← Nederland

ECLI:NL:CRVB:2021:1143

193936 PW-PV Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 2 augustus 2019, 19/1640 (aangevallen uitspraak) Partijen: [appellant] te [woonplaats] (appellant) het college van burgemeester en wethouders van De Ronde Venen (college) Datum uitspraak: 11 mei 2021 Zitting heeft: M. Hillen Griffier: R. de Haas Appellant is verschenen. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door V.A. Staat. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak. Dit betekent dat het college de bijstand van appellant terecht over de periode van 1 maart 2018 tot 1 augustus 2018 heeft herzien en € 559,37,- bruto heeft teruggevorderd. Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen. Appellant ontving ten tijde van belang bijstand ingevolge de Participatiewet (PW) naar de norm voor een alleenstaande. In maart 2018, juni 2018 en juli 2018 heeft appellant als [functie] van een politieke partij aan zeven commissievergaderingen deelgenomen, waarvoor hij een vergoeding heeft ontvangen van in totaal € 559,

  1. Bij besluit van 17 december 2018, na bezwaar gehandhaafd bij besluit van 19 maart 2019 (bestreden besluit), heeft het college de bijstand van appellant over de periode van 1 maart 2018 tot 1 augustus 2018 herzien en de gemaakte kosten van bijstand tot een bedrag van € 559,37 bruto van appellant teruggevorderd. Het college heeft de ontvangen vergoedingen aangemerkt als inkomen en in mindering gebracht op de bijstand. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit op goede gronden ongegrond verklaard. Appellant heeft aangevoerd dat hij in de periode in geding geen inkomsten heeft ontvangen, maar slechts onkostenvergoedingen voor zijn werkzaamheden. Dit standpunt, zoals appellant het van zijn fractievoorzitter begrepen heeft, berust op een onjuiste interpretatie van de Circulaire Bezoldiging en ambtstoelage burgemeesters, bezoldiging en (onkosten)vergoeding wethouders, (onkosten)vergoeding raads- en commissieleden en artikel 6 van de Verordening geldelijke voorzieningen raadsleden en fractieassistenten De Ronde Venen
  2. In zowel de Circulaire als in artikel 6 van de Verordening wordt uitsluitend gesproken van een vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen. Vergoedingen zoals appellant heeft ontvangen moeten aldus worden gerekend tot de middelen in de zin van artikel 31 van de PW en daarmee als inkomen in de zin van artikel 32, eerste lid van de PW die volledig op de bijstand in mindering moeten worden gebracht, vergelijk de uitspraak van 7 juni 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BQ
  3. Dit betekent dat het hoger beroep niet slaagt. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding. Waarvan proces-verbaal. De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer (getekend) R. de Haas (getekend) M. Hillen

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.