beschikking _____________________________________________________________ GERECHTSHOF AMSTERDAM ONDERNEMINGSKAMER zaaknummer: 200.130.854/01 OK beschikking van de Ondernemingskamer van 27 juni 2014 inzake: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid SANDSTENEN PROJECTEN B.V., gevestigd te Amsterdam, VERZOEKSTER, advocaat: mr. T. Steffens, kantoorhoudende te Amsterdam, t e g e n
- de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DE POLDERLAND GROEP ONROERENDGOED B.V., gevestigd te Almere,
- de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DRY HIRE EUROPE B.V., gevestigd te Almere,
- de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid EASY2RENT B.V., gevestigd te Almere,
- de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DE POLDERLAND GROEP B.V., gevestigd te Almere, VERWEERSTERS, advocaat: mr. W.J.P. Jongepier en mr. A. Rosielle, kantoorhoudende te Amsterdam. 1Het verloop van het geding 1.1 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 21 en 31 januari 2014 in deze zaak. 1.2 Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer - voor zover thans van belang - een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van De Polderland Groep Onroerendgoed B.V. (hierna aan te duiden als POG) over de periode vanaf 1 januari 2005, mr. J.H. Stek benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, en bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding drs. H.C. van Eyck van Heslinga benoemd tot commissaris van POG. 1.3 Bij V-formulier van 11 juni 2014 heeft mr. Steffens namens verzoekster de Ondernemingskamer verzocht om het verzoek van verzoekster op de kortst mogelijke termijn in te trekken. 1.4 Desgevraagd hebben mr. Steffens en mr. Rosielle de secretaris van de Ondernemingskamer telefonisch bevestigd dat zij de procedure willen beëindigen en de getroffen onmiddellijke voorziening willen intrekken. 1.5 De onderzoeker en de commissaris hebben de secretaris van de Ondernemingskamer bericht dat van geen bezwaren tegen de beëindiging is gebleken en dat hun kosten zijn voldaan. 2De gronden van de beslissing Nu van partijen en de onderzoeker en commissaris geen bezwaren zijn ontvangen tegen beëindiging van het onderzoek en opheffing van de getroffen onmiddellijke voorziening en de Ondernemingskamer ook voorts niet is gebleken van enig belang dat zich daartegen verzet, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen aldus dat dat zij het bij de beschikking van 21 januari 2014 bevolen onderzoek en de bij die beschikking getroffen onmiddellijke voorziening zal beëindigen, één en ander met ingang van heden. 3De beslissing De Ondernemingskamer: beëindigt met ingang van heden het bij haar beschikking van 21 januari 2014 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van De Polderland Groep Onroerendgoed B.V., gevestigd te Almere; beëindigt met ingang van heden de bij haar beschikking van 21 januari 2014 getroffen onmiddellijke voorziening; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. P. Ingelse, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar, mr. G.C. Makkink, raadsheren, en drs. P.R. Baart en drs. M.A. Scheltema, raden, in tegenwoordigheid van mr. D. Cohen Tervaert, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 27 juni 2014.