{"html": "<div class=\"lf-doc\"><p class=\"lf-p\">daken, bitumenlaag, grind : nieuwe laag, vervangen daken, kunststoflaag, grind : vervangen isolatie onder dakbedekking : vervangen cv ketel en toebehoren : vervangen, geregeld onderhoud kachels : vervangen, geregeld onderhoud ventilatoren (incl. specifieke installaties voor werkplaatsen en specifieke vaklokalen ) : vervangen, geregeld onderhoud warmwatertoestel : vervangen, geregeld onderhoud brandblusvoorzieningen : vervangen, geregeld onderhoud belinstallatie : vervangen intercom : vervangen liften : vervangen klein en dagelijks onderhoud buiten : schilderen, beitsen hout en staal binnen : schilderen sauswerk : nieuwe laag aanbrengen vloerbedekking (incl. gymzaal) : vervangen industrieparket : schuren, nieuwe laklaag gietasfalt : schuren, nieuwe toplaag spijkerribbenvloer (metsellokaal) : vervangen spijkerribben verlichting : vervangen lampen diverse inventaris goederen klein en dagelijks onderhoud binnen : vervangen BijlageIICriteria voor opstelling en toetsing van leerlingprognoses De prognose van het aantal te verwachten leerlingen van de school als bedoeld in artikel 7, tweede lid onder a, artikel 20, eerste lid onder c, en artikel 25, derde lid onder f, wordt gemaakt voor een periode van tenminste vijftien jaren te starten met het gewenste jaar van bekostiging.</p>\n<p class=\"lf-p\">In bijlage I is voor de voorzieningen aanpassing en onderhoud aangegeven van welke prognosetermijn moet worden uitgegaan. Leidraad hierbij is geweest dat voor (meer) ingrijpende voorzieningen een lange termijnprognose vereist is, terwijl voor voorzieningen met minder financieel gevolg die noodzakelijk zijn om het gebouw te kunnen blijven gebruiken, volstaan kan worden met een korte-termijnprognose.</p>\n<p class=\"lf-p\">De prognose geeft per jaar inzicht in het aantal te verwachten leerlingen van de school of nevenvestiging door in elk geval rekening te houden met: het voedingsgebied of de voedingsgebieden; de aanwezige bevolking, verdeeld in relevante leeftijdsgroepen; de woningvoorraad en wijzigingen daarin inclusief een eventuele uitbreiding van het voedingsgebied; de veranderingen in de onderscheiden leeftijdsgroepen van de bevolking als gevolg van migratie, sterfte en geboorte; de veranderingen in de bevolking als gevolg van wijzigingen in de woningvoorraad; de verdeling van de leerlingen als gevolg van de belangstelling voor de school en het onderwijs dat wordt gegeven.</p>\n<p class=\"lf-p\">De prognose wordt jaarlijks geactualiseerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De prognose omvat in elk geval de bovenstaande gegevens a t/m g voor een periode van 6 jaar (de analyseperiode) met als laatste jaar het jaar voorafgaand aan de indiening van de aanvraag.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het voedingsgebied van de school omvat het gebied waaruit het overgrote deel van de leerlingen afkomstig is (of bij nieuwbouwwijken: zal zijn). Voor een basisschool wordt bij de prognose in ieder geval een beschrijving geleverd van het voedingsgebied op wijkniveau. Voor een speciale school voor basisonderwijs, het (voortgezet)speciaal onderwijs en het voortgezet onderwijs kan, indien het voedingsgebied zich over de gemeentegrens uitstrekt, worden volstaan met een opsomming van de gemeenten die tot het voedingsgebied worden gerekend.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij aanlevering van een prognose dienen de relevante gegevens en berekeningen over de analyse- en prognoseperiode op papier te zijn afgedrukt.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij deze levering worden in elk geval de gebruikte programmatuur en de aannames/assumpties met betrekking tot het gestelde onder d tot en met g, waarop de prognose is gebaseerd, aangegeven en onderbouwd.</p>\n<p class=\"lf-p\">1 Basisonderwijs De relevante leeftijdsgroepen zijn: kinderen in de leeftijd van 4 tot en met 30% van de 12 jarigen en vrouwen van 0 tot 49 jaar, minimaal in 5 jaars leeftijdsgroepen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor het opstellen en indienen van een prognose voor een huisvestingsvoorziening, bestemd voor het basisonderwijs, wordt het prognosemodel ‘PROBO II’, versie 2.1. voorgeschreven, zoals vastgelegd bij ministeriële regeling ‘Modelprognose basisonderwijs 1994’ (Uitleg O en W regelingen, nr. 10, 13 april 1994). Aanlevering van prognoses kan plaatsvinden door de relevante gegevens en berekeningen op papier af te drukken.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 (Voortgezet) speciaal onderwijs De relevante leeftijdsgroepen zijn:</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor het speciaal onderwijs:</p>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">–</span>kinderen in de leeftijd van 3 tot en met 13 jaar en</div>\n<div class=\"lf-abs\"><span class=\"lf-abs-num\">–</span>vrouwen van 0 tot 49 jaar, minimaal in 5 jaars leeftijdsgroepen.</div>\n<p class=\"lf-p\">Voor het voortgezet speciaal onderwijs: kinderen in de leeftijd van 12 tot en met 19 jaar en de verwachte geboorten in het voedingsgebied in de eerstvolgende drie jaar.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor het opstellen en indienen van een prognose voor een huisvestingsvoorziening, bestemd voor het (voortgezet) speciaal onderwijs, wordt het prognosemodel ‘LASSO 3.2’ met de meest actuele database voorgeschreven, zoals vastgelegd bij ministeriële regeling ‘Modelprognose huisvestingsvoorzieningen speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs 1993’ (Uitleg O en W regelingen, nr. 18, 30 juni 1993 en aangevuld via Uitleg mededelingen OCenW, nr. 7, 13 maart 1996). Aanlevering van prognoses kan plaatsvinden door de relevante gegevens en berekeningen op papier af te drukken (het zogenaamde prognoseverslag).</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Voortgezet onderwijs De relevante leeftijdsgroepen zijn: kinderen in de leeftijd van 12 tot en met 19 jaar en de instroom vanuit het gemiddelde van de 12 en 13 jarigen in het eerste leerjaar van het voortgezet onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor het opstellen en indienen van een prognose voor een huisvestingsvoorziening, bestemd voor het voortgezet onderwijs, wordt het prognosemodel ‘huisvesting VO’, zoals onderstaand beschreven, voorgeschreven. De prognose dient te worden ingediend met het berekeningsformulier ‘Prognose huisvesting VO’.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het prognosemodel bestaat uit het berekenen van de toekomstige totale schoolbevolking door rekening te houden met de basisgeneratie, de belangstelling in het eerste leerjaar en de verhouding eerste leerjaar – totale schoolbevolking. Indien in de analyseperiode van de afgelopen zes jaren een fusie of fusies heeft of hebben plaatsgevonden, wordt voor de hele analyseperiode gedaan alsof de scholen waren samengevoegd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De basisgeneratie wordt verkregen uit de meest recente PRIMOS raming[1] (het aantal 12- en 13 jarigen in de komende vijftien jaar) per gemeente, waaruit kinderen de desbetreffende school bezoeken.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verhouding tussen het gemiddelde aantal 12 en 13 jarigen en de instroom in het eerste leerjaar gedurende de analyseperiode bepaalt de belangstelling. Het belangstellingspercentage in de prognosejaren wordt bepaald op het gemiddelde belangstellingspercentage in de analyseperiode, tenzij er een duidelijke trend is waar te nemen. In dit laatste geval wordt uitgegaan van het gewogen gemiddelde.</p>\n<p class=\"lf-p\">De verhouding eerste leerjaar – totale schoolbevolking uit zich in een vermenigvuldigingsfactor afhankelijk van onderwijssoort. Als waarde hiervan wordt de gemiddelde waarde gedurende de analyseperiode genomen, tenzij veranderingen in het gedoceerd onderwijs zijn opgetreden. In dit laatste geval wordt over de laatst bekende drie jaren de vermenigvuldigingsfactor berekend.</p>\n<p class=\"lf-p\">Vermenigvuldiging per prognosejaar voor elk van de gemeenten uit het voedingsgebied van het gemiddelde aantal 12 en 13 jarigen (volgens de PRIMOS raming) met het toekomstig belangstellingpercentage en de gemiddelde vermenigvuldigingsfactor levert het te verwachten aantal leerlingen BijlageIIICriteria voor oppervlakte en indeling De criteria voor oppervlakte en indeling vallen uiteen in vier delen: deel A: de bepaling van de capaciteit; deel B: wijze van bepalen van de ruimtebehoefte; deel C: de bepaling van de omvang van de toekenning; deel D: minimumnormen bij realisering van nieuwe voorzieningen.</p>\n<p class=\"lf-p\">DEEL A De bepaling van de capaciteit1 School voor basisonderwijs De capaciteit van de gebouwen voor het basisonderwijs wordt volgens onderstaande methodiek vastgesteld. Het college kan in overeenstemming met het bevoegd gezag van de school besluiten tot vermindering van de met onderstaande methodiek vastgestelde capaciteit, indien de hierdoor beschikbaar komende ruimten worden ingezet ten behoeve van onderwijskundige, culturele, maatschappelijke (waaronder kinderopvang) en recreatieve doeleinden.</p>\n<p class=\"lf-p\">1.1 Gebouwen van hoofd- en nevenvestigingen (inclusief de T&amp;B-dislocaties[1]) met een permanente of tijdelijke bouwaard De bruto vloeroppervlakte (verder aan te duiden als bvo) van een gebouw is de bvo zoals bepaald aan de hand van het gestelde in III-1, de ‘Meetinstructie voor het vaststellen van de bruto vloeroppervlakte van de schoolgebouwen in het primair onderwijs’.</p>\n<p class=\"lf-p\">Noot [1] Een ‘T&amp;B-dislocatie’ is een gebouw dat als hoofdgebouw fungeerde van een basisschool die op of na 1 augustus 1992 is gefuseerd. Na de fusie is de status van het gebouw gewijzigd in die van dislocatie van de school die uit de fusie is overgebleven. Voor de bepaling van de capaciteit van de T&amp;B-dislocaties zijn dezelfde tabellen van toepassing als voor de hoofd- en nevenvestingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Basisschool De capaciteit van een gebouw voor een basisschool wordt vastgelegd in het bruto vloeroppervlak van het gebouw. De capaciteit van het gebouw met een permanente bouwaard en de capaciteit van de tijdelijke bouwaard worden afzonderlijk vastgesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien een deel van een gebouw is gerealiseerd met andere dan overheidsmiddelen en hiervoor geen (rijks)vergoeding wordt genoten, wordt dit deel niet tot de capaciteit van het gebouw gerekend. Dit deel wordt wel geregistreerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien sprake is van een schoolgebouw met een bruto-netto-verhouding in het oppervlak die sterk afwijkt van sinds 1 januari 1997 gerealiseerde schoolgebouwen, kan het schoolbestuur een verzoek indienen tot vaststelling van een fictief bruto vloeroppervlak als grondslag voor de capaciteitsbepaling.</p>\n<p class=\"lf-p\">Speciale school voor basisonderwijs Voor een speciale school voor basisonderwijs geldt hetzelfde. Echter, een eventueel aanwezig speellokaal wordt niet in de capaciteitsbepaling meegenomen. Indien een speellokaal aanwezig is èn de school voldoet aan de voorwaarden zoals vermeld in bijlage I, deel A, paragraaf 1.3.2, wordt op het bruto vloeroppervlak 90 m² in mindering gebracht.</p>\n<p class=\"lf-p\">1.2 Dislocaties, gebouwen met een permanente of tijdelijke bouwaard Voor het bepalen van de capaciteit van dislocaties voor basisscholen geldt het gestelde onder 1.1.</p>\n<p class=\"lf-p\">1.3 Rangorde hoofdgebouwen en dislocaties De vaststelling van de rangorde geschiedt om te kunnen bepalen van welk gebouw als eerste het gebruik beëindigd wordt als er sprake is van een daling van het aantal leerlingen. Dit is het gebouw met het hoogste rangordenummer.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien een voorziening in de huisvesting bestaat uit een hoofdgebouw (van een school, een hoofdvestiging of een nevenvestiging) en een of meer dislocaties, wordt de rangorde tussen deze gebouwen vastgesteld. Dit is de rangorde zoals deze is vastgelegd in de gegevensadministratie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Indien de rangorde opnieuw moet worden vastgesteld, doordat nieuwe gebouwen moeten worden toegevoegd, wordt de rangorde als volgt vastgesteld. Het hoofdgebouw is het gebouw dat qua oppervlakte, indeling en bouwkundige staat het meest geschikt is om als het enige gebouw voor de school te dienen. Dit is in de regel het grootste gebouw. Het hoofdgebouw krijgt nummer 1, vervolgens vindt doornummering plaats voor de dislocaties met een permanente bouwaard te beginnen met de dislocatie met de grootste capaciteit en vervolgens de dislocaties met een tijdelijke bouwaard te beginnen met de dislocatie met de grootste capaciteit.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij een fusie van twee of meer scholen wordt het gebouw van de overblijvende school het hoofdgebouw. Indien de overige gebouwen van de bij de fusie betrokken scholen noodzakelijk zijn voor de huisvesting van de gefuseerde scholen, gelet op de capaciteit van het hoofdgebouw, dan krijgen zij als dislocatie een plaats in de rangorde zoals hiervoor omschreven.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vaststelling van de rangorde vindt plaats conform het vorenstaande tenzij na overleg tussen het bevoegd gezag van de school en het college, het college anders beslist.