04/775 ANW U I T S P R A A K met toepassing van artikel 8:9 van de Algemene wet bestuursrecht naar aanleiding van een door de rechtbank Breda gedaan verzoek te oordelen over een geschil tussen genoemde rechtbank en de rechtbank Amsterdam over de toepassing van artikel 8:7 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) inzake een beroep ingesteld namens [naam eiseres], als eiseres. I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GESCHIL Bij besluit van 17 juni 2003 heeft de Sociale verzekeringsbank (hierna: SVB) beslist op het bij bezwaarschrift van 27 juli 1998 daartegen gemaakte bezwaar van eiseres. Aan de voet van dat besluit is eiseres gewezen op de mogelijkheid van beroep bij de rechtbank Amsterdam. Het besluit op bezwaar is verzonden naar een adres van eiseres in Beni Bouyafrour, Nador (Marokko). Namens eiseres is door mr. P.R. Klaver een beroepschrift bij de rechtbank Amsterdam ingediend. In dit beroepschrift heeft mr. Klaver aangegeven dat eiseres woonachtig is te [woonplaats] aan de [adres]. De rechtbank Amsterdam heeft het beroepschrift bij brief van 30 oktober 2003 doorgezonden aan de rechtbank Breda, omdat naar haar mening de rechtbank Breda bevoegd is het beroep te behandelen. Bij brief van 5 januari 2004 heeft de rechtbank Breda het beroepschrift (met bijlagen) doorgezonden aan de Raad met het verzoek, onder toepassing van artikel 8:9 van de Awb, te beoordelen welke rechtbank bevoegd is deze zaak in behandeling te nemen. In de brief wordt verder verwezen naar het standpunt van de SVB, neergelegd in een schrijven van 18 december 2003, waarin wordt gesteld dat eiseres in Marokko woont en niet -zoals de gemachtigde van eiseres stelt- in [woonplaats]. De SVB is van mening dat de rechtbank Amsterdam bevoegd is deze zaak in behandeling te nemen. De Raad heeft op 13 februari 2004 inlichtingen ingewonnen bij de gemeentelijke basisadministratie van de gemeente Bergen op Zoom. Uit deze informatie komt naar voren dat eiseres niet in de gemeentelijke basisadministratie van die gemeente is ingeschreven. Bij brief van 18 februari 2004 zijn nadere inlichtingen over de woonplaats van eiseres ingewonnen bij de SVB. Bij brief van 24 februari 2004 heeft de SVB vermeld dat de SVB geen verdere stukken in haar bezit heeft, dan welke zich reeds in het procesdossier bevinden. De SVB is de mening toegedaan dat uit alle stukken blijkt dat eiseres niet in Nederland woont. In de brief is verder door de SVB een verklaring gegeven voor de verschillende namen die in de ingediende geschriften voorkomen. De Raad heeft hierin aanleiding gevonden om bij brief van 26 februari 2004 mr. Klaver, als gemachtigde van eiseres, om opheldering te vragen over de woonplaats van eiseres ten tijde van het instellen van beroep bij de rechtbank op 28 juli
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.