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw met een maximale hoogte zoals opgenomen in sub a; of h. voor zover een bijbehorend bouwwerk in het voorerfgebied is gelegen:</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>wordt het gebouwd met een plat dak, tenzij deze tegen de zijgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>is het niet hoger dan 0,3 m boven de bovenzijde van de afgewerkte vloer van de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">3.</span>is het niet breder dan de helft van de voorgevel van het hoofdgebouw wanneer het bouwwerk aan de voorgevel wordt gesitueerd; en 4. is het bebouwingspercentage van het voorerfgebied niet meer dan 50%.</div>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">In afwijking van het eerste lid, onder d, en met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, mag binnen het transitiegebied de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken per hoofdgebouw worden vergroot tot maximaal 80 m², mits: a. dit uitsluitend wordt toegepast voor de huisvesting van (een) mindervalide(n); en b. de noodzaak voor het treffen van bijzondere voorzieningen wordt aangetoond.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, kan worden afgeweken van het eerste lid en paragraaf 5.4.2.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.4.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Locatiegebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-568\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.68</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels plaatsing bijbehorende bouwwerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, 1 m naar openbaar gebied, achtererf is het verboden aan- of uitbouwen en bijgebouwen in het achtererfgebied binnen 1 m van de zijdelingse perceelgrens te bouwen, als deze grenst aan openbaar toegankelijk gebied.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, 2 m naar openbaar gebied, voorerf is het verboden aan- of uitbouwen en bijgebouwen in het voorerfgebied binnen 2 m van de zijdelingse perceelgrens te bouwen, als deze grenst aan openbaar toegankelijk gebied.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, achtererf moeten bijbehorende bouwwerken 1 m achter de voorgevel of het verlengde daarvan worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, in zijdelingse perceelsgrens, achter stallingsgarage mag een bijbehorend bouwwerk in de zijdelingse perceelsgrens worden gebouwd, mits deze achter een stallingsgarage wordt gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijgebouw achtererf mogen bijgebouwen uitsluitend in het achtererfgebied worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, voorerf mogen bijbehorende bouwwerken in het voorerfgebied worden gebouwd, mits: a. in de bestaande situatie een bijbehorend bouwwerk minder dan 1 m achter de voorgevel van het hoofdgebouw is gesitueerd, in welk geval de bestaande situatie geldt; b. in de bestaande situatie een bijbehorend bouwwerk vóór de voorgevel van het hoofdgebouw is gesitueerd, in welk geval de bijbehorende bouwwerken uitsluitend over de halve aaneengesloten breedte van de voorgevel van het hoofdgebouw mogen worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, voorerf 2 mag een aan- of uitbouw in het voorerfgebied worden gebouwd, mits: a. de aan- of uitbouw tussen de zijgevels van het hoofdgebouw wordt gebouwd; b. de diepte van de aan- of uitbouw maximaal 2 m is; en c. de bebouwing nooit meer dan de halve aaneengesloten breedte van de voorgevel van het hoofdgebouw betreft.</p>\n<p class=\"lf-p\">8.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, voorerf 3 mag een bijbehorend bouwwerk in het voorerfgebied worden gebouwd, mits: a. het aantal bouwlagen maximaal 1 is; b. de afstand van het bijbehorend bouwwerk tot openbaar gebied minimaal 2,5 m is; en c. de bebouwing nooit meer dan de halve aaneengesloten breedte van de voorgevel van het hoofdgebouw betreft.</p>\n<p class=\"lf-p\">9.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, voorerf 4 mogen, in aanvulling op artikel 5.67, eerste lid, sub h, aan- of uitbouwen en bijgebouwen in het voorerfgebied worden gebouwd, mits er in de bestaande situatie al een aan- of uitbouw of bijgebouw vóór de voorgevel van het hoofdgebouw is gesitueerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">10.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw zijgevel mogen aanbouwen aan de zijgevel van een eindwoning worden gebouwd, mits: a. de diepte van de aanbouw maximaal 3,5 m is; b. de afstand tot de grens van het openbaar gebied, gemeten vanaf de voorgevel van de aanbouw, minimaal 6 m is; en c. in het verlengde van de aanbouw een opstelplaats voor een motorvoertuig aanwezig of geprojecteerd is.</p>\n<p class=\"lf-p\">11.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw, in achterste perceelsgrens mogen aan- en uitbouwen in de achterste perceelsgrens worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">12.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw, afstand achterkant perceel 6 m is het verboden in het achtererfgebied aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen binnen 6 m van de achterste perceelgrens te bouwen.</p>\n<p class=\"lf-p\">13.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw, afstand achterkant perceel 7 m is het verboden in het achtererfgebied aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen binnen 7 m van de achterste perceelgrens te bouwen.</p>\n<p class=\"lf-p\">14.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw, 3 m naar zijkant perceel, zijgevel is het verboden aan- en uitbouwen aan de zijgevel van het hoofdgebouw binnen 3 m van de zijdelingse perceelsgrens te bouwen.</p>\n<p class=\"lf-p\">15.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, max. 1 mag per hoofdgebouw maximaal 1 bijgebouw worden gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">16.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijgebouw, niet op steigers of vlonders is het verboden om bijgebouwen op steigers en vlonders te bouwen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-569\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.69</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels plaatsing bijbehorende bouwwerken per woningtype</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwregels aanbouwen per woningtype gelden voor het bouwen van aan- en uitbouwen de regels als opgenomen in Tabel 1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 1: Bouwregels aanbouwen 1 Locatie Afstand aanbouw tot zijdelingse perceelsgrens Afstand aanbouw tot achterste perceelsgrens Afstand stallingsgarage tot voorste perceelsgrens woningtype 1 0 m 0 m minimaal 6 m vervallen vervallen vervallen vervallen woningtype 3 0 m 0 m minimaal 6 m woningtype 4 Bij een twee-onder-één-kapwoning: minimaal 3 m aan één zijde Bij een vrijstaande woning: minimaal 3 m aan beide zijden 0 m minimaal 6 m woningtype 5 0 m minimaal 6 m minimaal 6 m woningtype 5a 0 m minimaal 7 m minimaal 6 m woningtype 6 en woningtype 6a Bij een twee-onder-één-kapwoning: 