</p>\n<p class=\"lf-p\">1.4 Terrein Onder terrein dient te worden verstaan het kadastraal perceel of de kadastrale percelen waarop het schoolgebouw met toebehoren zich bevindt. De terreinoppervlakte is gelijk aan de grootte in de kadastrale registratie van het Kadaster.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de kadastrale perceelgrenzen niet overeenkomen met de grenzen van het schoolterrein, dan wordt het met overheidsmiddelen bekostigde deel van de terreinoppervlakte vastgelegd.</p>\n<p class=\"lf-p\">1.5 Inventaris Voor de inventaris is het uitgangspunt dat op 1 januari 2009 alle scholen voor (speciaal) basisonderwijs in de gemeente zijn voorzien van voldoende onderwijsleerpakket en meubilair. De bruto vloeroppervlakte van de school is de basis voor de vaststelling van de omvang van de aanwezige inventaris.</p>\n<p class=\"lf-p\">1.6 Gymnastiekruimten 1.6.1 Gymnastiekruimte De capaciteit van een gymnastiekruimte voor het basisonderwijs bedraagt 40 klokuren.</p>\n<p class=\"lf-p\">1.6.2 Terrein De terreinoppervlakte is de oppervlakte zoals vastgelegd bij het Kadaster. Slechts de terreinoppervlakte van de vrijstaande gymnastiekruimten gelegen op eigen terrein, los van het terrein van het lesgebouw, wordt geregistreerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">1.6.3 Inventaris De inventaris aanwezig op 1 januari 1997 wordt geacht voldoende te zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 School voor (voortgezet) speciaal onderwijs De capaciteit van de gebouwen voor een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs wordt volgens onderstaande methodiek vastgesteld. Het college kan in overeenstemming met het bevoegd gezag van de school besluiten tot vermindering van de met onderstaande methodiek vastgestelde capaciteit, indien de hierdoor beschikbaar komende ruimten worden ingezet ten behoeve van culturele, maatschappelijke (waaronder kinderopvang) of recreatieve doeleinden.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.1 Hoofdgebouwen met een permanente of tijdelijke bouwaard De bruto vloeroppervlakte (verder aan te duiden als bvo) van een gebouw is de bvo zoals bepaald aan de hand van het gestelde in III- 1, de ‘Meetinstructie voor het vaststellen van de bruto vloeroppervlakte van de schoolgebouwen in het primair onderwijs’.</p>\n<p class=\"lf-p\">De capaciteit van een gebouw wordt vastgelegd in de bruto vloeroppervlakte van het gebouw. De capaciteit van het gebouw met een permanente bouwaard en de capaciteit van de tijdelijke bouwaard worden afzonderlijk vastgesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien een speellokaal aanwezig is en de school voldoet aan de voorwaarden zoals vermeld in bijlage I, deel A, paragraaf 2.3.2 sub a. en sub b., wordt op de bruto vloeroppervlakte 90 m² in mindering gebracht.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien een deel van het gebouw is gerealiseerd met andere dan overheidsmiddelen en het hiervoor geen (rijks)vergoeding wordt genoten, wordt dit deel niet tot de capaciteit van het gebouw gerekend. Dit deel wordt wel geregistreerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien sprake is van een schoolgebouw met een bruto-netto verhouding in het oppervlak die sterk afwijkt van sinds 1 januari 1997 gerealiseerd schoolgebouwen, kan het schoolbestuur een verzoek indienen tot vaststelling van een fictief bruto vloeroppervlakte als grondslag voor de capaciteitsbepaling.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.2 Dislocaties of nevenvestigingen, gebouwen met een permanente of een tijdelijke bouwaard Voor het bepalen van de capaciteit van dislocaties voor scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs geldt het gestelde onder 2.1 2.3 Rangorde hoofdgebouwen en dislocaties De vaststelling van de rangorde geschiedt om te kunnen bepalen van welk gebouw als eerste het gebruik beëindigd wordt als er sprake is van een daling van het aantal leerlingen. Dit is het gebouw met het hoogste rangordenummer.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien een voorziening in de huisvesting bestaat uit een hoofdgebouw en een of meerdere dislocaties, wordt de rangorde tussen deze gebouwen vastgesteld. Dit is de rangorde zoals deze is vastgelegd in de gegevensadministratie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Indien de rangorde opnieuw moet worden vastgesteld, omdat nieuwe gebouwen moeten worden toegevoegd, wordt de rangorde als volgt vastgesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het hoofdgebouw krijgt nummer 1, vervolgens vindt doornummering plaats voor de dislocaties met een permanente bouwaard te beginnen met de dislocatie met de grootste capaciteit en vervolgens de dislocaties met een tijdelijk bouwaard te beginnen met de dislocatie met de grootste capaciteit.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het hoofdgebouw is het gebouw dat qua oppervlakte, indeling en bouwkundige staat, het meest geschikt is om als het enige gebouw voor de school te dienen. Dit is in de regel het grootste gebouw.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vaststelling van de rangorde vindt plaats conform het vorenstaande tenzij na overleg tussen het bevoegd gezag van de school en het college, het college anders beslist.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.4 Terrein Onder terrein dient te worden verstaan het kadastraal perceel of de kadastrale percelen waarop het schoolgebouw met toebehoren zich bevindt. De terreinoppervlakte is gelijk aan de grootte in de kadastrale registratie van het Kadaster.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de kadastrale perceelgrenzen niet overeenkomen met de grenzen van het schoolterrein, dan wordt het met overheidsmiddelen bekostigde deel van de terreinoppervlakte vastgelegd.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.5 Inventaris Voor de inventaris is het uitgangspunt dat op 1 januari 2009 alle scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs in de gemeente zijn voorzien van voldoende onderwijsleerpakket en meubilair. De bruto vloeroppervlakte van de school is de basis voor de vaststelling van de omvang van de aanwezige inventaris.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.6 Gymnastiekruimten 2.6.1 Gymnastiekruimte De capaciteit van een gymnastiekruimte voor het (voortgezet) speciaal onderwijs bedraagt 40 klokuren.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.6.2 Terrein De terreinoppervlakte is de oppervlakte zoals vastgelegd bij het Kadaster. Slechts de terreinoppervlakte van de vrijstaande gymnastiekruimten gelegen op eigen terrein, los van het terrein van het lesgebouw, wordt geregistreerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.6.3 Inventaris De inventaris aanwezig op 1 januari 1997 wordt geacht voldoende te zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 Voortgezet onderwijs De capaciteit van de gebouwen in het voortgezet onderwijs wordt vastgelegd in gegevens over: de bruto vloeroppervlakte van gebouwen; het aantal specifieke ruimten; het aantal werkplaatsen;</p>\n<p class=\"lf-p\">Het college kan in overeenstemming met het bevoegd gezag van de school besluiten tot vermindering van de met onderstaande methodiek vastgestelde capaciteit, indien de hierdoor beschikbaar komende ruimten worden ingezet ten behoeve van culturele, maatschappelijke of recreatieve doeleinden.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.1Hoofdgebouwen, nevenvestigingen en dislocaties met een permanente of een tijdelijke bouwaard De bruto vloeroppervlakte (verder aan te duiden als BVO) van een gebouw is de BVO zoals bepaald aan de hand van het gestelde in III- 2 de ‘Meetinstructie voor het vaststellen van de BVO van de schoolgebouwen in het voortgezet onderwijs´.</p>\n<p class=\"lf-p\">Naast de bruto-vloeroppervlakte zal het gegeven ‘aantal gymnastieklokalen’ moeten worden vastgelegd, evenals het gegeven ‘aantal specifieke ruimten en werkplaatsen’ en de gegevens ‘oppervlakte directie- en nevenruimten’ indien en voorzover deze noodzakelijk zijn in het kader van aanvragen betreffende uitbrei­ding dan wel medege­bruik.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij het gegeven ‘aantal specifieke ruimten en werkplaatsen' moeten de ruimtesoorten worden onderscheiden zoals die in ‘III-3 De toepassing van het Ruimtebehoeftemodel’ zijn opgenomen in de tabellen voor de ruimte­behoefte per onder­wijs­soort. Indien een deel van een gebouw is gerealiseerd met andere dan overheidsmiddelen, wordt dit deel niet tot de capaciteit van het gebouw gerekend. Dit deel wordt wel geregistreerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.2 Rangorde hoofdgebouwen en dislocaties De vaststelling van de rangorde geschiedt om te kunnen bepalen van welk gebouw als eerste het gebruik beëindigd wordt als er sprake is van een daling van het aantal leerlingen. Dit is het gebouw met het hoogste rangordenummer. Indien een voorziening in de huisvesting bestaat uit een hoofdgebouw (of nevenvestiging) en een of meer dislocaties, wordt de rangorde tussen deze gebouwen vastgesteld. Dit is de rangorde zoals vastgelegd in de Basisregistratie Huisvesting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Indien de rangorde opnieuw moet worden vastgesteld, doordat nieuwe gebouwen moeten worden toegevoegd, wordt de rangorde als volgt vastgesteld.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het hoofdgebouw krijgt nummer 1, vervolgens vindt doornummering plaats voor de dislocaties met een permanente bouwaard te beginnen met de dislocatie met de grootste capaciteit en vervolgens de dislocaties met een tijdelijke bouwaard te beginnen met de dislocatie met de grootste capaciteit.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vaststelling van de rangorde vindt plaats conform het bovenstaande tenzij, na overleg tussen het bevoegd gezag van de school en het college, het college anders beslist.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.3 Terrein Onder terrein dient te worden verstaan het kadastraal perceel of de kadastrale percelen waarop het schoolgebouw met toebehoren zich bevindt. De terreinoppervlakte is gelijk aan de grootte in de kadastrale registratie van het Kadaster.</p>\n<p class=\"lf-p\">Indien de kadastrale perceelgrenzen niet overeenkomen met de grenzen van het schoolterrein, dan wordt het met overheidsmiddelen bekostigde deel van de terreinoppervlakte vastgelegd.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.4 Inventaris Voor de inventaris is het uitgangspunt dat op 1 januari 1997 alle instellingen voor voortgezet onderwijs zijn voorzien van een inventaris.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bruto vloeroppervlakte algemene ruimten en het aantal specifieke ruimten en werkplaatsen als zodanig is de basis voor de vaststelling van de omvang van de aanwezige inventaris.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.5 Gymnastiekruimten 3.5.1 Gymnastiekruimte De capaciteit van een gymnastiekruimte voor het voortgezet onderwijs bedraagt 40 uur.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.5.2 Terrein De terreinoppervlakte is de oppervlakte zoals vastgelegd bij het Kadaster. Slechts de terreinoppervlakte van de vrijstaande gymnastiekruimten gelegen op eigen terrein, los van het terrein van het lesgebouw, wordt geregistreerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.5.3 Inventaris De inventaris aanwezig op 1 januari 1997 wordt geacht voldoende te zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">DEEL B Wijze van bepalen van de ruimtebehoefte 1. Basisonderwijs 1.1 Lesgebouwen Basisschool Voor een basisschool is het aantal leerlingen en de gewichtensom bepalend voor de huisvestingsbehoefte. Het berekening voor de huisvestingsbehoefte wordt uitgevoerd voor elke school met een eigen BRIN-nummer en voor elke nevenvestiging met een eigen vestigingsnummer. Zo’n nevenvestiging wordt voor de ruimtebehoefte berekening beschouwd als een afzonderlijke school.</p>\n<p class=\"lf-p\">De ruimtebehoefte is opgebouwd uit een basisruimtebehoefte en een toeslag in verband met de gewichtensom.</p>\n<p class=\"lf-p\">De basisruimtebehoefte van een basisschool wordt berekend met de formule:</p>\n<p class=\"lf-p\">B = 200 + 5,03 * L, waarbij B = basisruimtebehoefte in m² bruto vloeroppervlakte, rekenkundig afgerond op hele vierkante meters, en L = het aantal leerlingen dat op 1 oktober voorafgaande aan elk jaar waarop de prognose betrekking heeft op de school zal zijn ingeschreven.</p>\n<p class=\"lf-p\">De toeslag wordt berekend met de formule:</p>\n<p class=\"lf-p\">T = 1,40 * G, waarbij T = toeslag in m² bruto vloeroppervlakte, rekenkundig afgerond op hele vierkante meters en G = gecorrigeerde gewichtensom.</p>\n<p class=\"lf-p\">De gecorrigeerde gewichtensom wordt als volgt bepaald:</p>\n<p class=\"lf-p\">Bepaal de (ongecorrigeerde) gewichtensom (= de optelling van alle gewichten van alle ingeschreven leerlingen);</p>\n<p class=\"lf-p\">Verminder de ongecorrigeerde gewichtensom met een bedrag ter grootte van 6,0% van het aantal ingeschreven leerlingen, waarbij de gewichtensom niet kleiner dan 0 mag worden. De uitkomst wordt rekenkundig afgerond op een geheel getal;</p>\n<p class=\"lf-p\">Als de aldus verkregen gewichtensom meer bedraagt dan 80% van het aantal ingeschreven leerlingen, wordt de gewichtensom vastgesteld op 80% van het aantal ingeschreven leerlingen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Speciale school voor basisonderwijs Voor een speciale school voor basisonderwijs is het aantal leerlingen bepalend voor de ruimtebehoefte. De berekening voor de huisvestingsbehoefte wordt uitgevoerd voor elke school met een eigen BRIN-nummer en voor elke nevenvestiging met een eigen vestigingsnummer. Zo’n nevenvestiging wordt voor de ruimtebehoefte berekening beschouwd als een afzonderlijke school.