zaaknummer 200.078.653/01 28 augustus 2012 GERECHTSHOF TE AMSTERDAM DERDE MEERVOUDIGE BURGERLIJKE KAMER ARREST in de zaak van: [APPELLANT], verblijvende te [gemeente], APPELLANT, advocaat: mr. I.M.C.A. Reinders Folmer te Amsterdam, t e g e n [GEÏNTIMEERDE], wonende te [gemeente], [land], GEÏNTIMEERDE, advocaat: mr. S.W. Hu te Den Haag. De partijen worden hierna [appellant] en [geïntimeerde] genoemd. 1. Het geding in hoger beroep 1.1 Bij dagvaarding van 8 november 2010 is [appellant] in hoger beroep gekomen van het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 11 augustus 2010, zoals hersteld bij vonnis van 6 oktober 2010, in deze zaak onder zaak-/rolnummers 441476 / HA ZA 09-3418 en 443667 / HA ZA 09-3701 gewezen tussen [appellant] en [geïntimeerde]. 1.2 Bij memorie van grieven heeft [appellant] vier grieven tegen het vonnis aangevoerd, bewijs aangeboden, producties in het geding gebracht en geconcludeerd, zakelijk weergegeven, dat het hof het vonnis zal vernietigen en alsnog de vorderingen van [geïntimeerde] zal afwijzen en, uitvoerbaar bij voorraad, [geïntimeerde] zal veroordelen tot betaling van € 285.000,- met rente en € 4.000,- aan buitengerechtelijke incassokosten, met veroordeling van [geïntimeerde] in de kosten van het geding in beide instanties. 1.3 Bij memorie van antwoord heeft [geïntimeerde] de grieven bestreden, producties in het geding gebracht en geconcludeerd, naar het hof verstaat, dat het hof het vonnis zal bekrachtigen en [appellant] zal veroordelen, uitvoerbaar bij voorraad, in de kosten van het hoger beroep. 1.4 Op 19 april 2012 hebben partijen de zaak doen bepleiten, [appellant] door mr. M.H.J. van Riessen, advocaat te Amsterdam, en Hu door zijn in de kop van dit arrest genoemde advocaat. Beide advocaten hebben gepleit aan de hand van pleitnotities, die zij hebben overgelegd. 1.5 Ten slotte is arrest gevraagd. 2. Beoordeling 2.1 De rechtbank heeft onder rov. 3.1 tot en met 3.11 een aantal feiten vastgesteld. Die feiten zijn niet in geschil, zodat ook het hof van die feiten zal uitgaan. 2.2 Tussen partijen staat het volgende vast. a. In 1990 heeft [appellant] de aan de [adres] [nummer] en [nummer] te [gemeente] gelegen panden in eigendom verkregen. Voordien werd er al een hotel geëxploiteerd in beide panden. b. Het thans ter plaatse vigerende bestemmingplan "Vijzelstraat-Amstel" is op 16 januari 2002 vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Amsterdam, op 27 augustus 2002 goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland en op 27 augustus 2003 onherroepelijk goedgekeurd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Blijkens de plankaart hebben de percelen aan de [adres] [nummer] en [nummer] beide de bestemming "gemengde doeleinden". Bij het perceel [adres] [nummer] is op de plankaart de aanduiding H aangebracht, hetgeen betekent "hotel toegestaan". Bij het perceel [adres] [nummer] is de aanduiding H niet aangebracht. Artikel 15 van het bestemmingsplan luidt, voor zover van belang: "Art. 15 Overgangsbepalingen. 1. (...) 2. Gebruik Het gebruik van gronden en bouwwerken dat afwijkt van het plan op het tijdstip waarop het rechtskracht verkrijgt, mag worden voortgezet of gewijzigd, zolang en voorzover de strijdigheid van dat gebruik ten opzichte van het gebruik overeenkomstig de bestemmingen in het plan naar aard en omvang niet wordt vergroot. 