3 m aan één zijde Bij een vrijstaande woning: 3 m aan beide zijden minimaal 7 m minimaal 11 m</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-570\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.70</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels oppervlakte bijbehorende bouwwerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijgebouw, 10 m² mag de oppervlakte van een bijgebouw maximaal 10 m2 zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, oppervlakte max. 30 m² mag de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken per hoofdgebouw maximaal 30 m2 zijn, als in het hoofdgebouw een inpandige garage wordt gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, oppervlakte max. 50 m2 mag de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken per hoofdgebouw maximaal 50 m2 zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, oppervlakte max. 100 m2 mag de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken per hoofdgebouw maximaal 100 m2 zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijgebouw bouwen, oppervlakte kleiner dan hoofdgebouw mag de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen niet groter zijn dan de oppervlakte van het hoofdgebouw.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, max. oppervlakte mag de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken per hoofdgebouw: a. als de oppervlakte van een bouwperceel 250 m2 of minder is, maximaal 50% van het bouwperceel met een maximum van 50 m2; of b. als de oppervlakte van een bouwperceel meer dan 250 m2 is, maximaal 20% van het bouwperceel met een maximum van 100 m2.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, max. 50% achtererf mag de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het achtererfgebied maximaal 50% van de oppervlakte van het achtererfgebied zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-571\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.71</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels bouwhoogte bijbehorende bouwwerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw bouwen, bouwhoogte 3,5 m voorerf mogen aan- of uitbouwen aan de voorgevel worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 3,5 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen vrijstaand bijbehorend bouwwerk bouwen, bouwhoogte 3 m mogen vrijstaande bijbehorende bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 3 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, bouwhoogte 5 m mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 5 m, mits de bouwhoogte van de bijbehorende bouwwerken 1 m lager is dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, bouwhoogte 6 m mogen vrijstaande bijbehorende bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijgebouw bouwen, bouwhoogte 4 m mogen bijgebouwen worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 4 m.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-572\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.72</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels bouwvlak bijbehorende bouwwerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorende bouwwerk bouwen, binnen bouwvlak tenzij mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, bijbehorende bouwwerken worden gebouwd, mits: a. de oppervlakte maximaal 50 m2 is; b. de bouwhoogte maximaal 4 m is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-573\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.73</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels bijgebouwen buiten bouwvlak</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijgebouw bouwen, buiten bouwvlak mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, bijgebouwen bij woningen buiten bouwvlakken worden gebouwd, mits: a. de oppervlakte per bijgebouw niet meer dan 50 m² is; b. de hoogte niet meer dan 4 m is; en c. het bebouwingspercentage per bouwperceel niet meer is dan opgenomen in artikel 5.8, eerste lid.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-574\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.74</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels diepte bijbehorende bouwwerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw bouwen, diepte 5 m mogen aan- of uitbouwen achter de achtergevel van het hoofdgebouw maximaal 5 m diep zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw, diepte 4 m achter bouwvlak mag de diepte van aan- of uitbouwen maximaal 4 m achter de achterste zijde van het bouwvlak, zoals opgenomen in artikel 5.17, eerste lid, zijn.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-575\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.75</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels goothoogte bijbehorende bouwwerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, goothoogte 3 m mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd met een maximale goothoogte van 3 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, goothoogte 3,5 m mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd met een maximale goothoogte van 3,5 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw, goothoogte 3,5 m mag de goothoogte van een aan- of uitbouw maximaal 3,5 m zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw, voorwaarden goothoogte mag de goothoogte van aan- en uitbouwen of aangebouwde bijgebouwen niet hoger zijn dan: a.</p>\n<p class=\"lf-p\">0,3 m boven de bovenkant van de eerste verdiepingsvloer van het hoofdgebouw; en b. het hoofdgebouw.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen vrijstaand bijgebouw, goothoogte 3,2 m mogen vrijstaande bijgebouwen worden gebouwd met een maximale goothoogte van 3,2 m.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-576\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.76</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels vormgeving bijbehorende bouwwerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, max. 1 bouwlaag wordt een bijbehorend bouwwerk met maximaal 1 bouwlaag gebouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen aanbouw, 1 bouwlaag mag de goothoogte en de bouwhoogte van aanbouwen maximaal de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van de woning zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, plat dak, tenzij moeten bijbehorende bouwwerken met een plat dak worden gebouwd, tenzij: a. het bouwwerk aan de zijgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd; b. het bouwwerk een maximale bouwhoogte van 5 m heeft; en c. het bouwwerk 1 m lager dan het hoofdgebouw is.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, plat dak moeten bijbehorende bouwwerken gebouwd worden met een plat dak.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, plat dak, voorerf moeten bijbehorende bouwwerken in het voorerfgebied gebouwd worden met een plat dak.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bijbehorend bouwwerk, plat dak, tenzij 1 moeten bijbehorende bouwwerken in het voorerfgebied gebouwd worden met een plat dak, tenzij; a. het bouwwerk aan de zijgevel van een hoofdgebouw wordt gebouwd; en b. het bouwwerk een maximale bouwhoogte van 5 m heeft.