23/2590 WIA Datum uitspraak: 30 oktober 2024 Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland van 31 juli 2023, 21/2548 (aangevallen uitspraak) Partijen: [appellante] te [woonplaats] (appellante) de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) PROCESVERLOOP Namens appellante heeft mr. A. Güngörmez, advocaat, hoger beroep ingesteld en nadere stukken ingediend. Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend. Het Uwv heeft op 4 juli 2024 een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen. Bij brief van 17 juli 2024 heeft mr. Güngörmez namens appellante het hoger beroep ingetrokken en aan de Raad verzocht het Uwv te veroordelen in de proceskosten. Het Uwv heeft geen gebruikgemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen. Onder toepassing van artikel 8:57, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het onderzoek ter zitting achterwege gelaten. Vervolgens is het onderzoek gesloten. OVERWEGINGEN In artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Awb staat dat het bestuursorgaan met toepassing van artikel 8:75 van de Awb in de kosten kan worden veroordeeld als het beroep is ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen. Dat geldt op grond van artikel 8:108, eerste lid, van de Awb ook in hoger beroep. Appellante heeft haar hoger beroep ingetrokken omdat het Uwv met de gewijzigde beslissing op bezwaar van 4 juli 2024 aan de bezwaren van appellante is tegemoetgekomen. Appellante heeft verzocht om vergoeding van de kosten van de bezwaarprocedure en van het beroep en het hoger beroep. Kosten in bezwaar Appellante heeft in de bezwaarfase niet gevraagd om een vergoeding van kosten in bezwaar. Voor een vergoeding van de gemaakte kosten in bezwaar bestaat daarom geen grond. Overigens heeft appellante in bezwaar zelf geprocedeerd en is niet gebleken van voor vergoeding in aanmerking komende kosten in bezwaar. Proceskosten in beroep De rechtbank heeft in de aangevallen uitspraak een proceskostenveroordeling in beroep uitgesproken. Proceskosten in hoger beroep De Raad ziet aanleiding het Uwv te veroordelen in de kosten die appellante in verband met de behandeling van het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De proceskosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb), begroot op € 875,- in hoger beroep (1 punt voor het indienen van het hogerberoepschrift). Appellante heeft ook verzocht om vergoeding van de kosten die zij in verband met een op haar verzoek verricht medisch onderzoek in Maastricht heeft moeten maken. Dat onderzoek heeft geresulteerd in het deskundigenverslag van 18 maart
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.