15/5258 WUBO Datum uitspraak: 8 december 2016 Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Uitspraak in het geding tussen Partijen: [appellant] te [woonplaats] (appellant) de Pensioen- en Uitkeringsraad (verweerder) PROCESVERLOOP Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 1 juli 2015, kenmerk BZ01845260 (bestreden besluit). Dit betreft de toepassing van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 27 oktober
- Daar is appellant, zoals door hem bericht, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door A.T.M. Vroom-van Berckel. OVERWEGINGEN 1.
- Appellant, geboren in 1939 in het toenmalig Nederlands-Indië, heeft in april 1999 een aanvraag ingediend om te worden erkend als burger-oorlogsslachtoffer in de zin van de Wubo en als zodanig in aanmerking te worden gebracht voor een periodieke uitkering. Bij besluit van 25 november 1999 is aanvaard dat appellant is getroffen door oorlogsgeweld in de zin van de Wubo. De aanvraag om erkenning als burger-oorlogsslachtoffer en toekenning van een periodieke uitkering is echter afgewezen omdat bij appellant geen sprake is van blijvende lichamelijke en/of psychische invaliditeit als gevolg van het oorlogsgeweld. Uit de daaraan ten grondslag liggende medische advisering komt naar voren dat de psychische klachten en de spanningshoofdpijn van appellant wel aan het oorlogsgeweld worden toegeschreven, maar niet leiden tot blijvende invaliditeit in de zin van de Wubo. Ten aanzien van de lichamelijke klachten (rugklachten en schildklieraandoening) is een verband met het oorlogsgeweld niet aanvaard. Tegen het besluit van 25 november 1999 heeft appellant geen rechtsmiddelen aangewend. 1.
- In december 2014 heeft appellant verzocht om op grond van de Wubo in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming in de kosten van huishoudelijke hulp. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen bij besluit van 10 maart 2015 en na gemaakt bezwaar gehandhaafd bij het bestreden besluit, op de grond dat (ook nu) bij appellant geen sprake is van blijvende lichamelijke of psychische invaliditeit als gevolg van het oorlogsgeweld.
- De Raad komt op grond van hetgeen in beroep is aangevoerd tot de volgende beoordeling. 2.
- Alleen een betrokkene bij wie het oorlogsgeweld heeft geleid tot blijvende lichamelijke of psychische invaliditeit in de zin van de Wubo kan op grond van die wet aanspraak maken op (bijzondere) voorzieningen. Dat betekent dat verweerder in het geval van appellant terecht heeft (her)beoordeeld of bij appellant sprake is van invaliditeit voordat een oordeel is gegeven over de gevraagde voorziening. 2.
- Van blijvende psychische invaliditeit in de zin van de Wubo is volgens het beleid van verweerder sprake als de betrokkene beperkingen heeft in minstens twee van de vier aan de American Medical Association (AMA) ontleende rubrieken, te weten 1) dagelijkse activiteiten, 2) sociaal functioneren, 3) concentratie, doorzettingsvermogen en tempo en 4) aanpassing aan stressvolle omstandigheden. Deze maatstaf is door de Raad in vaste rechtspraak aanvaard (zie bijvoorbeeld de uitspraak van 29 januari 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:244). 2.
- Het door verweerder ingenomen standpunt is in eerste instantie gebaseerd op het medisch advies van de geneeskundig adviseur A.J. Maas, arts. Dat advies is opgemaakt na een persoonlijk onderhoud van Maas met appellant. Maas concludeert dat de psychische klachten samenhangen met het oorlogsgeweld en dat er als gevolg van die klachten alleen gering tot matige beperkingen zijn in de rubriek dagelijkse activiteiten. Daarmee zijn de aanwezige beperkingen als gevolg van het oorlogsgeweld niet zodanig dat er gesproken kan worden van blijvende invaliditeit in de zin van de Wubo. De rugklachten en schildklieraandoeningen zijn eerder als niet-causaal aangemerkt en er is geen aanleiding op dat standpunt terug te komen. De hartklachten zijn degeneratief en leeftijdgebonden van aard en houden geen verband met het oorlogsgeweld, aldus Maas. 2.
- Het bezwaar is voorgelegd aan de geneeskundig adviseur R.J. Roeloefs, arts. Op basis van het bezwaar en na heroverweging van het primaire advies concludeert hij dat het eerdere advies op goede gronden tot stand is gekomen en niet gewijzigd behoeft te worden. 2.
- De Raad acht het bestreden besluit op grond van de advisering van Maas en Roelofs deugdelijk voorbereid en gemotiveerd. Uit de voorhanden zijnde medische gegevens blijkt niet dat appellant beperkingen heeft in minstens twee van de aan de AMA ontleende rubrieken. De te onderscheiden beperkingen hangen samen met de slaapproblematiek en bestrijken niet meer dan één rubriek. Medische gegevens waaruit zou kunnen worden opgemaakt dat de uit de psychische klachten voortkomende beperkingen van appellant zijn onderschat, zijn niet voorhanden. Evenmin zijn er medische gegevens waaruit blijkt dat de lichamelijke gezondheidsklachten van appellant aan het oorlogsgeweld moeten worden toegeschreven. Het betoog van appellant dat zijn rugklachten niet zijn onderzocht wordt niet onderschreven. Tijdens het persoonlijk onderhoud met Maas zijn de rugklachten uitgevraagd. Die anamnese en het gestelde in bezwaar hebben er niet toe geleid dat de rugklachten aan het oorlogsgeweld kunnen worden toegeschreven. Voor het toepassen van de zogenoemde omgekeerde bewijslast is geen ruimte omdat de rugklachten duidelijk aan andere oorzaken worden toegeschreven. Geconcludeerd moet worden dat verweerder zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld dat bij appellant geen sprake is van blijvende invaliditeit in de zin van de Wubo. 2.
- Het voorgaande betekent dat het bestreden besluit in rechte stand kan houden. Het beroep moet ongegrond worden verklaard.
- Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door B.J. van de Griend, in tegenwoordigheid van A. Mansourova als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 december
- (getekend) B.J. van de Griend (getekend) A. Mansourova HD