parketnummer: 23-001092-14 datum uitspraak: 7 oktober 2014 VERSTEK Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 17 maart 2014 in de strafzaak onder parketnummer 13-235440-13 tegen [verdachte] , geboren te onbekend op [geboortedatum] 1975, zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van 23 september
- Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: hij op of omstreeks 24 december 2013 te Amsterdam opzettelijk beledigend (een) ambtena(a)r(en), te weten [benadeelde] (inspecteur van politie Amsterdam-Amstelland), gedurende en/of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening, te weten surveillance, in diens/dier tegenwoordigheid eenmaal of meermalen mondeling heeft toegevoegd de woorden "I fuck you all" (waarna hij, verdachte, zijn achterwerk naar voornoemde [benadeelde] keerde en zich hierbij voorover bukte) en/of "You are a racist" en/of "Racist, racist" en/of "You fuck us because we are Roma's", althans telkens woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking. Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, omdat daarvan slechts aantekening is gedaan ingevolge artikel 378a van het Wetboek van Strafvordering. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat: hij op 24 december 2013 te Amsterdam opzettelijk beledigend een ambtenaar, te weten [benadeelde] (inspecteur van politie Amsterdam-Amstelland), gedurende en ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, te weten surveillance, in diens tegenwoordigheid meermalen mondeling heeft toegevoegd de woorden "I fuck you all" waarna hij, verdachte, zijn achterwerk naar voornoemde [benadeelde] keerde en zich hierbij voorover bukte en "You are a racist" en "Racist, racist" en "You fuck us because we are Roma's". Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken. Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. Nadere bewijsoverweging Gelet op de context waarin de woorden "You are a racist", "Racist, racist" en "You fuck us because we are Roma's" zijn toegevoegd, namelijk naast de woorden “I fuck you all” waarbij de verdachte zijn achterwerk naar [benadeelde] keert, is het hof van oordeel dat er sprake is van beledigende uitlatingen. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het bewezen verklaarde levert op: eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende en ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening. Strafbaarheid van de verdachte Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte ten aanzien van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat de verdachte strafbaar is. Oplegging van straf De politierechter in de rechtbank Amsterdam heeft de verdachte voor het en laste gelegde veroordeeld tot een geldboete ter hoogte van EUR 240,-, subsidiair 4 dagen hechtenis. Tegen voormeld vonnis is door de verdachte hoger beroep ingesteld. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd. Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon en de draagkracht van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan belediging van een ambtenaar gedurende en ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening. Door aldus te handelen heeft de verdachte niet alleen de opsporingsambtenaar aangetast in zijn eer en goede naam, maar ook blijk gegeven van een gebrek aan respect voor het openbaar gezag. Het hof acht, alles afwegende, een geldboete van na te melden hoogte passend en geboden. Toepasselijke wettelijke voorschriften De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 23, 24, 24c, 266 en 267 van het Wetboek van Strafrecht. Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezen verklaarde. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan. Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij. Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar. Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 240,00 (tweehonderdveertig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 4 (vier) dagen hechtenis. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. E. de Greeve, mr. H.W.J. de Groot en mr. J.G. Bulsing, in tegenwoordigheid van K.D.M. de Lange, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 7 oktober
- Mr. J.G. Bulsing is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.