19/1284 WIA-R Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 31 oktober 2019, 19/1284 WIA Partijen: [appellant] te [woonplaats] (appellant) de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) Datum uitspraak: 11 december 2019 PROCESVERLOOP De Raad heeft vastgesteld dat zijn uitspraak van 31 oktober 2019 een kennelijke fout bevat. Het betreft het niet uitspreken van een proceskostenveroordeling voor het verzoek om schadevergoeding in verband met de wettelijke rente en van vergoeding van het in beroep betaalde griffierecht van € 47,-. De Raad heeft partijen bij brief van 19 november 2019 meegedeeld voornemens te zijn de uitspraak te verbeteren. In de genoemde brief is aan partijen meegedeeld dat zij binnen vier weken schriftelijk kunnen reageren op het voornemen van de Raad tot rectificatie van de uitspraak. Namens appellant heeft mr. R.M.J. Schoonbrood, bij brief van 21 november 2019 meegedeeld geen bezwaar te hebben tegen de verbetering van de uitspraak. Het Uwv heeft bij brief van 29 november 2019 meegedeeld bezwaar te hebben tegen de proceskostenvergoeding voor het verzoek om schadevergoeding in verband met de wettelijke rente. OVERWEGINGEN Anders dan het Uwv heeft betoogd, is er wel aanleiding is voor een proceskostenvergoeding voor het verzoek om schadevergoeding in verband met de wettelijke rente, omdat dit uit het Besluit proceskosten bestuursrecht volgt. Daaraan doet niet af dat het verzoek in het hoger beroepschrift is gedaan. De Raad wijzigt de uitspraak van 31 oktober 2019, 19/1284 WIA als volgt. Overweging 4 van de uitspraak gaat nu luiden:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.