</p>\n<p class=\"lf-p\">De ruimtebehoefte van een speciale school voor basisonderwijs wordt berekend met de formule:</p>\n<p class=\"lf-p\">R = 250 + 7,35 * L, waarbij R = ruimtebehoefte in m² bruto vloeroppervlakte, rekenkundig afgerond op hele vierkante meters, en L = het aantal leerlingen dat op 1 oktober voorafgaande aan elk jaar waarop de prognose betrekking heeft op de school zal zijn ingeschreven.</p>\n<p class=\"lf-p\">Een eventueel speellokaal leidt tot een additionele ruimtebehoefte van 90 m².</p>\n<p class=\"lf-p\">Gymnastiekruimten Basisschool Voor een basisschool is het aantal gymgroepen bepalend voor het aantal klokuren gymnastiek. Het aantal gymgroepen is afhankelijk van het aantal formatieplaatsen, zoals bepaald in de modelbeleidsregel voor bekostiging gymnastiekruimte voor basisonderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">Per gymgroep 6 – 12 jarigen wordt uitgegaan van maximaal 1,5 klokuur gymnastiek.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de vaststelling van de structurele noodzaak van een nieuwe accommodatie voor een basisschool, wordt het aantal gymgroepen bepaald door het aantal leerlingen dat op 1 oktober voorafgaand aan elk jaar waarop de prognose, als bedoeld in bijlage II, betrekking heeft op de school zal zijn ingeschreven.</p>\n<p class=\"lf-p\">Speciale school voor basisonderwijs Voor een speciale school voor basisonderwijs is het aantal gymgroepen bepalend voor het aantal klokuren gymnastiek. Per gymgroep met leerlingen jonger dan 6 jaar wordt uitgegaan van maximaal 3,75 klokuur gymnastiek indien de school niet de beschikking heeft over een speellokaal. Per gymgroep met leerlingen van 6 jaar en ouder wordt uitgegaan van maximaal 2,25 klokuur gymnastiek. Het aantal gymgroepen wordt bepaald door het aantal leerlingen te delen door de 'N-factor'. De 'N-factor' is bepalend voor de groepsgrootte. De N-factor voor een speciale school voor basisonderwijs is 15. Het verkregen getal wordt alleen naar boven afgerond indien het cijfer achter de komma groter is dan 5. In het andere geval wordt het getal naar beneden afgerond.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de vaststelling van de structurele noodzaak van een nieuwe gymaccommodatie voor een speciale school voor basisonderwijs, wordt het aantal gymgroepen bepaald aan de hand van de prognose als bedoeld in bijlage II.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 School voor (voortgezet) speciaal onderwijs 2.1 Lesgebouwen Voor een school voor speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs is de onderwijssoort, de categorie (speciaal of voortgezet speciaal), het type vestiging en het aantal leerlingen bepalend voor de huisvestingsbehoefte.</p>\n<p class=\"lf-p\">De ruimtebehoefte van een school voor (voortgezet) speciaal wordt berekend met de formule:</p>\n<p class=\"lf-p\">R = V + f * L, waarbij R = ruimtebehoefte in m² bruto vloeroppervlakte, rekenkundig afgerond op hele vierkante meters, en V = vaste voet in m² bruto vloeroppervlakte. Voor hoofdvestigingen voor alle onderwijssoorten 370 m² behalve voor VSO-ZMLK. Voor VSO-ZMLK is de vaste voet 250 m². Voor nevenvestigingen is de vaste voet niet van toepassing, en F = factor (m² bruto vloeroppervlakte per leerling) volgens onderstaande tabel, en L = het aantal leerlingen dat op 1 oktober voorafgaande aan elk jaar waarop de prognose betrekking heeft op de school zal zijn ingeschreven.</p>\n<p class=\"lf-p\">De tabel geeft een overzicht van f (m² bruto vloeroppervlakte per leerling), per onderwijssoort.</p>\n<p class=\"lf-p\">Onderwijssoort SO VSO Slechthorende kinderen (SH)Kinderen met ernstige spraakmoeilijkheden die niet tevens behoren tot dove of slechthorende kinderen (ES)Visueel gehandicapten (VISG)Langdurig zieke leerlingen (LZ)Zeer moeilijk opvoedbare kinderen (ZMOK)Kinderen in scholen verbonden aan pedologische instituten (PI) 8,8 12,2 Dove kinderen (DO) Lichamelijk gehandicapte kinderen (LG) Meervoudig gehandicapte kinderen (MG)* 13,8 15,5 Zeer moeilijk lerende kinderen (ZMLK) 8,8 9,2 * tenzij bij beschikking van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen de N-factor anders dan 7 is vastgesteld. Voor SO-MG met N=2 geldt 56,75, voor VSO-MG met N=2 geldt 57,5, voor SO-MG met N=3 geldt 56,75 en voor VSO-MG met N=3 geldt 57,5.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor een school met zowel SO als VSO binnen een onderwijssoort, is de vaste voet slechts eenmaal van toepassing.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bepaling van de ruimtebehoefte van een SOVSO-school of een SO-school waaraan een of meerdere afdelingen zijn verbonden, vindt voor de verschillende onderwijssoorten afzonderlijk plaats, waarna afzonderlijk vastgestelde ruimtebehoeften worden gesommeerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Toekenning van een eventueel speellokaal geeft een additionele ruimtebehoefte van 90 m².</p>\n<p class=\"lf-p\">2.2 Gymnastiekruimten Het aantal gymgroepen is bepalend voor het aantal klokuren gymnastiek. Het aantal gymgroepen wordt bepaaldop basis van de modelbeleidsregel voor bekostiging gymnastiekruimte voor basisonderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs. Per gymgroep met leerlingen jonger dan 6 jaar wordt uitgegaan van maximaal 3,75 klokuur gymnastiek indien de school of nevenvestiging niet de beschikking heeft over een speellokaal. Per gymgroep met leerlingen van 6 jaar en ouder wordt uitgegaan van maximaal 2,25 klokuur gymnastiek.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de vaststelling van de structurele noodzaak van een nieuwe accommodatie wordt het aantal gymgroepen bepaald aan de hand van de prognose als bedoeld in bijlage II. De bepaling van het aantal groepen van een SOVSO-school of een SO-school waaraan een of meer afdelingen zijn verbonden, vindt voor de verschillende schooltypen afzonderlijk plaats.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 School voor voortgezet onderwijs De criteria zoals deze gelden een school voor VSO-mlk zijn van toepassing op een school voor praktijkonderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.1 Lesgebouwen Voor een school voor voortgezet onderwijs wordt met behulp van het Ruimtebehoeftemodel (RBM) de ruimtebehoefte bepaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het totale ruimtebeslag van een instelling voor voortgezet onderwijs is een optelling van twee componenten, te weten: een leerlinggebonden component; een vaste voet. ad 1 Een leerlinggebonden component Deze wordt bepaald door aan de hand van in tabel 7.1.a “Berekening van de leerlingafhankelijke ruimtebehoefte voortgezet onderwijs” opgenomen bruto-vloeroppervlakten per leerling te vermenigvuldigen met het aantal leerlingen. De leerlinggebonden component is afhankelijk van de soort onderwijs, leerweg of sector die de leerling volgt. ad 2 Een vaste voet De vaste voet wordt bepaald aan de hand van in tabel 7.1.b “Berekening van de vaste voet per instelling ten behoeve van de ruimtebehoefte voortgezet onderwijs” opgenomen bruto-vloeroppervlakten per instelling of sector. De vaste voet is afhankelijk van de aard van de vestiging en van het onderwijsaanbod binnen de beroepsgerichte leerweg. Vermenigvuldiging van het aantal leerlingen per onderwijssoort met de bijbehorende normoppervlakten en verhoging met de vaste voet per instelling en, indien van toepassing, een vaste voet per sector of afdeling geeft, uitgedrukt in bruto vierkante meters, de totale ruimtebehoefte van de instelling.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het RBM voorziet in een normering voor praktijkonderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het RBM voorziet niet in een afzonderlijke normering voor een orthopedagogisch didactisch centrum (OPDC). Het OPDC levert diensten ter ondersteuning van leerlingen op de scholen die het samenwerkingsverband zijn aangegaan. De leerlingen die gebruikmaken van de diensten van het OPDC zijn derhalve in alle gevallen ingeschreven bij reguliere scholen voor voortgezet onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor een onderbouwing van de in tabel 7.1.a en 7.1.b opgenomen bruto-normoppervlakten wordt verwezen naar de toelichting van deze bijlage. Indien noodzakelijk voor het bepalen van de omvang van de toekenning, kan op basis van deze onderbouwing de leegstand in onderwijsruimten binnen een gebouw voor voortgezet onderwijs worden bepaald.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 7.1.a Berekening van de leerlingafhankelijke ruimtebehoefte voortgezet onderwijs Onderwijssoort Leerweg Ruimtetype BVO/leerling Onderbouw (leerjaar 1 en 2) Algemeen 6,18 Bovenbouw AVO/VWO Algemeen 5,85 Bovenbouw theoretische leerweg TLW Algemeen 6,41 LWOO Algemeen 7,07 Bovenbouw techniek GLW Algemeen 5,98 Specifiek 5,47 BLW Algemeen 4,69 Specifiek 8,99 LWOO Algemeen 4,44 Specifiek 12,72 Bovenbouw economie GLW Algemeen 5,95 Specifiek 0,89 BLW Algemeen 5,56 Specifiek 2,25 LWOO Algemeen 5,85 Specifiek 3,06 Bovenbouw zorg/welzijn GLW Algemeen 5,33 Specifiek 2,10 BLW Algemeen 4,71 Specifiek 4,22 LWOO Algemeen 4,85 Specifiek 5,53 Bovenbouw landbouw GLW Algemeen 5,94 Specifiek 0,78 BLW Algemeen 5,37 Specifiek 2,34 LWOO Algemeen 5,03 Specifiek 4,69 Praktijkonderwijs Algemeen 4,41 Specifiek 7,72 Legenda TLW theoretische leerweg LWOO leerwegondersteunend onderwijs GLW gemengde leerweg BLW beroepsgerichte leerweg (basis- of kader-) Tabel 7.1.b Berekening van de vaste voet per instelling ten behoeve van de ruimtebehoefte voortgezet onderwijs Onderwijssoort Ruimtetype vaste voet Hoofdvestiging Algemeen 980 Nevenvestiging met spreidingsnoodzaak Algemeen 550 Nevenvestiging zonder spreidingsnoodzaak 0 VMBO-techniek BLW Specifiek 299 VMBO-economie BLW Specifiek 196 VMBO-zorg/welzijn BLW Specifiek 168 VMBO-landbouw BLW Specifiek 117 Praktijkonderwijs Algemeen 306 Legenda BLW beroepsgerichte leerweg (basis- of kader-) De vaste voet per instelling is 980 m2 bruto-vloeroppervlakte (BVO) welke wordt toegekend aan de hoofdvestiging van de instelling. Voor een nevenvestiging die op grond van een ministeriële beschikking in aanmerking komt voor aanvullende bekostiging in verband met spreidingsnoodzaak, geldt een aanvullende vaste voet van 550 m2 BVO. De vaste voet voor een hoofdvestiging of nevenvestiging met spreidingsnoodzaak is niet van toepassing op een zelfstandige school voor praktijkonderwijs. Indien van toepassing worden vaste voeten behorende bij die sectoren waar de beroepsgerichte leerweg wordt aangeboden toegekend op de vestiging waar de beroepsgerichte leerweg(en) wordt aangeboden. Tevens geldt een vaste voet voor die vestiging waar praktijkonderwijs aanwezig is.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.2 Gymnastiekruimten De in onderstaande tabel 7.2 ‘Berekening van de ruimtebehoefte gymnastiekaccommodatie voortgezet onderwijs’ vermelde bruto vloeroppervlakten vormen de grondslag voor de bepaling van de omvang van de voorzieningen in de huisvesting ten behoeve van gymnastiekonderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tabel 7.2 Berekening van de ruimtebehoefte gymnastiekaccommodatie Voortgezet Onderwijs Onderwijssoort Leerweg BVO/leerling Onderbouw (leerjaar 1 en 2) 1,66 Bovenbouw AVO/VWO 0,78 Bovenbouw theoretische leerweg TLW 1,11 LWOO 1,26 Bovenbouw techniek GLW 1,11 BLW 1,38 LWOO 1,57 Bovenbouw economie GLW 1,11 BLW 1,38 LWOO 1,57 Bovenbouw zorg/welzijn GLW 1,11 BLW 1,38 LWOO 1,57 Bovenbouw landbouw GLW 1,11 BLW 1,38 LWOO 1,57 Praktijkonderwijs 1,99 Legenda TLW theoretische leerweg LWOO leerwegondersteunend onderwijs GLW gemengde leerweg BLW beroepsgerichte leerweg (basis- of kader-) DEEL C De bepaling van de omvang van de toekenning De bepaling van de omvang van een inhoudelijk goedgekeurde voorziening is noodzakelijk om op basis van bijlage IV, de financiële normering, de financiële consequenties vast te stellen.</p>\n<p class=\"lf-p\">1 School voor (speciaal) basisonderwijs 1.1 Voor blijvend of tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen De omvang van de goedgekeurde voor blijvend of tijdelijk gebruik bestemde voorziening: nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald aan de hand van het aantal leerlingen waarvoor huisvesting noodzakelijk is. Het bijbehorende aantal vierkante meter bruto vloeroppervlak wordt bepaald zoals beschreven in deel B van deze bijlage: ‘Wijze van bepalen van de ruimtebehoefte’.</p>\n<p class=\"lf-p\">Er is sprake van een voorziening voor blijvend gebruik als de hierboven genoemde gedurende tenminste 10 jaar zal blijven bestaan. Er is sprake van een voorziening voor tijdelijk gebruik als de hierboven beschreven ruimtebehoefte tenminste vier jaar en korter dan tien jaar zal blijven bestaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend of tijdelijk gebruik bestemde voorziening: uitbreiding, dan wel uitbreiding ter vervanging van een bestaand gebouw, dan wel ingebruikneming, dan wel medegebruik wordt bepaald aan de hand van het verschil tussen de capaciteit, zoals beschreven in deel A van deze bijlage en de ruimtebehoefte, zoals beschreven in deel B van deze bijlage.