GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team 1 zaaknummer : 200.127.670/01 zaaknummer rechtbank Amsterdam : 1267665 DX EXPL 11-300 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 april 2014 inzake de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DEXIA NEDERLAND B.V., gevestigd te Amsterdam, appellante in het principaal appel, geïntimeerde in het voorwaardelijk incidenteel appel, advocaat: mr. I.M.C.A. Reinders Folmer te Amsterdam, tegen [geïntimeerde], wonende te [woonplaats], geïntimeerde in het principaal appel, appellant in het voorwaardelijk incidenteel appel, advocaat: mr. J.B. Maliepaard te Amsterdam. 1Het geding in hoger beroep Partijen worden hierna Dexia en [geïntimeerde] genoemd. Dexia is bij dagvaarding van 9 januari 2013 en herstelexploten van 2 april 2013 en 7 mei 2013 in hoger beroep gekomen van een vonnis van de rechtbank Amsterdam, sector kanton, locatie Amsterdam, van 21 november 2012, onder bovenvermeld zaaknummer gewezen tussen [geïntimeerde] als eiser en Dexia als gedaagde. Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend: - memorie van grieven; - memorie van antwoord, tevens memorie van grieven in voorwaardelijk incidenteel appel, met producties; - memorie van antwoord in voorwaardelijk incidenteel appel, met productie. Ten slotte is arrest gevraagd. Dexia heeft geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en de vorderingen van [geïntimeerde] alsnog zal afwijzen, met veroordeling van [geïntimeerde] tot terugbetaling binnen 14 dagen na het arrest van hetgeen Dexia ter voldoening aan het uitvoerbaar bij voorraad verklaarde vonnis aan [geïntimeerde] heeft voldaan, te weten € 19.887,50, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 5 december 2012 tot aan de dag de algehele voldoening en met veroordeling van [geïntimeerde] in de proceskosten van de beide instanties alsmede in de nakosten. [geïntimeerde] heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van het principaal hoger beroep, althans tot bekrachtiging van het vonnis, en in het voorwaardelijk incidenteel tot toewijzing van de in eerste aanleg ingestelde vorderingen, met veroordeling van Dexia in de kosten van het geding in hoger beroep en in de nakosten. In het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep heeft Dexia geconcludeerd tot verwerping daarvan. [geïntimeerde] heeft in hoger beroep bewijs van zijn stellingen aangeboden. 2Ontvankelijkheid van het hoger beroep 2.1. In de memorie van antwoord heeft [geïntimeerde] primair beroep gedaan op de niet-ontvankelijkheid van Dexia in het door haar ingestelde hoger beroep. Het hof zal eerst dit beroep op niet-ontvankelijkheid bespreken. 2.2. De voor de beoordeling van belang zijnde feiten zijn de volgende: (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.