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-577\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.77</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels carport bouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen carport bouwen mag een carport worden gebouwd, mits: a. er maximaal één carport per perceel wordt gebouwd; b. de maximale bouwhoogte van een carport 3 m is; en c. de maximale oppervlakte van een carport 25 m2 is.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen carport bouwen, voorerf mag een carport vóór de voorgevelrooilijn worden gebouwd, mits in aanvulling op het eerste lid: a. in de bestaande situatie een bijbehorend bouwwerk vóór de voorgevel van het hoofdgebouw gesitueerd is; b. de carport vóór een garage wordt gebouwd; en c. de carportwordt gebouwd zonder toevoeging van wanden.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen carport bouwen, voorerf 2 gelden, in aanvulling op het eerste lid, voor het bouwen van een carport in het voorerfgebied de volgende regels: a. de afstand van de carport tot de voorste perceelsgrens is minimaal 1,5 m; b. de carport wordt gebouwd vóór een garage; en c. de carport wordt gebouwd zonder toevoeging van wanden.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, mag worden afgeweken van het eerste, tweede en derde lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, mag binnen carport bouwen, vergunningplicht een carport worden gebouwd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-578\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.78</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels stallingsgarage</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen stallingsgarage mogen stallingsgarages worden gebouwd, mits: a. de stallingsgarages aan één zijde van het hoofdgebouw worden gebouwd; b. de stallingsgarages minimaal 3 m achter de voorgevel van het hoofdgebouw worden gebouwd; en c. de stallingsgarages in de zijdelingse perceelsgrens worden gebouwd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-579\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.79</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels overkapping</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen overkapping 1 mogen overkappingen worden gebouwd, mits: a. de oppervlakte van de overkappingen maximaal 25 m2 is; b. de bouwhoogte van de overkappingen maximaal 3,5 m is; en c. de overkappingen plat worden afgedekt.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen overkapping 2 mogen overkappingen vóór de voorgevel van het hoofdgebouw worden gebouwd, mits: a. de diepte van de overkappingen maximaal 2,5 m is; b. de bouwhoogte van de overkappingen maximaal de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw is, vermeerderd met 0,3 m; en c. de overkappingen beschikken over een hellend dakvlak.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen overkapping 3 mogen overkappingen worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 4 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen overkapping 4 gelden voor het bouwen van overkappingen de volgende regels: a. het gaat om een open constructie, als de overkapping voor de voorgevelrooilijn wordt gebouwd; of b. de overkapping maximaal 3 wanden heeft, waarvan er maximaal 2 tot de constructie behoren, als de overkapping achter de voorgevelrooilijn wordt gebouwd.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  5.5</h3>\n<p class=\"lf-p\">Bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene regels over bouwwerken, geen gebouw zijnde, bouwen Subparagraaf 5.5.1.1 Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-580\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.80</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze afdeling gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van bouwwerken, geen gebouw zijnde.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onder bouwwerken, geen gebouw zijnde, vallen onder andere de volgende activiteiten: a. afscheiding tussen balkons of dakterrassen bouwen, in stand houden of gebruiken; b. antenne-installatie bouwen, in stand houden of gebruiken; c. bouwwerk voor agrarische bedrijfsvoering bouwen, in stand houden of gebruiken; d. buisleiding bouwen, in stand houden of gebruiken; e. constructie voor overbruggen van terreinhoogteverschil bouwen, in stand houden of gebruiken; f. erf- of perceelafscheiding bouwen, in stand houden of gebruiken; g. vlaggenmast bouwen, in stand houden of gebruiken; h. sport- of speeltoestel bouwen, in stand houden of gebruiken; i. tuinmeubilair bouwen, in stand houden of gebruiken; en j. zwembad, bubbelbad of soortgelijke voorziening of vijver bouwen, in stand houden of gebruiken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-581\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.81</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene bouwregels</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 5 m, tenzij: a. het een bouwwerk, geen gebouw zijnde, is zoals opgenomen in paragraaf 5.5.6, 5.5.7 of 5.5.8; b. voor een specifieke activiteit op locatie een andere bouwhoogte is opgenomen; of c. in subparagraaf 5.5.1.2 een andere bouwhoogte is opgenomen en sub a. en b. niet van toepassing zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale oppervlakte van 2 m2 per bouwperceel.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied is het, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, toegestaan om de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, zoals opgenomen in deze afdeling, te vergroten tot een maximale bouwhoogte van 10 m, tenzij het gaat om erfafscheidingen en vlaggenmasten.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied is het, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, toegestaan om de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, zoals opgenomen in deze afdeling, te vergroten tot een maximale bouwhoogte van 30 m, mits het gaat om kunstwerken en reclamemasten.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied is het, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, toegestaan om de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, zoals opgenomen in deze afdeling, te vergroten tot een maximale bouwhoogte van 40 m, mits het gaat om zend-, ontvang- en sirenemasten.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied is het, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, toegestaan om de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, als opgenomen in deze afdeling, te vergroten met maximaal 20%.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 5.5.1.2 Locatie gebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-582\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.82</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels bij hoogspanningsleiding</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerken, geen gebouw zijnde, bij hoogspanningsleiding mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, bouwwerken geen gebouw zijnde worden gebouwd, mits: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het doelmatig en veilig functioneren van de hoogspanningsverbinding; en b. vooraf advies wordt ingewonnen van de leidingbeheerder.