parketnummer: 23-003409-15 datum uitspraak: 22 september 2016 TEGENSPRAAK Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 24 juni 2015 in de strafzaak onder parketnummer 13-037661-13 tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1993, thans zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 8 september 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: hij op of omstreeks 1 november 2012 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, opzettelijk [slachtoffer] heeft mishandeld, bestaande die mishandeling uit het één of meerdere ma(a)l(en) (met kracht) slaan en/of stompen (met een gebalde vuist) op/tegen/in het gezicht, in elk geval het hoofd, van voornoemde [slachtoffer], waardoor voornoemde [slachtoffer] letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden. Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere beslissing komt dan de rechtbank. Vordering van het openbaar ministerie De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden vrijgesproken. Vrijspraak Het hof is met de advocaat-generaal en de raadsman van oordeel dat op basis van het huidige dossier onvoldoende uit de bewijsmiddelen blijkt dat de verdachte de door de aangever en de getuige genoemde ‘NN1’ is, die geweldshandelingen zou hebben verricht. Voorts bestaat er naar het oordeel van het hof, zoals is aangevoerd door de raadsman, te veel discrepantie tussen de verklaringen van de aangever, de getuige en de medische verklaring betreffende de aangever om op basis daarvan met voldoende mate van zekerheid te kunnen beoordelen van welke geweldshandelingen sprake was en onder welke omstandigheden deze hebben plaatsgevonden. Gelet hierop is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte is ten laste gelegd, zodat hij hiervan moet worden vrijgesproken. BESLISSING Het hof: Vernietigt de eerder uitgevaardigde strafbeschikking. Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. J.W. Moors, mr. F.M.D. Aardema en mr. M.R. Cox, in tegenwoordigheid van mr. A.S. Metgod, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 22 september 2016. De jongste raadsheer en de griffier zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen. [........] .
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.