99/1402 AAW U I T S P R A A K in het geding tussen: [A.], wonende te [B.], appellante, en het Landelijk instituut sociale verzekeringen, gedaagde. I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING Bij het bestreden besluit van 23 maart 1995 heeft gedaagde geweigerd aan appellante een uitkering ingevolge de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) toe te kennen, onder overweging dat appellante op en na 1 september 1993 minder dan 25 respectievelijk 15% arbeidsongeschikt was. De rechtbank te Zwolle heeft bij uitspraak van 1 augustus 1997 onder meer het beroep tegen het bestreden besluit gegrond verklaard en dat besluit vernietigd. Voorts is gedaagde bij die uitspraak veroordeeld tot vergoeding van schade met bepaling dat omtrent het verzoek daartoe nog een beslissing zal worden genomen door de rechtbank en dat ter voorbereiding van een nadere uitspraak hieromtrent het onderzoek zal worden heropend. Partijen hebben in die uitspraak berust. Gedaagde heeft appellante ƒ 6.689,63 in verband met wettelijke rente over de nabetaalde uitkering uitbetaald. Vervolgens heeft de rechtbank te Zwolle bij uitspraak van 12 februari 1999 het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Namens appellante is mr. J.S. Visser, advocaat te Stadskanaal, bij beroepschrift van 14 maart 1999 van laatstgenoemde uitspraak in hoger beroep gekomen. Gedaagde heeft een verweerschrift ingediend. Het geding is behandeld ter zitting van de Raad op 24 juli 2001, waar voor appellante is verschenen mr. Visser, en waar namens gedaagde is verschenen drs. E.H. Siemeling, werkzaam bij Gak Nederland B.V. II. MOTIVERING In de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank over meerdere schadeposten beslist. Blijkens het beroepschrift en het verhandelde ter zitting is het hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak beperkt voor zover daarbij het verzoek om schadevergoeding ingevolge artikel 8:73 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is afgewezen terzake van de posten "interen op eigen vermogen" en "fiscale aspecten". In de aangevallen uitspraak, waarin appellante als "eiseres" is aangeduid, heeft de rechtbank met betrekking tot de post "interen op eigen vermogen" het volgende overwogen: "Aan eiseres is een nabetaling verstrekt van ƒ 101.455,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.