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verschil moet ten minste bedragen:</p>\n<p class=\"lf-p\">55 m² bruto vloeroppervlakte voor een voor blijvend gebruik bestemde voorziening basisonderwijs;</p>\n<p class=\"lf-p\">40 m² bruto vloeroppervlakte voor een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening basisonderwijs;</p>\n<p class=\"lf-p\">50 m² bruto vloeroppervlakte voor een voor blijvend of tijdelijk gebruik bestemde voorziening voor een school voor speciaal basisonderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">Er is sprake van een voorziening voor blijvend gebruik als het hierboven genoemde verschil gedurende ten minste tien jaar zal blijven bestaan. Er is sprake van een voorziening voor tijdelijk gebruik als het hierboven genoemde verschil tenminste vier jaar en korter dan tien jaar zal blijven bestaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor een school voor speciaal basisonderwijs bedraagt de bruto vloeroppervlakte van een speellokaal 90 m².</p>\n<p class=\"lf-p\">1.2 Overige voor blijvend gebruik dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening terrein, dan wel uitbreiding van het terrein, wordt bepaald door de minimaal noodzakelijke terreinoppervlakte om het schoolgebouw te realiseren met inachtneming van de bij of krachtens de wet gestelde eisen ten aanzien van de terreinoppervlakte gesteld in bijlage III, deel D.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor een basisschool wordt de omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening eerste aanschaf van het onderwijsleerpakket, dan wel uitbreiding van de eerste aanschaf van het onderwijsleerpakket, en meubilair bepaald door de omvang in m² bruto vloeroppervlakte van de goedgekeurde voorziening (vervangende) nieuwbouw of uitbreiding.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening onderhoud wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening herstel van constructiefouten en herstel van schade aan het gebouw, onderwijsleerpakket / leer- en hulpmiddelen en meubilair in geval van bijzondere omstandigheden wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">1.3 Gymnastiekruimten De omvang van de goedgekeurde nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald door de minimumnormen bij de realisering zoals aangegeven in onderdeel D van deze bijlage.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde uitbreiding van een gymnastiekruimte wordt bepaald door de goedgekeurde onderdelen zoals aangegeven bij de criteria voor de beoordeling van een voorziening in lichamelijke oefening, het onderdeel uitbreiding (bijlage I).</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde aanpassing wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn om het gebouw geschikt te maken voor het onderwijs, dan wel voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van het goedgekeurde terrein, dan wel uitbreiding van het terrein, wordt bepaald door de minimaal noodzakelijke terreinoppervlakte om de gymnastiekruimte, dan wel de uitbreiding van de gymnastiekruimte te realiseren met inachtneming van de bij of krachtens de wet gestelde eisen met betrekking tot de terreinoppervlakte.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde aanvulling op de eerste aanschaf van het meubilair, in geval van ingebruikneming of uitbreiding van de gymnastiekruimte, wordt bepaald door de noodzakelijke eerste aanschaf van het meubilair voor andere leerlingen dan waarvoor de gymnastiekruimte oorspronkelijk is bedoeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van het goedgekeurde onderhoud aan de gymnastiekruimte wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van het goedgekeurde herstel van constructiefouten en het herstel van schade aan gebouw, onderwijsleerpakket en meubilair in geval van bijzondere omstandigheden, wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 School voor (voortgezet) speciaal onderwijs 2.1 Voor blijvend of tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen De omvang van de goedgekeurde voor blijvend of tijdelijk gebruik bestemde voorziening: nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw wordt bepaald aan de hand van het aantal leerlingen waarvoor huisvesting noodzakelijk is. Het bijbehorend aantal vierkante meter bruto vloeroppervlak wordt bepaald zoals beschreven in deel B van deze bijlage: ‘wijze van bepalen van de ruimtebehoefte’. Er is sprake van een voorziening voor blijvend gebruik als de hierboven genoemde ruimtebehoefte gedurende tenminste tien jaar zal blijven bestaan. Er is sprake van een voorziening voor tijdelijk gebruik als de hierboven genoemde ruimtebehoefte tenminste vier jaar en korter dan tien jaar zal blijven bestaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend of tijdelijk gebruik bestemde voorziening: uitbreiding, dan wel uitbreiding ter vervanging van een bestaand gebouw, dan wel ingebruikneming, dan wel medegebruik wordt bepaald aan de hand van het verschil tussen de capaciteit, zoals beschreven in deel A van deze bijlage en de ruimtebehoefte, zoals beschreven in deel B van deze bijlage. Het verschil moet tenminste 50 m² bruto vloeroppervlakte bedragen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Er is sprake van een voorziening voor blijvend gebruik als het hierboven genoemde verschil gedurende tenminste tien jaar zal blijven bestaan. Er is sprake van een voorziening voor tijdelijk gebruik als het hierboven genoemde verschil tenminste vier jaar en korter dan tien jaar zal blijven bestaan.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor een school voor speciaal onderwijs bedraagt de omvang van een speellokaal 90 m² bvo.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.2 Overige voor blijvend gebruik dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening, terrein, dan wel uitbreiding van het terrein, wordt bepaald door de minimaal noodzakelijke terreinoppervlakte om het schoolgebouw te realiseren met inachtneming van de bij of krachtens de wet gestelde eisen zoals gesteld ten aanzien van de terreinoppervlakte en het gestelde in bijlage III, deel D.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening, eerste aanschaf van het onderwijsleerpakket en meubilair, dan wel uitbreiding van de eerste aanschaf van het onderwijsleerpakket en meubilair, wordt bepaald door omvang in m² bruto vloeroppervlakte van de goedgekeurde voorziening (vervangende) nieuwbouw of uitbreiding.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, danwel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening aanpassing wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn om het gebouw geschikt te maken voor het onderwijs, dan wel noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening, onderhoud wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening, herstel van constructiefouten en herstel van schade aan het gebouw, onderwijsleerpakket/leer- en hulpmiddelen en meubilair in geval van bijzondere omstandigheden wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.3 Gymnastiekruimten De omvang van de goedgekeurde nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald door de minimumnormen bij realisering zoals aangegeven in onderdeel D van deze bijlage.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde uitbreiding van een gymnastiekruimte wordt bepaald door de goedgekeurde onderdelen zoals aangegeven bij de criteria voor de beoordeling van een voorziening in lichamelijke oefening, het onderdeel uitbreiding (bijlage I).</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde aanpassing wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn om het gebouw geschikt te maken voor het onderwijs, dan wel voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van het goedgekeurde terrein, dan wel uitbreiding van het terrein, wordt bepaald door de minimaal noodzakelijke terreinoppervlakte om de gymnastiekruimte, dan wel de uitbreiding van de gymnastiekruimte te realiseren met inachtneming van de bij of krachtens de wet gestelde eisen met betrekking tot de terreinoppervlakte.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde aanvulling op de eerste aanschaf van het meubilair, in geval van ingebruikneming of uitbreiding van de gymnastiekruimte, wordt bepaald door de noodzakelijke eerste aanschaf van het meubilair voor andere leerlingen dan voor wie de gymnastiekruimte oorspronkelijk is bedoeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van het goedgekeurde onderhoud aan de gymnastiekruimte wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van het goedgekeurde herstel van constructiefouten en het herstel van schade aan gebouw, onderwijsleerpakket en meubilair in geval van bijzondere omstandigheden, wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 School voor voortgezet onderwijs 3.1 Voor blijvend gebruik bestemde voorzieningen De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald aan de hand van het aantal leerlingen, waarvoor huisvesting tenminste tien jaren noodzakelijk is en het verschil tussen het aantal te huisvesten groepen ten aanzien van een voor blijvend gebruik bestemde voorziening voor tien jaren en vijftien jaren niet onevenredig groot is. De hieruit voortkomende ruimtebehoefte wordt bepaald aan de hand van het Ruimtebehoeftemodel, zoals beschreven in de toelichting van deze bijlage.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening uitbreiding, dan wel uitbreiding ter vervanging van een bestaand gebouw of uitbreiding door middel van ingebruikneming wordt bepaald door het verschil tussen de ruimtebehoefte behorende bij het aantal leerlingen, waarvoor huisvesting tenminste tien jaren noodzakelijk is en het verschil tussen het aantal te huisvesten groepen ten aanzien van een voor blijvend gebruik bestemde voorziening voor tien jaren en vijftien jaren niet onevenredig groot is en de huisvesting die aanwezig is.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening ingebruikneming wordt bepaald door de omvang van het gebouw of gebouwgedeelte dat noodzakelijk is voor het aantal leerlingen, waarvoor huisvesting tenminste tien jaren noodzakelijk is en het verschil tussen het aantal te huisvesten groepen ten aanzien van een voor blijvend gebruik bestemde voorziening voor tien jaren en vijftien jaren niet onevenredig groot is. De ruimtebehoefte wordt bepaald met behulp van het Ruimtebehoeftemodel, zoals beschreven in deel B van deze bijlage: ‘wijze van bepalen van de ruimtebehoefte’.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor permanent gebruik bestemde voorziening in de huisvesting medegebruik wordt bepaald door het verschil tussen de ruimtebehoefte behorende bij het aantal leerlingen aanwezig op de laatst bekende teldatum voor het indienen van de aanvraag en de met tien procent verhoogde capaciteit van de beschikbare ruimte. Aan de hand van het feitelijke lesrooster kan vervolgens het overschot aan beschikbare onderwijsruimte worden bepaald. Medegebruik wordt gegeven in de vorm van in te roosteren lessen.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.2 Voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald door het aantal leerlingen waarvoor huisvesting tenminste vier jaar doch korter dan tien jaar noodzakelijk is. De ruimtebehoefte wordt bepaald met behulp van het ruimtebehoeftemodel zoals beschreven in deel B van deze bijlage: ‘Wijze van bepalen van de ruimtebehoefte’.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening uitbreiding, dan wel uitbreiding ter vervanging van een bestaand gebouw, wordt bepaald door het verschil tussen de ruimtebehoefte behorende bij het aantal leerlingen waarvoor huisvesting tenminste vier jaar en korter dan tien jaar noodzakelijk is en de met tien procent verhoogde capaciteit van de beschikbare huisvesting. Het verschil is minimaal 100m2 bruto vloeroppervlakte. De ruimtebehoefte wordt bepaald met behulp van het ruimtebehoeftemodel zoals beschreven in deel B van deze bijlage: ‘wijze van bepalen van de ruimtebehoefte’.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening ingebruikneming wordt bepaald door de omvang van het gebouw of gebouwgedeelte dat noodzakelijk is voor het aantal leerlingen, waarvoor huisvesting tenminste vier jaar en korter dan tien jaar noodzakelijk is en de met tien procent verhoogde capaciteit van de beschikbare huisvesting. De ruimtebehoefte wordt bepaald met het Ruimtebehoeftemodel, zoals beschreven in deel B van deze bijlage: ‘Wijze van bepalen van de ruimtebehoefte’.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening in de huisvesting medegebruik wordt bepaald door het verschil tussen de ruimtebehoefte behorende bij het aantal leerlingen aanwezig op de laatst bekende teldatum voor het indienen van de aanvraag en de met tien procent verhoogde capaciteit van de beschikbare ruimte. Aan de hand van het feitelijke lesrooster kan vervolgens het overschot aan beschikbare onderwijsruimte worden bepaald. Medegebruik wordt gegeven in de vorm van in te roosteren lessen.