10/6437 WAO Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 29 oktober 2010, 09/5516 (aangevallen uitspraak) Partijen: [Appellant] te [woonplaats] (appellant) de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) Datum uitspraak: 5 oktober 2012 PROCESVERLOOP Namens appellant heeft P.B.J. [M.], werkzaam bij Gehandicapten Organisatie Venray en omstreken, hoger beroep ingesteld. Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 1 april
- Appellant is niet verschenen. Het Uwv was vertegenwoordigd door mr. G.A. Vermeijden. Na afloop van de zitting is het onderzoek heropend. Vervolgens heeft opnieuw onderzoek ter zitting plaatsgevonden op 27 juni
- Appellant is verschenen en het Uwv was vertegenwoordigd door mr. Vermeijden. Ter zitting is het onderzoek geschorst teneinde appellant in de gelegenheid te stellen stukken te overleggen van de psychiater en de internist. Appellant heeft een rapport ingebracht van M.A.W. Verwielen, psychiater, van 26 oktober
- In reactie heeft het Uwv een rapport van de bezwaarverzekeringsarts van 8 november 2011 overgelegd. Daarna is het onderzoek ter zitting voortgezet op 11 november
- Appellant is verschenen, bijgestaan door mr. drs. T.L. Hemrica, advocaat. Het Uwv was wederom vertegenwoordigd door mr. Vermeijden. Na afloop van de zitting is het onderzoek opnieuw heropend. De Raad heeft prof. dr. G.F. Koerselman, psychiater, verzocht van verslag en advies te dienen omtrent de gezondheidstoestand en de mogelijkheden van appellant om te werken. Deze deskundige heeft op 23 april 2012 rapport uitgebracht. Appellant heeft daarop gereageerd onder overlegging van brieven van zijn huisarts en cardioloog. Vervolgens heeft opnieuw onderzoek ter zitting plaatsgevonden op 7 september
- Appellant is verschenen, bijgestaan door mr. drs. Hemrica. Het Uwv was niet vertegenwoordigd. OVERWEGINGEN 1.
- Appellant ontving een WAO-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Bij besluit van 9 april 2009 is deze uitkering ingetrokken met ingang van 10 juni
- 1.
- Bij besluit op bezwaar van 13 oktober 2009 (bestreden besluit) heeft het Uwv het hiertegen ingediende bezwaar ongegrond verklaard.
- Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Daartoe heeft de rechtbank overwogen geen aanleiding te zien de door de bezwaarverzekeringsarts aangepaste beperkingen voor onjuist te houden. De bezwaarverzekeringsarts is uitvoerig en voldoende zorgvuldig ingegaan op de door appellant ingebrachte bezwaren. Appellant heeft geen medische informatie kunnen overleggen waaruit blijkt dat hij als gevolg van PTSS meer beperkt is. Appellant moet met inachtneming van deze medische beperkingen in staat worden geacht de geduide functies te vervullen.
- In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat hij lijdt aan chronische Q-koorts en hartschade heeft. Ter ondersteuning van zijn standpunt heeft hij medische informatie overgelegd, waaronder het hiervoor genoemde rapport van Verwielen. 4.
- De Raad overweegt als volgt. 4.
- Wat betreft de medische beoordeling van de mate van arbeidsongeschiktheid van appellant met ingang van 10 juni 2009 stelt de Raad voorop dat in zijn vaste jurisprudentie het uitgangspunt besloten ligt dat hij het oordeel van een onafhankelijke door de bestuursrechter ingeschakelde deskundige in beginsel pleegt te volgen. 4.
- De Raad heeft aanleiding gezien zich omtrent de gezondheidstoestand van appellant en zijn arbeidsbeperkingen te laten voorlichten door de in rubriek Procesverloop genoemde deskundige Koerselman. 4.3.
- Koerselman heeft in zijn rapport van 23 april 2012 geconcludeerd dat appellant lijdt aan PTSS en dat hij op 10 juni 2009 daar ook aan leed. Hij kan zich verenigen met de door het Uwv vastgestelde belastbaarheid van appellant. Nader onderzoek door een deskundige op ander gebied heeft hij niet noodzakelijk geacht. 4.3.
- De Raad is van oordeel dat Koerselman, die de beschikking heeft gehad over alle in geding zijnde medische gegevens, op zorgvuldige wijze een onderzoek heeft ingesteld en daarvan op inzichtelijke verslag heeft gedaan. Aan het eind van zijn rapport heeft hij een toelichting gegeven op appellants anamnesecorrecties en aangegeven dat hij in het commentaar van appellants gemachtigde geen reden heeft gevonden om het gespreksverslag te wijzigen. Hij is voorts uitgebreid ingegaan op het rapport van Verwielen en heeft aangegeven waarom hij haar conclusies niet deelt. 4.3.
- In het voorgaande ligt besloten dat de Raad geen aanleiding heeft gevonden om met betrekking tot het oordeel van de deskundige af te wijken van het uitgangspunt dat het oordeel van de onafhankelijke door de bestuursrechter ingeschakelde deskundige in beginsel wordt gevolgd. 4.3.
- De door appellant overgelegde brieven van de huisarts van 13 mei 2012 en van de cardioloog van 9 mei 2012 geven daartoe evenmin aanleiding. 4.
- Het verzoek van appellant om nog een week de tijd te krijgen om de mogelijkheid van gezinstherapie bij het RIAGG te onderzoeken wordt niet gehonoreerd. Appellant heeft tijdens de procedure voldoende gelegenheid gehad om dat te onderzoeken. Overigens lijkt het nuttig dat appellant die mogelijkheid van (gezins)therapie wel onderzoekt. Met relevante nieuwe medische gegevens kan hij zich tot het Uwv wenden. 4.
- De ter zitting van 11 november 2011 geponeerde stelling dat het maatmanloon van appellant onjuist zou zijn slaagt niet. Appellant heeft geen stukken overgelegd waaruit naar voren komt dat de in de rapporten van de arbeidsdeskundige genoemde gegevens op dit punt onjuist zouden zijn.
- Uit het vorenstaande volgt dat het hoger beroep niet slaagt.
- Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak. Deze uitspraak is gedaan door I.M.J. Hilhorst-Hagen, in tegenwoordigheid van G.J. van Gendt als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 5 oktober
- (getekend) I.M.J. Hilhorst-Hagen (getekend) G.J. van Gendt TM