23/231 ANW Datum uitspraak: 28 juni 2024 Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 29 november 2022, 22/1102 (aangevallen uitspraak) Partijen: [appellante] te [woonplaats] , Marokko (appellante) de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb) SAMENVATTING Deze zaak gaat over de intrekking van de nabestaandenuitkering van appellante, omdat haar jongste kind 18 jaar is geworden. Na onderzoek door het Uwv in opdracht van de Svb is alsnog vastgesteld dat appellante meer dan 45% arbeidsongeschikt is in de zin van de ANW en is de nabestaandenuitkering per datum intrekking voortgezet. Het hoger beroep van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard, omdat zij geen belang meer heeft bij beoordeling in hoger beroep. PROCESVERLOOP Appellante heeft hoger beroep ingesteld. De Svb heeft een verweerschrift ingediend. De Raad heeft de zaak behandeld op een zitting van 17 mei
- Appellante is niet verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door J.Y. van den Berg . OVERWEGINGEN Inleiding
- Bij de beoordeling van het hoger beroep zijn de volgende feiten en omstandigheden van belang. 1.
- Bij besluit van 14 juli 2021 is de nabestaandenuitkering van appellante per1 januari 2022 beëindigd, omdat haar jongste kind op [geboortedag] 2021 de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. 1.
- Appellante heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt, door de Svb ontvangen op 7 september
- Daarbij heeft appellante aangegeven dat zij ten minste 45% arbeidsongeschikt is en dat zij om die reden een nabestaandenuitkering wil behouden. 1.
- Naar aanleiding hiervan heeft de Svb het Uwv gevraagd om te onderzoeken of appellante arbeidsongeschikt is in de zin van de ANW. 1.
- Bij besluit van 6 december 2021 (bestreden besluit) is het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat de bezwaartermijn was overschreden. 1.
- Bij brief van 14 maart 2022 heeft het Uwv de Svb geadviseerd dat appellante voor meer dan 45% arbeidsongeschikt is in de zin van de ANW. De Svb heeft aan appellante bij besluit van 28 maart 2022 de nabestaandenuitkering van appellante per 1 januari 2022 voortgezet. Uitspraak van de rechtbank
- De rechtbank heeft het beroep tegen het bestreden besluit niet-ontvankelijk verklaard, omdat de termijn voor het indienen van beroep is overschreden. Van een verschoonbare reden voor het te laat indienen van het beroepschrift is niet gebleken. Het standpunt van appellante
- Appellante is het met de uitspraak van de rechtbank niet eens en wil een voor haar gunstige beslissing. Het oordeel van de Raad
- De Raad beoordeelt of de rechtbank terecht het beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard aan de hand van wat appellante in hoger beroep heeft aangevoerd, de beroepsgronden. De Raad komt tot het oordeel dat het hoger beroep niet slaagt. De wettelijke regels die voor de beoordeling van het hoger beroep belangrijk zijn, zijn te vinden in de bijlage bij deze uitspraak. 4.
- Naar aanleiding van het onderzoek naar de mate van arbeidsongeschiktheid van appellante door het Uwv, heeft de Svb het besluit van 28 maart 2022 genomen. Hierbij is de nabestaandenuitkering van appellante alsnog per 1 januari 2022 voortgezet, omdat zij meer dan 45% arbeidsongeschikt is. 4.
- De Raad stelt vast dat appellante geen belang meer heeft bij een beoordeling van het geschil in hoger beroep, nu de Svb volledig aan de bezwaren van appellante is tegemoetgekomen. De Raad zal dan ook het hoger beroep nietontvankelijk verklaren. Conclusie en gevolgen 4.
- Het hoger beroep is niet-ontvankelijk.
- Omdat het hoger beroep niet slaagt krijgt appellante geen vergoeding voor haar proceskosten en het betaalde griffierecht. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger-beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door E.E.V. Lenos, in tegenwoordigheid van R.R. Olde Engberink als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 28 juni
- (getekend) E.E.V. Lenos (getekend) R.R. Olde Engberink DÉCISION La Centrale Raad van Beroep (Cour d’Appel Centrale), statue: Déclare le recours interjeté non-recevable Par conséquent, décidée par le maître E.E.V. Lenos en présence de R.R. Olde-Engberink en qualité de greffier, ainsi que prononcée en public, le 28 juin
- Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wettelijke regel Artikel 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht Een belanghebbende kan tegen een besluit beroep instellen bij de bestuursrechter. Algemene Nabestaandenwet.