parketnummer: 23-002565-15 datum uitspraak: 4 maart 2016 TEGENSPRAAK Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 8 juni 2015 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 96-062074-15 (zaak A) en 96-064484-15 (zaak B) tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] (Irak) op [geboortedag] 1973, adres: [adres] Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 19 februari 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte naar voren is gebracht. Tenlasteleggingen Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: Zaak A (96-062074-15): hij op of omstreeks 13 augustus 2014, te Alkmaar, terwijl hij wist of redelijkerwijs moest weten dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten categorie B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie of categorieën was afgegeven, op de weg, de Paardenmarkt, als bestuurder een motorrijtuig, (personenauto), van die categorie of categorieën heeft bestuurd; Zaak B (96-064484-15) (gevoegd): hij op of omstreeks 27 februari 2015 te Alkmaar terwijl hij wist of redelijkerwijs moest weten dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten categorie B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie of categorieën was afgegeven, op de weg, Gedempte Nieuwesloot, als bestuurder een motorrijtuig, (personenauto), van die categorie of categorieën heeft bestuurd; Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof de verdachte voor het onder A (96-062074-15) ten laste gelegde vrijspreekt. Vrijspraak zaak A Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte in zaak A (96-062074-15) is ten laste gelegd, zodat de verdachte moet worden vrijgesproken. Daartoe overweegt het hof dat op grond van de stukken in het dossier en het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep niet kan worden vastgesteld dat de verdachte wist of redelijkerwijs moest weten dat zijn rijbewijs op 13 augustus 2014 ongeldig was verklaard. Het hof overweegt hieromtrent dat niet kan worden vastgesteld dat de brief, waarin het besluit tot ongeldigverklaring aan de verdachte werd medegedeeld, hem voor 13 augustus 2014 had bereikt. Het hof is, anders dan de advocaat-generaal, van oordeel dat het enkele feit dat de verdachte voor genoemde datum al bezwaar had aangetekend tegen het besluit tot het moeten volgen van een ema-cursus en het cursusgeld niet had voldaan, niet zonder meer met zich meebrengt dat hij op de hoogte was althans moest weten dat dit alles inhield dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het in de zaak B (96-064484-15) ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat: Zaak B (96-064484-15) (gevoegd): hij op 27 februari 2015 te Alkmaar, terwijl hij wist dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een categorie van motorrijtuigen, te weten categorie B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie was afgegeven, op de weg, Gedempte Nieuwesloot, als bestuurder een motorrijtuig, (personenauto), van die categorie heeft bestuurd. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken. Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat, zoals deze na het aanwenden van een rechtsmiddel zullen worden opgenomen in de op te maken aanvulling op dit arrest. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het in de zaak B (96-064484-15) bewezen verklaarde levert op: overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.