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-583\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.83</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels bouwhoogte</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 1 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 1 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 2 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 2 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 3 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 3 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 4 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 4 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 5 m, mits (1) mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 5 m, mits deze ten dienste staan aan de gebruiksfunctie.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 5 m, mits (2) mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 5 m, mits geen afbreuk wordt gedaan aan: a. natuurwaarden; b. cultuur-historische waarden; en c. gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 6 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">8.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 7 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 7 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">9.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 9 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 9 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">10.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 9 m, mits mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 9 m, mits deze ten dienste staan aan het gebruik van de openbare ruimte op locatie.</p>\n<p class=\"lf-p\">11.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 10 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 10 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">12.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 15 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 15 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">13.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 20 m, mits mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 20 m, mits het gaat om: a. bouwwerken voor de geleiding, beveiliging en regeling van spoorwegverkeer; en b. antennemasten.</p>\n<p class=\"lf-p\">14.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 60 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 60 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">15.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 60 m, mits mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 60 m, mits deze ten dienste staan aan de gebruiksfunctie.</p>\n<p class=\"lf-p\">16.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, kunstwerken 5 m mogen, in afwijking van het derde lid, kunstwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 5 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">17.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, kunstwerken 10 m mogen kunstwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 10 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">18.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, kunstwerken 15 m mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, kunstwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 15 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">19.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, sportvoorzieningen 25 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd ten behoeve van sportvoorzieningen met een maximale bouwhoogte van 25 m.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-584\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.84</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels representatieve bouwwerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, representatieve bouwwerken mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, bouwwerken, geen gebouw zijnde passend bij een landgoed, zoals een toegangspoort, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 8 m.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Afscheiding tussen balkons of dakterrassen bouwen, in stand houden of gebruiken.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-585\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.85</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.3</h3>\n<p class=\"lf-p\">Antenne-installatie bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-586\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.86</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.4</h3>\n<p class=\"lf-p\">Bouwwerk voor agrarische bedrijfsvoering bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-587\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.87</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.5</h3>\n<p class=\"lf-p\">Buisleiding bouwen, in stand houden of gebruiken Subparagraaf 5.5.5.1 Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-588\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.88</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd Subparagraaf 5.5.5.2 Locatie gebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-589\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.89</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.6</h3>\n<p class=\"lf-p\">Constructie voor overbruggen van terreinhoogteverschil bouwen, in stand houden of gebruiken Subparagraaf 5.5.6.1 Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-590\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.90</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene bouwregel</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied worden in de openbare buitenruimte bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken niet hoger dan 5 m gebouwd, tenzij in subparagraaf 5.5.6.2 op locatie andere regels zijn gesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 5.5.6.2 Locatie gebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-591\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.91</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels bruggen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bruggen, beperkt toegestaan is het verboden nieuwe bruggen te bouwen, tenzij de brug binnen de locatie bruggen, aangewezen locatie gebouwd wordt.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bruggen, 6 m mogen in het openbare buitengebied bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bruggen, 7 m mogen in het openbare buitengebied bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 7 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bruggen, 12 m mogen in het openbare buitengebied bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 12 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bruggen, 15 m mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van het vierde lid, in het openbare buitengebied bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 15 m.