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening in de huisvesting verplaatsing van noodlokalen wordt bepaald door het aantal leerlingen waarvoor huisvesting tenminste vier jaar en korter dan tien jaar noodzakelijk is en de met tien procent verhoogde capaciteit van de beschikbare huisvesting De ruimtebehoefte wordt bepaald met behulp van het ruimtebehoeftemodel zoals beschreven in deel B van deze bijlage: ‘wijze van bepalen van de ruimtebehoefte’.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.3 Overige voor blijvend gebruik dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen De omvang van de voor blijvend, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening terrein, dan wel uitbreiding van het terrein, wordt bepaald door de minimaal noodzakelijk oppervlakte om het schoolgebouw te realiseren met inachtneming van de bij of krachtens de wet gestelde eisen ten aanzien van de terreinoppervlakte.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening eerste aanschaf van leer- en hulpmiddelen en meubilair, dan wel uitbreiding van de eerste aanschaf van leer- en hulpmiddelen en meubilair, is gekoppeld aan de omvang van de toegekende voorziening in de huisvesting.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de tegemoetkoming in eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en meubilair als er sprake is van een inpandige aanpassing waarbij algemene of specifieke ruimte wordt omgezet in specifieke en/of werkplaatsruimte bedraagt het verschil tussen de vergoeding voor eerste inrichting van de bestaande ruimte en de vergoeding voor eerste inrichting van de te creëren ruimte.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening herstel van constructiefouten en herstel van schade aan het gebouw, onderwijsleerpakket/leer en hulpmiddelen en meubilair in geval van bijzondere omstandigheden wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">3.4 Gymnastiekruimten De omvang van de goedgekeurde nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald aan de hand van het ruimtebehoeftemodel, zoals beschreven in de toelichting bij deze bijlage. De omvang van de goedgekeurde uitbreiding van een gymnastiekruimte wordt bepaald door het verschil tussen de ruimtebehoefte behorende hij het aantal leerlingen, waarvoor gymnastiekruimte langer dan vijftien jaar noodzakelijk is (te bepalen met behulp van het ruimtebehoeftemodel) en de gymnastiekruimte die aanwezig is.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van het goedgekeurde terrein, dan wel uitbreiding van het terrein, wordt bepaald door de minimaal noodzakelijke terreinoppervlakte om de gymnastiekruimte, dan wel de uitbreiding van de gymnastiekruimte te realiseren met inachtneming van de bij of krachtens de wet gestelde eisen met betrekking tot de terreinoppervlakte.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde aanvulling op de eerste aanschaf van het meubilair, in geval van ingebruikneming of uitbreiding van de gymnastiekruimte, wordt bepaald door de noodzakelijke eerste aanschaf van het meubilair voor andere leerlingen dan waarvoor de gymnastiekruimte oorspronkelijk is bedoeld.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van het goedgekeurde herstel van constructiefouten en het herstel van schade aan gebouw, onderwijsleerpakket en meubilair in geval van bijzondere omstandigheden, wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voorziening medegebruik gymnastiekruimte wordt uitgedrukt in lestijden. Het aantal lestijden gymnastiek wordt bepaald met behulp van het lesrooster met als maximum het met toepassing van tabel 7.2 van het ruimtebehoeftemodel berekende aantal: (aantal leerlingen x 32 x m2 bvo gym) : 460. Voor het Lwoo en Praktijkonderwijs wordt een aangepaste formule gehanteerd: (aantal leerlingen x 32 x m2 bvo gym) : 322.</p>\n<p class=\"lf-p\">Hierop wordt het aantal in eigen accommodatie te verzorgen lessen in mindering gebracht (zie Deel A, paragraaf 3.5.1).</p>\n<p class=\"lf-p\">De omvang van de goedgekeurde voorziening huur sportterrein bedraagt ten hoogste acht weken per kalenderjaar. Het aantal lestijden waarvoor vergoeding wordt gegeven wordt bepaald aan de hand van het lesrooster met als maximum het met toepassing van tabel 7.2 van het ruimtebehoeftemodel berekende aantal: (aantal leerlingen x 32 x m2 bvo gym) : 460. Voor het Lwoo en Praktijkonderwijs wordt een aangepaste formule gehanteerd: (aantal leerlingen x 32 x m2 bvo gym) : 322.</p>\n<p class=\"lf-p\">DEEL D Normen bij realisering van nieuwe voorzieningen 1 School voor basisonderwijs minimum terreinoppervlakte betrekking hebbende op het verharde gedeelte: 3 m²/ll met een minimum van 300 m² netto, vanaf 200 leerlingen kan worden volstaan met 600 m² netto; minimumoppervlakte van een onderwijsruimte: 8 m² netto; voor het speciaal basisonderwijs geldt een minimum netto oppervlakte van 84 m² voor een speellokaal.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 School voor (voortgezet) speciaal onderwijs minimum terreinoppervlakte betrekking hebbende op het verharde gedeelte: 3 m²/ll met een minimum van 300 m² netto, vanaf 200 leerlingen kan worden volstaan met 600 m² netto; een speellokaal heeft een minimum netto oppervlakte van 84 m²; minimum oppervlakte van een onderwijsruimte 8 m² netto.</p>\n<p class=\"lf-p\">3 School voor voortgezet onderwijs Minimum afmetingen, uitgedrukt in netto m2: theorielokaal: 42 m2 theorievaklokaal: 50 m2 vaklokaal natuurkunde: 50 m2 vaklokaal biologie: 50 m2 vaklokaal scheikunde: 60 m2 vaklokaal handvaardigheid: 60 m2 vaklokaal overig: 80 m2 specifiek vaklokaal lassen: 50 m2 specifiek vaklokaal meten: 50 m2 werkplaats: 115 m2 restaurant: 80 m2 4 Gymnastiekruimten De oefenruimte is minimaal 252 m2 netto.</p>\n<p class=\"lf-p\">De hoogte van de oefenruimte is minimaal 5 m.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het gymnastiekgebouw bevat ten minste 2 kleedruimten en een was /douchegelegenheid.</p>\n<p class=\"lf-p\">III 1 Overzicht ‘Meetinstructie voor het vaststellen van de bruto vloeroppervlakte van de schoolgebouwen in het primair onderwijs’ De vaststelling van de bruto vloeroppervlakte van een schoolgebouw geschiedt voor basisonderwijs of (voortgezet) speciaal onderwijs volgens NEN 2580, met de volgende aantekeningen: de in- en aangebouwde fietsenstallingen en bergingen die uitsluitend van buitenaf bereikbaar zijn, worden niet tot de bruto vloeroppervlakte gerekend; de oppervlakte van verbindende ruimten tussen in- en aanpandige gymnastieklokalen wordt toegerekend aan het lesgebouw; bij scheidingswanden tussen het lesgebouw en in- of aanpandig gelegen gymnastieklokalen wordt de bruto vloeroppervlakte gerekend tot het hart van de scheidingsconstructie.</p>\n<p class=\"lf-p\">III 2 Overzicht ‘Meetinstructie voor het vaststellen van de bruto vloeroppervlakte van de schoolgebouwen in het voortgezet onderwijs’ Deze meetinstructie is bedoeld voor nieuwe (gedeelten van) gebouwen of voor situaties waar gekozen wordt voor het niet overnemen van gegevens van het ministerie van OCenW.</p>\n<p class=\"lf-p\">De bruto oppervlakte van een gebouw is de som van de bruto vloeroppervlakte van alle tot het gebouw behorende ‘beloopbare’ binnenruimten. De bruto vloeroppervlakte wordt gemeten op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande buitenconstructies, die de ruimten omhullen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Tot de bruto oppervlakte behoort eveneens: de oppervlakte van trapgaten, liftschachten, en leidingschachten op elk vloerniveau; de oppervlakte van vrijstaande uitwendige kolommen, voor zover groter dan 0,5 m2.</p>\n<p class=\"lf-p\">Uitzonderingen:</p>\n<p class=\"lf-p\">De oppervlakten van overdekte niet door vaste buitenbegrenzingen omsloten ruimten worden niet tot de bruto vloeroppervlakte gerekend, ongeacht de vloerconstructie of wijze van verharding. Dit betreft luifels, dakoverstekken, de ruimte onder op kolommen staande verdiepingen, fietsenstallingen (al dan niet overdekt) en dergelijke;</p>\n<p class=\"lf-p\">Open brand of vluchttrappen aan de buitenzijde van een gebouw worden bij de bepaling van de bruto oppervlakte niet meegerekend;</p>\n<p class=\"lf-p\">Niet beloopbare kelders en/of zolders worden niet meegerekend.</p>\n<p class=\"lf-p\">1 Toepassing bij nieuwbouw Bij nieuwbouw wordt de totale ruimtebehoefte bepaald op basis van tabel 7.1 in Bijlage III, Deel B. De totale ruimtebehoefte moet vervolgens uitgesplitst worden naar ruimtesoort. Deze uitsplitsing vindt plaats aan de hand van de tabellen voor de ruimte­behoefte per onderwijs­soort, c.q. afdeling, en de tabel voor de directie- en nevenruimten. De ruimtebehoefte per in de kolommen 1 en 2 onderscheiden ruimtesoort wordt berekend door vermenigvuldiging van het betreffende aantal leerlingen met de norm bruto-vloeroppervlakte (BVO) per leerling in kolom 7 en, indien van toepas­sing, verhoging met de vaste voet in kolom 8. De op deze wijze verkregen bruto-vloeroppervlakten worden per ruimtesoort gesommeerd en vormen de grondslag voor de berekening van de investeringskos­ten op basis van de financi­ële normering in Bijlage IV.</p>\n<p class=\"lf-p\">2 Toepassing uitbreiding Bij uitbreiding wordt in eerste instantie bezien in hoeverre er sprake is van een normatief tekort aan bruto vierkante meters. Dit tekort wordt bepaald door de BVO van het reeds aanwezige ruimte­bestand in vierkante meters te vergelijken met de norma­tieve ruimtebehoefte in bruto vierkante meters volgens tabel 7.1 in Bijlage III, Deel B. Het aanwezige ruimtebestand wordt vastgesteld aan de hand van de in Bijlage III opgenomen meetinstructie voor het vaststellen van de BVO. Indien er een tekort is aan bruto vierkante meters, dan zal met behulp van de tabellen voor de ruimtebehoefte per onder­wijs­soort, c.q. afdeling, en de tabel voor de directie‑ en nevenruimten, volgens onder­staande systematiek moeten worden vastgesteld voor welke ruimten uitbrei­ding nood­zake­lijk is. Indien binnen het aanwezige ruimtebestand een ruimtesoort aanwezig is die niet is opgenomen in de tabellen voor de ruimtebehoefte per onderwijssoort, dan moet de ruimte alsnog worden aangemerkt als een ruimtesoort die wel is opgenomen in de tabellen. Welke ruimtesoort dit is, is afhankelijk van de onderwijssoort waarvoor de ruimte wordt benut. Voor het vaststellen van de BVO wordt de netto-vloeroppervlakte van de niet binnen het RBM benoemde ruimte vermenigvuldigd met de tarrafactor 1,67.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.1 Onderwijsruimten De vaststelling van de uitbreiding is voor onderwijsruimten in de volgende stappen te onderscheiden:</p>\n<p class=\"lf-p\">De ruimtebehoefte in BVO per ruimtesoort wordt vertaald naar een normatief aantal lokalen on­derscheiden naar soort. De ruimtebehoefte in BVO per ruimtesoort wordt hiertoe op dezelfde wijze bepaald als hiervoor beschreven bij nieuwbouw. Per ruimtesoort zoals onderscheiden in de kolom­men 1 en 2 wordt vervolgens het aantal lokalen berekend door de gesommeerde ruimte­behoefte in BVO per ruimtesoort te delen door de normatieve BVO per lokaal in kolom 5. De verkregen aantal­len lokalen moeten worden afgerond op hele getallen. De afrondingsregels die daarbij worden gehanteerd, zijn: theorielokalen: afronden naar beneden; theorievaklokalen: afronden op 1 van 0 tot 1,25 / afronden op 2 van 1,25 tot 2,25 enzovoort; vaklokalen: afronden naar boven; specifieke vaklokalen: afronden op 1 van 0 tot 1,50 / afronden op 2 van 1,50 tot 2,75 / afronden op 3 van 2,75 tot 3,75 enzovoort.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het reeds aanwezige ruimtebestand wordt eveneens uitgewerkt naar aantallen lokalen per soort zoals onderscheiden in de kolommen 1 en 2. In eerste instantie worden alleen de lokalen geteld die voldoen aan de minimum oppervlaktenormen, zoals die zijn opgenomen in Bijlage III, Deel D.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verschil tussen het berekende aantal lokalen en het feitelijk aantal aanwezige lokalen geeft het tekort dan wel overschot. Er is geen ruimtetekort indien het normatief berekende aantal lokalen feitelijk reeds aanwezig is.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bij een tekort moet op basis van de vergelijking van ruimten waaraan tekort is en eventuele ruimten waaraan een overschot is, worden bezien welke lokalen in de uitbreiding worden opgenomen en welke door aanpassingen binnen de aanwezige bruto-vloeroppervlakte kunnen worden gerealiseerd. Tevens moet worden bezien of aanpassing mogelijk is van ruimten die niet zijn meegenomen in de berekening van de ruimtebehoefte omdat ze niet voldoen aan de minimum oppervlaktenormen of omdat de betreffende ruimten niet in het Ruimtebehoeftemodel zijn opgenomen. De beoordeling van de mogelijkheden om door middel van aanpassing een tekort weg te werken, verschilt per situatie. Een en ander is namelijk afhankelijk van de ligging van de ruimten en de constructie van het gebouw. Overleg met het desbetreffende schoolbestuur zal daarom noodzakelijk zijn.</p>\n<p class=\"lf-p\">Door per lokaalsoort, zoals onderscheiden in de kolommen 1 en 2, het aantal lokalen waaraan een tekort bestaat te vermenigvuldigen met de normatieve BVO per lokaal uit kolom 5 van de ruimtebehoeftetabellen, wordt de omvang van de uitbreiding per lokaalsoort vastgesteld in bruto vierkante meters.