← Nederland

ECLI:NL:CRVB:2023:1307

Datum uitspraak: 11 juli 2023 22/1878 Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht Partijen: [appellante] te [woonplaats] (appellante) PROCESVERLOOP Appellante heeft bij de Raad gelijktijdig een hogerberoepschrift en een verzetschrift ingediend. OVERWEGINGEN Artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder c, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaalt dat het beroepschrift wordt ondertekend en ten minste een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht bevat. In het tweede lid is bepaald dat bij het beroepschrift zo mogelijk een afschrift van het besluit waarop het geschil betrekking heeft, wordt overgelegd. Ingevolge artikel 6:24 van de Awb zijn deze bepalingen van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep. Bij het ingediende beroepschrift en verzetschrift is geen aangevallen uitspraak overlegd. Evenmin is eruit af te leiden wie het verwerende bestuursorgaan zou moeten zijn of op welke wetgeving het geschil betrekking heeft. Bij brief van 15 juni 2022 is appellante in de gelegenheid gesteld dit verzuim binnen vier weken te herstellen. Appellante heeft deze termijn ongebruikt voorbij laten gaan. Bij brief van 22 juli 2022 is appellante nogmaals in de gelegenheid gesteld de aangevallen uitspraak in te zenden. Daarbij is een termijn van twee weken gesteld. Appellante heeft ook deze termijn ongebruikt voorbij laten gaan. Bij brief van 15 augustus 2022 is appellante herinnerd aan de twee voorgaande brieven en wederom een termijn van twee weken gegund. Ook deze termijn heeft appellante ongebruikt voorbij laten gaan. Bij aangetekende brief van 7 december 2022 is appellante nogmaals de gelegenheid geboden de aangevallen uitspraak in te zenden. Daarbij is een termijn van vier weken gesteld en is zij erop gewezen dat zij er rekening mee moet houden dat de zaak niet inhoudelijk zal worden behandeld. De Raad heeft niet van appellante mogen vernemen. De Raad heeft hierdoor niet kunnen vaststellen om welke aangevallen uitspraak het gaat. Niet is gebleken van redenen die een verontschuldiging vormen voor het verzuim van appellante. Het hoger beroep is kennelijk niet-ontvankelijk, zodat zonder verder onderzoek kan worden beslist. Voor een proceskostenveroordeling is geen aanleiding. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door C.E.M. Marsé, in tegenwoordigheid van D. van der Boom als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 11 juli 2023. (getekend) C.E.M. Marsé (getekend) D. van der Boom Tegen deze uitspraak kunnen een belanghebbende en het bestuursorgaan binnen zes weken na de verzending van het afschrift van deze uitspraak schriftelijk verzet doen bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA UTRECHT. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld te worden gehoord.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.