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.7</h3>\n<p class=\"lf-p\">Erf- en perceelafscheiding bouwen, in stand houden of gebruiken Subparagraaf 5.5.7.1 Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-592\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.92</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze subparagraaf gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van erf- of perceelafscheidingen hoger dan 1 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Deze subparagraaf gaat niet over het plaatsen, in stand houden of gebruiken van niet gebouwde afscheidingen, zoals hagen of heggen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-593\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.93</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene bouwregel</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied wordt een erf- en perceelafscheiding niet hoger dan 2 m gebouwd, tenzij in subparagraaf 5.5.7.2 op locatie andere regels zijn gesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied wordt, in afwijking van het eerste lid, een erf- en perceelafscheiding voor de voorgevelrooilijn niet hoger dan 1 m gebouwd, tenzij in subparagraaf 5.5.7.2 op locatie andere regels zijn gesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, mag worden afgeweken van het eerste en tweede lid.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 5.5.7.2 Locatie gebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-594\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.94</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels erf- en perceelafscheidingen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, erfafscheiding 1 m mogen erf- en perceelafscheidingen worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 1 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, erfafscheiding 2 m mogen erf- en perceelafscheidingen vóór de voorgevelrooilijn worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 2 m.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.8</h3>\n<p class=\"lf-p\">Palen of masten bouwen, in stand houden of gebruiken Subparagraaf 5.5.8.1 Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-595\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.95</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Deze paragraaf gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van: a. palen en masten; en b. vlaggenmasten.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-596\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.96</span><span class=\"lf-art-t\">Algemene bouwregel</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied mogen palen en masten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m, tenzij in subparagraaf 5.5.8.2 op locatie andere regels zijn gesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 5.5.8.2 Locatie gebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-597\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.97</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels palen en masten</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, palen en masten, 3 m mogen palen en masten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 3 m, tenzij in artikel 5.98 anders is bepaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, palen en masten, 5 m mogen palen en masten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 5 m, tenzij in artikel 5.98 anders is bepaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, palen en masten, 5 m, mits mogen palen en masten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 5 m, mits geen afbreuk wordt gedaan aan: a. natuurwaarden; b. cultuur-historische waarden; en c. gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, palen en masten, 10 m mogen palen en masten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 10 m, tenzij in artikel 5.98 anders is bepaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, palen en masten, 12 m mogen palen en masten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 12 m, tenzij in artikel 5.98 anders is bepaald.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-598\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.98</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels specifieke palen en masten</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, lantaarnpalen, 8 m mogen lantaarnpalen worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 8 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten 6 m mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten 6 m, mits mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m, mits geen afbreuk wordt gedaan aan: a. natuurwaarden; b. cultuur-historische waarden; en c. gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 10 m mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 10 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 12 m mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 12 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 15 m mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 15 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">7.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 16 m mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 16 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">8.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 25 m mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 25 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">9.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 30 m mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 30 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">10.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten en antennemasten 25 m mogen lichtmasten voor sportbeoefening en antennemasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 25 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">11.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, reclamemasten, 20 m mogen reclamemasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 20 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">12.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, reclamemasten, 30 m mogen reclamemasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 30 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">13.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlaggenmasten, 12 m mogen vlaggenmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 12 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">14.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlaggenmasten, 15 m mogen vlaggenmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 15 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">15.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlaggenmasten, 16 m mogen vlaggenmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 16 m.