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.2 Directie- en nevenruimten De vaststelling van de uitbreiding voor directie- en nevenruimten wijkt af van de systematiek voor onderwijsruimten. Het is namelijk niet mogelijk de omvang van de uitbreiding vast te stellen op basis van een vergelijking van het aantal ruimten. De reden hiervan is dat het ruimtebehoeftemodel voor deze ruimten geen norm BVO per ruimte bevat waardoor de ruimtebehoef­te in bruto vierkante meters per ruimtesoort niet omgerekend kan worden naar ruimtebehoefte in aantallen directie- en nevenruimten. Voor directie‑ en nevenruimten moet daarom uitgegaan worden van de vloeroppervlakte van de feitelijk aanwezige ruimte en de ruimtebehoefte in vierkante meters. Hierbij worden de volgende stappen onderscheiden:</p>\n<p class=\"lf-p\">Op basis van de ruimtebehoeftetabel voor direc­tie- en nevenruimten wordt, op dezelfde wijze als hiervoor beschre­ven bij nieuwbouw, het ge­sommeerde aantal bruto vierkante meters ruimte­be­hoefte voor directie­ruimten en het gesommeerde aantal bruto vierkante meters ruimtebehoefte voor nevenruimten bepaald. De op deze wijze verkregen bruto-ruimtebehoeften worden omgezet in vierkan­te meters netto-vloeroppervlakte door te delen door de tarrafac­tor 1,67. De tarrafac­tor bepaalt het verschil tussen de bruto- en de netto-vloeropper­vlakte.</p>\n<p class=\"lf-p\">Voor de reeds aanwezige ruimten moet de capaci­teit worden vastgelegd in de aanwezige netto vloerop­pervlakte directieruimten en de aanwezige netto vloer­op­per­vlak­te nevenruimten.</p>\n<p class=\"lf-p\">Het verschil tussen de onder a bepaalde norma­tieve ruimtebehoefte en de aanwezige capaci­teit onder b geeft aan of er een tekort dan wel een overschot is aan vloeroppervlakte directieruim­ten respectieve­lijk nevenruimten. Bezien moet worden of een tekort bij een van beide ruimte­soorten door middel van aanpassing van een even­tueel overschot bij de andere ruimtesoort kan worden gerealiseerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">Door vermenigvuldiging van een eventueel tekort aan vloeropper­vlakte met de tarrafactor 1,67 wordt de omvang van de uitbreiding in vierkante meters bruto-vloer­opper­vlak­te directieruimten respectievelijk nevenruim­ten bepaald. Dit is noodzakelijk omdat de financiële normering in Bijlage IV uit­gaat van bruto vierkante meters.</p>\n<p class=\"lf-p\">Nagegaan zal moeten worden in hoeverre een tekort kan worden verminderd door aanpassing van onderwijsruimten die ‘over’ zijn. Eveneens geldt dat bekeken moet worden of aanpassing van een overschot aan directie- en nevenruimten een tekort bij de onderwijsruimten kan verminderen. Zoals hiervoor met betrekking tot onderwijsruimten al is opgemerkt, zijn de mogelijkheden hiertoe afhankelijk van de situatie en is overleg met het betreffende schoolbestuur noodza­kelijk.</p>\n<p class=\"lf-p\">2.3 Controle totale tekort Nadat het tekort aan onderwijsruimten en directie‑ en nevenruimten is vastgesteld, zal moeten worden bezien in hoeverre de optelling van de tekorten per ruimtesoort niet leidt tot een hoger aantal vierkante meters dan het maximaal te vergoeden tekort dat is vastgesteld als verschil tussen de op basis van tabel 7.1 in Bijlage III bepaalde ruimtebehoefte en de totale aanwezige capaciteit. Is de som van de afzonderlijke tekorten groter dan het tekort dat is vastge­steld volgens de vergelijking op totaalniveau, dan zal het restant in verhouding van het aantal vierkante meters per ruimtesoort in mindering worden gebracht.</p>\n<p class=\"lf-p\">De op deze wijze verkregen bruto-vloeropper­vlakte per ruimtesoort vormt de basis voor de berekening van de investeringskosten op basis van de financiële normering in Bijlage IV.</p>\n<p class=\"lf-p\">III 3 Tabellen voor de ruimtebehoefte per onder­wijs­soort, c.q. afdeling, en directie- en nevenruimten ruimtebehoeftemodel onderbouw norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 1+2 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 34.00 2.03 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 3.50 0.26 58 biologie tv 32.00 26.00 125.25 1.25 0.09 15 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 58 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 15 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 2.00 0.15 58 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 1.50 0.11 15 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 15 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 3.00 0.34 86 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 1.25 0.12 37 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 2.00 0.18 35 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 1.50 0.15 18 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 1.00 0.12 23 techniek v 32.00 26.00 213.76 4.00 0.51 47 uiterlijke verzorging v 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk v 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 58.00 4.30 480 ruimtebehoeftemodel bovenbouw mavo norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3+4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 37.10 2.22 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 3.72 0.28 biologie tv 32.00 26.00 125.25 1.70 0.13 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 1.08 0.08 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 1.64 0.12 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 1.44 0.11 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 1.68 0.19 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 1.70 0.17 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 2.64 0.24 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 1.64 0.16 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 1.44 0.17 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew.</p>\n<p class=\"lf-p\">sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8,67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.78 4.08 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw havo norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 t/m 5 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 57.16 2.28 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 3.58 0.18 biologie tv 32.00 26.00 125.25 2.98 0.15 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.05 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 1.20 0.06 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 3.30 0.17 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 2.75 0.14 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 0.90 0.07 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 2.98 0.20 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 1.90 0.11 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 3.30 0.22 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 2.75 0.22 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.09 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoer. techniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 84.80 3.94 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw atheneum norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 t/m 6 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 75.15 2.24 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 5.90 0.22 biologie tv 32.00 26.00 125.25 3.50 0.13 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.04 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 1.30 0.05 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 5.48 0.21 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 4.50 0.17 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 2.20 0.12 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 3.50 0.17 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 1.50 0.07 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 5.48</p>\n<p class=\"lf-p\">0.27 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 4.50 0.27 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.06 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 115.01 4.02 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw gymnasium norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 t/m 6 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 81.70 2.44 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 4.80 0.18 biologie tv 32.00 26.00 125.25 1.75 0.07 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.04 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 6.00 0.23 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 6.00 0.23 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 1.75 0.09 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 6.00 0.30 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 6.00 0.36 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.06 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 116.00 4.00 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw lyceum norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 t/m 6 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 76.50 2.28 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 6.40 0.24 biologie tv 32.00 26.00 125.25 2.58 0.10 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.04 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 1.30 0.05 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 4.98 0.19 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 4.70 0.18 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 2.00 0.11 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 2.58 0.13 etaleren</p>\n<p class=\"lf-p\">sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 2.30 0.10 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 4.98 0.24 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 4.70 0.28 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.06 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 115.02 4.00 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw bouwtechniek norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 23.00 1.37 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 21.00 7.15 213 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 4.00 2.19 86 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 11.62 299 ruimtebehoeftemodel bovenbouw consumptieve techniek norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 26.00 1.55 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00</p>\n<p class=\"lf-p\">26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 22.00 6.91 196 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 9.37 196 ruimtebehoeftemodel bovenbouw elektrotechniek norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 26.00 1.55 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 4.00 0.35 55 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 18.00 3.34 116 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 6.15 171 ruimtebehoeftemodel bovenbouw grafische techniek norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 27.00 1.61 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00</p>\n<p class=\"lf-p\">26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 21.00 5.57 166 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 8.09 166 ruimtebehoeftemodel bovenbouw installatietechniek norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 27.00 1.61 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijk. verzorg. sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 21.00 5.57 166 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 8.09 166 ruimtebehoeftemodel bovenbouw mechanische techniek norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week</p>\n<p class=\"lf-p\">in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 24.00 1.43 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 4.00 1.14 59 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 20.00 5.48 171 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 8.96 230 ruimtebehoeftemodel bovenbouw motorvoertuigentechniek norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 26.00 1.55 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 22.00</p>\n<p class=\"lf-p\">6.91 196 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 9.37 196 ruimtebehoeftemodel bovenbouw bouwtechniek individueel norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [70%] [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 16.00 69.56 15.00 1.02 aardrijkskunde tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 biologie tv 32.00 16.00 87.68 gezondheidskunde tv 32.00 16.00 87.68 informatica tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 kantoorpraktijk tv 32.00 16.00 113.39 kennis der natuur tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 machineschrijven tv 32.00 16.00 87.68 muziek tv 32.00 16.00 87.68 natuurkunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 16.00 87.68 tekenen tv 32.00 16.00 130.93 4.00 0.51 verkooppraktijk tv 32.00 16.00 113.39 biologie v 32.00 16.00 114.56 etaleren sv 24.00 16.00 140.28 handvaardigheid v 32.00 16.00 105.21 huishoudkunde sv 24.00 16.00 191.72 mode en kleding sv 24.00 16.00 173.01 avmb sv 24.00 16.00 205.74 natuurkunde v 32.00 16.00 114.56 0.50 0.06 scheikunde v 32.00 16.00 140.28 techniek v 32.00 16.00 149.63 1.00 0.15 uiterlijke verzorging sv 24.00 16.00 163.66 vbo-groen praktijk sv 24.00 16.00 163.66 bouwtechniek sv 24.00 16.00 297.53 29.00 11.23 machinale houtbew. sv 24.00 8.00 171.12 4.00 1.78 consumptieve techn. sv 24.00 16.00 274.34 meten sv 24.00 16.00 76.31 elektrotechniek sv 24.00 16.00 162.29 grafische