183008 ZW-PV, 18/3009 WIA-PV Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraken van de rechtbank Noord-Holland van 25 april 2018, 17/3554 en 17/5606 (aangevallen uitspraken) Partijen: [Appellant] te [woonplaats] (appellant) de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) Datum uitspraak: 12 december 2019 Zitting heeft: mr. T. Dompeling, als lid van de enkelvoudige kamer Griffier: E. de Jong Ter zitting zijn verschenen: namens appellant mr. M. Gümüs. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door J.C. Geldof. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraken. Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen. De aangevallen uitspraak 17/3554 Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen de beslissing op bezwaar van 23 mei 2017 ongegrond verklaard. Bij dat besluit heeft het Uwv zijn beslissing van 20 maart 2017 gehandhaafd dat appellant met ingang van 21 maart 2017 geen recht meer heeft op een uitkering op grond van de Ziektewet (ZW), omdat hij per die datum voldoende hersteld is voor de functie van parkeercontroleur, die in een eerdere eerstejaars ZW-beoordeling (EZWb) is geselecteerd. Het oordeel van de rechtbank in de aangevallen uitspraken is juist. Het Uwv heeft zorgvuldig onderzoek gedaan naar de beperkingen van appellant als gevolg van zijn handklachten en psychische klachten. De rechtbank heeft terecht geen reden gezien om te twijfelen aan de door het Uwv vastgestelde belastbaarheid, die gelijk is aan de belastbaarheid als vastgesteld bij de eerdere EZWb en neergelegd in een Functionele Mogelijkhedenlijst van 6 juni
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.