05/1588 + 1589 AOW U I T S P R A A K in de gedingen tussen: [appellant] en [appellante], wonende te [woonplaats], Verenigde Staten, appellanten, en de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank, gedaagde. I. ONTSTAAN EN LOOP VAN DE GEDINGEN Appellanten hebben op de daartoe bij beroepschrift aangevoerde gronden hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 23 november 2004, nummer 03/3959 AOW, waarnaar hierbij wordt verwezen. Appellanten hebben een vraag beantwoord. Desgevraagd heeft de rechtbank inlichtingen verstrekt. Gedaagde heeft een verweerschrift ingediend. De gedingen zijn ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van de Raad op 13 januari 2006, waar partijen – gedaagde met voorafgaand bericht – niet zijn verschenen. II. MOTIVERING Bij besluiten van 28 maart 2003 heeft gedaagde aan appellanten met ingang van oktober 2001 een pensioen ingevolge de Algemene Ouderdomswet (AOW) toegekend. Daarbij is overwogen dat het pensioen niet eerder kan ingaan dan een jaar voor de datum van de aanvraag en dat geen sprake is van een bijzonder geval waarin van deze termijn kan worden afgeweken. Bij de bestreden besluiten van 17 juli 2003 heeft gedaagde het bezwaar van appellanten tegen de besluiten van 28 maart 2003 niet-ontvankelijk verklaard. Daarbij is overwogen dat de bezwaartermijn is overschreden en dat geen sprake is van omstandigheden die de te late indiening van het bezwaarschrift kunnen excuseren. Bij de aangevallen uitspraak is het beroep van appellanten tegen de bestreden besluiten ongegrond verklaard. De Raad is met gedaagde en de rechtbank van oordeel dat sprake is van een niet verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn en dat het bezwaar van appellanten door gedaagde derhalve terecht niet-ontvankelijk is verklaard. Hij overweegt daartoe het volgende. De primaire besluiten zijn – dit is tussen partijen niet in geschil – op 28 maart 2003 aan appellanten verzonden. De bezwaartermijn is dus op 29 maart 2003 aangevangen en is geëindigd op 9 mei
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.