arrest ___________________________________________________________________ _ _ GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team II zaaknummer : 200.145.850/01 rolnummer rechtbank Amsterdam : CV 12-22808 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 20 januari 2015 inzake [APPELLANT] , volgens de appeldagvaarding wonende te [woonplaats], appellant, advocaat: mr. F. Kiliç te Amsterdam, tegen: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [GEÏNTIMEERDE] , gevestigd te [plaats], geïntimeerde, advocaat: mr. A.W.E.S. van Duyneveldt-Franken te Leiden. 1Het verdere verloop van het geding in hoger beroep Partijen worden hierna wederom [appellant] en [geïntimeerde] genoemd. Het hof heeft op 14 oktober 2014 een tussenarrest gewezen. Voor het verloop van het geding in hoger beroep tot die datum wordt naar dat arrest verwezen. Bij dat arrest heeft het hof [appellant] bevolen uiterlijk op 11 november 2014 zekerheid te stellen voor een bedrag van € 7.228,- ter zake van de proceskosten waarin hij in hoger beroep veroor- deeld zou kunnen worden, zulks in de vorm van een door een Nederlandse bank af te geven bankgarantie. Op 19 november 2014 heeft de advocaat van [geïntimeerde] een e-mailbericht aan het hof gestuurd, waarin zij concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [appellant] in de hoofdzaak, tenzij alsnog blijkt dat tijdig zekerheid is gesteld. Bij rolbeslissing van 21 november 2014 is de zaak naar de rol van 9 december 2014 verwezen voor beraad (artikel 2.24 Pilot rolreglement): pleidooi of arrest. Vervolgens is door [geïntimeerde] arrest gevraagd.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.