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.9</h3>\n<p class=\"lf-p\">Sport- of speeltoestel bouwen, in stand houden of gebruiken Subparagraaf 5.5.9.1 Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-599\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.99</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd Subparagraaf 5.5.9.2 Locatiegebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5100\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.100</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels speeltoestellen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, speeltoestel 6 m mogen speeltoestellen worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, speeltoestel 16 m mogen speeltoestellen worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 16 m.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.10</h3>\n<p class=\"lf-p\">Tuinmeubilair bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5101\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.101</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.11</h3>\n<p class=\"lf-p\">Zwembad, bubbelbad of soortgelijke voorziening of vijver bouwen, in stand houden of gebruiken Subparagraaf 5.5.11.1 Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5102\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.102</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Deze afdeling gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van zwembaden, bubbelbaden of soortgelijke voorzieningen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 5.5.11.2 Locatiegebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5103\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.103</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels zwembad</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, zwembad, achtererf (1) is het toegestaan een niet-overdekt zwembad op te richten in het achtererfgebied, mits: a. de oppervlakte niet meer dan 75 m2 is; b. de bouwhoogte van het zwembad, gemeten vanaf het aansluitende terrein, niet meer dan 0,5 m is; c. de bruto-oppervlakte (uitwendig gemeten constructie) van het zwembad niet meer dan 50% van de oppervlakte van het achtererfgebied van de woning is; d. het totale bebouwingspercentage van de kavel niet meer dan 50% is; en e. de afstand van het zwembad tot enig perceelsgrens minimaal 1,5 m is.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, zwembad, achtererf (2) mag met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, een niet-overdekt zwembad in het achtererfgebied worden gebouwd, mits: a. de bruto-oppervlakte (uitwendig gemeten constructie) maximaal 75 m2 is; b. de bouwhoogte van het zwembad, gemeten vanaf het aansluitende terrein, maximaal 0,5 m is; c. de bruto-oppervlakte (uitwendig gemeten constructie) maximaal 50% van de oppervlakte van het achtererfgebied van de woning is; d. het totale bebouwingspercentage van de kavel maximaal 50% is; en e. de afstand van het zwembad tot enig perceelsgrens minimaal 1,5 m is.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.12</h3>\n<p class=\"lf-p\">Steiger of vlonder bouwen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5104\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.104</span><span class=\"lf-art-t\">Steigers, vlonders en loopbruggen bouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, oppervlakte steigers en vlonders is de totale oppervlakte van steigers en vlonders niet meer dan de bebouwde oppervlakte van de begane grond van het hoofdgebouw.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, steiger, 3 m mogen steigers of soortgelijke bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 3 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, steigers, 1 per woning is met een omgevingsvergunning maximaal 1 steiger per woning toegestaan, mits: a. de breedte van de steiger maximaal 25% van de breedte van het perceel is, met een maximum van 6 m; b. de oever voor een verlaagd terras plaatselijk verlaagd wordt tot 5,00 m -NAP over maximaal 50% van de kavelbreedte; c. de maximale diepte 3 m, gemeten uit de erfgrens, is; d. tussen twee aangrenzende steigers zich een afstand van minimaal 2 m bevindt; en e. er bij een hoekperceel een minimale afstand van 2 m vanaf de zijkant van de steiger naar de openbaar gebied is gehanteerd; f. op of aan de steiger geen bouwwerken worden aangebracht zoals schermen of prieeltjes; g. bij de steiger maximaal 1 meerpaal wordt gerealiseerd met een maximale hoogte van 2,20-NAP.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, verlaagde terrassen is het met een omgevingsvergunning toegestaan om verlaagde terrassen te bouwen, mits: a. de breedte van het verlaagd terras maximaal 50% van de totale kavelbreedte is; b. de diepte van een verlaagd terras minimaal 2 m is, gemeten vanuit de oeverbeschoeiing; c. de hoogteligging van een verlaagd terras is maximaal 4,90 m - NAP en niet lager dan de oeverbeschoeiing; d. de verlaging van het terras kan worden uitgevoerd met grond of met een beschoeiing; en e. het grondlichaam ten behoeve van het verlaagd terras minimaal 0,5 m van de erfgrens begint, waarbij in geval van een beschoeiing de beschoeiing op minimaal 1 m van de erfgrens ligt (dit geldt niet als twee aan elkaar grenzende percelen gezamenlijk één verlaagd terras realiseren).</p>\n<p class=\"lf-p\">5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlonder gelden voor het bouwen van vlonders de volgende regels: a. per woning is de totale oppervlakte van terrasvlonders maximaal 40 m2; b. bij drijvende woningen bevindt de bovenzijde van een terrasvlonder zich op maximaal 4,7 m - NAP; c. bij paalwoningen bevindt de bovenzijde van een terrasvlonder zich op maximaal 4,25 m - NAP; d. loopbruggen zijn maximaal 2 m breed; e. hekwerken bij vlonders of loopbruggen zijn minimaal 50% transparant; en f. hekwerken bij vlonders of loopbruggen zijn maximaal 1 m hoog, gemeten vanaf de bovenzijde van de terrasvlonder of loopbrug.</p>\n<p class=\"lf-p\">6.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlonder, 0,5 m is de hoogte van een vlonder ten opzichte van de waterspiegel maximaal 0,5 m.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.5.13</h3>\n<p class=\"lf-p\">Overige bouwwerken, geen gebouw zijnde, bouwen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5105\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.105</span><span class=\"lf-art-t\">Overige bouwwerken, geen gebouw zijnde, bouwen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, entreeportaal, 8 m mag een entreeportaal worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 8 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, uitkijktoren, 16 m mag maximaal één uitkijktoren worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 16 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, wachtruimte carpool mag een wachtruimte voor een carpoolvoorziening worden gebouwd, mits: a. de oppervlakte niet meer dan 100 m2 is; en b. de hoogte niet meer dan 3 m is.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  5.6</h3>\n<p class=\"lf-p\">Bouwwerk voor infrastructurele of openbare voorziening bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.6.