techniek sv 24.00 16.00 231.84 installatietechniek sv 24.00 16.00 231.84 lasserij sv 24.00 8.00 118.68 mechanische techniek sv 24.00 16.00 239.57 motorvoertuigtechniek sv 24.00 16.00 274.34 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 15.06 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw mechanische techniek individueel norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [70%] [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 16.00 69.56 15.00 1.02 aardrijkskunde tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 biologie tv 32.00 16.00 87.68 gezondheidskunde tv 32.00 16.00 87.68 informatica tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 kantoorpraktijk tv 32.00 16.00 113.39 kennis der natuur tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 machineschrijven tv 32.00 16.00 87.68 muziek tv 32.00 16.00 87.68 natuurkunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 16.00 87.68 tekenen tv 32.00 16.00 130.93 4.00 0.51 verkooppraktijk tv 32.00 16.00 113.39 biologie v 32.00 16.00 114.56 etaleren sv 24.00 16.00 140.28 handvaardigheid v 32.00 16.00 105.21 huishoudkunde sv 24.00 16.00 191.72 mode en kleding sv 24.00 16.00 173.01 avmb sv 24.00 16.00 205.74 natuurkunde v 32.00 16.00 114.56 0.50 0.06 scheikunde v 32.00 16.00 140.28 techniek v 32.00 16.00 149.63 1.00 0.15 uiterlijke verzorging sv 24.00 16.00 163.66 vbo-groen praktijk sv 24.00 16.00 163.66 bouwtechniek sv 24.00 16.00 297.53 machinale houtbew. sv 24.00 8.00 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 16.00 274.34 meten sv 24.00 16.00 76.31 elektrotechniek sv 24.00 16.00 162.29</p>\n<p class=\"lf-p\">grafische techniek sv 24.00 16.00 231.84 installatietechniek sv 24.00 16.00 231.84 lasserij sv 24.00 8.00 118.68 4.00 1.24 mechanische techniek sv 24.00 16.00 239.57 29.00 9.05 motorvoertuigtechniek sv 24.00 16.00 274.34 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 12.34 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw consumptieve techniek individueel norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [70%] [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 16.00 69.56 19.00 1.29 aardrijkskunde tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 biologie tv 32.00 16.00 87.68 gezondheidskunde tv 32.00 16.00 87.68 informatica tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 kantoorpraktijk tv 32.00 16.00 113.39 kennis der natuur tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 machineschrijven tv 32.00 16.00 87.68 muziek tv 32.00 16.00 87.68 natuurkunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 16.00 87.68 tekenen tv 32.00 16.00 130.93 4.00 0.51 verkooppraktijk tv 32.00 16.00 113.39 biologie v 32.00 16.00 114.56 etaleren sv 24.00 16.00 140.28 handvaardigheid v 32.00 16.00 105.21 huishoudkunde sv 24.00 16.00 191.72 mode en kleding sv 24.00 16.00 173.01 avmb sv 24.00 16.00 205.74 natuurkunde v 32.00 16.00 114.56 0.50 0.06 scheikunde v 32.00 16.00 140.28 techniek v 32.00 16.00 149.63 1.00 0.15 uiterlijke verzorging sv 24.00 16.00 163.66 vbo-groen praktijk sv 24.00 16.00 163.66 bouwtechniek sv 24.00 16.00 297.53 machinale houtbew. sv 24.00 8.00 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 16.00 274.34 29.00 10.36 meten sv 24.00 16.00 76.31 elektrotechniek sv 24.00 16.00 162.29 grafische techniek sv 24.00 16.00 231.84 installatietechniek sv 24.00 16.00 231.84 lasserij sv 24.00 8.00 118.68 mechanische techniek sv 24.00 16.00 239.57 motorvoertuigtechniek sv 24.00 16.00 274.34 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 12.68 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw verzorging norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 21.00 1.25 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 8.00 0.60 31 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 2.00 0.15 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 2.00 0.18 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 16.00 3.51 137 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80</p>\n<p class=\"lf-p\">vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 6.52 168 ruimtebehoeftemodel bovenbouw uiterlijke verzorging norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 21.00 1.25 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 8.00 0.60 31 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 2.00 0.15 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 2.00 0.18 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 16.00 3.00 117 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 6.01 148 ruimtebehoeftemodel bovenbouw mode en kleding norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 21.00 1.25 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 2.00 0.15 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 2.00 0.18 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding</p>\n<p class=\"lf-p\">sv 24.00 26.00 247.16 24.00 4.75 124 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 7.16 124 ruimtebehoeftemodel bovenbouw verkoop norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 31.00 1.85 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 2.00 0.15 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 14.00 1.36 81 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 2.00 0.18 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 4.37 81 ruimtebehoeftemodel bovenbouw administratie norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 31.00 1.85 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 4.00 0.39 41 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 2.00 0.15 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 10.00 0.75 31 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00</p>\n<p class=\"lf-p\">187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 2.00 0.18 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 4.15 72 ruimtebehoeftemodel bovenbouw handel norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 31.00 1.85 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 biologie tv 32.00 26.00 125.25 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 2.00 0.15 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 4.00 0.45 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 10.00 0.97 81 biologie v 32.00 26.00 163.66 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 4.00 0.64 100 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 2.00 0.18 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 0.50 0.05 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 4.62 181 ruimtebehoeftemodel bovenbouw verzorging individueel norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [70%] [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 16.00 69.56 17.00 1.15 aardrijkskunde tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 biologie tv 32.00 16.00 87.68 gezondheidskunde tv 32.00 16.00 87.68 8.00 0.69 informatica tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 kantoorpraktijk tv 32.00 16.00 113.39 kennis der natuur</p>\n<p class=\"lf-p\">tv 32.00 16.00 87.68 3.00 0.26 machineschrijven tv 32.00 16.00 87.68 muziek tv 32.00 16.00 87.68 natuurkunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 16.00 87.68 tekenen tv 32.00 16.00 130.93 4.00 0.51 verkooppraktijk tv 32.00 16.00 113.39 biologie v 32.00 16.00 114.56 etaleren sv 24.00 16.00 140.28 handvaardigheid v 32.00 16.00 105.21 2.00 0.21 huishoudkunde sv 24.00 16.00 191.72 19.00 4.74 mode en kleding sv 24.00 16.00 173.01 avmb sv 24.00 16.00 205.74 natuurkunde v 32.00 16.00 114.56 0.50 0.06 scheikunde v 32.00 16.00 140.28 techniek v 32.00 16.00 149.63 1.00 0.15 uiterlijke verzorging sv 24.00 16.00 163.66 vbo-groen praktijk sv 24.00 16.00 163.66 bouwtechniek sv 24.00 16.00 297.53 machinale houtbew. sv 24.00 8.00 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 16.00 274.34 meten sv 24.00 16.00 76.31 elektrotechniek sv 24.00 16.00 162.29 grafische techniek sv 24.00 16.00 231.84 installatietechniek sv 24.00 16.00 231.84 lasserij sv 24.00 8.00 118.68 mechanische techniek sv 24.00 16.00 239.57 motorvoertuigtechniek sv 24.00 16.00 274.34 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 7.99 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw uiterlijke verzorging individueel norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [70%] [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 16.00 69.56 17.00 1.15 aardrijkskunde tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 biologie tv 32.00 16.00 87.68 gezondheidskunde tv 32.00 16.00 87.68 8.00 0.69 informatica tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 kantoorpraktijk tv 32.00 16.00 113.39 kennis der natuur tv 32.00 16.00 87.68 3.00 0.26 machineschrijven tv 32.00 16.00 87.68 muziek tv 32.00 16.00 87.68 natuurkunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 16.00 87.68 tekenen tv 32.00 16.00 130.93 4.00 0.51 verkooppraktijk tv 32.00 16.00 113.39 biologie v 32.00 16.00 114.56 etaleren sv 24.00 16.00 140.28 handvaardigheid v 32.00 16.00 105.21 2.00 0.21 huishoudkunde sv 24.00 16.00 191.72 mode en kleding sv 24.00 16.00 173.01 avmb sv 24.00 16.00 205.74 natuurkunde v 32.00 16.00 114.56 0.50 0.06 scheikunde v 32.00 16.00 140.28 techniek v 32.00 16.00 149.63 1.00 0.15 uiterlijke verzorging sv 24.00 16.00 163.66 19.00 4.05 vbo-groen praktijk sv 24.00 16.00 163.66 bouwtechniek sv 24.00 16.00 297.53 machinale houtbew. sv 24.00 8.00 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 16.00 274.34 meten sv 24.00 16.00 76.31 elektrotechniek sv 24.00 16.00 162.29 grafische techniek sv 24.00 16.00 231.84 installatietechniek sv 24.00 16.00 231.84 lasserij sv 24.00 8.00 118.68 mechanische techniek sv 24.00 16.00 239.57 motorvoertuigtechniek sv 24.00 16.00 274.34 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 7.30 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw mode en kleding individueel norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [70%] [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 16.00 69.56</p>\n<p class=\"lf-p\">17.00 1.15 aardrijkskunde tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 biologie tv 32.00 16.00 87.68 gezondheidskunde tv 32.00 16.00 87.68 informatica tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 kantoorpraktijk tv 32.00 16.00 113.39 kennis der natuur tv 32.00 16.00 87.68 3.00 0.26 machineschrijven tv 32.00 16.00 87.68 muziek tv 32.00 16.00 87.68 natuurkunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 16.00 87.68 tekenen tv 32.00 16.00 130.93 4.00 0.51 verkooppraktijk tv 32.00 16.00 113.39 biologie v 32.00 16.00 114.56 etaleren sv 24.00 16.00 140.28 handvaardigheid v 32.00 16.00 105.21 2.00 0.21 huishoudkunde sv 24.00 16.00 191.72 mode en kleding sv 24.00 16.00 173.01 27.00 6.08 avmb sv 24.00 16.00 205.74 natuurkunde v 32.00 16.00 114.56 0.50 0.06 scheikunde v 32.00 16.00 140.28 techniek v 32.00 16.00 149.63 1.00 0.15 uiterlijke verzorging sv 24.00 16.00 163.66 vbo-groen praktijk sv 24.00 16.00 163.66 bouwtechniek sv 24.00 16.00 297.53 machinale houtbew. sv 24.00 8.00 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 16.00 274.34 meten sv 24.00 16.00 76.31 elektrotechniek sv 24.00 16.00 162.29 grafische techniek sv 24.00 16.00 231.84 installatietechniek sv 24.00 16.00 231.84 lasserij sv 24.00 8.00 118.68 mechanische techniek sv 24.00 16.00 239.57 motorvoertuigtechniek sv 24.00 16.00 274.34 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 8.64 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw verkoop individueel norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [70%] [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 16.00 69.56 27.00 1.83 aardrijkskunde tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 biologie tv 32.00 16.00 87.68 gezondheidskunde tv 32.00 16.00 87.68 informatica tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 kantoorpraktijk tv 32.00 16.00 113.39 kennis der natuur tv 32.00 16.00 87.68 2.00 0.17 machineschrijven tv 32.00 16.00 87.68 muziek tv 32.00 16.00 87.68 natuurkunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 16.00 87.68 tekenen tv 32.00 16.00 130.93 4.00 0.51 verkooppraktijk tv 32.00 16.00 113.39 18.00 1.99 biologie v 32.00 16.00 114.56 etaleren sv 24.00 16.00 140.28 handvaardigheid v 32.00 16.00 105.21 2.00 0.21 huishoudkunde sv 24.00 16.00 191.72 mode en kleding sv 24.00 16.00 173.01 avmb sv 24.00 16.00 205.74 natuurkunde v 32.00 16.00 114.56 0.50 0.06 scheikunde v 32.00 16.00 140.28 techniek v 32.00 16.00 149.63 1.00 0.15 uiterlijke verzorging sv 24.00 16.00 163.66 vbo-groen praktijk sv 24.00 16.00 163.66 bouwtechniek sv 24.00 16.00 297.53 machinale houtbew. sv 24.00 8.00 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 16.00 274.34 meten sv 24.00 16.00 76.31 elektrotechniek sv 24.00 16.00 162.29 grafische techniek sv 24.00 16.00 231.84 installatietechniek sv 24.00 16.00 231.84 lasserij sv 24.00 8.00 118.68 mechanische techniek sv 24.00 16.00 239.57 motorvoertuigtechniek sv 24.00 16.00 274.34 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 5.14 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw administratie individueel</p>\n<p class=\"lf-p\">norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [70%] [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 16.00 69.56 27.00 1.83 aardrijkskunde tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 biologie tv 32.00 16.00 87.68 