3. (...)" c. Een taxatierapport van 17 juni 2009 vermeldt dat het hotel aan de [adres] [nummer] en [nummer] in totaal 16 kamers telt met 43 slaapplaatsen. d. Op 28 juli 2009 hebben [appellant] en [geïntimeerde] elkaar gesproken over de mogelijke verkoop door [appellant] aan [geïntimeerde] van de beide panden en het aldaar door [appellant] geëxploiteerde hotel. Het gesprek vond plaats in een voor eigen bewoning door [appellant] gebruikt gedeelte van het pand [adres] [nummer]. Bij het gesprek waren voorts aanwezig: [C.] (verder: [C.]), die een kennis is van [geïntimeerde], en [H.] (verder: [H.]), die werkzaam is bij SOS Makelaars te Amsterdam en optrad als makelaar aan de zijde van [appellant]. e. Blijkens een door beide partijen en mr. R.A. Ritsma, notaris te Amsterdam (hierna: de notaris), op 7 augustus 2009 ondertekend koopcontract heeft [appellant] de panden en het hotel op die datum aan [geïntimeerde] verkocht. Dit contract vermeldt onder meer: "BIJZONDERE BEPALINGEN (...) Opgaven door verkoper Artikel 2 Verkoper garandeert a. (...) y. Het verkochte uitsluitend te hebben gebruikt voor zelfbewoning en hotelbedrijf (hotel met 43 bedden) z. (...) Mededelingsplicht Artikel 3 Verkoper staat er voor in, dat hij aan koper al die inlichtingen heeft verschaft, die ter kennis van koper behoren te worden gebracht, met dien verstande dat inlichtingen over feiten welke aan koper bekend zijn of uit eigen onderzoek bekend hadden kunnen zijn, voor zover een dergelijk onderzoek naar de geldende verkeersopvattingen van koper verlangd mag worden, door verkoper niet behoeven te worden verstrekt. Tevens staat de verkoper ervoor in dat het verkochte als zodanig gebruikt mag worden overeenkomstig publiek- en privaatrechtelijke regelingen. (...) Overige verklaringen van verkoper Artikel 5 Verkoper verklaart tot slot: a. Het is hem niet bekend dat het huidig gebruik van het verkochte op publiek- of privaatrechtelijke gronden niet is toegestaan of dat gebouwd/verbouwd is zonder de daartoe vereiste vergunningen. b. (...) Ontbindende voorwaarden Artikel 9 Deze koop geschiedt onder de ontbindende voorwaarden, dat: a. (...) b. koper niet uiterlijk op 1 september 2009 een toezegging heeft verkregen van een erkende geldverstrekkende instelling voor één of meer geldleningen onder hypothecair verband van het verkochte - eventueel, indien de desbetreffende geldgever dat verlangt voor het verstrekken van een zodanige geldlening, onder medeverband van de rechten uit een te sluiten overeenkomst van levensverzekering tot een verzekerd kapitaal, na te melden hoofdsom niet te boven gaande - tot een hoofdsom van € 2.850.000,00 (zegge: twee miljoen acht honderd vijftig duizend euro) onder de bij de grote erkende geldverstrekkende instellingen normaal geldende voorwaarden en bepalingen; en koper tevens uiterlijk op de eerste werkdag na laatsgemelde datum schriftelijk en gedocumenteerd aan de notaris heeft verklaard, dat hij wegens het niet of niet tijdig verkrijgen van voormelde toezeggingen, deze overeenkomst wil ontbinden; en/of c. (...). ALGEMENE BEPALINGEN Omschrijving leveringsverplichting Artikel I 1. (...) 4. Indien de door verkoper opgegeven maat of grootte van het verkochte of de verdere omschrijving daarvan of de in artikel 4 en 5 van de bijzondere bepalingen gedane opgaven niet juist of niet volledig zijn, zal geen van partijen daaraan enig recht ontlenen. Dit lijdt uitzondering, indien en voor zover de betreffende opgave door de wederpartij blijkens dit koopcontract is gegarandeerd, niet te goeder trouw is geschied, dan wel het een niet opgegeven feit betreft hetwelk vatbaar is voor inschrijving in de openbare registers, doch daarin op heden niet is ingeschreven. 