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5106\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.106</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Deze afdeling gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van bouwwerken voor infrastructurele of openbare voorzieningen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5107\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.107</span><span class=\"lf-art-t\">Verbod bouwen of opschalen van windturbines</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied is het verboden om nieuwe windmolens te realiseren of bestaande windmolens op te schalen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5108\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.108</span><span class=\"lf-art-t\">Beoordelingsregels bouwen nutsvoorziening</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, nutsvoorzieningen in de openbare buitenruimte gebouwd worden, mits voldaan wordt aan de volgende vereisten: a. de nutsvoorziening is niet hoger dan 5 m; en b. de nutsvoorziening heeft een maximale oppervlakte van 50 m².</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.6.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Locatie gebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5109\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.109</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels nutsvoorzieningen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen nutsvoorziening bouwen 1 mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijking van artikel 5.108, nutsvoorzieningen worden gebouwd, mits: a. de nutsvoorziening een maximale bouwhoogte van 4 m heeft; en b. de nutsvoorziening een maximale oppervlakte van 40 m² heeft.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen nutsvoorziening bouwen 2 mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, en in afwijkingen van artikel 5.108, nutsvoorzieningen worden gebouwd, mits de oppervlakte van de nutsvoorzieningen per bedrijf maximaal 100 m2 is.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5110\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.110</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels hoogspanningsverbinding</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen hoogspanningsleiding, 380 kV mag een bovengrondse hoogspanningsleiding worden gebouwd voor het transport van elektriciteit tot maximaal 380 kV, samen met de daarmee verbonden schakel- en transformatorstations en andere voor die hoogspanningsverbinding noodzakelijke hulpmiddelen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5111\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.111</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels bioreactor</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen bioreactor, 4 m/200 m² mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, een nutsgebouw voor een bioreactor worden gebouwd, mits: a. de bouwhoogte maximaal 4 m is; en b. de oppervlakte maximaal 200 m2 is.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  5.7</h3>\n<p class=\"lf-p\">Bouwkeet, bouwbord, steiger, heistelling, hijskraan, damwand, bouwweg, terreinverharding, terreininrichting of andere hulpconstructie bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5112\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.112</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  5.8</h3>\n<p class=\"lf-p\">Gewoon onderhoud verrichten aan een bouwwerk</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5113\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.113</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  5.9</h3>\n<p class=\"lf-p\">Ander bouwwerk bouwen, in stand houden of gebruiken</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.9.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5114\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.114</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels kunstobjecten</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen het transitiegebied mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, kunstobjecten worden gebouwd, mits deze kunstobjecten bijdragen aan de ruimtelijke situatie en de beeldkwaliteit ter plaatse.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  5.9.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Locatie gebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5115\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.115</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels boomhutten</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen ander bouwwerk bouwen, boomhut mogen maximaal 5 boomhutten worden gebouwd.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5116\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.116</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels brandtorens</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen ander bouwwerk bouwen, brandtoren mag, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, één brandtoren voor brandpreventie en -bestrijding worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 30 m.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5117\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.117</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels geluidsschermen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen ander bouwwerk bouwen, geluidsscherm 10 m mogen geluidsschermen worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 10 m.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-5118\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 5.118</span><span class=\"lf-art-t\">Bouwregels schuilplaatsen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Binnen ander bouwwerk bouwen, schuilplaats mogen, met toepassing van artikel 5.5, tweede lid, schuilgelegenheden worden gebouwd, mits er geen aantasting plaatsvindt van de landschaps- en natuurwaarden.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Hoofdstuk  6</h3>\n<p class=\"lf-p\">SLOOP</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-61\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 6.1</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Hoofdstuk  7</h3>\n<p class=\"lf-p\">AANLEGGEN</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  7.3</h3>\n<p class=\"lf-p\">Infrastructuur aanleggen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-73\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 7.3</span><span class=\"lf-art-t\">Vergunningplicht aanleggen of veranderen van een weg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het is verboden zonder omgevingsvergunning een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, de aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing als in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam werkzaamheden worden verricht.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op: a. beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>de Omgevingswet;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>de Omgevingsverordening provincie Flevoland; of 3. de waterschapsverordening; of b. op situaties waarin wordt voorzien door:</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>de Wegenverkeerswet 1994;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">2.