13-654068-16 GERECHTSHOF AMSTERDAM, MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER BESCHIKKING in raadkamer op het hoger beroep in de zaak van [verdachte], geboren te [geboorteplaats] (Turkije) op [geboortedag] 1972, wonende te [adres], thans verblijvende in het huis van bewaring PI Noord-Holland Noord - HvB Zwaag te Zwaag, tegen de beslissing van de rechtbank Amsterdam van 3 augustus 2016, voor zover houdende afwijzing van het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis van de verdachte. De feiten en de rechtsgang Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Amsterdam van 3 augustus 2016, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld van voormelde beslissing van die rechtbank. Het hof heeft gezien de beslissing waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman mr J.P. Plasman. De beoordeling Het hof verenigt zich met de beslissing waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en de gronden waarop deze berust. Gelet op de ernst en aard van de verdenking is het hof van oordeel dat er ook nu nog sprake is van een geschokte rechtsorde, in die zin dat aannemelijk is dat de vrijlating van de verdachte een zodanig publiek onbehagen teweeg zal brengen dat dit zou leiden tot maatschappelijke onrust. Het hof acht gevaar voor recidive aanwezig en baseert dit op de verklaring van de verdachte onder meer inhoudende hoe hij tot het schietincident is gekomen en de omstandigheid dat de verdachte kennelijk zonder vergunning een wapen met daarbij passende munitie direct voorhanden had en ten slotte de omstandigheid dat het onderliggende conflict kennelijk niet is opgelost. Met betrekking tot het door de verdachte mondeling gedane verzoek tot schorsing overweegt het hof dat er sprake is van een zeer ernstig feit en een geschokte rechtsorde. Onder die omstandigheden kan van een schorsing alleen sprake zijn als zich zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden voordoen. Daarvan is niet gebleken. Om die reden zal het hof het verzoek van de verdachte afwijzen. 13-654068-16 De beslissing Het hof: WIJST AF het beroep tegen de bestreden beslissing, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen. WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis. Deze beschikking is gegeven op 14 september 2016 in raadkamer van dit hof door mr. M. Iedema, voorzitter, mrs. M.J.G.B. Heutink en J.L. Bruinsma, raadsheren, in tegenwoordigheid van mr. A.F. van der Heide als griffier. De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte. Amsterdam, 14 september 2016, de advocaat-generaal
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.