5. (...) (...) Tekortkoming (wanprestatie) Artikel VI 1. (...) 2. Indien één van de partijen, na bij deurwaardersexploit in gebreke te zijn gesteld, gedurende acht dagen, na de dag waarop het deurwaardersexploit is uitgebracht, tekortschiet in de nakoming van één of meer van haar verplichtingen - daaronder begrepen het niet tijdig betalen van de waarborgsom of het niet tijdig doen stellen van een correcte bankgarantie - is deze partij in verzuim en heeft de wederpartij de al dan niet subsidiaire keus tussen: a. uitvoering van de overeenkomst te verlangen (...); of b. de overeenkomst door een schriftelijke verklaring voor ontbonden te verklaren en betaling van een onmiddellijk opeisbare boete te vorderen van tien procent van de koopprijs. 3. (...)." f. Een op 9 september 2009 door [geïntimeerde] ondertekende aanvraag van een gebruiksvergunning vermeldt: "3a Voor hoeveel personen is het bouwwerk bestemd? 43" g. Een op 18 september 2009 afgedrukte internet-advertentie, afkomstig van de website van SOS Makelaars te Amsterdam, vermeldt: "Met gepaste trots mogen wij u aanbieden: ** HOTEL DE MUNCK ** [adres] [nummer]/[nummer]. (...) Het hotel bezit 17 kamers, maar heeft uitbreidings mogelijkheden naar 21. Ook is er een aparte woonruimte aanwezig. (...)" Op een van de internet-pagina's van de website van SOS Makelaars is als "disclaimer" vermeld: "Via deze website stellen wij informatie beschikbaar over de diensten en het aanbod van SOS Makelaars. SOS Makelaars spant zich ervoor in de inhoud van de website te actualiseren en/of aan te vullen. Ondanks deze zorg en aandacht is het mogelijk dat de inhoud onvolledig en/of onjuist is." h. Bij e-mailbericht van 21 september 2009 heeft de notaris aan [H.] en aan [geïntimeerde] onder meer het volgende bericht: "Onder verwijzing naar de telefoongesprekken van vandaag bevestig ik begrepen te hebben dat partijen zijn overeengekomen dat de koopsom voor hotel De Munck wordt verlaagd met een bedrag van € 158.000,--. Dit omdat bij de feitelijke inspectie door de heer [geïntimeerde] gebleken is dat het hotel niet 17 maar 16 kamers telt. (...)" [H.] heeft bij e-mailbericht van 22 september 2009 aan de notaris medegedeeld dat [appellant] zich niet kan vinden in de inhoud van het door Ritsma verzonden e-mailbericht. i. Bij besluit van 25 september 2009 heeft het Dagelijks Bestuur van het Stadsdeel Centrum van de Gemeente Amsterdam een gebruiksvergunning logeerbedrijf verleend, waarin het volgende is bepaald: "gezien de aanvraag, ingekomen 9 september 2009, van hotel De Munck, namens deze ingediend door X. [geïntimeerde], om een vergunning, als bedoeld in artikel 2.11.1. lid 1 sub a. van het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken (Gebruiksbesluit), voor een logeerverblijfsinrichting in het gebouw adres [adres] [nummer]-[nummer], (...) verlenen hierbij vergunning tot het in gebruik hebben van de bedoelde verblijfsinrichting, bestemd voor het verschaffen van logies, ingedeeld en ingericht zoals aangegeven op de bij deze vergunning behorende gewaarmerkte tekening, onder voorwaarde van naleving van de navolgende gebruiksvoorschriften: a. dat aan maximaal 19 personen, in 7 logieseenheden logies worden verschaft in het pand op het adres [adres] [nummer]; b. dat aan maximaal 24 personen, in 9 logieseenheden logies worden verschaft in het pand op het adres [adres] [nummer]; c. (...); (...)" j. Een op 30 september 2009 afgedrukte internet-advertentie, afkomstig van de website van SOS Makelaars, vermeldt het volgende: "Met oprechte trots mogen wij u aanbieden: ** HOTEL DE MUNCK ** [adres] [nummer]/[nummer]. (...) Het hotel bezit 16 kamers,(+1 onbenoemde tuinkamer) heeft uitbreidings mogelijkheden Ook is er een aparte woonruimte aanwezig. (...)" k. Bij exploot van 30 september 2009 heeft [geïntimeerde] een brief van zijn advocaat aan [appellant] doen betekenen, waarin onder meer is vermeld: "Daar de afgegeven gebruiksvergunning uitgaat van 16 kamers terwijl de koopovereenkomst tussen partijen is gebaseerd op een exploitatie van 17 kamers - overeenkomstig de daartoe vereiste gebruiksvergunning - met uitbreidingsmogelijkheden naar in totaal 21 kamers, is sprake van een non-conforme levering door u aan cliënt. Ik verzoek, voorzover nodig, sommeer ik u derhalve binnen 8 dagen na dagtekening van het deurwaardersexploit tot de afgifte aan cliënt van een gebruiksvergunning logeerverblijfsinrichting voor 17 kamers tezamen met een schriftelijke toezegging van de gemeente, sector Bouw en Wonen, dat deze vergunning kan worden uitgebreid naar in totaal 21 kamers. Bij gebreke hiervan stel ik u reeds nu, voorzover reeds nodig in gebreke op grond van de bepalingen van artikel 6, lid 2 van de algemene bepalingen van de koopovereenkomst van 7 augustus 2009 tussen partijen." l. Bij brief van 1 oktober 2009 heeft de advocaat van [geïntimeerde] aan [appellant] bericht: "Hedenochtend heb ik het faxbericht van uw advocaat, mr. I. Roos, ontvangen waarin duidelijk en stellig wordt verwoord dat u weigert mee te werken aan de sommatie. U bent derhalve in verzuim op grond van voornoemd artikel van de algemene bepalingen van de koopovereenkomst. Ik verklaar de overeenkomst dan ook voor ontbonden; ik vorder tevens de betaling van de onmiddellijk opeisbare boete van tien procent van de koopprijs, oftewel € 285.000,--." m. Bij exploot van 12 oktober 2009 heeft [appellant] een brief van zijn advocaat aan [geïntimeerde] doen betekenen, waarin onder meer is vermeld: "U heeft niet voldaan aan mijn sommatie om uiterlijk 9 oktober 2009 medewerking te verlenen aan het passeren van de leveringsakte met betrekking tot de door u van cliënt gekochte panden aan de [adres] 1 en 3 te Amsterdam. Evenmin heeft u voldaan aan de krachtens de overeenkomst op [u] rustende verplichting om een waarborgsom ter hoogte van 10% van de overeengekomen koopsom te storten op de kwaliteitsrekening van de notaris. U bent derhalve in verzuim terzake van de nakoming van twee voor u uit de overeenkomst voortvloeiende verplichtingen. (...). Hierdoor ontbind ik dan ook de bedoelde overeenkomst. Als gevolg van de ontbinding bent u aan cliënt een boete verschuldigd ter hoogte van € 285.000,--. Hierdoor sommeer ik u er voor zorg te dragen dat dit bedrag uiterlijk is bijgeschreven ten gunste van (...)." n. Op 12 oktober 2009 heeft [appellant] ten laste van [geïntimeerde] een aantal conservatoire beslagen doen leggen. o. Op 3 november 2009 heeft [V.] verslag uitgebracht van een in opdracht van [geïntimeerde] verricht onderzoek naar de percelen [adres] [nummer] en [nummer]. p. Bij vonnis van 19 november 2009 heeft de voorzieningenrechter in de rechtbank Amsterdam een vordering van [geïntimeerde] tot opheffing van de op 12 oktober 2009 gelegde beslagen afgewezen. 