</span>de Wegenwet;</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">3.</span>het Wetboek van Strafrecht; of 4. de Telecommunicatiewet.</div>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-74\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 7.4</span><span class=\"lf-art-t\">Beoordelingsregels aanleggen of veranderen van een weg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als: a. de activiteit niet in strijd is met de openbare veiligheid; b. de activiteit niet in strijd is met de volksgezondheid; en c. de activiteit niet in strijd is met de bescherming van het milieu.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-75\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 7.5</span><span class=\"lf-art-t\">Aanvraagvereisten aanleggen of veranderen van een weg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. een gemaatvoerde situatietekening van de gewenste weg, inclusief het beloop, profiel en de aansluiting van de weg; b. informatie over het type verharding dat gebruikt wordt voor de gewenste weg; en c. andere informatie die noodzakelijk is voor de toetsing van de aanvraag.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-76\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 7.6</span><span class=\"lf-art-t\">Vergunningplicht aanleggen of veranderen van een uitweg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het is verboden zonder omgevingsvergunning een uitweg aan te leggen of verandering te brengen in een bestaande uitweg.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing als de uitweg wordt aangelegd conform de voor dat gebied geldende inrittenkaart.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens: a. de Omgevingswet; b. de Omgevingsverordening provincie Flevoland; of c. de waterschapsverordening.</p>\n<p class=\"lf-p\">4.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het bevoegd gezag kan inrittenkaarten, zoals bedoeld in het tweede lid, vaststellen.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-77\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 7.7</span><span class=\"lf-art-t\">Beoordelingsregels aanleggen of veranderen van een uitweg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als: a. de activiteit niet leidt tot een mogelijk verkeersgevaarlijke situatie; b. de activiteit niet de functionaliteit van het openbaar gebied op onaanvaardbare wijze aantast ten koste van openbare parkeerplaatsen, lichtmasten, nutsvoorzieningen, containeropstelplaatsen, e.d.; c. de activiteit niet de ruimtelijke kwaliteit, waaronder het uiterlijk aanzien van de omgeving, op onaanvaardbare wijze aantast; en d. de activiteit niet ziet op het aanleggen van een tweede uitweg op een woonperceel met een frontbreedte van minder dan 25 m.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-78\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 7.8</span><span class=\"lf-art-t\">Aanvraagvereisten aanleggen of veranderen van een uitweg</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. een gemaatvoerde situatietekening van de gewenste uitweg; en b. een foto van de bestaande situatie.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  7.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-71\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 7.1</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  7.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Locatiegebonden bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-72\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 7.2</span><span class=\"lf-art-t\">Aanleggen op locatie</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Binnen parkeerplaatsen, max. 8 mogen op locatie maximaal 8 autoparkeerplaatsen worden aangelegd.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Hoofdstuk  8</h3>\n<p class=\"lf-p\">AFVAL</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-81\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 8.1</span><span class=\"lf-art-t\">gereserveerd</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Hoofdstuk  9</h3>\n<p class=\"lf-p\">BODEM</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Afdeling  9.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene bepalingen</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  9.1.1</h3>\n<p class=\"lf-p\">Inleidende bepalingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-91\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 9.1</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Dit hoofdstuk gaat over activiteiten die de bodem verstoren.</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-92\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 9.2</span><span class=\"lf-art-t\">Oogmerken</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">gereserveerd</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  9.1.2</h3>\n<p class=\"lf-p\">Aanwijzingen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-93\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 9.3</span><span class=\"lf-art-t\">Beperkingengebied buisleidingen</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">1.</p>\n<p class=\"lf-p\">Er is een beperkingengebied buisleidingen in dit omgevingsplan.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij het verrichten van activiteiten binnen het beperkingengebied buisleidingen wordt voldaan aan paragraaf 9.2.2.</p>\n<h3 class=\"lf-part\">Paragraaf  9.1.3</h3>\n<p class=\"lf-p\">Algemene regels Subparagraaf 9.1.3.1 Algemeen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-94\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 9.4</span><span class=\"lf-art-t\">Zorgplicht ondergrondse infrastructuur</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Bij het uitvoeren van activiteiten die de bodem verstoren, is iedereen vooraf verplicht: a. een KLIC-melding te doen, mits het om het mechanisch verrichten van werkzaamheden in de ondergrond gaat; b. alle voorgeschreven maatregelen die voortkomen uit de KLIC-melding, zoals bedoeld onder sub a, op te volgen; c. te onderzoeken of de werkzaamheden graafschade kunnen veroorzaken ten aanzien van het gebruik en de kwaliteit van de aanwezige ondergrondse infrastructuur; en d. als er een mogelijk risico op graafschade aanwezig is:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">1.</span>alle mogelijke maatregelen te nemen om dit risico weg te nemen of dit zo veel als mogelijk te beperken; en 2. advies in te winnen van de leidingbeheerder over de vraag of dit uit een oogpunt van doelmatig beheer en onderhoud bezwaren oplevert.</div>\n<p class=\"lf-p\">Subparagraaf 9.1.3.2 Watergang graven of dempen</p>\n<h4 class=\"lf-art\" id=\"a-95\"><span class=\"lf-art-num\">Artikel 9.5</span><span class=\"lf-art-t\">Toepassingsbereik</span></h4>\n<p class=\"lf-p\">Deze subparagraaf gaat over activiteiten voor het: a.</p></div>", "next": 239891}