← Nederland

ECLI:NL:GHAMS:2014:816

parketnummer: 23-004254-13 datum uitspraak: 30 januari 2014 TEGENSPRAAK Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Amsterdam van 13 september 2013 in de strafzaak onder parketnummer 13-860226-13 tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995, adres: [adres]. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter besloten terechtzitting in hoger beroep van 16 januari 2014 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsvrouw naar voren is gebracht. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat primair: zij op of omstreeks 29 mei 2012 te Hoenderloo, gemeente Apeldoorn, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk en wederrechtelijk een personenauto van het merk Citroen, type C1 (met kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s), heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt door met een bos sleutels, althans een scherp voorwerp, voornoemde personenauto meermalen (met kracht) te bekrassen. subsidiair: [medeverdachte] op of omstreeks 29 mei 2012 te Hoenderloo, gemeente Apeldoorn, in elk geval in Nederland, opzettelijk en wederrechtelijk een personenauto van het merk Citroen, type C1 (met kenteken [kenteken], in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt door met een sleutelbos, althans een scherp voorwerp, voornoemde personenauto meermalen (met kracht) te bekrassen, bij het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 29 mei 2012 te Hoenderloo, gemeente Apeldoorn in elk geval in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest door een sleutelbos, althans een scherp voorwerp aan die [medeverdachte] ter beschikking te stellen. Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, omdat het hof het bewezen verklaarde anders kwalificeert en de voorkeur geeft aan een enigszins andere bewijsconstructie dan de door de eerste rechter gebezigde. Bewijsoverweging De raadsman heeft vrijspraak bepleit van het primair ten laste gelegde medeplegen. Vast staat dat de verdachte niet zelf de auto van [verdachte] heeft bekrast. Wel heeft zij samen met [medeverdachte] vooraf het plan besproken, omdat zij boos waren op [verdachte], de auto te bekrassen. Bovendien heeft de verdachte vervolgens haar sleutels aan [medeverdachte] overhandigd, waarna [medeverdachte] naar de auto van [verdachte] is gelopen en de auto met die sleutels heeft bekrast. De verdachte en [medeverdachte] zijn vervolgens gezamenlijk weggegaan. De verdachte heeft naar voren gebracht dat zij, nadat ze met [medeverdachte] over het bekrassen van de auto had gesproken, tegen [medeverdachte] heeft gezegd dat ze het toch niet moesten doen. Door op dat moment echter wel haar sleutels aan [medeverdachte] ter beschikking te stellen, heeft de verdachte zodanig nauw en bewust met [medeverdachte] samengewerkt, dat zij naar het oordeel van het hof als medepleger van het beschadigen van de auto van [verdachte] moet worden aangemerkt. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat: zij op 29 mei 2012 te Hoenderloo, gemeente Apeldoorn, tezamen en in vereniging met een ander opzettelijk en wederrechtelijk een personenauto van het merk Citroën, type C1, met kenteken [kenteken], toebehorende aan [benadeelde], heeft beschadigd door met een bos sleutels voornoemde personenauto te bekrassen. Hetgeen primair meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken. Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het primair bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. het primair bewezen verklaarde levert op: medeplegen van opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, beschadigen. Strafbaarheid van de verdachte Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte ten aanzien van het primair bewezen verklaarde uitsluit, zodat de verdachte strafbaar is. Oplegging van straf De kinderrechter in de rechtbank Amsterdam heeft de verdachte voor het primair ten laste gelegde veroordeeld tot een werkstraf voor de duur van 30 uren, subsidiair 15 dagen jeugddetentie. Tegen voormeld vonnis is door de verdachte hoger beroep ingesteld. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het primair ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een voorwaardelijke werkstraf voor de duur van 30 uren, subsidiair 15 dagen jeugddetentie, met een proeftijd van 2 jaren. Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen. Door met een ander samen te werken bij het beschadigen van de auto van hun toenmalige behandelcoördinator, heeft de verdachte niet alleen een gebrek aan respect getoond voor andermans eigendom, bovendien heeft zij de eigenaar van die auto overlast en schade berokkend en haar vertrouwen beschaamd. Blijkens een de verdachte betreffend Uittreksel Justitiële Documentatie van 9 januari 2014 is de verdachte niet eerder strafrechtelijk onherroepelijk veroordeeld. Het hof heeft bij het bepalen van de straf acht geslagen op het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming van 3 juli 2013 dat over de verdachte is opgemaakt. Het hof acht, alles afwegende en met name gelet op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en de positieve ontwikkeling die zij sinds het bewezen verklaarde heeft doorgemaakt, evenals de advocaat-generaal een geheel voorwaardelijke werkstraf van na te melden duur passend en geboden. Toepasselijke wettelijke voorschriften De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 47, 77a, 77g, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z, en 350 van het Wetboek van Strafrecht. Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezen verklaarde. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan. Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij. Verklaart het primair bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar. Veroordeelt de verdachte tot een werkstraf voor de duur van 30 (dertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 15 (vijftien) dagen jeugddetentie. Bepaalt dat de werkstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. D. Radder, mr. J.A.M. de Wit en mr. J.H.C. van Ginhoven, in tegenwoordigheid van mr. S. Ourahma, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 30 januari 2014.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.