23/1265 CRTV Datum uitspraak: 18 september 2024 Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:75 en 8:118 van de Algemene wet bestuursrecht in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Overijssel van 13 maart 2023, 21/867 Partijen: de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) [naam vereniging basisonderwijs] te [plaats] (Vereniging) PROCESVERLOOP Het Uwv heeft hoger beroep ingesteld Bij brief van 10 april 2024 heeft het Uwv het hoger beroep ingetrokken. Namens de Vereniging heeft mr. J.W.E.M. Engels-Jansen, gemachtigde, op 23 april 2024 verzocht het Uwv te veroordelen in de proceskosten die de Vereniging in hoger beroep heeft gemaakt. Het Uwv heeft op 8 mei 2024 op dit verzoek gereageerd. Onder toepassing van artikel 8:57 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het onderzoek ter zitting achterwege gelaten. Vervolgens is het onderzoek gesloten. OVERWEGINGEN Artikel 8:118, eerste lid, van de Awb bepaalt dat het bestuursorgaan, in geval van intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan, op verzoek van een partij bij afzonderlijke uitspraak met overeenkomstige toepassing van artikel 8:75 van de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Het Uwv heeft het hoger beroep ingetrokken omdat met de herziene beslissing op bezwaar van 25 april 2024 is berust in de uitspraak van de rechtbank. Met deze herziene beslissing op bezwaar heeft het Uwv het bezwaar alsnog gegrond verklaard, het bestreden besluit herroepen en de compensatie van de transitievergoeding verhoogd tot een bedrag van € 18.388,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.