gezondheidskunde tv 32.00 16.00 87.68 informatica tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 kantoorpraktijk tv 32.00 16.00 113.39 4.00 0.44 kennis der natuur tv 32.00 16.00 87.68 2.00 0.17 machineschrijven tv 32.00 16.00 87.68 14.00 1.20 muziek tv 32.00 16.00 87.68 natuurkunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 16.00 87.68 tekenen tv 32.00 16.00 130.93 4.00 0.51 verkooppraktijk tv 32.00 16.00 113.39 biologie v 32.00 16.00 114.56 etaleren sv 24.00 16.00 140.28 handvaardigheid v 32.00 16.00 105.21 2.00 0.21 huishoudkunde sv 24.00 16.00 191.72 mode en kleding sv 24.00 16.00 173.01 avmb sv 24.00 16.00 205.74 natuurkunde v 32.00 16.00 114.56 0.50 0.06 scheikunde v 32.00 16.00 140.28 techniek v 32.00 16.00 149.63 1.00 0.15 uiterlijke verzorging sv 24.00 16.00 163.66 vbo-groen praktijk sv 24.00 16.00 163.66 bouwtechniek sv 24.00 16.00 297.53 machinale houtbew. sv 24.00 8.00 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 16.00 274.34 meten sv 24.00 16.00 76.31 elektrotechniek sv 24.00 16.00 162.29 grafische techniek sv 24.00 16.00 231.84 installatietechniek sv 24.00 16.00 231.84 lasserij sv 24.00 8.00 118.68 mechanische techniek sv 24.00 16.00 239.57 motorvoertuigtechniek sv 24.00 16.00 274.34 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 4.79 0 ruimtebehoeftemodel bovenbouw algemene voorbereiding maatschappij en beroep (avmb) individueel norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [70%] [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 16.00 69.56 33.00 2.24 aardrijkskunde tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 biologie tv 32.00 16.00 87.68 gezondheidskunde tv 32.00 16.00 87.68 informatica tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 kantoorpraktijk tv 32.00 16.00 113.39 kennis der natuur tv 32.00 16.00 87.68 2.00 0.17 machineschrijven tv 32.00 16.00 87.68 muziek tv 32.00 16.00 87.68 natuurkunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 16.00 87.68 tekenen tv 32.00 16.00 130.93 4.00 0.51 verkooppraktijk tv 32.00 16.00 113.39 biologie v 32.00 16.00 114.56 etaleren sv 24.00 16.00 140.28 handvaardigheid v 32.00 16.00 105.21 2.00 0.21 huishoudkunde sv 24.00 16.00 191.72 mode en kleding sv 24.00 16.00 173.01 avmb sv 24.00 16.00 205.74 12.00 3.21 103 natuurkunde v 32.00 16.00 114.56 0.50 0.06 scheikunde v 32.00 16.00 140.28 techniek v 32.00 16.00 149.63 1.00 0.15 uiterlijke verzorging sv 24.00 16.00 163.66 vbo-groen praktijk sv 24.00 16.00 163.66 bouwtechniek sv 24.00 16.00 297.53 machinale houtbew. sv 24.00 8.00 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 16.00 274.34 meten sv 24.00 16.00 76.31 elektrotechniek sv 24.00 16.00 162.29 grafische techniek sv 24.00 16.00</p>\n<p class=\"lf-p\">231.84 installatietechniek sv 24.00 16.00 231.84 lasserij sv 24.00 8.00 118.68 mechanische techniek sv 24.00 16.00 239.57 motorvoertuigtechniek sv 24.00 16.00 274.34 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 6.77 103 ruimtebehoeftemodel bovenbouw agrarisch norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 26.00 99.37 33.00 1.97 aardrijkskunde tv 32.00 26.00 125.25 0.50 0.04 biologie tv 32.00 26.00 125.25 1.50 0.11 gezondheidskunde tv 32.00 26.00 125.25 informatica tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 kantoorpraktijk tv 32.00 26.00 161.99 kennis der natuur tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 machineschrijven tv 32.00 26.00 125.25 muziek tv 32.00 26.00 125.25 natuurkunde tv 32.00 26.00 125.25 1.00 0.08 scheikunde tv 32.00 26.00 125.25 0.75 0.06 tekenen tv 32.00 26.00 187.04 1.00 0.11 verkooppraktijk tv 32.00 26.00 161.99 biologie v 32.00 26.00 163.66 1.50 0.15 etaleren sv 24.00 26.00 200.40 handvaardigheid v 32.00 26.00 150.30 0.50 0.05 huishoudkunde sv 24.00 26.00 273.88 mode en kleding sv 24.00 26.00 247.16 avmb sv 24.00 26.00 293.92 natuurkunde v 32.00 26.00 163.66 1.00 0.10 scheikunde v 32.00 26.00 200.40 0.75 0.09 techniek v 32.00 26.00 213.76 1.00 0.13 uiterlijke verzorging sv 24.00 26.00 233.80 vbo-groen praktijk sv 24.00 26.00 233.80 12.50 2.34 117 bouwtechniek sv 24.00 26.00 425.04 machinale houtbew. sv 24.00 6.50 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 26.00 391.92 meten sv 24.00 26.00 109.02 elektrotechniek sv 24.00 26.00 231.84 grafische techniek sv 24.00 26.00 331.20 installatietechniek sv 24.00 26.00 331.20 lasserij sv 24.00 8.67 118.68 mechanische techniek sv 24.00 26.00 342.24 motorvoertuigtechniek sv 24.00 26.00 391.92 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 5.39 117 ruimtebehoeftemodel bovenbouw agrarisch individueel norm norm norm norm vaste gebruik gem. bvo aantal bvo voet ruimte- per bez. /lokaal lessen /leerling bvo soort week in m2 3 + 4 in m2 (m2) [70%] [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] theorie t 32.00 16.00 69.56 25.00 1.70 aardrijkskunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 biologie tv 32.00 16.00 87.68 2.00 0.17 gezondheidskunde tv 32.00 16.00 87.68 informatica tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 kantoorpraktijk tv 32.00 16.00 113.39 kennis der natuur tv 32.00 16.00 87.68 1.00 0.09 machineschrijven tv 32.00 16.00 87.68 muziek tv 32.00 16.00 87.68 natuurkunde tv 32.00 16.00 87.68 0.50 0.04 scheikunde tv 32.00 16.00 87.68 0.25 0.02 tekenen tv 32.00 16.00 130.93 0.50 0.06 verkooppraktijk tv 32.00 16.00 113.39 biologie v 32.00 16.00 114.56 2.00 0.22 etaleren sv 24.00 16.00 140.28 handvaardigheid v 32.00 16.00 105.21 0.50 0.05 huishoudkunde sv 24.00 16.00 191.72 mode en kleding sv 24.00 16.00 173.01 avmb sv 24.00 16.00 205.74 natuurkunde v 32.00 16.00 114.56 0.50 0.06 scheikunde v 32.00 16.00 140.28 0.25 0.03 techniek v 32.00 16.00 149.63 1.00 0.15 uiterlijke verzorging sv 24.00 16.00 163.66 vbo-groen praktijk</p>\n<p class=\"lf-p\">sv 24.00 16.00 163.66 22.00 4.69 bouwtechniek sv 24.00 16.00 297.53 machinale houtbew. sv 24.00 8.00 171.12 consumptieve techn. sv 24.00 16.00 274.34 meten sv 24.00 16.00 76.31 elektrotechniek sv 24.00 16.00 162.29 grafische techniek sv 24.00 16.00 231.84 installatietechniek sv 24.00 16.00 231.84 lasserij sv 24.00 8.00 118.68 mechanische techniek sv 24.00 16.00 239.57 motorvoertuigtechniek sv 24.00 16.00 274.34 ONDERWIJSRUIMTEN 57.00 7.41 0 ruimtebehoeftemodel directie- en nevenruimten norm toe- toe- norm vaste wijzing wijzing bvo per per bvo voet ruimte per aantal leerling /leerling bvo soort 250 ll. leerlingen in m2 (m2) [1] [2] [3] [4] [5] [7] [8] adjunct directeur d 33.40 250 0.134 0.134 23.4 administratie d 5.81 250 0.023 0.023 41.0 archief d 4.18 250 0.017 0.017 8.4 assistent arts d 33.40 vast 33.4 decaan / arts d 30.06 vast 30.1 directeur d 41.75 vast 41.8 docentenkamer d 0.130 0.130 16.7 reprografie d 20.04 vast 20.0 SUBTOTAAL DIRECTIERUIMTEN 0.304 214.7 amanuensis n 3.26 250 0.013 0.013 52.6 bibliotheek n 6.49 250 0.026 0.026 83.0 conciërge n 10.02 250 0.040 0.040 10.0 garderobe leerlingen n per ll.</p>\n<p class=\"lf-p\">0.468 0.468 garderobe personeel n 0.028 per ll.</p>\n<p class=\"lf-p\">0.028 0.028 hulppersoneel n 2.51 250 0.010 0.010 16.7 keuken n 7.42 250 0.030 0.030 22.8 kleedkamers n 100.20 vast 100.2 overblijfruimte n per ll.</p>\n<p class=\"lf-p\">0.668 0.668 toneel n 33.40 250 0.134 0.134 SUBTOTAAL NEVENRUIMTEN 1.416 285.3 TOTAAL DIRECTIE EN NEVENRUIMTEN 1.720 500 directie- en nevenruimten nevenvestiging met spreidingsnoodzaak vaste voet [1] [2] [7] adjunct directeur d 1.2 docentenkamer d 18.9 reprografie d 10.0 conciërge n 10.4 garderobe personeel n 3.3 hulppersoneel n 6.0 keuken n 20.0 totaal afgerond 70 m2 69.8 BijlageIVFinanciële normering De financiële normering valt uiteen in drie delen: deel A: vergoeding op basis van normbedragen; deel B: vergoeding op basis van feitelijke kosten; deel C: bepaling medegebruikstarief.</p>\n<p class=\"lf-p\">DEEL A Vergoeding op basis van normbedragen In onderstaande normbedragen voor (vervangende) nieuwbouw en uitbreiding is tevens een vergoeding voor bouwvoorbereiding opgenomen. Bij de uiteindelijke genormeerde vergoeding van een op het programma geplaatste voorziening voor (vervangende) nieuwbouw en uitbreiding wordt de toegekende genormeerde vergoeding voor de kosten van de bouwvoorbereiding in mindering gebracht. Alle in deze bijlage genoemde bedragen zijn incl. BTW.</p>\n<p class=\"lf-p\">De in dit hoofdstuk opgenomen normbedragen voor het jaar 2013 zijn aangepast conform de systematiek van prijsbijstelling en indexering die is opgenomen in hoofdstuk 4, Indexering.</p>\n<p class=\"lf-p\">1 School voor basisonderwijs In dit hoofdstuk zijn genormeerde bedragen opgenomen voor: nieuwbouw (paragraaf 1.1); uitbreiding (paragraaf 1.2); tijdelijke voorziening (paragraaf 1.3); eerste inrichting met onderwijsleerpakket en meubilair (paragraaf 1.4); aanpassing (paragraaf 1.5) en gymnastiek (paragraaf 1.6).</p>\n<p class=\"lf-p\">1.1 Nieuwbouw (permanente bouwaard) De financiële normering voor nieuwbouw valt uiteen in een viertal kostencomponenten, te weten: kosten voor terrein; bouwkosten; toeslag voor het herstel van terrein en verhuiskosten bij vervangende bouw; alleen voor speciale school voor basisonderwijs: toeslag voor een speellokaal.</p>\n<p class=\"lf-p\">In het geval van vervangende nieuwbouw waarbij sprake is van uitbreiding van een gebouw ter vervanging van een ander gebouw, gelden de bedragen zoals opgenomen in de financiële normering voor uitbreiding (permanente bouwaard).</p>\n<p class=\"lf-p\">Kosten voor terreinen Er is geen genormeerd bedrag per vierkante meter opgenomen, aangezien de gemeente het bouwrijpe terrein om niet beschikbaar (eventueel na aankoop) stelt en het juridisch eigendom overdraagt aan het schoolbestuur. Indien een terrein dient te worden aangekocht, zullen de kosten zichtbaar moeten worden gemaakt ten behoeve van het programma. Ook bij het beschikbaar stellen van gemeentelijke terreinen kan het, ten behoeve van de interne verrekening tussen de gemeentelijke diensten, wenselijk zijn om de kosten van de terreinen zichtbaar te maken. Voor de bepaling van de kosten voor het terrein wordt aangesloten bij de in de gemeente gangbare wijze van waardevaststelling van terreinen. Voor de minimaal benodigde oppervlakte van het terrein wordt verwezen naar bijlage III, deel D. In geval van vervangende nieuwbouw (op dezelfde plaats als het oude gebouw) behoren de kosten voor het slopen van het oude gebouw tot de kosten voor terreinen.</p>\n<p class=\"lf-p\">Bouwkosten De bouwkosten omvatten de bouwkosten van het gebouw, alsmede aanleg en inrichting van het schoolterrein. De vergoeding bestaat uit een startbedrag, waarin inbegrepen een aantel m2 en een bedrag per m2 voor de overige m2 bvo. Met deze vergoedingsbedragen kan en moet de in bijlage III aangegeven bruto-vloeroppervlakte worden gerealiseerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoeding voor een basisschool wordt bepaald op basis van de volgende bedragen:</p>\n<p class=\"lf-p\">Startbedrag, voor de realisatie van de eerste 350 m2 bvo € 713.953,28 Elke volgende m2 bvo € 1.221,78 De vergoeding voor een speciale school voor basisonderwijs wordt bepaald op basis van de volgende bedragen:</p>\n<p class=\"lf-p\">Startbedrag, voor de realisatie van de eerste 670 m2 bvo, waarin niet begrepen een eventueel speellokaal € 1.156.819,16 Elke volgende m2 bvo, waarin niet begrepen een eventueel speellokaal € 1.279,36 Toeslag voor een eventueel speellokaal (90 m2 bvo) € 109.761,30 Toeslag voor het herstel van terrein en verhuiskosten bij vervangende bouw op dezelfde plaats Indien vervangende nieuwbouw plaatsvindt op dezelfde plaats moet het desbetreffende terrein daarna worden hersteld en dienen de leerlingen te verhuizen naar een tijdelijke, vervangende locatie. De genormeerde vergoeding voor deze kosten, zoals hieronder opgenomen, is gebaseerd op een vast bedrag per m2 bvo, afhankelijk van het type huisvesting dat gesloopt dient te worden. De vergoeding voor zowel een basisschool als een speciale school voor basisonderwijs wordt bepaald op basis van de volgende bedragen:</p>\n<p class=\"lf-p\">Permanente bouw per m2 bvo € 49,53 Tijdelijke bouw per m2 bvo € 33,99 1.2 Uitbreiding (permanente bouwaard) Voor uitbreiding van de huisvesting in permanente bouwaard tot 1.035 m² bruto-vloeroppervlakte is onderstaand de financiële normering weergegeven. Bij grotere uitbreidingen dient te worden uitgegaan van de financiële normering voor nieuwbouw (permanente bouwaard) (paragraaf 1.1).</p>\n<p class=\"lf-p\">Kosten voor terrein Er is geen genormeerd bedrag per vierkante meter opgenomen. Indien uitbreiding van het terrein noodzakelijk is, wordt bij de bepaling van de kosten voor het terrein dezelfde systematiek gevolgd als bij nieuwbouw (paragraaf 1.1).</p>\n<p class=\"lf-p\">Bouwkosten De bouwkosten omvatten de bouwkosten van het gebouw, alsmede extra aanleg en inrichting van een deel van het schoolterrein. De vergoeding bestaat uit een startbedrag en een bedrag per m2. Met deze vergoedingsbedragen kan en moet de in bijlage III aangegeven bruto-vloeroppervlakte worden gerealiseerd.</p>\n<p class=\"lf-p\">De vergoeding voor een basisschool wordt bepaald op basis van de volgende bedragen:</p>\n<p class=\"lf-p\">Startbedrag bij uitbreidingen van 115 m2 bvo of groter € 104.551,34 Startbedrag bij uitbreidingen van 55 tot 115 m2 bvo € 69.700,89 Naast het startbedrag voor elke m2 bvo € 1.392,73</p></div>", "next": 239894}