177503 AOW-PV Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland van 25 oktober 2017, 17/2216 (aangevallen uitspraak) Partijen: [appellant] te [woonplaats] (appellant) de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb) Datum uitspraak: 8 augustus 2019 Zitting heeft: mr. J.J.T. van den Corput Griffier: M. Graveland Appellant is ter zitting verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. J.A.H. Koning BESLISSING De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak. Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.
- Appellant was ten tijde hier van belang gehuwd en ontving een ouderdomspensioen voor een gehuwde pensioengerechtigde op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW). Naar aanleiding van de melding van appellant in augustus 2016 dat hij en zijn echtgenote sinds januari 2014 uit elkaar zijn, is de Svb gaan onderzoeken of sprake is van duurzaam gescheiden leven waardoor het ouderdomspensioen gewijzigd zou moeten worden naar dat voor een ongehuwde pensioengerechtigde. Bij besluit van 22 november 2016, gehandhaafd bij beslissing op bezwaar van 7 april 2017 (bestreden besluit), heeft de Svb appellant bericht dat zijn ouderdomspensioen ongewijzigd wordt gecontinueerd naar dat voor een gehuwde pensioengerechtigde omdat geen sprake is van duurzaam gescheiden leven als bedoeld in artikel 1, derde lid, aanhef en onder b, van de AOW.
- Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep ongegrond verklaard.
- Appellant heeft zich in hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak gekeerd. Volgens hem was wel sprake van duurzaam gescheiden leven.
- Appellant heeft in hoger beroep geen wezenlijk nieuwe of andere gronden naar voren gebracht of redenen vermeld waarom de rechtbank tot een ander oordeel had moeten komen. De rechtbank heeft deze beroepsgronden in de aangevallen uitspraak afdoende besproken en genoegzaam gemotiveerd waarom deze niet leiden tot een vernietiging van het bestreden besluit. De Raad onderschrijft de overwegingen van de rechtbank volledig en volstaat met een verwijzing daarnaar. De Raad maakt dan ook het oordeel waartoe de rechtbank op grond van deze overwegingen is gekomen tot het zijne. Dit betekent dat het hoger beroep niet slaagt en dat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.
- Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding. Waarvan proces-verbaal. De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer (getekend) M. Graveland (getekend) J.J.T. van den Corput Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de datum van verzending beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad der Nederlanden (Postbus 20303, 2500 EH Den Haag) ter zake van schending of verkeerde toepassing van bepalingen over het begrip duurzaam gescheiden leven. sg