2.3 In dit geding heeft [appellant] bij inleidende dagvaarding van 15 oktober 2009 in de zaak met zaak-/rolnummer 441476 / HA ZA 09-3418, verkort weergegeven, betaling gevorderd van € 285.000,- als overeengekomen boete wegens tekortkoming zijdens [geïntimeerde] door niet mee te werken aan de levering van het gekochte, met nevenvorderingen. [geïntimeerde] heeft bij inleidende dagvaarding van 30 oktober 2009 in de zaak met zaak-/rolnummer 443667 / HA ZA 09-3701, verkort weergegeven, zijnerzijds betaling gevorderd van primair € 285.000,- als overeengekomen boete, subsidiair een bij staat op te maken bedrag aan schadevergoeding, een en ander wegens tekortkoming zijdens [appellant] doordat hetgeen [appellant] wenst te leveren, niet beantwoordt aan de overeenkomst, met nevenvorderingen. De rechtbank heeft de zaken gevoegd, geoordeeld dat [appellant] is tekortgeschoten en de vordering van [appellant] afgewezen en die van [geïntimeerde] toegewezen. Hiertegen is het hoger beroep gericht. De rechtbank heeft voorts op reconventionele vordering van [geïntimeerde] beslissingen genomen naar aanleiding van de in opdracht van [appellant] gelegde conservatoire beslagen, maar die vordering is in hoger beroep niet aan de orde. 2.4 Grief I is gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat [appellant] is tekortgeschoten in verband met artikel 3 van het koopcontract. Grief II is gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat [appellant] tevens is tekortgeschoten in verband met artikel 5 sub a van het koopcontract. Grief III is gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat aan haar oordelen niet afdoet dat [appellant] jarenlang probleemloos in het verkochte een hotel heeft kunnen exploiteren. Grief IV is gericht tegen de slotsom van de rechtbank dat er sprake is van non-conformiteit en dat hetgeen [geïntimeerde] overigens heeft aangevoerd geen bespreking behoeft. De grieven lenen zich voor gezamenlijke bespreking. 2.5 Voor de vraag welke (feitelijke en juridische) eigenschappen [geïntimeerde] bij het gekochte mocht verwachten, is uitleg van de koopovereenkomst nodig. Dit dient te geschieden aan de hand van de Haviltex-maatstaf. Hierbij zijn niet alleen de bewoordingen van het koopcontract van belang, maar alle omstandigheden van het geval. 2.6 Naar het oordeel van het hof is voor normaal gebruik van een hotel door een hotelexploitant het aantal hotelkamers een belangrijke eigenschap van het hotel. De exploitatie van een hotel pleegt immers in de regel te gebeuren door het aanbieden van overnachtingen per kamer en niet zozeer door het aanbieden van overnachtingen per bed (of: per persoon). Gesteld noch gebleken is dat voor het onderhavige hotel een andere wijze van exploitatie gebruikelijk was. [appellant] wist dat [geïntimeerde] het hotel wilde gaan exploiteren en behoorde op grond daarvan redelijkerwijs te begrijpen dat het aantal hotelkamers voor [geïntimeerde] een belangrijke eigenschap van het hotel was. 2.7 De artikelen 2 sub y, 3 en 5 van het koopcontract, in samenhang beschouwd, moeten in het licht van het voorgaande aldus worden uitgelegd dat [geïntimeerde] in elk geval mocht verwachten dat de kamers die [appellant] gebruikte voor exploitatie als hotelkamer, publiekrechtelijk daarvoor mochten worden gebruikt. Voorts moeten voornoemde artikelen aldus worden uitgelegd dat indien [appellant] voorafgaand aan de koop een mededeling aan [geïntimeerde] heeft gedaan over het aantal hotelkamers dat in het hotel aanwezig was, [geïntimeerde] niet alleen zonder nader onderzoek ervan mocht uitgaan dat die mededeling juist was, maar ook mocht verwachten dat dit aantal hotelkamers mocht worden gebruikt voor exploitatie als hotelkamer. 2.8 Uit de data waarop de verschillende versies van de internet-advertenties zijn afgedrukt (zie hiervóór onder rov. 2.2 sub g en
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.