← Nederland

ECLI:NL:CRVB:2009:BK4965

P R O C E S - V E R B A A L van de mondelinge uitspraak van de CENTRALE RAAD VAN BEROEP meervoudige kamer Datum: 16 november 2009 Aanvang: 12.00 uur Zitting hebben: D.J. van der Vos, als voorzitter, R.C. Stam en M. Greebe, als leden griffier: M.A. van Amerongen 9e Zaak, reg.nr: 07/2444 WAO Inzake: [Appellante], wonende te [woonplaats], appellante, verschenen bij F. Westerveld, tegen de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, gedaagde, hierna: Uwv. I. PROCESVERLOOP Namens appellante stelde P.H.A. Timmerman hoger beroep in. Het Uwv voerde verweer. Bij uitspraak van 11 maart 2009 (07/2444 WAO) bevestigde de Raad de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten. Op verzoek van appellante verklaarde de Raad deze uitspraak op 22 juli 2009 vervallen. Het Uwv zond hierna zijn besluit van 8 oktober 2009 in waarop appellante met een brief van 17 oktober 2009 reageerde. II. OVERWEGINGEN Het besluit van 8 oktober 2009 komt volledig tegemoet aan het beroep van appellante. Met dat besluit herroept het Uwv de verlaging van haar uitkering (WAO) en deelt hij appellante (weer) in de hoogste arbeidsongeschiktheidsklasse in. Met haar beroep kan appellante geen verdere verhoging van de uitkering bereiken. Dat appellante het niet eens is met de zogenoemde Functionele Mogelijkhedenlijst doet daaraan niet af. Haar belang bij een beoordeling van haar hoger beroep is vervallen en de Raad zal daarom het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaren. De Raad ziet geen aanleiding om appellante een proceskostenvergoeding toe te kennen in verband met de haar ter zitting verleende rechtsbijstand, nu het procesbelang toen al was vervallen en die kosten daarom nodeloos waren. Voor de eerder door appellante gemaakte reiskosten zal de Raad haar ten laste van het Uwv een vergoeding van € 22,80 toekennen. Van overige voor vergoeding in aanmerking komende proceskosten is de Raad niet gebleken. De door appellante gevorderde reiskosten van Timmerman komen niet voor vergoeding in aanmerking, nu het Besluit proceskosten bestuursrecht alleen voorziet in een vergoeding van reiskosten voor een partij zelf. De gevraagde vergoeding voor de kosten van Westerveld als deskundige wijst de Raad af. Westerveld trad niet op als deskundige in de zin van het Besluit proceskosten bestuursrecht. Het Uwv dient het door appellante betaalde griffierecht te vergoeden. III. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep, Recht doende: Verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk; Veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellante in hoger beroep tot een bedrag groot € 22,80, te betalen aan appellante; Bepaalt dat het Uwv aan appellante het griffierecht ad € 106,00 vergoedt. De voorzitter sluit het onderzoek. Waarvan proces-verbaal. Utrecht, 16 november 2009 De griffier. De fungerend voorzitter. M.A. van Amerongen D.J. van der Vos Voor eensluidend afschrift de griffier van de Centrale Raad van Beroep.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.